Your SlideShare is downloading. ×
0
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Vg tnov2009 hoofdhals
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Vg tnov2009 hoofdhals

1,321

Published on

0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total Views
1,321
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
12
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. VGT nov 2009 Hoofd-hals Joffrey van Prehn
  • 2. <ul><li>91. De arteria ophthalmica ontspringt meestal uit de arteria carotis externa. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 3. <ul><li>91. De arteria ophthalmica ontspringt meestal uit de arteria carotis externa. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 4.  
  • 5. A. Opthalmica <ul><li>Meestal van a. carotis interna ACI </li></ul><ul><li>Anastomose ACI + ACE </li></ul><ul><ul><li>Temporalis superficialis (supratrochlearis / supraorbitalis / palpebralis interna) </li></ul></ul><ul><ul><li>Maxillaris interna (ant.temp.prof / meningea media / infraorbitalis/sphenopalatine) </li></ul></ul><ul><ul><li>Facialis (angularis / lateral nasalis) </li></ul></ul><ul><li>Mogelijk gezichtsveldverlies bij </li></ul><ul><ul><li>Occlusie carotis externa tijdens CEA </li></ul></ul><ul><ul><li>Embolisatie a. meningea media </li></ul></ul>
  • 6. <ul><li>92. Bij verdikte extraoculaire oogspieren is de differentiaaldiagnose tussen pseudotumor en de ziekte van Graves soms moeilijk. </li></ul><ul><li>Indien deze verdikking unilateraal wordt gezien pleit dit voor een pseudotumor. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet </li></ul>
  • 7. <ul><li>92. Bij verdikte extraoculaire oogspieren is de differentiaaldiagnose tussen pseudotumor en de ziekte van Graves soms moeilijk. </li></ul><ul><li>Indien deze verdikking unilateraal wordt gezien pleit dit voor een pseudotumor. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet </li></ul>
  • 8. <ul><li>Graves: </li></ul><ul><li>depositie glycoproteinen en mucopolysacchariden in orbita door langdurige thyroidstimulatie </li></ul><ul><li>Pijnloze proptosis </li></ul><ul><li>Pseudotumor: </li></ul><ul><li>Onsteking weke delen orbita e.c.i. </li></ul><ul><li>Pijnlijke proptosis </li></ul>
  • 9. Minimale Response Goede Respons Steroiden Vergroot Lacrimal gland Toename hoeveelheid Ontsteking/infiltratie Vet Vergroot: Inf>Med>Sup>Lat Vergroot Spier Normaal Mn spierbuik Doet mee Pees Bilateraal 85% Unilateraal 85% Uni/Bi Graves Ophtalmopathie Pseudotumor
  • 10.  
  • 11.  
  • 12. <ul><li>94. Op een MRI ziet u een suprasellaire laesie en twijfelt u tussen een craniopharyngioom en een Rathke cleft cyst (cyste van het zakje van Rathke). Een aanvullende CT-scan laat kalk in de laesie zien. </li></ul><ul><li>Dit pleit voor de diagnose Rathke cleft cyst. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 13. <ul><li>94. Op een MRI ziet u een suprasellaire laesie en twijfelt u tussen een craniopharyngioom en een Rathke cleft cyst (cyste van het zakje van Rathke). Een aanvullende CT-scan laat kalk in de laesie zien. </li></ul><ul><li>Dit pleit voor de diagnose Rathke cleft cyst. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 14. <ul><li>Rathke’s Cleft cyste: </li></ul><ul><li>Embryologisch achterblijfsel van Rathke’s pouch (rostrale outpouching, ectoderm, 4e wk embryogenesis; voorloper anterior lobe and pars intermedia hypofyse) </li></ul>
  • 15. <ul><li>Rathke’s Cleft cyste: </li></ul><ul><li>intra- + suprasellair 70%; volledig intrasellair 20% </li></ul><ul><li>Hypodens CT, geen / mogelijk randaankleuring </li></ul><ul><li>DD: </li></ul><ul><li>Craniopharyngioom </li></ul><ul><li>Cystic adenoom, arachnoid / epidermoid cyste </li></ul>
  • 16. <ul><li>Craniopharyngeoom: </li></ul><ul><li>Benigne, vanuit plaveisel epitheel langs Rathke’s duct / pouch. </li></ul><ul><li>Meest voorkomende tumor suprasellaire cisterne </li></ul><ul><li>7% supra- + intrasellair; compleet intrasellair zeldzaam </li></ul><ul><li>Cysteuze massa + murale nodule </li></ul><ul><li>Calcificatie (90% kinderen; 50% volwassen) </li></ul><ul><li>Solide / nodulaire aankleuring </li></ul>
  • 17.  
