• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
The Seventh Wave Varende Coaching
 

The Seventh Wave Varende Coaching

on

  • 1,909 views

Afstudeerscriptie Frans Tobi Coaching Counseling

Afstudeerscriptie Frans Tobi Coaching Counseling
Europees Instituut

Statistics

Views

Total Views
1,909
Views on SlideShare
1,905
Embed Views
4

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

1 Embed 4

http://www.lmodules.com 4

Accessibility

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    The Seventh Wave Varende Coaching The Seventh Wave Varende Coaching Document Transcript

    • THE SEVENTH-WAVE – COACHING IN BEWEGING AFSTUDEERSCRIPTIE COACHING COUNSELING EUROPEES INSTITUUT F.C. TOBI, JULI 2008 Seventh Wave Varende Coaching; de Kunst van het Navigeren, toegepast op het dagelijks leven. Humor, Paradox, Vrije expressie 1
    • INHOUDSOPGAVE INLEIDING ………………………………………………………….….3 AANLEIDING……………………………………………………….….5 VRAAGSTELLING…………………………………………………….8 WAT IS NAVIGEREN?...................................................................9 VAN NAVIGEREN NAAR EFFECTIEF FUNCTIONEREN………16 THEORETISCH KADER……………………………………………...21 De Leerdimensie………………………………………………..21 De Ondersteunende dimensie………………………………...26 De Actiedimensie……………………………………………….29 Uitstapje groepsdynamica……………………………………..29 EN NU DE PRAKTIJK………………………………………………...32 De Voorbereiding; het Navigatieplan…………………………33 De Uitvoering; plan je vaart, vaar je plan…………………….35 CASUÏSTIEK…………………………………………………………..37 Casus 1: Karin…………………………………………………..37 Casus 2: Coen en Sanne………………………………………41 Casus 3: Janita………………………………………………….46 2
    • INLEIDING ‘They come in a series of seven. The Seventh Wave is big enough to take us out beyond the point of return…’ Henri Charriere – Papillion Tegen beter weten in weigert Papillion te berusten in zijn lot; de rest van zijn leven te slijten als gevangene op Ile Diable, Duivelseiland, vanwaar geen ontsnappen mogelijk lijkt omdat de golven alles wat zich van het eiland probeert los te maken met niets ontziende kracht terugsmakken tegen de rotswand ver beneden hem. De laatste twaalf jaar is ontsnappen zijn obsessie geworden, terug naar die vrijheid die hem zo bruut en plotseling ontnomen werd. Wat is dat, vrijheid? Papillion weet het niet meer, maar de gedachte aan ontsnappen is het doel op zich geworden, een gedachte die hem dag in dag uit bezielde en in leven hield, die hem de oerkracht gaf om nooit op te geven en maanden van eenzame opsluiting te overleven. Al zijn eerdere pogingen zijn gestrand; geweld en omkoperij brachten hem slechts meer straf en martelingen en verlenging van zijn straf tot levenslang. De waanzin nabij, bestudeert Papillion de golven beneden hem, instinctief aanvoelend dat de oplossing besloten moet liggen in het probleem en dat er nog hoop is zolang hij leeft. En dan ontdekt hij het grote geheim; het patroon van de natuur… De Zevende Golf is hoger en voert weg van het eiland in plaats van terug te smakken tegen de rotswand. Door zich niet langer te verzetten tegen een systeem waar niet van valt te winnen, vast te houden aan zijn doel en alert te blijven op zijn omgeving, herwint Papillion uiteindelijk zijn vrijheid door gebruik te maken van de immer werkzame krachten van de natuur. Op een geïmproviseerd vlot van kokosnoten laat Papi zich meedrijven op de stroom; weg van Duivelseiland, de vrijheid tegemoet… ‘Wij hebben vaak geen controle over situaties die ons overkomen, wel hebben wij controle over hoe wij omgaan met situaties waar wij geen controle over hebben’ (Wils). Gaan we bij de pakken neerzitten en ‘berusten in ons lot’ of gaan we er, gelouterd door onze ervaringen, vol bezieling tegenaan om onze dromen te verwezenlijken? Hoe willen we leven, als slachtoffer van de omstandigheden? Of als krijger, strijdend voor onze innerlijke vrijheid en om onze dromen te realiseren, ondanks, of juist dankzij, onze omstandigheden? Dat is onze keuze in dit leven… Ieders uitdaging in dit leven je eigen zevende golf te vinden. Elke golf wordt voorafgegaan en gevolgd door een dal. De kunst is om je hierdoor niet uit het veld te laten slaan, maar dit te accepteren als deel van het leven, want immers, zonder dal geen golf… Om vervolgens te visualiseren wat we onszelf toewensen en geduldig, alert onze omgeving in de gaten 3
    • houdend, onze kans af te wachten om die te pakken zodra die zich voordoet om onze zevende golf te bestijgen, die ons zal brengen waar we zijn willen. Om dan, niet overmoedig maar dankbaar, te genieten van de rit en het uitzicht, terwijl we immer alert blijven op de omgeving, in balans blijven, en tijdig kleine koerscorrecties uitvoeren om ‘on top’ te blijven. En als we dan onverhoopt toch weer dat dal inglijden, en hoe hoger de golf, hoe dieper het dal, niet wanhopen maar bereid zijn de les te leren die in elke tegenslag verweven zit, alert blijven, visualiseren en wederom onze kans afwachten. In de wetenschap dat we vroeg of laat weer een kans zullen krijgen en die gelijk zullen aanpakken, we hebben onze zevende golf immers gezien, we weten dat hij bestaat! En we zullen hem herkennen als hij eraan komt, en hij komt altijd weer terug, misschien juist daar waar we hem het minst verwachten… Vandaar de inspiratie voor deze scriptie. Vandaar de inspiratie voor The Seventh Wave Coaching and Counseling. Find your Seventh Wave, stay on top and Ride it! Keep Alert, maintain your Balance and Enjoy the Ride… 4
    • AANLEIDING De laatste zeven jaren hebben zich voor mij gekenmerkt door een reeks ingrijpende gebeurtenissen. En geleidelijk aan ben ik deze gebeurtenissen, en mijn hele leven daarvoor, in een ander licht gaan zien. En geleidelijk aan ben ik tot het inzicht gekomen dat de meest heftige gebeurtenissen achteraf de meest waardevolle voor mij waren; het lijkt wel of de meest zinloze gebeurtenissen de meeste zin aan mijn leven hebben gegeven. Het heeft mij gemaakt van Doler tot Zoeker; de automatische piloot is eraf en ik sta bewuster in het leven; sta meer open voor zaken die ‘op mijn pad’ komen. Als ik ergens iets mee doe is het dus niet toevallig geweest; als ik ergens niets mee doe is het toevallig en zinloos geweest. Zin geven doen we zelf… of niet. Ik ben op zoek, op zoek om te worden wie ik ben. De dualiteit van het leven ben ik gaan waarderen en respecteren, en ik tuimel nog regelmatig in de diepste valkuil die hierbij hoort. Want het zoeken moet geen obsessie worden, geen krampachtige vluchtpoging om weg te komen uit een ongewenste situatie. Want dan bereik ik het tegendeel. Hoe krampachtiger ik zoek naar zingeving, hoe meer zinloosheid ik tegenkom. Hoe krampachtiger ik zoek naar rust en harmonie, hoe meer chaos en strijd ik tegenkom. En dit zijn pijnlijke lessen, die zoals alle lessen, worden herhaald totdat ze geleerd zijn. En dan het verschil tussen een les leren, een les begrijpen en een les in mijn leven toepassen… Idealiter zou het zoeken moeten gebeuren vanuit een soort ‘emotioneel nulpunt’, waarin we afstand kunnen nemen van beklemmende gedachten en gevoelens, en onbevangen en neutraal in het hier en nu aanwezig kunnen zijn. Vanuit dit hier en nu, alert blijvend op de signalen die het leven ons geeft, kunnen we op het verleden reflecteren en geleerde lessen interpreteren om van daaruit de toekomst te visualiseren zoals we graag zouden willen dat die eruit komt te zien. Bovenstaande paste ik - eigenlijk onbewust - jarenlang toe als navigator aan boord van het Orion patrouillevliegtuig bij de marine luchtvaartdienst. Navigeren is de ultieme combinatie van reflecteren op en leren van ervaringen uit het verleden, doelgericht zijn met de volle aandacht op het hier en nu, alert zijn op de omgeving, en vanuit dat hier en nu flexibel en ontspannen inspelen op mogelijke onvoorziene omstandigheden, het einddoel niet uit het oog verliezend... Want een navigator stelt zich een doel om op reis te gaan, maar eigenlijk gaat het om de reis daarnaartoe... Gaandeweg de opleiding werd ik mij meer en meer bewust hoe de ‘kunst van het navigeren’ eigenlijk op het hele leven van toepassing is; ik vond herkenning en inspiratie in de colleges over de synchroniciteit van Jung, het paradoxaal denken van Friedlander, het voorgrond- achtergrond bewustzijn van Perls, rationeel-emotief zowel als oplossingsgericht denken, NLP. 5
    • Na de sluiting van vliegkamp Valkenburg kwam ik terecht als psychologisch medewerker bij Psychologisch Advies & Selectie (PAS) in Amsterdam, waar het grootste deel van het werk bestond uit psychologisch onderzoek; het voeren van levensloopgesprekken met sollicitanten bij Defensie, veelal jonge schoolverlaters. Centraal in deze gesprekken staat; wat hebben zij meegemaakt en hoe zijn zij hiermee omgegaan (inzicht in ‘coping gedrag’). De vier jaren bij PAS hebben mij de volgende inzichten opgeleverd: - Mensen worden gevormd door wat ze meemaken; - Het verleden is een goede voorspeller voor de toekomst; - Mensen zijn vaak sterker en veerkrachtiger dan ze zelf denken; mensen die veel ellende hebben meegemaakt maar deze zaken in perspectief kunnen plaatsen, hebben veelal een gevoel van controle over hun leven. Zij voelen zich gesterkt door wat ze hebben meegemaakt en staan positiever, energieker, in het leven. - Grootste categorie afvallers: de slachtoffers; ‘het leven overkomt mij’…; zij ervaren gebeurtenissen die hen zijn overkomen als zinloos en het leven als oneerlijk. Zij leggen oorzaken en gevolgen van eigen handelen buiten zichzelf neer en voelen zich dan ook ‘extra gestraft’ als zij ‘door wat hen is overkomen’ ook nog eens worden afgewezen voor een baan bij Defensie. Bij mij steeg gaandeweg de overtuiging van het belang van en geloof in de spreuk “anything that doesn’t kill you, makes you stronger”; gebeurtenissen zijn slechts dan zinloos als wij weigeren om er zin aan te geven; zin geven doen we zelf. Als we bereid zijn tegenslagen in het verleden in perspectief te plaatsen en als lessen te zien in plaats van ‘straffen’, wordt het leven een stuk interessanter, als een soort ‘zelfleggende puzzel’, die ons uiteindelijk zal tonen ‘waartoe wij op aarde zijn’… Naast navigator ben ik een generalist en een idealist. Ik weet van veel een klein beetje en van niets alles. Ik zoek graag grote verbanden, grote gemeenschappelijke delers. Ik zoek liever niet naar de verschillen tussen opvattingen en stromingen, maar liever naar de overeenkomsten. Ik kijk liever naar wat mensen verenigt dan naar wat hen verdeelt. En zo wil ik ook graag te werk gaan in dit scriptieonderzoek. De niet-dogmatische, eclectische aanpak van het Europees Instituut sprak mij dan ook erg aan. Vele, zeer verschillende en dikwijls schijnbaar tegenstrijdige, stromingen en theorieën werden naast elkaar aangeboden, zonder rangorde of waardeoordelen. Aan ons, de studenten, de vrijheid en de uitdaging om dat eruit te lichten wat ons aanspreekt en dat naast ons neer te leggen wat minder bij ons lijkt te passen. Ook hier zag ik het al snel als mijn uitdaging om niet naar de verschillen te kijken maar naar de overeenkomsten. Wat hebben al 6
    • die stromingen nou met elkaar gemeen? Wat komt telkens terug, zij het wellicht onder een andere naam? Wat is die grootste gemene deler, die algemeen werkzame factor? Jerome Frank (1961, Persuasion and Healing) heeft zich een vergelijkbare vraag gesteld. Hij vroeg zich af wat nou, ongeacht al die stromingen, technieken en theorieën, algemeen werkzame, ‘genezende’ factoren zijn. Na uitvoerig onderzoek kwam hij met de uitwerking van een universele aanpak, op grond van een viertal fundamenteel werkzame factoren: - Hoop uit therapeutische relatie; - Emotionele arousal; - Rationale of mythe: een logische verklaring geeft een gevoel van controle; - Ritueel ter versterking gevoel van eigenwaarde Volgens zijn universele aanpak heeft elk probleem eenzelfde oorsprong, namelijk demoralisatie (het onvermogen met bepaalde problematiek om te gaan). Ik noem het zelf liever onbalans, past beter in mijn verhaal. Het succes van therapie (counseling) wordt volgens Frank slechts voor 15% bepaald door oriëntatiegebonden procedures15%; 40% is een gevolg van deze gemeenschappelijke factoren. Deze gemeenschappelijke factoren zijn onder te verdelen in drie dimensies (Mia Leijsen, 2002) : - Ondersteunende dimensie (is er ruimte voor het verhaal van de cliënt); - Leerdimensie (nieuwe inzichten in probleemsituatie); - Actiedimensie (experimenteren met nieuw gedrag) Naast die grootste gemene deler van diverse behandelde theorieën en stromingen, probeer ik de grootste gemene deler uit mijn leven te ontdekken; waar leidt mijn leven mij naartoe? Waarom heb ik meegemaakt wat ik heb meegemaakt en waar heeft dat mij gebracht? Wil ik dat wel? Wat ga ik daarmee doen? Mijn zoektocht heeft zich tot dusver langs verschillende paden voltrokken. Zo ben ik gaan lezen over Zen en het Tao. Ik ben mij gaan verdiepen in westerse gnostiek en ‘spirituele alchemie’, in de vorm van Vrijmetselarij en Rozenkruisers. Ik ben Aikido gaan beoefenen en met de opleiding aan het Europees Instituut gestart. Verschillende, zeer diverse paden, die allemaal iets, en gaandeweg steeds meer, met elkaar gemeen leken te hebben. En langzaam maar zeker leken deze paden te convergeren, bij elkaar te komen, in een synergetisch punt, ergens in de nabije toekomst… Daarnaast leken deze paden, hoe verschillend ook, een mooie aanvulling op mijn verleden; het varen, het vliegen, het navigeren, het avontuur… 7
