9

407 views

Published on

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
407
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
10
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

9

  1. 2. ‘ Vervelende situatie, hè? Met Daphne en Aldris…’ zucht Jasmine. ‘ Dat ik ooit bevriend ben geweest met Daphne… Weet je, het is allemaal mijn fout!’ merkt Celeste ineens op. 3 geen dagen controle
  2. 3. ‘ Hoezo is het jouw fout?’ vraagt Jasmine en gaat rechtop zitten. ‘ Ik was bevriend met haar en ik heb een date geregeld. Daarna zijn ze voor altijd samen geweest! Ik heb het gedaan!’
  3. 4. ‘ Ze zullen anders ook wel met elkaar in contact gekomen zijn, Celeste, het is niet jouw fout. Daphne is gewoon de verkeerde partner voor Aldris’ zegt ze wijs. ‘ Dat is waar. Maar toch is het zielig voor Aldris. Hadden ze elkaar maar nooit leren kennen’
  4. 5. ‘ Dat is nu ook wel overdreven! Bevriend zijn kan toch geen kwaad? Alleen verliefd worden was te veel. Ze hebben nu zelfs een kind!’ ‘ Oke, wat maakt het ook uit, we kunnen er niks aan veranderen’
  5. 6. Daphne draait voor de zoveelste keer om, maar dan besluit ze maar om op te staan. Slapen heeft geen zin meer en het zal vast niet heel vroeg zijn. Ze gaat rechtop zitten en wrijft in haar ogen.
  6. 7. ‘ Honge!’ hoort ze naast het bed. ‘ Neill! Wat doe jij hier? Hoor je niet in bed te liggen?’ zegt ze wat chagrijnig. ‘Wacht, ik haal wel een flesje voor je’
  7. 8. Als Daphne naar beneden gaat, treft ze Aldris aan. Die loopt door alsof hij Daphne niet heeft gezien. Waarom zou hij ook omkijken en Daphne een goede morgen wensen?
  8. 9. Aldris is ook niet van plan om ooit nog aardig tegen Daphne te doen. Na het ‘ongelukje’ van gister, is er een soort van haat ontstaan. Hoe kan je met de collega van je eigen partner flirten? En dan nog terwijl de partner er zelf bij is? Aldris snapt het nog steeds niet.
  9. 10. De zon komt op en iedereen wordt wakker. Ariël vertrekt naar haar werk, maar ziet dan Neill midden in de gang op de grond. ‘ Neill? Moet jij niet slapen?’ vraagt ze en krabt aan haar hoofd. ‘ Flesje!’ roept Neill blij. Ariël loopt verder.
  10. 11. Ariël is niet de enige die Neill in de gang ziet zitten. Even later komt ook Celeste de kleine jongen tegen. ‘ Neill! Waar is mama naar toe?’ vraagt Celeste. Neill antwoordt niet en glimlacht alleen maar.
  11. 12. ‘ Zal tante Celeste je maar in bed leggen, dan?’ ‘ Sles!’ giechelt Neill en grijpt naar Celeste.
  12. 13. Tante Sles. Nogmaals lacht Celeste om het stemmetje dat haar naam niet fatsoenlijk uitspreekt. Zou ze later nog van de onduidelijke woordjes horen? Van haar eigen kinderen? Dan zou ze eerst een man moeten vinden…
  13. 14. Voorlopig is ze nog een tiener en denkt de er niet te veel bij na. ‘ Nu gaat Neill slapen!’ zegt Celeste en legt Neill in het bedje! ‘ Sles ook slaap!’ ‘ Oke, oke, Celeste zal ook gaan slapen’ knipoogt Celeste.
  14. 15. Nog snel leest Jasmine de leerstof voor haar test na. Biologie is niet haar sterkste vak, maar ze doet toch haar best voor school. Ze is immers een kennissim. ‘ Ik ken het wel’, zucht Jasmine en slaat het boek dicht.
  15. 16. Plots merkt ze dat de bus helemaal niet in de straat staat. Ze heeft de bus gemist. Voor de tweede keer! Meteen vertelt ze het aan haar zus, die nog even in Neill zijn kamer is.
  16. 17. ‘ Wat?! Hoe dom kunnen we zijn?’ lacht Celeste. Jasmine giechelt wat mee, maar begrijpt niet wat er zo grappig aan is. ‘ Nu kan ik tenminste wat leukere dingen doen’, zegt Celeste en loopt de kamer uit.
  17. 18. Het duurt niet lang voordat er weer iemand in Neill’s kamer staat. Iedereen houdt van hem en verzorgt hem. Iedereen is gewoon zot op het kindje!
  18. 19. Aldris komt die middag van zijn werk. Hij heeft weer eens een collega meegenomen met de hoop dat Daphne er niet mee zal flirten.
