Melding 2014 editie feb
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Melding 2014 editie feb

on

  • 610 views

 

Statistics

Views

Total Views
610
Views on SlideShare
314
Embed Views
296

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

3 Embeds 296

http://www.vinkhuizen-veilig.nl 170
http://socialmediadna.nl 123
http://www.google.nl 3

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

Melding 2014 editie feb Melding 2014 editie feb Document Transcript

  • P U B L I E K E V E I L I G H E I D Editie 02 | 2014 Uitdagingen in Cyber Security Pilot 112 MeldAPP Uitwijkoefening MKNN & MON MELDING! rbenw.nl/app
  • 2 Melding! | 02 2014 Eurofunk meldkamerproducten: ELDIS – Geïntegreerd Meldkamer Systeem, computerondersteunde Meubilair: Meldkamertafels interface) bedrijfstelefonie, de 112 noodoproe eurofunk Kappacher GmbH Salzburg|Austria voor het meldkamerdomein
  • Melding! | 02 2014 3 4 | Veiligheid tijdens de Nuclear Security Summit 7 | Gezamenlijke aanpak gevaarlijke stoffen 8 | Cyber security uitdagingen in 2014 11 | Geslaagde uitwijkoefening MKNN en MON 12 | Bovenregionaal Expertteam Crisiscommunicatie Operationeel 14 | Innovatieproject 'alarmering als dienst' afgerond 16 | Pilots met gebruik van 112 MeldApp 18 | Kort nieuws INDEX Bovenregionaal Expertteam Crisiscommunicatie
  • 4 Melding! | 02 2014 Veiligheid tijdens de Nuclear Security Summit Nederland organiseert op 24 en 25 maart 2014 de internationale topconferentie Nuclear Security Summit (NSS). Hier zullen 58 wereldleiders, 5000 delegatieleden en 3000 journalisten bij aanwezig zijn. Om de veiligheid te waarborgen en te zorgen voor een goed verloop, zal een grootscheepse voorbereiding nodig zijn en zijn veiligheids- en verkeersmaatregelen onvermijdelijk. Overlast wordt zoveel mogelijk beperkt maar toch moeten vooral weggebruikers rekening houden met ernstige verkeershinder. Na Washington en Seoel, wordt de derde editie van Nuclear Security Summit in het World Forum in Den Haag gehouden. Tijdens de NSS maken de 58 wereldleiders afspraken over het voorkomen van illegale handel in nucleair materiaal en nucleair terrorisme. Het is de grootste top die Nederland ooit organiseerde, daarnaast is het ook meteen de grootste veiligheidsoperatie. Ruud Bik, plaatsvervangend korpschef van de Nationale Politie: ‘Wij zijn trots bij te mogen dragen aan een veilig verloop van deze belangrijke conferentie. Dat doen wij door alert en aanspreekbaar te zijn en voortdurend de verbinding te zoeken met onze partners, het publiek en de media’. 
 Forse personele inzet Tijdens de NSS is de politie-inzet fors, vier keer zoveel als bij de troonwisseling op 30 april vorig jaar. Niet alleen in de randstad, maar ook in de rest van Nederland wordt extra politie ingezet. De politie zal vooral zichtbaar zijn op de weg, om delegaties door het verkeer te loodsen en in de steden waar delegatieleden verblijven. Daarnaast treft de politie niet-zichtbare beveiligingsmaatregelen. Uiteraard wordt er ook rekening gehouden met onverwachte incidenten of gebeurtenissen elders in het land. Veiligheidsmaatregelen tijdens de NSS zijn bedoeld om de NSS waardig, veilig en ongestoord te laten verlopen en de maatschappelijke continuïteit te waarborgen. Redactie Melding! Magazine
  • Melding! | 02 2014 5 Bij de veiligheidsmaatregelen wordt gebruikt gemaakt van een zogenaamd ringenstelsel. Wat de veiligheidsmaatregelen precies inhouden, wordt niet bekend gemaakt. Rol defensie Defensie speelt een grote rol tijdens de NSS. De inzet van defensie blijft zeker niet beperkt tot bewaking en beveiliging van het luchtruim en beveiliging van het land vanaf zee. Ook de landmacht ondersteunt de nationale politie met onder meer beveiligings- en verbindingsmiddelen. Voor de veiligheidsmaatregelen zet de Koninklijke Marechaussee extra personeel in en er wordt samengewerkt met ketenpartners. In totaal zet de Koninklijke Marechaussee enkele duizenden mensen in, waaronder haar bijstandseenheden die, indien noodzakelijk, ook in het hogere geweldsspectrum bijstand leveren aan de nationale politie. Op de dagen 24 en 25 maart zelf zet de Koninklijke Marechaussee zelfs 4000 mensen per dag in. Het Wapen zal