• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
Vgt kno nj 2008
 

Vgt kno nj 2008

on

  • 1,269 views

 

Statistics

Views

Total Views
1,269
Views on SlideShare
1,269
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
12
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Vgt kno nj 2008 Vgt kno nj 2008 Presentation Transcript

    • VGT KNO najaar 2008
    • KNO
      • 93) Patiënten met CF hebben in ongeveer 50% van de gevallen een polyposis nasi.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 93) Patiënten met CF hebben in ongeveer 50% van de gevallen een polyposis nasi.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • CF: visceuze secretie waardoor:
        • Chronisch sinusitis (90%)
        • Polyposis nasi (46%)
      • Trias (bij kind):
        • Frontale sinus hypoplasie (door chronische infecties)
        • Mediale bulging laterale nasale wand
        • Ethmoid sluiering
    • KNO
      • 94) Osteomen van de neusbijholten zijn geassocieerd met het syndroom van Gardner.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 94) Osteomen van de neusbijholten zijn geassocieerd met het syndroom van Gardner.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Gardner syndroom:
        • Autosomaal dominant syndroom
          • Colon poliepen
          • osteomen
        • 100% kans op maligne ontaarding zonder behandeling
      • Ander syndroom met osteomen:
      • ziekte van Ollier
    • KNO
      • 95) Bij een patiënt met een bewezen inverted papilloom ziet u op een CT- sinus botdestructie. Het is zeer waarschijnlijk dat er tevens sprake is van een plaveiselcelcarcinoom
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 95) Bij een patiënt met een bewezen inverted papilloom ziet u op een CT- sinus botdestructie. Het is zeer waarschijnlijk dat er tevens sprake is van een plaveiselcelcarcinoom
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Inverted papilloma:
        • Benigne
        • Ontstaat aan de laterale zijde van de sinus maxillaris
        • Van nature bot destructief, mn os cribriforme
        • Coïncidentie met plaveiselcelcarcinoom 15%
    • KNO
      • 96) De fossa pterygopalatina wordt met het cavum nasi verbonden met het foramen sphenopalatinum.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 96) De fossa pterygopalatina wordt met het cavum nasi verbonden met het foramen sphenopalatinum.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 97) De valse stembanden zijn onderdeel van de hypofarynx.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 97) De valse stembanden zijn onderdeel van de hypofarynx.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Valse stembanden = Larynx
    • KNO
      • 98) Op een CT-scan van de hals wordt een cysteuze laesie gezien in de parotis loge (“parotid space”). Een eerste kieuwboog cyste staat hoog in de dd.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 98) Op een CT-scan van de hals wordt een cysteuze laesie gezien in de parotis loge (“parotid space”). Een eerste kieuwboog cyste staat hoog in de dd.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 1 e : (peri)parotid, 7%
      • 2 e : Rond grote vaten, 90%
      • 3 e : 2%
      • 4 e : 1%
    • KNO
      • 100) Op een CT-scan van het middenoor is een verworven cholesteatoom moeilijk te onderscheiden van otitis media. Erosie van de gehoorsbeenketen maakt een cholesteatoom waarschijnlijker.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 100) Op een CT-scan van het middenoor is een verworven cholesteatoom moeilijk te onderscheiden van otitis media. Erosie van de gehoorsbeenketen maakt een cholesteatoom waarschijnlijker.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Erosieve afwijkingen middenoor komen niet voor bij otitis media. Alleen soms is de lange poot van de incus erosief bij OM.
    • KNO
      • 101) Op coronale T2-gewogen MRI- beelden met vetsuppressie is een neuritis optica te herkennen aan een hyperintens signaal rond de aangedane n. opticus.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 101) Op coronale T2-gewogen MRI- beelden met vetsuppressie is een neuritis optica te herkennen aan een hyperintens signaal rond de aangedane n. opticus.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Neuritis optica
        • T2 homogeen hyperintens
        • Nervus normale groote
        • Bij 87% van pt met MS
        • In 65% gevallen asymptomatische MS
      • N. opticus gliomas
        • N. opticus hypointens met hyperintense rand
        • Verdikte n. opticus
        • NF-1 10-38%
    • KNO
      • 102) De derde divisie van de nervus trigeminus verloopt door het foramen ovale.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 102) De derde divisie van de nervus trigeminus verloopt door het foramen ovale.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • V1 Ophtalmic: Superior orbital fissure
      • V2 Maxillary: Foramen rotundum
      • V3 Mandibular: Foramen ovale
    • KNO
      • 103) Fenestrale otospongiosis tast de ossale begrenzing van het ovale venster aan. Op een CT-scan van het os petrosum is deze afwijking in het algemeen zeer sclerotisch
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • 103) Fenestrale otospongiosis tast de ossale begrenzing van het ovale venster aan. Op een CT-scan van het os petrosum is deze afwijking in het algemeen zeer sclerotisch
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Fenestrale otospongiosis
        • Vervanging enchondrale bot door dunner bot,
        • In vroege fase erosief bot, later matig dens bot.
        • Ovale venster 80-90%, ronde venster 30-50%
        • 85% bilateraal
        • 70% tussen 18-30 jaar
          • Cochleaire otospongiosis (veel minder frequent)
    • KNO
      • 173) Axiale CT-opname (bot window) en een sagittale T1-gewogen MRI-opname na intraveneus contrast. Er is een sterk aankleurende tumor ter plaatse van de schedelbasis. Op grond van de afbeeldingen is de kans op een schwannoom groter dan op een perineurale metastasering.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
    • KNO
      • 173) Axiale CT-opname (bot window) en een sagittale T1-gewogen MRI-opname na intraveneus contrast. Er is een sterk aankleurende tumor ter plaatse van de schedelbasis. Op grond van de afbeeldingen is de kans op een schwannoom groter dan op een perineurale metastasering.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
      • Cysteuze degeneratie mogelijk bij schwannoom.
      • Ook calicificaties en bloedingen mogelijk.
    • KNO
      • 174) Coronale CT-sinuscoupe toont een afwijking in de linker sinus maxillaris. Dit is typisch het beeld van een mucocele.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet
    • KNO
    • KNO
      • 174) Coronale CT-sinuscoupe toont een afwijking in de linker sinus maxillaris. Dit is typisch het beeld van een mucocele.
      • A) Juist B) Onjuist C) Weet niet