  19. 20. ‘ Zijn er veel visjes in de wc?’ vraagt Celeste aan Neill en veegt met haar dweil heen en weer. ‘ Een… Tee…’, zegt Neill rustig en hangt boven de wc-pot. ‘ Twee visjes maar? Toen ik voor de laatste keer keek, waren het er wel een stuk of negen!’
  20. 21. ‘ Neën?’ vraagt Neill, nog steeds met zijn hand in de pot. ‘ Negen, Neill, niet neën’, lacht Celeste. ‘ Maar ik heb liever dat je uit de wc komt… Wie weet word je nog ziek’ Neill is lekker eigenwijs en luistert niet naar Celeste. ‘ Mij best’, lacht ze.
  21. 22. Ondertussen is Ariël terug van haar werk gekomen, maar dan moet Cédric terug werken. Dat is een groot nadeel aan hun werk. Als Ariël klaar is met werken, moet Cédric beginnen. Zo spenderen ze steeds minder tijd met elkaar en dat vinden ze niet zo fijn.
  22. 23. ‘ Shit! Verdomme’, vloekt Daphne stil wanneer ze nogmaals in haar vinger snijdt. Het is maar een klein sneetje, dus gaat Daphne verder met snijden. Als ze geen werk heeft en voorlopig geen vriend, zorgt ze maar voor het huishouden.
  23. 24. Ze heeft het al lang door dat er weer een collega zit. Maar deze keer gaat ze haar niet laten vangen. Niet weer. Ze mengt al de soorten groenten goed door elkaar en schept het dan op een apart bordje.
  24. 25. Het is stil als Daphne eet. Af en toe hoort ze dat de man achter haar een pion verzet, maar daar blijft het bij. Plots laat ze een luide harde boer. ‘Pardon’, zegt ze dan meteen. De man achter haar antwoordt niet maar trekt een vies gezicht.
  25. 26. Vrolijk spat Neill in het warme water. ‘ Kalm aan jongen, de bedoeling is dat ik jou ga wassen en niet omgekeerd’, lacht Aldris en wrijft over Neill’s rug.
  26. 27. Dit vindt Aldris fijn. Nu is hij even afgezonderd en alleen met zijn zoon Neill. Een moment om van te genieten, vindt hij. ‘ Kijk!’ roept Neill plots en grijpt naar de badeend. ‘ Dat is een badeendje, Neill. Kwak, doet ie, kwak kwak!’
  27. 28. ‘ Kwa! Kwa!’ kraait Neill en lacht naar zijn vader. ‘ Ja, kwak’, lacht Aldris. Samen hebben ze nog de grootste fun.
  28. 29. Beneden is het een stuk rustiger. Ariël zit naast Daphne een kookprogramma te kijken. Zonder iets te zeggen staat Daphne opeens op. Ariël haalt haar schouders op en zapt naar iets anders.
  29. 30. ‘ Ze zei echt niks’, vertelt Ariël aan tafel. ‘ Mam,’ zucht Celeste, ‘ze heet niet voor niets Daphne!’ ‘ Wat bedoel je daar nu mee?’ ‘ Gewoon, wie vindt Daphne tegenwoordig nog leuk?’
  30. 31. Jasmine lacht om Celestes opmerking. ‘ Het is toch zo!’ antwoordt Celest op Jasmines reactie.
  31. 32. ‘ Ik weet het niet meer. Ik hoop echt dat het ooit weer eens goed komt. Dit is niet bepaald een aangename sfeer, hoor’ vertelt Ariël en ruimt haar bord op. ‘ Ik hoop het ook’, mompelt Jasmine.
  32. 33. Ondertussen is het vroeg in de ochtend geworden. Celeste en Jasmine zijn al helemaal aangekleed en opgemaakt; klaar om de dag de beginnen. ‘ Hebben deze druiven pitten?’ vraagt Jasmine. ‘ Dat weet ik niet, ik eet ze nooit… Maar ik ga even deze jongen even in bed leggen, he Neill?’, antwoordt Celeste.
  33. 34. Met een brede glimlach staat Aldris voor het raam, wachtend tot zijn carpool aankomt. Hij moet toch ergens positief over blijven en Daphne vergeten? Als hij op het werk is, dan is hij niet bij Daphne en dat vindt hij prima.
  34. 35. Nadat Aldris vertrokken is, moeten Celeste en Jasmine ook al naar school gaan. Deze keer zijn zullen ze wèl op school zijn, in plaats van de bus te missen.
  35. 36. ‘ De jeugd van tegenwoordig’, zucht Cédric na het lezen van een krantenartikel. Hij slaat de pagina om en ziet dan de uitslagen van afgelopen voetbalwedstrijd. Ook daar heeft hij geen interesse in en legt de krant weg.