ceremoniële beveiligingstaken uitvoeren, het Koninklijke Huis en het Catshuis bewaken en beveiligen en levert bijstand aan de nationale politie. Het publiek zal in het kader van deze veiligheidsmaatregelen meer marechaussees zien dan gewoonlijk. Defensie heeft bovendien transporthelikopters, een toestel voor medische evacuaties, ambulances en EHBO-posten paraat staan op het voormalige Vliegkamp Valkenburg. Luchtvaart De recreatieve luchtvaart, zoals sportvliegtuigen en ballonvaren, is in de wijde omgeving van de Randstad niet mogelijk rond de top. Zoals gebruikelijk bewaakt en beschermt Defensie het luchtruim. Er staan vliegtuigen en helikopters klaar voor eventuele onderscheppingen. Op Schiphol wordt de Polderbaan gebruikt voor het parkeren van de vliegtuigen waarmee de wereldleiders en hun delegaties aankomen. De voorbereidingen hiervan starten op 10 maart. Vanaf dat moment worden andere banen ingezet, waardoor er ook een andere geluidsverdeling zal zijn. Marineschepen zullen voor de kust liggen en het luchtmacht radarstation zal gereed zijn. AWACS-vliegtuigen van de NAVO en een grondgebonden luchtverdedigingssysteem van de luchtmacht zullen het luchtruim bewaken en de F-16’s en Apaches zullen paraat staan. Zeevaart De Noordzee is tijdens de top zo veel mogelijk vrij. De haven van Scheveningen blijft bereikbaar en vanaf 1 kilometer uit de kust heeft de scheepvaart normale doorgang. In territoriale zee geldt tussen Monster en Zandvoort een beveiligd zeegebied, waarbinnen alle schepen hun naam, lading en eigenaar bekend moeten maken. Marine- en politieschepen monitoren het scheepvaartverkeer voor de kust van Scheveningen en Noordwijk. NSS
  • 6 Melding! | 02 2014 Rondom hotels kunnen sommige stranden beperkt toegankelijk zijn. Verkeersmaatregelen De politie houdt tijdens de wereldtop de effecten van de verkeersmaatregelen nauwlettend in de gaten. Speciaal voor dit doel heeft zij tijdens de NSS voor het eerst op nationaal niveau een verkeersgeleidingscentrale ingericht. Hierdoor kan de politie, samen met een vertegenwoordiger van Rijkswaterstaat, snel anticiperen op de effecten van de veiligheidsmaatregelen. Hierbij wordt voortdurend gezocht naar de balans tussen noodzakelijke veiligheidsmaatregelen enerzijds en het doorgaan van het maatschappelijke leven anderzijds. Tijdens de nucleaire top moeten weggebruikers tussen Amsterdam, Den Haag en Rotterdam rekening houden met ernstige verkeershinder. Dat geldt ook voor weggebruikers in Wassenaar, Leiden, Katwijk, Noordwijk, de Bollenstreek en Haarlemmermeer. Tijdens de drukste momenten moet rekening worden gehouden met een ‘spits bovenop een spits’. Directeur-generaal Rijkswaterstaat Jan Hendrik Dronkers: ‘Het advies is om op maandag 24 en dinsdag 25 maart niet naar dit deel van de randstad te komen, als u er niet per se hoeft te zijn. Probeer elders of thuis te werken’. Er wordt daarom ook geadviseerd buiten de spits om te reizen. Wie niet om de spits heen kan, kan het beste de trein nemen. In de ochtend- en avondspits rijden langere treinen tussen Amsterdam en Rotterdam. Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en veiligheid Dick Schoof: ‘Bij zo’n grote top zijn maatregelen nodig. We zoeken daarbij naar een goede balans. Zonder afbreuk te doen aan veiligheid proberen we tegelijkertijd de hinder zoveel mogelijk te beperken. We nemen de juiste maatregelen in de juiste proporties.’ 
 
 Voorbereidingen Op 24 en 25 maart- en de dagen daaromheen – wordt er veel menskracht van verschillende diensten zichtbaar ingezet, zowel op straat in Den Haag als in andere steden, waar bijvoorbeeld delegatieleden verblijven. Ruud Bik: ‘Er zijn 58 wereldleiders in Nederland. Dat brengt risico’s met zich mee. Wij zijn daarom voortdurend alert op dreigingen en nemen de veiligheidsmaatregelen die nodig zijn. Die maatregelen zijn niet allemaal zichtbaar. Wij zijn goed voorbereid op de NSS en er is goede samenwerking met onze partners. Dit geeft mij het volste vertrouwen dat wij straks een waardig, veilig en ongestoorde NSS beleven.’ NSS “We zoeken naar een goede balans. Zonder afbreuk te doen aan veiligheid proberen we tegelijkertijd de hinder zoveel mogelijk te beperken.”