    • Hoe nu al die zaken bij elkaar te brengen, om te vinden wat ik zoek, om te worden wie ik ben… … Doe wat bij je past, op een manier die bij je past… … Navigator, Coach… … De Varende Coach! Tot zover de inleiding en de aanleiding, en daarmee de inspiratie voor deze scriptie, een ontwerp voor een ‘navigatie-coaching’ model, dat nader uitgewerkt en geconcretiseerd zal worden in de vorm van varende coaching / counseling. Hier hoop ik toe te komen middels het nader uitwerken van de volgende VRAAGSTELLING - Hoe de Kunst van het Navigeren concreet toe te passen in Coaching Counseling? Alvorens op die vraag in te kunnen gaan, wil ik eerst de volgende vragen behandelen: - Wat is de Kunst van het Navigeren? - Wat zijn de raakvlakken tussen Navigeren en Effectief Functioneren? - Welke stromingen/ theorieën wil ik integreren en op welke wijze kan ik deze toepassen in mijn “Coaching-Navigatieplan”? 8
    • WAT IS NAVIGEREN? Met de komst van de TomTom is navigeren iets vanzelfsprekends geworden, iets wat iedereen kan of denkt te kunnen, zonder ook maar enigszins te beseffen wat voor ingewikkelde processen hiervoor binnenin dat mysterieuze maar o zo handige apparaatje doorlopen worden. We lezen op een schermpje af waar we zitten, we tikken in waar we naartoe willen en de ‘zwarte doos’ doet de rest en wijst ons de weg. Wie kijkt er vandaag de dag nog op een routekaart, om te zien waar we ons bevinden en waar we naartoe willen, om vervolgens te kijken (en visualiseren) welke weg we vervolgens het beste kunnen nemen om daar uit te komen. Als we dat weer eens zouden doen, zou er een wereld voor ons open gaan. We krijgen weer een beeld van onze omgeving, we gaan ons oriënteren. We zoeken markante punten in het terrein en projecteren onze zichtbare omgeving op de kaart. En we krijgen niet uitsluitend de keuze voorgeschoteld tussen de ‘kortste weg’ of de ‘snelste weg’, maar we kunnen ons een beeld vormen van de ‘leukste weg’ of de ‘mooiste weg’ naar ons doel… En, met de kaart op schoot, blijven we, terwijl we onderweg zijn naar ons doel, ons op elk moment bewust van onze omgeving en hoe die aan ons voorbijtrekt… In de auto kunnen we in het algemeen ook zonder TomTom of wegenkaart nog redelijk uit de voeten, want we volgen gewoon de weg en komen op den duur altijd wel weer een bord tegen dat ons aanwijzingen geeft. Op zee of in de lucht wordt het een ander verhaal; dan hebben we weliswaar een hele mooie omgeving, bestaande uit hoge golven of schilderachtige wolkenluchten, of uit het zonnetje dat onschuldig naar binnen schijnt, terwijl we ons hoog boven de zware depressies bevinden die de wereld beneden ons teisteren… maar wat vertelt deze omgeving ons? Heel veel over wat voor weer het is, en hoe dat binnenkort misschien zal veranderen, maar niets over waar we ons bevinden of waarheen we ons begeven… Dan zijn kaart, kompas en bij voorkeur een plaatsbepalingssysteem onontbeerlijk eer we ons kunnen oriënteren in deze ‘onzichtbare omgeving’. Navigeren (navis: schip; agere: bewegen, sturen) laat zich omschrijven als: de kunst van het plannen en volgen van een route, teneinde zich zo veilig en efficiënt mogelijk van de huidige positie naar de bestemming te kunnen verplaatsen, optimaal gebruik makend van de beschikbare middelen. Zo veilig en efficiënt mogelijk is, al zou het in eerste instantie misschien zo lijken, niet hetzelfde als de keuze tussen ‘de kortste of de snelste weg’. Op de route, en vooral op zee of in de lucht, kunnen zich voorziene en onvoorziene obstakels (bergen, ondieptes, stromingen, wind en andere weersomstandigheden) bevinden, waarop wij, zowel tijdens de voorbereiding als tijdens de uitvoering, tijdig dienen te anticiperen. 9
    • In de navigatie zijn de belangrijkste elementen: - Het stellen van een doel (de bestemming); visualiseren van het behalen van dat doel, de meest efficiënte weg daar naartoe; de geplande weg. Visualiseren van wat we onderweg kunnen tegenkomen. - Vanuit het vertrekpunt een (eerste) koers uitzetten richting de bestemming en gaan…. - Het bepalen van de eigen positie ten opzichte van de geplande weg van vertrekpunt richting bestemming; - Aldus inzicht krijgen in de afgelegde weg en bepalen in hoeverre (en waardoor) die afwijkt van de geplande weg. Hoe komt het dat ik niet zit waar ik dacht dat ik zat? Waardoor hebben we een andere weg afgelegd dan we dachten? - Een beslissing nemen op grond van het verkregen inzicht; zo snel mogelijk de geplande track oppakken, of een kleine koerscorrectie om uiteindelijk in de bestemming aan te komen. Gegist bestek is gebaseerd op aannames… Indien enige tijd plaatsbepaling onmogelijk is (buiten bereik van kenbare punten of navigatiebakens), moeten we ‘gegist bestek’ voeren totdat we weer ‘bakens kunnen peilen’ om onze positie op te lijnen en onze afgelegde weg te bepalen. Gegist bestek is gebaseerd op: - Constante snelheid - Constante koers Gegist bestek voeren wordt lastig als we koers- of snelheidscorrecties moeten toepassen, bij voorbeeld om obstakels te omzeilen, of als de externe omstandigheden zich wijzigen (het weer; stroming, wind). Onze gis kunnen we pas verbeteren, en omzetten in een ware positie, zodra we een middel hebben gevonden om onze positie te bepalen. We kunnen onze afgelegde weg pas dan bepalen als: - We weten waar we vandaan komen - We weten waar we ons nu bevinden Als we over langere tijd onze afgelegde weg hebben vastgesteld, kunnen we, indien we enige tijd onze positie niet meer kunnen bepalen, deze met redelijke betrouwbaarheid doortrekken. We weten, door het verschil tussen gis en positie, tussen geplande weg en afgelegde weg, immers hoever we over een bepaalde tijdseenheid door externe factoren (wind, stroming) van de geplande koers af zijn gezet. Hoe meer inzicht we in het verleden hebben, hoe betrouwbaarder de voorspelling naar de toekomst wordt. Zolang de omgeving 10
    • (het weer) niet verandert, en we de koers en de snelheid constant houden, gaat dit goed. Echter, we weten pas zeker hoe goed het gaat op het moment dat we weer een positie kunnen maken en zeker weten waar we zitten en welke weg we daadwerkelijk afgelegd hebben. Inzicht in het verleden, in de afgelegde weg, is dus in zoverre van belang, dat we deze kunnen extrapoleren en met redelijke zekerheid kunnen voorspellen waar we ons op een bepaald tijdstip in de toekomst zullen bevinden. Aan iedere afgelegde weg is een meest waarschijnlijke toekomst (MWT) verbonden. Zolang wij geen actie nemen en de omstandigheden zich niet wijzigen, blijft deze MWT onveranderd. Iedere actie of wijziging in omstandigheden daarentegen, hoe schijnbaar onbeduidend ook, leidt – volgens de Wet van Oorzaak en Gevolg, tot een nieuwe MWT. MWT Positie Gecorrigeerde weg Bestemming Afgelegde weg Gis Geplande weg Oorsprong Navigeren lijkt, weergegeven op een kaart, een rechtlijnig en lineair proces, met het hier en nu (de huidige positie) afgebeeld als een punt, ergens op een lijn van een punt in het verleden (de oorsprong) naar een punt in de toekomst (de bestemming). Niets is wat het lijkt; navigeren is een cyclisch proces. Tijdens het navigatieproces werken we continue een soort ‘bewustzijnscirkel’ af; verleden – heden – toekomst – verleden – heden - toekomst. Wat is mij overkomen – Waar sta ik nu? – Hoe ga ik hier mee om?. Steeds bewust van het hier en nu; mijn huidige positie en mijn omgeving, blikken we terug op het verleden (de afgelegde weg) en maken op grond hiervan een voorspelling (gis) van de (meest waarschijnlijke) toekomst. Doelgericht, alert op de omgeving en flexibel inspelend op de omstandigheden. 11
    • Inzicht in de huidige Actie: wat doe ik om positie en daarmee in de weer ‘op track te komen’? afgelegde weg, Een keuze maken; koers inschatting van de wijzigen of doel bijstellen huidige MWT. Huidige of niets doen? Wat is er gebeurd? Anticiperen Waar hebben de Positie omstandigheden mij DOEN gebracht? Waar kom ik uit als ik zo doorga? Afgelegde Gecorrigeerde Interpreteren weg weg DENKEN Vertrekpunt Geplande Bestemming weg Reflecteren: Wat hebben mijn keuzes en acties opgeleverd? Hoe voelt dat? Wat was toen mijn reisdoel? Hoe is mijn reisdoel nu anders? Relativeren Visualiseren: Hoe ziet mijn reis er idealiter verder uit? Wat is mijn ultieme doel onder de perfecte omstandigheden? VOELEN Bovenstaande cirkel wordt tijdens het navigatieproces constant doorlopen. Zo’n cyclus kan een paar seconden, een paar minuten of een paar uur duren; 1) Er overkomt mij iets, bij voorbeeld een storm steekt op. Ik interpreteer de situatie en maak een inschatting van de risico’s en mogelijke gevolgen; wat gebeurt er als ik niets doe? Wat wordt dan mijn meest waarschijnlijke toekomst (MWT)? 2) Ik neem actie – anticipeer; ik ga terug, doe niets en wacht af, ik ga verder. 3) Ik blik terug – reflecteer op de gevolgen van de gebeurtenis. Hoe heeft mijn beslissing uitgepakt? Wat heeft dit met mij gedaan? Hoe voel ik mij hierbij? Ik kijk vooruit – visualiseer. Hoe ziet mijn doel – of meest waarschijnlijke toekomst – er nu uit? Deze storm was heel duidelijk; die zie ik aankomen, mits ik alert ben op mijn omgeving. Vaker komt het echter voor dat ik mij pas bewust word van wat mij is overkomen, nadat ik mijn positie heb bepaald, bij voorbeeld: 12
    • 1) Ik bepaal mijn positie, in de veronderstelling dat ik mij ‘ergens op de geplande weg’ (op track) bevind. Uit de verkregen positie leid ik de afgelegde weg af, en kom erachter dat de wind ( of stroom) uit een hele andere hoek kwam dan ik dacht, en dat ik behoorlijk ‘van track’ ben geraakt. Wat gebeurt er als ik niets doe? Wat wordt nu mijn MWT? 2) Ik neem actie – ik stuur zo snel mogelijk terug naar de geplande weg om mijn ‘oude track’ weer op te pakken, ik maak een kleine koerscorrectie zodat ik uiteindelijk in het gestelde doel zal uitkomen, zij het volgens een andere route, of ik accepteer mijn nieuwe MWT als nieuwe bestemming en neem geen actie. 3) Ik blik terug – reflecteer op wat mij is overkomen en hoe ik met deze situatie ben omgegaan. Wat heeft dit mij opgeleverd? Hoe voel ik mij hierbij? Ik kijk vooruit – visualiseer. Hoe ziet mijn MWT er nu uit? Tijdens het doorlopen van deze ‘cirkels’ gaat de reis gewoon door. Het vliegtuig, of schip zo u wilt, gaat door en doet niets totdat ik actie onderneem. Voordat ik tot die actie (punt 2) overga, is het essentieel dat ik eerst weet waar ik mij (ongeveer) bevind, anders wordt het lastig om de consequenties van mijn actie te overzien. Ik ben per slot van rekening navigator, en als ik niet weet waar ik mij bevind voordat ik het roer omgooi, heb ik geen idee meer wat voor koers ik moet gaan sturen, geen idee waar ik heen ga en dus ook niet hoe mijn MWT er uit zal zien, behalve dat ik – even uitgaande van een vliegtuig – ik onherroepelijk neerstort zodra de brandstof op is en ik geen ‘land in zicht heb’... Het kan natuurlijk gebeuren dat mij iets overkomt dat directe actie vereist, bij voorbeeld: 1) Uit de wolken (of mist) doemt plotseling een hoge berg op recht voor mijn neus. 2) Ik neem gelijk actie en gooi het roer om, maakt niet uit waar naartoe. Zodra het gevaar is geweken en ik mij op een ‘veilige koers’ bevind, ga ik mijn positie bepalen. Vervolgens zet ik een koers uit om weer richting mijn bestemming te gaan. 3) Zodra de rust is weergekeerd kan ik gaan reflecteren; hoe heeft dit kunnen gebeuren? Wat heb ik over het hoofd gezien? Hoe kan ik dit in het vervolg voorkomen? De doeltreffendheid van mijn beslissing, mijn actie, is – mede – afhankelijk van de nauwkeurigheid van de positie die ik bepaal. Als ik ‘denk te weten waar we ons ongeveer bevinden, denk ik dat ik ongeveer weet welke kant we uit moeten om nog voordat de brandstof op is op onze – of een andere - bestemming aan te komen, en denk ik dat ik ook ongeveer weet wanneer dat zal zijn’…. 13
