De Heilige Paulus
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

De Heilige Paulus

on

  • 1,888 views

 

Statistics

Views

Total Views
1,888
Views on SlideShare
1,887
Embed Views
1

Actions

Likes
0
Downloads
19
Comments
0

1 Embed 1

http://myrockchrist.blogspot.de 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    De Heilige Paulus De Heilige Paulus Presentation Transcript

    • De Heilige Paulus “Ik doe alles voor het evangelie ....” (1Kor 9:23) Dr. Scott Hahn – www.salvationhistory.com Prof. Peter Kreeft – You can understand the Bible (www.peterkreeft.com)
    • Onderwerpen  Het leven van Paulus  Kritiek op Paulus  Introductie  De Tempel  Bron: Bijbelboek Handelingen  Handelingen: Mysterie en avontuur  Brief aan de Galaten  Tijdslijn  Brief aan de Korinthen  Biografie  De brieven van St. Paulus  De missiereizen van Paulus  De eerste missiereis  De tweede missiereis  De derde missiereis  Wat kunnen we leren van Paulus  Charismatisch en orthodox  Continue bekering en verdieping  Evangelieverkondiging  Toewijding en ijver  Volharding
    • De Schrift  Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven,  2Ti 3:16  Alles wat vroeger is geschreven, is geschreven om ons te onderwijzen, opdat wij door te volharden en door troost te putten uit de Schriften zouden blijven hopen.  Rom. 15:4
    • Het Christendom is niet een nieuwe filosofie of nieuwe moraal. We zijn alleen Christenen als we Christus ontmoeten …., We kunnen Christus ontmoeten in het lezen van de heilige Schrift, in gebed, in het liturgische leven van de kerk. We kunnen het hart van Christus beroeren en voelen dat hij het onze beroerd. Alleen in deze persoonlijke relatie met Christus, in deze ontmoeting met de Verrezene worden we waarlijk Christenen. - Paus Benedictus XVI – (3 Sept. 2008)
    • De Heilige Paulus Een introductie  Een denker  Een pastoor  Een missionaris  Een revolutioniar Een martelaar !!  Tegen het einde van zijn leven en door zijn inspanningen genoot het Christendom een wereldwijde bekendheid  Wij kunnen de boodschap van het Christendom niet begrijpen als we zijn boodschap niet begrijpen  We kunnen onszelf als christenen niet begrijpen als we onszelf niet zien in het licht van zijn woorden
    • Leven en missiereizen van St. Paulus In vogelvlucht  Primaire bron is het boek “Handelingen”  De handelingen van de Apostelen na de hemelvaart  Ook handelingen van de heilige Geest genaamd  Geschreven door St. Lucas  Schrijver van het Evangelie volgens Lucas  Arts en reisgenoot tijdens de missie reizen van Paulus • Ook Lucas, onze geliefde arts, en Demas groeten u. (Kol 4:14)  Paulus verwijst naar Lucas in zijn brieven aan het eind van zijn leven  Alleen Lucas is bij me gebleven. Haal Marcus op en neem hem met je mee, want hij kan mij goede diensten bewijzen. (2Ti 4:11)  Epafras, die samen met mij omwille van Christus Jezus gevangenzit, laat u groeten, evenals mijn medewerkers Marcus, Aristarchus, Demas en Lucas. (Fil 23-24)
    • Handelingen Mysterie en avontuur  Verhaald over  Hoe twaalf vissers en landmannen de wereld veranderden Wat was hun geheim?  Het avontuur omvat Situaties op leven en dood...., zwarte magie ..., wonderen ..., moord ..., steniging ..., schipbreuk ...., rechtzaken ...., martelingen ..., gevangenissen ...., aardbevingen ...., ontmoetingen met engelen ....., komplotten en ..... BEKERING  Beter dan een Indiana Jones film
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus Paul gearresteerd in Jeruzalem en ca. 49 n.Chr gevangen gezet Concilie van in Caesarea en Jeruzalem Rome. Han. 15 Han. 21:16-28:16 1 n.Chr 10 20 30 40 50 60 70 n.Chr 8 n.Chr. 12 - 13 jr. 32 of 36 n.Chr 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatië Griekenland Volgens de Geboorte St. St Paulus naar St. Paulus (46-49 n.Chr) (50-52 Traditie is Paulus Paulus Jeruzalem; Bekering op de n.Chr) Han. later weer opgeleid door weg naar Han. 13-14 15:36-18:22 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Geboortedatum afhankelijk Terugkeer naar van de datering van de brief Galatië en Grie. (n.Chr 53-58). aan Philemon (60-62 n.Chr. Han. 18:23-21:15 In Rome)