  • 18.  
  • 19.  
  • 20. <ul><li>95. De musculus tensor tympani hecht aan op de incus. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 21. <ul><li>95. De musculus tensor tympani hecht aan op de incus. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 22. m. Tensor tympani m. stapedius n. Tensor tympani (n. mandibularis / trigeminus) n. facialis Trommelvlies / malleus stapediusreflex (minder gevoelig gehoorsysteem)
  • 23. <ul><li>97. Een osteoom van de sinus frontalis is op T2-gewogen MRI opnamen moeilijk te detecteren. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 24. <ul><li>97. Een osteoom van de sinus frontalis is op T2-gewogen MRI opnamen moeilijk te detecteren. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 25. <ul><li>Osteoom: </li></ul><ul><li>Benigne </li></ul><ul><li>Vaak asymptomatisch </li></ul><ul><li>Klachten: hoofdpijn / sinusitis </li></ul><ul><li>Associatie Gardner Syndroom (autosom.dom., polyposis colon, weke delen tumoren: inclusie cysten, desmoids, fibrose) </li></ul><ul><li>Meestal sinus frontalis (etmoid, schedel) </li></ul><ul><li>CT Hyperdense botmassa, rond of gelobuleerd, goed omschreven </li></ul><ul><li>Dense bot component vaak onzichtbaar op MRI </li></ul>
  • 26.  
  • 27. <ul><li>99. De lymfklierstations in de hals worden verdeeld in 7 niveaus . </li></ul><ul><li>Niveau 3 omvat de lymfklieren langs de vena jugularis tussen het hyoid en het cricoid. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 28. <ul><li>99. De lymfklierstations in de hals worden verdeeld in 7 niveaus . </li></ul><ul><li>Niveau 3 omvat de lymfklieren langs de vena jugularis tussen het hyoid en het cricoid. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 29. <ul><li>Lymfeklierstations levels: </li></ul><ul><li>I: submentaal en submandibulair (tot hyoid) </li></ul><ul><li>II: hoog jugulair (schedelbasis tot hyoid) </li></ul><ul><li>III: mid jugulair (hyoid tot cricoid) </li></ul><ul><li>IV: laag jugulair (cricoid tot clavicula) </li></ul><ul><li>V: posterior triangle (ant. rand trapezius – post rand SCM – clavicula) </li></ul><ul><li>VI: visceraal (tussen carotiden - hyoid – manubrium) </li></ul><ul><li>VII: (manubrium – mediastinum superius) </li></ul>
  • 30. <ul><li>100. De a priori kans dat een tumor van de glandula parotis goedaardig is, bedraagt ongeveer 80%. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 31. <ul><li>100. De a priori kans dat een tumor van de glandula parotis goedaardig is, bedraagt ongeveer 80%. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 32. <ul><li>Parotis tumor: </li></ul><ul><li>80% benigne </li></ul><ul><ul><li>70% pleimorf adenoom </li></ul></ul><ul><ul><li>5% papillair cystadenoom lymphomatosum </li></ul></ul><ul><ul><li>Zeldzaam: Hemangioom, oncocytoom, adenoom </li></ul></ul><ul><li>20% maligne </li></ul><ul><ul><li>Mucoepidermoid ca 5%, ca van pleimorf adenoom 5%, adenoid cystic ca 2%, adenoca 4%, PCC 2%, oncocytic ca 1% </li></ul></ul>
  • 33. <ul><li>Pleimorf adenoom: </li></ul><ul><li>goed omschreven </li></ul><ul><li>Ingekapseld </li></ul><ul><li>80% oppervlakkig posterior lokatie </li></ul><ul><li>Echo hypoechoisch </li></ul><ul><li>CT matige aankleuring </li></ul><ul><li>MRI: T1 hypo, T2 hyper moderate </li></ul><ul><li>Calcificatie is suggestief voor pleimorf adenoom </li></ul><ul><li>5% maligne transformatie </li></ul><ul><li>Maligne: </li></ul><ul><li>Necrose, invasief, lymfkliermetastasen </li></ul>
  • 34. <ul><li>101. De plexus brachialis verloopt tussen de musculus scalenus anterior en musculus scalenus medius. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 35. <ul><li>101. De plexus brachialis verloopt tussen de musculus scalenus anterior en musculus scalenus medius. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 36.  
