• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
Coaching En Intervisie
 

Coaching En Intervisie

on

  • 2,969 views

Presentatie met de focus op de vraagtechnieken

Presentatie met de focus op de vraagtechnieken

Statistics

Views

Total Views
2,969
Views on SlideShare
2,964
Embed Views
5

Actions

Likes
1
Downloads
91
Comments
0

1 Embed 5

http://www.slideshare.net 5

Accessibility

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Coaching En Intervisie Coaching En Intervisie Presentation Transcript

    • Coaching en intervisie Diepe geulen graven
    • Coachen en Intervisie Waarom?
      • Dynamiek extern:
          • Klanten & Markten & Concurrentie & Maatschappij
            • nieuwe producten & diensten
      • Dynamiek intern:
          • Strategieën & Structuren & Cultuur
            • nieuwe werkwijzen & competenties
      • > Zelfsturing & Zelfmanagement
    • 15 % Above the water behavior >> effect looks / surrounding / circumstances 85% Under water knowledge / skills attitude / value’s / virtue’s personality / talent / competence Ego will / interpretations / desire experiences / storey of live / expectancies body / IQ / genetic code / gender True Self Soul / spirituality / God I J S B E R G C O A C H I N G
    • Coachen en Intervisie Wat is het doel?
      • Taak- & Resultaatgericht werken
      • Verbetering van de werkuitvoering
      • Afstemming persoon en organisatie
      • Flexibiliteit en Creativiteit stimuleren
      • Kennis- en Competentiemanagement
      • Basis voor de ‘lerende organisatie’
    • Coachen en Intervisie De ‘Filosofie’
      • Werkuitvoering centraal; focus: gedrag
      • Onderlinge advisering
      • ‘ Zelf doen’ / ‘on the job’
      • Zo ‘laag’ mogelijk in de organisatie
      • Systematisch innoveren: proactief
      • Systematisch ontwikkelen en verbeteren:
          • kwalitatief en kwantitatief / product en proces
      • Systematisch probleem oplossen: reactief
      • Professionalisering / competentieontwikkeling
      • Kennisevaluatie & -creatie & -delen
    • Coachen en Intervisie Ervaringen in organisaties
      • stimuleert de motivatie
      • men ervaart ondersteuning
      • ontwikkeld teamvorming
      • leren van elkaar
      • stimuleert competentie ontwikkeling
      • genereert bewustwording en zelfkennis
      • Draagt bij aan professionalisering
    • Coaching en Intervisie Eisen
      • facilitering in tijd en geld vanuit de organisatie
      • stelt hoge eisen aan de communicatieve vaardigheden > begeleiding & training
      • openheid / oprecht
      • veiligheid en vertrouwen
      • gelijkwaardigheid
      • ondersteuning / begeleiding
      • inbedding in het totaal van de organisatie / opleiding
    • Methode: Resultaatgericht Coachen
      • Filosofie: Stimuleert door vragen
      • Bewustzijn: van zichzelf & de situatie & effect
              • Wat is er aan de hand?
      • Verantwoordelijkheid: voor uitdaging & oplossing
              • Wat kan jij er aan doen?
      • Resultaatgerichtheid: door doen & effect
              • Wat ga je doen?
    • Coaching De kunst van het effectieve vragen stellen
      • open vragen
      • doorvragen:
        • Wat, Wanneer, Waar, Wie, Waarom, Hoeveel, Hoe vaak, etc. (feiten)
      • van breed naar specifiek / focussen
      • gebruik de interesse van de ander
      • gebruik de woorden van de ander
      • vraag > luister > observeer
      • Vragend verwoorden van emoties, belevingen en verlangens
      • START
        • Situatie
        • Taak/ Rol
        • Aanpak / werkwijze
        • Resultaat
        • Reflectie / Evaluatie
    • Vragen werken en zetten aan het werk
