PORTUGEES

t a a l g i d s

PORTUGEES

Samengesteld door
Van Dale Lexicografie bv
Portugees: Jef van Egmond, m.m.v. Lurdes...
Wat & Hoe: wat anders?

Wat & Hoe maakt deel uit van Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen
www.kosmosuitgevers.nl
Ook leverb...
Inhoudsopgave
Woord vooraf

6

1
1.1
1.2
1.3
1.4
1.5
1.6

Handig om te weten ... 7
Beknopte grammatica 7
Uitspraak 12
Hand...
4
4.1
4.2
4.3
4.4
4.5

Logeren en kamperen 77
Algemeen 77
Kamperen 79
Hotel/pension/appartement/huisje 83
Klachten 86
Vert...
8
8.1
8.2
8.3
8.4
8.5

In moeilijkheden 154
Om hulp vragen 154
Ongelukken 155
Er is iemand vermist 156
Verlies en diefstal...
Woord vooraf
Deze nieuwe editie van de vertrouwde Wat & Hoe Portugees is in
samenwerking met Van Dale Lexicografie weer fl...
1
1.1

Handig om te weten ...

1

Beknopte grammatica
enkelvoud
o
a
um
uma

mannelijk
vrouwelijk
mannelijk
vrouwelijk

mee...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

3 De vorming van het meervoud
1. -a > -as
-e > -es
-i > -is
-o > -os
-u > -us

bv.:
bv.:
bv.:
b...
4 De trappen van vergelijking
1. Vergrotend/verkleinend/vergelijkend

... menos alto do que ... (minder groot dan)
met bn....
HANDIG OM TE WETEN ...

1

2. Als lijdend voorwerp
me
te
o/a
nos
os / as

mij
je
hem / haar / u
ons
hen / u

3. Meewerkend...
7 Aanwijzende voornaamwoorden
deze / dit
die / dat (daar bij jou / u) (de aangesprokene)
die / dat (daarginder)

bv.: este...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

12

a senhora
nós
vocês
os senhores
as senhoras
eles
elas

1.2

fala
falamos
falam
falam
falam
...
R

De overige letters klinken ongeveer zoals in het Nederlands.
De uitspraak van het Portugees dat in Brazilië gesproken w...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

Waar is het toilet?
Waar gaat u naar toe?
Waar komt u vandaan?
Hoe?
Hoe ver is dat?
Hoelang duu...
Wilt u voor mij kaartjes
reserveren a.u.b.?

Weet u misschien een
ander hotel?
Hebt u ...?
Hebt u voor mij een ...?
Hebt u...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

Ik geloof het wel
– denk het ook
– hoop het ook
Nee, helemaal niet
Nee, niemand
Nee, niets
Dat ...
rechts/links van
rechtdoor

in
op
onder
tegen
tegenover
naast
bij
voor
in het midden
naar voren
(naar) beneden
(naar) bove...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

18

in het noorden
naar het zuiden
uit het westen
van het oosten
ten ... van

• no norte
noe no...
Wat staat er op dat bordje?

1

Zie pagina 28 voor verkeersborden.
cruzamente perigoso
gevaarlijke kruising
cuidado com o ...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

não devolve troco
geen teruggave van wisselgeld
não é permitida a entrada a
animais
huisdieren ...
– donderdag
– vrijdag

– zondag
in januari
sinds februari
in de lente
in de zomer
in de herfst
in de winter (’s winters)
2...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

’s nachts
vanmorgen
vanmiddag
vanavond
vannacht (komende
nacht)
vannacht (afgelopen
nacht)
deze...
– 13.30
– 14.35

– 16.50
– 12.00 ’s middags
– 12.00 ’s nachts
een half uur
Om hoe laat?
Hoe laat kan ik langskomen?
Om ......
HANDIG OM TE WETEN ...

1

24

op tijd
zomertijd
wintertijd

• a horas
a orasj
• horário de Verão
ooraariejoe də vəraung
•...
cem
cento e um
cento e dez
cento e vinte
duzentos
trezentos
quatrocentos
quinhentos
seiscentos
setecentos
oitocentos
novec...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

30e
100e
1000e

trigésimo
centésimo
milésimo

eenmaal
tweemaal
het dubbele
het driedubbele
de h...
1.5

Persoonlijke gegevens

achternaam
voornaam
voorletters
adres (straat/nummer)
postcode/woonplaats
geslacht (m/v)
natio...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

plaats en datum van
afgifte
(mobiele) telefoonnummer
e-mailadres
homepage

1.6

• local e data ...
final de limite de velocidade
einde snelheidsbeperking
hospital
ziekenhuis
obras
werk in uitvoering
o que vem no sentido
c...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

saída
uitrit (afrit), uitgang
saída de fábrica
fabrieksuitgang
saída de veículos
uitrit vrijlat...
vooraf een vast bedrag afspreken. Toeslagen voor bagage, nachtritten en
voor ritten naar het vliegveld zijn gebruikelijk.
...
HANDIG OM TE WETEN ...

1

combinatie kunt maken uit een lijst van voor-, hoofd- en nagerechten
voor een vaste prijs.
In d...
10 juni

Verder is er nog een aantal regionale feestdagen. De belangrijkste hiervan zijn:
13 juni
24 juni

Lissabon: Santo...
2

2
2.1

Ontmoetingen
Plichtplegingen

ONTMOETINGEN

Begroeten
Dag meneer Oliveira
Dag mevrouw
Alvarinho
Hallo, Peter
Hoi...
Tot ziens
– gauw
– straks

Welterusten
Goedenacht
Het beste
Veel plezier
Veel geluk
Prettige vakantie
Goede reis
Bedankt, ...
ONTMOETINGEN

2

Dank u voor de moeite
Dat had u niet moeten
doen
Dat zit wel goed hoor

• Agradeço-lhe o incómodo
aĝrades...
2.2

Iemand aanspreken

Mag ik u wat vragen?

Sorry, ik heb nu geen
tijd
Hebt u een vuurtje?
Mag ik bij u komen
zitten?
Wi...
ONTMOETINGEN

2

Mag ik u even voorstellen?

• Apresento-lhe ...
aprəzẽntoe-ljə ...

Dit is mijn vrouw/
dochter/moeder/
vr...
Ik ben een vriend van ...
Bent u hier alleen/met
uw gezin?
Ik ben alleen

– met mijn gezin
– met familie
– met een vriend/...
ONTMOETINGEN

– weduwe/weduwnaar

• Sou viúva/viúvo
soo viejoeva/viejoevoe

Ik woon alleen/samen

2

• Vivo sozinho/com um...
• estou aqui a passar férias/a trabalhar/a
estudar
sjtoo akie aa pasaar feriejaas/aa
trabaljaar/aa sjtudaar

Ik ben werklo...
2

Hoop u snel weer te
zien/te schrijven

ONTMOETINGEN

Ik bel/mail/sms u

2.4

Een gesprek

Ik spreek geen/een
beetje ......
Hobby’s
Hebt u hobby’s?
Ik hou van breien/lezen/
fotograferen/uitgaan/
stappen
Ik ben gek op ...
Ik hou van muziek
– gitaa...
2

2.5

Wat vindt u ervan?

Wat hebt u liever?

ONTMOETINGEN

Wat vind je ervan?
Houd je niet van dansen?
Het maakt mij ni...
• Que sujo!
kə soezjoe!

Wat een onzin/
flauwekul!
Ik hou niet van ...

• Que disparate!
kə diesjparaatə!
• Não gosto de ....
ONTMOETINGEN

2

– kookt

• Cozinha muito bem
koezienja moeingtoe being
• Joga futebol muito bem
zjoĝa foetəbol moeingtoe ...
Kan/mag ik je schrijven/
bellen/e-mailen/
sms’en?
Ik bel je morgen

Dat zeggen ze allemaal
Laten we geen risico
nemen
Heb ...
ONTMOETINGEN

2

Mag ik u schrijven/
opbellen?
Schrijft/belt u mij?
Ik moet morgen naar
huis
Ik zal je missen
We houden to...
U bent van harte welkom

• Quero acabar com a nossa relação
keroe aakaabaar cong nossaa Rəlaasaung
• Vamos ficar amigos?
v...
3

Onderweg

3.1

3

De weg vragen

ONDERWEG

Pardon, mag ik u iets
vragen?
Ik ben de weg kwijt
Weet u een ... in de
buurt...
3.2

volgen
oversteken
de kruising
de straat
het verkeerslicht
de tunnel
het verkeersbord ‘voorrangskruising’
het gebouw
o...
ONDERWEG

3

Ik ga op vakantie
naar ...
Ik ben op zakenreis

• Vou de férias para ...
voo də feriejasj paaraa ...
• Estou ...
Mag ik nu gaan?
Ik wil graag mijn
ambassade/consulaat
bellen

Bagage

Kruier!
Wilt u deze bagage naar
... brengen a.u.b.?
...
3

Met eigen vervoer
3.4

De auto

ONDERWEG

Zie ook 1.6 Praktische zaken.
Zie voor afbeelding pagina 56.

3.5

Het benzin...
• Não se importava de controlar a
pressão dos pneus?
naung sə iengpoertaava də kõntroelaar a
prəsaung doesj pneusj

Kunt u...
bateria
luz da rectaguarda
espelho retrovisor

batərieja
loesj da Retaĝwarda
sjpeljoe retroeviezoor

airbag
antenne
autora...
57

3

ONDERWEG
ONDERWEG

3

Kunt u voor mij een
garage bellen?

• Poderia telefonar para uma garagem?
poedərieja tələfonaar paaraa oema
ĝ...
Wanneer is mijn auto/
fiets klaar?

O carro aqui não está bem,
assim é perigoso!
Não pode deixar aqui o carro!
Não tenho p...
ONDERWEG

3

3.7

De (brom)fiets

Zie ook 1.6 Praktische zaken.
Zie voor afbeelding pagina 62.
Kun je hier veilig fietsen?
...
3.8

Vervoermiddel huren
• Eu gostaria de alugar um ...
eew ĝoesjtarieja də aloeĝaar oeng ...
• Preciso de ter uma carta d...
Fiets

6
7
8

luz da rectaguarda
pneu de trás
eixo
porta bagagem
caixa de esferas
campainha
câmara de ar
pneu
crenque
mola...
63

3

ONDERWEG
3

Zijn de kilometers vrij?

ONDERWEG

Hoe laat kan ik de ...
morgen ophalen?
Wanneer moet ik de ...
terugbrengen?
Waar zi...
– hier
– bij de afrit naar ...

– in het centrum

Wilt u hier stoppen
a.u.b.?
Ik wil er hier uit
Dank u wel voor de lift

...
ONDERWEG

3

Vragen van passagiers
Waar gaat deze trein
naartoe?
Gaat deze boot naar ...?
Kan ik deze bus nemen
om naar .....
Waar zijn we hier?
Moet ik er hier uit?
Zijn we ... al voorbij?

Hoe lang is dit kaartje
geldig?

3

ONDERWEG

Hoelang heb...
ONDERWEG

3

Bestemming
Para onde vai?
Quando é que parte?
O comboio para ... às ...
O senhor/a senhora tem de
mudar
Tem d...
– het station?
– de metro?
– de bushalte?
– de tramhalte?

Hebt u een dienstregeling?
Moet ik reserveren?
Ik wil mijn rese...
ONDERWEG

3

Kan ik er ook op een
andere manier komen?
Hoeveel kost een enkele
reis/retour naar ...?
Moet ik toeslag betal...
3.12

Kaartjes

Waar kan ik –?
– een kaartje kopen
– een plaats reserveren

Mag ik – naar ...?
– een enkele reis
– een ret...
ONDERWEG

– wijzigen

• alterar
altəraar

Ik wil een zitplaats/
couchette/hut reserveren

3

• Queria reservar um lugar/um...
– weekabonnement
– maandabonnement
Hebt u ook meerdaagse
voordeelkaarten?

• Também tem passes económicos para
vários dias...
ONDERWEG

3

Waar moet ik inchecken?
Tot hoe laat kan ik
inchecken?
Is het nodig om te herbevestigen?
Welk nummer moet ik
...
Bij welk perron stopt de
trein naar/uit ...?

