Rol van semiprofessionele media bij incidenten
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Rol van semiprofessionele media bij incidenten

on

  • 194 views

 

Statistics

Views

Total Views
194
Views on SlideShare
194
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Rol van semiprofessionele media bij incidenten Rol van semiprofessionele media bij incidenten Document Transcript

    • Rol van semiprofessionele media bij incidenten Lopend vuurtje Nog voordat de politie op internet kan reageren wanneer er zich een incident voordoet, kun je er al alles over lezen op Twitter en in de fora. Dat gaat niet altijd goed. Informatie komt onjuist of verminkt over. Toch kunnen hulpverleners hun voordeel doen met deze semiprofessionele media. Tekst: Niek van As en Roy Johannink O ok al is er nog geen communicatie geweest van de hulpdiensten bij een incident, dan is er vaak op Twitter al informatie over te lezen. Zelfs al wordt geen persalarm afgegeven, dan nog staat er een fotograaf of een cameraman midden in de nacht bij een brand. Soms zelfs eerder dan de hulpdiensten. Er is nog weinig bekend over de rol van deze semiprofessionele media bij incidenten. Adviesbureau VDMMP deed onderzoek naar de rol van sociale media bij incidenten en of deze de onrust kunnen aanwakkeren, zonder dat de hulpdiensten en de overheid daar wat aan kunnen doen. VDMMP behandelde ook de rol van ons eigen Hulpverleningsforum daarin. Verschil in beeld Het onderzoek ‘Sociale media: factor van invloed op onrustsituaties?’ staat stil bij de rol van sociale media als factor van invloed bij incidenten. Aan de hand van diverse casestudies is onderzocht wat de rol van sociale media is bij flitsincidenten waar de politie bij betrokken was. Het onderzoek heeft onder meer het geschetste beeld over het incident op sociale media vergeleken met het operationele beeld, dus de door de hulpdiensten ter plaatse ervaren situatie. De berichten in de (sociale) media blijken vooral volgend te zijn op het operationele beeld, dat altijd voorSdu Uitgevers Sdu Uitgevers loopt op het geschetste beeld op de sociale media. Bij een schietincident in Baflo (13 april 2011) had dit tot gevolg dat het incident al voorbij was, maar het op de sociale media leek of het nog steeds gaande was. Op de sociale media kan iedereen een (officiële) bron zijn. Hierdoor kan iedereen het beeld op sociale media beïnvloeden. Beeldbepalers Uit het onderzoek blijken de belangrijkste beïnvloeders van het online beeld te zijn: - Hulpdiensten en overheid, zoals gemeente en veiligheidsregio’s. Zij zijn vaak ook te vinden op de sociale media en twitteren door middel van een algemeen account van de organisatie of een (persoonlijk) account van een functionaris. De praktijk laat zien dat veel van deze accounts grote hoeveelheid volgers hebben en als betrouwbaar worden gezien. - Traditionele media. Zij delen vaak hun verhalen, artikelen, video’s etc. ook online en bereiken daarmee een grote groep mensen. Hierdoor ontstaat er een vermenging tussen de traditionele krant en televisie met de sociale media. Er zijn veel verschillende kranten en televisienieuwszenders. Stuk voor stuk hebben zij vaak grote aantallen volgers. De betrouwbaarheid en inhoud van de berichten verschilt soms nadrukkelijk per medium. incident 09-2013 9
    • er sprake is van geruchten die circuleren op sociale media. Ook is er het verschil in de berichtgeving in de verschillende fasen van een incident. Met name als het gaat over de zoektocht naar een dader of over een onderzoek naar de oorzaak van een incident is de berichtgeving door de politie veel meer feitelijk. De buitenwereld is vlak na een incident vaak nog niet bezig met de opsporing, maar meer met de emoties rondom een incident. Semiprofessionele media - Accounts op de sociale media met veel volgers. Dit kunnen de ANWB of de NS zijn, maar ook bekende Nederlanders of beroemdheden. Deze accounts hebben soms in Nederland of wereldwijd tienduizenden tot zelfs miljoenen volgers. Het bereik van deze accounts is hiermee soms vele malen groter dan de eerder genoemde accounts. De betrouwbaarheid van de berichten verschilt nadrukkelijk per account. - Semiprofessionele media. Voorbeelden zijn het Hulpverleningsforum.nl en de 112-accounts. Deze hebben vaak ook een Twitteraccount. Deze accounts hebben op sociale media meestal een groot aantal volgers en zijn partijen die door velen als betrouwbaar worden beschouwd. Dit komt omdat zij vaak als eerste berichten over incidenten en deze berichtgeving vaak ondersteunen met beeldmateriaal van het incident. Fasen Doordat de benoemde accounts vaak veel volgers hebben bepalen zij in meer of mindere mate het beeld op de sociale media. Er zijn drie redenen dat de beelden verschillen. In de eerste plaats is zichtbaar dat berichtgeving over de incidenten op sociale media meestal volgend is op de ontwikkelingen rond de incidenten zelf. Ten tweede is het duidelijk geworden uit analyse van enkele incidenten, dat Een van de partijen die online bepalend zijn in het beeld zijn de semiprofessionele media. Hiermee bedoelen wij, in het onderzoek, organisaties of individuen die nieuws brengen over incidenten of situaties waar hulpdiensten (acute) hulp verrichten. Ook de 112-accounts vallen binnen deze categorie. Deze groep semiprofessionele media bestaan vaak uit vrijwilligers/hobbyisten, maar maken ook gebruik van (beginnend) freelance