    • Wat doen vragen? Verkennen & Verdiepen & Ontwikkelen
      • Verkennen : open(-ings) vragen
      • waar wil je het over hebben? (welke competenties?)
      • waar zou je dieper op in willen gaan?
      • wat houdt je bezig?
      • wat boeit je het meest?
      • Waar ben je tevreden over?
      • Waar zou je je verder in willen ontwikkelen?
    • Wat doen vragen? Verkennen & Verdiepen & Ontwikkelen
      • Verdiepen : LSD
      • Luisteren & Samenvatten & Doorvragen
      • wat houdt je daarin bezig?
      • wie / wat / waar / wanneer / hoe / en..
      • situatie / gevoelens / gedachten / gedragingen / effect
      • kun je er ook nog anders naar kijken?
      • Verleden / heden / toekomst
    • Wat doen vragen? Verkennen & Verdiepen & Ontwikkelen
      • Ontwikkelen & ‘Richten’ :
      • Waar wil je je de komende tijd mee bezig houden?
      • Wat wil je (verder) ontwikkelen?
      • Wat is er veranderd als je je doel bereikt heb?
      • In je gedrag / je denken / je gevoel / je inzichten / je effecten / situatie
      • Wanneer doe je dat nu al; gebeurd dat nu al en hoe komt dat?
      • Welke mogelijke oplossingen / interventies kun je bedenken?
      • Fantaseer eens ….
      • Wat gebeurd er als je niets doet?
      • Wat heb je nodig om je doel te bereiken?
      • Wat ga je doen?
    • Reflecteren op….
      • Jezelf als persoon
      • Je levensverhaal; thema’s en gebieden
      • Niveaus (zie: IJsbergmodel / kernreflectie van Korthagen)
      • Competenties
      • Kennis / vaardigheden / overtuigingen
      • Gedachten / gevoelens / wensen / gedrag
      • Je persoonlijkheid
      • Levens- en loopbaankeuzes
      • Ontwikkelingsbehoeften
      • Situatie / context
      • Proces en resultaat
      • Levensbeschouwing
      • Leren
    • Reflecteren op….
      • Persoonlijk functioneren
          • Wie ben je?
          • Wat wil je met je leven?
          • Wat bezielt je? Geeft je energie?
          • = levensweg
      • Beroepsmatig handelen
          • Wat is je aanpak?
          • Wat zijn je resultaten?
          • = vakman
      • Persoonlijk beroepsmatig handelen
          • Wat is je missie?
          • Beroepsethiek?
    • Modellen van Coaching 1 ‘ Kolb’
    • De Cirkel van Probleemoplossen: Kolb Concreet ervaren voelen Experimenteren doen Abstract redeneren denken Reflecteren kijken Beslisser convergeren Doener accomoderen Dromer divergeren Denker assimileren
    • De Cirkel van Probleemoplossen: Kolb (vervolg)
      • Dromersvragen: Analyticus
          • Wat heb je ervaren & gedacht & gevoeld?
          • Reflecteren op
          • Van concreet naar abstract; inductief
      • Denkersvragen: de onderzoeker
          • Zie je verbanden?
          • Wat leer je hier uit?
          • Welke mogelijkheden zie je?
          • Verbanden leggen en hypothesen vormen; assimileren
      • De beslissersvragen: toetsen en kiezen
          • Wat zijn de voor- en nadelen van de mogelijkheden?
          • Welke keuzes moeten we maken?
          • Wat zijn de kansen?
          • Deductief / convergerend
      • De doenersvragen: de praktijkman
          • Wat gaan we doen? / Afspraken
          • Wat heb je gedaan / geprobeerd?
          • Wat was het effect
          • accommoderen
    • Modellen voor Coaching 2. Korthagen A
      • ‘ Spiraalmodel voor reflectie’
      • Fase 1: Handelen & Ervaring opdoen
      • Fase 2: Terugblikken op : doen, denken, willen en voelen van jezelf en anderen
            • Wat gebeurde er concreet?
            • Wat wilde ik? & en de ander(en)?
            • Wat dacht ik? & en de ander(en)?
            • Wat deed ik? & en de ander(en)?
            • Wat voelde ik? & en de ander(en)?
