Your SlideShare is downloading. ×

De betekenis van sociaal-culturele praktijken

1,422

Published on

de resultaten van het Socius-betekenisverleningsonderzoek …

de resultaten van het Socius-betekenisverleningsonderzoek
presentatie 8 maart 2010

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
1,422
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
5
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. De betekenis van sociaal-culturele praktijken Resultaten van een belevings-onderzoek bij participanten in het sociaal-cultureel volwassenenwerk
    • Onderzoekers:
      • Hanne Bastiaensen
      • Frank Cockx
    Brussel, 8 maart 2010
  • 2.
    • 10.00u welkom en start
    • 10.10u inleiding (door Jos Pauwels, voorzitter SoCiuS)
    • 10.30-12.00u presentatie van het onderzoek
    • 12.00-13.00u middagpauze
    • 13.00-14.30u groepswerksessies
    • 14.00-15.00u informeel napraten/koffiepauze
    • 15.00-16.10u plenum groepswerk + reflectie van:
        • Luc De Droogh (UGent)
        • Annemie Janssens (KAV)
    • 16.10u Afsluitend drankje
    VERLOOP VAN DE DAG
  • 3.
    • Over het onderzoek: methodologie
    • Het sociaal-cultureel aandeel nader bekeken
    • Betekenisverlening in sociaal-culturele praktijken
    • Besluiten en aanbevelingen
    • Informatieve vragen
    • Opdracht voor de werkgroepsessies
    OPBOUW
  • 4. OVER HET ONDERZOEK Verschillende aanleidingen
    • VAN BUITEN DE SECTOR
      • vragen bij de bestaansreden(en) en relevantie van het sociaal-cultureel volwassenenwerk
      • vragen naar de merites van het werk en het zichtbaar maken van de verdiensten
    • VANUIT DE SECTOR
      • vragen naar de effecten van de inspanningen
      • vragen naar verfijning, verbetering, professionalisering
    • EEN KENNIS-INTERESSE
      • er gebeuren heel wat participatiesurvey’s, maar het sociaal-cultureel volwassenenwerk blijft onderbelicht
      • participatieprofielen inzake cultuur = beperken zich tot de podiumkunsten, musea, erfgoed, ruime groep verenigingen + vraag naar ‘gerichte’ verdieping
  • 5. Resultaten? MAATSCHAPPELIJK Welke? INDIVIDU Betekenis?
    • Sociaal-culturele praktijken = vaag begrip
      • Een zicht hebben op, bekendheid
      • Inzicht hebben in, zinvolheid
    • Wijd verspreide praktijken
    • Strategische nota SoCiuS 2008-2010
      • Programmaspoor 5: SoCiuS maakt de interventies en betekenis van sociaal-culturele praktijken zichtbaar
    INTERVENTIES IN SOCIAAL-CULTURELE PRAKTIJKEN Welke? Verbanden onderling? Probleemstelling Op welke wijze? Verbanden?
  • 6.
    • Welke zijn resultaten van sociaal-culturele praktijken in het sociaal-cultureel volwassenenwerk op het vlak van het individu, een persoon ?
    • Welke is de betekenis respectievelijk zijn de betekenissen van sociaal-culturele praktijken in het sociaal-cultureel volwassenenwerk voor het individu ?
    • Welke lessen kunnen we uit de opgedane inzichten trekken voor het (toekomstig) professioneel sociaal-cultureel handelen
    Onderzoeksvragen
  • 7.
    • Continuüm
    Formalisering Professionalisering Overheidsregulering
    • Sociaal-cultureel volwassenenwerk decretaal:
      • 1) verenigingen, 2) bewegingen, 3) regionale volkshogescholen en 4) landelijke vormingsinstellingen
    • Vier functies:
      • 1) educatieve, 2) gemeenschapsvormende, 3) maatschappelijke activerings- en 4) culturele functie
    Conceptueel kader: 2 bouwmaterialen 1. Focus op sociaal-culturele praktijken 2. Focus op het individu
    • Reflexieve biografie als uitgangspunt
    • Aanbieders- versus deelnemersperspectief
    Sociaal-cultureel volwassenenwerk Sociaal-culturele praktijken
  • 8. SOCIAAL-CULTURELE PRAKTIJKEN SOCIAAL-CULTURELE SECTOR EN Figuur 1 : Conceptueel model SOCIAAL-CULTUREEL VOLWASSENENWERK Formalisering, professionalisering en overhiedsregulering weinig veel Educatieve functie Gemeenschaps-vormende functie Maatschappelijke activerings- functie Culturele functie