    • ‘The First thing to knowing Who we are is knowing Where we are and When we are…’ (John Cleese – Clockwise) Aan het einde van de reis, gesteld dat ik mijn bestemming gehaald heb, heb ik talloze van deze ‘bewustzijnscirkels’ cirkels doorlopen. Als ik dan mijn totale afgelegde weg bekijk, alle gebeurtenissen op een rij zet die ‘mij zijn overkomen’, kan ik wellicht een patroon ontdekken in hoe ik met die gebeurtenissen ben omgegaan (‘Wij hebben vaak geen controle over situaties die ons overkomen, wel hebben wij controle over hoe wij omgaan met situaties waar wij geen controle over hebben’). Misschien kan ik zelfs wel een patroon ontdekken in de gebeurtenissen die mij zijn overkomen (synchroniciteit ?). Waarom gebeurde wat op welk moment? En wat voor gedachte (verwachting, visualisatie) had ik, ten aanzien van mijn meest waarschijnlijke toekomst, voorafgaande aan die gebeurtenis? Hoe hebben mijn gevoelens en verwachtingen invloed gehad op wat mij is ‘overkomen’ en hoe hebben mijn acties bijgedragen aan het (niet) behalen van mijn doel? Wat kan ik leren van mijn verleden? Waarom is dat nou juist mij, juist toen, overkomen? Wat zegt dat over mij? Ben ik een slachtoffer, of ben ik een krijger? ‘Yes, the Past can hurt sometimes… But you can run away from it, or you can learn from it… What will it be?’ (Raffiki – The Lion King) Een verkeersvliegtuig komt vrijwel altijd exact op de geplande tijd op zijn bestemming aan. Gedurende die reis heeft het vliegtuig zich vrijwel nooit exact ‘op track’ bevonden. Maar dat beseffen we ons niet eens meer. Zelfs de meeste piloten beseffen zich dat nauwelijks. Want gelukkig hebben we daar tegenwoordig geavanceerde apparatuur voor, in de volksmond de ‘automatische piloot’, die constant de positie bijhoudt en minuscule correcties uitvoert, die constant bovenstaande ‘bewustzijnscirkel’ doorloopt; positie, inzicht in afgelegde weg, koerscorrectie, nieuwe ETA (‘Estimated Time of Arrival’), nieuwe positie. Komt er storm? Maakt hem niets uit, hij registreert een toegenomen zijwind en vergroot de opstuurhoek om hiervoor te compenseren. Maar de automatische piloot heeft geen ‘lerend vermogen’; hij doet slechts wat hem is opgedragen, onvermoeibaar, steeds maar weer. Maar hij reflecteert niet op gebeurtenissen en op de effectiviteit ven genomen acties. Hij visualiseert geen ‘nieuw doel’; hij heeft geen doel, anders dan wat de gezagvoerder voor vertrek heeft ingevoerd. Hij voert uit wat de baas van hem verwacht; constateert en corrigeert. Constateert en corrigeert. En hij wordt nooit moe. 14
    • Mensen wel. En toch staan ze dikwijls lange tijd op de automatische piloot; geen reflecties, geen visualisaties, geen dromen…. Alleen acties en reacties, uitvoeren wat de baas gezegd heeft; het leven overkomt hen en ze worden geleefd. Maar het leven wil geleefd worden! De automatische piloot eraf! Neem het stuur in handen en bepaal je koers, word weer baas over eigen leven. Navigator en piloot tegelijkertijd. Regisseur en acteur… Hiermee heb ik het volgende hoofdstuk al ingeleid… 15
    • VAN NAVIGEREN NAAR EFFECTIEF FUNCTIONEREN Een aantal raakvlakken met ‘real life’ zijn tussen de regels door denk ik al aan bod geweest. De eerder omschreven ‘bewustzijnscirkels’ worden, los van het navigatieproces, in ons dagelijks leven constant doorlopen. Ik ‘ben onderweg’, er overkomt mij iets, ik reageer op de situatie (niet reageren is ook een reactie), ik reflecteer op de consequenties van wat mij is overkomen en hoe ik daar mee om ben gegaan, en visualiseer vervolgens hoe mijn MWT er nu uit ziet. Of ik visualiseer, op grond van wat ik heb geleerd, een volledig nieuw doel. Ik prefereer hier de term MWT – meest waarschijnlijke toekomst – boven doel, want in het dagelijks leven zijn veel mensen zich niet bewust van een concreet doel; zij zijn ‘op weg’ en laten zich ‘meevoeren op de stroom’. Op zich niets mis mee, maar iedere gebeurtenis of keuze (bewust of onbewust) leidt, of je nou een doel hebt gesteld of niet, tot een nieuwe MWT. Ik krijg pas dan inzicht in ‘wat mij is overkomen’, mijn ‘afgelegde weg’, en dus in mijn MWT, als ik weet waar ik mij bevind; ‘waar ik sta’… Leren van het verleden, bewust van het hier en nu, alert op de omgeving, gericht op de toekomst. - Visualiseer het doel, een bestemming en ga ervoor! - Leren van de bewustwording van huidige positie, situational awareness, en inzicht in de afgelegde Weg; Waar kom ik vandaan, Waar dacht ik te zijn Waar ben ik? Wat is mij overkomen? Waar leidt het leven mij heen? Waar ga ik heen als ik niet ingrijp? - Actie. Uit de slachtofferrol / van de automatische piloot af; neem controle; wat doe ik met hetgeen mij is ‘overkomen’? Leiderschap over eigen leven; Bewust keuzes maken; doel aanpassen of koers wijzigen? Ik heb altijd een keuze… - Reflecteer op wat mij is gebeurd en hoe ik daarmee om ben gegaan en waar dat toe geleid heeft. - Visualiseer het (nieuwe) doel & ga ervoor! 16
    • Inzicht in mijn verleden. Actie: Hoe ga ik om met Wat is mij overkomen? wat mij is verkomen? Wat Waar heeft dat toe doe ik om weer controle geleid? over de situatie te Welke kant stuurt het krijgen? Hoe kom ik weer leven mij op? ‘op track’? Koers wijzigen Waar kom ik uit als ik zo Heden of doel bijstellen of niets doorga, zonder in te doen? grijpen? Anticiperen Interpreteren Afgelegde Gecorrigeerde DOEN DENKEN weg weg Verleden Geplande Toekomst weg Reflecteren: Wat was mijn droom? Wat is daar nog van over? Wat hebben mijn keuzes en acties mij opgeleverd? Hoe voel ik mij hierbij? Wat heeft dat met mij gedaan? Wat zegt dat over mij? Relativeren Visualiseren: Wat is nu mijn droom? Hoe zie ik mijzelf die droom realiseren? VOELEN Deze ‘bewustzijnscirkel’ van verleden – heden – toekomst, visualiseren – interpreteren – anticiperen of voelen - denken – doen, is eenvoudig in verband te brengen met de drie dimensies van Mia Leijsen, de ondersteunende dimensie, de leerdimensie en de actiedimensie. We kunnen leren van het verleden, door gebeurtenissen inzichtelijk te maken, in perspectief te plaatsen en te herkaderen. Tegenslagen zijn vervelend en moeilijk om mee om te gaan. Bij veel opvolgende tegenslagen is de verleiding groot om toe te geven dat ´het leven jou overkomt´, en dat ´geluk niet voor jou is weggelegd´; “Moet mij dat weer gebeuren”; “Heb ik dat weer?”. Later, al reflecterend, blijkt vaak dat de grootste lessen verweven zaten in de moeilijkste tegenslagen. Dit geeft een gevoel van controle, dat je leert van het leven en dat alles wat je ´overkomt´, kan bijdragen tot je persoonlijke ontwikkeling. Niets is het ergste dat je kan overkomen… Aanvankelijk had ik het navigatieproces als een lineair proces weergegeven, zoals we onze ‘track’ uitzetten in een routekaart. Om dit lineaire aspect te nuanceren heb ik het vervolgens weergegeven als een cyclisch proces; een bewustzijnscirkel die constant doorlopen wordt. 17
    • Dit wekt weer de indruk dat ons leven zich in ‘kringetjes’ voltrekt, in steeds weer terugkerende patronen. In zekere zin is dit dikwijls het geval, doch wij zijn evoluerende mensen, en wij streven naar ontwikkeling. En wij ontwikkelen ons ook constant, al zijn wij ons daar dikwijls niet bewust van. Steeds meer herwint de oeroude overtuiging uit de tijd van de legendarisch en mythische Hermes Trismegistus terrein, dat bepaalde kosmische, universele wetten het evolutieproces beheersen. In één van die zeven wetten, de Wet van Ritme, wordt gesteld dat tijd geen lineair proces is, maar een eindeloze serie cycli van een zich herhalend patroon. De gehele evolutie wordt in deze benadering weergegeven als een niet-lineair, spiraalsgewijs ontwikkelingsproces. Dit proces is volgens de bekendste hermetische wet ‘Zo boven zo beneden’ ook terug te voeren op de evolutie of ontwikkeling binnen een enkel mensenleven; de cyclische beweging is niet steeds een herhaling van hetzelfde, maar bestaat uit ‘transformerende cycli van voortdurende vernieuwing’, waardoor groei en ontwikkeling mogelijk is. Dit groeiproces kent een spiraalsgewijze ontwikkeling, waarbij “periodiek chaotische perioden voorwaardenscheppend zijn voor het ontstaan van een ingrijpende verandering, waardoor iedere volgende cyclus een zekere ontwikkeling kent ten opzichte van de vorige” (Marja de Vries, 2007). Deze ontwikkeling zou ik graag in mijn model willen verwerken, en kom dan op het volgende plaatje uit (volgende pagina). Hierin vertegenwoordigt de binnenste driehoek de driehoek Verleden – Heden – Toekomst, of liever gezegd Oorsprong – Huidige positie – Meest waarschijnlijke toekomst (MWT). Het enige punt dat vastligt hierin is mijn oorsprong, de andere twee veranderen constant. Voor het mooie heb ik een gelijkbenige driehoek getekend, dit hoeft natuurlijk niet zo te zijn. Je zou de assen met de witte pijlen kunnen zien als de benen van een passer; als mijn afgelegde weg geheel overeenkomt met de aanvankelijk geplande weg, komen de benen van de passer bij elkaar en valt het groene gebied, de actiedimensie, weg. Ik bevind mij dan immers ‘op track’ en hoef geen actie te ondernemen. Op het moment dat ik mijn positie heb bepaald en inzicht krijg in de afgelegde weg en de daarbij horende MWT, kan ik bepalen ‘of ik dat wel wil’. Ik kan mij daarbij neerleggen en mijn huidige koers vervolgen. Ik noem dit in de tekening passief. Dit is niet negatief bedoeld, want niets doen is ook een actie, mits dit bewust gebeurt. Ik kan mijn MWT als bedreigend of onveilig ervaren, en koers zetten naar een situatie die ik uit het verleden ken, die veilig is en die mij wel beviel. Ik noem dit reactief. Ook dit is niet negatief bedoeld, want dit kan een zeer effectieve oplossing zijn om weer in balans te komen en mijn zaakjes op orde te krijgen voordat ik mij op ‘onbekend terrein’ begeef. Misschien ben ik klaar voor meer, en wil ik actie nemen om voor mijzelf een nieuwe, tot dusver onbekende situatie te creëren. Deze ‘koers’ duid ik aan met creatief. Al die tijd blijft de oorsprong mijn veilige haven, mijn vaste ijkpunt, 18
    • waar ik al reflecterend op blijf terugblikken om inzicht te krijgen in hoe mijn leven (of reis) zich tot dusver heeft voltrokken. Ik kan mijn bewustzijnscirkel aldus bewust groter (of kleiner) maken door een creatieve (nieuwe) koers uit te zetten, of een reactieve, terug naar een bekende, veilige plek. Maar ook als ik niets doe zal de cirkel groter worden, door dingen die ik meemaak en hoe ik hier, bewust of onbewust, mee omga. Hierdoor verandert mijn positie constant, ook als ik schijnbaar niets doe. Ik leer altijd, ook als ik ‘schijnbaar stilsta’. creatief LEER DIMENSIE passief (gebeurtenis) reactief ACTIE DIMENSIE POS (gedrag) MWT ONDER- STEUNENDE DIMENSIE (gevoel) De doelstelling van mijn coaching model zal zijn om de coachee een inzicht te geven dat hij altijd de leiding heeft over zijn leven; altijd een keuze heeft. Iedereen kan op elk moment zijn op dat moment meest waarschijnlijke toekomst zelf veranderen door het roer om te gooien en een koerscorrectie toe te passen (hoe klein en schijnbaar onbeduidend ook),dan wel zichzelf een compleet nieuw doel te stellen. Door onze positie te bepalen en inzicht te krijgen in onze afgelegde weg, krijgen we inzicht in waar het leven ons naartoe leidt als we niet ingrijpen, en inzicht in wat beslissingen, keuzes en (re)acties mij tot op heden opgeleverd 19
    • hebben. Vanuit deze inzichten kan ik controle nemen over mijn leven en MWT; een koers uitzetten en het roer in handen nemen, en – immer bewust van mijn omgeving – het schip van de automatische piloot afhalen en mijn koers vervolgen… En toch is real life natuurlijk vaak moeilijk te vergelijken met een tripje over zee. Want hoe concreet stellen we ons doel, onze bestemming in ons leven, los van de targets en deadlines die we op ons werk dienen te behalen? En hoe bepalen we onze ‘ware positie’ in het dagelijks leven? Daarnaast is het lastig om over een bepaalde fase in ons leven van vertrekpunt naar huidige positie een lijn te trekken om te bepalen wat onze afgelegde weg is geweest. Laat staan dat we deze moeiteloos kunnen doortrekken om te voorspellen waar we ons op een bepaald moment in de toekomst zullen bevinden als we de koers niet wijzigen. En hoe bepalen we onze koers? Uitdagingen genoeg, de kracht van beeldspraak is tevens zijn grootste beperking; hoe deze beelden naar de realiteit van ons dagelijks leven te vertalen? 20
