The Rose Of The Family Update 18
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

The Rose Of The Family Update 18

on

  • 204 views

 

Statistics

Views

Total Views
204
Views on SlideShare
198
Embed Views
6

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

2 Embeds 6

http://lj-toys.com 4
http://l.lj-toys.com 2

Accessibility

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

The Rose Of The Family Update 18 The Rose Of The Family Update 18 Presentation Transcript

  • The rose of the family
  • ‘Alsjeblieft schat. Bewaar het goed.’ Alex geeft een zilveren met diamantjes die glinsteren in de zon ketting aan Ruth. Ruth neemt de zilveren ketting van haar vader aan en kijkt verbaasd naar het glinsterende sieraad. ‘Waarom krijg ik dit?’
  • ‘Je krijgt het omdat deze ketting al jaren in onze familie zit. Mijn vader en moeder zeggen dat het geluk brengt maar je moeder en ik weten het niet maar voor nu: Neem hem mee en wie weet, hij is nu in bezit van jou.’ Ruth knikt dankbaar.
  • Voordat Ruth de ketting in haar zak stopt geeft Alex haar nog een kleine kus. ‘Pas goed op je boer nogmaals en, vergeet ons niet.’ Ruth schud lachend haar hoofd. ‘Pap ik kan je haast niets beloven maar dit zeker wel.’ Alex glimlacht en omhelst haar dochter.
  • Wat verderop staat Daan nog maar eens te vragen of hij mee mag. Met zijn pruillipje en een kinderachtige stem haalt hij zijn moeder bijna over maar toch niet helemaal. ‘Lieverd, er moet iemand zijn die ook op ons past. Straks zijn je vader en ik oud en moet jij voor ons zorgen.’
  • ‘Straks overkomt jullie nog wat en dan hebben we helemaal niets meer.’ Daan knikt begrijpend en staart dan met een schuldgevoel naar de grond. ‘Ik was even vergeten dat we nog maar met z’n vijven zijn.’ ‘Het is al goed.’ lacht Lisa en ze omhelst zijn zoon die toch een traantje los moet laten door het afscheidt.
  • Terwijl ze Daan zacht en liefdevol omhelst weet ze diep dat er nog steeds een klein kind in Daan zit. Hij probeert wel groot te zijn maar niet altijd lukt dat. Bij die gedachte streelt ze hem zachtjes over zijn rug, met als gevolg dat Daan net als toen hij klein was dicht tegen haar aandrukt.
  • Vervolgens draait ze zich om naar Max. ‘Pas jij ook goed op je zus? Soms moeten de jongsten de oudsten verzorgen.’ Max lacht maar kijkt zijn moeder wat teleurgesteld aan. ‘Kun je echt niet mee?’ Lisa rolt met haar ogen en gaat op haar hurken zitten om Max het verhaal nog eens uit te leggen.
  • Iets later is het dan echt tijd. Ruth omhelst haar moeder nog even. ‘Ik kom terug mam. Dat beloof ik.’ snikt Ruth. ‘Natuurlijk kom je terug, zorg goed voor jezelf en je broertje.’ ‘Mam, ik zal je missen. En pap ook.’ Lisa kijkt richting Alex. ‘We zullen de hele tijd aan jullie denken.’
  • Bij die woorden neemt de familie afscheidt. Daan en Max staan samen naar de hoge heuvel te kijken. ‘Je zult veel moeten lopen.’ merkt Daan gewoontjes op. Max knikt. ‘Het wordt zwaar maar ik denk ook wel leuk.’ Daan kijkt teleurgesteld naar Max. ‘Ik zal je zo missen. Laat je niet verwonden, jij bent mijn enigste broer die ik nog levend heb! En ook Ruth!’
  • Max kijkt verwonderend hoe de tranen over Daan’s wangen stromen. De tranen glinsteren als dimanten in de zon. Nu moet het echt gebeuren. Ruth en Max lopen de richting in van de heuvel. De heuvel is erg glad en steil. Een paar planten en bloemen hebben zich gevestigd op de wand.
  • Nog op het pad loopt Ruth met gebogen hoofd. ‘Waar ben ik aan begonnen?’ zucht ze meteen. Max rent al als een dolle hond vooruit. ‘Pas op Max, je moet bij mij blijven.’ Max luistert niet en rent als een gek door de struiken heen.