  • Melding! | 02 2014 7 Zo’n eenheid bestaat uit brandweermensen die getraind zijn om in speciale beschermende pakken te werken plus speciale containers. In die containers zit materiaal om brandbare, chemische of explosieve stoffen onschadelijk te maken. Ook zijn er containers waarin mensen die met gevaarlijke stoffen in aanraking zijn gekomen, ontsmet kunnen worden. Voordelen Het heeft verschillende voordelen om ongevallen met gevaarlijke stoffen gezamenlijk te bestrijden. Dit soort incidenten komt heel weinig voor, dus is het voor een afzonderlijke regio een dure oplossing om zelfstandig het benodigde personeel en materieel paraat te houden. Met interregionale samenwerking op dit gebied kan de brandweer geld besparen. Een ander belangrijk winstpunt is dat de kwaliteit hierdoor kan worden verbeterd. Met minder eenheden in de vier regio’s, is het eenvoudiger om gerichter te oefenen en de kwaliteit van het materieel op peil te houden. Voorloper De regio’s lopen met de samenwerking voor op landelijke ontwikkelingen. Ook landelijk wordt gewerkt aan het bestrijden van ongevallen met gevaarlijke stoffen over regiogrenzen heen. De samenwerking van de vier regio’s sluit aan bij deze landelijke ontwikkelingen. Convenant De regionaal brandweercommandanten Frans Schippers (Kennemerland), Elie van Strien (Amsterdam-Amstelland), Steven van de Looij (Noord-Holland Noord) en Hilda Raasing (Zaanstreek-Waterland) hebben de samenwerking eind januari bezegeld met de ondertekening van een convenant. Vier veiligheidsregio’s in Noord-Holland gaan nauw samenwerken op het gebied van ongevallen met gevaarlijke stoffen. De regio’s Zaanstreek- Waterland, Kennemerland, Amsterdam-Amstelland en Noord-Holland Noord hebben een gezamenlijke eenheid opgericht voor de bestrijding van dit soort incidenten. Tot nu toe had elke regio zijn eigen eenheid. Gezamenlijke aanpak gevaarlijke stoffen Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland
  • 8 Melding! | 02 2014 Cyber security uitdagingen in 2014 In het nieuwe jaar geven kranten en analisten hun voorspellingen over wat de cyber security uitdagingen voor 2014 zouden kunnen zijn: toename van mobiele aanvallen, meer geavanceerde en gerichte aanvallen, toename van inbreuk op gegevens, algemeen wantrouwen in de technologiebedrijven als gevolg van de openbaringen van Snowden, meer geavanceerde sociale engineerings-technieken, bedreigingen van binnenuit etc. Echter, in plaats van alleen te kijken naar de veiligheidsvoorspellingen, is het ook belangrijk om te kijken naar de bredere technologische trends en hoe zij invloed hebben op het beveiligingslandschap, betoogt Monica Josi. Organisaties proberen innovatie te stimuleren door het implementeren van nieuwe technologieën. De belangrijkste trends hierin zijn: Mobiel: Smartphones en tablets worden steeds belangrijker voor de hedendaagse beroepsbevolking, ongeacht de industrie. Sociaal: Organisaties zijn op zoek naar nieuwe manieren om samenwerking te faciliteren en om informatie te delen over de bedrijfsgrenzen. Cloud: Steeds meer organisaties maken gebruik van publieke, private en hybride cloud-modellen om vooruitgang te boeken met hun bedrijf. Dit doen ze door gebruik te maken van de flexibiliteit, het kostprijsmodel, de inrichting en de locatie- onafhankelijkheid van een cloud. Big Data: Omdat hoeveelheid gegevens blijft groeien, willen organisaties zicht op de inhoud en de betekenis van de data Naast deze technologische trends, is ook het dreigingslandschap drastisch veranderd in de afgelopen paar jaar. In de jaren ‘90 waren de grootste bedreigingen voor de gebruikers spam- e-mails en virussen, maar nu is de potentiële verstoring veel ingrijpender. Cyberaanvallen Monika Josi, Chief Security Advisor EMEA, Microsoft
  • Melding! | 02 2014 9 vandaag de dag kunnen leiden tot aanzienlijke kosten voor het bedrijfsleven, een aantal aanvallen grenzen zelfs aan spionage of een bedreiging van de nationale veiligheid. De nieuwe trends - mobiel, sociaal, cloud, big data – die gekoppeld zijn aan IT-infrastructuren die vijf tot tien jaar geleden gebouwd werden toen het dreigingslandschap heel anders was, vormen grote uitdagingen als het gaat om cyber security. Men zou zelfs kunnen zeggen dat er spanning is tussen de moderne trends en het waarborgen van de end-to-end security. Voorbij herstelplanning Organisaties realiseren zich dat de huidige aanpak van concentratie op de bescherming van de infrastructuur met herstelplannen niet meer van deze