Feodalisme en het hofstelsel in de middeleeuwen

4,339 views
3,782 views

Published on

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
4,339
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
735
Actions
Shares
0
Downloads
14
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Feodalisme en het hofstelsel in de middeleeuwen

  1. 1. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelsel
  2. 2. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelselDe eerste grote koning in de middeleeuwen was Karel deGrote. Hij bedacht een systeem om zijn rijk te besturen. Hetleenstelsel.Ook wel het feodalisme, feodum is Latijn voor lenen
  3. 3. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelselRidders die goed voor hem hadden gevochten kregen eenstuk grond van hem in leen. Dit mochten zij besturen. In ruilhiervoor moesten zij hem met raad en daad helpen.
  4. 4. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelsel
  5. 5. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelselDe koning werd de leenheer en zijn ridders de leenmannenof vazallen. Soms hadden de leenmannen een heel grootgebied in leen. Dit verdeelde ze dan weer onder hun eigenleenmannen. Soms kregen ook kloosters of bisschoppeneen gebied in leen.
  6. 6. Middeleeuwen Feodalisme en het hofstelsel Koning (leenheer) Hertog Hertog (leenman) (leenman) Graaf Graaf Graaf Bischop (leenman) (leenman) (leenman) (leenman) Ridder Ridder Ridder Ridder Ridder Ridder Klooster Klooster(leenman) (leenman) (leenman) (leenman) (leenman) (leenman) (leenman) (leenman)
  7. 7. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelselEen leenman ging zijn grond niet zelf bewerken. Dezeverdeelde hij onder zijn boeren. Zij moesten huur betalenvoor deze grond. Dit noem je pacht.
  8. 8. MiddeleeuwenFeodalisme en het hofstelselPacht moest worden betaald in de vorm van een deel vande productie van de grond. Daarnaast moest de boer ophet veld van de heer werken. Deze boeren noemen wehorigen. Zij waren geen slaaf maar mochten de grond ookniet verlaten.
  9. 9. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Bevolkingsgroei: De bevolking steeg in de tweede helft van de middeleeuwen sterk.
  10. 10. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Bevolkingsgroei: De bevolking steeg in de tweede helft van de middeleeuwen sterk. Dit werd vooral veroorzaakt door verbeteringen in de landbouw.
  11. 11. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Bevolkingsgroei: De bevolking steeg in de tweede helft van de middeleeuwen sterk. Dit werd vooral veroorzaakt door verbeteringen in de landbouw. •Het drieslag stelsel •Een beter juk voor paarden
  12. 12. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Bevolkingsgroei: De bevolking steeg in de tweede helft van de middeleeuwen sterk. Dit werd vooral veroorzaakt door verbeteringen in de landbouw. Hierdoor ontstond overproductie. Omdat niet meer iedereen boer hoefde te zijn groeide de steden.
  13. 13. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij:
  14. 14. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: •Tot ongeveer 1000 nc waren er in Europa bijna geen grote steden.
  15. 15. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: •Tot ongeveer 1000 nc waren er in Europa bijna geen grote steden. •Toen na 1000 nc de bevolking ging stijgen kwam er steeds meer handel en nijverheid.
  16. 16. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: •Tot ongeveer 1000 nc waren er in Europa bijna geen grote steden. •Toen na 1000 nc de bevolking ging stijgen kwam er steeds meer handel en nijverheid. •De handelaren en ambachtslieden gingen in de steden wonen. Deze steden ontstonden bij kastelen en op kruisingen van belangrijke wegen.
  17. 17. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: •Tot ongeveer 1000 nc waren er in Europa bijna geen grote steden. •Toen na 1000 nc de bevolking ging stijgen kwam er steeds meer handel en nijverheid. •De handelaren en ambachtslieden gingen in de steden wonen. Deze steden ontstonden bij kastelen en op kruisingen van belangrijke wegen. •Omdat deze mensen achter de stadspoorten woonden werden ze poorters of burgers genoemd.