    • THEORETISCH KADER Elke stroming, theorie, benadering of beschouwing is in mijn ogen niet de waarheid, maar een onderdeeltje van een oneindig veel grotere waarheid. Alles speelt altijd een rol en iedereen heeft altijd gelijk; iedereen heeft zijn eigen waarheid. In dit hoofdstuk wil ik een korte beschouwing geven van die stromingen, theorieën en benaderingen die een onderdeel vormen van mijn waarheid, die bijdragen tot: a) Het bepalen van mijn positie; waar sta ik nu? b) Inzicht in mijn afgelegde weg; wat is mij overkomen en waar heeft dat mij gebracht? c) Inzicht in mijn ´coping gedrag´; hoe ben ik met die situaties omgegaan, en wat heeft dat mij opgeleverd? d) Inzicht in mijn gevoelens, gedachten en verwachtingspatronen; wat hebben die mij opgeleverd? e) Inzicht in mijn MWT; waar kom ik uit als ik geen actie neem? Waar wil ik heen? f) Inzicht in mijn keuzes; wat kan ik doen (of laten) om mijn leven weer op de ´juiste koers´ te krijgen, richting een ´gewenste MWT´? Om in de diverse stromingen wat structuur aan te brengen, wil ik mij baseren op de in de inleiding aangehaalde drie dimensies van de integratieve benadering van Mia Leijsen, namelijk de leerdimensie, de ondersteunende dimensie en de actiedimensie. De leerdimensie: In de leerdimensie “komt de cliënt tot nieuwe inzichten in zijn probleemsituatie, ervaart hij andere interpersoonlijke omgangswijzen dan hij tot nu toe kende en wordt hij geconfronteerd met aspecten die hij over het hoofd heeft gezien.” (Mia Leijsen, 2002) De leerdimensie is alomvattend. Alles wat in het verleden heeft plaats gevonden, of dat nu is gericht op gebeurtenissen die mij zijn ´overkomen´, (on)bewuste acties of op gedachten en gevoelens over bepaalde gebeurtenissen of acties, geeft, zodra we de zaken op een rij zetten, een inzicht waar we van kunnen leren. Een manier om inzicht te verkrijgen in wat mij in welke fase zoal is overkomen, wat dat met mij deed en hoe ik daarmee ben omgegaan, is een levensloopgesprek, of het schrijven van een biografie. In zo´n gesprek of biografie hoeft natuurlijk niet alles aan bod te komen. Als mensen vastlopen in hun werk, kan bij voorbeeld een werkbiografie voldoende zijn. Remmerswaal (college Identiteitsontwikkeling en 21
    • Zelfsturing, 2004) maakt een onderscheid in zeven levensdomeinen, op grond waarvan een biografie geschreven kan worden: - Ziekte / gezondheidsbiografie: hoe luister ik (niet) naar mijn lichaam? - Identiteitsbiogragie: hoe ga ik om met mezelf? Waar ben ik wijzer van geworden? - Familie / gezinsbiogragie: wat is mijn rol van afkomst? Hoe zit het met mijn geestelijke erfenis, mijn loyaliteit? Hoe zijn die veranderd? - Affectieve biografie: wat is mijn ontwikkeling op gebied van emotionaliteit en relaties? Wat voor rol spelen intimiteit en seksualiteit in mijn leven? - Werkbiografie: ontwikkelingen, keuzes, teleurstellingen, frustraties. Wat is voor mij de beleving en zingeving van werk? - Scholing / opleidingsbiografie: wat zijn mijn belangrijkste leerbronnen geweest? Waarom ben ik die opleiding gaan volgen en wat heeft dat mij gebracht? - Ideologische biografie: wat zijn mijn waarden en normen? Wat inspireert mij? Als we kijken naar de dimensies van de ‘bewustzijnscirkel’, voelen – denken – doen; wat is (was) mijn droom - wat is mij overkomen – hoe heb ik daarop gereageerd – wat deed dat met mij; visualiseren - interpreteren – anticiperen – reflecteren, valt overal lering uit te trekken. 1) Leren van effecten van (patronen in) gevoelens, gedachten, verwachtingen… Wat was vroeger mijn droom? Wat heb ik gedaan om die te realiseren? Wat voor doel (MWT) heb ik gevisualiseerd? Hoe heb ik dat gedaan? Wat waren mijn gevoelens en gedachten en verwachtingen hierbij? Waar heeft dat toe geleid? De (destructieve of creatieve?) kracht van gedachten en verwachtingen… Volgens Ellis, de grondlegger van RET; Rationeel Emotieve Therapie (Verhulst, 1992) ´praten mensen zichzelf ziek, door ´negative selftalk´; “Mij lukt toch nooit iets”; “Ik ben toch waardeloos”…Niet A (actie) leidt tot C (consequentie), maar A leidt via B (belief; interpretie, verwachting) tot C. Ellis stelt dat elk mens zichzelf bepaalde doelen stelt in zijn leven. RET beoogt drie zaken te bereiken bij cliënten; dat zij a) rationeler gaan denken; b) de juiste gevoelens op het juiste moment ervaren en c) als gevolg hiervan functioneler en effectiever gedrag gaan vertonen. Een kritische noot hierbij, die de kern raakt van de psychologie als wetenschap, is dat Ellis, conform de cognitieve benadering, ervan uit gaat dat gedachten bepalend zijn voor de gevoelens (man wordt uit zijn slaap wakker van gerommel in de huiskamer, man denkt aan inbreker, man wordt bang). Hiermee wordt het intuïtieve aspect (het ´onderbuikgevoel´; er is totaal geen reden tot bezorgdheid, en toch voelt het niet goed) volledig buiten spel gezet. Tegenwoordig overheerst de opvatting steeds meer dat gedachten en gevoelens elkaar continue wederzijds beïnvloeden. Dat is ook mijn opvatting. Hierdoor is in mijn ogen de RET-benadering niet minder waar, maar het is slechts een deel van de waarheid. Aangetoond is dat positieve gedachten en verwachtingen een duidelijke 22
    • invloed hebben op zowel de fysieke gezondheid als op ons mentale welzijn. Deze beiden hebben weer een positieve invloed op onze ´succeskans´ in het dagelijks leven. Bovenstaande wordt, om het even uit de puur cognitieve benadering te halen, ook steeds meer naar een soort spiritueel niveau getild, films als The Secret en What the Bleep do we know, gaan als warme broodjes over de toonbank en komen in wezen op hetzelfde neer. Zij gaan hierin verder dan Ellis, en stellen dat gedachten en verwachtingen (zijnde in feite niets anders dan trillingen) de trillingsfrequentie van hun omgeving beïnvloeden. Mijn omgeving heeft de neiging om mee te gaan trillen (gelijk een stemvork) met de trillingen die ik uitzend. Als gevolg hiervan wordt gesteld dat ik met mijn gedachten een concrete invloed heb op de realiteit die mij omringt, en ik dus in zekere zin kan bijdragen tot het creëren van mijn eigen realiteit. Placebo of niet, maar de gedachte geeft een gevoel van controle over mijn eigen leven, en dat zou volgens Ellis al reden voor succes moeten zijn… Zodra we inzicht krijgen in patronen in gedachten en gevoelens naar aanleiding van situaties in het verleden en waar deze tot geleid hebben, kunnen we deze herkaderen (= cognitief herstructureren), van irrationeel naar rationeel, van negatief (nadruk op een ongewenste situatie) naar positief (nadruk op een gewenste situatie). Hier komt de kracht van visualiseren om de hoek kijken; als we ons een gewenste situatie levendig kunnen voorstellen, zo levendig alsof we er al daadwerkelijk deel van uit maken, zijn we eigenlijk die gewenste situatie al aan het creëren. Dit is eigenlijk de kern van zowel RET (positieve gedachte positief gevoel verhoging van geluk & welzijn, en daarmee de effectiviteit van het functioneren), van The Secret (ik zend een hoogfrequente trilling uit, mijn omgeving reageert daarop, en de gewenste situatie wordt ter plekke ´gecreëerd´ Thoughts become Things…) als van de Oplossingsgerichte benadering (de mirakelvraag). 2) Leren van het leven, wat is mij wanneer overkomen? Wat is mij, in welke fase, zoal overkomen? Zit hier een patroon in? Welke kant stuurt het leven mij op? Het leven wijst, als je het toelaat… Ook hier begeven we ons al gauw op een wat zweverig, spiritueel vlak, waar C.G. Jung zich in verdiept heeft; hij noemde dit verschijnsel synchroniciteit (Bolen, 1979). Dit komt er in het kort op neer dat het ´toeval´ je een spiegel voorhoudt; je krijgt bepaalde ervaringen voorgeschoteld waar je iets van te leren hebt. Volgens Jung vallen ‘toevallige’ dingen je op een bepaald moment ´op betekenisvolle wijze´ in de buitenwereld toe (‘zinvolle coïncidenties’), als een afspiegeling van wat er in je binnenwereld gebeurt. Zo kun je de zaken die je zijn ´overkomen´ gaan zien als een kompas; het leven ‘wijst je de weg’, leert je een les of test of je een les uit het verleden wel hebt begrepen en bereid bent toe te passen. En als je zakt voor de test, wordt de les herhaald, net zo lang totdat die geleerd is… Jung’s benadering vertoont hierin raakvlakken met de oud 23
    • Chinese Taoïstische levensbeschouwing. En tevens met de ‘Law of Attraction’ als beschreven in ‘The Secret’. Noot; ingrijpende, verdrietige of traumatische ervaringen ervaren wij niet snel of graag als ‘zinvol’. De neiging is groot ze af te doen als ‘botte pech’, stom toeval, zinloos. En als dit vaker achtereen gebeurt is de neiging groot bij de pakken neer te gaan zitten, en – zo er al een geloof of levensbeschouwing was – ‘van je geloof af te vallen’. Inzicht in waar deze ingrijpende gebeurtenissen toe geleid hebben en hoe deze hebben bijgedragen tot onze persoonlijke ontwikkeling komt, als het al komt, vaak pas veel later. Mits we om de zoveel tijd ‘onze positie bepalen’ en reflecteren op wat het leven ons gebracht heeft. Daar komt bij dat zingeving een hoogst persoonlijk proces is. Velen beschouwen al wat hen overkomt als toeval. Op het moment dat ik besluit om een ´toevallige gebeurtenis´ zin te geven door er iets mee te doen of iets van te leren, maak ik die gebeurtenis zelf zinvol en was het dus voor mij geen toevallige gebeurtenis; het ´moest zo zijn´. Als ik besluit er niets mee te doen, maak ik het zelf een zinloze, toevallige gebeurtenis. 3) Leren van mijn (bewuste) (re)acties en keuzes. Hoe heb ik op verschillende gebeurtenissen gereageerd? Wat zegt dit over mij? Wat is mijn coping gedrag en wat heeft dit mij opgeleverd? Wat voor ingrijpende keuzes heb ik gemaakt, op grond waarvan en waar hebben die toe geleid? Volgens de Transactionele Analyse (Stewart & Joines, 1996) heeft een kind nog voor zijn vierde levensjaar, zijn complete levensscript al geschreven; puur op grond van ervaringen, intuïtie en gevoelens heeft het een levensplan opgesteld, dat vervolgens bekrachtigd wordt door de ouders, getoetst en waar nodig bijgeschaafd tijdens de puberteit, en gerechtvaardigd door latere ervaringen. Zelfs de uitkomst, het einde, is al verwerkt in het levensscript. In feite hebben we het hier over de overlevingsstrategieën of het coping gedrag, dat het kind zich onbewust aanleert om onder de gegeven omstandigheden zichzelf te kunnen handhaven, of zo ‘effectief mogelijk’ te kunnen functioneren. In zijn verdere leven zal het kind, of later de volwassene, er onbewust alles aan doen om omstandigheden en reacties daarop ‘binnen dat script te laten passen’. Totdat hij/zij, bij voorbeeld door een combinatie van reflectie en feedback, uiteindelijk inzicht krijgt in het eigen script, het eigen coping gedrag of de eigen overlevingsstrategieën. Pas als we dit inzicht hebben, kunnen we bepalen of dit gedrag in de huidige situatie nog wel nodig is om ´te overleven´, of dat hier wellicht een en ander aan valt bij te schaven. Pas als ik ‘uit dit script’ stap, ben ik autonoom, ‘van de automatische piloot af’, en kan ik vanuit de ‘volwassen egotoestand’ (mijn innerlijk kind en mijn innerlijke ouder geïntegreerd) acteren en anticiperen op wat zich in het hier en nu aandient. In mijn inleiding had ik het over drie aspecten die constant een rol spelen bij het navigeren; doelgericht, alert op de omgeving en flexibel inspelend op veranderende omstandigheden of 24
    • inzichten, verkregen uit eerdere ervaringen. Het ‘toeval’ wil dat ik een boekje onder ogen kreeg, getiteld ‘NLP-gids voor optimaal functioneren’ (O’Connor & Seymour, 2005), en een kort citaat uit de inleiding wil ik u niet onthouden: “Als we in een cursus van drie minuten zouden moeten uitleggen wat NLP is, zou dat ongeveer als volgt in zijn werk gaan. De cursusleider komt binnen en zegt: ‘Dames en heren, om in het leven te slagen, hoeft u slechts drie dingen te onthouden. Ten eerste: weet wat u wilt. Zorg dat u een duidelijk beeld heeft van het gewenste resultaat in welke situatie dan ook. Ten tweede, wees alert. Houd uw oren en ogen open, zodat u niets ontgaat. Ten derde: wees flexibel genoeg om net zo lang veranderingen in uw handelwijze aan te brengen tot u krijgt wat u wenst.’ Vervolgens schrijft hij op het bord: DOEL ALERTHEID FLEXIBILITEIT En vertrekt weer. Einde cursus.” En einde citaat… En ik heb, generalist als ik ben, dankbaar het boek gesloten. Weer een cursus afgerond! Dankbaar voor de wetenschap dat ik, als navigator rondvliegend over de wereld, de kern van NLP doorleefd heb zonder ooit van de naam NLP gehoord te hebben… Ik leer van het verschil tussen mijn gis (waar denk ik te zijn) en mijn positie (waar ben ik). Als hier een verschil tussen zit, kan dit komen doordat ik, door mijn gevoel, gedachten of verwachtingspatroon, mijn situatie en omgeving anders beoordeel dan deze daadwerkelijk blijkt te zijn. Of mogelijk zit er een verschil tussen mijn zelfbeeld en het beeld dat mijn omgeving van mij heeft. Dit is inzichtelijk te maken door middel van het Johari-venster; zelfonthulling versus feedback (Remmerswaal, 2004). Door een juiste combinatie van deze twee kan ik meer inzicht krijgen in mijn functioneren en de effecten hiervan op mijn omgeving en ervoor zorgen dat het beeld dat ik van mijzelf heb, meer overeenkomt met het beeld dat de buitenwereld van mij heeft. Ik verklein mijn ´onbekend gebied´ (meer zelfkennis), en vergroot het draagvlak en begrip in mijn omgeving voor mijn afwegingen en beslissingen. BEKEND AAN ONBEKEND AAN MIJZELF MIJZELF BEKEND AAN OPENLIJK BLINDE VLEK ANDEREN ZELFBEELD ONBEKEND AAN PRIVE ONBEKEND ANDEREN ZELFBEELD GEBIED Briefing CDS 8 25
