L31 natuur in_nl_vera

977 views
837 views

Published on

Bekijk de presentatie van Frans Vera's lezing "Natuur in Nederland: kunnen we het maken?". Deze lezing hield hij op de NIBI-onderwijsconferentie 2011.

Published in: Travel, Entertainment & Humor
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
977
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
4
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

L31 natuur in_nl_vera

  1. 1. Frans Vera Natuur; Kunnen we het maken? Foto Bart Vermeulen
  2. 2. <ul><li>Veranderingen in de natuur </li></ul><ul><li>Wat heeft dat met ons gedaan? </li></ul><ul><li>Het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten </li></ul><ul><li>De gevolgen van dat syndroom </li></ul><ul><li>De Oostvaardersplassen, hernieuwing van de ijkpunten? </li></ul><ul><li>Wat ons in de weg zit; onze eigen natuur </li></ul>Natuur; Kunnen we het maken?
  3. 3. Het lied van de Dodo David Quammen
  4. 5. In Europa stierven soorten uit Het gilde van de echte grazers Oerrund in 1627 Tarpan in 1887 Lage aantallen van herten door jacht en stroperij
  5. 6. tijd jager verzamelaar oer ijzertijd oer steentijd oer Mate en intensiteit ingrijpen mens overal oer middeleeuwen oer heden oer ? ? ? ? ?
  6. 7. Door ontginningen geen ongerepte natuur meer over Ouderwets agrarisch landschap wordt ijkpunt voor de natuur
  7. 9. Het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten Daniel Pauly, 1996
  8. 10. Het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten treedt op als: <ul><li>Niemand weet hoe de natuur er oorspronkelijk uitzag; </li></ul><ul><li>De hele omgeving langzaam, geleidelijk en daardoor moeilijk waar te nemen verandert; </li></ul><ul><li>Iedere nieuwe generatie op basis van de eigen ervaring bepaalt wat natuur en natuurlijk is. </li></ul>
  9. 11. <ul><li>Elke nieuwe generatie beschouwt de omgeving met wilde planten- en diersoorten uit zijn jeugd als natuur; </li></ul><ul><li>De standaard voor natuur wordt daardoor voortdurend wordt verlaagd; </li></ul><ul><li>Een gedegradeerde toestand van de natuur normaal wordt gevonden. </li></ul>Het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten veroorzaakt:
  10. 12. De gevolgen van het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten zijn: <ul><li>Iedereen wordt heel verdraagzaam voor een kruipend verlies aan natuur, want wat over is wordt weer als natuur beschouwd; </li></ul><ul><li>Er ontstaat een enorm emotioneel obstakel om verwachtingen en doelen voor de natuurbescherming bij te stellen. </li></ul>
  11. 13. Von Cotta 1816: als de mens Duitsland zou verlaten zou het in 100 jaar helemaal met bos begroeid zijn. Clements 1916: De successietheorie
  12. 15. Het bos als ijkpunt voor de “ongerepte” natuur Het oerwoud van Bialowieza
  13. 16. Het bos als natuur wordt een enorme emotioneel obstakel Heinz Ellenberg (1986): “Midden Europa zou een eentonig bebost landschap zijn geweest, als de mens niet het kleurrijke mozaïek van akkers, heiden, hooilanden en weiden had gemaakt.”
  14. 17. Het uitsterven van het Oerrund in 1627
  15. 18. en het Syndroom van de Verschuivende IJkpunten Het uitsterven van het Oerrund in 1627