3.15

• Em que plataforma pára o comboio
para/de ...?
eing ke plaataaformaa ...
3

– het station

ONDERWEG

– het vliegveld

Hoeveel kost een rit
naar ...?
Hoever is het naar ...?
Wilt u de meter aanzet...
4
4.1

Logeren en kamperen

4

Algemeen

Quanto tempo quer ficar?
Preencha esta ficha se faz
favor?
Posso ver o seu passap...
LOGEREN EN KAMPEREN

4

Hebt u kamers voor
niet-rokers?
Het is voor ... nachten
Kan ik met creditcard
betalen?
Kan ik pinn...
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Wat hoe portugees
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Wat hoe portugees

1,784 views
1,452 views

Published on

Was für die portugiesische
Что португальский
Co portugalski
Lo que el portugués

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
1,784
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
14
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Wat hoe portugees

  1. 1. PORTUGEES t a a l g i d s PORTUGEES Samengesteld door Van Dale Lexicografie bv Portugees: Jef van Egmond, m.m.v. Lurdes Meyer
  2. 2. Wat & Hoe: wat anders? Wat & Hoe maakt deel uit van Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen www.kosmosuitgevers.nl Ook leverbaar in de serie Wat & Hoe: • Reisgidsen • Wandelgidsen • Fietsgidsen 38e druk, 2007 © Kosmos Uitgevers – Utrecht/Antwerpen Van Dale Lexicografie bv – Utrecht/Antwerpen Coördinatie vertaalwerk: N. van der Sijs – Utrecht Technische coördinatie: Van Dale Lexicografie bv – Utrecht/ Antwerpen Technische realisatie en productie: LINE UP boek en media bv Omslagontwerp: Teo van Gerwen Design Tekeningen: Teo van Gerwen Design / Hans Michielsen ISBN 978 90 215 2811 3 NUR 507
  3. 3. Inhoudsopgave Woord vooraf 6 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 Handig om te weten ... 7 Beknopte grammatica 7 Uitspraak 12 Handige rijtjes 13 Datum, tijd en getallen 20 Persoonlijke gegevens 27 Praktische zaken 28 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 Ontmoetingen 34 Plichtplegingen 34 Iemand aanspreken 37 Zich voorstellen 37 Een gesprek 42 Wat vindt u ervan? 44 Een compliment geven 45 Iemand versieren 46 Afscheid nemen 47 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11 3.12 3.13 3.14 3.15 Onderweg 50 De weg vragen 50 Douane 51 Bagage 53 De auto 54 Het benzinestation 54 Pech en reparaties 55 De (brom)fiets 60 Vervoermiddel huren 61 Liften 64 Algemeen 65 Inlichtingen 68 Kaartjes 71 Vliegtuig 73 Trein 74 Taxi 75
  4. 4. 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 Logeren en kamperen 77 Algemeen 77 Kamperen 79 Hotel/pension/appartement/huisje 83 Klachten 86 Vertrek 87 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.13 5.14 5.15 5.16 5.17 5.18 5.19 In de stad 89 Bezienswaardigheden 89 Bank 92 Afrekenen 93 Post 95 Telecommunicatie 97 Algemeen 103 Levensmiddelen 105 Kleding en schoeisel 106 Foto en video 108 Kapper 111 In het restaurant 114 Bestellen 115 Iets aanbieden 125 De rekening 125 Klagen 126 Uitnodigen 127 Iets afspreken 128 Uitgaan 129 Kaartjes reserveren 132 6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 Naar buiten 134 Het weer 134 Algemeen 136 Aan het water 137 In de sneeuw 139 Wandelen en bergbeklimmen 7 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 Gezondheid 143 De dokter roepen 143 Klachten van de patiënt 143 Het consult 147 Recept en voorschriften 151 De tandarts 152 141
  5. 5. 8 8.1 8.2 8.3 8.4 8.5 In moeilijkheden 154 Om hulp vragen 154 Ongelukken 155 Er is iemand vermist 156 Verlies en diefstal 157 De politie 158 Woordenlijst 161 Nederlands – Portugees 161
  6. 6. Woord vooraf Deze nieuwe editie van de vertrouwde Wat & Hoe Portugees is in samenwerking met Van Dale Lexicografie weer flink verbeterd. De hele tekst is ingrijpend gewijzigd en aangepast aan de moderne toerist. U kunt nu bijvoorbeeld naar een internetcafé vragen, met iemand e-mailadressen uitwisselen of informeren waar u een prepaidkaart kunt kopen. Net als in de vorige druk is er aandacht besteed aan het reizen met kinderen. Verder zijn alle illustraties vernieuwd; om de communicatie met een Portugese arts te vergemakkelijken, zijn er plaatjes van het menselijk lichaam toegevoegd. Deze taalgids biedt u uitkomst in verschillende situaties. Met de gids in de hand zult u er zeker in slagen om duidelijk te maken wat u bedoelt. In veel gevallen echter zal uw gesprekspartner dan reageren met een vraag of opmerking. En wat dan? U verstaat immers geen Portugees? In de gids vindt u per situatie een groot aantal mogelijke antwoorden (met de Nederlandse vertaling), die u aan uw gesprekspartner kunt voorleggen. Bijvoorbeeld: u vraagt om een treinkaartje naar X en de lokettist reageert met een wedervraag. Als u hem het boekje voorhoudt, zal hij aanwijzen wat hij bedoelde, bijvoorbeeld Enkele reis of retour? of Met hoeveel personen reist u? Ook kunt u met deze gids eigen zinnen maken met behulp van de woordenlijst achterin. Naast contacten met de lokale bevolking hebt u te maken met opschriften of korte teksten die u wilt begrijpen. Denk aan een menukaart, verkeersborden of het weerbericht in de krant. In veel hoofdstukjes is daarom een alfabetische lijst van termen opgenomen. Bovendien kunt u, aan de hand van de beknopte grammatica, deze gids ook gebruiken als een eerste hulpmiddel bij het leren van het Portugees. Ten slotte vindt u in en achter op deze Wat & Hoe-gids handige lijstjes met dagelijkse uitdrukkingen die u uit het hoofd kunt leren. Redactie van de Wat & Hoe-taalgidsen 6 Wat & Hoe-taalgidsen zijn er in de volgende talen: Arabisch Fins Indonesisch Portugees Braziliaans Frans Italiaans Roemeens Chinees Fries Japans Russisch Deens Grieks Kroatisch Slowaaks Duits Hebreeuws Noors Spaans Engels Hongaars Pools Thai Tsjechisch Turks Zweeds
  7. 7. 1 1.1 Handig om te weten ... 1 Beknopte grammatica enkelvoud o a um uma mannelijk vrouwelijk mannelijk vrouwelijk meervoud os as uns umas Bepaald Onbepaald bv.: o senhor / os senhores (de meneer / de meneren) a senhora / as senhoras (de mevrouw / de mevrouwen) um homem / uns homens (een man, enige mannen) uma mulher / umas mulheres (een vrouw, enige vrouwen) Samentrekkingen van voorzetsels met lidwoorden o/os a/as um/uns a ao/aos à/às --em no/nos na/nas num/nuns de do/dos da/das dum/duns por pelo/pelos pela/pelas --- HANDIG OM TE WETEN ... 1 Het lidwoord uma/umas --numa/numas duma/dumas --- 2 De vorming van het vrouwelijk -o > -a bv.: -or > -ora bv.: -ês > -esa bv.: o menino / a menina (de jongen / het meisje) o bonito / a bonita (de leuke jongen, het leuke meisje) o professor / a professora (de docent m/v) o senhor / a senhora (de meneer / de mevrouw) holandês / holandesa (Hollander / Hollandse) português / portuguesa (Portugees / Portugese) 7
  8. 8. HANDIG OM TE WETEN ... 1 3 De vorming van het meervoud 1. -a > -as -e > -es -i > -is -o > -os -u > -us bv.: bv.: bv.: bv.: bv.: 2. -ão > -ões bv.: -ão > -ães bv.: -ão > -ãos bv.: casa > casas (huis) verde > verdes (groen) boi > bois (stier) bolo > bolos (taart) pau > paus (stok) avião > aviões (vliegtuig) opinião > opiniões (mening) pão > pães (brood) cão > cães (hond) mão > mãos (hand) cidadão > cidadãos (burger) bv.: rapaz > rapazes (jongen) luz > luzes (licht) 4. -r > -res bv.: doutor > doutores (dokter) cor > cores (kleur) 5. -s > -ses bv.: país > países (land) francês > franceses (Fransman) 6. -al > -ais bv.: canal > canais (kanaal) animal > animais (dier) 7. -el > -éis bv.: hotel > hotéis (hotel) anel > anéis (ring) 8. -il > -eis bv.: fácil > fáceis (gemakkelijk) difícil > difíceis (moeilijk) 9. -ol > -óis 8 3. -z > -zes bv.: lençol > lençóis (laken)
  9. 9. 4 De trappen van vergelijking 1. Vergrotend/verkleinend/vergelijkend ... menos alto do que ... (minder groot dan) met bn. ... tão simpático como ... (even aardig als) met zn. ... tanto dinheiro como ... (evenveel geld als) ... tantos amigos como ... (evenveel vrienden als) ... tanta fome como ... (evenveel honger als) ... tantas qualidades como ... (evenveel goede eigenschappen als) 2. Overtreffend ... o mais bonito / ... a mais bonita (de mooiste m/v) ... os mais bonitos / ... as mais bonitas (idem m mv/v mv) ... o maior / os maiores ... a maior / as maiores (de grootste ...) ... o melhor / os melhores ... a melhor / as melhores (de beste ...) ... o pior / os piores ... a pior / as piores (de slechtste ...) ... o menos alto / ... a menos alta (de minst grote m/v) ... os menos altos / ... as menos altas (idem m mv/v mv) HANDIG OM TE WETEN ... ... mais bonito do que ... (mooier dan) uitz.: maior (groter) melhor (beter) pior (slechter) 1 5 Persoonlijke voornaamwoorden 1. Als onderwerp eu tu você o senhor / a senhora ele / ela nós vós vocês os senhores / as senhoras eles / elas ik jij u (informeel) u (formeel) hij / zij wij u jullie u zij 9
  10. 10. HANDIG OM TE WETEN ... 1 2. Als lijdend voorwerp me te o/a nos os / as mij je hem / haar / u ons hen / u 3. Meewerkend voorwerp De derde persoon is hier lhe / lhes (i.p.v. o/a – os/as) 6 Bezittelijke voornaamwoorden o meu / a minha mijn os meus / as minhas o teu / a tua os teus / as tuas o seu / a sua je uw os seus / as suas dele dela deles / delas o nosso / a nossa zijn haar hun os nossos / as nossas onze o vosso / a vossa jullie os vossos / as vossas uw 10 bv. o meu amigo (vriend) / a minha amiga (vriendin) os meus amigos (vrienden) / as minhas amigas (vriendinnen) bv. o teu irmão (broer) / a tua irmã (zus) os teus irmãos / as tuas irmãs bv. o seu marido (echtgenoot) / a sua mulher (vrouw) os seus filhos (zonen of: kinderen) / as suas filhas (dochters) bv. a casa (huis) dele / o carro (auto) dele bv. a casa dela / o carro dela bv. a casa deles / os carros delas bv. o nosso cão (hond) / a nossa cadela (teef) os nossos gatos (katten) / as nossas gatas (poezen) bv. o vosso pai (vader) / a vossa mãe (moeder) os vossos tios (ooms) / as vossas tias (tantes)