  • Hij klimt de eerste steile wand op richting een struik. Hij springt er met gemak overheen en kijkt dan pas om. Ruth rent ook de wand op. ‘Stop Max, stop nou eens! Verdraaid! Hoe ben je zo snel omhoog gekomen?’ ‘Gewoon klimmen.’ antwoordt Max lachend. Maar na toe te hebben gekeken is de lol wel voorbij. Max loopt rustig naar Ruth toe.
  • ‘Max help! Aaah!’ De lol is dan wel net voor bij maar die start ook weer meteen voor Max. Ruth zit vast in de struik waar Max overheen sprong. ‘Help me even Max. Ik kan dit niet alleen hoor!’ De paarse bloemen en de stelen met puntige prikkels steken in de kleren van Ruth.
  • En net als ze midden in de struik zit met haar kleren en haarlokken aan de puntige stekels komen er bijen uit de bloem zoemen. Ruth die allergisch voor de steken is schrikt als een gek. ‘Max HELP!!!!’ Ze zwaait wilt met haar armen rond haar heen. Maar plots bedenkt ze zich en blijft doodstil staan.
  • De bijen zoemen na een minuutje weg naar een andere struik die verderop bij andere planten staat. Max kijkt hoe de bijen naar de andere bijen vliegen en in de paarse bloem gaan zitten. Naar al die planten te hebben gekeken ziet hij de hoogte die ze moeten bereiken.
  • Bij die gedachte wordt hij helemaal suf. Ruth is onder tussen al uit de struik ontsnapt al zitten er wel een paar stekels nog in haar haar geplukt. ‘Laten we gaan boertje. Die bijen zijn niet mijn ding.’ Max grinnikt zachtjes maar houdt op als Ruth een arm om hem heen slaat. Hij weet dat ze van hem houdt en heel goed zal beschermen voor alles.
  • Ze klimmen een stuk de wand op. De zon straalt op hun gezicht. De zweetdruppeltjes vallen ook bij Max al naar beneden. ‘Wil je even gaan drinken?’ vraagt Ruth bezorgd. Maar Max schudt nee. ‘We moeten minstens een uur hebben gelopen tot ik ga drinken. Ze lopen anderhalf uur door de struiken en beklimmen de wand.
  • Ruth kan haar ogen niet geloven als ze boven zijn aangekomen. Uitgeput laten ze zich vallen op het zachte natte gras. Max slokt het water uit de fles op terwijl Ruth het huis probeert te zoeken van het oude mannetje. Nergens kan ze het ontdekken. Daan moet het dus hogerop zijn.
  • Ruth staat vermoeid op en trekt Max overeind. Ze wijst naar boven. ‘Waarschijnlijk staat daar helemaal zijn huisje! Hoe kunnen we daar nou komen?’ Met een boos gezicht leunt ze tegen de andere wand aan. Max ziet hoe ze zachtjes snikt. ‘Ik wil naar huis Max. Dit wordt niets, we zijn nu al twee uur onderweg en uitgeput. Wat als we het bij de nacht niet halen?’
  • ‘Ruth je moet eens goed luisteren naar mij.’ antwoordt Max. Ruth kijkt hem verbaas aan. Wat gaat hij nou weer zeggen. ‘Ruth ik weet dat je dit niets vindt maar denk eraan dat Linte al is gestorven. Thomas huilde het bij ons uit! Wil je dat jou dat overkomt? Of mij?’ Ruth schudt haar hoofd. ‘Nou dan moeten we wel.’
  • Knikkend om wat Max bedoelt stapt Ruth weer naar boven waar zo zonet was. ‘Het spijt me. En ik moet nog wel voor jou zorgen.’ Ze schieten allebei in de lach. ‘Ach weet je, samen zijn we één dus zorgen we voor elkaar.’ Verbaasd kijkt Ruth naar die wijze woorden. ‘Je bent de beste broer, laten we gaan.’
  • En samen hand in hand lopen ze verder. De uren gaan weer langzaam voorbij. Ze zijn twee en half uur alweer aan het lopen als ze even uit rusten. Daarna pakken ze hun spullen en met goede moed lopen ze door. Hoewel het later wordt brand de zon nog steeds even sterk als in de middag hebben de twee het gevoel.