tijd is. De realiteit vandaag de dag is dat organisaties geen veilige omgeving kunnen garanderen. Feit is dat organisaties ervan uit moeten gaan dat veiligheidsincidenten zullen gebeuren of al zijn gebeurd. Implementeren van proactieve strategieën In deze nieuwe ‘cyber security realiteit, moeten proactieve strategieën – die bestaan uit vier belangrijke fasen - worden geïmplementeerd voor het ontwikkelen van sterke cyber security. Het begint met ‘beschermen’, het inzetten van beveiligde producten en diensten en waarbij up-to-date veiligheidsprocedures worden vastgesteld. Tweede is ‘detecteren’ door middel van uitgebreide ‘logging’ en de ontwikkeling van intelligente queries. De derde fase is ‘begrijpen’, de aard en het doel van aanvallen achterhalen en de organisatie hierop voorbereiden. Dit omvat vaak het herzien van de netwerkarchitectuur van een organisatie om er zeker van te zijn dat incidenten kunnen worden beheerst en geïsoleerd en dat een veiigheidsincident niet verspreid wordt over de hele infrastructuur. De laatste fase is ‘reageren’ om de wachttijd te minimaliseren en om businesscontinuïteit te onderhouden. Als deze aanpak wordt gevolgd en de huidige mogelijkheden worden herzien, kan dit een hoog niveau van veiligheid bieden, een strategische visie van het management op cyber security risico’s en een kader bieden voor het verbeteren van de algehele beveiliging van een organisatie met het bepalen van de meest urgente en schijnbare ‘gaps’. Het bereiken van veerkracht is een doel dat veel organisaties nastreven. NIet alleen kijken naar technologie Het is verder belangrijk om niet alleen naar de technologische aspecten te kijken maar ook naar de vaardigheden van huidige organisaties. Een uitdaging die vaak voorkomt in grotere organisaties is de ‘balkanisering’ waarin verschillende groepen afzonderlijk werken, dit zorgt ervoor dat het lastig is om een nauwkeurig totaalbeeld te vergaren over de huidige situatie. Gezamenlijke vergaderingen tussen operations en security kunnen hiervoor een oplossing bieden. Sommige organisaties betrekken hun ecosysteem partners regelmatig, bijvoorbeeld door informatie uit te wisselen met sourcing partners en telecomproviders etc. om een volledig beeld van hun beveiligingsstatus te krijgen. Cyber security
  • 10 Melding! | 02 2014 Op nationaal niveau is de vorming van de nationale cyber security centra (Computer Emergency Response Teams, Rechtshandhaving en spelers in de private sector zoals kritische infrastructuren en technologische providers) een effectieve manier om de informatie-uitwisseling te verbeteren en – gelet op de Snowden openbaringen - het herbouwen en versterken van het vertrouwen tussen de verschillende spelers om de cyber uitdaging op nationaal niveau aan te pakken. Een andere uitdaging is de vakkennis van de vier stadia; beschermen - traceren - begrijpen - reageren: veel organisaties hebben niet genoeg vaardigheden op alle gebieden, zoals forensische mogelijkheden om de aard van aanvallen vast te stellen, het type malware en de mate van besmetting te bepalen. Daarnaast ontbreekt het bij organisaties vaak aan effectieve ‘incident response practices’ die regelmatig worden beoordeeld en getest. Samenvatting Als organisaties de huidige bedreigingen effectief willen aanpakken en moderne business scenario’s mogelijk willen maken, moet er een uitgebreid programma komen dat verder reikt dan alleen de vaststelling van de individuele gaps. Een programma moet kijken naar de hele architectuur, betrekking hebben op alle vier de fasen - beschermen, opsporen, bevatten, reageren- in de cyberveiligheid levenscyclus. De eerste stap die een organisatie moet nemen voor een succesvolle cyber security strategie is het begrijpen van de data en de classificatie ervan – welke data heeft een lage, middel of juist een hoge business impact. Het is belangrijk om breed naar data te kijken: ook persoonsgegevens en verwijzigen naar bestandslocaties vallen hieronder. Wanneer men de data begrijpt, zou de organisatie het beleid en de lange termijn veiligheidsstrategieën moeten implementeren om ervoor te zorgen dat de data veilig blijft. Dit alles moet worden gedaan met een end-to-end security strategie in gedachte maar ook met in het achterhoofd dat data wordt gebruikt op scala van apparaten, zoals consument-georiënteerde smartphones, tablets en/of sterke enterprise- security tablets en laptops. Er zal nooit zoiets als 100% veiligheid bestaan. Organisaties moeten ervoor zorgen dat ze solide risicomanagement procedures hebben om evenwicht te creëren tussen het faciliteren van huidige business en het waarborgen van de veiligheid van data. cyber security