  11. 11. 7 Aanwijzende voornaamwoorden deze / dit die / dat (daar bij jou / u) (de aangesprokene) die / dat (daarginder) bv.: este livro (aqui = hier) é meu (dit boek is van mij) esse livro (aí = daar bij jou/u) é meu (dat boek is van mij) aquele livro (ali = daarginds) é meu (dat boek is van mij) Zelfstandig isto = dit isso = die / dat aquilo = die / dat O que é isto? (Wat is dit?) O que é isso? (Wat is dat?) O que é aquilo? (Wat is dat daar?) 8 Het werkwoord 1. Tijden: 2. Personen: 1e 2e 3e Presente Pretérito Futuro – Tegenwoordige tijd – Verleden tijd – Toekomende tijd enkelvoud eu tu ele ela você o senhor a senhora ik jij hij zij jij/u u (m) u (v) 3. Regelmatige werkwoorden: FALAR (spreken) eu falo tu falas ele fala ela fala você fala o senhor fala meervoud nós (vós) eles elas vocês os senhores as senhoras BEBER (drinken) bebo bebes bebe bebe bebe bebe 1 HANDIG OM TE WETEN ... este / esta esse / essa aquele / aquela wij (gij) zij zij jullie u (m/v) u (v) PARTIR (vertrekken) parto partes parte parte parte parte 11
  12. 12. HANDIG OM TE WETEN ... 1 12 a senhora nós vocês os senhores as senhoras eles elas 1.2 fala falamos falam falam falam falam falam bebe bebemos bebem bebem bebem bebem bebem parte partimos partem partem partem partem partem Uitspraak We hebben een eigen systeem ontwikkeld, dat in alle Wat & Hoe-taalgidsen wordt gebruikt. Het heeft de volgende kenmerken: – Het is ondubbelzinnig. Daarmee bedoelen we dat één letter of combinatie van letters altijd één klank weergeeft. In een woord als kenteken staat de e voor drie verschillende klanken. In het Wat & Hoe-systeem zou dit woord worden weergegeven als kenteekən. – Het sluit zo veel mogelijk aan bij het Nederlands, dus er komen zo min mogelijk accenten en vreemde tekens in voor. – De klemtoon van elk woord is aangegeven door onderstrepingen van de klinker(s). – Zogenaamde lange klinkers (aa, ee enzovoort) worden in de uitspraakweergave altijd geschreven als een dubbele klinker. Zogenaamde korte klinkers worden altijd weergegeven met een enkele klinker, dat wil zeggen: a als in af e als in mes o als in op De gebruikte letters en symbolen: aa tussen u en aa; dit lijkt nog het meeste op een ‘Haagse’ aa ei tussen ei en ee ã genasaleerd; als de a in het Franse jambon ẽ genasaleerd; als de i in het Franse lapin õ genasaleerd; als in o in het Franse jambon oe als in boek ə als de stomme e in de ĝ als in goal l wordt in het Portugees altijd ‘dik’ uitgesproken; vgl. onze ‘Amsterdamse’ l ng moet sterker worden genasaleerd dan in het Nederlands het geval is
  13. 13. R De overige letters klinken ongeveer zoals in het Nederlands. De uitspraak van het Portugees dat in Brazilië gesproken wordt, wijkt nogal af van de uitspraak die men in Portugal gewoon is. Ook binnen Brazilië zijn er verschillen in uitspraak. Niettemin zal men de standaardPortugese uitspraak die in dit boekje vermeld wordt, daar zonder problemen kunnen gebruiken. De belangrijkste verschillen tussen de Braziliaanse en de Portugese uitspraak zijn: -e De e als eindklank van lettergreep of woord krijgt vaak de waarde van een ie; telefone wordt in Brazilië: telefoonie (in Portugal: tələfõnə) -te, -de op het einde van een woord krijgen de waarde van resp. tsjie en dzjie; verdade wordt in Brazilië: verdaadzjie (in Portugal: verdaadə) -r De -r op het eind van een woord wordt vaak niet uitgesproken; amar wordt in Brazilië: aamaa (in Portugal: aamaar) -l De -l op het eind van het woord krijgt vaak de waarde van oe; Brazil wordt in Brazilië: braaziew (in Portugal: brasiel). 1.3 1 HANDIG OM TE WETEN ... sj zj wordt achter in de keel uitgesproken, vergelijkbaar met de zgn. Franse r als in meisje als in horloge. Handige rijtjes Hoe stel je een vraag? Wie? Wie is dat? Wat? Wat is hier te zien? Wat voor soort hotel is dat? Waar? • Quem? keing? • Quem é? keing e • O quê? oe ke? • O que é que se pode visitar aqui? oe kə e kə sə podə viezietaar aakie? • Que tipo de hotel é este? kə tiepoe də ootel e esjtə? • Onde? õndə? 13
  14. 14. HANDIG OM TE WETEN ... 1 Waar is het toilet? Waar gaat u naar toe? Waar komt u vandaan? Hoe? Hoe ver is dat? Hoelang duurt dat? Hoelang duurt de reis? Hoeveel? Hoeveel kost dit? Hoe laat is het? Welk? Welke? (enkelvoud/meervoud) Welk glas is voor mij? Wanneer? Wanneer vertrekt u? Waarom? Kunt u me ...? Kunt u me helpen a.u.b.? Kunt u me dat wijzen? Kunt u met me meegaan a.u.b.? Wilt u ...? 14 • Onde são os lavabos? õndə saung oesj lavaaboesj? • Para onde vai? paara õndə vaai? • De onde é? dõndə e? • Como? koomoe? • A que distância fica? a kə diesjtãnsieja fieka? • Quanto tempo dura (isso)? kwãntoe tẽmpoe doera (iesoe)? • Quanto tempo dura a viagem? kwãntoe tẽmpoe doera a viejaazjeing? • Quanto? kwãntoe? • Quanto custa isto? kwãntoe koesjta iesjtoe? • Que horas são? kə orasj saung • Qual? Quais? kwaal? kwaaisj? • Qual é o meu copo? kwaal e oe meew kopoe? • Quando? kwãndoe • Quando é que parte? kwãndoe e kə partə? • Porquê? poerke? • Poderia ...? poedərieja ...? • Poderia ajudar-me por favor? poedərieja azjoedaarmə poer favoor? • Poderia indicar-mo? poedərieja iendiekaarmoe? • Poderia ir comigo por favor? poedərieja ier koemieĝoe poer favoor? • Poderia ...? poedərieja ...?
  15. 15. Wilt u voor mij kaartjes reserveren a.u.b.? Weet u misschien een ander hotel? Hebt u ...? Hebt u voor mij een ...? Hebt u misschien een gerecht zonder vlees? Ik wil graag ... Ik wil graag een kilo appels Mag ik ...? Mag ik dit meenemen? Mag ik hier roken? Mag ik wat vragen? 1 HANDIG OM TE WETEN ... Weet u ...? • Poderia reservar-me bilhetes, por favor? poedərieja Rəzərvaarmə bieljetəsj poer favoor? • Sabe ...? saabə ...? • Conhece outro hotel? koenjesə ootroe ootel? • Tem ...? teing ...? • Podia dar-me ...? poedieja daarmə? • Tem por acaso um prato sem carne? teing poer akaazoe oeng praatoe seing kaarnə? • Eu queria ... eew kərieja ... • Eu queria um quilo de maçãs eew kərieja oeng kieloe də masaings • Posso ...? posoe ...? • Posso levar isto? posoe ləvaar iesjtoe? • Posso fumar aqui? posoe foemaar akie? • Posso fazer-lhe uma pergunta? posoe fazeer ljə oema pərĝoengta? Hoe geef je antwoord? Ja, natuurlijk Nee, het spijt me Ja, wat kan ik voor u doen? Een ogenblikje a.u.b. Nee, ik heb nu geen tijd Nee, dat is onmogelijk • Sim, claro. Sieng, klaaroe • Não, desculpe naung dəsjkoelpə • Em que posso ser-lhe útil? eing ke posoe seer ljə oetiel? • Um momento se faz favor oeng moemẽntoe sə fasj favoor • Não, agora não tenho tempo. naung, aĝora naung tẽnjoe tẽmpoe • Não, isso é impossível naung, iesoe e Imposievel 15
  16. 16. HANDIG OM TE WETEN ... 1 Ik geloof het wel – denk het ook – hoop het ook Nee, helemaal niet Nee, niemand Nee, niets Dat klopt (niet) Dat ben ik (niet) met u eens Dat is goed Akkoord Misschien Ik weet het niet • Creio que sim kreijoe kə sieng • Eu também penso que sim eew tãmbeing pẽnsoe kə sieng • Também o espero tãmbeing oe sjperoe • Não, de modo nenhum naung, də modoe nənjoeng • Não, ninguém naung, nienĝeing • Não, nada naung, naada • Isso está certo (isso está errado) iesoe sjtaa sertoe (iesoe sjtaa eeRaadoe) • (Não) estou de acordo consigo (naung) sjtoo də akoordoe kõnsieĝoe • Está certo sjtaa sertoe • De acordo də akoordoe • Talvez talveesj • Não sei naung sei Waar? Zie ook 3.1 De weg vragen. hier/daar ergens/nergens overal ver weg/dichtbij naar rechts/links 16 • aqui/ali akie/alie • em algum/nenhum lugar eing alĝoeng/nənjoeng loeĝaar • em todo o lado eing todoe oe laadoe • longe/perto lõnzjə/pertoe • para a direita/esquerda paaraa diereita/iesjkjerda
  17. 17. rechts/links van rechtdoor in op onder tegen tegenover naast bij voor in het midden naar voren (naar) beneden (naar) boven (naar) binnen (naar) buiten achter vooraan achteraan 1 HANDIG OM TE WETEN ... via • à direita/esquerda de aa diereita/iesjkjerda • em frente eing frẽntə • por poer • em eing • sobre soobrə • debaixo de dəbaaisjoe də • contra kõntra • em frente eing frẽntə • ao lado de au laadoe də • perto de pertoe də • à frente aa frẽntə • no meio (de) noe meijoe (də) • para diante paaraa diejãntə • (para) baixo (paaraa) baaisjoe • (para) cima (paaraa) siema • (para) dentro (paaraa) dẽntroe • (para) fora (paaraa) fora • para trás paaraa traasj • à frente aa frẽntə • atrás atraasj 17
  18. 18. HANDIG OM TE WETEN ... 1 18 in het noorden naar het zuiden uit het westen van het oosten ten ... van • no norte noe nortə • para o sul paaraa oe soel • do oeste doewestə • do leste doe lestə • a ... de a ... də Valse vrienden In het Portugees komen woorden voor die op Nederlandse woorden lijken, maar net iets anders betekenen. Deze woorden worden ’valse vrienden’ genoemd. Let dus goed op! Als u om een cigarro vraagt, zal u een sigaret worden aangeboden. Wilt u een sigaar, dan informeer dan naar een charuto. Een verkouden Portugees heeft last van constipação, terwijl hij bij een moeilijke stoelgang zal klagen over een prisão de ventre. Met een compasso tekent u cirkels, voor uw ontdekkingstochten gebruikt u een bússola. Als iemand u wordt voorgesteld als débil, dan betekent dat niet meer dan dat hij/zij er lichamelijk slecht aan toe is, pas als er sprake is van een débil mental kunt u twijfelen aan zijn geestelijke vermogens. Bij een uitnodiging voor een lanche wordt u rond vier uur ’s middags verwacht voor een kopje koffie en thee met een kleine versnapering, zoals een gebakje of een stukje geroosterd brood. Een lunch is een almoço. Bestelt u een limonada dan krijgt u een glas met een zure citroendrank die u zelf van suiker moet voorzien. Wilt u gewoon een glaasje fris, vraag dan om een refresco. In een restaurant vraagt u met conta om de rekening, niet met conto. In het laatste geval zal de ober u verblijden met een verhaaltje. Wanneer u iets koopt ontvangt u een factura, de winkelier zal daarvoor van u een nota (bankbiljet) verwachten. Als een door u aangeschaft kunstwerk raro blijkt te zijn, is zeldzaam. Als er iets vreemds aan de hand was geweest had men het als estranho gekwalificeerd. Als u voor iets veel betaalt, is het betreffende artikel niet noodzakelijkerwijs duro (hard), maar wel caro (duur). Wilt u tanken, neem dan geen benzina, want dat is wasbenzine, maar gasolina. Een normaal, alledaags verschijnsel wordt in het Portugees als vulgar aangeduid. Pas als iets ordinário is, hoeft u zich ervan te distantiëren.
