Strategisch Communicatie Management

1,414
-1

Published on

Strategisch Communicatie Management cursus, Bachelors 2012 - 2013. Bijgestelde versie.

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
1,414
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
26
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Strategisch Communicatie Management

  1. 1. BA StrategischCommunicatiemanagement rene kooyman 2012 - 2013Rene Kooyman
  2. 2. Rene Kooyman CV• Electricien; sterkstroom- en zwakstroom monteur• Master Utrechts Conservatorium• Master (Drs) Sociale Wetenschappen• Regional Development Office Sligo Ireland• Head R&D National Institute voor de Kunsteducatie• European Commission Luxembourg• Managing Editor World Radio Geneva / Switzerland• Institute of Finance and Management University Geneva• Managing Editor EU Entrepreneurial Dimension• EU Creative Urban Renewal• Etc www.rkooyman.com
  3. 3. Studieopzet• Acht lessen; intro, examentraining• Lit: – Damoiseaux, V.M.G., Ruler, B. van & Weisink, A. (1998). Effectiviteit in communicatiemanagement. Deventer/Diegem: Samsom. ISBN: 9789014058412. – Gehrels, C., Venetië, E. van & Thevenet, J. (Berenschot Communicatie). (2006). Managementmodellen voor communicatie. Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds. ISBN: 9789052615868. – Ruler, B. van, e.a. (2005). Communicatiemanagement in communicatie- wetenschappelijk perspectief. Amsterdam: Boom. ISBN: 9789085060031. – De download in les 7: Leidinggeven aan projecten.• Tussentijds online leeromgeving; aanvullend materiaal
  4. 4. CursusopzetInhoud: acht lessen• Strategisch communicatiemanagement• Organisatiestrategie en communicatie• Corporate communicatie en identity• Geïntegreerde communicatie• Afstemming interne communicatie met concern- en marketingcommunicatie• Communicatiemanagement en organisatie• Interne communicatie en haar effecten• Effecten van externe communicatie• Crisiscommunicatie• Mediamix• Let op: 22 dec verzet naar 19 jan !!
  5. 5. Examen: schriftelijk deelexamen• Twee portfolio opdrachten• Schriftelijk deelexamen van 90 minuten• 10 meerkeuzevragen, 4 open, 1 case met open vragen• Zes weken voor examen via e-Connect uitgenodigd• Uitnodigingsbrief met de datum en de locatie van het examen (printen en meenemen !)• Examen op basis van de totale leerstof• Incl online opdrachten• Examen: 2 feb 2013
  6. 6. Communicatie processen Transmission of the Message DecodingEncoding Idea Idea Feed back: Encoding / transmission / decoding
  7. 7. Business Communication: The Enterprise and its partnersThe Professional Suppliers environment The enterprise Internal partners Clients Shareholders Financial Medias The Public in Partners general Opinion leaders
  8. 8. Rol en functie Onderzoek effectiviteitCommunicatiemanagement• Groeiende accountability• Ongebreidelde groei van communicatie technologie• Verzakelijking: verantwoording kosten/baten , kosten/effectiviteit• Effectiviteit: het resultaat van mechanismen en processen, die het bereiken van gewenste effecten bevorderen/belemmeren• Onderscheid korte/lange termijn effecten• Pleidooi: intergratie onderzoek in takenpakket Communicatie Manager 8
  9. 9. Cultuur en identiteit van de organisatie• Organisatiecultuur als managementinstrument• Drie karakteristieken (van Riel): – Stabiliteit – Spreiding binnen het bedrijf – Onderscheidendheid• Fundamentele maatschappelijke veranderingen (Giddens): – Internationalisering – Informatisering – Migratie – Individualisering• Organisaties in NL (koot): turbulent en complex, hybride/grillige/diverse en wisselende identiteiten
  10. 10. Ontwikkeling communicatiemanagementOntwikkeling Comm Man:• Overheidsvoorlichting• Reclame• Public Relations Vijf benaderingen (27):• Interne communicatie • de informationele; informatie• Maatschappijkritiek • de persuasieve; cognitie • de relationele; relaties • de interpretatieve; betekenissen • de kritische; macht.
