Welkom in de zestiende les!
Wat doe jij het liefst op zondag?
- Uitslapen of niet?
- Pistolets of brood?
- Koffie of thee?
- Lang aan tafel of niet?
-...
1. stofadjectief = substantief + -en
de wol de wollen rok
het katoen de katoenen broek
het leer de leren jas
het leder de ...
3. structuur:
Dit is een zijden hemd. stofadjectief voor substantief
Dit is een wollen trui.
Dit is een plastic tas.
Dit h...
- Welke maat heeft u?
- Maat 44.
Small/medium/large.
- Mag ik het jasje even passen?
- Natuurlijk!
- Past dit jasje?
- Het...
- Hoe vind je mijn nieuwe jasje?
Wat vind je van mijn nieuwe jasje?
- Het is een mooi jasje.
Ik vind het een mooi jasje.
O...
Wat vind jij van hun kleren?
Wat vind jij van hun kleren?
Zoek het in de tekst!
1. Papier waarop staat wat je kan eten = …
2. - Hebt u …?
- Ja, Cerulus is de naam.
3. Het substanti...
Zoek het in de tekst!
7. Droge wijn  … wijn
8. Je bent verrast omdat de gerechten zo heerlijk zijn, dus zeg je ....
9. Je...
1. wat + adjectief
hoe + adjectief
Wat gezellig,hier!
Hoe gezellig,hier!
2. wat een + (adjectief +) substantief EV of MV
W...
- Op je genezing!
- Gezondheid!
- Op je gezondheid!
- Schol!
- Proost!
- Proost!
- Smakelijk!
- Dank je/u. Smakelijk!
- Ee...
Wat is het verschil?
Zou ik nog een kopje thee mogen, alstublieft?
Mijn moeder zou graag een computercursus willen volgen....
SUBJECT VERBUM 1 REST VERBUM 2
Ik zou alles voor je doen.
Jullie zouden beter koffie drinken.
Vraagzin
Hoofdzin
VRAAGWOORD...
Oefening
1. Paolo zou liever in Italië wonen.
2. Zou u mij het zout kunnen geven?
3. Mijn beste vriend is aan het huilen. ...
Volg jij de mode?
Naar de winkel!
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Zestiende les

34

Published on

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
34
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Zestiende les

  1. 1. Welkom in de zestiende les!
  2. 2. Wat doe jij het liefst op zondag? - Uitslapen of niet? - Pistolets of brood? - Koffie of thee? - Lang aan tafel of niet? - Rustige of drukke zondag? - Familiebezoek of niet? - Zelf koken of restaurant? - Lezen of tv kijken? - Werken of luieren? - Vroeg in bed of niet?
  3. 3. 1. stofadjectief = substantief + -en de wol de wollen rok het katoen de katoenen broek het leer de leren jas het leder de lederen jas de zijde het zijden hemd de nylon de nylon kousen het plastic de plastic zak 2. stofadjectieven krijgen nooit een -e de blauwe rok de wollen rok Stofadjectieven
  4. 4. 3. structuur: Dit is een zijden hemd. stofadjectief voor substantief Dit is een wollen trui. Dit is een plastic tas. Dit hemd is van zijde. rest: van + substantief Deze trui is van wol. Deze tas is van plastic. Stofadjectieven
  5. 5. - Welke maat heeft u? - Maat 44. Small/medium/large. - Mag ik het jasje even passen? - Natuurlijk! - Past dit jasje? - Het past goed. Het zit goed. Het is te groot. Het is niet groot genoeg. - Hoe vind je dit jasje? Wat vind je van dit jasje? - Het staat je uitstekend. De kleur past goed bij je broek. Vragen over kleren
  6. 6. - Hoe vind je mijn nieuwe jasje? Wat vind je van mijn nieuwe jasje? - Het is een mooi jasje. Ik vind het een mooi jasje. Ook: Hij/zij is een gemakkelijke klant. Ik vind hem/haar een gemakkelijke klant. Dit is een dure winkel. Ik vind dit een dure winkel. Dat zijn mooie kleuren. Ik vind dat mooie kleuren. Een oordeel vragen en geven
  7. 7. Wat vind jij van hun kleren?
  8. 8. Wat vind jij van hun kleren?
  9. 9. Zoek het in de tekst! 1. Papier waarop staat wat je kan eten = … 2. - Hebt u …? - Ja, Cerulus is de naam. 3. Het substantief van kiezen = … 4. . = … 5. Als je begint te eten, dan zeg je … 6. Als je begint te drinken, dan zeg je …
  10. 10. Zoek het in de tekst! 7. Droge wijn  … wijn 8. Je bent verrast omdat de gerechten zo heerlijk zijn, dus zeg je .... 9. Je bent verrast omdat het zo gezellig is in de klas, dus zeg je … 10. Je bent verrast omdat de chocolade die je eet, zo lekker is dus zeg je …
  11. 11. 1. wat + adjectief hoe + adjectief Wat gezellig,hier! Hoe gezellig,hier! 2. wat een + (adjectief +) substantief EV of MV Wat een heerlijke gerechten! Wat een heerlijke avond! OPGELET! Wilt u nog wat wijn? een beetje Ik wil wat warms. iets Verrassing uitdrukken
  12. 12. - Op je genezing! - Gezondheid! - Op je gezondheid! - Schol! - Proost! - Proost! - Smakelijk! - Dank je/u. Smakelijk! - Eet smakelijk! - Dank je/u. Eet smakelijk! - Smakelijk eten! - Dank je/u. Smakelijk eten! Drinken en eten
  13. 13. Wat is het verschil? Zou ik nog een kopje thee mogen, alstublieft? Mijn moeder zou graag een computercursus willen volgen. Ik heb Dirk gebeld, maar hij antwoordt niet. Zou hij weg zijn? Jullie kijken te veel televisie. Jullie zouden buiten moeten spelen.
  14. 14. SUBJECT VERBUM 1 REST VERBUM 2 Ik zou alles voor je doen. Jullie zouden beter koffie drinken. Vraagzin Hoofdzin VRAAGWOORD VERBUM 1 SUBJECT REST VERBUM 2 Waarom zou je nu stoppen? Zouden je vrienden naar Italië gaan? OPGELET! Ik zou een huis in Spanje willen. WENS Zou u me die informatie kunnen mailen? BELEEFDEVRAAG Zou hij ziek zijn? TWIJFEL Zou je niet beter vroeger komen? ADVIES Zou(den) + infinitief
  15. 15. Oefening 1. Paolo zou liever in Italië wonen. 2. Zou u mij het zout kunnen geven? 3. Mijn beste vriend is aan het huilen. Zou hij niet geslaagd zijn voor het examen? 4. Jullie drinken te veel koffie. Zouden jullie niet beter wat meer water drinken? 5. Els zou beter wat vriendelijker zijn tegen Peter. 6. Beste docent, zou u mij kunnen vertellen wat u gisteren in de les hebt gedaan? 7. Bert zou graag aan de universiteit werken. 8. Paolo is gaan winkelen met Bert. Zou hij iets gekocht hebben?
  16. 16. Volg jij de mode? Naar de winkel!
  1. A particular slide catching your eye?

    Clipping is a handy way to collect important slides you want to go back to later.

×