• Like
Actualiteiten IPR: Nieuw Boek 10 BW; What's new in het ipr?
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

Actualiteiten IPR: Nieuw Boek 10 BW; What's new in het ipr?

  • 2,152 views
Published

Pao-cursus Universiteit Leiden …

Pao-cursus Universiteit Leiden
12 december 2011
Veerle Van Den Eeckhout

  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
2,152
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0

Actions

Shares
Downloads
13
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. 1Overzicht vandaag, te behandelen (tenzij jullie andere wensen??):I. Boek 10 BW: Plaats boek 10 in geheel (Nederlandse) ipr-regels Boek 10 zelf: nieuw??II. Supranationaal ipr: actualiteiten. Algemeen (vooral:noemen en kort situeren). - Alimentatieverordening en Protocol Den Haag, beide inwerking getreden 18 juni 2011 (alimentatie) - Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 (“HKV 1996”), inwerking getreden op 1 mei 2011 (gezag) - (Rome III-verordening (echtscheiding toepasselijk recht)zal op 21 juni 2012 voor aantal EU-landen in werking treden maarniet voor Nederland))III. Selectie aan ipr-thema’ waarvan meer doorgedrevenbehandeling (met regelgeving en rechtspraak) Arbeidsrecht (vooral toepasselijk recht) Onrechtmatige daad Huwelijk en aanverwante
  • 2. 2I. Boek 10 BWPlaats Boek 10 in geheel van (Nederlandse) ipr-regels * Ipr: drie vragen: rechtsmacht, toepasselijk recht, erkenning en tenuitvoerlegging Boek 10 in wezen (enkel) over toepasselijk recht (met wel enkele uitzondering her en der: soms ook regel van procesrecht) * Ipr: principe nationaal recht, maar soms ook supranationale bronnen (de voorbije jaren: meer en meer supranationale bronnen, vooral van Europese origine). Boek 10: nationale ipr-bron (met wel her en der verwijzing naar supranationale ipr- bronnen van toepasselijk recht)Schema:Rechtsmacht toepasselijk recht erk. En tul.Bronnen: Bronnen: Bronnen:Supranationaal? Supranationaal? Supranationaal?Nationaal? Nationaal? BOEK 10! Nationaal?(strategische mogelijkheden als beseffen soms mogelijkheid totforumshoppen etc.)
  • 3. 3Boek 10 zelf What is new?? * Boek 10: 165 artikelen. Artikelen niet geheel nieuwebepalingen: totstandkoming boek 10 = Consolidatie en codificatie(aanbouwwetgeving die gedurende tientallen jaren tot standgebracht (al begonnen in jaren 80, WCE, laatste Wetconflictenrecht goederenrecht: langdurig proces – cfr. “verdriet vanNederland”) – nu geordend, gecodificeerd in boek 10. Boek 10“ordent en voegt samen”) * 13 wetten van aanbouwwetgeving nu dus opgenomen inBoek 10 (cfr. concordantietabel, transponeringstabel incursusmateriaal, p. 1 en volgende), slechts her en der enkeleaanpassing * in totaal 16 wetten opgeheven (13 dus geconsolideerd inboek 10, WCOD opgeheven, 2 andere: zie Rome I en Rome II),plus resterende ipr-bepalingen uit Wet AB opgeheven (Cfr. schemauit Ars Aequi, zie bijgevoegde copie) * Nieuw: “Titel 1 Algemene Bepalingen”, artikelen 1-14Hoewel in wezen ook consolidatie en codificatie van wat reedsgangbaar: - bv. artikel 2 ambtshalve toepassing ipr-regels (eerder wel al afgeleid uit andere bepalingen; ambtshalve toepassing: boek 10 dus geen “toetje” maar eigenlijk verplicht openingsnummer, of - cfr. d’Oliveira -: als het ware “boek 0”) - inclusief niet-wettelijk regelen van wat traditioneel al aan rechter overgelaten (bv. welk surrogaatrecht als exceptie oo ingeschakeld/als vreemd recht niet kenbaar)
  • 4. 4 - Artikel 1 Algemene Bepalingen: Reminder, voorrang supranationale regelingen (“soms optisch effect/toetje niet opeten zoals wordt opgediend”) - Wel nieuw in Algemene Bepalingen: artikel 8 (ontsnappingsclausule – eerder niet als algemeen principe aanvaard, cfr. HR Shulte-Deutag inzake WCOD) en artikel 9 (fait accompli) * Verderop, titel 2 en volgende, nieuw?: Enkele bepaling wel nieuw, bv. rechtskeuze huwelijksbetrekkingen, toepasselijk recht echtscheiding (maar niet echt veel nieuw; bv. in namenrecht niet gelegenheid te baat genomen regels aan te passen – zoals in bepaalde rechtspraak reeds gedaan – naar aanleiding van uitspraak hof van justitie Garcia Avello; door wetgever niet pro-actief gehandeld)(als al vertrouwd met oude regelgeving: vooral wennen aan nieuwenummering; wel opletten enkele wijziging her en der)Uiteindelijk dus al bij al niet zoveel nieuws, wel beoogd voordeel:toegankelijk