    • De ondersteunende dimensie: In de ondersteunende dimensie “is er ruimte voor het verhaal van de cliënt en kunnen gevoelens geventileerd worden bij een geïnteresseerde respectvolle luisteraar, die zonder veroordeling het verhaal en de bijhorende emoties erkenning geeft. Soms kan dit al volstaan om de demoralisatie op te heffen omdat de cliënt zich gesteund voelt door een medestander en hij zo in een nieuwe verhouding tot zijn problemen komt.” (Leijsen, 2002) Ik versta onder de ondersteunende dimensie: het in het hier en nu doorleven van de huidige situatie, huidige gevoelens & gedachten; het gezamenlijk bepalen van de positie. Klinkt leuk, daar had ik het al eerder over; hoe bepalen we nou een positie? Wat zijn mijn bakens? Waar sta ik nou echt? De relatie tussen coach en coachee is in belangrijke mate bepalend voor de mate waarin iemand bereid is bepaalde lessen te leren en tot bepaalde inzichten te komen. De effectiviteit van zelfreflectie hangt ook vaak af van manier waarop dit gestimuleerd en geprikkeld wordt. En soms is de relatie op zich al genoeg en maakt deze elke verdere interventie overbodig… het er zijn, en het feit dat de ander zich gehoord en serieus genomen voelt. Dit is tevens de essentie van de Client Centered benadering. Hiermee sluit Carl Rogers aan bij de eclectische benadering, gebaseerd op de gemeenschappelijke factoren van Jerome Frank. De Client Centered benadering berust op drie pijlers (Leijssen, 2003); - Mensvisie; een positief vertrouwen in de ´wijsheid´, de innerlijke stem, het kompas van ons lichaam. Luisteren naar ons lichaam kan ons een hoop leren over onszelf. Hierin wordt ´het lichaam´ op drie niveaus benaderd: o De tonische functies: door ons bewust te worden van en in contact te komen met spierspanningen, kunnen we achterhalen waardoor deze veroorzaakt worden en hier meer controle over krijgen door ontspanningsoefeningen. o Het gesitueerde lichaam: bewustwording van je grenzen, je ´comfort zone´. Hoe dik is mijn huid, wat is voor mij een ‘veilige afstand’ en wat doe ik als iemand ‘mijn grenzen overschrijdt’ en te dichtbij komt? o Het beleefde lichaam: geheugen zit niet alleen in de hersenen, ingrijpende gebeurtenissen zetten zich ´ergens in het lichaam´ vast. Het is zaak om regelmatig aandacht aan ons lichaam te besteden, door te focussen op bepaalde gevoelens of herinneringen en waar deze zich in het lichaam manifesteren. Volgens deze benadering hebben wij, in de huidige patriarchale cultuur, de wijsheid van ons lichaam aan de kant gezet; het lichaam dient om te presteren en aanrakingen dienen voor seks of geweld, in plaats van om iemand te steunen of om mijzelf te laten steunen. 26
    • - Relatie; grondhouding, gebaseerd op empathie, echtheid en onvoorwaardelijk respect. - Ervaringsproces; het hier en nu, diagnose van ´het proces in de cliënt / coachee´. Bovenstaande mix tussen alertheid, lichaams- zowel als relatiegerichtheid, komt op een mooie manier tot uiting in Aikido (Nissink, 2004). Ai = harmonie; Ki = levensenergie; Do = weg, manier; de weg om energie in balans te brengen. Van oorsprong een Japanse krijgskunst, in management en coaching steeds meer toegepast als een manier om in het leven te staan in het algemeen, of bij gesprekstechnieken of conflicthantering in het bijzonder. In balans, vanuit je centrum, in contact met jezelf en met je ´tegenstander´, op een veilige afstand. Als deze afstand te klein of bedreigend wordt, niet vechten, vluchten of blokkeren, maar uit de lijn van de aanval stappen en contact maken met die dreiging. Waaruit bestaat die dreiging? Wat doet die met mij? Blijf in balans, beschouw de tegenstander als partner, wordt er één mee en maak gebruik van diens energie om de situatie onder controle te krijgen. Dit voorbeeld is toegespitst op een interpersoonlijk conflict, maar kan ook toegepast worden op een intrapersoonlijk (intern) conflict. Contact leidt, volgens de oudste natuurkundige wetten, altijd tot aantrekking, toenadering, of afstoting, verwijdering. Als we, ondanks die afstoting of verwijdering, de afstand blijven verkleinen, wordt die afstand onveilig, wordt mijn grens overschreden en ontstaat een conflict; mijn spieren spannen zich aan. De kunst van Aikido is uit de lijn te stappen voordat mijn grens overschreden wordt en mijn spieren zich aanspannen; in balans te blijven, met een rustige, diepe buikademhaling. Hier vertoont de inner aikido grote raakvlakken met de focussing techniek van de client centered benadering. De tegenhanger van Aikido zou je kunnen zien als Tantra; verkleining van de afstand wordt niet als bedreigend ervaren, maar juist als veilig en prettig. Hier is sprake van aantrekking in plaats van afstoting. Wat beide gemeen hebben is dat beiden vereniging van energieën en vereniging van lichaam en geest tot doel hebben. Het streven van Tantra is complete eenwording tussen twee individuen, of op intrapersoonlijk gebied vereniging van het mannelijke en het vrouwelijke in onszelf. Het streven van Aikido is om een conflict tot een harmonieuze oplossing te leiden op grond van eenwording van energieën. In gesprekstechnieken wordt dit ten onrechte vaak met de term judobenadering aangeduid. Bewustzijn. Bewust zijn. Zijn. De eerlijkheid gebiedt mij toe te geven dat de term ‘bewustzijnscirkel’ die ik al dikwijls gebruikt heb, geïnspireerd is op de Gestalt banadering van Fritz Perls (Callens, 2003), waar men het heeft over de Cycle of Awareness. De volledige gestalt kan beschouwd worden als de emotie die uit een ruststand opkomt, tot een (re)actie of ontlading leidt, en uiteindelijk weer terugkeert in de ruststand. De cirkel moet rond zijn. De volledige gestalt staat tevens voor het ´grote plaatje´; een staat van alertheid, met oog voor zowel voor- als achtergrond. Een dergelijk cirkel komen we ook tegen in de Thema 27
    • Gecentreerde Interactie (TGI); deze staat voor de ´globe´, ofwel de constant veranderende omgeving. Binnen deze cirkel staat de driehoek IK (mijn beleving), WIJ (de interactie of relatie), HET (het thema). Twee spelregels staan centraal: Wees je eigen leider (stuurman, navigator), en verstoringen hebben voorrang. TGI HET Wees je eigen leider THEMA Verstoringen hebben voorrang IK WIJ GLOBE Het laatste stuk theorie dat ik in het kader van de ondersteunende dimensie als relativerende noot kort zou willen behandelen, is de ´Kunst van het relativeren´, die mooi tot uiting komt in de Provocatieve Coaching (Hollander & Wijnberg, 2006). Vooral het paradoxale element hierin spreekt mij aan: “Als je wilt dat de ezel vooruit gaat lopen, moet je hem niet gaan duwen, maar aan zijn staart trekken”. Hierin wordt gesteld dat mensen per definitie vaak sterker en veerkrachtiger zijn dan ze zelf denken. En mensen lachen liever dan dat ze huilen. Humor wordt ingezet om ze te prikkelen hun problemen in perspectief te plaatsen. Het probleem kan bij voorbeeld uitvergroot en geridiculiseerd worden, waardoor de coachee tot een inzicht komt dat ´het eigenlijk zo erg niet is´ en dat hij niet alleen staat; een besef dat ´alle mensen weliswaar uniek zijn, maar alle problemen eigenlijk universeel.´ Door eindeloos af te dwalen van de kern, zal de coachee zelf to the point komen en zeggen waar het eigenlijk om gaat. Iemand zal structuur aanbrengen, als de coach dat niet doet, doet de coachee het zelf. Ik geloof dat deze benadering soms kan werken, hoewel ik mij bewust ben van de valkuilen en risico´s die aan dergelijke interventies kleven. Het effect van provocatief coachen is zeer afhankelijk van de persoon en de situatie, maar vooral van een goede vertrouwensrelatie, waarin beiden zich veilig voelen om zich vrij te uiten en tijdig hun grenzen aan te geven. Provocatief coachen in drie woorden: humor, paradox, vrije expressie… 28
    • De actiedimensie: Hoe nu verder? Wat te doen met verkregen inzichten en geleerde lessen? Wat wordt het doel? Wat wordt de koers? In de actiedimensie “gaat de cliënt experimenteren met nieuw gedrag en wordt hij begeleid om problematische gedragspatronen om te vormen tot handelswijzen die meer succes opleveren.” (Mia Leijsen, 2002). Volgens het Oplossingsgericht denken hebben mensen ‘geen problemen nodig om tot oplossingen te komen’ (Cauffman, 2001). De basis van dit model is de stelling dat ‘in problemen denken verlammend werkt, terwijl denken in oplossingen bevrijdend werkt’. Zeer waar, al is het in mijn ogen wederom een deel van de waarheid. Waar het volgens mij om gaat is de manier waarop we de problemen, of tegenslagen, bekijken, en de bereidheid hiervan te leren om herhaling in de toekomst te kunnen voorkomen. Hierin denk ik dat de eerder genoemde RET een waardevolle aanvulling kan zijn op het oplossingsgerichte model. De grootste kracht van de oplossingsgerichte benadering ligt mijns inziens dan ook in de uitzonderingsvraag (wanneer ging het wel goed? Wat had je toen gedaan? Wat waren toen je gevoelens en verwachtingen?) en de mirakelvraag (Stel, je wordt morgen wakker en er is een wonder gebeurd; al je problemen zijn voorbij… Waaraan zou je het eerst merken dat er iets anders is?). Deze geven een positieve mindset, en het belang daarvan wordt in elke benadering wel onderschreven, hoewel nog steeds moeilijk wetenschappelijk aantoonbaar. Vervolgens is de schaalvraag een goed middel om de huidige positie te bepalen. Op grond van een combinatie van bovenstaande interventies kan actie genomen worden, een koerscorrectie (in kleine stapjes) richting een gewenste (of minder ongewenste) situatie; er komt een gevoel van controle over eigen leven. Uitstapje groepsdynamica Bovenstaande theoriebeschouwingen hebben voornamelijk betrekking op individuele coaching / counseling. Hier zal in mijn varende coaching het accent op liggen, echter kleine groepen of relaties kunnen ook in aanmerking komen. Dan gaan andere aspecten ook een rol spelen, immers iedereen heeft zijn eigen waarheid, zijn eigen referentiekader; iedereen is gevormd door wat hij heeft meegemaakt en door waar hij vandaan komt. Dit heeft invloed op de dynamica tussen personen. Een conflict is in wezen niets anders dan ´twee waarheden die niet in hetzelfde verhaal passen´ (Lingsma, 2004). Als we de rationeel emotieve benadering hierop loslaten, kunnen we dit nadeel ombuigen tot een voordeel. Namelijk door niet te kijken naar waarin we anders zijn (leidt tot weerstand, onbegrip, elkaar willen veranderen naar ons zelfbeeld, ons referentiekader), maar door dit te accepteren, te 29
    • respecteren en vervolgens te kijken hoe we elkaar kunnen aanvullen. Een mooi model om dit inzichtelijk te maken is het kernkwadrant (Offman, 1992). Dit ziet er als volgt uit: Het kernkwadrant KWALITEIT VALKUIL Teveel van het Goede Positief Positief Tegenovergestelde Tegenovergestelde ALLERGIE UITDAGING Briefing CDS Teveel van het Goede 10 Verschillende individuen die over verschillende kernkwaliteiten beschikken, kunnen erg allergisch op elkaar reageren; de allergie van de één is de valkuil van de ander. Maar tegelijkertijd kunnen zij ook in sommige gevallen jaloers op elkaar zijn, want de één zijn kwaliteit is de uitdaging van de ander. Dat komt er dan bij voorbeeld als volgt uit te zien: Het kernkwadrant KWALITEIT VALKUIL Zelfstandig Dwars Teveel van KWALITEIT het Goede VALKUIL OF ALLERGIE? UITDAGING Volgzaam Meegaand Onderdanig Positief Positief Tegenovergestelde Tegenovergestelde ALLERGIE UITDAGING OF VALKUIL KWALITEIT? Opdringerig Eigengereid Teveel van Initiatief het Goede Briefing CDS ALLERGIE UITDAGING Passief Ingetogen 11 30