  • Melding! | 02 2014 11 Gewapend met speciale ‘uitwijkkoffers’ zouden de uitwijkende centralisten tijdens de oefening uiteindelijk gaan werken met echte mobiele 112-telefonie. Intakeproces vanuit Zutphen De buddymeldkamer Noord-Nederland (MkNN) is niet groot genoeg om de gehele MON te ontvangen. Daarom wijkt het intakeproces van de MON uit naar Zutphen. De opstart was enigszins uitdagend, vanwege de grote belasting op het netwerk daar. Dit is uiteindelijk opgelost door Beheer MON. Daarna kon er voor korte tijd 112-mobiel doorgeschakeld worden en is er 112-mobiel in Zutphen terecht gekomen. Een succes dus! Uitgifteproces vanaf de MkNN Het uitgifteproces vanaf de MkNN was op 14 juni 2013 al getest door centralisten van de MON, dus hier kwamen geen noemenswaardige zaken naar voren. Wel was het erg prettig om met ‘nieuwe’ centralisten opnieuw te oefenen. Het heeft vooral verbeteringen opgeleverd in de werkinstructies en de communicatie. Door de grote fysieke afstand tussen de beide uitwijklocaties is het belangrijk dat het onderlinge contact goed wordt gefaciliteerd. Er zijn aparte ‘C2000-uitwijkgespreksgroepen’ in het leven geroepen, die zowel via porto als via RABS te bedienen zijn. Dit heeft ook tijdens de oefening prima gefunctioneerd. Het vervolg… Op korte termijn zal Beheer MON de servercapaciteit t.b.v. Zutphen uitbreiden, waarna er weer een korte test zal volgen. Hierna wordt er weer een (kleinere) oefening ingepland met centralisten. Daarover zal nog tijdig worden gecommuniceerd. De MON is, mede dankzij de oefening op 24 januari 2014, in ieder geval klaar voor een echte uitwijk! Gerelateerd: MON wijkt succesvol uit naar MKNN Op vrijdag 24 januari 2014 heeft een grote Uitwijkoefening plaatsgevonden van de Meldkamer Oost-Nederland (MON). Tijdens deze oefening draaide de MON met dubbele bezetting: in Apeldoorn en op de beide uitwijklocaties, Zutphen en Drachten. De oefening was voorbereid door de werkgroep Uitwijk & Fall-back, bestaande uit leidinggevenden, centralisten en beheerders. De werkgroep heeft zich in het hele proces laten ondersteunen / faciliteren door Harry Wonderman en Sander Kort. Geslaagde uitwijkoefening MKNN en MON Tom van der Vlist, Directeur MKNN & Freek Vierwind, Directeur MON
  • 12 Melding! | 02 2014 Met de vorming van dit team hebben alle veiligheidsregio’s en gemeenten de mogelijkheid om tijdens een incident of crisis advies of bijstand in te schakelen. Dat doen ze door het nummer van het Nationaal Crisiscentrum (NCC) te bellen 070-751 5000. Expertmeeting De expertmeeting over ‘het totale speelveld van de crisiscommunicatie’ besteedde aandacht aan de professionalisering van de crisiscommunicatie dwars door alle kolommen heen. De politie heeft een crisiscommunicatieteam (CCT). De brandweer is gestart met een ondersteuningsteam brandweer (OTB). Alle teams werken op verzoek van de veiligheidsregio of politie-eenheid en zijn bedoeld om bij het optreden van een crisis meer in te spelen op de informatiebehoefte en sentimenten die leven in de samenleving. Tijdens deze expertmeeting bleek dat het veel samenwerking vereist tussen alle kolommen. Iedereen heeft zijn eigen taak, maar uiteindelijk zijn we één overheid. En het gaat er om dat we dat niet vergeten in ons optreden. Expertise ontsluiten Portefeuillehouder crisiscommunicatie uit het DB Veiligheidsberaad, Piet Bruinooge heeft zich de afgelopen jaren ingezet voor versterking van de crisiscommunicatie in de veiligheidsregio’s. “Door binnen de regio’s de crisiscommunicatie in een regionale pool te organiseren, bundel je regionaal de beste mensen. Het is efficiënter om een kleinere groep betrokken en goed opgeleide mensen te hebben, dan om het per gemeente te organiseren. Daarnaast zie je dat naast regionale bundeling van krachten dit ook bovenregionaal voordelen biedt. Bovenregionaal Expertteam Crisiscommunicatie Operationeel Tijdens de expertmeeting van het veiligheidsberaad in februari 2014, zijn de leden van het bovenregionaal expertteam crisiscommunicatie officieel geïnstalleerd. Het bovenregionaal team crisiscommunicatie bestaat uit professionals voor en door de veiligheidsregio’s en gemeenten. Het team is gevormd op initiatief van het ministerie van Veiligheid en Justitie en het Veiligheidsberaad. Vorming van dit ‘invliegteam’ was een van de aanbevelingen uit het rapport eenheid in verscheidenheid na Moerdijk. Redactie Melding! Magazine