  11. 11. Interne communicatie:Organisatie ontwikkeling• Controleerbaarheids probleem• Leefbaarheids probleem• Bestuurbaarheids probleem• Beheersbaarheids probleem• Combinatie specialisatie / samenwerking• Transactionele / operationele open systemen• Relaties: – Instrumentele relaties – Sociaal-emotionele relaties – Onderhandelingsrelaties – Machtsrelaties; hiërarchische autoriteit, ideologie, deskundigheid
  12. 12. Portfolio opdracht:diagnoseeffectiviteitinternecommunicatieEffectiviteit:Pag 148
  13. 13. B2B : five principlesPrinciple Description MeansAandacht: wijzen op (latente) advertentie, direct (e)mail, problemen en hun search engine, nieuwsbrief consequenties.Interesse: vertellen er een oplossing whitepaper, website, seminar, bestaat en de voordelen conferentie, presentatie daarvan.Begeerte: door de oplossing te laten product brochure, (online) zien of proberen. demonstratieOvertuiging: bewijzen dat de geboden referenties, referentie- oplossing de verhalen, referentiebezoeken, beste is. productvergelijkingenAktie: Er op wijzen dat dit nodig is verkoopargument, Total Cost om de voordelen of Ownership (TCO) te verkrijgen. berekeningen
  14. 14. Vier elementen van de Organisatie Identiteit• Identiteit: – Gepercipieerde identiteit (waargenomen) bij de organisatie zelf – De gewenste identiteit; management opvatting – De toegepaste identiteit: het feitelijk gedrag – De geprojecteerde identiteit, wat men wil uitstralen; de zelfpresentatie van de organisatie (van Riel)Reputatie (242):1. Emotionele aantrekkingskracht vd org2. Producten en diensten3. Maatschappelijke verantwoordelijkheid4. Financiële prestaties5. Visie en leiderschap6. Werkomgeving
  15. 15. Corp Comm strategieën (245)1. Press agentry: publiciteitsmodel2. Public informant : voorlichtingsmodel3. Propaganda model (tweezijdig asymmetrisch)4. Tweezijdig symmetrisch (gelijkwaardige interactie)Communicatiekruispunt (van Ruler 044):• Bij (nog) geen definitief beleid: tweerichting verkeer• Na besluitvorming; gecontroleerde eenrichting• Volgtijdelijk:Wens tot verandering dialoog besluitvorming implementatieOverheid: voorlichters mogen het publiek beïnvloeden ??
  16. 16. Issue managementDrie activiteiten:• Scanning opkomende issues• Prioritering: beland en actualiteit• MonitoringPatronen:• Sociologisch: bondgenootschappen voor/tegenstanders• Linguistisch: discours• Psychologisch: mentale associaties• Communicatie aspecten: effectiviteiet en circulatie van berichtgeving
  17. 17. Mewdiahype: nieuwsgolven (080)Reflectie intensivering extensivering full-blown hype
  18. 18. MediahypesJournalistiek nu: Opgefokt of bezonken?• Project X mediahype of nieuws waardig?• Interview Holleder• Heimelijke opnames op de spoedeisende hulp in het VUmc voor een televisieprogramma• Asbest hype Kanaleneiland• Groen links; Jolande Sap , Tofik Dibi• Dreigende griep epidemie• Media-proces Job Cohen• hyperige berichtgeving over een mogelijke Elfstedentocht• het ski-ongeluk van Friso.