    • Mensen worden gevormd door wat ze meemaken, maar ook door met wie ze omgaan in wat voor context. Deze continue wisselwerking met de omgeving wordt inzichtelijk gemaakt in de systeembenadering. Hoewel, inzichtelijk, deze benadering geeft meer aan hoe oneindig complex situaties en relaties kunnen zijn, omdat alles altijd een rol speelt… Om hier mee om te kunnen gaan is het zaak de situatie duidelijk af te bakenen; welk systeem wil ik bekijken? Als ik dan andere systemen bewust buiten beschouwing laat, moet ik mij goed realiseren dat mijn beeld en inzicht nooit volledig zal zijn. Een systeem is bij voorbeeld een gezin. Dit systeem bestaat weer uit de subsystemen ouders, partners, kinderen… En niet te vergeten de continue op beide ouders en partners werkende invloed van de systemen van herkomst. Systemen zijn bij voorbeeld in de volgende categorieën onder te verdelen: - Communicatief systeem; hoe communiceren mensen in een bepaald systeem met elkaar? (Noot: je kunt niet niet communiceren). Elke boodschap heeft een inhoudsaspect en een relatieaspect… het gevaar van ´elkaar aanvoelen´ (lees: voor elkaar invullen). - Voortdurend veranderend Sociaal systeem. De hoofdtaken zijn paradoxaal; waarborgen continuïteit stimuleren ontwikkeling. Subsystemen: ouders partners kinderen; coalitievorming… - Intergenerationeel systeem; wat is de rol van (verticale en horizontale) loyaliteiten; wat is het effect van het vorig systeem (gezin van herkomst) op het huidig systeem? In bovenstaande beschouwing werden een aantal theorieën en stromingen behandeld, die in mijn ogen complementair zijn aan elkaar en die ik graag zou willen integreren in mijn varend coaching model. Zij dragen allen bij aan het doel dat ik met mijn model voor ogen heb; mensen helpen hun Zevende Golf terug te vinden… Eenieder heeft in het verleden ooit wel eens op die Zevende Golf gesurft; het gevoel gehad dat ‘alles mee zit, niets fout kan gaan en dat niets mij ooit nog uit balans kan krijgen’. Vervolgens is er vaak maar iets kleins voor nodig om volledig uit balans te raken en het dal in te glijden. Hoe vind ik die mindset terug, hoe vind ik mijn innerlijk kompas terug, dat mij de weg kan wijzen naar mijn Zevende Golf? Zoals de oplossing meestal besloten ligt in het probleem, zo ligt mijn sleutel tot geluk besloten diep in het diepste binnenste van mijzelf… Ken Uzelf, en U zult het universum en de Goden kennen… Thales 31
    • EN NU DE PRAKTIJK In een dal? The 7th Wave - Varende Coaching… Het eerste en belangrijkste aspect van varend coachen is dat coach en coachee ´samen onderweg zijn´. Weg uit de dagelijkse routine, weg uit de gesprekskamer, als gelijkwaardige reisgezellen onderweg, richting een - al dan niet samen vastgesteld - doel. We zijn buiten, in contact met de elementen, in contact met onszelf en in contact met elkaar. Het contact met elkaar heeft op het water niet de lading die het in een gespreksruimte heeft, waar de duidelijke rolverdeling coach – cliënt alomtegenwoordig is. Het contact bestaat niet zozeer uit het naar elkaar kijken, maar vooral ook uit het samen dezelfde kant op kijken. Zowel terugblikken als vooruit kijken. En op het water is het prettig om het af en toe een tijdje stil te laten zijn, hetgeen in een gesprekskamer al gauw als ´pijnlijk´ ervaren wordt. Het tweede aspect is het element water. De ruimte, water geeft rust, water vloeit, kiest de weg van de minste weerstand. Het element water staat symbool voor harmonie. Het derde aspect: varen. Varen is beweging. Varen is vrijheid. Varen is één zijn met de elementen, met de omgeving. Varen is aanwezig zijn in het hier en nu en gelijktijdig terugblikken en vooruitkijken. Varen is actief. Varen is ontspanning… Het varen is een metafoor voor het leven; waar kom ik vandaan, waar denk ik nu te zitten (gis),waar ben ik nu (positie), waar wil ik naartoe, wanneer wil ik daar zijn, wat kom ik onderweg tegen, hoe weet ik wanneer ik er ben etc. etc. Het vierde aspect; navigeren. Navigeren is in controle blijven over de situatie; bewust van mijn huidige positie, bewust van mijn afgelegde weg en bewust van mijn meest waarschijnlijke toekomst. En de wetenschap dat ik altijd een keuze heb, altijd de mogelijkheid om het ´roer om te gooien´ of mijn bestemming aan te passen. Of om terug te keren, naar de ´veilige haven´. 32
    • De Voorbereiding: het Navigatieplan… Om te bepalen of coach en coachee iets voor elkaar zullen kunnen betekenen en zoja, wat voor ´reisje´ met wat voor ´doel´ het best bij de cliënt zal passen, zal er eerst een intakegesprek plaatsvinden. Dit kan, afhankelijk van de situatie, de cliënt of zijn wens, direct varend gebeuren, of wellicht voor anker of aan de steiger. Maar wel op de boot, dit is vanaf het begin ‘de werkplek’. Doel van de intake is kennismaking, een korte uitleg van het concept ´varend coachen´, wederzijds vertrouwen winnen en een eerste probleemverkenning. Vooral dat vertrouwen is belangrijk, omdat we samen weg gaan, het water op. Dit kan als onveilig of bedreigend ervaren worden. Hiertoe is het van belang dat ik duidelijke kaders schep; wat is mijn rol (faciliterend), wat verwacht ik van de coachee (hij/zij is in controle, bepaalt wat wel of niet gebeurt, geeft tijdig zijn/haar grenzen aan). Het meer is het leven van de coachee, de boot is de coachee; hij/zij bepaalt de koers. Het intakegesprek zal verder een mengvorm zijn van een gesprek in het hier en nu (wat brengt je hier, waar zit je mee, hoe is dat een probleem voor je) en een (gedeeltelijk) levensloopgesprek. Het doel hiervan is om een eerste indruk te krijgen van de cliënt zijn huidige positie en zijn afgelegde weg. Indien blijkt dat het levensloopverhaal wat zwaar is of gevoelig ligt, zal ik voorstellen het eerste gesprek in het hier en nu houden. Als na dat gesprek blijkt dat de cliënt verder wil met mij, zal ik hem als ´huiswerk´verzoeken zijn levensloop op papier te zetten in de vorm van een beknopte biografie. In deze biografie hoeft niet de gehele levensloop aan bod te komen, slechts de voor de coaching relevante domeinen (b.v. werk, relaties, zie de 7 domeinen van Remmerswaal) dan wel waar de coachee behoefte aan heeft om over te praten. Ik zal verzoeken om bij het schrijven per domein globaal de volgende structuur aan te houden: - Wat is mij overkomen? Hoe ben ik daarmee omgegaan? Waar heeft dat toe geleid? En hoe voel ik mij daar bij? - Wanneer heb ik mijzelf een doel gesteld? En wat heb ik gedaan om dat te bereiken? En waar sta ik nu? Op grond hiervan kan ik beginnen met het opstellen van een navigatieplan. - Is er nooit een doel gesteld? Dan gaan we daaraan werken... - Leeft iemand alleen maar om zijn de doelen te bereiken en vergeet hij het hier en nu, zichzelf en zijn omgeving? Dan gaan we daaraan werken... - Heeft iemand nooit (bewust) gereageerd of gereflecteerd op gebeurtenissen in het leven? Dan gaan we daaraan werken... - Leeft iemand alleen maar in het verleden, als reactie op zijn verleden, en vergeet hij vooruit te kijken? Dan gaan we daaraan werken… - Heeft iemand het gevoel dat het leven hem/haar overkomt, dat hij/zij hier geen controle heeft? Dan gaan we daaraan werken… 33
    • Een iets provocatievere manier dan de biografie”, of – afhankelijk van de cliënt – te gebruiken als aanvulling hierop; laat de coachee, voorafgaand aan de coaching, zijn eigen ‘testament schrijven’; “Als ik er niet meer ben, wil ik herinnerd worden als….”. De insteek van het varend coachen is niet om de coachee te laten zien hoe ‘het navigeren in zijn werk hoort te gaan’, maar om aanschouwelijk te maken hoe de cliënt ‘door het leven navigeert.’ Patronen in gedragingen, gedachten of verwachtingen kunnen al varend uitvergroot weergegeven worden. Bij voorbeeld, als iemand zichzelf nog nooit een doel heeft gesteld, doen we dat ook nu niet en gaan we gewoon, en ‘zien wel waar het schip strandt’… Of iemand die juist extreem doelgericht is, stellen we onszelf een concreet doel en gaan er zo snel mogelijk op af. En dan, doel bereikt… wat hebben we eigenlijk bereikt? En wat hebben we niet gezien? Door valkuilen onderweg bespreekbaar te maken en vergelijkbare situaties uit het dagelijks leven van de cliënt te bevragen, kan het inzicht vergroot worden in de (in)effectiviteit van bepaald gedrag in bepaalde situaties, en in onderliggende gedachten en gevoelens. Het vervolgtraject kan bestaan uit een eenmalige varende coaching en van daaruit kijken of we nog een keer gaan, of een van tevoren vastgesteld ‘pakket’, bestaande uit bij voorbeeld een aanvullend levensloopgesprek, gevolgd door twee of drie varende sessies. Zowel het verloop van de sessie als de wensen van de coachee zijn bepalend voor wat er in de volgende sessie gebeurt; we stellen na elke trip samen een ‘vervolg-navigatieplan’ vast. 34
    • De Uitvoering; plan je vaart, vaar je plan… (droom je leven, leef je droom…) Fasen in het navigeren: 1) Visualisatie & doelstelling 30 minuten Voelen - Denken Waar wil ik heen - Wat is mijn doel, wat wil ik bereiken? Wat zijn mijn verwachtingen? (Korte termijn; vandaag de eerste sessie, zowel op korte als op lange(re) termijn. Bij voorbeeld in de vorm van een korte meditatie. De bedoeling is dat de coachee zich een beeld vormt van zijn verwachtingen. Hij hoeft deze niet uit te spreken, enkel ergens in zichzelf op te slaan, om ze vervolgens weer los te laten. Als we hebben afgesproken een concreet doel te willen bereiken, kan de coachee dit ´in kaart brengen´ door het doel, en de geplande weg daar naar toe, letterlijk in de kaart te zetten. In hoeverre neemt hij controle? Misschien wil hij zelfs tussentijdse controlepunten in de kaart zetten; zo laat wil ik daar zijn, anders redden we het niet op tijd… 2) Actie 30 minuten Doen Onderweg gaan. Afhankelijk van ´het script´ met of zonder concreet doel. Wil de coachee gelijk het roer in handen hebben? Of gaat hij liever op een veilige plek zitten om te observeren… Ondertussen een ´luchtig´ gesprek, coachee bepaalt waarover. Eventueel wat aanvullende vragen naar aanleiding van eerder gesprek of biografie. Accent op hier en nu; de omgeving, het weer, de boot… 3) Positie bepalen 15 minuten Denken - Voelen Als we een tijdje gepraat hebben, brengen we de aandacht naar buiten. Waar komen we eigenlijk vandaan? Waar is onze ´veilige haven´? Waar denk je dat we nu zitten? Waar leidt je dat uit af? Hoe kun je dat checken? Waarom zitten we niet waar je dacht te zitten? Wat is er gebeurd? Als we nu zo doorgaan, waar komen we dan uit? Wil je dat wel? Hoe voelt dat? Wat kunnen we hieraan doen? Herken je die situatie, dat je overtuigd bent te weten waar je staat, en dat je omgeving daar heel anders over denkt? Wat deed dat met je? Hoe ben je daar toen achter gekomen en wat heb je toen gedaan? Wat kunnen we doen in het dagelijks leven om onze positie te bepalen? 4) Actie 15 minuten Doen Wat ga je doen? De koers wijzigen? Of passen we gewoon onze bestemming aan en gaan we rechtdoor? Heb je ooit wel eens bewust je koers gewijzigd? Heb je je doel wel eens bijgesteld? Waarom? Waar heeft dat toen toe geleid? 35
    • 5) Rust & reflectie 60 minuten Voelen Een rustig plekje om voor anker te gaan (even te ´aarden´ met het anker in de klei) of te dobberen, bij voorbeeld bovenwinds de motor uit en over het meer laten driften. Dit is meer voor gevorderden, want dan moeten we constant alert blijven op de omgeving. We laten al de indrukken van ons af glijden en proberen het denken even uit te schakelen. We zijn bezig geweest met onze omgeving, met terugblikken, vooruitkijken en koers wijzigen; nu is het tijd even ´in onszelf te keren´. Hoe zit ik erbij? Wat voel ik, zowel lichamelijk als mentaal? Wat vertelt mijn lichaam mij? Hoe is het met mijn balans, mijn energie? Eventueel wat balans- en ademhalingsoefeningen uit Aikido, of focussing- en contact oefeningen; wat is een veilige afstand? Hoe geef ik mijn grenzen aan? Verder even helemaal niets, een hapje en een drankje en een frisse duik… 6) Actie 30 minuten Denken - Doen We gaan terug. Waar zijn we? Waar kwamen we vandaan? Onderweg terug een stukje evaluatie. Wat had je je voor vertrek gevisualiseerd van deze sessie? Hoe is dat (niet) uitgekomen? Wat heb je er zelf aan gedaan om aan je verwachtingen tegemoet te komen? Wat vond je ervan? Wil je nog een keer? 7) Afmeren, afronden & afspreken Vervolgafspraak? Wensen? Wat wil je anders? Eventueel een ´huiswerkopdracht´. Dit kan bij voorbeeld zijn een lesje “bewust zijn; van de automatische piloot af”. Probeer eens, als je thuis komt, te doen alsof je daar voor het eerst komt, ga eens op vakantie in je eigen huis. Wat zie je, wat doe je. Denk aan je balans, je ademhaling, probeer alledaagse dingen eens met je volle aandacht, met liefde, te doen. Besef wat je allemaal hebt; niets is vanzelfsprekend, er zijn geen gewone momenten… Tot de volgende keer. 36