  18. 18. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De meeste burgers waren dus handelaren of ambachtslieden.
  19. 19. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De meeste burgers waren dus handelaren of ambachtslieden. Deze groepen waren erg rijk. Zij werden naast de adel, de geestelijkheid en de boeren een vierde groep in de maatschappij.
  20. 20. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De meeste burgers waren dus handelaren of ambachtslieden. Deze groepen waren erg rijk. Zij werden naast de adel, de geestelijkheid en de boeren een vierde groep in de maatschappij. De burgerij
  21. 21. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De adel en de koningen waren door vele oorlogen vaak in geldnood. Zij gaven de steden steeds meer rechten in ruil voor geldelijke steun.
  22. 22. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De adel en de koningen waren door vele oorlogen vaak in geldnood. Zij gaven de steden steeds meer rechten in ruil voor geldelijke steun. Dit was bijvoorbeeld: Marktrecht Tolrecht Het recht om een stadsmuur te bouwen
  23. 23. Groei van de steden en de burgerij in de middeleeuwen. Opkomst van de burgerij: De adel en de koningen waren door vele oorlogen vaak in geldnood. Zij gaven de steden steeds meer rechten in ruil voor geldelijke steun. Deze stadsrechten noem je ook wel privileges.
  24. 24. GeschiedenisMiddeleeuwse steden en centralisatieLesplanning:-Aandachtspunten-De kerk-Centralisatie
  25. 25. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker.
  26. 26. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker. Deze steden kennen eenaantal duidelijke kenmerken:
  27. 27. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker. Deze steden kennen eenaantal duidelijke kenmerken:- Ze waren druk
  28. 28. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker. Deze steden kennen eenaantal duidelijke kenmerken:-Ze waren druk-Ze waren vies
  29. 29. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker. Deze steden kennen eenaantal duidelijke kenmerken:-Ze waren druk-Ze waren vies-Er waren grote verschillen tussen rijk enarm
  30. 30. GeschiedenisAandachtspuntenNa het jaar 1000 werden steden in Europasteeds belangijker. Deze steden kennen eenaantal duidelijke kenmerken:-Ze waren druk-Ze waren vies-Er waren grote verschillen tussen rijk enarm-Alles was dicht op elkaar gebouwd
  31. 31. GeschiedenisDe kerkDe kerk was erg belangrijk in demiddeleeuwse steden.- De kerk had veel invloed
  32. 32. GeschiedenisDe kerkDe kerk was erg belangrijk in demiddeleeuwse steden.-De kerk had veel invloed-Het kerkgebouw was vaak het grootstegebouw in de stad
  33. 33. GeschiedenisDe kerkDe kerk was erg belangrijk in demiddeleeuwse steden.-De kerk had veel invloed-Het kerkgebouw was vaak het grootstegebouw in de stad-De nieuwe bouwstijlen waren te herkennenin de kerken
  34. 34. RomaansGotisch
  35. 35. GeschiedenisCentralisatieDoor de opkomst van de steden en debevolkingsgroei werd de adel steeds mindermachtig.
  36. 36. GeschiedenisCentralisatieDoor de opkomst van de steden en debevolkingsgroei werd de adel steeds mindermachtig.De koningen gingen steeds meersamenwerken met de steden. Hierdoor konhet leenstelsel worden afgeschaft.
  37. 37. GeschiedenisCentralisatieDoor de opkomst van de steden en debevolkingsgroei werd de adel steeds mindermachtig.De koningen gingen steeds meersamenwerken met de steden. Hierdoor konhet leenstelsel worden afgeschaft. Dekoningen vestigde zich in machtige steden enbestuurde vanuit de steden hun rijk.
  38. 38. GeschiedenisCentralisatieDoor de opkomst van de steden en debevolkingsgroei werd de adel steeds mindermachtig.De koningen gingen steeds meersamenwerken met de steden. Hierdoor konhet leenstelsel worden afgeschaft. Dekoningen vestigde zich in machtige steden enbestuurde vanuit de steden hun rijk.Dit noemen we centralisatie.

×