  • 5. 5Tekst boek 10 zelf:(Vaststellings- en invoegingswet van 19 mei 2011, Staatsblad2011, 272)zie bv. al in Kluwer, Asser-geel (wel opletten in versie 2011 niet opgenomenvoorbehoud od (zoals op einde nog toegevoegd aan artikel 159,betreffende verbintenissen voortvloeiend uit de uitoefening vanNederlands openbaar gezag) en overgangsbepaling algemeen).Zie ook bv. WPNR-artikelen met aansluitend telkens artikelen boek 10(ook gebundeld in boekje onder redactie Vlas, met Boek 10, metdaarbij tekst Boek 10) (cfr. alle artikelen uit die wpnr-reeksopgenomen cursusmateriaal deze pao-cursus) boekje NVVB met Boek 10, Memorie van Toelichting encommentaar bij familierechtelijke onderdelen)Boek 10: 165 artikelen Vaststellingswet: 165 artikelen (= artikel 1 vaststellingswet)plus enkele bijkomende artikelen opheffing etc.Inwerkingtreding: cfr. Besluit inwerkingtreding, Staatsblad 2011, 340:inwerkingtreding op 1 januari 2012.
  • 6. 6Overgangsbepalingen? * In Toelichting gesteld: kan zonder bijzondereovergangsregeling want niet/nauwelijks wijziging. Eigenovergangsbepalingen aparte aanbouwwetten wetten meeovergenomen(Opm. Gezien: inderdaad niet/nauwelijks wijziging, maar toch bv.rechtskeuze huwelijksbetrekkingen; algemene bepalingen;opheffing wet conflictenrecht onrechtmatige daad en analogetoepassing regels Rome III …)Dus toch weten hoe toepassen: * zie artikel 2 vaststellingswet Boek 10: o cfr. regels overgangswet nieuw burgerlijk wetboek (zie Titel 3 Overgangswet NBW, Algemene overgangsbepalingen in verband met de Boeken 3-8: wordt “in verband met de Boeken 3-10”, zie artikelen 68-75) o behoudens artikel toepasselijk recht echtscheiding, daarvoor speciale overgangsbepaling ingevoegd, waarbij onderscheid verzoekschrift voor/na 1 januari 2012)
  • 7. 7Idee dus: Toegankelijk(er)Maar: niet alles (niet alle Nederlands ipr) in boek 10wat niet? - Nog elders in BW ipr-bepalingen te vinden (bv. 6: 247 BWinzake algemene bepalingen; artikel uitwerking timesharerichtlijn) - Nog buiten BW ipr-bepalingen te vinden (bv. Wet FormeelBuitenlandse Vennootschappen is niet geïncorporeerd in Boek 10) - Niet opgenomen: regelingen interregionaal recht (inNVVB-boekje: bij elk thema wel bespreking interregionaal) - Niet opgenomen: regels procesrecht (behoudens her en deruitzondering, bv. wel in boek 10 regel over erkenningechtscheiding) – procesrechtelijke regels dus elders te zoeken,namelijk in supranationale regelingen zoals EEX/rechtsvordering - niet opgenomen: supranationale ipr-bronnen, ook albetreffen ze toepasselijk recht (wel sommige vermeldingen, enenkele extrapolatievoorschriften zie artikel 154 (betreffende RomeI) en 159 (betreffende Rome II)) – sommige titels puursupranationaal, mogelijk met verwijzing (bv. overeenkomsten(EVO-verdrag en Rome I-verordening), od (Rome II-verordening),vertegenwoordiging (vertegenwoordigingsverdrag). Reminderartikel 1: voorrang. In oog houden, ook als niet mocht naarverwezen zijn! (cfr. nu al blijkt dat sommige verwijzingenachterhaald, bv. alimentatie (nog verdrag 1973 genoemd in plaatsvan verordening en protocol) en gezag (nog HKV 1961 genoemdin plaats van HKV 1996);Plus soms vraag overeenstemming met uitspraken Hof van Justitie
  • 8. 8(Namenrecht niet proactief aangepast aan rechtspraak hof vanjustitie Garcia Avello) – cfr. “niet altijd eten zoals wordtopgediend”Dus opnieuw Schema hogerDrie vragenMet supranationale/nationale bronnen