  16. 19. Het uitsterven van het Oerrund in 1627 <ul><li>Pas in 1827 werd het Oerrund wetenschappelijk beschreven als een soort, maar die 15.000 jaar geleden zou zijn uitgestorven; </li></ul><ul><li>Pas in 1887 werd uit historische bronnen bekend dat het tot in historische tijden in Europa leefde; </li></ul><ul><li>Pas in 1927 werd het erkend als de wilde voorouder van het huisrund; </li></ul><ul><li>Toen was het ijkpunt voor het huisrund al verschoven naar dat het een niet inheemse soort was en daarom niet in de natuur thuishoorde; </li></ul><ul><li>Daardoor was het ijkpunt voor grasland al verschoven naar dat het een door de mens met zijn vee gemaakt biotoop was, dat van nature niet voorkwam, want toen was er bos. </li></ul>
  17. 20. Het paradigma in Europa: Grote, planteneters volgen de successie van de begroeiing Alle inheemse wilde hoefdieren werden tot bosdieren gebombardeerd Foto Frans Vera
  18. 21. Photo Frans Vera De natuurlijke dichtheid is de dichtheid die de verjonging van het bos niet verhinderd
  19. 22. Het ijkpunt bos voor de ongerepte natuur is geconstrueerd door op voorhand de invloed van grote planteneters uit te sluiten. Cirkel redenering
  20. 23. Overal in Europa waren bosweiden
  21. 24. Huisrunderen verhinderden de verjonging van bomen in het bos; Huisrunderen horen niet in de natuur thuis, want ze zijn door de mens ingevoerd; Daarom:
  22. 25. Het Nationale Park Dalby Söderskog, Zuid Zweden Nationale Park Bosweide
  23. 26. Bosweide veranderde in gesloten bos
  24. 27. Verdeling diameterklassen per boomsoort
  25. 28. Stormvlakten
  26. 29. Alle lichtbehoeftige plantensoorten verdwijnen
  27. 30. Geen lichtbehoeftige soorten is niet in overeenstemming met pollen data die als gesloten bos zijn geïnterpreteerd. ?
  28. 31. Natuurbescherming leidt tot een enorm verlies aan soorten
  29. 32. Terug naar de bosweide
  30. 33. Borkener Paradise
  31. 34. Sleedoorn in grasland
  32. 35. Eik in sleedoorn
  33. 36. De gaai
  34. 37. S l eedoorn beschermt hazel aar
  35. 38. Boomklever
  36. 39. Stekelige meidoorns ; een natuurlijk raster om een eik
  37. 40. Mantel en zoomvegetatie
  38. 41. Bomen opkomend uit mantel
  39. 42. Een bosschage gevormd
  40. 43. Bosschages omgeven door mantel- en zoomvegetatie
  41. 44. Retrogressieve successie
  42. 45. Doornstruiken verschijnen opnieuw
  43. 46. In bosweiden verjongen alle soorten bomen en struiken zich in aanwezigheid van grote herbivoren
  44. 47. Oerrund Het huisrund in de bosweide; Inheemse vervanger van zijn uitgestorven voorouder De bosweide; het meest nabije, moderne analogie van het natuurlijke ecosysteem Domesticatie Huisrund
  45. 48. Meidoorn en sleedoorn worden door insecten bestoven
  46. 49. Hoe intensiever de begrazing, des te lager de productie niet-boompollen
  47. 51. Correlatie tussen openheid landschap en niet-boompollen J.P.Struik, University of Amsterdam (unpublished data 2000) 0 20 40 60 80 100 Aandeel niet-boompollen (%) Openheid bemonsterde gebied (%) Correlatie is laag en niet significant ( r= -0.038, P>0.5 ) Er is geen lineair verband percentage Niet-Boompollen en mate van openheid van het landschap 20 40 60 10 30 50
  48. 52. Herkauwer Ree Edelhert Oerrund (uitgestorven) Wilde runderen als plaatsvervanger Tarpan (uitgestorven) Wilde paarden als plaatsvervanger Wild zwijn Snoeiers Wisselende vreters Echte grazers Eland wisent Non-ruminants