    • CASUÏSTIEK Casus 1: Karin De intake: Karin, psychologisch medewerkster Psychologisch Advies & Selectie Amsterdam, in een ´mid-life´ dip; is dit het wel? Ontevreden met werk, weet niet wat te doen, mist relatie & vastigheid. Mist inspiratie en ´vaste ankers´ in leven. De coachvraag: Karin wil leren ´dingen zelf in de hand te houden´ en meer ´bij haar eigen gevoel te blijven´… De biografie: - Familie / gezin: Ouders eigen bedrijf; druk, weinig aandacht voor gezin. Jongste van drie meiden (leeftijdsverschillen 3 en 8 jaar). Beste contact met oudste zus. Makkelijk kind; geleerd zelfstandig te zijn en anderen ´niet tot last´. Beide ouders op jonge leeftijd overleden (14e en 16e). Bij oudste zus en zwager gaan wonen; weinig toegegeven en toegekomen aan rouwproces. Weinig erkenning en waardering van anderen. Er zijn voor anderen. Gevoel? - Affectief: Eerste relatie na overlijden ouders; kreeg ´verkeerd soort steun´ (“misschien kun je de HAVO wel niet”; “lastig voor je zus om jou in huis te hebben”). Zakt in depressie; automutilatie en zelfmoordgedachten (vindt zelf depressief een te groot woord…, meer ´niet gelukkig; hoopte de volgende dag niet meer wakker te worden´…). Later, in marinetijd, langdurige relatie (12 jaar) gekregen en samengewoond. Hij ´bracht veel plezier, afleiding, nieuwe dingen ontdekken, was positief en enthousiast´. 3 jaar terug relatie beëindigd (waarom?) en verhuisd naar andere stad. Huis gekocht, voelt goed. Toch nog ´niet happy´. Staat alleen, ongehuwd, geen kinderen. Gevoel? Betekenis seks/intimiteit? Coping gedrag: afleiding, mooi weer spelen. En gesprekken met psychologen en medicijnen; werkte niet. (Nu ook in ´therapie; redelijke klik´). - Werk / opleiding: Na de MAVO verder met HAVO, in 4 HAVO overleed moeder; concentratieproblemen en niet afgemaakt. Op kamers gegaan, 1 jaar modevakschool, was het niet. Toen1 jaar bij de marine, was het ook niet. Daarna secretaresse opleiding gaan volgen. Doel; HBO papiertje; erkenning. Kreeg ze niet… Uiteindelijk psychologisch medewerkster PAS (Hoe? Betekenis werk?) 37
    • - Ideologisch: Jeugddroom (van 7e tot 14e): journaliste worden. Daarna?... Later werd het doel om ´een HBO papiertje te halen´ om ´te laten zien dat ik niet dom was´… Wens: erkenning… Interpretatie/gevoel: Karin heeft nooit echt erkenning en waardering gehad voor wie ze was en wat ze deed. Voldoet aan de verwachtingen van anderen. Weinig ´in contact met zichzelf´; is er voor anderen, gaat aan zichzelf voorbij… Survivor; zoekt afleiding, speelt mooi weer. Karin mist de inspiratie ´ergens voor te gaan´; echt voor zichzelf te kiezen. Op de automatische piloot, geen gevoel van controle over eigen leven… Hoe is het met Karin´s zelfbeeld? Pas als dit zelfbeeld positief is, kun je beginnen vanuit positieve verwachtingen en intenties een gewenste ´meest waarschijnlijke toekomst´ te visualiseren en creëren. Er spelen veel heftige zaken uit het verleden. Ik wil daar niet teveel bij stil staan, maar vooral focussen op haar functioneren in het hier en nu. Ik kan haar niet helpen, hooguit helpen zichzelf te helpen. Als ze meer hulp wenst om zaken uit het verleden op een rij te krijgen, zal ik adviseren daar deskundige hulp voor in te roepen. (Heeft ze al (gehad), wat heeft dat opgeleverd?) Accenten coaching: 1) Bij jezelf komen, aan jezelf denken, van jezelf houden 2) Controle; visualiseren, concretiseren, ergens ´voor gaan´ 38
    • Plan van aanpak: 1) Visualisatie & doelstelling 30 minuten Voelen - Denken Korte uitleg over het concept varend coachen. Alles mag, niets moet. Vooral ontspannen ´onderweg zijn´. Voorafgaand aan vertrek een korte meditatie. De bedoeling is dat Karin even aankomt, alle dagelijkse beslommeringen even achter zich laat en ´in zichzelf keert´ om haar verwachtingen voor deze eerste sessie te visualiseren. Wat zou ze graag bereiken vandaag? Hoe gaat dat er dan uit zien? Ze laat de beelden binnenkomen en slaat ze op, zonder deze uit te spreken. Vervolgens mag ze de beelden weer loslaten en langzaam naar het hier en nu terugkeren, het eigen lichaam en de omgeving, de elementen. Hoe zit ik erbij? Hoe is mijn ademhaling? Als Karin ´er weer is´, pakken we de kaart van het gebied. Karin mag bepalen waar ze vandaag naartoe wil. Wat wordt het doel? Hoe kunnen we dat bereiken? Waar moeten we onderweg op letten om te weten of we op de goede weg zijn? 2) Actie 30 minuten Doen Trossen los. Wat wil Karin, achter het roer (uitvoerend), achter de kaart (controlerend) of even helemaal niets (observerend)? Herken je dit? Wat zegt dit over jou? Ondertussen een ´luchtig´ gesprek, Karin bepaalt waarover. Eventueel wat aanvullende vragen naar aanleiding van intake of biografie. Accent op hier en nu; de omgeving, het weer, de boot… 3) Positie bepalen 15 minuten Denken - Voelen Als we een tijdje gepraat hebben, brengen we de aandacht naar buiten. Waar komen we vandaan? Waar is de ´veilige haven´? Waar zitten we nu? Waar leidt je dat uit af? Hoe kun je dat checken? Waarom zitten we niet waar je dacht te zitten? Wat is er gebeurd? Als we nu zo doorgaan, waar komen we dan uit? Wil je dat wel? Waar wou je eerst naar toe? Wil je dat nog steeds? Waarom (niet)? 4) Actie 15 minuten Doen Wat gaan we doen? De koers wijzigen? Of passen we gewoon onze bestemming aan en gaan we rechtdoor? Heb je ooit wel eens bewust je koers gewijzigd? Heb je je doel wel eens bijgesteld? Waarom? Waar heeft dat toen toe geleid? 5) Rust & reflectie 60 minuten Voelen Een rustig plekje om voor anker te gaan; even te ´aarden´ met het anker in de klei. We laten al de indrukken van ons af glijden en proberen het denken even uit te schakelen. We zijn bezig geweest met onze omgeving, met terugblikken, vooruitkijken en koers wijzigen; nu is 39
    • het tijd even ´in onszelf te keren´, een stukje focussing op het lichaam. Hoe zit ik erbij? Wat voel ik, zowel lichamelijk als mentaal? Wat vertelt mijn lichaam mij? Hoe is het met mijn balans, mijn energie? Waar voel ik spanning? Waar komt die vandaan? Wanneer voel ik dat nog meer? Eventueel wat balans-, ademhalings- of contactoefeningen uit Aikido; wat is een veilige afstand? Hoe geef ik mijn grenzen aan? Hoe maak ik contact? Wat doet dat met mij? Een thema en tevens paradox in Karin´s leven is de behoefte aan steun terwijl ze iedereen laat zien dat ze geen steun nodig heeft. Hier kan de oefening ´steunen en gesteund worden´ inzicht geven; wat doet Karin liever, een ander steunen of gesteund worden? Hoe voelt het om gesteund te worden, van een ander afhankelijk te zijn, waar zit de spanning? Wanneer voel(de) je die nog meer? Verder even helemaal niets, een hapje en een drankje en een frisse duik… 6) Actie 30 minuten Denken - Doen We gaan terug. Waar zijn we? Waar kwamen we vandaan? Onderweg terug een stukje evaluatie. Wat had je je voor vertrek gevisualiseerd van deze sessie? Hoe is dat (niet) uitgekomen? Wat heb je er zelf aan gedaan om aan je verwachtingen tegemoet te komen? Wat vond je ervan? Wil je nog een keer? 7) Afmeren, afronden & afspreken Vervolgafspraak? Wensen? Wat wil je anders? Eventueel een ´huiswerkopdracht´. Dit kan bij voorbeeld zijn een lesje “bewust zijn; van de automatische piloot af”. Probeer eens, als je thuis komt, te doen alsof je daar voor het eerst komt, ga eens op vakantie in je eigen huis. Wat zie je, wat doe je. Denk aan je balans, je ademhaling, probeer alledaagse dingen eens met je volle aandacht, met liefde, te doen. Besef wat je allemaal hebt; niets is vanzelfsprekend, er zijn geen gewone momenten… Volgende huiswerkopdracht (eventueel na volgende sessie); las een rustmoment in, voor een korte meditatie. Probeer vervolgens te visualiseren, zoals je dat aan het begin van deze sessie voor deze dag deed, hoe je je toekomst op langere termijn graag zou willen zien. Wat is er dan anders? Tot de volgende keer. 40
    • Casus 2: Coen en Sanne De intake: Tien jaar getrouwd, daarvoor zes jaar relatie, kinderen van drie en vijf, ging ´niet over rozen´. Vanaf begin regelmatig heftige escalaties. Samen heftige dingen meegemaakt, goed doorstaan. Positief in het leven. Toch blijven, meestal om kleine dingen, zaken escaleren. Klusjes die blijven liggen; Coen wil meer rustmomenten, samen genieten, op de schaarse momenten dat ze niet met kinderen/werk/studie bezig zijn; Sanne wil aanpakken, eerst alle dingen gedaan hebben die gedaan moeten worden. Beiden actief bezig met psychologie en coaching, herkennen patroon, niet in staat dit te doorbreken. De coachvraag: Wat maakt dat wij zo heftig op elkaar kunnen reageren en niet in staat zijn tijdig te de- escaleren? De biografie: - Identiteit: Beiden veel geleerd van tegenslagen. Heeft diepgang aan leven gegeven, aanleiding gegeven tot ´nieuwe koers´; besef van ´wat er wel is´ en dat niets vanzelfsprekend is. - Familie / gezin: Coen: uit gezin van vier, 1 oudere broer. ´Warm nest´, dominante moeder, gericht op prestaties, status en aanzien. Introverte, rustige vader. Gevoel: schaamte voor en groeiend verzet tegen dominantie moeder en slachtofferrol vader. Neiging tot minderwaardigheid en verlegenheid. Moeite met uiten. In 2001 eerste kind verloren tijdens bevalling, korte tijd later vader overleden. Moeder ´uit huis geplaatst´ wegens Alzheimer. In 2005 broer overleden. Was steun en toeverlaat en goede vriend. Reactie: boos, staat er ´alleen voor´. Sanne: enig kind. Ouders weinig sociaal, hoge eisen. Vader dikwijls onredelijk & streng. Gevoel: liefde is voorwaardelijk, ik mag er niet zijn, ben nooit goed genoeg. Geldingsdrang; ik moet en zal me bewijzen. In 2001 eerste kind verloren tijdens bevalling; angst voor verlies, bang voor herhaling. Verwerking ´samen en toch alleen´. Niet begrepen worden. Onbegrip voor en verdriet over gevoel van Coen dat hij er ´alleen voor staat´. - Affectief: Coen: op 29e Sanne ontmoet. Daarvoor diverse relaties, van zeer kort tot max. 2 jaar. Soms moeite met intimiteit (uiten), geen moeite met en regelmatig behoefte aan 41
    • seksualiteit. Snel van vertrouwen Sanne: op 25e Coen ontmoet. Daarvoor diverse relaties, tot max. Negatieve ervaringen met vertrouwen, eerder wantrouwig en jaloers. Minder moeite met intimiteit, seksualiteit soms ´op de rem´ (fysiek & emotioneel) - Ideologisch: Coen: Aanvankelijk geaccepteerd worden, bij de (stoere) groep horen; vliegen. Later maar naar buiten, ervaringen delen, anderen helpen, zin van het leven, grootste gemene deler. Besef & acceptatie van vergankelijkheid. Na periode van onrust en chaos steeds duidelijker doelen en dromen; realiseerbaar, niet te ambitieus. Sanne: Aanvankelijk zelf bewijzen, gewaardeerd worden, als individu. Later meer ´ertoe doen´; angst voor vergankelijkheid, iets blijvends achterlaten ´voor het te laat is´… Verschillende dromen, in toenemende mate naar haalbare doelen geconcretiseerd; wel erg ambitieus… Interpretatie/gevoel: Zeer verschillend ´systeem van herkomst´. Verschillende waarden en normen. Verschillende referentiekaders en opvattingen ten aanzien van opvoeden. Allebei gericht op (zelf)ontplooiing & ontwikkeling. Allebei loyaal naar gezin van herkomst, gelijktijdig toenemende weerstand, boosheid en verzet tegen dominantie, niet erkend worden, niet gehoord worden, niet goed genoeg zijn. Relatie was dikwijls machtsstrijd, soort oefenarena voor ´real life´; “ik ben goed genoeg, ik zal gehoord worden, ik heb gelijk”… Een gelijkheidsrelatie, geen gelijkwaardigheidsrelatie… Coen heeft met zijn broer zijn ´wederhelft´ verloren; zijn ´navelstreng met zijn verleden´, zijn gedeeld referentiekader, gedeelde herinneringen, gedeelde normen en waarden, zijn begripvolle vertrouwenspersoon. Juist als de verschillen tot conflict leidden in de relatie, was broer zijn baken. Was er als het ertoe deed. Hoe meer zijn echte partner hier verdrietig en boos (jaloers) van wordt, hoe meer Coen zich machteloos voelt, zijn broer mist en kwaad wordt. Beiden gaan conflict aan en zoeken escalatie. Een patroon, en moeilijk te doorbreken als je hier zelf deel van uitmaakt… Coen wil meer rust en voelt zich tegengewerkt; Sanne wil aanpakken en voelt zich tegengewerkt. Wat hield ze al die tijd samen? Wat houdt ze nu nog samen? Wanneer gaat het wel goed? 42
    • Accenten coaching: 1) Samen onderweg zijn, elkaar aanvullen, op elkaar vertrouwen; samen voor een gemeenschappelijk doel gaan. Tevens respect en begrip voor elkaars individuele doelen. Hoe zijn deze te combineren? 2) Communiceren; hoe benoemen wij (niet) wat ons wel / niet bevalt? (Verschillende niveaus: inhoud – betrekking; digitaal – analoog; interpunctie) 3) Verwachtingen; wat verwachten wij op welk moment van elkaar en hoe spreken we dit uit? (lineair denken & lineaire verwachtingen geven circulaire causaliteit = patroon dat je zelf in stand houdt; b.v. Coen is lui Sanne is rusteloos) 4) Contact; toenadering of verwijdering; aantrekking (tantra) of afstoting? inner aikido: grenzen aangeven, veilig – bedreigend; afstand – nabijheid; steunen – gesteund worden. 5) Humor: kan er nog gelachen worden? Wanneer (niet)? relativeren Plan van aanpak: Een relatie binnen een gezin… is complex. Zoals beschreven in het theoretisch kader hebben we te maken met een subsysteem (partners) binnen een stelsel van andere subsystemen. Welk (sub)systeem gaan we aanpakken? De relatie; de partners… Kunnen we één systeem eruit lichten zonder de voortdurende interactie en rollenconflicten en belangenverstrengelingen van andere (sub)systemen mee te nemen? We onderkennen aan de hand van deze met elkaar verweven (sub)systemen en benaderingen de complexiteit van de situatie, accepteren dit als een ´gegeven´, en laten dit vervolgens buiten beschouwing om te kijken hoe het navigatiemodel uitkomst kan bieden. Als vertrekpunt van ´onze reis´ nemen we aanvang relatie; ´terug naar de basis; wat bracht ons samen?´. Verder wil ik mij in deze coaching voornamelijk beperken tot het hier en nu en het gezamenlijk vooruit blikken. Wat voor patronen herken ik, hoe spelen die thuis een rol en hoe zou dat anders kunnen? 1) Visualisatie & doelstelling 30 minuten Voelen - Denken Voorafgaand aan vertrek een korte meditatie. Afzonderlijk; Sanne op het voorschip, Coen op het achterschip. De bedoeling is dat beiden hun verwachtingen van deze eerste sessie visualiseren, zonder elkaar te beïnvloeden. Waar wil ik heen - Wat is mijn doel, wat wil ik bereiken? Wat zijn mijn verwachtingen van deze eerste sessie? Vervolgens, als ze weer bij elkaar en in het hier en nu zijn, mogen ze de kaart pakken en een doel bepalen voor vandaag. Wat gebeurt er? Wie neemt de leiding? Hoe gaat dat? Waar zit (geen) weerstand? Niet bespreken, alleen observeren, alleen indien nodig ingrijpen. 43