  • 9. 9II. Supranationaal nieuw?(inmenging voluit vanuit Europa plus tegelijk ook (nog steeds)Den Haag – sommige Nederlandse literatuur: “Brusselseschaduwen boven Den Haag, “Beauty and beast”, …)Met schema* Alimentatie* Hkv 1996* Opmerking: niet Rome III: zal wel in werking treden in 2012,maar niet voor Nederland; via “enhanced cooperation” (omdateerdere pogingen geblokkeerd) zodat mogelijk dat enkel beperktaantal EU-landen uniforme regels maken. Nederland vooralsnog(nog) niet toegetreden tot deze verordening, lijkt vooralsnog nietvan plan)(N.B. nog meer verordeningen op komst, cfr. ook overzichtsartikelVlas “Mijlpalen in het ipr”, WPNR) Momenteel bv. voorstellen verordeninghuwelijksvermogensrecht (COM(2011)126, vermogensrechtelijkegevolgen van geregistreerde partnerschappen (COM(2011)127,erfrecht (COM(2009)154. Telkens zogenaamde “traité triple”: regelen van drie ipr-vragen in 1 enkele ipr-bronN.B. nieuwe versie Lugano-verdrag (parallelverdrag aan EEX),namelijk versie van 2007, in werking getreden in 2010.EEX zelf: herschikkingsproces aan de gang
  • 10. 10* AlimentatieNieuw: Alimentatieverordening en protocol, sinds 18 juni 2011 inwerking!(met Nederlandse uitvoeringswet)Schema vroeger – schema nuVroegerRechtsmacht Toep. Recht Erkenning en tulEex Al.verdrag 1973 EEX/al.executieverdrag(Nat.) (Nat.)NuRechtsmacht Toep. Recht Erkenning en tulAl.verordening Protocol Al. verordeningOpmerkingen:- rechtsmacht: regels alimentatieverordening veel ruimertoepassingsgebied dan EEX-verordening (geen vereiste meer datverweerder woonplaats in EEX-land, opdat toepasselijk);overigens bevoegdheidsregels zelf van alimentatieverordening (zieartikel 3 alimentatieverordening) zeer gelijkaardig aanbevoegdheidsregels EEX (zie artikel 2 en 5 lid 2 EEX)- toepasselijk recht: Regels Protocol toepasselijk voor wat betreft toepasselijkrecht: zie artikel 15 alimentatieverordening Basisregel toepasselijk recht alimentatie volgensverordening: artikel 3 - recht gewone verblijfplaatsalimentatiegerechtigde (met in artikel 5 bijzondere regel(afwijkingsmogelijkheid van regel van artikel 3) voorpartneralimentatie) (geen principiële koppeling meer tussen rechttoepasselijk en recht toegepast op echtscheiding zoals in artikel 8alimentatieverdrag 1973)
  • 11. 11- exequatur: onderscheid: soms geen exequatur meer vereist.* Ouderlijke verantwoordelijkheidNieuw: HKV 1996Sinds 1 mei 2011 in werking!Vervangt HKV 1961Eveneens “traité triple”Als samenloop regels rechtsmacht HKV 1996 met Brussel II bisverordening: Brussel II bis voorrang (zie artikel 61 Brussel II bis)Basisidee: rechter bevoegd van gewone verblijfplaats kind (artikel8 Brussel II bis), rechter past vervolgens ook eigen recht toe(artikel 15 en 16 HKV 1996).Zie nader over gezag, ouderlijke verantwoordelijkheid: - Net verschenen boek in Praktijkreeks IPR van Iterson, metook uitgebreide behandeling problematiek kinderontvoering(zie ook op punt internationale kinderontvoering kamerstukken32358, inmiddels wet, zie wet 10 november 2011, 530 (hierovero.a. kort in NJB 2 december p. 2889. Hierin onder andere geregeldgewijzigde rol Nederlandse Centrale Autoriteit). - Cfr. hoofdstuk over gezag in NVVB-boekjeSchema, sinds 1 mei 2011Rechtsmacht toep. Recht Erk. En tul.Brussel II bis HKV 1996 Brussel II bisEn HKV 1996 en HKV 1996
  • 12. 12III. Selectie aantal thema’s/aandachtspunten: A. Arbeidsrecht (voornamelijk toepasselijk recht: recenteEuropese en Nederlandse rechtspraak – procesrechtelijk: lopendproces aanpassing EEX-verordening) B. Onrechtmatige daad C. Huwelijk en aanverwante (boek 10, plus mogelijkewijzigingen op komst, plus nieuwe supranationale regelingen)
  • 13. 13A. ArbeidsrechtToepasselijk recht:Systeem regels toepasselijk recht arbeidsovereenkomsten EVO-verdragOpgelet: in plaats van regels EVO-verdrag regels Rome Iverordening toepassen als overeenkomst gesloten op of na 17december 2009; regels. Regels Rome I nagenoeg gelijkluidend aanartikel 6 en 7 EVO)en soms (in combinatie met EVO of Rome I):Detacheringsrichtlijn (met voor Nederland uitwerking in“WAGA”) als minimum (wel kwestie reent of niet als maximum,druk vrij verkeer diensten cfr. uitspraken Hof justitie Laval,Ruffert, C./Luxemburg)
  • 14. 14Recente rechtspraak, hierna belicht vanuit vraag aansprakenarbeidsbescherming werknemer(literatuur bv.: “Koelzch beschutting tegen gure wind internemarkt”; cfr. Vicoplus; BBA-rechtspraak “meer bescherming” …!?Nieuwe argumentatiemogelijkheden voor werknemer die (meer)arbeidsrechtelijke bescherming zoekt, op basis van recenteuitspraken??