  49. 53. Snoeiers Wisselende vreters Echte grazers Iedere soort Heeft een kenmerkend effect Op de begroeiing Non-ruminants
  50. 54. Wilde hoefdieren scheppen gezamenlijk een afwisselend, soortenrijk parkachtig landschap F.W.M. Vera; De Bosweide Theorie Foto Frans Vera
  51. 55. De natuurlijke vegetatie; een parkachtig landschap dat in stand blijft door een niet-lineaire, cyclische successie, gestuurd door wilde, grote herbivoren Foto Frans Vera <ul><li>open begraasd grasland; </li></ul><ul><li>doornige struiken vestigen zich; </li></ul><ul><li>struiken blijven solitair of vormen struwelen; </li></ul><ul><li>zaailingen van bomen groeien op, beschermd door doornige struiken; </li></ul><ul><li>solitaire in openheid opgegroeide bomen ontstaan, of bosschage worden gevormd; </li></ul><ul><li>bomen sterven, bosschages veranderen in open grasland; </li></ul><ul><li>doornige struiken vestigen zich opnieuw in open grasland. </li></ul>
  52. 56. Geertgen tot Sint Jans 1455/1465-1485/1495
  53. 57. Jacob van Ruysdael, 1628-1682
  54. 58. Barend Cornelis Koekkoek, 1803-1862
  55. 60. De bosweide; De meest nabije moderne analogie van de natuur met grote, wilde planteneters
  56. 61. De bosweide; De meest nabije moderne analogie van de natuur met grote, wilde planteneters
  57. 62. Het bos; Een catastrofale shift naar een nieuwe stabiele toestand, nadat de grote, wilde planteneters zijn verwijderd De bosweide; De meest nabije moderne analogie van de natuur met grote, wilde planteneters
  58. 63. De Oostvaardersplassen Foto Frans Vera
  59. 64. De Oostvaardersplassen, in the polder Zuid-Flevoland, Drooggelegd in 1968
  60. 65. Totale oppervlakte 6000 ha Rode lijn: kade Witte lijn: grens natuurreservaat Moerassige deel: 3600 ha Doge deel: 2400 ha
  61. 66. Ruiende Grauwe ganzen Foto Frits van Daalen
  62. 67. Grazende Grauwe ganzen Foto Vincent Wigbels
  63. 68. Wisselende waterstanden Foto Frans Vera
  64. 69. De ontdekking: Grazers sturen de ontwikkeling van de begroeiing Foto Vincent Wigbels
  65. 70. Baardman Foto Ruben Smit
  66. 71. Lepelaar Foto Ruben Smit
  67. 72. Grote zilverreiger Foto Ruben Smit
  68. 73. Zeearend Sinds 2006 1 broedpaar Foto Ruben Smit
  69. 74. Het komplete leefgebied van de Grauwe gans; Moeras en grasland Foto Frits van Daalen
  70. 75. Echte grazers zoals Oerrund en Tarpan schiepen graslanden
  71. 76. Oerrund en Tarpan zijn uitgestorven
  72. 77. Heckrunderen en koniks als inheemse, functionele plaatsvervangers Foto Frans Vera
  73. 78. Jaar-rond begrazing Foto Frans Vera
  74. 79. Foto Ruben Smit Intensief begraasd tijdens het groeiseizoen
  75. 80. Intensief begraasd tijdens het groeiseizoen Foto Vincent Wigbels
  76. 81. Niet of nauwelijks begraasd tijdens groeiseizoen Foto Frans Vera
  77. 82. Gote zilverreiger Foto Ruben Smit
  78. 83. De draagkracht van een natuurgebied; Het aantal dieren aan het einde van de winter. Foto Vincent Wigbels
  79. 84. Dieren worden mager. Protesten; ze verhongeren Foto Hans Breeveld Het syndroom van de verschuivende ijkpunten
  80. 85. Foto Hans Breeveld Relatie vet en vruchtbaarheid
  81. 86. Relatie vet en vruchtbaarheid
  82. 88. Dit wordt normaal gevonden
