Slideshow transcript
Slide 1: So ciale Psycho lo gie Be ïnvlo e ding College 7 1
Slide 2: Wag the Do g (1997) 2
Slide 3: Me diapsycho lo gie Wat doen de media met ons? 3
Slide 4: Do e l • Precies gebruik termen • Toepassingen 4
Slide 5: Opze t 1. Stereotypen …en verandering van stereotypen 3. Attituden …en attitudeverandering 5
Slide 6: Ste re o type n 6
Slide 7: Wat zijn ste re o type n? • “Gedeelde veronderstellingen over persoonlijkheidskenmerken en gedragingen van groepsleden, zonder beschouwing van individualiteit.” (Hewstone et al. 1996) • Schemata: Top-down processing • Waarheid • Impliciete persoonlijkheidstheorieën • Ingroup-outgroup • Vier aspecten 7
Slide 8: 1. Ste re o type : w aarde ring • Negatief • Postief • Neutraal 8
Slide 9: 2. Ste re o type als mo dus • Modus: meest voorkomende waarde • Kenmerken doorsneelid • Voorbeeld: Turken zijn gemiddeld vriendelijker dan Marokkanen. 9
Slide 10: 3. … als standaard afw ijking • Standaard deviatie: variatie • Mate van homogeniteit • Ingroup versus outgroup • Voorbeeld: Veel maar niet alle Nederlanders zijn zuinig, maar haast alle Italianen zijn driftig. 10
Slide 11: 4. …in te rme n van co variatie • Covariatie: samenhang tussen kenmerken • Voorbeeld: vrouwen zijn zachtaardiger, begripvoller, meelevend, minder assertief, goedgeloviger, volgzamer… dan mannen 11
Slide 12: 4. … in te rme n van co variatie Types of college students Nerd Party Animal Athlete Studious Sociable Sociable Unsociable Not studious Not studious Dress without style Dress stylishly Dress OK 12
Slide 13: 4. …in te rme n van co variatie 13
Slide 14: Ve rande re n van ste re o type 14
Slide 15: Richtlijne n • Neutrale stemming • Overeenkomsten benadrukken • Voorkom reductie Aantal personen Commentaar 15
Slide 16: Ultimate Attributio n Erro r Positief Negatief gedrag gedrag Ingroup Intern Extern Outgroup Extern Intern 16
Slide 17: Ultimate Attributio n Erro r 17
Slide 18: Ultimate Attributio n Erro r 18
Slide 19: Attitude • Een psychologische tendens die uitdrukking vindt in een positieve of negatieve evaluatie van een bepaald object (Hewstone et al. 1996). (vgl.) 19
Slide 20: Attitude syste e m 20
Slide 21: Attitude ve rande ring • Cultivatietheorie • Agenda setting 21
Slide 22: Cultivatie the o rie • Symbolische of fictieve representatie van de werkelijkheid heeft invloed op onze perceptie van de werkelijkheid. (Gerbner, 1972) 22
Slide 23: Cultivatie the o rie • Bezwaren: Richting van de causaliteit; Rol andere factoren • Experimenteel (Bryant et al., 1981). 23
Slide 24: Age nda-se tting • Onderscheid agenda-setting en agenda-building 24
Slide 25: Age nda se tting • Onderzoeksmateriaal Media-agenda: content-analysis Publieke agenda: meestal surveys Politieke agenda: interviews met beleidsmakers, beleidsstukken, politieke documenten. 25
Slide 26: Be vindinge n • Effect op waarover i.p.v. wat mensen denken • Naijleffect • Persoonlijke ervaring 26
Slide 27: Wat mo e t je o ntho ude n? • Termen Stereotype Attitude Agenda setting Agenda building Cultivatietheorie 27
Slide 28: De finitie s 28
Slide 29: Attitude • “In essence, an attitude is an evaluative disposition toward some object. It’s an evaluation of something or someone along a continuum of like-to-dislike or favorable-to-unfavorable. Attitudes are what we like and dislike in our environment. An attitude is a disposition in the sense that it is a learned tendency to think about some object, person, or issue in a particular way.” (Zimbardo & Leippe, 1991: 31). 29
Slide 30: Age nda-se tting • “a process through which the mass media communicate the relative importance of various issues and events to the public.” (Gunter 2000:193). 30
Slide 31: Age nda-building • “a process through which the policy agendas of political elites are influenced by a variety of factors, including media agendas and public agendas.” (Gunter 2000:193). 31
Slide 32: Ve rde r le ze n • Vrugt & Meertens. Veranderen van stereotypen over etnische groepen door voorlichting. Gedrag en Organisatie. 9.3 (1996): 167-180. • Gunter, B. (2000). M research methods. M edia easuring audiences, reactions and impact. London: SAGE. • Zimbardom Ph.G. en M.R. Leippe (1991). T he psychology of attitude change and social influece. New York: McGraw-Hill. 32




Add a comment on Slide 1
If you have a SlideShare account, login to comment; else you can comment as a guest- Favorites & Groups
Showing 1-50 of 0 (more)