  • 9. Methodologische contouren: 1 fundament Intermezzo: 2 onderzoeksparadigma’s  Complementair i.f.v. kennisontwikkeling Empirisch-analytisch Hermeneutisch-interpretatief Erklären = verklaren, oorzaak-gevolg, toetsen Verstehen= verstaan, begrijpen, spiegelen Generaliseerbaarheid Generativiteit Representativiteit Legitimiteit Validiteit Conceptuele densiteit Betrouwbaarheid Navolgbaarheid
  • 10.
    • Een kwalitatief belevingsonderzoek
    • Het bronmateriaal: 27 individuen (incl. 4 profs vanuit dlnrperspectief)
      • gespreid naar werksoort (VER, BEW, LVI, V+)
      • gespreid naar geslacht, leeftijd, culturele achtergrond, seksuele oriëntatie
      • gespreid naar de mate van stedelijkheid (dorp, middelgroot, stad)
      • gespreid naar de mate van betrokkenheid (deelnemer, vrijwilliger, bestuurslid, bestuurder, professional, beleidsmaker)
        •  In een proces van progressieve selectie op basis van een beslissingsmatrix
    • Via biografische (diepte)interviews
    • Constructivistische visie op onderzoek en kennisontwikkeling
    Concretisering
  • 11. Tabel 1 : overzicht geselecteerde informanten naar socio-demografische criteria   Voor 1943 (65+) 1944 – 1958 (50-64 jaar) 1959 – 1967 (41-49 jaar) 1968 – 1983 (25 – 40 jaar) 1984 – 1990 (18 -25 jaar)   Hoog Laag Hoog Laag Hoog Laag Hoog Laag Hoog Laag Stad     5 12   3 11 22 13   19 23 21 20 Verstedelijkt dorp 9 16 10 27 6 8 17 14   25 2   Platteland/ dorp 1 7 24   15 4 26   18   Rood = vrouwen (15) Blauw = mannen (12) Onderlijnd = professionals (4) Hooggeschoold (17) Laaggeschoold (10) Stad(10) Verstedelijkt gebied/kleine stad (10) Dorp/platteland (7)
  • 12. Het sociaal-cultureel aandeel
    • Personen bewegen zich in drie belangrijke levensdomeinen (a. vrije tijd, b. gezin en c. arbeid) die sterk met elkaar verbonden zijn
    • Ook al redeneren en praten deelnemers niet in termen van de vier decretaal bepaalde functies, in de opgetekende ervaringen, het narratief zijn de vier functies werkzaam
      • Een (kleine) bijdrage leveren aan de samenleving, een publiek bereiken, zichzelf/anderen tot engagement brengen,… = maatschappelijke activeringsfunctie
      • Deelnemen en deelzijn van een groep, met gelijkgezinden samen veranderingen teweeg brengen, via educatie volwaardig participeren aan de gemeenschap,….= gemeenschapsvormende functie
      • Deelnemen aan scw, zelf aan kunstbeoefening doen, culturele produkten consumeren, dominante cultuur in vraag stellen,… = culturele functie
  • 13. Figuur 2: Ontmoeting en ontspanning in relatie tot de vier decretale functies
      • Educatieve functie = volgende leerresultaten (naast inhoud):
        • Praktische vaardigheden Levenslessen
        • Sociale vaardigheden Ontplooiïng
        • Leren uit negatieve ervaringen Perspectieftransformatie
    • Vanuit een deelnemersperspectief schragen ontmoeting en ontspanning de sociaal-culturele praktijken
    Gemeenschaps- vormende functie Maatschappelijke activeringsfunctie Ontmoeting & Ontspanning Educatieve functie Culturele functie
  • 14. Betekenisverlening
    • De categorieën motivatie en impact zijn twee cruciale elementen om de betekenis bloot te leggen van sociaal-culturele praktijken vanuit een deelnemersperspectief. Let wel: personen kunnen deelnemen vanuit een bepaalde motivatie maar de impact van sociaal-culturele praktijken valt daar niet noodzakelijk mee samen.
    • In het samenspel tussen motivatie voor en de impact van sociaal-culturele praktijken presenteren zich patronen
        •  Deze patronen benoemen we als figuren. Onder ‘figuur’ verstaan we een samenhangend geheel en de verschijningsvorm van betekenisverleningsprocessen in relatie tot sociaal-culturele praktijken (cf. Alheit over leerfiguren, 2003)
