Barok

1,260 views
1,047 views

Published on

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
1,260
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
16
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Barok

  1. 1. Maniërisme, barok, Gouden eeuw
  2. 2. Barok
  3. 3. Barok : context1600-1720- laatste ‘eenheidsstijl’ in Europa- teruggrijpen op klassieke vormgeving, maar metdynamiek en beweging- kenmerken maniëristische archituur wordenverder uitgewerkt: kolossale zuilen,verspringende gevelpartijen, grote licht-donkercontrasten, ongewone lichtval- overdadige versieringen, streven naarsamensmelting architectuur, beeldhouwkunst enschilderkunst
  4. 4. Kleding in de barok
  5. 5. muziek in de barokBach, Vivaldi, Monteverdi
  6. 6. verschillende richtingen1. katholieke BarokZuid/Europa2. absolute vorstenbarokkunst Frankrijk3. Gouden Eeuw NoordelijkeNederlanden: schilderkunst
  7. 7. Barok : contextNaam is afgeleid van Portugese woord ‘barocco’(‘grillige parel’), maar deze naam is pas vanaf 19eeeuw toegepast op deze stromingverschillende richtingen barok: 1. reformatie zorgt voor afname machtkatholieke kerk  contra-reformatie - kunst van Barok Zuid-Europa is pogingRoomse kerk invloed terug te winnen  machten glorie 2. barokkunst Frankrijk  absolute vorsten tonen aanzien en macht 3. Gouden Eeuw Noordelijke Nederlanden:schilderkunst vn. voor rijke burgerij (VOC)
  8. 8. ARCHITECTUUR BorrominiS Agnese, Rome
  9. 9. Barok : architectuurOverdadige stijl zuid-Europa-plattegronden assymetrisch, onregelmatig-grillige, gebogen vormen die in elkaar overvloeien- veel versieringen, b.v. nissen, uitspringende delen- reliëfwerking, plastische muurvlakken  lichtval licht-donkereffecten- dynamiek: interieur en exterieur lijken in bewegingte zijn- horizontale-verticale richtingen- marmer, goud, luxe materialen- klassieke elementen, b.v. zuilen (maar kolossaal)Nauwelijks navolging in noordelijker Europa (inplaats daar: classicisme)
  10. 10. Bernini
  11. 11. Borromini: San Carlo exterieur
  12. 12. Borromini: plafond San Carlo
  13. 13. Borromini: San CarloPlattegrond
  14. 14. Borromini
  15. 15. Barokke kerkin Krakow (Polen)
  16. 16. Barokke kerkin Krakow (Polen), detail
  17. 17. Barokke kerkin Krakow (Polen)
  18. 18. Kerk in Krakow (Polen), Barok interieur
  19. 19. Barok : schilderkunst-bijbelse voorstellingen, soms mythologie, - plafond- muurschilderingen (trompe l’oeil  illusionistischruimtelijk effect), gravures, schilderijen, panelen- natuurgetrouw- gespierde figuren, overdreven anatomie- dynamiek: diagonale lijnen, snijdende lijnen- dramatisch effect: licht-donkereffecten (clair-obscure) en houdingen/gebaren van figuren- vooral veel warme kleuren- ‘wollig’: veel doeken, engeltjes, wolken, rondefiguren
  20. 20. Guercino
  21. 21. Guercino
  22. 22. Guercino
  23. 23. Rubens: Kruisafneming, middenpaneel
  24. 24. Rubens: kruisopriching, middenpaneel
  25. 25. Rubens: Kruisafneming, middenpaneel
  26. 26. Rubens: Roof van Europa
  27. 27. Rubens: de dochters van Leucippus
  28. 28. Caravaggio
  29. 29. Caravaggio: Emmausgangers
  30. 30. Caravaggio
  31. 31. Caravaggio
  32. 32. Artemesia Gentileschi
  33. 33. Rembrandt Caravaggio
  34. 34. Vélaszquez: Meninas (hofdames)