      • Fase 3: Bewustwording van de essentiële aspecten
      • Fase 4: Alternatieven ontwikkelen en eruit kiezen
      • Fase 5: Uitproberen = fase 1
    • De reflectiespiraal van Korthagen 5 1 2 3 4 Handelen Terugblikken Bewustwording Uitproberen Alternatieven ontwikkelen Wat is er gebeurd? Wat vond ik belangrijk in deze situatie? Wat ga ik de volgende keer anders doen?
    • Vragen bij het terugblikken
      • Wat wilde ik?
      • Wat voelde ik?
      • Wat dacht ik?
      • Wat deed ik?
      • Wat wilden de ander?
      • Wat voelden de ander?
      • Wat dachten de ander?
      • Wat deden de ander?
      De crux ligt in het leggen van de verbanden tussen de vragen links en rechts Die maken je bewust van positieve en negatieve beïnvloeding (spiralen)
    • Reflectievragen bij alle fasen
      • Fase 1 en 5 :
      • Wat wil(de) ik bereiken?
      • Waar wil(de) ik op letten?
      • Wat wil(de) ik uitproberen?
      • Fase 2: wat gebeurde er concreet?
      • Wat wilde ik?
      • Wat deed ik?
      • Wat dacht ik?
      • Wat voelde ik?
      • Wat denk ik dat de studenten wilden, deden, dachten, voelden?
      • Fase 3: bewustwording leerpunten
      • Hoe hangen de antwoorden uit fase 2 samen?
      • Wat betekent dit voor mij?
      • Wat is dus het probleem of de positieve ontdekking?
      • Fase 4: alternatieven
      • Welke alternatieven, oplossingen etc. zie ik?
      • Welke voor- en nadelen hebben die?
      • Wat ga ik de volgende keer doen?
      5 1 2 3 4
    • Modellen voor Coaching 2. Korthagen B
      • Niveaus van Reflectie
      • Gedrag
      • Omgeving
      • Competenties
      • Overtuigingen
      • Kernreflectie:
      • Identiteit
      • Betrokkenheid
      • Kern
    • Modellen voor Coaching 3. ‘Loops’
      • Single loop
      • Reflecteren op werkwijzen
      • = verbeteren
      • Double Loop
      • Reflecteren op de resultaten
      • = vernieuwen
      • Triple loop
      • Reflecteren op leren en zingeving
      • = transformeren
    • Single loop Reflecteren op werkwijzen
      • Doe ik de dingen goed?
      • Wat heb ik gedaan?
      • Heb ik dat goed gedaan?
      • Wat kan ik verbeteren?
      • Wat was het resultaat?
      • Kan het efficiënter?
      • Is dit een slimme aanpak?
      • = verbeteren
    • Double loop Reflecteren op de resultaten
      • Doe ik de goede dingen?
      • Zij er ook alternatieven?
      • Wil jij dit resultaat of doel / willen de anderen dit
      • Kun je ook anders tegen het ‘probleem’ aankijken?
      • Kan het anders?
      • Andere doelen?
      • Wil je dit effect?
      • = vernieuwen
    • Triple loop Reflecteren op leren en zingeving
      • Waar gaat het eigenlijk om?
      • Waar gaat het je te diepste om?
      • Waartoe ben je hier op aarde?
      • Wat is de essentie?
      • Wat is er gaande?
      • Waar ga jij voor?
      • Welke gedachten zitten hier eigenlijk achter?
      • = Transformatie Essentie
    • Modellen voor Coaching 4. START
      • S ituatie Wat speelde er? (6 W’s)
      • T aak Wat waren je taken? (Rol)
      • A ctiviteiten Wat heb je concreet gezegd of gedaan ?
      • R esultaat Wat gebeurde er daarna? .. Effecten?
      • T erugblik Hoe kijk je er op terug? … anders?
    • Modellen van Coaching 5. Grow
      • ‘ G R O W’ Opbouw & Structuur:
      • G (Goal) Wat wil je bereiken?
      • R (Reality) Wat is de huidige situatie?
      • O (Options) Wat zou je kunnen doen?
      • W (Will) Wat is je actieplan?
    • Grow: G (Goal)
      • Wat is het doel van dit gesprek?
      • Wat wil je bereiken op lange termijn? (je einddoel?)
      • Hoe groot is je controle op het bereiken daarvan?