  19. 19. Wat staat er op dat bordje? 1 Zie pagina 28 voor verkeersborden. cruzamente perigoso gevaarlijke kruising cuidado com o cão! pas op voor de hond é favor não incomodar niet storen a.u.b. é gratis! pode levar! gratis mee te nemen entrada ingang escada de incêndio brandtrap escada rolante roltrap espere wachten estrada camarária provinciale weg extintor brandblusser fechado gesloten homens heren (wc) horário de abertura openingstijden hospital ziekenhuis informações inlichtingen liquidação total opheffingsuitverkoop metropolitano metro mudança de sentido verandering van rijrichting HANDIG OM TE WETEN ... à direita naar rechts à esquerda naar links aberto open (van bergpas) aguardar na fila wacht hier in de rij alta tensão hoogspanning aluga-se te huur ... andar ... verdieping atenção ao degrau let op het afstapje atenção não bater com a cabeça! stoot uw hoofd niet atendimento ao balcão bediening aan de bar atendimento no interior binnen te bevragen auto-estrada (com portagem) autosnelweg (met tol) avariado defect bifurcação splitsing caixa kassa completo vol consultório dentário praktijk tandarts consultório médico praktijk huisarts 19
  20. 20. HANDIG OM TE WETEN ... 1 não devolve troco geen teruggave van wisselgeld não é permitida a entrada a animais huisdieren niet toegestaan não mexer niet aanraken ocupado bezet paragem a pedido halte op verzoek passagem/entrada proibida verboden toegang perigo gevaar perigo de incêndio brandgevaar pintado de fresco pas geverfd portagem tol posto de turismo VVV (posto de) primeiros socorros eerste hulp 1.4 proibido deixar lixo verboden afval te laten liggen proibido fazer lume open vuur verboden proibido fumar verboden te roken proibido pisar a relva verboden op het gras te lopen propriedade privada privé-terrein puxe/empurre trekken/duwen reservado gereserveerd saída uitgang saída de emergência nooduitgang saldos opruiming, uitverkoop senhoras dames (wc) sinal de alarme noodrem vende-se te koop Datum, tijd en getallen Vandaag of morgen? Welke dag is het vandaag? Vandaag is het maandag – dinsdag 20 • Que dia é hoje? kə dieja e oozjə? • Hoje é segunda-feira oozje səĝoengda feira • Hoje é terça-feira oozje teersa feira • Hoje é quarta-feira oozje kwarta feira – woensdag
  21. 21. – donderdag – vrijdag – zondag in januari sinds februari in de lente in de zomer in de herfst in de winter (’s winters) 2003 de 21e eeuw De hoeveelste is het vandaag? Vandaag is het de 24e maandag, 3 november 1992 donderdag, 20 februari 2003 ’s morgens ’s middags ’s avonds • em janeiro eing zjaneiroe • desde fevereiro desjdə fəvreiroe • na primavera na priemavera • no verão noe vəraung • no outono noe ootonoe • no inverno noe iengvernoe • dois mil e três doisj miel ie treesj • o século vinte e um oe sekoeloe viengt ie oeng • Que dia é hoje? kə dieja e oozjə • Hoje é dia vinte e quatro oozje dieja viengt ie kwatroe • segunda-feira, 3 de Novembro de 1992 səĝoengda feira, treesj də noevẽmbroe de miel novəsẽntoesjie noevẽnta ie doisj • quinta-feira, 20 de Fevereiro de 2003 kiengta-feira, viengtə də fəvreiroe də doisj miel ie treesj • de manhã də mãnjaang • de tarde də taardə • à noite aa noitə 1 HANDIG OM TE WETEN ... – zaterdag • Hoje é quinta-feira oozje kienta feira • Hoje é sexta-feira oozje seisjta feira • Hoje é sábado oozje saabadoe • Hoje é domingo oozje doemiengĝoe 21
  22. 22. HANDIG OM TE WETEN ... 1 ’s nachts vanmorgen vanmiddag vanavond vannacht (komende nacht) vannacht (afgelopen nacht) deze week volgende maand vorig jaar aanstaande ... over ... dagen/weken/ maanden/jaar ... weken geleden vrije dag • de noite də noitə • hoje de manhã oozjə də mãnjaang • hoje à tarde oozjaa taardə • hoje à noite oozjaa noitə • esta noite esjta noitə • na noite passada na noitə pasaada • esta semana esjta səmaana • no próximo mês noe prosiemoe meesj • no ano passado noe anoe pasaadoe • no próximo ... noe prosiemoe ... • daqui a ... dias/semanas/meses/anos dakie a ... diejasj/səmaanasj/meezəsj/anoesj • há ... semanas aa ... səmaanasj • feriado fəriejaadoe Hoe laat is het? Hoe laat is het? • Que horas são? kə orasj saung Het is 9.00 uur • São nove horas saung novə orasj • São dez e cinco saung dezie sienkoe • São onze e um quarto saung õnzə ie oeng kwartoe • É meio-dia e vinte e meijoe dieja ie viengt – 10.05 – 11.15 – 12.20 22
  23. 23. – 13.30 – 14.35 – 16.50 – 12.00 ’s middags – 12.00 ’s nachts een half uur Om hoe laat? Hoe laat kan ik langskomen? Om ... Na ... Voor ... Tussen ... en ... Van ... tot ... Over ... minuten – ... uur – een kwartier – drie kwartier te vroeg/laat • uma meia hora oema meija oora • A que horas? a kə orasj • A que horas é que posso ir/vir? a kə orasj e kə posoe ier/vier • Às ... aasj .. • Depois das ... dəpoisj dasj ... • Antes das ... ãntəsj dasj ... • Entre as ... e as ... ẽntrasj ... ie asj ... • Das ... às ... dasj ... aasj ... 1 HANDIG OM TE WETEN ... – 15.45 • É uma e meia e oema ie meija • São três menos vinte e cinco saung treesj meenoesj viengtie sienkoe • São quatro menos um quarto saung kwatroe meenoesj oeng kwartoe • São cinco menos dez saung sienkoe meenoesj desj • É meio-dia e meijoe dieja • É meia-noite e meija noitə • Daqui a ... minutos dakie a ... mienoetoesj • Daqui a ... horas dakie a ... orasj • Daqui a um quarto de hora dakie a oeng kwartoe dora • Daqui a três quartos de hora dakie a treesj kwartoesj dora • muito cedo/tarde moeingtoe seedoe/taardə 23
  24. 24. HANDIG OM TE WETEN ... 1 24 op tijd zomertijd wintertijd • a horas a orasj • horário de Verão ooraariejoe də vəraung • horário de Inverno oraariejoe də iengvernoe Een, twee, drie ... 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 30 31 32 40 50 60 70 80 90 zero (m/v) um/uma (m/v) dois/duas três quatro cinco seis sete oito nove dez onze doze treze catorze quinze dezasseis dezassete dezoito dezanove vinte vinte e um vinte e dois trinta trinta e um trinta e dois quarenta cinquenta sessenta setenta oitenta noventa zeroe oeng/oema doisj/doewasj treesj kwatroe sienkoe seisj setə oitoe novə desj õnzə dozə treezə kaatorzə kiengzə dəzaseisj dəzasetə dəzoitoe dəzanovə viengt viengtie-oeng viengtie-doisj trienta trienta ie oeng trienta ie doisj kwarẽnta sienkwẽnta səsẽnta sətẽnta oitẽnta noevẽnta
  25. 25. cem cento e um cento e dez cento e vinte duzentos trezentos quatrocentos quinhentos seiscentos setecentos oitocentos novecentos mil mil e cem dois/duas mil dez mil cem mil milhão primeiro segundo terceiro quarto quinto sexto sétimo oitavo nono décimo décimo primeiro décimo segundo décimo terceiro décimo quarto décimo quinto décimo sexto décimo sétimo décimo oitavo décimo nono vigésimo vigésimo primeiro vigésimo segundo seing sẽntoe ie oeng sẽntoe ie desj sẽntoe ie viengt doezẽntoesj trəzẽntoesj kwatroesẽntoesj kiẽnjẽntoesj seisjẽntoesj setəsẽntoesj ojtoesẽntoesj novəsẽntoesj miel mielieseing doisj/doe-aasj miel desj miel seing miel mieljaung priemeiroe səĝoengdoe tərseiroe kwartoe kientoe seisjtoe setiemoe oitaavoe nonoe deesiemoe deesiemoe priemeiroe deesiemoe səĝoengdoe deesiemoe tərseiroe deesiemoe kwartoe deesiemoe kientoe deesiemoe seisjtoe deesiemoe setiemoe deesiemoe oitaavoe deesiemoe nonoe viezjeeziemoe viezjeeziemoe priemeiroe viezjeeziemoe səĝoengdoe 1 HANDIG OM TE WETEN ... 100 101 110 120 200 300 400 500 600 700 800 900 1000 1100 2000 (m/v) 10.000 100.000 miljoen 1e 2e 3e 4e 5e 6e 7e 8e 9e 10e 11e 12e 13e 14e 15e 16e 17e 18e 19e 20e 21e 22e 25
  26. 26. HANDIG OM TE WETEN ... 1 30e 100e 1000e trigésimo centésimo milésimo eenmaal tweemaal het dubbele het driedubbele de helft een kwart een derde een paar, een aantal, enkele 2+4=6 4–2=2 2x4=8 4:2=2 even/oneven (in) totaal We zijn met z’n tweeën – drieën – vieren 26 trieĝeeziemoe sẽnteeziemoe mieleeziemoe • uma vez oema veesj • duas vezes doewasj veezəsj • o dobro oe doobroe • o triplo oe trieploe • a metade a mətaadə • um quarto oeng kwartoe • um terço oeng teersoe • uns/umas, alguns/algumas oengsj/oemasj, alĝoengsj/alĝoemasj • dois mais quatro são seis doisj maisj kwatroe saung seisj • quatro menos dois são dois kwatroe meenoesj doisj saung doisj • dois vezes quatro são oito doisj veezəsj kwatroe saung oitoe • quatro a dividir por dois são dois kwatroe a dieviedier poer doisj saung doisj • par/impar paar/iempaar • (no) total (noe) toetal • nós somos dois noosj soomoesj doisj • nós somos três noosj soomoesj treesj • festejar festəzjaar
  27. 27. 1.5 Persoonlijke gegevens achternaam voornaam voorletters adres (straat/nummer) postcode/woonplaats geslacht (m/v) nationaliteit geboortedatum geboorteplaats beroep gehuwd/ongehuwd/ samenwonend/ gescheiden weduwe/weduwnaar (aantal) kinderen nummer identiteitsbewijs (paspoort/ rijbewijs) • apelido apəliedoe • nome noomə • iniciais ieniesjaisj • morada (rua/número) moeraada (Roewa/noeməroe) • código postal/local de residência kodiĝoe poesjtal/loekaal də Rezidẽnsiejaa • sexo (masc./fem.) seksoe • nacionalidade nasjoenaliedaadə • data de nascimento daata də nasjiemẽntoe • local de nascimento loekaal də nasjiemẽntoe • profissão proefiesaung • casado/solteiro/vivendo junto/ divorciado kazaadoe/solteiroe/vievẽndoe zjoengtoe/ divoersiejaadoe • viúva/viúvo viejoeva/viejoevoe • (número de) filhos noeməroe də fieljoesj • número bilhete de identidade (passaporte/carta de condução) noeməroe bieljetə də iedẽntiedaadə (pasaportə/karta də kõndoesaung 1 HANDIG OM TE WETEN ... Portugese achternamen bestaan gewoonlijk uit twee delen, die elk uit meerdere namen kunnen bestaan. Het eerste gedeelte wordt ontleend aan de naam van de moeder, het tweede gedeelte aan die van de vader. Bij gehuwde vrouwen kan de naam nog worden gevolgd door die van de echtgenoot. 27
  28. 28. HANDIG OM TE WETEN ... 1 plaats en datum van afgifte (mobiele) telefoonnummer e-mailadres homepage 1.6 • local e data de emissão loekaal ie daata diemiesaung • número de telemóvel noeməroe də telemoovəl • endereço electrónico ẽndəressoe elekrooniekoe • página na net paazjienaa naa net Praktische zaken Verkeersregels Auto’s Afwijkende verkeersregels: –maximumsnelheid op auto-estradas (autosnelwegen) 120 km: personenauto’s – motoren 80 km: autobussen – vrachtwagens 60 km: auto’s met caravan op estradas nacionais (autowegen) 90 km: personenauto’s – motor 80 km: autobussen 60 km: auto’s met caravan – vrachtwagens. –voorrang: alle verkeer van rechts heeft voorrang, ook het langzame, behalve op voorrangswegen en rotondes. –motor: het dragen van een helm is verplicht. –bergwegen: verplicht claxonneren bij onoverzichtelijke bochten. –autogordels: verplicht buiten de bebouwde kom. Verkeersborden 28 àrea de estacionamento parkeerplaats (langs de autoweg) auto-estrada snelweg berma baixa zachte berm caminho sem saída doodlopende weg centro centrum ciclistas fietsers colocar-se na pista correspondente voorsorteren conserve-se à direita rechts houden