  19. 19. Autonome rol voorkennis en vooroordelen• Nabijheidsmodel: Collectieve voorkeur voor „het dichtstbijzijnde standpunt‟• Directionele model: speelt het verst in op de wensen van het – onverzadigbare – publiek• Priming: voorkeur voor het meest recente debat• Issue ownership: voorkeur voor „de beste reputatie‟
  20. 20. De boodschap: systematische analyse (40)
  21. 21. Van Riel: Definitie Corp Comm:• het managementinstrument• waarmee, op een zo effectief en efficiënt mogelijke wijze• alle bewust gehanteerde vormen van in- en externe communicatie• zodanig op elkaar worden afgestemd• dat een positieve uitgangspositie ontstaat• met de doelgroepen waarmee men een afhankelijkheidsrelatie heeftFragmentatie tegengaan door: Heldere verantwoordelijkheden: verantwoordelijkheid voor het brand imago, Communicatie met financiële doelgroepen, overheden, arbeidsmarkt, Interne comm, interne afstemmingIntegratie comm: Via huisstijl, integrale aanpak marketing comm, gemeenschappelijke vertrekpunten/vastgestelde bandbreedte, coördinerende organen, comm planningssysteem
  22. 22. Drie hoofdvormen van Comm:Management communicatie:– Comm tussen (top) managers en de medewerkersMarketing communicatie– Comm behulpzaam/ondersteunen verkoop (reclame, sponsoring) http://www.youtube.com/watch?v=SUV0JA5giI0&feature=relatedOrganisatie communicatie – Verzamelterm voor PR, public affairs, investor relations, arbeidsmarkt – Gericht op doelgroepen waar de org indirect een relatie mee heeftVijf kerntaken:Invulling profilering „the company behind the brand‟Opheffen verschil gewenste identiteit en gepercipieerde identiteitAangeven wie welke taken op comm gebiedEffectieve communicatie procedures formuleren en uitvoerenInterne en externe steun mobiliseren
  23. 23. B2B:feelings ??
  24. 24. Branded IdentitiesRene Kooyman
  25. 25. Multiple / hybride / endorsed Identities wwwunilevercom/brands/?WTGNAV=Our_brands
  26. 26. Organisatie IdentiteitIdentiteit: consistent symboolgebruik; geplande, operationele zelfinterpretatieEenduidige of meervoudige identiteit; monolitisch , endorsed, brandedDrie „scholen‟: – Design: identiteit, weergegeven in een symbool (huisstijl) Logo – Organisatieverandering: organisatorische dynamiek en verandering – Accent op communicatie: corporate story, inhoudhttp://wwwrijkshuisstijlnl/indexcfm/ministerie-van-binnenlandse-zaken-en-koninkrijksrelatiesCI Mix: Comm identiteitsmix: gedrag, symbolen, communicatie – Gedrag: handelen – Communicatie: verbale en visuele boodschappen – Symboliek: waar staat men – impliciet - voor? – Persoonlijkheid: der Ist Situation
  27. 27. Definitie Geïntegreerde Communicatie (van Raaij 170)Geïntegreerde Communicatie:• Is een vorm van communicatie• van organisaties• waarbij de verschillende onderdelen (bronnen, boodschappen, instrumenten en media)• op elkaar worden afgestemd• om door synergie• een bepaalde meerwaarde• te bereiken.Managementmodellen 70
  28. 28. Corporate Branding• Corp brand: activiteiten van een organisatie, gebruikmakend van de visuele representatie van het corporate brand, om een positieve reputatie te creëren bij interne- en externe stakeholders• Succescondities „the company behind the brand‟: – Informatie asymmetrie plus hoog gepercipieerd risico bij de afnemer – Kenmerken van the brand zijn relevant voor de afnemer• SIDOC: www.unilever.com/brands – Strategie – Interne organisatie: centraal/decentraal – Drijfveren: motieven en betrokkenheid – Omgeving: Corporate Branding• Strategische besluitvorming: – Op basis van scope: aard en spreiding activiteiten – Focused onderneming of related differential
  29. 29. Sustainable corporate story• Middel: Bron van inspiratie en inhoudelijk stuurmechanisme• Vier inhoudelijke criteria: – Relevant – Realistisch – Open dialoog (responsive) – Sustainable• Groeiende bereidheid tot openbaarheid (transparancy): – Regelgeving – Sociale bewegingen en NGO‟s• Noodzaak Sustainable corporate story: – Iedere doelgroep in principe dezelfde informatie• Stappenplan: positioneren, vaststellen werkelijke/gewenste ID, reputatieanalyse, Gemeenschappelijke Vertrek Punten
  30. 30. Effectieve frequentie van reclameboodschappenZes theorieën:• de „three-hit theory‟ van Krugman;• de „drie-contacten-regel‟ van Naples;• de „one-shot of advertising adrenaline‟- theorie van Jones;• de „er is geen regel-theorie‟ van McDonald;• de „soms een drempelwaarde, soms niet-theorie‟ van DuPlessis;• de casestudie van Ligthart.Which one = best ???