  36. 37. Al gauw is Aldris terug van zijn werk. Meestal is hij dan bij zijn zoon, Neill. Degene die hem toch maar weer aan het lachen brengt en al zijn zorgen laat verdwijnen.
  37. 38. Neill kan niet meer van het lachen en daardoor moet Aldris ook weer lachen. ‘ Moet papa stoppen?’ vraagt Aldris, ‘Moet je een flesje?’ ‘ Honger!’
  38. 39. Neill heeft zijn flesje leeggedronken en dan wilt Aldris gauw weer verder met lol hebben. Totdat Daphne ineens tevoorschijn komt en Neill optilt. Zomaar opeens heeft ze Neill ‘afgepakt’.
  39. 40. Ondertussen wordt de band tussen Daphne en Cédric steeds beter. Cédric vindt Daphnes ongelukje van laatst helemaal geen ramp en dat vertelt hij haar ook. ‘ Dàt vind ik nou ook! Toch iemand die me begrijpt!’ zegt Daphne en klopt Cédric op zijn schouder.
  40. 41. ‘ Ja… Ik bedoel… Het kan toch geen kwaad voor een keertje?’ ‘ En dat is precies wat ik ook bedoel. Maar ik krijg amper een kans van Aldris…’, zucht Daphne. ‘ Je hebt mij toch’, lacht Cédric.
  41. 42. Zonder een feest te geven of iets aan te kondigen, groet Celeste die avond op tot een volwassene vrouw. ‘ Niet veel veranderd, maar het voelt leuk’, glimlacht Celeste.
  42. 43. ‘ En hoe bevalt het leven als volwassen vrouw?’ ‘ Niks speciaal, Jasmine, ik voel me gewoon hetzelfde hoor’ ‘ Nu moet je niet meer naar school, wat een luxe!’, bedenkt Jasmine zich.
  43. 44. ‘ Maar ik moet ook werk vinden, anders is het leven nogal saai, denk ik. Maar voorlopig vind ik geen passende baan… Ik bedoel, zie je mij al als loodgieter?’ ‘ Celeste de loodgieter, klinkt grappig’, lacht Jasmine.
  44. 45. Die avond is het beneden een grote puinhoop. Borden vol met beschimmelde en oude salade, vieze flesjes op de grond en een grote stank vult de keuken.
  45. 46. Er is niks anders dus kiest Jasmine om de salade te eten. Ze probeert aan iets anders te denken, zodat ze de smaak van de salade vergeet.
  46. 47. ‘ Smakelijk, zusje van me’, giechelt Celeste. ‘ Dit is niet te vreten. Maar ik heb geen andere keus, ik kan zelf niet eens iets maken’, legt Jasmine uit.
  47. 48. Jasmine is niet de enige die de salade niet lekker vindt. Daphne verafschuwt het, maar ook zij heeft geen andere keus.
  48. 49. ‘ Ben jij ook al wakker?’ fluister Ariël. ‘ Ja, ik stik echt van de honger! Ik ga iets eten beneden’, zegt Cédric en staat op. ‘ Goed, ik maak me klaar voor het werk’
  49. 50. Voorzichtig maar Celeste het bed op. Ze schrikt lichtjes als Aldris op staat. ‘ Oh, ik wou je niet wakker maken, sorry’, excuseert Celeste zich meteen. ‘ Het is niet erg, ik was al even wakker, hoor’
  50. 51. ‘ Dan is het goed’, glimlacht Celeste en strijkt het deken glad. ‘ Wat ben jij eigenlijk vroeg op’, merkt Aldris op. ‘ Ja, ik vind het ook gek’, lacht Celeste, ‘alhoewel ik nu wel kan uitslapen omdat ik niet meer naar school moet’
  51. 52. ‘ Ben je al iets van plan? Met je leven bedoel ik’ ‘ Ik? Goh, voorlopig blijf ik wel eventjes de huisvrouw’, grinnikt Celeste. ‘Maar ik ben wel op zoek naar een man. Eventueel kinderen… Want die kleine Neill is zo awesome !’
  52. 53. Met een harde ruk trekt Cédric de ijskast open. Er was al geen ontbijt voorzien, dus duikt hij zelf maar de ijskast in. Hij vindt niks interessants dus plukt hij hier en daar wat eetbaars uit de ijskast.
  53. 54. Hij blijft staan, alsof er plots een ontbijt tevoorschijn kan komen. Maar dat kan niet, dat weet hij zelf ook. Uiteindelijk sluit hij de ijskast weer, met nog altijd grote honger.