  29. 29. final de limite de velocidade einde snelheidsbeperking hospital ziekenhuis obras werk in uitvoering o que vem no sentido contrário tegenliggers outras direcções andere richtingen paragem proíbida wachtverbod parque de estacionamneto subterrâneo ondergrondse parkeergarage passagem de nível overweg passagem de pedestres oversteekplaats voetgangers peões voetgangers perigo gevaar pista escorregadia slipgevaar pista irregular slecht wegdek proíbida entrada inrijden verboden proibido estacionar verboden te parkeren proibido ultrapassar verboden in te halen proibido virar à direita verboden rechtsaf te slaan proibido virar à esquerda verboden linksaf te slaan projeção de cascalho steenslag 1 HANDIG OM TE WETEN ... conserve-se à esquerda links houden cruzamente perigoso gevaarlijke kruising cruzamento kruising curvas acentuadas gevaarlijke bochten dar prioridade voorrang verlenen declive helling declive acentuado gevaarlijke helling, sterke daling desligue os faróis ontsteek uw lichten desprendimentos/ desmoronamento vallend gesteente desvio wegomlegging devagar langzaam diminuir a velocidade snelheid verminderen dimuição develocidade verminder snelheid estrada com pista dupla tweebaansweg met gescheiden rijbanen estrada com prioridade/dê a preferência voorrangsweg estrada fechada weg afgesloten estreitamento de pista wegversmalling faixa exclusiva para ônibus rijbaan voor bus fechado ao trânsito automóvel afgesloten voor alle rijverkeer 29
  30. 30. HANDIG OM TE WETEN ... 1 saída uitrit (afrit), uitgang saída de fábrica fabrieksuitgang saída de veículos uitrit vrijlaten sentido obrigatório verplichte rijrichting sentido único eenrichtingsverkeer siga por outra faixa gebruik andere rijbaan todas as direcções doorgaand verkeer todos os sentidos alle richtingen velocidade máxima permitida maximum snelheid vidrado/geada avelão ijzel zona de estacionamento com cartão de estacionamento parkeerzone (parkeerschijf verplicht) Fietsers In Portugal wordt er over het algemeen weinig rekening gehouden met fietsers op de weg; er zijn dan ook vrijwel geen fietspaden. Voor een bromfiets geldt dat de maximumsnelheid 60 km/uur is. Binnen en buiten de bebouwde kom is het dragen van een helm verplicht. Twee fietsers dienen altijd achter elkaar te rijden. Benzine In Portugal zijn de in Nederland gangbare typen benzine en LPG overal te koop. Trein en taxi 30 Het spoorwegnet is in Portugal niet zo uitgebreid als bij ons, maar daar staat tegenover dat de trein over het algemeen goedkoper is (althans per kilometer) dan wij gewend zijn. De Portugese Spoorwegen (CP) zijn verantwoordelijk voor het nationale treinverkeer. Tussen de grote steden rijdt een luxe intercitytrein. Deze rijdt ook ’s nachts. Kaartjes zijn verkrijgbaar aan het loket. Taxi’s zijn er in Portugal in overvloed en ze zijn goedkoper dan bij ons. Als de taxi vrij is, brandt op het dak een groen licht en een bordje livre. De gebruikelijke manier om een taxi te nemen is op straat wachten tot er een langskomt en uw hand opsteken. De meeste taxi’s hebben een meter en de ritprijs is afhankelijk van afstand en tijdsduur, maar u kunt ook
  31. 31. vooraf een vast bedrag afspreken. Toeslagen voor bagage, nachtritten en voor ritten naar het vliegveld zijn gebruikelijk. Hotelaccommodatie: Hotels zijn er in vijf categorieën, aangeduid met sterren. Het Pensão (P) is een eenvoudig pension. Hierin worden vier categorieën onderscheiden, waarvan de laagste (één ster) maar weinig comfort biedt. De luxere vorm wordt Residência (R) genoemd. De Estalagens bevinden zich vaak bij de invalswegen van de steden. Ook zij worden onderscheiden in vijf klassen (1-5 sterren). De Motels (3 of 4 sterren) bevinden zich, net als bij ons, in de onmiddellijke omgeving van de autowegen en de stranden. Pousadas worden aangeduid met de afkortingen CH, C en B. Dit zijn luxueuze hotels die vaak zijn gevestigd in historische gebouwen (kastelen, paleizen, etc.). De gewoonlijk schitterende ligging en de uitstekende service worden echter wel weerspiegeld in de verblijfskosten. Aldeamentos zijn te vergelijken met vakantiedorpen en zijn vooral gevestigd langs de kust (Algarve). Jeugdherbergen zijn overal in het land verspreid te vinden. Zij zijn bedoeld voor mensen in de leeftijd van 12-45 jaar. Campings zijn er in Portugal in overvloed, vaak prachtig gelegen in een bosrijke omgeving of op een steenworp afstand van het strand. HANDIG OM TE WETEN ... Overnachten 1 Uitgaan en eten In Portugal houdt men meestal drie maaltijden aan: 1 pequeno-almoço (ontbijt) tussen 8.00 en 10.00 uur. Hierbij wordt meestal niet meer dan een kopje koffie met melk gedronken, met een torrada (sneetje geroosterd brood), een caracol (soort koffiebroodje), een croissant of een pãozinho de leite (klein melkbroodje). 2 almoço (lunch) tussen 12.00 en 15.00 uur. Dit is een warme maaltijd en bestaat uit soep, hoofd- en nagerecht. Veel restaurants hebben een zogenaamde prato do dia (menu van de dag), vaak met de keus uit een vlees- en visgerecht. Het voordeel van deze schotel is dat ze reeds is bereid en dus vrijwel direct kan worden geserveerd. 3 jantar (avondeten) tussen 19.00 en 21.30 uur. Er is weinig verschil tussen de samenstelling van de lunch en van het avondeten. In de toeristische centra hebben veel restaurants een menu turístico, waarbij u zelf een 31
  32. 32. HANDIG OM TE WETEN ... 1 combinatie kunt maken uit een lijst van voor-, hoofd- en nagerechten voor een vaste prijs. In de Portugese theaters wordt u meestal naar uw stoel begeleid door een ouvreuse. Een fooi is in dat geval gebruikelijk. Buitenlandstalige films worden, net als bij ons, ondertiteld. Banken, postkantoren en winkels Banken zijn in de regel voor het publiek geopend van 8.30-15.00 uur. Op zaterdag zijn, behalve in sommige toeristische centra, de banken gesloten. Openingstijden postkantoren: 9.00-18.00 uur. In grotere steden op zaterdag tot 12.30. In de grote steden zijn de postkantoren de hele dag open. Selos (postzegels) zijn ook verkrijgbaar in de tabacaria (tabakswinkel). Aan de kust zijn er in het hoogseizoen vaak hulppostkantoren op het strand. De rode marco postal (brievenbus) op straat is bestemd voor alle post. Vanuit alle telefooncellen kunt u rechtstreeks naar Nederland of België bellen (00 – landennummer 31 (N) of 32 (B) – kengetal zonder nul – abonneenummer) met euromunten. Op veel plekken treft u ook kaarttelefooncellen aan. U kunt ook bellen via een estação telefónica (telefoonkantoor), waar u eerst belt en daarna afrekent. Een gesprek paga no destinatário (op kosten van de ontvanger) moet via de telefoniste. Bij het opnemen van de telefoon noemt men in Portugal niet zijn naam, maar meldt men zich met sim? (ja?) of está? (wie is daar?). Openingstijden winkels: maandag t/m vrijdag 9.00-13.00 uur en 15.0019.00 uur, zaterdag meestal na 13.00 uur gesloten. Winkels in de z.g. Centros Comerciais zijn vaak ook ’s avonds open (soms tot 24.00 uur!) en op zondag. Feestdagen De belangrijkste nationale feestdagen in Portugal zijn de volgende: 32 1 jan. mrt./april 25 april 1 mei Ano Novo (nieuwjaar) Semana Santa en Páscoa (Goede Week en Pasen) Viering van de Portugese ‘Anjerrevolutie’ Dia de Trabalhador (dag van de arbeid)
  33. 33. 10 juni Verder is er nog een aantal regionale feestdagen. De belangrijkste hiervan zijn: 13 juni 24 juni Lissabon: Santo António (St. Antonius) Porto, Braga: São João (St. Jan) 1 HANDIG OM TE WETEN ... Dia de Portugal (herdenking van de dood van Luís de Camões, de nationale dichter van Portugal) 15 aug. Ascensão de Nossa Senhora (Maria-Hemelvaart) 1 nov. Dia de Todos-os-Santos (Allerheiligen) 25 dec. Dia de Natal (eerste kerstdag) Tweede paasdag en tweede kerstdag zijn geen feestdagen. 33
  34. 34. 2 2 2.1 Ontmoetingen Plichtplegingen ONTMOETINGEN Begroeten Dag meneer Oliveira Dag mevrouw Alvarinho Hallo, Peter Hoi, Heleen Goedemorgen mevrouw Goedemiddag meneer Goedenavond Hoe gaat het ermee? Goed, en met u? Uitstekend Niet zo goed Gaat wel Ik ga maar eens Ik moet er vandoor. Er wordt op mij gewacht. Dag! We bellen/mailen/ sms’en! 34 • Olá senhor Oliveira olaa sənjoor oolieveiraa • Olá dona Alvarinho! olaa dona alvarienjoe • Olá Peter olaa peetər • Viva, Heleen vieva heeleen • Bom dia minha senhora bõm dieja mienja sənjoora • Boa tarde senhor boowa taardə sənjoor • Boa noite boowa noitə • Como está? koomoe sjtaa? • Bem e o/a senhor/senhora? being ie oe/aa sənjoor/sənjooraa? • Óptimo otiemoe • Mais ou menos maisj o meenoesj • Vai-se andando vaai-sə andãndoe • Vou andando voo ãndãndoe • Tenho de ir. Estão à minha espera tẽnjoe də ier. sjtaung aa mienja sjpera • Adeus! adeejoesj! • Vamos telefonar/enviar email/sms Vaamoesj telefoenaar/ẽnviejaar iemeel/esemmə-es
  35. 35. Tot ziens – gauw – straks Welterusten Goedenacht Het beste Veel plezier Veel geluk Prettige vakantie Goede reis Bedankt, insgelijks De groeten aan ... • Durma bem doerma being • Boa noite boowa noitə • Que tudo lhe corra bem kə toedoe ljə koRa being • Divirta-se Dievierta sə • Muita sorte moeingta sortə • Boas férias boowasj feriejasj • Boa viagem boowa viejaazjeing • Obrigado, igualmente oobrieĝaadoe, ieĝwalmẽntə • Dê cumprimentos a ... dee kõmpriemẽntoesj a ... 2 ONTMOETINGEN – zo • Até logo! ate loĝoe! • Até breve! ate brevə! • Até logo! ate loĝoe! • Até já ate zjaa Dank u wel Bedankt/dank u wel Geen dank/graag gedaan Heel hartelijk dank Erg vriendelijk van u ’t Was me een waar genoegen • Obrigado/muito obrigado oobrieĝaadoe/moeingtoe oobrieĝaadoe • De nada/foi um prazer də naada/foi oeng prazeer • Muitíssimo obrigado moeingtiesiemoe oobrieĝaadoe • Muito amável da sua parte moeingtoe amaavel da soewa partə • Foi um verdadeiro prazer foi oeng vərdaadeiroe prazeer 35
  36. 36. ONTMOETINGEN 2 Dank u voor de moeite Dat had u niet moeten doen Dat zit wel goed hoor • Agradeço-lhe o incómodo aĝradesoe ljə oe ienkomoedoe • Não precisava de se incomodar naung prəsiesaava də sə ienkoemoedaar • Não se incomode naung sə ienkoemodə Pardon Pardon Sorry! Sorry, ik wist niet dat ... Neemt u me niet kwalijk Het spijt me Ik deed het niet expres, het ging per ongeluk Dat geeft niet, hoor Laat maar zitten Dat kan iedereen overkomen • Perdão pərdaung • Desculpe! dəsjkoelpə! • Desculpe, eu não sabia que ... dəskoelpə, eew naung sabieja kə ... • Desculpe-me dəskoelpə mə • Lamento lamẽntoe • Não fiz de propósito, foi sem querer naung fiesj də proepozietoe, foi seing kəreer • Não faz mal naung fasj mal • Deixe lá deisjə laa • Pode acontecer com toda a gente podə akõntəseer kõn toda a zjẽntə Feliciteren en condoleren Gefeliciteerd met uw verjaardag/naamdag Gecondoleerd Ik vind het heel erg voor u 36 • Parabéns pelos seus anos paaraabeings peloesj seews anoesj • Os meus pêsames oesj meewsj peezaaməsj • Sinto muito siengtoe moeingtoe