    • Biografie 1/3  Geboren in Tarsis in ~ 8 A.D  Een Jood uit de diaspora  Van de stam van Benjamin  Was een Romeins burger  Hebreeuwse naam was Sha-ul (Saul)  Romeinse naam was Paulus  Sprak ten minste Grieks en Hebreeuws  Bevond zich ten midden van drie culturen  Hebreeuws, Grieks en Romeins  Beroep  Leerbewerker en tentenmaker
    • Biografie 2/3  Rond Bar Mitvah leeftijd (12/13) vertrok hij naar Jeruzalem  Opgeleid aan de voeten van Rabbijn Gamaliel  Gamaliel was een neef van de vermaarde Rabbijn Hillel • Interpretatie van Beth Hillel is opgenomen in de Talmoed • Hillel leefde in de tijd van Herodes (37 vóór tot 4 na Chr.)  Paulus de Farizeer  Opgeleid volgens de strengste normen van de Farizeers
    • Paulus de ijveraar  Zeloot voor de tradities en de  Farizeeërs Torah (de Wet) van het volk van  Herstel van heiligheid door afscheiding Hek om de Torah Israel  • Behoeden voor afgoderij  De beweging van de Nazareners  Strakke definities van ritueel rein (tahor)  Ook wel “de Weg” genoemd en ritueel onrein (tamé)  Ritueel handwassen  Gevaar voor de tradities  Niet omgaan met  Ketterse sekte heidenen, zondaars, zieken en tollenaars Geen lijken aanraken  Besneden ten achtsten dage, uit   Afkeer van Jezus want Hij noemt God Zijn het volk Israël, van de stam Vader, Benjamin, een Hebreeër uit de  Vanaf dat moment probeerden de Joden Hebreeën, naar de wet een hem te doden, omdat hij niet alleen de Farizeeër, naar mijn ijver een sabbat ondermijnde, maar bovendien God zijn eigen Vader noemde, en vervolger van de zichzelf zo aan God gelijkstelde (Joh. gemeente, naar de 5:18) gerechtigheid der wet  Jezus was vervloekt omdat Hij aan een boom (hout) hing onberispelijk. (Fil 3:5-6)  Christus heeft ons vrijgekocht van de  En toen het bloed van vloek van de wet door zelf voor ons een vloek te worden – want er staat Stefanus, uw getuige, werd geschreven: Vervloekt is ieder die hangt vergoten, stond ik erbij, ik was aan het hout (Gal. 3:13 – verwijzend naar het ermee eens en paste op de Deu. 21:23 kleren van degenen die hem ter dood brachten.” (Han. 22:20)
    • Biografie  De bekering van Paulus  Op de weg naar Damascus om christenen te vervolgen  Ontmoeting met de Verrezen Christus  Paulus blind  In Damascus door Annanias gedoopt  Schellen vallen van zijn ogen  Alles wat daarvoor gebeurd was beschouwde hij als “verlies” en “afval” Maar wat voor mij winst was, ben ik omwille van Christus als verlies gaan beschouwen. Sterker nog, alles beschouw ik als verlies. Het kennen van Christus Jezus, mijn Heer, overtreft immers alles. Omwille van hem heb ik alles prijsgegeven; ik heb alles als afval weggegooid. Ik wilde Christus winnen (Fil 3:7-8)
    • De bekering van Paulus op weg naar Damascus  Intussen bedreigde Saulus de leerlingen van de Heer nog steeds met de dood. Hij ging naar de hogepriester met het verzoek hem aanbevelingsbrieven mee te geven voor de synagogen in Damascus, opdat hij de aanhangers van de Weg die hij daar zou aantreffen, mannen zowel als vrouwen, gevangen kon nemen en kon meevoeren naar Jeruzalem. Toen hij onderweg was en Damascus naderde, werd hij plotseling omstraald door een licht uit de hemel. Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?‟ Hij vroeg: „Wie bent u, Heer?‟ Het antwoord was: „Ik ben Jezus, die jij vervolgt. (Hand. 9:1-5)  Reeds hier zien we de leer over Jezus en Zijn Kerk  Christus en Christenen zijn Eén mystiek Lichaam  Hij is het Hoofd wij de ledematen  Paulus had, net zoals ons, het probleem van hoogmoed/trots  Hoogmoed = een wanorderlijk (misplaatst) zelfvertrouwen (St. Augustinus)  We weten niet dat we niet weten !!  We beseffen niet hoe behoeftig en zwak we wel niet zijn • Daarom hebben we de genade van (steeds verdere) bekering nodig
    • Paulus veranderde visie op Jezus  Komt het best tot uiting in de Christus hymne  Hij die de gestalte van God had, hield zijn gelijkheid aan God niet vast, maar deed er afstand van. Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens. En als mens verschenen, heeft hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. Daarom heeft God hem hoog verheven en hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, en elke tong zal belijden: „Jezus Christus is Heer,‟ tot eer van God, de Vader. (Fil. 2:5-11)  Afstand doen = “Kenosis” (Gr. ). Leterlijk uitgieten  Christus menselijkheid en goddelijkheid zijn nauw gerelateerd • Als je naar de ene kijkt dan begrijp je de ander  In de incarnatie, dood en verrijzenis van Christus onthult God Zijn ware Natuur • Dat is wat Paulus in de Kenosis beschrijft  Niet het domineren van Zijn schepselen maar Zijn Leven tot een gave van Liefde maken en het royaal uitgieten  Via het Kruis giet God zijn Liefde in ons uit  God neemt onze menselijkheid aan om zodoende de levengevende Liefde te geven  De Vader stuurde de Zoon om ons de Heilige Geest te geven • Zijn genadeleven waardoor we Abba, vader roepen (Gal. 4:6)