  • Melding! | 02 2014 13 De start van dit bovenregionale team met expertise uit de verschillende regio’s is goed nieuws. Eindelijk kunnen we op een eenvoudige manier de expertise uit de regio’s ontsluiten en deze kennis met elkaar delen. Zo kan er kruisbestuiving plaatsvinden en uitwisseling van kennis. Dat komt uiteindelijk alle regio’s ten goede.” Samenwerking De start van het bovenregionaal team is mogelijk door de geslaagde samenwerking tussen Veiligheidsberaad en het ministerie van Veiligheid en Justitie. Het beheer en de doorontwikkeling van het bovenregionaal team crisiscommunicatie ligt vanaf nu bij het IFV (instituut fysieke veiligheid). Voor het inroepen van het team maken de veiligheidsregio’s gebruik van de 24/7 paraatheid van het NCC en het Landelijk Operationeel Coördinatiecentrum (LOCC). Dit project is een goed voorbeeld van samenwerking tussen Rijk en Veilgheidsregio’s en samenwerking dwars door alle kolommen heen. Met als einddoel goede crisiscommunicatie van een betrouwbare en goed voorbereide overheid. Het Team Het bovenregionaal expertteam crisiscommunicatie is een topteam van crisiscommunicatieprofessionals die werken bij gemeenten en veiligheidsregio’s. Deze professionals zijn naast hun dagelijkse werk beschikbaar als een invliegteam. Op het moment dat er een calamiteit of crisis is in een gemeente of veiligheidsregio, dan zet de veiligheidsregio in eerste instantie haar eigen regionale pool in. Daarnaast kan de regionale pool een beroep doen op het bovenregionaal expertteam. De communicatieprofessionals in deze pool beschikken over inhoudelijke expertise (bijvoorbeeld van een bepaald type incident) en/of over expertise van de sleutelrollen in het crisiscommunicatieproces. Het team (of de leden van het team) werkt onder het bevoegd gezag van de regio of gemeente die om bijstand heeft gevraagd. Het expertteam is dus van en voor de regio’s. De communicatieprofessionals beschikken over communicatieve en inhoudelijke expertise op het gebied van crisiscommunicatie en op specifieke gebieden, zoals bijvoorbeeld zedenzaken of wateroverlast. Ze zijn getraind volgens de profielen van GROOTER en zijn goed op de hoogte van de processen in de crisisbeheersing. Lees meer Bovenregionaal crisiscommunicatieteam maakt stappen Q&A Bovenregionaal expertteam crisiscommunicatie crisiscommunicatie Het advies ‘Eenheid in verscheidenheid’ naar aanleiding van de brand in Moerdijk vormt de aanleiding voor de vorming van het expertteam.
  • 14 Melding! | 02 2014 Innovatieproject 'alarmering als dienst' afgerond De A3S informatiedienst is gebaseerd op het principe van een snelle en veilige informatie-uitwisseling tussen publiek/private organisaties via internet, met behoud van eigen informatiesystemen en controle over de gedeelde informatie. A3S is een krachtige combinatie van technologie-innovatie en optimalisatie van de bedrijfs-ketenprocessen. Rob Peters, CIO van de VRK, stelde bij de afronding van het project dat A3S de eerste stap is in snelle en betrouwbare informatiedeling rondom veiligheid tussen overheid (o.m. Veiligheidsregio’s) en bedrijfsleven (zoals de Haven en Schiphol) in en rondom Kennemerland. Hij wees erop dat binnen de VRK nog besluitvorming moet plaatsvinden over implementatie en verdere opschaling van de toepassing. Fons Panneman, algemeen projectleider A3S vertelt: “De eerste versie van A3S die nu gereed is, is gericht op een snelle informatiedeling tussen de meldkamers van Tata Steel en de VRK met betrekking tot het effectgebied (gasmal) in geval van een ‘Loss of Containment’ op de Tata-Steel site. De dienst richt zich op de eerste minuten van een incident, waarbij met behulp van de A3S op basis van de eerste ‘alarmeringsgegevens’ vanuit de meldkamer van Tata Steel een gemeenschappelijk gedeelde gasmal wordt berekend. Deze wordt gelijktijdig in de meldkamers van Tata en de VRK (MICK) gedistribueerd en gepresenteerd.” Vanuit het MICK kan de alarmering naar de burgers in de omgeving met A3S binnen een paar minuten plaatsvinden. De te bereiken tijdwinst is het gevolg van verkregen vertrouwen, afgestemde processen en randvoorwaarden voor incidentdefinitie en alarmering, in combinatie met de geboden technisch-innovatieve ketenoplossing. In december 2013 is bij de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) in Haarlem het innovatieproject ‘alarmering als dienst’ (A3S) afgerond. Het project dat in opdracht van Tata Steel, de VRK en Stichting Studio Veiligheid (SSV) in de afgelopen 2 jaar is uitgevoerd, was gericht op het bereiken van snellere alarmering naar burgers en hulpverleners in crisissituaties, met behulp van slimme technologie. Jan-Willem van Aalst Foto: H. Days Photo’s & Art