  • 37.  
  • 38. Thoracic outlet syndrrom <ul><li>beknelling van de zenuwbanen en/of bloedvaten in schoudergebied </li></ul><ul><li>M. scalenus anterior en medius : Spieren te kort en hypertoon. Extra halsrib kan icm m. scalenus anterior een beknelling geven van de plexus: Oprekken, mobilisatie costa 1 en 2. Zeldzaam klieven. </li></ul><ul><li>costa 1 en clavicula : Mobilisatie / resectie costa 1. </li></ul><ul><li>m. pectoralis minor en thorax : spier te kort en hypertoon: oprekken. </li></ul>
  • 39. <ul><li>102. Carotico-caverneuze fistels in de sinus cavernosus zijn geassocieerd met een gedilateerde vena opthalmica superior. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 40. <ul><li>102. Carotico-caverneuze fistels in de sinus cavernosus zijn geassocieerd met een gedilateerde vena opthalmica superior. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  • 41. Ned Tijdschr Geneeskd. 1991;135:1322-5 Ballonembolisatie van een grote carotico-caverneuze fistel J.P.J. van Schaik, C.A.F. Tulleken, A.C. van Huffelen, W.P.Th.M. Mali, J.P. ter Bruggen en L.M.P. Ramos <ul><li>‘ high flow’– en ‘low flow’-carotico-caverneuze fistels. </li></ul><ul><li>high flow: directe verbinding carotis-sifon en sinus cavernosus door een scheur in de arteriewand. Deze fistels treden meestal op door een schedeltrauma, soms spontaan (door ruptuur van een intracaverneus gelegen aneurysma van de carotis-sifon). Behandeling dmv ballonembolisatie </li></ul><ul><li>low flow fistels: treden meestal spontaan: zeer veel kleine, in de dura gelegen bloedvaten, die de arteriën met de sinus cavernosus verbinden: ‘durale arterioveneuze malformaties’ genoemd. Ze zijn niet toegankelijk voor ballonembolisatie. </li></ul><ul><li>Omdat de arteriële bloeddruk van de A. carotis zich via de fistel voortplant naar het veneuze systeem, komen de op de sinus cavernosus aangesloten venen onder arteriële druk te staan (onder andere de V. ophthalmica superior, de sinus sphenoparietalis en de sinus petrosus superior en inferior). De aldus ontstane veneuze hypertensie geeft aanleiding tot een scala van klinische verschijnselen, mede afhankelijk van de anatomische configuratie van de desbetreffende venen. </li></ul><ul><li>veneuze drainage voornamelijk naar ventraal: vooral stuwing orbitale veneuze systeem; oogverschijnselen belangrijk: dilatatie van orbitale venen, chemosis, pulserende exophthalmus, vermindering van de visus (slechts bij patiënten met zeer kort durende stuwing is deze reversibel – bij onze patiënt niet), dubbelzien en glaucoom. </li></ul><ul><li>afvloed voornamelijk naar dorsaal plaatsvindt, vooral stuwing venen rotsbeenregio en eventueel van de venen van de hersenschors ter plaatse op. Dan zijn gehoorstoornissen belangrijk: subjectief geruis en gehoorverlies. Vaak bestaat het klinisch beeld uit een combinatie van deze verschijnselen. </li></ul>
  • 42.  
  • 43. 180. Het pijltje staat bij de processus uncinatus. A Juist B Onjuist C Weet niet
  • 44. 180. Het pijltje staat bij de processus uncinatus. A Juist B Onjuist C Weet niet
  • 45. Concha media Concha superior E M Concha inferior
  • 46. infundibulum Processus uncinatus

×