    • Oproep tot uitgieten  Thema van “uitgieten”, “afstand doen” komt steeds terug in NT  Daarom heeft de Vader Mij lief, omdat Ik mijn leven geef, om het daarna weer terug te nemen. Niemand neemt het Mij af, Ik geef het uit eigen vrije wil. .....‟ (Joh 10:17-18)  De grootste van jullie moet de minste worden, en de leider de dienaar (Luk. 22:26)  Wie zich verheft, zal vernederd worden, en wie zich vernedert, zal verheven worden. (Mat. 23:12) • Paus is de “dienaar van de dienaren van God”  De ontkenning van het “valse zelf”  De dierlijke kant van onze natuur • Het “vlees”  Oproep om te leven vanuit God‟s Geest
    • De brieven van St. Paulus 50-51 Brieven aan de Thessalonisensen Begin tot midden Brief aan de Galaten 50 56 Brieven aan de Korinthen 57-58 Brief aan de Romeinen 60 – 62 Brieven aan de Efezen, Filipenzen, Collosenzen en Philemon Gedurende de 2 jaar gevangenschap in Rome ca. 65 Brieven aan Timoteüs ca. 63-66 Brief aan Titus (Hebreeuwen)
    • De brieven van St. Paulus  In het laatste hoofdstuk van zijn tweede brief schrijft St. Petrus, de eerste Paus over de Eschaton  De leer over de laatste dingen en de eindtijd  Bedenk dat het geduld van onze Heer uw redding is. Dat heeft ook onze geliefde broeder Paulus u geschreven met de wijsheid die hem is geschonken. Hij schrijft dit overigens in alle brieven waarin hij dit onderwerp ter sprake brengt. Daarin staat een en ander dat moeilijk te begrijpen is en dat door onwetende en onstandvastige mensen, tot hun eigen ondergang, wordt verdraaid; dat doen ze trouwens ook met de overige geschriften.  (2Pet. 3:15-16)  De brief aan de Romeinen is het meesterwerk van Paulus  De Brief aan de Korinthen is vroeger geschreven  De kerk in Korinthe kent vele gelijkenissen met de tijd en de kerk van vandaag
    • Onderwerpen  “Brief van een wereldse kerk aan St. Paulus”  Het leven van Paulus  Introductie  Bron: Bijbelboek Handelingen  Handelingen: Mysterie en avontuur  Tijdslijn  Biografie  De brieven van St. Paulus  De missiereizen van Paulus  De eerste missiereis  De tweede missiereis  De derde missiereis  Wat kunnen we leren van Paulus  Charismatisch en orthodox  Continue bekering en verdieping  Evangelieverkondiging  Toewijding en ijver  Volharding
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus Paul gearresteerd in Jeruzalem en ca. 49 n.Chr gevangen gezet Concilie van in Caesarea en Jeruzalem Rome. (Han. 15) Han. 21:16-28:16 n.Chr n.Chr 10 n.Chr 20 n.Chr 30 n.Chr 40 n.Chr 50 n.Chr n.Chr 1 60 70 n.Chr 8 12 - 13 jr. n.Chr 32 of 36 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatie Griekenland Volgens de Geb. St. Paulus St Paulus naar St. Paulus (46-49 n.Chr) (n.Chr 50- Traditie is Paulus Jeruzalem; Bekering op de Han. 13-14 52) Han. later weer opgeleid door weg naar 15:36-18:22 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Terugkeer naar klein-Azie en Grie. (n.Chr 53- 58). Han. 18:23- 21:15
    • Eerste Missie reis  Vanuit Syrie, via Cyprus, naar Galatië  Provincie in het huidige Turkije  C.a. 46-49 n.Chr.  Reisgenoten  Barnabas  Johannes (ookwel Marcus genaamd) • Verlaat hen in Pafos op Cyprus en ging terug naar Jeruzalem  Patroonvan de verkondiging van het Evangelie  Allereersst aan de Joden in de synagogen  Daarna aan de heidenen
    • Eerste missie reis Cyprus (Han. 13, 14)  Vertrek uit Seleucië - Syrië  Cyprus is een romeinse provincie  Aankomst in Salamis (Han. 13)  Verkondiging in de synagogen van de joden  Over land naar Pafos  De romeinse proconsul Sergius Paulus wil het Woord van God horen  Elymas, een joodse magiër ookwel Barjesus genaamd werkt Paulus en Barnabas tegen  Probeert de proconsul van het geloof af te houden  Barjesus – zoon van verlossing  Een valse profeet/ziener  St. Paulus, door de kracht van God, slaat de ziener met blindheid • De proconsul komt tot geloof  Echo van wat Paulus zelf overkwam bij Damascus Pafos