  • 15. Figuur 3: Vier figuren van betekenisverlening sociaal-veranderaar buitenbloeier binnenbloeier passant Luc Annemie Philippe Hannah Marcel Linne Ammar An Veerle Dirk Lies Mien Peter Anna Bob Nicole Alain Katrien Monique Mieke Geert Rita Maria Leo Kris Jonas Ilse I M P A C T MOTIVATIE Maatschappijgericht zelfgericht invloed effect resultaat
  • 16. Zijn door nuttigheids- en nieuwsgierigheidsoverwegingen (motivatie) slechts incidenteel betrokken bij sociaal-culturele praktijken (lage impact); zijn utility- of curiosity-driven; centraal kenmerk = overweging Vier figuren van betekenisverlening Sociaal-veranderaars Buitenbloeiers Streven naar de ontwikkeling van interne kwaliteiten (motivatie) en geraken door te participeren persoonlijk gesterkt (impact); zijn empowerment-driven; centraal kenmerk = ontplooiing Binnenbloeiers Willen samen-zijn en zich inzetten voor de/een groep (motivatie) en geraken door het participeren meer verbonden met de buurt, groep, gemeenschap (impact); zijn community-driven; centraal kenmerk = uitstraling Passanten Streven duidelijk maatschappelijke veranderingen na (motivatie) en hun participatie is zeer sterk bepalend voor hun leven (impact); zijn social-change driven; centraal kenmerk = sociale verandering
  • 17. Enkele belangrijke opmerkingen bij het schema
    • Figuren van betekenisverlening kunnen variëren doorheen de levensloop Dia 20
    • Elke figuur van betekenisverlening staat op zichzelf; er is geen sprake van een groei-scenario
    • Een figuur van betekenisverlening presenteert zich als relatief onafhankelijk ten aanzien van een sociaal-culturele praktijk (cf. individueel betekenisverleningsperspectief)
    • De figuren van betekenisverlening zijn op te vatten als prototypes (cf. geen waarde-oordeel)
    Dia 23
  • 18. Figuur 5: De sociaal-culturele biografische kaart van Annemie sociaal-veranderaar buitenbloeier binnenbloeier passant I M P A C T MOTIVATIE Maatschappijgericht zelfgericht invloed effect resultaat jong- volwassene volwassene kind
  • 19. Figuur 5: De sociaal-culturele biografische kaart van Ilse sociaal-veranderaar buitenbloeier binnenbloeier passant I M P A C T MOTIVATIE Maatschappijgericht zelfgericht invloed effect resultaat volwassene jong- volwassene kind
  • 20. Figuur 5: De sociaal-culturele biografische kaart van Dirk Dia 19 sociaal-veranderaar buitenbloeier binnenbloeier passant I M P A C T MOTIVATIE Maatschappijgericht zelfgericht invloed effect resultaat kind jong- volwassene volwassene
  • 21. Besluiten en aanbevelingen
    • Deelnemers redeneren niet in termen van werksoorten, de sociaal-culturele methodiek of functies van het werk
    • Participeren in sociaal-culturele praktijken leidt tot resutaten
    • De sociaal-culturele methodiek is werkzaam
    • Betekenisverlening is een zaak van het individu, daar houden we best meer rekening mee
    • Ontmoeting en ontspanning schragen sociaal-culturele praktijken
    • Vier figuren van betekenisverlening inzake sociaal-culturele praktijken  zoeken naar gepaste inzichten en strategieën
  • 22.
    • Drie onderzoeksvragen, drie rubrieken:
      • Resultaten: het sociaal-cultureel aandeel (methodiek en functies)
      • Betekenisverlening: vier figuren van betekenisverlening
      • Lessen: onderzoek en ondersteuning
    • Te bespreken vanuit drie perspectieven:
      • Het ontwikkelen van praktijken door vrijwilligers/professionals
      • Het perspectief van de werksoorten/de sector
      • Het perspectief van het beleid ten aanzien van de sector
    • 1,5u groepswerk
    • 10 minuten plenum: 1 statement per richtvraag
    Groepswerksessie
  • 23. Schema: werkgroepsessies Sociaal-cultureel aandeel (methodiek en functies) (WERKGROEP 1) Vier figuren van betekenisverlening (WERKGROEP 2) Pistes voor bijkomend onderzoek & ondersteuning (WERKGROEP 3) Vrijwilliger/ professional Werksoorten/sector Overheids-beleid

×