  35. 35. Barok : beeldhouwkunst-bijbelse voorstellingen, soms mythologie,onderwerpen en ornamenten uit de natuur,ruiterstandbeelden, portretten- aan buitenkant van gebouwen, binnen in nissen- emotie en gevoelens uitbeelden: lijkt theaterstuk- licht-donkereffect- dynamische houdingen en compositie- goud en marmer- beeldhouwkunst en architectuur één geheel- toegepaste kunst: kostbare materialen, rijkelijkbewerkt
  36. 36. Bernini
  37. 37. Bernini: Apollo en Daphne en Buste van Louis XIV
  38. 38. Bernini: David(Onder: David van Michelangelo en van Donatello)
  39. 39. Tuby
  40. 40. Tuby
  41. 41. SalviTrevi-fontein
  42. 42. SalviTrevi-fontein
  43. 43. SalviTrevi-fontein
  44. 44. Barokke tafel
  45. 45. Barokke tafel
  46. 46. Barokke stoel
  47. 47. Barokkeslaapkamer
  48. 48. Kijk verder voor: gouden eeuw
  49. 49. Gouden Eeuw
  50. 50. geschiedenis
  51. 51. Grachtenpanden
  52. 52. Gouden Eeuw: context17e eeuw Nederland: Gouden Eeuw- Nederland rijk en machtig door snel groeiendehandel- Verenigde OostindischeCompagnie (VOC), vanaf1602: grote handels- entransportonderneming- door welvaart  bloei cultuur  veel kunstenaarsdie nu nog bekend zijn- veel oorlogen (rijkdom moest verdedigd worden),b.v. Tachtigjarige oorlog met Spanje (einde in 1648)
  53. 53. Pieter Jansz Saeanredaminterieur van de Sint-Odulphuskerk te Assendelft, 1649
  54. 54. Pieter Jansz Saeanredam Interieur van de SintBavo in Haarlem, 1636
  55. 55. Stevenskerk Nijmegen
  56. 56. Contrast katholiek –protestantse kerkgebouwn
  57. 57. Gouden Eeuw: contextNoordelijk en zuidelijk- Noordelijke- en Zuidelijke Nederlanden: verzamelinggraafschappen, hertogdommen etc. (gebied dat nuNL, België, Luxemburg en Oost-Frankrijk is)- 16e eeuw: reformatie. Opstand protestanten, 1566beeldenstorm. Vanaf die tijd: noordelijkeNederlanden (protestant, gereformeerd) en ZuidelijkeNederlanden (katholiek).Kerkgebouwen protestanten: kaal, sober, tegenafbeeldingen (uitgangspunt: Bijbel, niets anders)- Protestanten hebben het voor het zeggen, maarniemand is verplicht protestant te worden  NLtolerant land (maar katholieken mogen niet openlijk geloof
  58. 58. De Republiek in de 17e eeuw
  59. 59. Gouden Eeuw: contextKunst- grote vraag naar kunst, vooral schilderijen- veel buitenlandse kunstenaars in NL, NL’sekunstenaars veel in buitenland (om voor vorsten,kerken etc. te werken)- in NL geen kerk of vorst als opdrachtgeven, maarwél rijke kooplieden, burgers, overheid, VOC, WIC,schutterijen etc. Etc.- specialisatie van schilders (b.v. Portretten oflandschappen)- niet alle soorten schilderijen leverden evenveel op
  60. 60. Gouden Eeuw: contextKunst: specialisaties- landschappen, zeegezichten (zonder ‘verhaal’)- stilleven (vanitasstilleven, bloemen, voorwerpen)- genrestukken (alledaagse leven)- portretten (hoe meer erop stond, hoe duurder ten voeten uit het duurste!), b.v. Ookschuttersstukken. Termen: en face, en profil, trois-quart; borststuk, kniestuk, ten voeten uit- historiestukken (bijbels, mythologisch)
  61. 61. Gouden Eeuw: contextKunst: kunstenaars  de kunstenaars hadden vaak een specialismeZo was Jan Steen goed in binnenhuistaferelen, maakteRembrandt b.v. veel portretten en schilderde Ruysdael alleenlandschappen  Kunstenaars hadden vaak een soort ‘bedrijfje’Ze schilderden zelf de lastigste delen (b.v. het gezicht) enhadden leerlingen en hulpjes voor de rest! schilderijen werden altijd binnen (in een atelier)gemaaktDat gold ook voor landschappen. Schetsen en tekeningenwerden wel buiten gemaakt. Kunst werd besteld, maar ook gewoon op de marktverkocht!