    • Eerste missie reis Antiochie in Pisidië (Han. 13, 14)  Op de sabbat Barnabas en Paulus in de synagoge  Naar de lezing uit de Torah en Haftarah (wet en profeten) spreekt Paulus  Jezus is de verwachte Messias uit het geslacht van David  God hem heeft opgewekt uit de doden, vervulling van de belofte aan Israel  Het goede nieuws  Paulus gebruikt Messiaanse psalmen om de Joden te overtuigen dat de gekruisigde en Verrezen Jezus de Messias is  „Jij bent mijn zoon, vandaag heb Ik je verwekt. (Psa. 2:7)  Mijn hart is dan ook verheugd, mijn innerlijk jubelt, mijn lichaam kent geen zorgen, want U geeft mijn leven niet aan het dodenrijk prijs, U laat uw vrome het graf niet zien. (Psa. 16:9-10)  Aantal Joden en “Godvrezers“ volgen Paulus en Barnabas  Andere Joden maken verdachtmakingen  Paulus en Barnabas kondigen aan naar de heidenen te gaan  Joodse leiders gebruiken invloed om Paulus en Barnabas te verdrijven Map
    • Eerste missie reis Iconium, Lystra en Derbe  Identiek patroon  Eerst de verkondiging aan de Joden (in de Synagoge) • Sommigen accepteren, anderen zijn vijandig  Verkondiging aan de heidenen • Tekenen en wonderen  Gewelds bedreigingen en vlucht  In Lystra wordt een verlamde die luistert naar Paulus genezen door zijn geloof  Paulus en Barnabas gezien als goden • Hermes en Zeus  Bevolking wil offers aan hen brengen  Paulus en Barnabas scheuren hun kleren en waarschuwen voor afgoderij  Joden uit Aniochie en Iconium komen naar Lystra  Hitsen de mensen op  Paulus gestenigd, voor dood buiten de stad achtergelaten  Paulus overleefd, gaat stad in, volgende dag naar Derbe Map
    • Paulus gestenigd  Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen – werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken.  (2Co 12:2-4)  Paulus heeft het hier over zichzelf en dat hij weggerukt werd naar de derde hemel  Traditie binnen het Judaisme dat er negen gedurende hun leven “de tuin van Eden", of het paradijs binnengingen, waaronder:  Enoch (Gen. 5:24), Elijah (2Kon. 2:11)  Eliezer (de bediende van Abraham), Hiram de koning van Tyrus  De heilige Paulus is hierna alle angst voor de dood kwijtgeraakt  Want voor mij is leven Christus en sterven winst. Als ik blijf leven, kan ik vruchtbaar werk doen, maar toch weet ik niet wat ik moet kiezen. Ik word naar twee kanten getrokken: enerzijds verlang ik ernaar te sterven en bij Christus te zijn, want dat is het allerbeste; anderzijds is het omwille van u beter dat ik blijf leven.  (Fil. 1:21-24)
    • Eerste missie reis Terugreis  Evangelieverkondiging in Derbe  Veel bekeerlingen  Begin van terugreis  Alle reeds aangedane plaatsen opnieuw bezocht  Bezoeken van de nieuwe gelovigen  Bemoediging en aansporing tot volharding • Beproevingen zullen komen  Na bidden en vasten aanstellen van oudsten  Terugkeer naar Antiochie  Verslag van wat God gedaan heeft  Dat God de deur voor het Geloof voor de heidenen heeft geopend Map
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus Paul gearresteerd in Jeruzalem en ca. 49 n.Chr gevangen gezet Concilie van in Caesarea en Jeruzalem Rome. (Han. 15) Han. 21:16-28:16 n.Chr n.Chr 10 n.Chr 20 n.Chr 30 n.Chr 40 n.Chr 50 n.Chr n.Chr 1 60 70 n.Chr 8 12 - 13 jr. n.Chr 32 of 36 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatie Griekenland Volgens de Geb. St. Paulus St Paulus naar St. Paulus (n.Chr 46-49) (n.Chr 50- Traditie is Paulus Jeruzalem; Bekering op de 52) Han. later weer opgeleid door weg naar Han. 13-14 15:36-18:22 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Terugkeer naar klein-Azie en Grie. (n.Chr 53- 58). Han. 18:23- 21:15