  31. 31. B2B-instrumenten:• Branding (adverteren, sponsoring, brancheorganisaties, nieuwsbrieven, evenementen).• Public relations (redactioneel, presentaties, persberichten, content, verslaglegging, vakartikelen).• Website (SEO, landingspaginas, blog, podcast, RSS).• Evenementen (seminar, workshop, webinar, teleseminar, conferentie, vakbeurs, management briefings).• Telefoon (contactcontrole, relaties bouwen, behoeften identificeren, opt-in verkrijgen, identificeren leads, uitnodigen voor evenementen, hercontacten oude leads).• E-mail (one-to-one, one-to-many).• Online marketing (organische zoekresultaten, Adwords, webinars, sponsoring nieuwsbrieven, banners, portals & directories).• Direct mail (persoonlijke brief, DM met gift, postcards).• Referenties (van klanten, partners, consultants & resellers).
  32. 32. Kwantitatief onderzoek• Survey: ruim domein, veel respondenten (steekproef)• Meer breedte dan diepte• Vertalen van de werkelijkheid in cijfers• Werken met aantallen die een statistische behandeling mogelijk maken• Start met een conceptueel model (kwalitatieve fase)• Definiëren variabelen, dimensies, en indicatoren• Zoeken naar verbanden, overeenkomsten, samenhangen in gemiddelden en afwijkingen Rene Kooyman
  33. 33. Kwalitatief onderzoek• Via verschillende bronnen mensen, groepen, situaties doorgronden/begrijpen• Gericht op de manier waarop mensen betekenis geven aan hun omgeving; meer diepte dan breedte• Het onderwerp vanuit het perspectief van de onderzochte bekijken• Tegenstelling „bucket‟ and „searchlight‟ Rene Kooyman
  34. 34. Audiovisuele Media• De geschiedenis en ontwikkeling van radio en televisie;• Soorten radio- en televisiezenders; Radio Zenderkleuring: – NL1 info, nieuws, sport , commentaar – NL2 Muziek (34 – 54 jaar) – NL 3 Pop – NL4 Klassiek – NL 5 Minderheden/belangen groeperingen• Commerciële en publieke zenders; functie RTL -> duaal bestel• Kijk- en luistercijfers;• De Mediawet; • Film en bioscoop; Film: opkomst Multiplex • Digitalisering: integratie IN / TV, copyrights , DAB • Peer-to-Peer networks
  35. 35. Kijkcijfers: Stichting Kijk- Onderzoekkijkonderzoek.nl
  36. 36. Mediawet 2008• Iedere vijf jaar beoordeling; toekenning status – Aspirant-omroep: min 50.000 leden – C-status: 100.000 – 150.000 leden – B-status: 150.000 – 300.000 leden – A-status: > 300.000 leden• Soorten programma‟s: – 25% informatief – 25% cultureel – 5% educatief – 25% amusement – 20 % vrij in te vullen