  37. 37. 2.2 Iemand aanspreken Mag ik u wat vragen? Sorry, ik heb nu geen tijd Hebt u een vuurtje? Mag ik bij u komen zitten? Wilt u een foto van mij/ons maken? Dit knopje indrukken. Laat me met rust Hoepel op Als u niet weg gaat, ga ik gillen 2.3 Zich voorstellen Mag ik me even voorstellen? Ik heet ... Ik ben ... Hoe heet u? 2 ONTMOETINGEN Neemt u me niet kwalijk Pardon, kunt u me helpen? Ja, wat is er aan de hand? Wat kan ik voor u doen? • Posso fazer-lhe uma pergunta? posoe fazeer ljə oema pərĝoengta? • Desculpe-me dəskoelpə mə • Desculpe, podia ajudar-me? dəsjkoelpə, poedieja azjoedaar mə? • Sim, o que é? sieng, oe kə e? • O que deseja? oe kə dəzeizja? • Desculpe, agora não tenho tempo dəsjkoelpə, aĝora naung tẽnjoe tẽmpoe • Tem lume? teing loemə? • Posso sentar-me ao seu lado? posoe sẽntaar mə au seew laadoe? • Podia tirar-me/tirar-nos uma fotografia? Carregue neste botão. poedieja tieraar-mə/tieraar-noesj oema fotoĝrafieja? kaReĝə nesjtə boetaung • Deixe-me em paz deisjə mə eing paasj • Vá-se embora vaa sə ẽmbora • Se não se for embora, começo a gritar sə naung sə foor ẽmbora, koemesoe a ĝrietaar • Posso apresentar-me? posoe aprəzẽntaar-mə? • Chamo-me ... sjaamoe mə ... • Sou ... soo ... • Como se chama? koomoe sə sjaama? 37
  38. 38. ONTMOETINGEN 2 Mag ik u even voorstellen? • Apresento-lhe ... aprəzẽntoe-ljə ... Dit is mijn vrouw/ dochter/moeder/ vriendin – man/zoon/vader/ vriend • A minha mulher/filha/mãe/amiga a mienja moeljer/fielja/amieĝa Hallo, leuk u te ontmoeten Aangenaam (kennis te maken) Waar komt u vandaan? • Muito prazer em conhecê-lo moeingtoe prazeer eing koenjəse-loe • Muito prazer (em conhecê-lo) moeingtoe prazeer (eing koenjəse-loe) • De onde é? dõndə e? • Sou holandês/belga/flamengo soo olãndeesj/belĝa/flamẽnĝoe • Em que cidade mora? eing kə siedaadə mora • Em ... É perto de ... eing ... e pertoe də ... • Como veio? koomoe veijoe? • Já está cá há muito tempo? zjaa sjtaa kaa aa moeingtoe tẽmpoe? • Há uns dias aa oengs diejasj • Quanto tempo fica cá? kwãntoe tẽmpoe fieka kaa? • Partimos (provavelmente) amanhã/ daqui a duas semanas partiemoesj (proevavelmẽntə amãnjã/dakie a doewasj səmaanasj • Onde está hospedado? õndə sjtaa osjpədaadoe? • Num hotel/apartamento noeng otel/apartamẽntoe • Num parque de campismo noeng parkə də kãmpiesjmoe • Em casa de uns amigos/familiares eing kaazaa də oengs amieĝoesj Ik kom uit Nederland/ België/Vlaanderen In welke stad woont u? In ... Dat is dicht bij ... Hoe bent u hier gekomen? Bent u hier al lang? Een paar dagen Hoelang blijft u hier? We vertrekken (waarschijnlijk) morgen/ over twee weken Waar logeert u? In een hotel/ appartement Op een camping 38 In huis bij vrienden/ familie • O meu marido/filho/pai/amigo oe meew mariedoe/fieljoe/amieĝoe
  39. 39. Ik ben een vriend van ... Bent u hier alleen/met uw gezin? Ik ben alleen – met mijn gezin – met familie – met een vriend/een vriendin/vrienden Bent u getrouwd? Heb je een vaste vriend(in)? Dat gaat u niets aan Ik ben getrouwd – vrijgezel – gescheiden (van tafel en bed) – gescheiden (officieel) • Estou sozinho sjtoo sozienjoe • Estou com a minha amiga/o meu amigo/a minha mulher/o meu marido sjtoo kõm a mienja amieĝa/oe meew amieĝoe/a mienja moeljer/oe meew mariedoe • Estou com a minha família sjtoo kõm a mienja famielja • Estou com familiares sjtoo kõm famieljaarəsj • Estou com um amigo/uma amiga/ amigos sjtoo kõm oeng anieĝoe/oema amieĝa/ amieĝoesj 2 ONTMOETINGEN – met mijn partner/ vrouw/man • sou amigo de... soo amieĝoe də... • Está cá sozinho/com a família? sjtaa kaa sozienjoe/kõm a famielja? • É casado/casada? e kazaadoe/kazaada? • Tens namorado/namorada? teingsj namoeraadoe/namoeraada? • Não tem nada com isso naung teing naada kõm iesoe • Sou casado/casada soo kazaadoe/kazaada • Sou solteiro/solteira soo soelteiroe/soelteira • Estou separado/separada (de pessoas e bens) sjtoo səparaadoe/səparaada (də pəsoowasj ie beings) • Estou divorciado/divorciada (oficialmente) sjtoo dievoersiejaadoe/dievoersiejaada (ofiesiejalmẽntə) 39
  40. 40. ONTMOETINGEN – weduwe/weduwnaar • Sou viúva/viúvo soo viejoeva/viejoevoe Ik woon alleen/samen 2 • Vivo sozinho/com um companheiro vievoe sozienjoe/kõm oeng kõmpanjeiroe • Tem filhos/netos? teing fieljoesj/netoesj? • Para quando espera o bébé? paaraa kwãndoe əsperaa oe beebee • quantos filhos tem? kwãntoesj fieljoesj teing? • Que criança engraçada! ke kriejãnsaa ẽnĝraasaadaa! • É um menino ou uma menina? e oeng menieno o oema menienaa? • parece-se com o seu marido/a sua mulher paaresse-sə cõng oe seew mariedoe/aa soewaa moeljer • Como se chama o seu filho/a sua filha? komoe sə sjaamaa oe seew fieljoe/aa soewaa fielja? Hebt u kinderen/ kleinkinderen? Wanneer verwacht u de baby? Hoeveel kinderen hebt u? Wat een leuk kind! Is het een jongen of een meisje? Zij/hij lijkt op u/uw man/vrouw Hoe heet uw zoon/ dochter? Hoe oud bent u? – is zij/hij? Ik ben ... jaar oud Zij/hij is ... jaar oud Wat voor werk doet u? Ik werk op een kantoor Ik studeer/zit op school 40 • Que idade tem? kə iedaadə teing? • Que idade tem ela/ele? kə iedaadə teing ela/elə? • Tenho ... anos tẽnjoe ... anoesj • Ela/ele tem ... anos ẽla/elə teing ... anoesj • O que é que faz? oe ke kə faasj? • Trabalho num escritório trabaljoe noeng sjkrietoriejoe • Estudo/ando na escola sjtoedoe/ãndoe na sjkola
  41. 41. • estou aqui a passar férias/a trabalhar/a estudar sjtoo akie aa pasaar feriejaas/aa trabaljaar/aa sjtudaar Ik ben werkloos • Estou desempregado sjtoo dəzẽmprəĝaadoe • Estou reformado sjtoo Rəfoermaadoe • Estou reformado por invalidez sjtoo Rəfoermaadoe poer kauza də ienvaliedeesj • Sou dona de casa/trato da casa soo dona də kaazaa/tratoe daa kaazaa – gepensioneerd – afgekeurd, ik zit in de WAO – huisvrouw/huisman Vindt u uw werk leuk? Soms wel, soms niet Wat voor geloof hebt u? Ik ben boeddhist – katholiek – protestant – hindoe – joods – moslim Ik ben ... maar niet praktiserend Leuk u te hebben ontmoet/met u te hebben gesproken • Gosta do seu trabalho? ĝosjta doe seew trabaljoe? • As vezes sim, às vezes não aasj veezəsj sieng, aasj veezəsj naung • qual é a sua religião? kwaal e a soewaa rəlizjaung? 2 ONTMOETINGEN Ik ben hier op vakantie/ om te werken/ studeren • sou budista soo boediesjtaa • católico katooliekoe • protestante protəsjtãntə • hindu iendoe • judeu zjoedeew • islamita iesjlaamietaa • Eu sou ... mas não pratico eew soo ... maasj naung pratiekoe • Foi um prazer tê-lo encontrado/ter falado consigo foi oeng prazeer teloe ẽnkõntraadoe/ter falaadoe cõnsieĝoe 41
  42. 42. 2 Hoop u snel weer te zien/te schrijven ONTMOETINGEN Ik bel/mail/sms u 2.4 Een gesprek Ik spreek geen/een beetje ... • Não falo/falo um pouco ... naung faaloe/faaloe oeng pookoe Ik ben Nederlander/ Nederlandse – Belg/Belgische • Sou holandês/holandesa soo olãndeesj/olãndeeza • Sou belga/belga soo belĝa/belĝa • Sou flamengo/flamenga soo flamẽnĝoe/flamẽnĝa – Vlaming/Vlaamse Spreekt u Engels/Frans/ Duits? Is er iemand die ... spreekt? Wat zegt u? Ik begrijp het (niet) Begrijpt u mij? Wilt u dat a.u.b. herhalen? Kunt u wat langzamer praten? Wat betekent dat/dat woord? Is dat (ongeveer) hetzelfde als ...? Kunt u dat voor me opschrijven? 42 • espero voltar a vê-lo/la/escrever-lhe em breve sjperoe voltaar a veeloe/sjkreveer-lje eing brevə • Eu telefono, envio email/sms eew telefonoe, ẽnviejoe iemeel/es-emmə-es • Fala inglês/francês/alemão? faala ienĝleesj/frãnseesj/aləmaung? • Há alguém que fale ...? a alĝeing kə faalə ...? • O que é que diz? oe ke kə diesj? • (Não) compreendo (naung) kõnpriejẽndoe • Compreende-me? kõnpriejẽndə mə? • Podia repetir se faz favor? poedieja rəpətier sə fasj favoor? • Podia falar mais devagar? poedieja falaar maisj dəvaĝaar? • O que significa aquilo/aquela palavra? oe kə sieĝniefieka akieloe/akela palaavra? • É (quase) a mesma coisa que ...? e (kwaazə) ə mesjma koiza kə ...? • Podia escrever? poedieja sjkrəveer?
  43. 43. Hobby’s Hebt u hobby’s? Ik hou van breien/lezen/ fotograferen/uitgaan/ stappen Ik ben gek op ... Ik hou van muziek – gitaar/piano spelen Ik ga graag naar de film/het theater/een concert Ik reis/sport/vis/wandel graag • Tem algum passatempo? teing algoeng pasaatẽmpoe? • Gosto de fazer tricot/ler/fotografar/sair/ passear ĝosjtoe də fazeer triekoo/leer/foetoeĝrafaar/ sa-ier/passejar • Adoro ... adooroe ... 2 ONTMOETINGEN Kunt u dat voor me • Podia soletrar? spellen? poedieja soelətraar? (zie pagina 99 voor het telefoonalfabet) Kunt u dat in deze taal- • Podia indicar aqui no guia? gids aanwijzen? poedieja iendiekaar noe ĝieja? Een ogenblik, ik moet • Um momento, tenho de procurar het even opzoeken oeng moemẽntoe, tẽnjoe də prokoeraar Ik kan het woord/de zin • Não encontro a palavra/a frase niet vinden naung ẽnkõntroe a palaavra/a fraazə Hoe zeg je dat in het ...? • Como é que se diz em ...? koomoe e kə sə diesj eing ...? Hoe spreek je dat uit? • Como é que se pronuncia? koomoe e kə sə proenoengsieja? • Gosto de música gosjtoe də moeziekaa • ... de tocar guitarra/piano ... də toekaar ĝietaRa/piejaanoe • Gosto de ir ao cinema/ao teatro, a concertos ĝosjtoe də ier au sieneema/au tejaatroe/aa kõnsertoesj • Gosto de viajar/fazer desporto/pescar/ passear ĝosjtoe də vjazjaar/fazeer dəsjportoe/ pəsjkaar/pasiejaar 43