  • 15. 15Schema Artikel 6 EVO-verdrag Lid 1 als rechtskeuze: nog steeds dwingende bepalingen vannormaal toepasselijke recht (= recht dat toepasselijk zou zijn opbasis van lid 2) Lid 2 A als gewoonlijke tewerkestelling in 1 land: recht datland – zelfs als tijdelijk tewerkstelling in ander land B als niet in 1 land: recht land vestiging werkgever diewerknemer in dienst heeft genomen Onder voorbehoud tenzij-clausule (nauwere bindingander recht)= Uitdrukking tendens bescherming werknemer als zwakke partij:- basisidee meest vertrouwde recht toepassen – recht van land vangewoonlijke tewerkstelling;- niet laten verliezen bescherming (met name dwingendebepalingen van normaal toepasselijke recht) als rechtskeuzeaanvaardBij lid 2 a (in verhouding tot b): uitspraak HvJ KoelzschBij lid 2 b: Uitspraak HvJ op komst in zaak VoogsgeerdBij lid 2 tenzij-clausule: mogelijk toepassen bij analogie uitspraakHvJ in zaak IntercontainerPlus bij lid 2 a: Uitspraak kantonrechter Roermond zaak De Mooij
  • 16. 16Schema artikel 7 EVO-verdragArtikel 7: voorrangsregels (regels van bijzondere(semipubliekrechtelijke) aard, kunnen normaal toepasselijk rechtdoorkruisen) Lid 1 buitenlandse voorrangsregels Lid 2: forale voorrangsregelsKlassiek voorbeeld voorrangsregel in Nederlands arbeidsrecht:artikel 6 BBAHierover klassiek Hoge Raad, uitspraak Sorenson AramcoMaar recente rechtspraak, waarbij kentering ten aanzien vanrechtspraak Hoge Raad
  • 17. 17Schema situatie detacheringA BZendstaat ontvangstlandVestiging Onderneming waar dienst verstrektContract met werknemer waar tijdelijke tewerkstellingEvo (en Rome I): recht A blijft toepasselijk als tijdelijk werken inB, als principe (zie artikel 6 lid 2 onder a, zinsnede in verband mettijdelijk werken in ander land)Wel mogelijkheid bepaalde regels land B via bv. artikel 7(Maar probleem strijdigheid met vrijheid dienstenverkeer vanonderneming A?!)Mogelijk “Gat” in bescherming werknemer (en mogelijk socialdumping in land B) als onverkort toepassen regels EVO in gevalvan detachering (zeker als detachering vanuit land met lagearbeidsbescherming naar land met hoge arbeidsbescherming en opbasis van artikel 6 lid 2 a blijven vasthouden aan toepassing regelsrecht a (omdat louter “tijdelijk” in land B werken)Mede vandaar ingreep geweest Europese instanties: in zulkesituatie ook toepassen regels Detacheringsrichtlijn (voor Nederlanduitwerking in WAGA): harde kern toepassing regels B moet worden verzekerd als inB Als minimumAls minimum maar zie recente rechtspraak Hof van Justitie inzaken Laval etc.: wat daarbovenop, afgeketst omwille vanongerechtvaardigde beperking van vrijheid van dienstenverkeervan Onderneming A?? (toepassing van arbeidsrecht vanontvangstland wordt als een mogelijke (mogelijkongerechtvaardigde) belemmering gezien van vrij verkeerdiensten)
  • 18. 18
  • 19. 19Hierbij:Uitspraak Roermond, zaak de Mooij (rechter: normaal toepasselijkrecht in deze casus recht B – dwingende bepalingen Nederlandsrecht toepasselijk, vandaar welbepaalde cao toepasselijk)(en uitspraak HvJ Vicoplus (B mag in geval van uitzendarbeidtewerkstellingsvergunning vereisen in situatie van“overgangsmaatregel”)(overigens ook opmerkingen van Hoek naar aanleiding zaakKoelzsch)