  • Melding! | 02 2014 15 In de PUBLIC SAFETY App brengt RB&W het nieuws op een overzichtelijke wijze bijeen en plaatst dit nieuws in een context van gerelateerde ontwikkelingen, gebundelde vakinformatie en relevante beleidsdocumenten. RB&W faciliteert het grootste multidisciplinaire kennisnetwerkbinnendesectorPubliekeVeiligheid. Overheids- en semi-overheidsorganisaties op het gebied van Publieke Veiligheid (zoals Politie, Defensie, Brandweer, Ambulance nemen hieraan deel om informatie, kennis- en ervaringen uit te wisselen. Deelname aan het RB&W-kennisnetwerk staat open voor alle organisaties die actief zijn op het terrein van openbare orde en veiligheid. Meer informatie: www.rbenw.nl 24/7 Nieuwsberichten over Publieke Veiligheid (Artikelen uit) de leidende tijdschriften over Publieke Veiligheid Nieuwsvoorziening in context van beleidsdocumenten, wetgeving en achtergrondartikelen Beleidsdocumenten en Rapporten In App Reader met mogelijkheid tot het opslaan van eigen documenten P U B L I E K E V E I L I G H E I D Editie 02 | 2014 Uitdagingen in Cyber Security Pilot 112 MeldAPP Uitwijkoefening MKNN & MON MELDING! rbenw.nl/app Melding! Magazine is beschikbaar in de PUBLIC SAFETY iPad APP
  • 16 Melding! | 02 2014 Ben Miedema, accountmanager meldkamer van brandweer Amsterdam-Amstelland, vertelt over het hoe en waarom van de app. “Zodra een burger de 112-knop indrukt, wordt deze direct doorverbonden met de juiste meldkamer. Tevens wordt vooraf opgeslagen informatie zoals de GPS-coördinaten, het BAG adres, de naam en de gezinssamenstelling automatisch naar de meldkamer verstuurt zodat deze niet meer hoeft te worden opgevraagd”, start Miedema zijn toelichting op de mogelijkheden van de app. “Gedurende het testtraject zijn er tijdsbesparingen behaald van 35 à 45 seconden per melding. Hiermee kan de app een bijdrage leveren aan de doelstellingen van de brandweer: minder branden, minder slachtoffers en minder schade. Immers, door een snellere melding is de brandweer ook sneller ter plaatse.” Burgerparticipatie De MeldAPP is ook een prima instrument om de burgerparticipatie te stimuleren.: “Naast de snelle verbinding met de juiste meldkamer is het mogelijk om een groep burgers die zich in een mogelijk gevaarlijk effect gebied bevindt via de app te vragen of ze overlast ondervinden van rook of andere vrijkomende (gevaarlijke) stoffen. Pilots met gebruik van 112 MeldApp Volgens marktonderzoeksbureau Telecompaper bezit inmiddels bijna driekwart van de Nederlandse bevolking een smartphone. Reden voor de brandweer Amsterdam-Amstelland om te onderzoeken wat de meerwaarde zou kunnen zijn van het gebruik van een app om contact op te nemen met alarmnummer 112. In het voorjaar van 2013 heeft brandweer Amsterdam- Amstelland een prototype MeldAPP laten bouwen. Noodhulpmeldingen per app leveren tijdwinst op in de verwerkingstijd van de meldkamer omdat bijvoorbeeld de locatie en de naam van de beller met de melding meegezonden worden. Redactie Melding! Magazine
  • Melding! | 02 2014 17 Burgers maken een inschatting van de omstandigheden onder de rookkolom door een korte vragenlijst te beantwoorden en een foto te nemen. Gebruikers sturen vervolgens de ingevulde vragen en de foto terug naar de meldkamer. De gegevens worden direct geplot op een kaart zodat een actueel overzicht van het effectgebied ontstaat. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om burgers via de app een handelingsperspectief aan te reiken.” Draagvlak Uit een in het najaar uitgevoerd onderzoek naar draagvlak en de haalbaarheid voor een dergelijke noodhulpapp voor heel Nederland en alle hulpdiensten blijkt dat er goede mogelijkheden zijn. Een dergelijk project heeft echter alleen kans van slagen indien naast de app ook de ontwikkeling van de koppeling met het huidige meldkamer system (GMS) wordt meegenomen. De centralist moet de gegevens immers ook kunnen ontvangen en gebruiken. Project Het MeldAPP project bestaat uit drie delen: het bouwen/ontwikkelen van een app, het bouwen/ ontwikkelen van een meldkamerinterface en het beproeven van app en interface in de praktijk (pilot begrensde publieksproef). In december 2013 is opdracht gegeven om de