  62. 62. LANDSCHAPDoor Jan van Goyen
  63. 63. ZEELANDSCHAPDoor Jan van Goyen
  64. 64. LANDSCHAP met koeien Door Paulus Potter
  65. 65. LANDSCHAP met koeien Door Paulus Potter
  66. 66. LANDSCHAPna de regen, Door Salomon van Ruysdael
  67. 67. LANDSCHAPDoor Albert Cuyp
  68. 68. LANDSCHAP (gezicht op Delft) Door Johannes Vermeer
  69. 69. STILLEVENdoor: Heda
  70. 70. STILLEVENdoor: Willem van Aelst
  71. 71. Nederlandse‘Gouden eeuw’ Bosschaert
  72. 72. Nederlandse‘Gouden eeuw’ Mignon
  73. 73. Balthasar van der Ast
  74. 74. STILLEVENdoor: Willem van Aelst
  75. 75. STILLEVENdoor: Abraham van Beyeren
  76. 76. STILLEVENdoor: Maerten Boelema de Stomme
  77. 77. STILLEVEN (metexotische elementen  handel!) door: Willem Kalf
  78. 78. VANITAS-STILLEVEN (met element van vergankelijkheid/dood erin!) door: Franciscus Gysbrechts
  79. 79. PORTRETdoor: Ferdinand Bol
  80. 80. PORTRETdoor: Gerard Dou
  81. 81. PORTRETdoor: Gerard Dou
  82. 82. PORTRET / Tronie(‘meisje met de parel’) door: Vermeer
  83. 83. PORTRETdoor: Rembrandt van Rijn
  84. 84. PORTRET(van Jan Six. Let op de grovere penseelstreek)door: Rembrandt van Rijn
  85. 85. PORTRET (zelfportret)door: Gerard Dou
  86. 86. PORTRET (zelfportret)door: Rembrandt
  87. 87. Nederlandse‘Gouden eeuw’ RembrandtZelfportretten
  88. 88. PORTRET(portret van Saskia,Rembrandts vrouw) door: Rembrandt
  89. 89. Portretten RembrandtPortret van Saskia met een bloem en Saskia als Flora
  90. 90. PORTRET (van een meisje als jager) door: Ceasar van Everdingen
  91. 91. PORTRET (van een 2-jarig jongetje(!))door: Ceasar van Everdingen
  92. 92. PORTRET(van de ouders van de kunstenaar) door: Jan de Bray
  93. 93. PORTRET (let ook op demolensteenkraag!  hoegroter hoe rijker je was) door: Jacob Jordaens
  94. 94. PORTRETdoor: Pieter Thijs
  95. 95. PORTRET(de regenten van het weeshuis in Haarlem) door: Jan de Bray
  96. 96. HISTORIESCHILDER STUKKEN(bijbels: Mozes gooit de stenen tafelen kapot) door: Rembrandt
  97. 97. Historiestuk:Rembrandt: De blindmaking van Samson
  98. 98. HISTORIESCHILDER STUKKEN (bijbels: de heilige familie) door: Rembrandt
  99. 99. HISTORIESCHILDER STUKKEN (bijbels: afneming van het kruis) door: Rembrandt
  100. 100. HISTORIESCHILDER STUKKEN (mythologisch: Bacchus, Ceres en Cupido) door: Hans von Aachen
  101. 101. HISTORIESCHILDER STUKKEN(historisch: zeeslag)door: Anthonisz Aert
  102. 102. SchuttersstukDoor: Frans Hals
  103. 103. Schutters- stuk (Nacht- wacht) Door:Rembrandt
  104. 104. GENRE-SCHILDERKUNSTdoor: Hendrick Avercamp
  105. 105. Nederlandse ‘Gouden eeuw’Avercamp: IJslandschap
  106. 106. GENRE-SCHILDERKUNSTdoor: Hendrick Avercamp
  107. 107. Binnenhuistafereel door: Vermeer
  108. 108. Binnenhuistafereel door: Vermeer
  109. 109. Binnenhuistafereel door: Vermeer
  110. 110. Binnenhuistrafereel met repoussoir Vermeer De kunst van het schilderen
  111. 111. Nederlandse ‘Gouden eeuw’ VermeerBrieflezende vrouw
  112. 112. Binnenhuistafereel(‘oude vrijer – jonge meid’) door: Jan Steen
  113. 113. Binnenhuistafereel (‘vieren van een geboorte’) door: Jan Steen
  114. 114. Binnenhuistafereel (‘de kunstenaarsfamilie’) door: Jan Steen
  115. 115. Binnenhuistafereel (‘de drinker’) door: Jan Steen
  116. 116. Binnenhuistafereel(‘sinterklaasfeest’) door: Jan Steen
  117. 117. Wetenschap: VermeerDe astronoom
  118. 118. Wetenschap:Rembrandt: Anatomische les van Dr. Tulp
  119. 119. EINDE!

×