  • 20. 20Oudere uitspraak Intercontainer (niet specifiek internationaalarbeidsrecht): Hof van Justitie zaak Intercontainer 2009, oversoepele/strenge toepassing ontsnappingsclausule van artikel 4 lid 5EVO-verdrag: effect op omgang met “tenzij-bepaling” van artikel6 lid 2 EVO-verdrag – mogelijk zelfs stelselmatig in voordeel vanwerknemer??Door Hof van Justitie niets over gezegd in recente uitspraakKoelzsch (Koelzsch: eerste uitspraak Hof van Justitie specifiekover EVO internationaal arbeidsrecht)
  • 21. 21Koelzsch 15 maart 2011, cursusmateriaal p. 11Koelzch eerste uitspraak Hof inzake bepalingen internationaalarbeidsrecht EVOEuropees Hof van Justitie Koelzsch: ruime interpretatie situatieartikel 6 lid 2 a EVO-verdrag(cfr. Eex en bewoordingen Rome I)Feiten zaak KoelzschTransportsector, geval van tewerkstelling in meerdere landenDeense onderneming, dochter Luxemburg, Duitse werknemersarbeidsovereenkomst met Luxemburgse dochter waarbijrechtskeuze Luxemburgs rechtRechtskeuze dus voor Luxemburgs recht, maar opeisen doorwerknemer van ontslagbescherming naar Duits recht (alsdwingende bepaling van normaal toepasselijk recht)Duits recht mogelijk toepasselijk via ruime interpretatie van artikel6 lid 2 a EVO-verdrag.Hof kiest daarvoor (in lijn met rechtspraak Hof inzake EEX en inlijn met bewoordingen Rome I): “waar of van waaruit” Hierover bv. Derks in Arbeidsrecht; Van Hoek in Ars AequiAandachtspunt: - nadruk in uitspraak op idee bescherming werknemer in artikel 6 – sowieso ruime interpretatie/alleen als in voordeel van werknemer?? (louter idee meest vertrouwde recht toepassen en in die zin bescherming van werknemer/ mogelijk ook materieelrechtelijke afweging?) (- van Hoek in bespreking: aanknoping aan recht van vestigingwerkgever is verlegenheidsoplossing, plaatst dit in lichtrechtspraak Hof Justitie in zaken detachering/vrij verkeer vandiensten)
  • 22. 22Als casus toch wordt ondergebracht in artikel 6 lid 2 b:(wellicht dus niet al te snel teruggrijpen naar artikel 6 lid 2 b, cfr.uitspraak Koelzch, maar als toch??)Dan mogelijke kwestie zoals in zaak Voogsgeerd (C-384/10).Lopende zaak Voogsgeerd, inzake artikel 6 lid 2 b, “vestigingwerkgever die werknemer in dienst heeft genomen”: invullingbegrip “vestiging werkgever”?? Zie vraag zoals opgenomen incursusmateriaal, p. 13.Nog geen uitspraak, wel al conclusie
  • 23. 23Nationaal-Nederlandse rechtspraak:(cursusmateriaal p. 17 en volgende)Nederlandse rechtspraak inzake artikel 6 BBAenrechter Roermond inzake Poolse uitzendconstructie - Nederlandse rechtspraak inzake artikel 6 BBA (klassiek geredeneerd via artikel 7 EVO-verdrag) betreffende ontslagvergunning (zonder welke ontslag nietig).Klassiek Hoge Raad uitspraak Sorenson Aramco: BBA is voorrangsregel; scope-rule: respecteren BBA als ten tijde van ontslag naarredelijke en objectieve maatstaven was te verwachten datwerknemer zou terugvallen op Nederlandse arbeidsmarkt (want: overheidsbelang bescherming Nederlandsearbeidsmarkt; en bescherming werknemer tegen willekeurigontslag)Recent 2 uitspraken waarin “kentering” ten aanzien van uitspraakHoge Raad: Hof Amsterdam (“Nuon-zaak”), Amerikaansewerknemer, rechtskeuze Nederlands recht en werken voorNederlandse werknemer, nauwelijks buitenlandse elementen maarAmerikaanse werknemer zou wellicht niet terugvallen opNederlandse arbeidsmarkt (alleszins twijfel rond mogelijk), tochBBA toegepast. Rechtbank ’s Hertogenbosch: ook rechtskeuzeNederlands recht en werken voor Nederlandse werknemer, maarveel minder elementen verbondenheid Nederland. Toch ook hierBBA.Publicaties (cfr. internet) verschenen onder titels als “meerbescherming voor expats” etc.