  • Plots staan ze stil voor een heuvel die veel te steil is. Zelf de planten hebben daar geen plekje kunnen vinden. Met de schouders omhoog als gebaar staart Ruth naar de steile wand. ‘Er moet een andere weg zijn zus.’ zegt Max. ‘Ja maar waar dan? De enige manier is om voor het donker in een huis te zijn gewoon naar huis gaan. Dit lukt ons nooit.’
  • Max denkt even goed na en ziet opeens iets fantastisch. ‘Weet je wel zeker dat het huisje daar is? Heb je een dak gezien ofzo?’ Ruth schud haar hoofd. ‘Maar ergens anders heb ik het ook niet gezien.’ ‘Onee?’ glimlacht Max. ‘Kijk maar eens naast je in het dal.’
  • Ruth kijkt rechts van haar in het dal en ziet opeens een huisje dat er nog wel modern uit ziet ook. Het dak heeft een bruinachtige kleur en het staat er alsof het zich aan het verstoppen is. ‘Maar hoe, hoe k, kan , dd,d, dat?’ stamelt Ruth. ‘Dddat hui, huisje stond er, er, er net niet!’
  • ‘Nee? Ach, laten we er wel gewoon heen gaan. Naar boven lukt ons vanavond toch niet meer.’ antwoordt Max wijzend naar boven,
  • Ruth haalt haar schouders op en samen lopen ze naar beneden. Max kijkt enthousiast hoe het huisje in elkaar gebouwd is. In het huis zit veel glas waar je ziet dat er veel moderne spullen in bevinden. Hoe kan dat? Vraagt Max zich af. Er staat een koelkast, maar waarvoor? Hier is geen winkel in de buurt.
  • Al snel kunnen ze het huisje beter bekijken. Het huis is haast gewoon als een huis van de stad maar er is geen spoor van leven. ‘Zouden hier wel mensen wonen?’ vraagt Max. ‘ik weet niet, ik heb het gevoel dat er iets geheimzinnigs daar binnen rondspookt.’ antwoordt Ruth.
  • Ze kijken om zich heen en er staan precies drie stoelen op een heuveltje.
  • Verder staan er bijzondere bloemen die ze nergens hier zagen voor de stoelen. ‘Die zijn niet vanzelf gekomen hoor.’ mompelt Ruth.
  • Het huisje staat in een groot dal, overal om hen heen staat een heuvel met grote bomen. Het lijkt wel een soort diepe kuil waar je niet meer uit kan komen.
  • Het is ongelofelijk steil, hoe kan iemand dan een bank hierheen brengen?
  • Sommige bomen zijn toch wel ergens bekend. Samen met het huis lijkt het een verlaten stad.
  • Alleen zouden er meer huizen moeten staan. Elke plek is erg verschillend, op sommige plekken staan veel bomen en bij sommige plekken juist struiken of planten.
  • De paarse planten waar Ruth in kwam vast te zitten komen ook erg veel voor.
  • Maar als je zo om je heen kijkt lijkt het onmogelijk te zijn om hier te komen of er vandaan te gaan. De wind ruist en de bomen volgen het spoor.
  • Er vallen een paar bladeren af die meegaan naar de wind. Wie weet waar ze komen te liggen. De bloemen voor de tuinstoelen schitteren en vallen erg veel op tussen al het andere soort planten en bomen.
  • Ruth staat nog even te kijken als Max al het huis binnen wandelt. Het is een beetje donker maar niet er zijn geen spinnenwebben. Er woont dus wel iemand.
  • Hoe wel er geen teken van leven is en er een geheimzinnig spoor dwaalt in het huis lopen Ruth en Max gemakkelijk door. ‘Wat is het hier mooi? Voor zo’n klein huisje!’ concludeert Ruth.
  • ‘Wat vindt jij Max? Denk je dat hier iemand woont?’ Max haalt zijn schouders op. ‘Dit lijkt meer op een vage droom, is dit wel echt Ruth? Ik snap het echte leven niet meer, dit gebeurd nooit met iemand anders leven dat ze in een dal een huisje vinden dat misschien wel onbewoond is.’
  • ‘Je hebt gelijk maar ga zitten. Als je zit kan je misschien beter nadenken.’ Max knikt. Ruth gaat meteen zitten. Max nog niet maar bekijkt het glas waar geen stofje op te bekennen is. ‘Is dit nou echt?’ Ruth knikt. ‘Het is echt, moet ik je knijpen?’ ‘nee dat hoeft niet.’ antwoordt Max.