fotografen en cameramannen. De 112-accounts verzamelen uit interesse, voor hun plezier informatie over de inzet van de hulpdiensten bij incidenten, waarbij ze soms geld verdienen met foto’s of video’s die worden overgenomen door de traditionele media. In Nederland zijn veel verschillende lokale, regionale of provinciale accounts actief. De geschreven informatie en het foto- en filmmateriaal wordt meestal verzameld op een website met daaraan gekoppeld een of enkele sociale media accounts. Enkele voorbeelden. Snelheid De snelheid waarmee de 112-accounts het nieuws brengen valt op. Vaak plaatsen zij als een van de eersten een bericht over een incident. De snelheid van de 112-accounts komt met name door de alarmering van de hulpdiensten. Het alarmeren van de hulpdiensten via P2000 is openbaar te volgen via diverse websites en apps. Daarnaast werken freelance fotografen en cameramannen vaak met een pager. Deze snelheid was te zien bij een schietpartij in Rotterdam (14 augustus 2011). Hier plaatste 112-Randstad als een van de eersten een bericht over het incident. De bron is onbekend, het bericht is erg stellig, maar kan waar of onwaar zijn: ‘112 Randstad: Zojuist is er een schietpartij geweest op de Langenhorst in Rotterdam. Verdere gegevens ontbreken nog. Straks hopelijk meer.’ Door de diverse berichten te combineren is het mogelijk om als semiprofessionele media al conclusies te trekken voordat informatie officieel bekend is gemaakt. Dit werd zichtbaar bij een schietincident in Baflo (13 april 2011). Bij het incident werd een politieagent neergeschoten en was nog niet publiekelijk bekend gemaakt dat de agent om het leven was gekomen. Op het Hulpverleningsforum.nl werden diverse berichten geplaatst en of gekopieerd van andere sociale media. Hier trok men de conclusie, voorafgaand aan de officiële berichtgeving, dat de agent was omgekomen: ‘Hulpverleningsforum.nl: Tweet van een Friese politieman: “op naar buro met brok in de keel als steun voor de collegas!” lijkt duidelijke taal.’ 10 incident 09-2013 Sdu Uitgevers
    • Het combineren van berichten hoeft niet altijd goed te gaan. Een voorbeeld hiervan ontstaat bij de rellen na de wedstrijd Utrecht-Twente (4 december 2011). Hier ontstond een gerucht op de sociale media dat er een supporter zou zijn omgekomen: Sociale media: factor van invloed op onrustsituaties? In opdracht van Politie & Wetenschap deed adviesbureau VDMMP onderzoek naar de invloed ‘@112_Enschede: Bevestigd: Utrecht supporter overleden tijdens rellen, nadat hij met een (verdwaalde) steen op zijn hoofd geraakt was. Dieptriest.#UtrTwe’ van sociale media op situaties van maatschappelijke onrust. In dit rapport is in diverse casestudies onderzocht welke rol sociale media spelen bij de ontwikkeling van incidenten en hoe maatschappelijke onrust daarbij ontstaat en wordt beïnvloed. Het rapport geeft lezers herkenning, verwondering en leermomenten mee. Het is via www.vdmmp.nl te downloaden. Er bleek niemand te zijn overleden; een gerucht op de sociale media. Alleen voordat de politie dit had gecontroleerd en gecommuniceerd, leidde dit bericht een eigen leven op de sociale media. @112_Enschede vertelt achteraf in een interview met de onderzoekers over dit bericht: “Het bericht werd verspreid door een – naar later bleek – nepaccount van een lokale omroep. Op het moment van dit incident hadden wij nog niet zulke goede contacten met de hulpdiensten.[…] Het is natuurlijk nooit onze bedoeling om informatie te geven die onjuist is.” Bruikbaar Aan de andere kant kan de informatie van de semiprofessionele media soms worden gebruikt door de hulpdiensten. Denk aan film- en fotomateriaal voor de opsporing. Dit bleek bij een incident met een explosief op een flitspaal in Voorschoten (23 oktober 2011). Uit de media-analyse van de politie bleek dat een 112-fotograaf aanwezig was bij het incident en mogelijk beelden had van het incident. Deze is hierop uitgenodigd op het bureau om de beelden te bekijken en te beoordelen of deze geschikt waren als opsporingsmateriaal. In dergelijke gevallen kunnen de semiprofessionele media informatie verschaffen aan de hulpdiensten. De voorbeelden laten zien dat semiprofessionele media vaak snel zijn, feitelijk proberen te zijn in hun berichtgeving en hun informatie soms te gebruiken is. Wat ook duidelijk Sdu Uitgevers Sdu Uitgevers is geworden in het onderzoek, is de complexiteit van het valideren van de berichten die op de sociale media verschijnen. Ook de semiprofessionele media hebben te maken met deze afweging: is het waar of is het niet waar? Betrekken Aangezien diverse beïnvloeders op de sociale media gezamenlijk het online beeld bepalen is het aan te bevelen om de beïnvloeders te betrekken. Op deze wijze is rekening te houden met de rollen van de diverse beïnvloeders. Vaak zijn er tussen de traditionele media en hulpverleningsdiensten al afspraken. En inmiddels zoeken hulpdiensten ook nadrukkelijk de samenwerking met de semiprofessionele media zoals de 112-accounts. Ze maken afspraken over het wel of niet gebruik maken van materiaal of publiekelijk delen op de sociale media. Of helpen elkaar bij het verifiëren van een gerucht op sociale media. Volgens ons zouden meer hulpdiensten en veiligheidsregio’s dat moeten doen. Niek van As is adviseur beleid en onderzoek en Roy Johannink is senior adviseur beleid en onderzoek bij adviesbureau VDMMP. incident 09-2013 11