College 2Familiegeschiedenis      2 februari 2012
Wat gaan we doen?• De stand van zaken bespreken• De vorm van je verhaal• Research doen, hoe pak je dan aan?
De vorm• Er bestaat geen vaste vorm• Welk verhaal wil jij nu eigenlijk vertellen?• Kom tot de kern: vertel het aan een  vr...
Wie vertelt het        verhaal?• Jijzelf, in de ik-vorm• Een van de personages, in de ik-vorm• Een onafhankelijke vertelle...
Vanuit welke tijd?• Verhaal begint in het verleden - hoeft niet  per se helemaal chronologisch• Vanuit heden terugblikken ...
Altijd roomboter• Nelleke Noordervliet, ‘Altijd roomboter’• gebruikt ik-vorm• wisselt fictie en non-fictie af• vertelt er we...
Asta’s ogen• Eveline Stoel, ‘Asta’s ogen’• Onafhankelijke verteller, ‘camera  registreert’• Een personage staat centraal: ...
De vader, de moeder      en de tijd• Marijke Hilhorst, ‘De vader, de moeder en  de tijd’• Afwisselend in de ‘ik-vorm’ én a...
Research doen• Weet wat je wilt weten: formuleer je  vragen en deelvragen zo precies mogelijk.• Hou die vragen steeds bij ...
Waar?• Boeken: sneeuwbalmethode• Tijdschriften, kranten: bibliotheek,  persmuseum (Zeeburgerkade)• Musea (bijvoorbeeld Mus...
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

College 2 - Familiegeschiedenis

184
-1

Published on

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
184
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • \n
  • College 2 - Familiegeschiedenis

    1. 1. College 2Familiegeschiedenis 2 februari 2012
    2. 2. Wat gaan we doen?• De stand van zaken bespreken• De vorm van je verhaal• Research doen, hoe pak je dan aan?
    3. 3. De vorm• Er bestaat geen vaste vorm• Welk verhaal wil jij nu eigenlijk vertellen?• Kom tot de kern: vertel het aan een vreemde
    4. 4. Wie vertelt het verhaal?• Jijzelf, in de ik-vorm• Een van de personages, in de ik-vorm• Een onafhankelijke verteller, die als ‘camera’ gebeurtenissen registreert
    5. 5. Vanuit welke tijd?• Verhaal begint in het verleden - hoeft niet per se helemaal chronologisch• Vanuit heden terugblikken naar verleden• Heden en verleden afwisselen
    6. 6. Altijd roomboter• Nelleke Noordervliet, ‘Altijd roomboter’• gebruikt ik-vorm• wisselt fictie en non-fictie af• vertelt er wel steeds bij wanneer ze dat doet• Verhaal verloopt chronologisch
    7. 7. Asta’s ogen• Eveline Stoel, ‘Asta’s ogen’• Onafhankelijke verteller, ‘camera registreert’• Een personage staat centraal: Asta• Grotendeels chronologisch• Nadeel: je moet het hele verhaal vertellen
    8. 8. De vader, de moeder en de tijd• Marijke Hilhorst, ‘De vader, de moeder en de tijd’• Afwisselend in de ‘ik-vorm’ én als onafhankelijk verteller• Heden en verleden wisselen elkaar af, in korte scènes• Voordeel: niet het hele verhaal vertellen
    9. 9. Research doen• Weet wat je wilt weten: formuleer je vragen en deelvragen zo precies mogelijk.• Hou die vragen steeds bij de hand• Noteer je bevindingen (óók de vindplaats),• Trek tussentijdse conclusies• Bedenk je vragen voor de volgende keer
    10. 10. Waar?• Boeken: sneeuwbalmethode• Tijdschriften, kranten: bibliotheek, persmuseum (Zeeburgerkade)• Musea (bijvoorbeeld Museum van de Twintigste Eeuw, Hoorn)• Websites; let op betrouwbaarheid• Persoonlijke documenten: brieven, dagboek
    1. A particular slide catching your eye?

      Clipping is a handy way to collect important slides you want to go back to later.

    ×