      • Welk ondersteunend doel benoem je op korte termijn?
      • Wanneer wil je dat doel bereikt hebben?
      • In hoeverre is het positief, uitdagend en haalbaar?
      • Hoe ga je de voortgang zichtbaar maken?
    • Grow: R (Reality)
      • Wat is de huidige situatie?
      • Wat, Wanneer, Waar, Hoeveel, Hoe vaak?
      • Wie zijn betrokken (direct en indirect)?
      • Wat zijn de consequenties als het verkeerd loopt?
      • Wat zijn de consequenties voor de direct betrokken personen?
      • Wat is het effect op die anderen? Wat heb je er tot dusver aan gedaan?
      • Wat was het effect daarvan?
      • Wat zijn de belangrijkste belemmeringen om verder te komen?
      • Wat is er echt aan de hand? (intuïtie)?
    • Grow: O (Options)
      • Welke opties heb je?
      • Wat zou je verder kunnen doen?
      • En als je nou eens …..(tijd, geld, macht, etc.) zou hebben
      • Wat doe je als de oplossing er is?
      • Wat voel je als de oplossing er is?
      • Wat doe je daar nu soms al van
      • Wat zijn de voor- en nadelen per optie?
    • Grow: W (Will)
      • Wat ga je doen?
      • Is het gerelateerd aan je doel?
      • Wanneer ga je het doen?
      • Wat zijn de valkuilen?
      • Hoe ga je die omzeilen?
      • Wie moet worden geïnformeerd?
      • Welke ondersteuning heb je nodig?
      • Hoe ga je die mobiliseren?
      • Scoor op een 10-punt schaal hoe gemotiveerd je bent om dit te doen?
    • Modellen van Coaching 6. Intervisie
      • =
      • (onder begeleiding)
      • met een groep collega's
      • gestructureerd
      • werken aan competentie ontwikkeling
      • via leren van elkaar / onderlinge advisering
      • om de werkuitvoering te verbeteren
    • Intervisie (alternatieve opzetten zijn mogelijk)
      • Stap 1 Inbreng van een werkprobleem ( 10 min.)
      • Stap 2 Gemeenschappelijke analyse & verdieping van inzicht via vragen (15 min.)
      • Stap 3 Adviesronde / ideeën (15 min) (brainstormen)
      • Stap 4 Keuze van alternatieven (10 min.)
      • Stap 5 Evolueren (10 min)
      • Stap 6 Afspraken volgende keer
    • Intervisie: Stap 1 Inbreng van een werkprobleem ( 10 min.)
      • Iemand / iedereen brengt een eigen casus in; kort toelichten
      • verbreding: herkenbaar?
      • Keuze voor één casus: akkoord?
      • inbrenger geeft een toelichting /uitleg op/van het probleem
      • en benoemt criteria voor de ‘oplossing’ / doelbepaling
    • Intervisie: Stap 2 Gemeenschappelijke analyse & verdieping van inzicht via vragen (15 min.)
      • groep stelt vragen om verheldering
      • eventueel uitspelen
      • Focus alleen op de verheldering van de probleemsituatie in al zijn aspecten
      • (verleden-heden / oorzaak-gevolg / gedrag-effect
      • eventueel ‘wat + hoe’-vraag herformuleren n.a.v. deze verdieping
    • Intervisie: Stap 3 Adviesronde / ideeën (15 min) (brainstormen)
      • Groep bedenkt zoveel mogelijk alternatieve analyses en/of aanpakken
      • alternatieve gedragingen bedenken
      • adviezen formuleren (mondeling / schriftelijk)
      • adviezen bespreken / realiteitswaarde
    • Intervisie: Stap 4 Keuze van alternatieven (10 min.)
      • toetsen van de alternatieven
      • keuze uit de alternatieven door de inbrenger
      • uitproberen in simulatie (+20 min.)
    • Intervisie: Stap 5 Evolueren (10 min)
      • gemeenschappelijke leerpunten? = ‘wat geleerd’
      • Vergelijkbare situaties en oplossingen voor de anderen: generalisaties / transfer
      • Hoe hebben we gewerkt = ‘hoe geleerd’
    • Intervisie: Stap 6 Afspraken volgende keer (10 min)
      • Afspraken wie/ wat waar wanneer
      • Thema’s voor een volgende keer?
      • Verslagen?