    • Concilie van Jeruzalem: ca. 49 1/2  Vond plaats tussen de 1e en de 2e Missiereis  Aanleiding  Dispuut tussen Paulus en Barnabas en broeders uit Judea  Toen kwamen er enkele mensen uit Judea die de broeders voorhielden: „Als u zich niet naar de zede van Mozes laat besnijden, kunt u niet gered worden.‟ (Han. 15:1)  Onderwerp van het concilie  Dienen bekeerde heidenen besneden te worden en zich te houden aan de Torah • De 613 ge- en verboden uit de Mozaische Wet  Ofwel ze moeten eerst Jood worden voordat ze Christen en verlost kunnen worden  Uitkomst van het concilie  Men gaf hun deze brief mee: „De apostelen en oudsten groeten als broeders de broeders uit de heidenen in Antiochië, Syrië en Cilicië. wij hebben vernomen dat enkelen, uit onze kring afkomstig, maar zonder opdracht van ons, met hun woorden verwarring en onrust onder u hebben gezaaid. (Han. 15:23)  De heilige Geest en wij hebben besloten u geen enkele last op te leggen dan alleen wat strikt noodzakelijk is: u moet zich onthouden van afgodenvlees, bloed, verstikt vlees en ontucht. Als u daarvan afblijft, is het in orde. Het ga u goed.‟ (Han. 15:28)
    • Concilie van Jeruzalem: ca. 49 2/2  De delegatie van Jeruzalem stuurde vervolgens Paulus en Barnabas naar de kerk van Antiochië  Tesamen met afgevaardigden van de kerk van Jeruzalem • Judas en Silas  Boodschap met vreugde in Antiochië ontvangen  Paulus plant tweede missiereis  Model voor leerstellige beslissingen in de vroege-kerk  Paulus en Barnabas konden het dispuut niet oplossen  Geschil voorgelegd aan kerkelijke gezagsdragers in Jeruzalem  De uitkomst van het concilie was bindend voor de hele kerk en werd door brieven en door getuigen mondeling bevestigd
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus Paul gearresteerd in Jeruzalem en ca. 49 n.Chr gevangen gezet Concilie van in Caesarea en Jeruzalem Rome. (Han. 15) Han. 21:16-28:16 n.Chr n.Chr 10 n.Chr 20 n.Chr 30 n.Chr 40 n.Chr 50 n.Chr n.Chr 1 60 70 8 n.Chr 12 - 13 jr. 32 of 36 n.Chr 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatie Griekenland Volgens de Geb. St. Paulus St Paulus naar St. Paulus (50-52 n.Chr) (n.Chr 46-49) Traditie is Paulus Jeruzalem; Bekering op de Han. 15:36- 18:22 later weer opgeleid door weg naar Han. 13-14 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Terugkeer naar klein-Azie en Grie. (53-58 n.Chr). Han. 18:23-21:15
    • Berea Timeline
    • Tweede missiereis naar Griekenland 50 – 52 n.Chr.  Paulus en Barnabas gaan uitelkaar voordat de 2e reis begint  Meningsverschil over het meenemen van Marcus (Johannes) • Had hen op de 1e missiereis verlaten  Paulus kiest Silas om hem te begeleiden  Barnabas gaat met Marcus naar Cyprus  Paulus en Silas trekken door Syrië en Cilicië  Bemoedigen de kerken aldaar  De kerken groeien Map
    • Lystra  In Lystra vergezeld Timoteüs Paulus op zijn reis  Zoon van een Griek en een gelovige Joodse vrouw  Paulus vraagt hem om besneden te worden  Besnijdenis om geen schandaal te veroozaken onder de Joden  Bij de Joden leef ik als Jood om de Joden te winnen. Met hen die onder de wet staan, leef ik als aan de wet onderworpen – hoewel zelf niet gebonden aan de wet – om hen die onder de wet staan, te winnen. Met de wettelozen werd ik als een wetteloze – hoewel niet zonder de wet van God en onderworpen aan de wet van Christus – om de wettelozen te winnen. (1Cor. 9:20-21)  Voor allen ben ik alles geweest, om in elk geval enigen te redden. (1Cor. 9:22)  Het onderhouden van Joodse rituelen was toegestaan  Hoewel ze voor gelovigen uit de volkeren niet nodig zijn  Rabbijnse voorschriften stelt dat kinderen van een Joodse moeder automatisch Joods zijn • Ongeacht het geloof van de vader  Regio van Phrygië en Galatië Map  Heilige Geest verbood om direct naar het westen of noorden te gaan
    • Troas Het evangelie naar het vasteland van Europa  Visioen van Paulus in Troas  Een man in Macedonië die hem om hulp riep  Ze steken van klein Azië om het vasteland van Europa te gaan evangeliseren • Nabij Griekenland (Macedonië)  Via Samotrake en Neapolis naar Filippi  Belangrijke stad in Macedonië • Vernoemd naar de vader van Alexander de Grote (Philippus) • Rustplaats voor gepensioneerde romeinse soldaten (veteranen)  Geen Synagoge in Filippi  Op de sabbat naar de gebedsplaats bij de rivier • Bekering van de zakenvrouw Lyda, een God-vrezer,  Gedoopt tesamen met haar hele huishouden Map