  44. 44. 2 2.5 Wat vindt u ervan? Wat hebt u liever? ONTMOETINGEN Wat vind je ervan? Houd je niet van dansen? Het maakt mij niets uit Goed zo! Niet slecht! Uit de kunst! Heerlijk! Wat is het hier gezellig! Wat leuk/mooi! Wat fijn voor u! Ik ben (niet) erg tevreden over ... Ik ben blij dat ... Ik amuseer me prima Ik verheug me erop Ik hoop dat het lukt Wat waardeloos! – afschuwelijk! 44 – jammer! • O que prefere? oe kə prəferə? • Que lhe parece? kə ljə paresə • Não gosta de dançar? naung ĝosjta də dãnsaar? • É-me indiferente e mə iendifərẽntə • Muito bem! moeingtoe being! • Não está mal! naung sjtaa mal! • Optimo! otiemoe! • Que delícia! kə dəliesieja! • Que bem que se está aqui! kə being kə sə sjtaa akie! • Que giro/bonito! kə zjieroe/boenietoe! • Que bom para si! kə bõm paara sie! • (Não) estou muito contente com ... (naung) sjtoo moeingtoe kõntẽntə kõn ... • Alegra-me que ... aleĝra mə kə ... • Divirto-me muito dieviertoe mə moeingtoe • Regozijo-me com Rəĝoeziezjoe mə kõm • Espero que dê resultado sjperoe kə dee Rəsoeltaadoe • Que porcaria! kə poerkarieja! • Que horrível! kə ooRievel! • Que pena! kə peena!
  45. 45. • Que sujo! kə soezjoe! Wat een onzin/ flauwekul! Ik hou niet van ... • Que disparate! kə diesjparaatə! • Não gosto de ... naung ĝosjtoe də ... • Aborreço-me terrivelmente aboeResoe mə təRievəlmẽntə • Estou farto/farta sjtoo faartoe/faarta • Assim não pode ser asieng naung podə seer • Esperava outra coisa sjpəraava ootra koiza Ik verveel me kapot Ik heb er genoeg van Dat kan zo niet Ik had iets heel anders verwacht 2.6 Een compliment geven Wij hebben heerlijk gegeten Het heeft ons voortreffelijk gesmaakt Vooral de ... was heel bijzonder Wat ziet u er goed uit! Mooie auto! Leuk skipak! Je bent een lieve jongen/ meid Wat een lief kindje! U danst heel goed 2 ONTMOETINGEN – vies! • Comemos muito bem koemeemoesj moeingtoe being • Soube-nos muito bem soobə-noesj moeingtoe being • Principalmente o/a ... estava excelente priensiepalmẽntə oe/a ... sjtaava eisəlẽntə • Está com tão bom aspecto! sjtaa kõm taung bõn asjpetoe! • Que lindo carro! kə liendoe kaRoe! • Que lindo fato de esqui! kə liendoe fatoe də sjkie • És um rapaz amoroso/uma rapariga amorosa ẽsj oeng rapasj amoerozoe/oema raparieĝa amoeroza • Que criança amorosa! kə kriejãnsa amoeroza! • Dança muito bem dãnsa moeingtoe being 45
  46. 46. ONTMOETINGEN 2 – kookt • Cozinha muito bem koezienja moeingtoe being • Joga futebol muito bem zjoĝa foetəbol moeingtoe being – voetbalt 2.7 Iemand versieren Ik vind het fijn om bij je te zijn Ik heb je zo gemist Ik heb van je gedroomd Ik moet de hele dag aan je denken Je lacht zo lief Je hebt zulke mooie ogen Ik ben verliefd op je Ik ook op jou Ik hou van jou Ik ook van jou Ik heb niet zulke sterke gevoelens voor jou Ik heb al een vriend/ vriendin Ik ben nog niet zo ver Het gaat me veel te snel Blijf van me af Okay, geen probleem 46 • Gosto de estar contigo ĝosjtoe də sjtaar kõntieĝoe • Senti muito a tua falta sẽntie moeingtoe a toewa falta • Sonhei contigo sõnjei kõntieĝoe • Penso o dia inteiro em ti pẽnsoe oe dieja ienteiroe eing tie • Tens um sorriso lindo tẽns oeng soeRiezoe liendoe • Tens uns olhos tão lindos Tẽns oengs oljoesj taung liendoesj • Estou apaixonado/a por ti sjtoo apaisjoenaadoe poer tie • E eu por ti ie eew poer tie • Amo-te aamoe tə • Eu também te amo eew tãmbeing tə aamoe • Não sinto um grande amor por ti Naung siengtoe oeng ĝrãndə amoor poer tie • Já tenho um namorado/uma namorada Zjaa tẽnjoe oeng namoeraadoe/oema namoeraada • Ainda não cheguei a esse ponto ajienda naung sjəĝei a essə põntoe • Eu preciso de mais tempo eew prəsiezoe də maisj tẽmpoe • Não te metas comigo naung tə metasj koemieĝoe • Está bem, não faz mal Sjtaa being naung fasj mal
  47. 47. Kan/mag ik je schrijven/ bellen/e-mailen/ sms’en? Ik bel je morgen Dat zeggen ze allemaal Laten we geen risico nemen Heb je een condoom? Nee? Dan doen we het niet Kus me Vind je dit lekker? Dat vind ik niet prettig! Doe je ... uit Dat was lekker 2.8 2 ONTMOETINGEN Blijf je vannacht bij me? Ik wil graag met je naar bed Alleen met een condoom We moeten voorzichtig zijn vanwege aids/soa • Posso escrever-lhe/telefonar-lhe/enviar uma email/um sms? posoe sjkreveer-lje/telefonaar-lje/ẽnviejaar oema iemeel/oeng es-emmə-es? • Telefono-te amanhã telefonoe-tə amãnjã • Ficas esta noite comigo? fiekasj esjta noitə koemieĝoe • Quero ir contigo para a cama keroe ier kõntieĝoe paaraa kaama • Só com um preservativo so kõm oeng prəzərvatievoe • Temos de ser cautelosos por causa da SIDA ou doenças sexulamente transmitidas teemoesj də seer kautəloozoesj kõm a sieda o dowẽnsaasj seksoelamẽntə trãnsmietiedasj • É o que todos dizem e oe kə todoesj diezeing • Não podemos correr riscos naung poedeemoesj koeReer riesjkoesj • Tens um preservativo? teings oeng prəzərvatievoe? • Não? Então não podemos naung? ẽntaung naung poedeemoesj • Beija-me beizjaa-mə • Gostas disto? ĝosjtasj diesjtoe? • Assim não não gosto! assieng naung gosjtoe! • Tira a/o ... tieraa aa/oe ... • Foi bom! foi bõm! Afscheid nemen Mag ik u naar huis brengen? • Posso levá-lo/la a casa? posoe ləvaa-loe/la a kaazaa? 47
  48. 48. ONTMOETINGEN 2 Mag ik u schrijven/ opbellen? Schrijft/belt u mij? Ik moet morgen naar huis Ik zal je missen We houden toch wel contact? Hebt u pen en papier? Mag ik uw (e-mail)adres/ telefoonnummer? Bedankt voor alles Het was erg leuk Doe de groeten aan ... Ik wens je het allerbeste Veel succes verder Wanneer kom je weer? Ik wacht op je Ik zou je graag nog eens terugzien Ik hoop dat we elkaar gauw weerzien 48 Ik stuur de foto’s naar u toe Ik geloof niet dat het klikt tussen ons • Posso escrever-lhe/telefonar-lhe? posoe sjkrəveer-ljə/tələfoenaar-ljə? • Escreve-me/telefona-me? sjkrevə-mə/tələfõna-mə? • Amanhã tenho de ir para casa amãnjã tẽnjoe də ier paaraa kaazaa • Vou sentir a tua falta voo sẽntier aa toewaa faltaa • Mantemo-nos em contacto? mãnteemoe-noesj eing kõntaktoe? • Tem uma caneta e papel? teing oema kaneeta ie papel? • Posso ficar com o seu endereço electrónico/número de telefone? posoe fikaar cõng oe seew ẽnderessoe elektroonikoe/noemeroe də telefonoe? • Obrigado por tudo oobrieĝaadoe poer toedoe • Gostei imenso ĝoesjtei iemẽnsoe • Cumprimentos a ... koempriemẽntoesj a ... • Desejo-te o melhor dəzeizjoe-tə oe məljor • Que tudo corra bem kə toedoe koRa being • Quando voltas? kwãndoe voltasj? • Espero por ti sjperoe poer tie • Gostava de voltar a ver-te ĝoesjtaava də voltaar a veer-tə • Espero que a gente se volte a ver brevemente sjperoe kə a zjẽntə sə voltə a veer brevəmẽntə • Envio-lhe as fotografias ẽnviejoo-lje aasj footoografiejasj • Não creio que nos demos bem naung kreejoe ke noosj deemoesj being
  49. 49. U bent van harte welkom • Quero acabar com a nossa relação keroe aakaabaar cong nossaa Rəlaasaung • Vamos ficar amigos? vaamoesj fikaar aamieĝoesj? • Eu envio-te um sms eew ẽnviejoe-tə oem es-emmə-es • Esta é a nossa morada. Se algum dia for à Holanda/Bélgica ... esjta e a nosa moeraada. sə algoeng dieja foor aa olãnda/belzjieka ... • É sempre bem-vindo e sẽmprə being-viengdoe 2 ONTMOETINGEN Ik wil onze relatie beëindigen/het uitmaken Zullen we vrienden blijven? Ik stuur je wel een sms’je Dit is ons adres. Als u ooit in Nederland/ België bent ... 49
  50. 50. 3 Onderweg 3.1 3 De weg vragen ONDERWEG Pardon, mag ik u iets vragen? Ik ben de weg kwijt Weet u een ... in de buurt? Is dit de weg naar ...? Kunt u me zeggen hoe ik naar ... moet rijden/ lopen/fietsen? Hoe kom ik het snelst in ...? Hoeveel kilometer is het nog naar ...? Kunt u het op de kaart aanwijzen? • Desculpe, posso-lhe fazer uma pergunta? dəsjkoelpə, posoe-ljə fazeer oema pərĝoengta? • Perdi-me pərdie-mə • Conhece um ... perto? kõnjesə oeng ... pertoe? • É este o caminho para ...? e esjtə oe kamienjoe paaraa ...? • Poderia dizer-me como devo fazer para ir para ...? poedərieja diezeer-mə koomoe devoe fazeer paaraa ier paaraa ...? • Como é que chego o mais depressa possível a ...? koomoe e kə sjeeĝoe oe maisj dəpresa poesievel a ...? • Quantos quilómetros faltam ainda para chegar a ...? kwãntoesj kielomətroesj faltãm ajienda paaraa sjəĝaar a ...? • Poderia indicar-me aqui no mapa? poederieja iendiekaar-mə akie noe maapa? Não sei, não conheço isto aqui. Está enganado Tem de voltar a... Aí as placas indicam-lhe o caminho a seguir Aí deve perguntar de novo 50 em frente à esquerda à direita cortar Ik weet het niet, ik ben hier niet bekend U zit verkeerd U moet terug naar ... Daar wijzen de borden u verder Daar moet u het opnieuw vragen rechtdoor linksaf rechtsaf afslaan
  51. 51. 3.2 volgen oversteken de kruising de straat het verkeerslicht de tunnel het verkeersbord ‘voorrangskruising’ het gebouw op de hoek de rivier het viaduct de brug de spoorwegovergang/de spoorbomen het bord richting ... de pijl 3 ONDERWEG seguir atravessar o cruzamento a estrada o semáforo o túnel a placa de trânsito ‘cruzamento com prioridade’ o edifício à esquina o rio o viaduto a ponte a passagem de nível/as cancelas a placa com direcção a seta Douane O seu passaporte se faz favor A carta verde se faz favor O livrete se faz favor O seu visto se faz favor Para onde vai? Quanto tempo pensa ficar? Tem alguma coisa a declarar? Pode abrir isto? Mijn kinderen zijn bijgeschreven in dit paspoort Ik ben op doorreis Uw paspoort a.u.b. De groene kaart a.u.b. Het kentekenbewijs a.u.b. Uw visum a.u.b. Waar gaat u naartoe? Hoelang bent u van plan te blijven? Hebt u iets aan te geven? Wilt u deze openmaken? • Os meus filhos estão inscritos neste passaporte oesj meews fieljoesj sjtaung iensjkrietoesj nesjtə pasaportə • Estou de passagem sjtoo də pasaazjeing 51
  52. 52. ONDERWEG 3 Ik ga op vakantie naar ... Ik ben op zakenreis • Vou de férias para ... voo də feriejasj paaraa ... • Estou em viagem de negócios sjtoo eing viejaazjeing də nəĝosiejoesj Ik weet nog niet hoelang • Ainda não sei quanto tempo fico ik blijf ajienda naung sei kwãntoe tẽmpoe fiekoe Ik blijf hier een weekend – een paar dagen – een week – twee weken • Fico aqui um fim-de-semana fiekoe akie oeng fieng-də-səmaana • Fico aqui uns dias fiekoe akie oengs diejasj • Fico aqui uma semana fiekoe akie oema səmaana • Fico aqui duas semanas fiekoe akie doewasj səmaanasj Ik heb niets aan te geven • Não tenho nada a declarar naung tẽnjoe naada a dəklaraar Ik heb – bij me • Trago comigo ... traĝoe koemieĝoe ... • Trago comigo um pacote de cigarros traĝoe koemieĝoe oeng pakotə də sieĝaRoesj • Trago comigo uma garrafa de ... traĝoe koemieĝoe oema ĝaRaafa de ... • Trago comigo algumas lembranças traĝoe koemieĝoe alĝoemasj lẽmbrãnsasj – een slof sigaretten – een fles ... – enkele souvenirs Dit zijn persoonlijke spullen Deze spullen zijn niet nieuw Hier is de bon Dit is voor eigen gebruik Hoeveel moet ik aan invoerrechten betalen? 52 • Isto são coisas pessoais iesjtoe saung koizasj pəsowaisj • Estas coisas não são novas esjtasj koizasj naung saung novasj • Aqui está o recibo akie sjtaa oe Rəsieboe • Isto é para uso pessoal iesjtoe e paaraa oezoe pəsoewal • Quanto tenho de pagar de direitos? kwãntoe tẽnjoe də paĝaar də diereitoesj?