  83. 89. Prijs winnende dochtergroep Holstein-Frisian Dit wordt ook normaal gevonden
  84. 91. Foto Frans Vera
  85. 92. De Wolf De kritiek: grote roofdieren ontbreken
  86. 93. De Serengeti; 2.4 miljoen hectare
  87. 94. Dichtheid roofdieren:1 Leeuw per 1000 ha 1 Gevlekte hyena 300 ha
  88. 96. <ul><li>25% van de Gnoes gedood door grote roofdieren; </li></ul><ul><li>6% van gestorven Gnoes waren in een slechte conditie en gedood door grote predatoren; </li></ul><ul><li>75% van de Gnoes stierven door ondervoeding. </li></ul><ul><li>De hoeveelheid voedsel reguleert het aantal grote hoefdieren </li></ul>Een gemiddelde sterfte van 30% leidt tot een evenwicht in de populatie
  89. 97. De aantallen worden gereguleerd door de hoeveelheid voedsel Foto Hans Breeveld
  90. 98. Dieren die binnen een week zullen sterven door gebrek aan voedsel, worden afgeschoten Foto Frans Vera
  91. 99. Hoeveel dieren overleven de winter? Foto Frans Vera
  92. 100. % winteroverleving Heckrund, konik en edelhert Aantallen per 24-3-2010; Heckrund : 266; K onik : 876; Edelhert : 1514 Jaar 004 005 006 007 008 009 010 Hr 93 66 68 81 91 75 66 Ko 86 86 81 76 85 80 75 Ed 92 78 85 87 90 75 71
  93. 101. % winteroverleving Heckrund, konik en edelhert Aantallen per 24-3-2010; Heckrund : 266; K onik : 876; Edelhert : 1514 Jaar 004 005 006 007 008 009 010 Hr 93 66 68 81 91 75 66 Ko 86 86 81 76 85 80 75 Ed 92 78 85 87 90 75 71
  94. 102. Dode dieren blijven achter in het gebied Foto Ruben Smit
  95. 103. Foto Vincent Wigbels Voedsel voor aaseters, zoals de zeearend
  96. 104. Minder intensief begraasde delen Foto Frans Vera
  97. 105. Foto Frans Vera Sleedoorn
  98. 106. Meidoorn beschermt boom Foto Frans Vera
  99. 107. Bomen vestigen zich spontaan in aanwezigheid van hele hoge dichtheden grazers Iep Iep Eik Sleedoorn Sleedoorn
  100. 108. In doornstruiken groeien bomen zelfs op als er tot 3 edelherten per ha in de winter zijn Foto Frans Vera Bomen verjongen zich wel bij hele hoge aantallen hoefdieren
  101. 109. In de natuur zorgen wilde, grote planteneters voor het voortbestaan van de natuur. Foto Ruben Smit Wat zit ons in de weg?
  102. 110. Dit landschap
  103. 111. En onze natuur; Verliesmijdend gedrag Verlies doet meer pijn dan winst goed doet De Prospect Theory, 1979, Daniel Kahneman
  104. 112. Het verlies van wat er is weegt zwaarder dan de winst die het alternatief kan opleveren Als je een alternatief voorlegt, worden winst en verlies afgewogen tegen een bepaald ijkpunt; Dat ijkpunt is meestal de bestaande situatie. Daniel Kahneman
  105. 113. De zekerheid van verlies wordt ontlopen door er op te gokken dat het niet optreedt, ook als men weet dat als het verlies optreedt, het veel groter zal zijn Daniel Kahneman
  106. 114. De kans dat ergens voor het alternatief van dit landschap wordt gekozen, wordt groter als het alternatief ergens te ervaren is Daniel Kahneman Daniel Kahneman
  107. 115. De kans dat voor dit alternatief wordt gekozen, wordt groter als het te ervaren is Daniel Kahneman
  108. 116. Natuur, kunnen we het maken? Foto Ruben Smit Dank u voor uw aandacht Met dank aan de fotografen: Hans Breeveld, Dick de Bruin, Frits van Daalen, Ruben Smit, Frans Vera en Joep van de Vlasakker

×