  • 24. 24Aandachtspunten:- Sommige literatuur: uit rechtspraak afleiding gemaakt dat BBAgeen voorrangsregel meer zou zijn!? Is BBA (louter) dwingendebepaling uit Nederlands arbeidsrecht?Veerle: kan inderdaad voordelig zijn dat als systematischNederlands recht toepasselijk (/als Nederlands recht gekozen),BBA toepasselijk; maar impliceert ook dat als niet Nederlandsrecht toepasselijk, BBA niet meer kan worden ingeroepen?Tegenover visie dat BBA niet meer voorrangsregel: door rechtersniet (expliciet) redenering gevolgd dat BBA deel uitmaakt vannormaal toepasselijke recht, niet gezocht naar normaaltoepasselijke recht (en ook niet gezegd dat redenering gevolgd datvoor werknemer gunstiger bepalingen van gekozen recht voorgaanop normaal toepasselijke recht/systeem pick and choosegehanteerd – althans niet expliciet die logica gevolgd; dusmogelijk toch nog steeds voorrangsregel maar met ruimere scope-rule dan voorheen?? Wel vraag welke begrenzing dan wel (tweedeuitspraak bv. (nog) ruimer dan eerste)? Mogelijk naar toekomst toeBBA ook toe te passen in gevallen van internationaledetachering??).- interessant overwegingen over niet meer uitsluitend kijken naarNederlandse arbeidsmarkt/vrij verkeer van werknemers in Europa(in rechtspraak zelf plus literatuur).Opmerkingen in dit licht: * Nuon-uitspraak betrof werknemer met Amerikaansenationaliteit, tweede uitspraak Duitse werknemer * Sommige literatuur: vrij verkeer werknemers wordtbemoeilijkt als laten respecteren BBA (BBA bemoeilijkt vrijverkeer personen). Maar daartegen: vrij verkeer werknemersimpliceert recht gelijke behandeling, aanspraak op zelfde rechtenals lokale werknemers (cfr. bv. ook Finalarte-uitspraak: vrijverkeer werknemers ter opeisen gelijke behandeling).
  • 25. 25Uitspraak rechter Roermond, zaak de Mooij (FNV)(cursusmateriaal p. 31 en volgende)“Poolse uitzendconstructie”Polen NederlandUitzendbureau De Mooij De MooijPools uitzendbureau arbeidsovereenkomst met Poolse werknemers,rechtskeuze Pools rechtToepasselijkheid Nederlandse cao Beroepsgoederenvervoer2008 ??Melding in uitspraak Detacheringsrichtlijn en WAGACao 2008 algemeen verbindend verklaard maar artikel 2 cao: enkeltoepasselijk op in Nederland gevestigde bureausRechter: kan toch toepassen als in contract voor gekozen – wasniet gebeurd/als Nederlands recht normaal toepasselijke rechtVandaar EVO (invulling ervan) als wapen in de strijdNormaal toepasselijke recht? via artikel 6 EVO (nog niet Rome I/arbeidsovereenkomst voor 17 januari 2009 gesloten)Rechter: centrum werkzaamheden in Nederland. Cao toepasselijk. Interessant: Overwegingen rechter * in verband met vereenzelviging Pools uitzendbureau en Nederlands bedrijf * in verband met normaal toepasselijk recht (en dwingende bepalingen daarvan) - ondanks rechtskeuze Pools recht (in casu alleen gewerkt vanuit Nederland, voorheen niet in Polen gewerkt voor dit contract)
  • 26. 26 * in verband met misbruik door de MooijVermeldenswaard: uitspraak Hof van Justitie in zaak VICOPLUS(hierover bv. Houwerzijl in NTER)Betreffende mogen vereisen van tewerkstellingsvergunningSpecifieke casus: uitzendarbeid (Poolse werknemers, in Nederland te werkgesteld door Pools uitzendbureau); situatie ten tijde van overgangsmaatregelen ten aanzien vanPoolse onderdanen (nog niet meteen vrij verkeer personen inNederland; wel al meteen vrij verkeer diensten in Nederland –vandaar wel al mogelijkheid meteen naar Nederland te komen,zonder tewerkstellingsvergunning, in kader vrij verkeerdiensten/detachering!?; punt: door Nederland boete opgelegd omdat geen werkenzonder tewerkstellingsvergunning. Vereisentewerkstellingsvergunning aanvaardbaar??Kwestie: wel beperking vrij verkeer werknemers, maar geenovergangsmaatregelen ten aanzien van vrij verkeer diensten,detachering??Hof: Nederland terecht tewerkstellingsvergunning vereist.
  • 27. 27Veerle: Interessant:ook al vrij verkeer diensten, toch mogen opleggen vereistetewerkstellingsvergunning (althans als overgangsmaatregel vrijverkeer werknemers en in situatie uitzendarbeid)vrij verkeer diensten dus mogelijk iets minder druk en impact danvoorheen (naar aanleiding van uitspraken Laval etc.) gedacht??(meer begrip voor argumenten als “vermijden social dumping,vermijden verstoring van arbeidsmarkt door betreden van diearbeidsmarkt …)Mogelijk vandaar ook te redeneren dat dan ook meer begrip vooropeisen meer arbeidsbescherming (opleggen arbeidsrechtontvangststaat) (ook al dit ongunstig vanuit perspectief vrij verkeerdiensten; maar goed ter bescherming van mobiele werknemers/terverweer tegen social dumping??)?? Alleszins toch in gevallenuitzendarbeid? (dan gerechtvaardigde beperking op vrij verkeerdiensten??)