  37. 37. Bereik naar herkomst (in %) en kijktijd (in uren per week) Turken Marokkanen Surinamers Antillianen Chinezen autochtonenNederland 1 56 (1,3) 61 (1,2) 80 (2,9) 73 (2,1) 60 (1,5) 84 (2,5)Nederland 2 58 (1,4) 60 (1,3) 78 (2,9) 69 (2,0) 62 (1,5) 90 (3,7)Nederland 3 51 (1,2) 55 (1,0) 76 (2,5) 65 (2,0) 54 (1,1) 82 (1,5)RTL 4 63 (1,9) 69 (2,6) 86 (5,1) 85 (4,7) 62 (1,8) 85 (3,4)RTL 5 60 (1,7) 57 (1,4) 77 (2,6) 74 (2,8) 58 (1,3) 74 (0,9)Yorin 66 (2,5) 60 (2,6) 86 (4,7) 83 (4,2) 57 (2,2) 70 (1,1)SBS 6 67 (2,4) 64 (2,7) 90 (4,7) 90 (5,5) 65 (2,3) 82 (2,0)Net 5 51 (1,5) 55 (1,6) 79 (3,2) 75 (3,6) 55 (1,7) 70 (0,9)TMF, The Box, 39 (1,3) 36 (1,2) 61 (2,9) 63 (4,6) 45 (1,4) n.g. (0,2)MTVNGC, Discovery, 46 (1,3) 31 (0,6) 64 (2,1) 63 (1,7) 43 (0,9) n.g. (0,4)Animal PlanetVlaamse zenders 19 (0,5) 14 (0,1) 39 (0,8) 35 (0,5) 22 (0,1) n.g. (0,6)Engelstalige 15 (0,2) 14 (0,2) 52 (1,1) 57 (1,4) 35 (0,7) n.g. (0,2)zendersDuitse/Franse 12 (0,2) 15 (0,2) 17 (0,2) 9 (0,1) 14 (0,1) n.g. (0,4)zendersLokale/regionale 32 (0,8) 29 (0,3) 65 (2,1) 58 (1,3) 19 (0,2) n.g. (0,5)zendersEigentalige 85 (12,3) 67 (7,9) n.v.t. n.v.t. 49 (6,7) n.v.t.zenders Bron: Mediagebruik Etnische Publieksgroepen, NPS/PO/RVD, 2002)
  38. 38. Programma’s
  39. 39. Management, Beleid & StrategieManagement: initiëren, richten en beheersen activiteitenBeleid: het stellen van doelen,en bezinnen op de middelenen een tijdpad in onderlinge samenhang.• Missie: Waarom we bestaan, wat we bijdragen• Kernwaarden: Waar we in geloven, waar we voor staan• Visie: Wat we willen zijnStrategie: de weg waarlangs “Wat?” en “Hoe?”; het proces• Strategie: Hoe we dat willen bereiken• Doelstellingen: vertaling van de strategie• Initiatieven: Wat we moeten doen, waar liggen onze prioriteiten• Persoonlijke / afdelings doelstellingen
  40. 40. StratCommMa: Cultuur als besturingsvariabele• Codes, voorschriften en dergelijke. Sociale normen; bijv. neergelegd in CAO‟s en veiligheidsvoorschriften. Ethische en maatschappelijke normen kunnen worden gecodificeerd in een ethische code of een „corporate manual‟.• Informal leaders: Sleutelpersonen die de cultuur scheppen, naar wie wordt opgekeken, standaard vormen voor anderen.• Verhalen. In elk bedrijf doen verhalen, roddels en geruchten de ronde; over hoe is gehandeld en door wie, bij cruciale gebeurtenissen zoals de oprichting, fusies, crises.• Symbolen. Huisstijl, logo‟s, huisvesting, interieur en kleding (dresscode, casual friday) krijgen vaak aandacht als uitdrukkingsvormen van een bedrijfscultuur. Ook de externe communicatie speelt hierin een belangrijke rol.