    • Filippi  Geslagen en gevangen gezet voor exorcisme van demon van een bezeten waarzegster slaaf  Vermogen tot waarzeggen verdween – verlies van inkomsten voor eigenaars  Demon – letterlijk een Python-geest • Mysthisch serpent die de tempel van Apollo bij Delphi bewaakte  In de gevangenis  Rond middernacht zingen Paulus en Silas hun gebeden • Een aardbeving bevrijd hen van hun boeien  Cipier ziet de deuren open, denkt gevangenen ontsnapt • Wil zelfmoord plegen  Paulus en Silas weerhouden hem • Cipier en zijn hele gezin bekeert en gedoopt  Paulus en Silas beide Romeinse burgers  Onterecht en zonder proces gestraft  Magistraten bang toen ze hoorden dat Paulus en Silas Romeinse burgers zijn Map
    • Tessalonica  Paulus en Silas spreken in de Synagoge  Drie Sabbat dagen  De Schrift (O.T) als uitgangspunt  De Messias moest lijden, sterven en verrijzen (Jes. 53) • Jezus is die Messias  Bekeringvan aantal Joden, Godvrezers Grieken en aanzienlijke vrouwen  Joden brengen een volksoploop tot stand  Hele stad in rep en roer  Paulus en Silas vertrekken naar Berea Map
    • Athene  Paulus gemoed kwam in opstand bij het zien van Athene  Stad volledig overgegeven aan afgoderij • vol met afgodsbeelden  Paulus spreekt daar met de Joden en Godvrezers  Ook met Epicurische filosofen • Filosofie afgedaald tot nastreven van zintuigelijk genot • God niet geinteresseerd in menselijke zaken  Ook met Stoische filosofen • Legden zich toe op een gedisciplineerd leven volgens de natuur • Pantheistisch godsbeeld (gehele wereld is goddelijk)  Gevraagd op de berg van Ares de leer van Jezus uit te leggen  Paulus verwijst naar het altaar van “de onbekende God”  Dat hij gekomen is om die God te verkondigen • God is niet onbekend en vreemd maar het antwoord op de meest diepzinnige vragen  Hij verkondigd de verrijzeis van het lichaam • Leidde tot spot, griekse filosofie lichaam is grafkist van ziel • Een aantal komt tot bekering Map
    • Korinthe  Paulus ontmoet Aquila en Priscilla in Korinthe  Getrouwd Joods stel uit Pontus • Keizer Claudius had joden uit Rome verbannen  Acquila en Paulus hebben hetzelfde beroep • Leerbewerking, tenten maken  Paulus verblijft daar, wacht op komst Silas/Timoteüs  Paulus spreekt elke sabbat in de Synagoge  Probeert Joden en Grieken te overtuigen • Verblijft 1,5 jr. in Korinthe • Visioen van God dat velen daar Hem toebehoren  Velen vinden geloof maar ook weerstand en godslastering van andere Joden  Paulus wordt samen met de, tot geloof gekomen, Synagoge bestuurder voor het gerecht gedaagd Map
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus ca. 49 n.Chr Paul gearresteerd in Jeruzalem en Concilie van gevangen gezet Jeruzalem in Caesarea en Rome. (Han. 15) Han. 21:16-28:16 n.Chr n.Chr 10 n.Chr 20 n.Chr 30 n.Chr 40 n.Chr 50 n.Chr n.Chr 1 60 70 n.Chr 8 12 - 13 jr. n.Chr 32 of 36 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatie Griekenland Volgens de Geb. St. Paulus St Paulus naar St. Paulus (n.Chr 46-49) (n.Chr 50- Traditie is Paulus Jeruzalem; Bekering op de 52) Han. later weer opgeleid door weg naar Han. 13-14 15:36-18:22 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Terugkeer naar klein-Azie en Grie. (53-58 n.Chr.). Han. 18:23-21:15
    • Berea Milete Timeline
    • Efeze  Op de reis ontmoet Paulus 12 mannen  Hebben doop van Johannes ontvangen  Paulus legt hen handen op, doopt hen in de naam van Jezus  De heilige Geest komt op hen • Spraken in talen en profeteren  Zieken genezen en demonen worden uitgedreven  Door hem aangeraakte zweetdoeken en linnengoed genezen  Joodse exorcisten proberen ook in de naam van Jezus demonen te verdrijven • De demon kent Jezus en Paulus maar niet deze exorcisten  Worden door de bezetene aangevallen en toegetakeld  Opschudding in Efeze  Zilversmeden zijn voor inkomen afhankelijk van afgoderij • M.n de afgodin Artemis • De afgodendienst van Artemis liep gevaar  Inkomsten van de zilversmeden komen door prediking Paulus in gevaar Map
    • Van Milete naar Caesarea  Inschepen naar Jeruzalem  Om met pinksteren daar aanwezig te zijn  Paulus neemt afscheid • Zegt dat hij hen niet meer zal zien • Grote bedroefdheid  Via Kos, Rhodos, Katara naar Tyrus  Van Tyrus via Ptolemais naar Caesarea  De profeet Agabus uit Judea komt naar Paulus • Door Agabus liet de Heilige Geest weten dat Paulus door de joden gebonden zou worden en aan de heidenen uitgeleverd  Paulus geeft aan dat hij bereid is te sterven in Jeruzalem en gaat