  • 28. 28Enkele opmerkingen procesrecht arbeidsrecht:EEX-verordening: * Uitspraak Glaxosmithkline: als werknemer procedure wilvoeren tegen meerdere werkgevers tegelijk voor eenzelfde rechteren daartoe artikel 6 EEX wil aanhalen, Hof: bevoegdheidsregelsinzake arbeidsovereenkomsten (artikel 18-21 EEX) vormen“gesloten” systeem, werknemer kan niet aanhalen artikel 6.Probleem/pijnpunt: werknemer moet soms in verschillende landenprocederen. Zie ook hierover Van Even in bijdrage incursusmateriaal. Uitspraak Hof wordt mogelijk herzien,teruggedraaid in proces herschikking EEX. * “Problematiek “grensarbeiders”. Hypothese datNederlandse werkgever in Nederland procedure wil beginnentegen werknemer die in Nederland werkt maar over grens(België /Duitsland) woont (in het bijzonder als werkgeverontbinding van arbeidsovereenkomst wil aanvragen bijNederlandse kantonrechter). Belemmeringen EEX hierbij:principiële onbevoegdheid Nederlandse rechter (tenzij vrijwilligeverschijning werknemer voor Nederlandse rechter; forumkeuzevooraf ongeldig). Toch diverse pogingen werkgevers. Rechtspraakhierover zie bv. bijdrage van Even. Geen herziening van regelingvoorzien in proces herschikking EEX.
  • 29. 29B. Onrechtmatige daadtoepasselijk rechtHuidige situatie (behoudens als specifiek verdrag alsVerkeersongevallenverdrag toepasselijk): Rome II en WCODToekomst: Rome II en Rome II bij analogie (zie artikel 159)Wel of niet Rome II?Nu:Opletten temporeel toepassingsgebied. Heel recent (17 november2011, C-412/10, zaak Homawoo) uitspraak waarin precieze datumvastgelegd: Rome II enkel toepassen als schadeverwekkendegebeurtenis gebeurtenis plaatsgevonden op of na 11 januari 2009.Zoniet dus WCODAls boek 10: ook als niet Rome II, toch regels Rome II (zie artikel159; met een enkel voorbehoud, zie artikel 159 in fine: “met dieverstande dat op verbintenissen voortvloeiend uit de uitoefeningvan Nederlands openbaar gezag Nederlands recht van toepassingis”). Zal dan dus geen verschil meer maken of wel of niet valtbinnen toepassingsgebied Rome II.
  • 30. 30Aansprakelijkheid multinationals: ipr-regels scharnierfunctie inrechtsmacht/toepasselijk recht.Lopende Shell-zaak blijkt ook dat ipr verschil kan maken.Laatste uitspraak in Shell-zaak: uitspraak 14 september 2011Discussies betreffende toepasselijk recht (in casu niet Rome IImaar WCOD, zie temporeel toepassingsgebied Rome II)procesbevoegdheid Milieudefensie (artikel 3:305c BW) enexhibitieverzoek (artikel 843a Rv): bestempeld als niet vallendonder regel toepasselijk recht od maar processueel, lex fori.(belang ipr ook voor bepalen rechtsmacht, cfr. reeds gedaneuitspraken in Shell-zaak inzake rechtsmacht van Nederlandserechter in procedure tegen moederbedrijf en Nigeriaanse dochter)Naar toekomst toe andere verzoeken? Discussies inzake Rome IIbasisregel en uitzonderingenBasisregel artikel 4 lid 1 “recht erfolgsort” Milieuverontreiniging: speciale regel artikel 7, slachtofferkan ook kiezen (als alternatief naast toepassing van rechtaangewezen door artikel 4 lid 1 - voor toepassing “handlungsort”:hoe “handlungsort” invullen?? Uitzondering artikel 4 lid 3 “ontsnappingsclausule” (nietextreem streng, cfr. HvJ in Intercontainer-zaak inzake EVO-verdrag?) Artikel 16 (voorrangsregels), artikel 17(veiligheidsvoorschriften), artikel 26 (openbare orde)Literatuur hierrond, zie ook cursusmateriaal, zie ook bv. recentartikel in NJCM-bulletin.