  41. 41. Structuur als besturingsvariabeleStrategisch, tactisch en operationeel niveau:• Op strategisch niveau speelt dan de vraag of – en in hoeverre – we een procesgerichte structuur willen hebben.• De besturing van structuur op tactisch niveau gaat over de inrichting en herinrichting van de structuur. Hoe ontwerpen we processen en – belangrijker nog – hoe verbeteren we ze? Kwaliteitssystemen, interne en externe audits, benchmarking, kwaliteitssystemen en ISO zijn issues die op dit niveau aan de orde komen.• Op operationeel niveau tenslotte gaat het om het verrichten, het werken met processen. Hoe implementeer je processen en hoe beheers je de feitelijke besturing op de werkvloer?
  42. 42. CommunicatiemixCorporate comm :• Imago en missie• Public affairs: overheid en politiekMarketing comm: contact met handel/consumenten• Merknaam, verpakking, vormgeving, prijs, distributie• Themacommunicatie• Actiemarketing• Direct responseReclame: betaalde info in massamediaPropaganda: gericht op politiek ideaal, geloofsovertuiging, cultureelstandpunt
  43. 43. B2B supply chain management
  44. 44. Handy: vier modellenZeus - Machtstructuur:• functioneel structuralisme. Zoekt naar oorzaken en consequenties van gedragAthene - Taakcultuur:• pragmatisme. Resultaatgerichtheid; doel heiligt de middelenDionysus - Personencultuur:• humanistische benadering; mensgerichtheid, zingeving, bijv. competentie managementApollo - Rollencultuur:• symbolisch interactionisme. Interpreteren, het betekenis geven aan situaties en wisselende rollen• Hofstede !!
  45. 45. Vier visies op communicatie (p 22) Two-way Entirely Public symmetrical Information true communication Complete truth Press agentry Two-way Not essential (propaganda) Asymmetrical Communication communication One-way Two-way Communication communication
  46. 46. OrganisationalTransformation• Kottler: Communicatie speelt een essentiële rol in het succes van organisatie verandering
  47. 47. Crisis Communication: lessons from 9/1109/11 blijkt voor veel organisaties een ver-van-mijn-bedshow, maar isdat terecht?Zou iedere organisatie niet getroffen kunnen worden door eenuitzonderlijke situatie?• Ligt er een plan klaar als - onverwacht maar niet onmogelijk – een crisis optreedt ?• Wat is daarin de definitie van crisis„ ?• Wie handelt en wie niet ?• Is het praktisch uitvoerbaar ?• Hoe houdt men iedereen hiervoor alert ?
  48. 48. Ontwikkelen Sustainable Corporate Story• Positioneren: – Power / Urgency / Ligitimation – Focusgroepbijeenkomsten – Spinnenwebmethode• Werkelijke / gewenste ID• Reputatie-analyse: – Het meten van Reputaties: – Reputatie = interactie tussen persoon en object – Open methodes / gesloten methodes – Kelly grid: index kaarten – Natural Grouping – Q (quality ) sorting – Photo sorting (non verbal test), Gestalt / asociatief – Attitude meting – Kartenspieltechnik (serie attributen / passend-niet passend – Mondiaal onderzoek: Fortune top 100 , brand asset evaluation – IDU (importancy, delivery, uniqueness)• Implementeren en monitoren
  49. 49. Methoden en kanalenPersoonlijke comm:• Werkoverleg, tweegesprekken, counselingsgesprekken• Discussies, brainstormsessies, spelsimulaties, theatervormen, storytellingInterne media:• Printed: info bulletins, personeelsblad, knipselkrant, verslagen• Intranet, e-mail, logs and blogs, p/vodcasts, SharePoint, etc