    • Het leven en de missie reizen van St. Paulus Paul gearresteerd in Jeruzalem en gevangen gezet ca. 49 n.Chr in Caesarea en Concilie van Rome. Han. 21:16-28:16 Jeruzalem (Han. 15) 1 n.Chr 10 20 30 40 50 60 70 n.Chr. n.Chr 8 12 - 13 jr. n.Chr 32 of 36 1e Missiereis 2e Missiereis ca. 65-67 n.Chr naar Galatie Griekenland Volgens de Geb. St. Paulus St Paulus naar St. Paulus (n.Chr 46-49) (n.Chr 50- Traditie is Paulus Jeruzalem; Bekering op de 52) Han. later weer opgeleid door weg naar Han. 13-14 15:36-18:22 gearresteerd en Rabbijn Damascus onthoofd Gamaliel 3e Missiereis. Terugkeer naar klein-Azie en Grie. (53-58 n.Chr.). Han. 18:23-21:15
    • Jeruzalem 1/3  Ontvangst in Jeruzalem door Jacobus en de oudsten van de kerk  Vele duizenden in Jeruzalem gelovig en trouw aan de Torah  Over Paulus bekent geworden dat hij tegen de tradities van Mozes leert  Voorstel dat hij een Nazireeër gelofte aflegt in de tempel • Samen met 4 anderen • Reinigingsperiode van 7 dagen  Joden uit klein-Azië zagen hem in de tempel  Beschuldigingen • Leer gericht tegen het volk van Israel, de Wet en de Tempel  Bijna vermoord  Paulus door de Romeinen ontzet en naar de kazerne genomen
    • Jeruzalem 2/3  Paulus verhaalt tegenover de menigte over zijn bekering  Zijn ijver voor de Torah  Zijn bekering op weg naar Damascus  Dat hij door God naar de heidenen werd gestuurd  Opnieuw wil de menigte hem doden  Centurion wil hem laten gezelen  Paulus geeft te kennen dat hij romeins burger is  Paulus wordt uit de gevangenis en door de romeinen voor het Sanhedrin geleid  Sanhedrin bestond uit een Farizeese en Saduceese fractie  Paulus geeft aan dat hij vervolgd wordt om de verrijzenis uit de doden  Er ontstaat twist tussen de Farizeërs en Saduceërs  Paulus bedreigd en terug naar de gevangenis gebracht
    • Jeruzalem 3/3  Komplot om Paulus te vermoorden  De zoon van Paulus‟ zuster hoort over het komplot  Licht Paulus in, Paulus stuurt hem naar de Tribunus  Tribunus stuurt Paulus met een escorte naar Caesarea  Paulus voor gouverneur Felix  Hogepriester beschuldigd hem van verwarring stichten en tempel verontreiniging  Paulus verdedigd zichzelf, ontkent de beschuldigingen  Zaak wordt verdaagd en Paulus blijft gevangen onder licht regime  Gouverneur Felix vervangen door Festus  Paulus weer voor de rechterstoel  Beschuligingen zonder bewijs, Paulus ontkent  Paulus wil geen uitlevering aan Jeruzalem, beroept zich op de keizer (naar Rome)
    • Paulus reis naar Rome
    • Paulus vierde reis  Vanaf Kreta kwamen ze in een storm terecht  Het schip werd meegevoerd richting Malta  Na 14 dagen in de storm schipbreuk • Paulus brengt 24 uur in de zee door  Belanden op Malta  Paulus gebeten door slangen - niet vergiftigd  Vanuit Malta vertrekken ze naar Rome  De christenen van Rome ontmoeten hem op het Appia Forum • Aanwezigheid van christenen voordat Paulus in Rome aankwam • Romeinen hadden het geloof al omarmd  Huisarrest en geketend aan een Romeinse soldaat  Nog steeds vrijheid voor apostolisch werk  Hij schreef de “Gevangenis Brieven” • Aan Efezen, de Filipenzen, Collosenzen en Philemon  Verkondigd het koninkrijk aan Joden en heidenen
    • Paulus voor Caesar Lucas geeft niet aan wat de uitkomst is  Paulus had wel de intentie om verder te reizen  Bewijs dat aangeeft dat hij beide gedaan heeft  Naar het westen naar Spanje (Rom 15:24)  Naar het oosten - Macedonië en klein-Azië (Fil 2:24; Phm 22).  Traditie geeft aan dat Paulus later opnieuw gearresteerd werd  Stierf een martelaars dood door onthoofding in Rome  Midden van de jaren 60
    • Onderwerpen  “Brief van een wereldse kerk aan St. Paulus”  Het leven van Paulus  Introductie  Bron: Bijbelboek Handelingen  Handelingen: Mysterie en avontuur  Tijdslijn  Biografie  De brieven van St. Paulus  De missiereizen van Paulus  De eerste missiereis  De tweede missiereis  De derde missiereis  Wat kunnen we leren van Paulus  Charismatisch en orthodox  Continue bekering en verdieping  Evangelieverkondiging  Toewijding en ijver  Volharding  Kritiek op Paulus
    • Wat leren we van Paulus? Charismatisch en orthodox 1/2  Ik zou willen dat u allen in klanktaal kon spreken, maar ik wil nog liever dat u profeteert.  (1Co 14:5)  Na verloop van veertien jaar ging ik opnieuw naar Jeruzalem, samen met Barnabas en Titus. Dat was mij in een openbaring opgedragen. In besloten kring legde ik de belangrijkste broeders het evangelie voor dat ik aan de heidenen verkondig, want ik wilde me ervan overtuigen dat mijn inspanningen, toen en nu, niet voor niets waren. (Gal 2:1-2)