  • Ze weten niet dat ze al vanaf het begin zijn bekeken door twee duistere ogen. Zacht gehijg hoort Max soms achter zijn hoofd maar het kan net zo goed de wind zijn nu de deur open staat.
  • ‘Ruth, dit kan niet echt zijn, Linte die opeens is doodgegaan.’ ‘Gestorven.’ mompelt Ruth. ‘Ja, en Jordi die opeens sterft door een brand, Silvia die wordt ontvoerd, en dit huis, dit kan niet echt zijn. We dromen zus, het is allemaal een droom.’
  • In het huisje staat een mooi aanrecht en een moderne nieuwe koelkast. Ook de oven is als nieuw waar geen stofje op te bekennen is trouwens. Het tafeltje, de bank is ook allemaal splinternieuw en lijkt nog nooit gebruikt.
  • Hoe wel Max nog maar een kind is, is zijn niveau van denken toch wel aardig hoog. Ruth kijkt er soms van op hoe Max sommige dingen weet of woorden gebruikt waarvan zij nog nooit heeft gehoord.
  • Maar het kinderlijke zit natuurlijk ook wel in Max. Als een dol kind springt hij ineens op de bank en begint juichend te springen en een koprol te maken. Ruth begint te lachen. ‘Waar komt die energie opeens vandaan?’ ‘Oh gewoon het idee dat ik het hier lekker kan doen en het thuis niet mag geeft me al een kick.’ antwoordt Max grinnikend.
  • ‘Maar kijk eens wat ik nog meer kan.’ gaat hij verder. Max maakt een paar mooi koprols waarbij Ruth moet toegeven dat zij dat niet kon in haar jeugd. ‘Van wie heb je dat geleerd?’ vraagt Ruth. ‘Oh euh…’ stamelt Max. ‘Je gelooft het nooit, maar van papa.’
  • Ruth schiet in de lach. ‘Hihi, papa! Wacht tot mama dit hoort. Dan zal ze vast ook hartstikke lachen en het niet eens geloven.’ ‘Haha, dat denk ik ook niet, ik zie het al voor me.’ Terwijl ze druk aan het kletsen zijn hebben ze nog niets door wat er buiten afspeelt.
  • Opeens flikkert het licht aan. Max heeft niets door maar Ruth schrikt zich kapot. ‘Max ga zitten! Er woont hier iemand, het licht ging opeens aan, er komt zometeen vast iemand naar binnen!’
  • Max springt gewoon door met veel gelach. ‘Max luister je naar me. Dit is serieus! We moeten ons snel verstoppen anders zijn we er bij! We zijn als het ware in gebroken! Degene die hier woont of wonen kan ons aangeven!’ Ruth haar woorden worden bij elk woord zachter.
  • Max gaat snel zitten en samen wachten ze af. Verstoppen lukt toch al niet meer. Na een tijde staan ze op. ‘Het licht ging dus vanzelf aan. We hebben geluk gehad broertje.’ zegt Ruth. Ze omhelst liefdevol haar broer die angstig zijn handen om haar heen slaat. Ze ademen nog steeds snel want de spanning hangt er nog wel.
  • ‘Wat als er toch iemand kwam, wat had je dan gedaan?’ vraagt Max. ‘Ik had jou beschermd.’ antwoordt Ruth. Een traan rolt langzaam over haar wang. ‘Niet bang zijn, ik zal voor je zorgen zo veel ik kan doen. Ik hou van je. Ik wil je echt niet kwijt.’ Ook Max moet nu zachtjes snikken en houdt het niet meer droog.
  • Opeens klinkt er een harde kreet uit het dal. De vogels vliegen op van het angstaanjagende geluid. Heeft dit gevolgen voor Ruth en Max…?
  • Wordt vervolgd…
    Ps.. willen jullie (als je een reactie plaatst) er neer willen zetten wat jullie denken dat er gaat gebeuren. Dat vind ik leuk om te lezen. In ieder geval, al vast bedankt! (ook voor het lezen natuurlijk.) En nu ga ik feest vieren!
    Oja, in het echte simsleven gaan Max en Ruth heel lief met elkaar om, je snapt dat ik daarom ook lief over de twee ben gaan schrijven en ze geen ruzie laat maken.