  50. 50. Strategie ontwikkeling • Objective: specific, measurable, time bound • Scope: offering, location, vertical integration • Competitive advantage: customer value proposition, unique activities • The strategic Sweet Spot: context, competitors, customer‟s needs, companys capabilities
  51. 51. Desk research 7 empirical studies
  52. 52. Communicatiestrategie onderzoekDrie benaderingen:a. Achtergrond onderzoek: desk researchb. Empirisch-analytisch: kwantitatief • Betrouwbaarheid : vrij is van toeval, herhaalbaar • Validiteit: geldigheid van een test; de test meet wat hij zou moeten metenc. Interpretatief: kwalitatief • Beschrijven -> analyse -> samenhang -> oordeel • Uitleg, verklaren, plausibiliteit • Kwaliteitscriteria: inhoudelijke argumentatie, expliciteren waarden, opvattingen en criteria, „duiden‟ / uitleg, „verstehen‟
  53. 53. Structuren, kanalen en middelen• Structuuranalyse; organogram, tevredenheid, critical incidents, netwerkanalyse• Communicatie kanalen: overleg, interactie• Middelen: media, pretesten• Effectevaluatie onder makers en gebruikers (lezersenquete, interviews, frequentie verschijnen en gebruik, mysterie shopper, procesevaluatie, enz)
  54. 54. Communicatieve Structuur vaardigheden Interne Media bevorderen Advisering Directie Bron van HRM- Beleidskader informatie Agendasetting Directie Middenkader Medewerkers Ondersteuning ‘Vertaling’ naarlokale organisatie Afstemming
  55. 55. AIDA Fasemodel
  56. 56. Consumentenonderzoek: Scanning en focussing Vgl: causale modellen/typologieen: FCB Matrix: Betrokkenheid Kennis / Gevoel (114)
  57. 57. Financiële CommunicatieSpecialistisch onderdeel, Randvoorwaarden:gericht op verkrijgen goede • Juiste momentreputatie in financiële • Volledigheidkringen: • Betrouwbaarheid• Opbouwen vertrouwen • Duidelijkheid• Voorkomen beschadiging • Consistentie• Financiële middelen aantrekken • Gelijktijdigheid• Beursnotering• Verkrijgen opdrachtenRene Kooyman
  58. 58. Arbeidsmarkt Communicatie Strategisch arb markt comm planning: • Personeelsplanning • Jobanalyse • Doelgroepanalyse • MarktanalyseInterne / externe arbeidsmarktcomm: • OmgevingsanalyseRol intermediairs: • Wensen en behoeftes • Huidige situatie• Arbeidsbureaus • Gewenste situatie• Uitzendbureaus • Comm instrumenten• Bureaus werving en selectie • Campagenontwikkeling• Recruitment agencies • Mediastrategie• Headhunters • Evaluatie Rene Kooyman
  59. 59. OverheidscommunicatieStelselmatige overdracht comm overheid -> burger Ministeries:• Afstemming• Burgers betrekken • eigen voorlichtingsdienst• Politieke positionering • Adviseren leiding• Beeldvorming; spindoctors • Openbaarmaking beleid • WoordvoerderDoelen: • Directe voorlichting publiek• Voorlichting • Redactie publicaties• Dienstverlening • Interne voorlichting• Instrumentele info • WOB Rene Kooyman
  60. 60. Panta Rhei: the planning of change‘Alles verandert, daarom blijft het hetzelfde’ Berenschot: 7-krachtenmodel: Strategieën: • Zingeving: noodzaak, visie, • Geeldruk: Macht succes • Blauwdruk: Ratio: gezond • Proceskracht: energie, „spirit‟ verstand • Actie: structuren, • Rooddruk: Normatief: capaciteiten, systemen waarden en normen, Dimensies: verleiden en motiveren • Interveniëren • Witdruk: Energie • Implementeren Belonen/faciliteren beweging • Vernieuwen • Groendruk: Cultuur: leren, waarden, houding en gedrag • TransformerenRene Kooyman
  61. 61. The Four Phases of a Persuasion CampaignHBR: Change Through Persuasionby David A. Garvin and Michael A. Roberto