    • 2) Actie 30 minuten Doen Onderweg gaan. Wat gebeurt er? Wie neemt het roer? Wat doet de ander? Hoe is de afstand? Waar gaat het gesprek over? 3) Positie bepalen 15 minuten Denken - Voelen Als we een tijdje gepraat hebben, brengen we de aandacht naar buiten. Waar komen we eigenlijk vandaan? Waar is onze ´veilige haven´? Waar denken jullie dat we nu zitten? Waar leidt je dat uit af? Hoe kun je dat checken? Waarom zitten we niet waar je dacht te zitten? Wat is er gebeurd? Als we nu zo doorgaan, waar komen we dan uit? Willen we dat wel? Hoe voelt dat? Wat kunnen we hieraan doen? In elk geval bevinden jullie je nu samen op dezelfde positie. Hoe is dat thuis? Hoe komen jullie daar achter? 4) Actie 15 minuten Doen Wat ga je doen? De koers wijzigen? Of passen we gewoon onze bestemming aan en gaan we rechtdoor? Hebben jullie ooit wel eens bewust een gezamenlijke koers gewijzigd? Of een gezamenlijk doel bijgesteld? Waarom? Hoe voelde dat? Waar heeft dat toen toe geleid? In hoeverre varen jullie thuis ´dezelfde koers´? 5) Rust & reflectie 60 minuten Voelen Op een rustig plekje bovenwinds doen we de motor uit en gaan lekker driften. Dit is meer voor gevorderden, want dan moeten we constant alert blijven op de omgeving. We laten al de indrukken van ons af glijden en proberen het denken even uit te schakelen. We zijn bezig geweest met onze omgeving, met terugblikken, vooruitkijken en koers wijzigen; nu is het tijd even ´in onszelf te keren´. Hoe zit ik erbij? Wat voel ik, zowel lichamelijk als mentaal? Wat vertelt mijn lichaam mij? Hoe is het met mijn balans, mijn energie? Eventueel wat balans- en ademhalingsoefeningen uit Aikido, in eerste instantie afzonderlijk, individueel, later meer gezamenlijke contact oefeningen; wat is een veilige afstand? Wat voel ik, verwijdering of toenadering, aantrekking of afstoting? Hoe geef ik mijn grenzen aan? Verder even helemaal niets, een hapje en een drankje en een frisse duik… 6) Actie 30 minuten Denken - Doen We gaan terug. Waar zijn we? Waar kwamen we vandaan? Onderweg terug een stukje evaluatie. Wat hadden jullie je voor vertrek gevisualiseerd van deze sessie? Hoe verschilden die van elkaar? Hoe is dat (niet) uitgekomen? Wat heb je er zelf aan gedaan om aan je verwachtingen tegemoet te komen? Wat vonden jullie ervan? Was er een wij vandaag? Willen jullie nog een keer? 44
    • 7) Afmeren, afronden & afspreken Vervolgafspraak? Wensen? Wat willen jullie anders? Varen samen kan natuurlijk perfect verlopen = tevens de valkuil; het gaat om samen thuis functioneren, in de dagelijkse hectiek, en met (verschillen in opvatting over) de opvoeding van de kinderen. Hoe het geleerde mee te nemen naar huis en te integreren in de dagelijkse gang? Onder andere door gerichte huiswerkopdrachten, om gedrag waarmee op de boot ´geëxperimenteerd en geconfronteerd is´ geleidelijk thuis te implementeren. Voorafgaand aan de volgende sessie feedbackronde over ´hoe ging het thuis, wanneer ging het goed, wanneer ging het (bijna) mis?´ Reflecteren op eigen bijdragen in conflicten thuis; in schrift bijhouden waarom en wanneer iets (bijna) mis ging; - Wat was de aanleiding? - Wat gebeurde er toen? - Hoe heb ik daarop gereageerd? - Wat was het gevolg van die reactie? - Hoe had ik anders kunnen reageren? - Wat zou daar het gevolg van zijn geweest? Bovenstaande vragen individueel invullen en samen bespreken. Kijken naar verschil in ´waarheden´. Uitgangspunt: Ieder heeft zijn eigen waarheid. Een conflict is een botsing van twee waarheden die niet in hetzelfde verhaal passen… Wat hebben wij thuis voor gemeenschappelijke doelen? Wat doen we om die concreet te maken? Hoe dragen wij in de dagelijkse gang (niet) bij tot het (niet) behalen van dit gemeenschappelijke doel? Huiswerk voor na een volgende sessie kan zijn een individuele meditatieronde, waar beide partners hun gewenste langere termijn toekomst (samen?) visualiseren. Na afloop overleg, en overeenkomsten en verschillen bespreken en noteren. Andere huiswerkopdracht: maak individueel twee kernkwadranten van jezelf en twee van je partner. Vervolgens uitwisselen en bespreken. Hoe kunnen jullie elkaar respecteren en aanvullen in plaats van irriteren en confronteren? Hoe kunnen jullie samen deel uitmaken van dezelfde(& gewenste!) meest waarschijnlijke toekomst? 45
    • Casus 3: Janita De intake: Janita, officier bij de luchtmacht, in de HDV (Hogere Defensie Vorming, interne opleiding van een jaar om excellerende officieren voor te bereiden op hogere managementfuncties), raakt ´onverwachts´ in de problemen. Zij wordt, na een goede start, in de eindfase geconfronteerd met een voorstel tot ontheffing uit de opleiding op grond van een ´negatieve attitude´. Dit voorstel wordt in onderzoek genomen door een ´ontheffingscommissie´, die de feiten moet onderzoeken. Nog voordat deze commissie een advies heeft kunnen uitbrengen, wordt een tweede voordracht tot ontheffing ingediend op grond van een onvoldoende beoordeling op de competenties interpersoonlijke sensitiviteit en leervermogen. De coachvraag: Hoe heeft het zover kunnen komen? Hoe kan het zo zijn dat anderen een zo afwijkend beeld van mij hebben dan ikzelf? Wat kan ik hieraan doen? De biografie: - Familie/gezin: Alleenstaande moeder met kind van 4. Vier jaar geleden gescheiden. Geen verdere problemen, behalve soms onenigheid over opvoeding van en zorg voor het kind. Goede band met ouders die regelmatig kunnen inspringen om een deel van de zorg voor het kind over te nemen. - Werk/opleiding: Een voorspoedige carrière; een dubbele studie Recht en Milieukunde, vervolgens ingestroomd in de verkorte officiersopleiding bij de KMA. Diverse verantwoordelijke functies goed vervuld, diverse uitzendingen meegemaakt, ook na de scheiding; de zorg voor het kind ´uitbesteed´ aan ex en ouders. Wordt tijdens de HDV voor het eerst geconfronteerd met tekortkomingen op competentiegebied. Interpretatie/gevoel: controle, doel stellen is geen probleem, wel valkuil. Geldingsdrang; hoe meer weerstand ze ondervindt, hoe vastberadener/meer verbeten om doelen te bereiken, ten koste van… Hoe klopt haar zelfbeeld (niet) met het beeld dat haar omgeving van haar heeft? Accenten coaching: 1) Niet plannen, laten gaan, weg van de minste weerstand. 2) Positie bepalen; waar denk ik te staan waar sta ik? Reflecteren op gevolgen van gedachten en gedrag. Vragen om en reflecteren op feedback. Kwetsbaar durven opstellen. Zelfonthulling Feedback (Johari); van gis naar ware positie. 46
    • Plan van aanpak: 1) Visualisatie & doelstelling 30 minuten Voelen - Denken We beginnen weer met de korte meditatie om een beeld te vormen van de gewenste verwachtingen van vandaag. Niet uitspreken, enkel zichzelf opslaan en loslaten. Janita is ´vuur´; zij stelt zich een doel en gaat ervoor. Eens kijken hoe doelgericht ze nu te werk gaat; zij mag zichzelf een doel stellen, met tijdslimiet en controlepunten, en dit in de kaart zetten. In hoeverre neemt zij controle? 2) Actie 30 minuten Doen Gaan. Op je doel af. Wil Janita aan het roer of houdt zij liever de controle vanachter de kaart? Janita bepaalt of we zwijgend met ´vol gas´ op ons doel af gaan of dat we een ´luchtig´ gesprek voeren. Waar ligt het accent? Op de omgeving, de elementen of alleen op de tijd en het doel? 3) Positie bepalen 15 minuten Denken - Voelen Als we een tijdje gepraat hebben, brengen we de aandacht naar buiten. Waar komen we eigenlijk vandaan? Waar is onze ´veilige haven´? Wat is onze positie? Zitten we nog ´op track´? Wat is het verschil tussen onze ´gis´ en onze positie? Waar leidt je dat uit af? Hoe kun je dat checken? Waarom zitten we niet waar je dacht te zitten? Wat is er gebeurd? Als 47
    • we nu zo doorgaan, waar komen we dan uit? Wil je dat wel? Hoe voelt dat? Wat kunnen we hieraan doen? Herken je die situatie, dat je overtuigd bent te weten waar je staat, en dat je omgeving daar heel anders over denkt? Wat deed dat met je? Hoe ben je daar toen achter gekomen en wat heb je toen gedaan? Wat kunnen we doen in het dagelijks leven om onze positie te bepalen? 4) Actie 15 minuten Doen Zijn we er al bijna? Wat moeten we doen om er te komen? Zijn we al bijna op ´onze bestemming´? En dan? Wat doen we als we ons doel bereikt hebben? Uitrusten? Of een nieuw doel? 5) Rust & reflectie 60 minuten Voelen Zodra we ons doel bereikt hebben, doen we de motor uit. Zo, we zijn er…. En nu? Hoe voelt dat? Wat hebben we gezien onderweg? En wat hebben we niet gezien onderweg? Afhankelijk van de drukte / wind laten we de boot lekker dobberen en langzaam het meer over driften. We laten al de indrukken van ons af glijden en proberen het denken even uit te schakelen. We zijn bezig geweest met onze omgeving, met terugblikken, vooruitkijken en koers wijzigen; nu is het tijd even ´in onszelf te keren´. Hoe zit ik erbij? Wat voel ik, zowel lichamelijk als mentaal? Wat vertelt mijn lichaam mij? Hoe is het met mijn balans, mijn energie? Eventueel wat balans- en ademhalingsoefeningen uit Aikido, of focussing- en contact oefeningen; wat is een veilige afstand? Hoe geef ik mijn grenzen aan? De oefening steunen – gesteund worden; laat Janita zich wel steunen, durft zij afhankelijk te zijn van een ander? Verder even helemaal niets, een hapje en een drankje en een frisse duik… 6) Actie 30 minuten Denken - Doen We gaan terug. Waar zijn we? Waar kwamen we vandaan? Onderweg terug een stukje evaluatie. Wat had je je voor vertrek gevisualiseerd van deze sessie? Hoe is dat (niet) uitgekomen? Wat heb je er zelf aan gedaan om aan je verwachtingen tegemoet te komen? Wat vond je ervan? Wil je nog een keer? 7) Afmeren, afronden & afspreken Vervolgafspraak? Wensen? Wat wil je anders? Eventueel een ´huiswerkopdracht´. Oefening ´wat je geeft krijg je terug´. Toon interesse in ander, geef ander ´positieve feedback´. Vertel iets persoonlijks over jezelf, vraag feedback. 48
    • GERAADPLEEGDE BRONNEN Literatuur: Tao van de psychologie………………………………………………...Jean Shinoda Bolen, 1979 De kracht van oplossingen…………………………………………………..Louis Cauffman, 2001 Oplossingsgericht management & coaching………………………………Louis Cauffman, 2001 Papillion………………………………………………………………………...Henri Charriere, 1968 Van psychoanalayse naar themagecentreerde interactie………….……….Ruth C. Cohn, 1979 Persuasion & Healing …………………………….…………………………….Jerome Frank, 1961 Provocatief coachen……………………………………Jaap Hollander & Jeffrey Wijnberg, 2006 Artikel Integratieve benadering………………………………………………….Mia Leijssen, 2002 Buigen uit vrije wel – conflicthantering met mentale Aikido……………………Ed Nissink, 2004 NLP-gids voor optimaal functioneren………….…….Joseph O´Connor & John Seymour, 1997 Transactionele analyse, het handboek………………………..Ian Stewart & Vann Joines, 1996 Rationeel Emotief Management……………….………………………………..Jan Verhulst, 1992 De hele olifant in beeld………………………………………………………...Marja de Vries, 2007 Andere inspiratiebronnen: Hoorcolleges: Gestalt coaching en counseling………………………………………..Dr. I.G.P.H. Callens, 2003 Clientgericht coaching en counseling…………………………………Prof. Dr. M. Leijssen, 2003 Persoonlijke effectiviteit in het omgaan met veranderingen….drs. J.L.M. Remmerswaal, 2004 Identiteitsontwikkeling en zelfsturing...………………………….drs. J.L.M. Remmerswaal, 2004 Zingeving en spiritualiteit in leven en werk…………………………………….…..J.P. Wils, 2004 DVD´s: Cockwise……………………………………………………………………………………..……1986 The Lion King………………………………….…………………………………………………..1994 The Secret…………………………………………………………………………………………2006 What the Bleep do we know, part 1 & 2………………………………………………..………2004 49