  54. 55. ‘ Ja, daar… Nee, meer naar rechts… Ah, ja, daar…’ ‘ Hier?’, vraagt Aldris voor de zekerheid. ‘ Perfect’, zegt Celeste en sluit haar ogen.
  55. 56. ‘ Huisvrouwtje spelen is niet zo simpel, toch?’ ‘ Wel handig als je dan elke dag een massage krijgt van je broer’, lacht Celeste. ‘ Dit is maar eenmalig, Celeste, ik ben geen masseur’
  56. 57. ‘ Het voelt anders wel alsof je een masseur bent!’ complimenteert ze en rekt haar stevig uit. ‘ Voel je je beter nu?’ ‘ Stukken beter. Wat een fijn gevoel!’
  57. 58. ‘ Bedankt, broer van me. Je deed het fantastisch!’ ‘ Dankje’, grinnikt Aldris. ‘Als je nog last hebt, dan zeg je het maar’ ‘ Oh, ik heb plots weer pijn, Aldris!’, verzint Celeste snel. ‘ Daar trap ik niet in’, lacht hij.
  58. 59. Niet veel later grijpt Aldris naar zijn buik. Vreselijke honger! ‘ Hopelijk is het eten straks klaar, ik houd het niet lang meer’, kreunt hij.
  59. 60. ‘ Honge! Honge!’, roept Neill. ‘ Ja, Neill, papa heeft ook reuzenhonger. Eventjes wachten, dan krijg je je flesje zo’
  60. 61. Een lange, blauwe auto reed niet veel later de straat in en stopt voor het huis waar de Voochels wonen. De vrouw veegt over haar rok en stapt dan zelfzeker naar binnen.
  61. 62. Meteen stapt ze op Daphne af, de eerste die ze tegenkomt. ‘ Mevrouw, uw kind is hier niet in goede handen. We nemen hem mee’, zegt ze meteen. ‘ W-wat bedoelt u?’ vraagt Daphne zich af.
  62. 63. ‘ Uw kind leeft in slechte omstandigheden, krijgen wij door. U bent een slechte ouder, dat komt er op neer. Wonen hier nog meer mensen die ik eens de les kan spellen?’ vraagt de vrouw geïrriteerd. ‘ Maar u mag Neill niet meenemen! Het is mijn kind! Ik hou van hem!’
  63. 64. ‘ Dat had u dan maar eerder moet beslissen, mevrouw. Wij krijgen niet zomaar die boodschap door’ ‘ Maar hij heeft net zijn flesje gehad, van zijn vader!’ legt Daphne uit en wijst naar Neill, die niets begrijpt van het gesprek.
  64. 65. ‘ Ik ga niet meer in discussie. Ik neem Neill, of hoe dit arme kind ook mag heten, meteen mee en ik zorg dat hij in een goed gezin terecht komt! Dag!’ Toen was er geen Neill meer. Althans, geen Neill meer in dat gezin. Binnenkort zal hij vast in een ander gezin terecht komen.
  65. 66. ‘ Ik begrijp het niet! We hadden laatst nog zo gelachen! In bad… en gisteren!’, zegt Aldris tussen de tranen door nadat Daphne het slechte nieuws meldde. ‘ Ik snap het niet! Ik snap het niet!’ blijft Aldris herhalen en probeert zijn tranen weg te vegen.
  66. 67. ‘ Waarschijnlijk heeft hij het daar wel beter’, probeert Ariël hem te troosten. ‘ Dat hoop ik wel. Dat arme kind… Neill’. Er komen weer tranen opdagen.
  67. 68. ‘ Het was zo’n schatje’, zegt Ariël en ook zij krijgt de tranen in haar ogen. Ze heeft er niet veel contact mee gehad maar ze is immers wel oma geweest van hem. Dan heb je sowieso een band, vindt ze.
  68. 69. ‘ Ik… Ik ga eventjes’, zegt Aldris na een poosje. ‘ Goed, bekom er maar eventjes van’, zegt Cédric.
  69. 70. Cédric kan er wel inkomen waarom iedereen het zo erg vindt, maar ze nemen Neill toch niet voor niets weg? Er is vast wel een reden. Hij haalt zijn schouders op. Hij weet het niet.
  70. 71. Als Aldris boven is, rollen de tranen weer over zijn wangen. Hij heeft zojuist zijn zoon verloren en kan het nog steeds niet begrijpen. Hij kijkt naar de spiegel naast hem. Ben ik dan geen goede vader? Uiteindelijk besluit hij niet meer in de badkamer te blijven, maar naar beneden te gaan.
  71. 72. Maar dat helpt niet. Op elk moment, op elke plek kan hij weer beginnen te huilen en zich zoveel vragen stellen. Waarom is Neill nu weg? Waarom gaf de vrouw ons niet nog een kans? Waarom net nu? Waarom?

×