  62. 62. Six Waysto StopChange inIts TracksDysfunctional Routines
  63. 63. Ideaaltypische structuur corp comm Director of Corp Comm GovernmentMedia relations Investor relations Public relations Communications affairs Content Industry sectors manager Speech writers
  64. 64. Organisatie van de CommunicatiePrincipe 1: Structure follows function: • Interne comm: staff afd • Marketing = business units, relatieve autonomie • Hoofd Comm adviseert lijnmanagers, rapporteert aan CEOPrincipe 2: directeur Corp Comm deel besluitvormingsstructuur • Aanjagen Comm beleid • Ondersteunen topmanagement • Controllerfunctie: verantwoording op centraal niveau • Managen en beheren comm middelenPrincipe 3: Comm = daadwerkelijke waardecreatie; deel MIS • Accountable zijn • Bewaken relatie reputatie en marktwaardePrincipe 4: Professionele coördinatie cruciaal • Rules and directive • Sequencing: logistieke volgorde • Organisational routine • Group problem solving
  65. 65. • Vastgesteld begin/eind Les 7 : Projectmatig werken• Tijdelijke structuur• Points of no return / fasering Verticale fasering
  66. 66. Lineair faseren
  67. 67. Resultatenmatrix
  68. 68. GOKIT planningsmodel • Geld • Organisatie • Kwaliteit • Informatie • TijdProgram Evaluation andReview Technique(PERT)-netwerkanalyse
  69. 69. Projectplanning: Critical doorloop modellenManagerial grid
  70. 70. Leiderschaps-stijlen• Hersey en Blanchard: taakgerichtheid/ relatie gerichtheid
  71. 71. The agreement matrix
  72. 72. The four types of Cooperation tools
  73. 73. Kritiek op marketing communicatie; regelgeving• Marketing comm = kostenpost, maar consumenten bereid meer te betalen voor hogere productbeleving• Verlies marktleiderschap zelden gevolg van comm ; veel meer van gebrek aan innovatie• Schijnbehoeftes en ongewenste consumptie: tabak, alcohol, food• Irritatie: • Belediging voor intelligentie • Slechte smaak • Schijnwerkelijkheid • Bevestiging rolpatronen • Nude sells • Misleiding• Wetgeving; zelfregulering, Reclame Code Commissie• Bescherming persoongegevens, mediawet
  74. 74. Motieven: Waarom moreel verantwoord handelen ?Verschillende waarden niveaus:• Persoonlijke waarden: intrinsiek (respect) of instrumenteel (uitgesteld belang)• Professionele waarden: verticaal (hiërarchisch) of horizontaal (beroepsgroep)• Organisationele waarden: vakinhoudelijk , collegiaal• Publieke maatschappelijk waarden: basisvoorzieningen (onderdak, voedsel) , rechtvaardigheidVerantwoord ondernemen: Schuivende verhoudingen Staat, Markt, Civil societySpanningsvelden tussen normenstelsels:• Cultureel relativisme: iedere cultuur is van waarde in zichzelf (ethisch blind)• Moreel imperialisme: mijn cultuur is de beste en universeel geldend
  75. 75. Trends: fusies• Bringing the news• Achtergrond• Alternatieven• Besluit• Stappen realisatie• Visie toekomst• Mensen betrekken• Samenvatting• Info procesgang
  76. 76. Examen: individuele eindopdracht• Twee portfolio opdrachten• Schriftelijk deelexamen van 90 minuten• 10 meerkeuzevragen, 4 open, 1 case• Zes weken voor examen via e-Connect uitgenodigd• Uitnodigingsbrief met de datum en de locatie van het examen (printen en meenemen !)• Examen op basis van de totale leerstof• Incl online opdrachten
  1. A particular slide catching your eye?

    Clipping is a handy way to collect important slides you want to go back to later.

×