informatie architectuur van meldkamer en meldapp te inventariseren. Met deze informatie in kaart kunnen beter voorwaarden gesteld worden aan de vervolgstappen in en de afbakening van het project. Het resultaat van dit onderzoek is in het eerste kwartaal van 2014 beschikbaar. Samenwerking Voor de uitvoering en doorontwikkeling van het project is samenwerking gezocht en gevonden met de meldkamer Noord-Nederland en veiligheidsregio Groningen. In het noorden heeft men ervaring met social media projecten gericht op het sneller kunnen hulpverlenen bij incidenten. Amsterdam-Amstelland en Noord Nederland zijn bovendien de enige beide meldkamers die gevrijwaard zijn van verhuis- en samenvoegperikelen in het kader van de inrichting van de nieuwe Landelijke Meldkamer Organisatie.Ook enkele onderzoeks en kennispartners zijn betrokken bij het project. Met hen wordt informatie uitgewisseld en kennis opgebouwd. Voor het totale project is op 1 februari subsidie aangevraagd via het brandweer innovatieplatform Inowit. De resultaten van de pilots in Amsterdam en Drachten worden over een jaar verwacht en zullen dan worden aangeboden aan de LMO. 112 App
  • 18 Melding! | 02 2014 Melding! is het vakblad voor en door personen die professioneel betrokken zijn bij publieke veiligheid in Nederland. Melding! verschijnt 10 keer per jaar. Redactie-adres RB&W / Melding Tussenlanen 13 2861 CB Bergambacht info@rbenw.nl T. +31(0)182 625 111 Website www.rbenw.nl App www.rbenw.nl/app Uitgever RB&W Abonnementen Melding! is onderdeel van het kennis- en informatienetwerk RB&W. Een digitaal abonnement kan worden afgesloten via melding@rbenw.nl Advertenties Tarieven, reserverings- en sluitingsdata zijn beschikbaar bij: RB&W Tussenlanen 13 2861 CB Bergambacht info@rbenw.nl T. +31(0)182 625 111 Kopij en disclaimer Kopij kan worden ingezonden in overleg met de redactie. Geplaatste artikelen vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs de mening van de redactie. Hoewel aan de totstandkoming van deze uitgave de uiterste zorg is besteed, kunnen redactie en uitgever geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele fouten of onvolkomenheden. Copyright © 2014 Niets uit deze uitgave mag worden over- genomen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. ISSN 1876-1836 Kort nieuws Melding! Nieuwsbrief U kunt zich via www.rbenw.nl abonneren op onze nieuwsbrief, u ontvangt dan per e-mail het laatste nieuws van Melding! Melding! op Twitter www.twitter.com/rbenw www.twitter.com/meldkamer HetdreigingsniveauinNederlandblijft ‘substantieel’. De dreiging die uitgaat van Nederlanders die aansluiting zoeken en vinden bij strijdgroepen in Syrië en van personen die terugkeren, is onverminderd groot. Het gaat inmiddels om ruim 100 uitreizigers, waarvan er zich ruim 70 nog steeds in Syrië bevinden. Het aantal terugkeerders met of zonder strijdervaring in Syrië is toegenomen tot ruim 20 personen. De inzet van de Nederlandse overheid is dan ook primair gericht op het indammen van deze dreiging en het voorkomen van nieuwe aanwas. Zeker 10 jihadgangers uit Nederland zijn inmiddels in Syrië om het leven gekomen. Vanwege de ernst en omvang van de potentiële dreiging is de inzet van alle contraterrorisme- partners sinds begin vorig jaar geïntensiveerd. De interventies en aanpak worden in het licht van de genoemde ontwikkelingen onverkort voortgezet. Zo is inmiddels in 11 gevallen het paspoort vervallen verklaard. Dat kan bij gegronde vermoedens dat iemand in het buitenland handelingen gaat verrichten die een bedreiging vormen voor Nederland, zoals aansluiting bij Al-Qaida strijdgroepen. Dreigingsniveau blijft ‘substantieel’ Het Algemeen Bestuur van het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) heeft het besluit genomen het bedrijf IE Beheer B.V. en zijn werkmaatschappij Han Dataport Sales B.V. over te nemen. Hiermee is het IFV eigenaar geworden van het Landelijk Crisismanagement Systeem (LCMS). Het LCMS is bij alle 25 veiligheidsregio’s, het Nationaal CrisisCentrum(NCC)enhetLandelijk Operationeel Coördinatiecentrum (LOCC) in gebruik. Het LCMS is een ondersteunend systeem voor het delen van informatie en het creëren van een actueel, gedeeld totaalbeeld tijdens incidenten, rampen en crises. Daarmee draagt het LCMS voor de gebruikers een vitaal karakter. Continuïteit van het LCMS dient onvoorwaardelijk te worden gegarandeerd. De overname van de eigenaar biedt daarvoor de beste waarborgen aldus het IFV. IFV eigenaar van Han Dataport