    • Wat leren we van Paulus? Continue bekering en verdieping 2/2  In zijn eerste brieven schreef hij  Want ik ben de minste van de apostelen, die niet waardig ben een apostel genaamd te worden, omdat ik de kerk van God vervolgd heb. (1Co 15:9)  Halverwege zijn carriere zegt hij  Mij, de allerminste van al de heiligen, is deze genade gegeven (Efe 3:8)  En aan het einde van zijn leven schrijft hij  “...........dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben.” (1Ti. 1:15)  “ben” = tegenwoordige tijd
    • Wat leren we van Paulus? Evangelie verkondiging 1/2 Wekt evangelieverkondiging vandaag nog steeds vervolging op als in Paulus tijd?  Niet als alleen populaire delen van het evangelie worden verkondigd  Vrede, rechtvaardigheid, medeleven en sociale aktie  Wel als de onpopulaire delen verkondigd worden  Dat Jezus niet slechts één van de vele religieuse figuren is, maar ware God  Dat zonde, oordeel en hel bestaan  Dat Christendom geen moralistisch fabeltje maar een bovennatuurlijk, mirakuleus feit is  Dat er een objectieve Waarheid en waarden bestaat • Dat “mijn waarheid” niet genoeg is  Probeer ik nu mensen te overtuigen of God? Probeer ik soms mensen te behagen? Als ik dat nog altijd zou doen, zou ik geen dienaar van Christus zijn (Gal. 1:10)  Een leerling staat niet boven zijn leermeester en een slaaf niet boven zijn heer (Mat. 10:24)  Dus volg mij na, zoals ik Christus navolg. (1Co. 11:1)
    • Wat leren we van Paulus? Toewijding, ijver, nederigheid en Liefde 2/2  O.a de Galaten en Korinthen hadden te maken met verkondiging van valse leer (Judaiseren)  Mannen die zich lieten voorstaan op hun joodse afkomst  Mozaisch verbond, besnijdenis - od’s uitgekozen volk  Pochten dat God hun de Torah had gegeven  Paulus zegt dat dit pochen dwaasheid is en dat hij – in dwaasheid – meer reden heeft tot pochen dan deze valse broeders  Maar als anderen het durven – nu komt de dwaasheid aan het woord – dan durf ik het ook.! Ik heb harder gezwoegd, ik heb langer gevangengezeten, ik heb meer slaag gekregen en ik verkeerde vaak in levensgevaar. • Vijfmaal kreeg ik van de Joden de veertig-min-één. • Driemaal ben ik met stokken geslagen, • éénmaal gestenigd. • Driemaal heb ik schipbreuk geleden, • eens heb ik een heel etmaal rondgedreven op volle zee.  Vaak op reis, blootgesteld aan gevaren van rivieren en gevaren van rovers, gevaren van de kant van mijn eigen volk en van de heidenen, gevaren in de stad, gevaren in de woestijn, gevaren op zee, gevaren te midden van valse broeders; met tobben en zwoegen, veel slapeloze nachten, honger en dorst, vaak zonder eten, in kou en naaktheid. (2Cor 11:21b, 23b-27)
    • Wat leren we van Paulus? Volharding tot het einde 2/2  Mijn bloed wordt al als een offer uitgegoten, het moment waarop ik heenga nadert. Maar ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop volbracht, het geloof behouden.  (2Ti 4:6-7)  Niet dat ik al zover ben en mijn doel al heb bereikt. Maar ik houd vol in de hoop eens dat te kunnen grijpen waarvoor Christus Jezus mij gegrepen heeft. Broeders en zusters, ik beeld me niet in dat ik het al heb bereikt, maar één ding is zeker: ik vergeet wat achter me ligt en richt mij op wat voor me ligt. Ik ga recht op mijn doel af: de hemelse prijs waartoe God mij door Christus Jezus roept. Hierop moeten wij ons allen als volmaakte mensen richten.  (Fil 3:12-15)
    • Wat leren we van Paulus? Wet en Genade 2/2 “The Law was given so that Grace we would seek Grace is given so that the Law we could keep” - St. Augustinus -
    • Back-up slides
    • Vernietiging van de Tempel (70 n. Chr.)  Titus Flavius Vespasianus  Belegerd met een leger van 70.000 man Jeruzalem  Titus omsingelt de stad  Met het 5e, 10e. 12e en 15e legioen  Belegering van 4-5 maanden (Mrt. – Sept.) Jeruzalem valt op Tisha B’av – 9e van de maand Av  Valt in Juli of Augustus  Ook vandaag de dag nog een Joodse Vastendag  Herinnering aan de vernietiging van de 1e en de 2e tempel  656 jaar uitelkaar maar op dezelfde dag  “Verdrietigste dag in de Joodse geschiedenis” Index