  • 31. 31N.B. inzake rechtsmacht: momenteel lopend proces vanherschikking van EEX-verordening.Eex in oog houden voor wat betreft mogelijke implicaties voordeze problematiek (mogelijkheid moederbedrijf en/of dochterdagen voor Europese (/Nederlandse) rechter, specifiek Mogelijke uitbreiding toepassingsgebied EEX-verordening(tot situaties dat verweerder ook buiten EEX woonplaats heeft); forum necessitatis en litispendentie (ook voor gevallen datbuiten Europa procedure loopt) wel/niet aanpassing regels artikel 6 mogelijke aanpassing artikel 5 lid 3 mogelijke introductie forum non conveniens (direct/indirect)Shell-zaak: Rechtsmacht ten aanzien van moeder: artikel 2 EEX (incombinatie met artikel 60, waarin alternatieven voorzien – in casu“hoofdvestiging” in Nederland: mogelijkheid aansprekenNederlandse rechter) Rechtsmacht ten aanzien van dochter: in casu gesteund opartikel 7 Rechtsvordering(incident geweest litispendentie (punt dat ook lopende procedure inNigeria), beslecht onder artikel 12 rechtsvordering (in voordeelvan eisers)
  • 32. 32Opmerking: laster en eerroof, odToepasselijk recht: Rome II sluit vooralsnog laster en eerroof uituit materieel toepassingsgebied.Momenteel wel voorstel bij Europees Parlement tot introductie vanspecifieke regel terzake, op te nemen in Rome IIOp vlak rechtsmacht (interpretatie van bevoegdheidsregels vanEEX in geval van schending van persoonlijkheidsrecht doorinhoud van een website): recent (25 oktober 2011, C-509/09 enC-161/10) uitspraak HvJ inzake EEX in zaak E-date en Martinez(inzake artikel 5 lid 3 EEX).
  • 33. 33C. Huwelijk en aanverwanteHuwelijk zelf in boek 10Boek 10: Regels Wet Conflictenrecht Huwelijk (in uitwerking vanHaags Huwelijksverdrag) behouden, met wel aanpassing regels ingeval van multipatridie: Niet meer regeling zoals in artikel 2 sub btweede volzin dat effectiviteitstoets in geval van meervoudigenationaliteit.(cfr. hierover bv. Jordens-Cotran in WPNR) en NVVB-boekRatio wijziging: “Favor matrimonii”:(ook “favor” te vinden in andere bepalingen internationaalhuwelijksrecht, zie bv. alternatieve aanknopingsfactor; soepeleerkenningsregeling).Maar - maar op komst mogelijk wetswijziging: wetsvoorstel (10november 2011, in aansluiting bij Kamerstukken 32175 Huwelijks-en Gezinsmigratie: plan tot opheffen alternatief voor wat betrefttoepasselijk recht, verstrengen Nederlandse wet (die uitsluitendtoepasselijk zou zijn), erkenning moeilijker cfr. huwelijkminderjarige en polygaam huwelijk) (hierover o.a. S. Rutten inNIPR) (wel ook brief-Leers 14 november 2011 inzake plannen tot verlenen vergunningverblijf om hier te trouwen inzake homohuwelijken etc.) - sowieso kwestie verblijfsrecht – cfr. ook vermeldenswaard:mogelijke wijziging Gezinsherenigingsrichtlijn op komst; cfr.Europees Groenboek 15 november 2011Gezinsherenigingsrichtlijn COM(2011)735 (Nederland wilverstrenging) zie hierover http://www.eerstekamer.nl/eu/edossier/e110072_groenboek_ over_het_recht
  • 34. 34Verder:* Persoonlijke huwelijksbetrekkingen, toepasselijk recht:Nieuw: (beperkte) mogelijkheid rechtskeuze, zie artikel 35 Boek10* Echtscheiding: toepasselijk recht: - Artikel 56. Principe, uitgangspunt lex fori, Nederlandse rechter past in principe Nederlands echtscheidingsrecht toe. Onder gelding van artikel 1 WCE al “indirect” geval, nu explicieter in wet geformuleerd: wijziging codex artikel 56 ten aanzien van artikel 1 WCE: (nog) meer lex fori (met eigen overgangsbepaling: verzoekschrift voor/na 1 januari 2012; voor: artikel 1 WCE; na: artikel 10: 56) (normaal overgangsbepalingen: zie al hoger, artikel 2 wet, cfr. overgangswet nieuw burgerlijk wetboek artikel 65 en volgende (onmiddellijk); eigen overgangsbepalingen wetten overgenomen. - (niet Rome III-verordening: Nederland wou behouden eigen nationale regels toepasselijk recht echtscheiding, geen lidstaat bij Rome III);Echtscheiding schema:Rechtsmacht toep. erkenningBrussel II bis boek 10 Brussel II bis(art. 4 Rvord.) en boek 10 (artikel 2 en 3 WCE geconsolideerd in boek 10; met ook artikel 59 Openbare orde)* Alimentatie: - toepasselijk recht: regels protocol cfr. al hoger. protocol dus niet meer koppeling zoals in artikel 8 verdrag 1973 met echtscheidingsrecht; - schema alimentatie 3 ipr-vragen: zie al hoger