  53. 53. Mag ik nu gaan? Ik wil graag mijn ambassade/consulaat bellen Bagage Kruier! Wilt u deze bagage naar ... brengen a.u.b.? Hoeveel krijgt u van mij? Waar kan ik een bagagewagentje vinden? Kan ik deze bagage in bewaring geven? Waar zijn de bagagekluizen? Ik krijg de kluis niet open Hoeveel kost het per stuk per dag? Dit is niet mijn tas/ koffer Er ontbreekt nog een stuk/tas/koffer Mijn koffer is beschadigd • Bagageiro! Baĝazjeiroe • Podia levar esta bagagem para ..., se faz favor? poedieja ləvaar esjta baĝaazjeing paaraa ..., sə fasj favoor? • Quanto lhe devo? kwãntoe ljə devoe? • Onde estão os carrinhos para a bagagem? õndə sjtaung oesj kaRienjoesj paaraa a baĝaazjeing? • Posso dar esta bagagem a guardar no depósito? posoe daar esjta baĝaazjeing a ĝwardaar noe dəpozietoe? • Onde estão os cacifos para bagagem? õndə sjtaung oesj kaasiefoesj paaraa baĝaazjeing? • Não consigo abrir este cacifo naung kõnsieĝoe abrier esjtə kasiefoe • Quanto custa um volume por dia? kwãntoe koesjta oeng voeloemə poer dieja? • Isto não é o meu saco/a minha mala iesjtoe naung e oe meew sakoe/a mienja maala • Ainda falta um volume/um saco/uma mala ajienda falta oeng voeloemə/oeng sakoe/ oema maala • A minha mala está estragada a mienja maala sjtaa sjtraĝaada 3 ONDERWEG 3.3 • Posso ir agora? posoe ier aĝora? • Quero telefonar para a minha embaixada/o meu consulado keroe telefoenaar paaraa aa mienjaa ẽmbaisjaadaa/oe meew kõnsoelaadoe 53
  54. 54. 3 Met eigen vervoer 3.4 De auto ONDERWEG Zie ook 1.6 Praktische zaken. Zie voor afbeelding pagina 56. 3.5 Het benzinestation Zie ook 1.6 Praktische zaken. Hoeveel kilometer is het naar het volgende benzinestation? • Quantos quilómetros faltam para a próxima bomba de gasolina? kwãntoesj kielomətroesj faltãm paaraa a prosjiema bõmba də ĝazoeliena Ik wil ... liter – • Quero ... litros keroe ... lietroesj • Quero ... litros de gasolina super keroe ... lietroesj də ĝazoeliena soepər • Quero ... litros de gasolina normal keroe ... lietroesj də ĝazoeliena normal • Quero ... litros de gasóleo keroe ... lietroesj də ĝazoliejoe • Quero ... litros de gasolina sem chumbo keroe ... lietroesj də ĝazoeliena seing sjoengboe – superbenzine – normale benzine – diesel – loodvrije benzine Ik wil voor ... euro LPG Vol a.u.b. Wilt u – controleren? – het oliepeil 54 • Quero ... euros de ... GLP keroe ... eewroosj də ... ĝee-el-pee • Ateste por favor atesjtə poer favoor • Não se importava de controlar ... naung sə iengpoertaava də kõntroelaar ... • Não se importava de controlar o nível do óleo? naung sə iengpoertaava də kõntroelaar oe nievel doe oliejoe?
  55. 55. • Não se importava de controlar a pressão dos pneus? naung sə iengpoertaava də kõntroelaar a prəsaung doesj pneusj Kunt u de olie verversen? Kunt u de ruiten/de voorruit schoonmaken? Kunt u de auto een wasbeurt geven? • Podia mudar o óleo? poedieja moedaar oe oliejoe? • Podia limpar os vidros e/o párabrisas? poedieja liempaar oesj viedroesj ie oe paarabriezasj? • Podia dar uma lavagem ao carro? poedieja daar oema lavaazjeing au kaRoe? 3.6 Pech en reparaties Ik heb pech. Kunt u me even helpen? Ik sta zonder benzine Ik heb de sleuteltjes in de auto laten zitten De auto/motorfiets/ brommer start niet Hebt u startkabels/een sleepkabel? Wilt u me helpen duwen? Weet u een garage/ bezinestation in de buurt? Kunt u voor mij de wegenwacht waarschuwen? 3 ONDERWEG – de bandenspanning • Tenho uma avaria. Poderia ajudar-me? tẽnjoe oema avarieja. Poedərieja azjoedaar-mə? • Estou sem gasolina sjtoo seing gazoeliena • Deixei as chaves dentro do carro deisjei as sjaavəsj dẽntroe doe kaRoe • O carro/a mota/a motorizada não arranca oe kaRoe/a mota/a moetoeriezaada naung aRãnka • Tem cabos de arranque/cabo de reboque? teing oeng kaaboes də aRãnkə/kaaboe də Rəbokə? • Podia ajudar a empurrar? poediejaa aazjoedaar aa ẽnpoeraar? • Conhece uma garagem/bomba de gasolina aqui perto? kõnjesə oema ĝaaraazjeing/bõmbaa də ĝazoliena aakie pertoe? • Poderia avisar o pronto socorro? poedərieja aviezaar oe prõntoe soekoRoe? 55
  56. 56. bateria luz da rectaguarda espelho retrovisor batərieja loesj da Retaĝwarda sjpeljoe retroeviezoor airbag antenne autoradio benzinetank farol de marcha atrás airbag antena rádio depósito de gasolina bougies brandstoffilter brandstofpomp buitenspiegel bumper carburateur carter cilinder claxon contactpunten controlelampje dynamo gaspedaal handrem klep knalpot koelwaterleiding velas filtro da gasolina bomba da gasolina espelho exterior pára-choques carburador cárter cilindro buzina platinados luz de controle dínamo acelerador travão de mão válvula cilindro tubo do radiador kofferbak koplamp krukas luchtfilter mistachterlicht mala farol da frente cambota filtro do ar faróis de nevoeiro da rectaguarda motor farol də marsja atraasj erbeĝə antẽna Raadiejoe dəpozietoe də ĝazoeliena velasj fieltroe da ĝazoeliena bõmba da ĝazoeliena sjpeljoe sjteriejor paara-sjokəsj karboeradoor kartər sieliendroe boeziena platienaadoesj loesj də kõntrolə dienamoe asələradoor travaung de maung valvoela sieliendroe toeboe də raadiejaadoor maala farol da frẽntə kãmbota fieltroe do ar faroisj də nəvoeweiroe da retaĝwarda moetoor accu achterlicht achteruitkijkspiegel achteruitrijlamp 4 5 7 8 9 10 11 12 13 motorblok 3 6 ONDERWEG 1 2 3 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 nokkenas oliefilter oliepomp oliepeilstok ontsteking pedaal portier radiateur remlicht remschijf reservewiel richtingaanwijzer ruit ruitenwisser schokbrekers schuifdak árvore de cames filtro do óleo bomba do óleo vareta ignição pedal porta radiador luz dos travões disco do travão roda subselente pisca-pisca vidro limpa pára-brisas amortecedores janela do tejadilho spoiler startmotor stuurhuis uitlaatpijp veiligheidsgordel ventilator verdelerkabels versnellingshandel waterpomp wiel wieldop zuiger spoiler motor de aranque caixa de comando tubo de escape cinto de segurança ventoinha cabos condutores alavanca das mudanças bomba de água pneu tampa de roda êmbolo arvoerə də kaaməsj fieltroe doe oliejoe bõmba doe oliejoe vareta ieĝniesaung pedal porta radiejadoor loez doesj travoingsj diesjkoe doe travaung Roda soebsəlẽnte piesjka-piesjka viedroe liempa paara-briezasj amortəsədorəsj zjanela doe təzjadieljoe spoilər moetoor də aRãnkə kaisja də koemãndoe toeboe də sjkapə sientoe də səĝoerãnsa vəntoewienja kaaboesj kõndoetorəsj alavãnka dasj moedãnsasj bõmba də aaĝwa pne-oe tãmpa de Roda ẽmboloe 56 Auto
  57. 57. 57 3 ONDERWEG
  58. 58. ONDERWEG 3 Kunt u voor mij een garage bellen? • Poderia telefonar para uma garagem? poedərieja tələfonaar paaraa oema ĝaraazjeing? Mag ik met u meerijden naar –? – een garage/de stad • Posso ir consigo até a ...? posoe ier kõnsieĝoe ate a ...? • Posso ir consigo até uma garagem/à cidade? posoe ier kõnsieĝoe ate a oema ĝaraazjeing/ aa siedaadə? • Posso ir consigo até uma cabine telefónica? posoe ier kõnsieĝoe ate a oema kabienə tələfõnieka? • Posso ir consigo até um telefone de urgência? posoe ier kõnsieĝoe ate a oeng tələfõnə də oerzjẽnsieja? – een telefooncel – een praatpaal Kan mijn (brom)fiets ook mee? Kunt u mij naar een garage slepen? Er is waarschijnlijk iets mis met ... (Zie 56 en 62.) Kunt u het repareren? Kunt u mijn band plakken? Kunt u dit wiel verwisselen? Kunt u het zo repareren, dat ik ermee naar ... kan rijden? 58 Welke garage kan me wel helpen? • Posso levar também a minha bicicleta/ motorizada? posoe ləvaar tãmbeing a mienja biesiekleta/ moetoeriezaada • Poderia rebocar-me até uma garagem? poedərieja Rəboekaar-mə ate a oema ĝaraazjeing? • Creio que há qualquer coisa com ... kreijoe ke aa kwalker koiza kõm ... • Poderia reparar isso? poedərieja Rəparaar iesoe? • Poderia arranjar-me o pneu? poedərieja aRãnzjaar-mə oe pneu? • Poderia mudar esta roda? poedərieja moedaar esjta Roda? • Poderia arranjar isto de maneira que possa seguir até ... poedərieja aRãnzjaar iesjtoe də maneira kə posa səĝier ate ... • Que garagem me poderá ajudar? ke ĝaraazjeing mə poederaa azjoedaar?
  59. 59. Wanneer is mijn auto/ fiets klaar? O carro aqui não está bem, assim é perigoso! Não pode deixar aqui o carro! Não tenho peças para o seu carro/a sua bicicleta Tenho de ir buscar as peças a outro sítio Tenho de encomendar as peças Isto leva meio dia Isto dura um dia Isto dura uns dias Isto dura uma semana O seu carro vai para a sucata Já não há nada a fazer O carro/a mota/a motorizada/ a bicicleta está pronto/ pronta às ... 3 ONDERWEG Kan ik er hier op wachten? Hoeveel gaat het kosten? Kunt u de rekening specificeren? Mag ik een kwitantie voor de verzekering? • Quando fica o meu carro/a minha bicicleta pronto/pronta? kwãndoe fieka oe meew kaRoe/a mienja biesiekleta prõntoe/prõnta? • Posso esperar aqui? Posoe sjpəraar akie? • Quanto é que me vai custar? kwãntoe e kə mə vaai koesjtaar? • Poderia especificar a factura? poedərieja sjpəsiefiekaar a fatoera? • Pode dar-me um recibo para a companhia de seguros? podə daar-mə oeng Rəsieboe paara a kõmpãnjieja də səĝoeroesj? De auto staat hier te gevaarlijk U kunt uw auto hier niet achterlaten Ik heb geen onderdelen voor uw wagen/fiets Ik moet de onderdelen ergens anders gaan halen Ik moet de onderdelen bestellen Dat duurt een halve dag Dat duurt een dag Dat duurt een paar dagen Dat duurt een week Uw auto is total loss Daar valt niets meer aan te doen De auto/motor/brommer/fiets is om ... uur klaar 59
  60. 60. ONDERWEG 3 3.7 De (brom)fiets Zie ook 1.6 Praktische zaken. Zie voor afbeelding pagina 62. Kun je hier veilig fietsen? Ik ga vandaag ... km fietsen Hoeveel km heb jij gefietst vandaag? Ik wil per dag zo’n ... km fietsen Ik heb vandaag ... km gefietst Mag mijn fiets vannacht binnenstaan? Kan ik mijn fiets hier achterlaten? Mag ik hier even schuilen? Kan ik een tweedehandsfiets kopen? Waar kan ik mijn band laten plakken/fiets laten repareren 60 • Aqui pode-se andar com segurança de bicicleta aakie podə-sə ãndaar cõm səĝoerãnsaa də biesiekletaa • Hoje vou andar ... km de bicicleta oozjə voo ãndaar ... kieloomeetroesj də biesiekletaa • Quantos kilómetros é que andou hoje de bicicleta? kwãntoesj kieloomeetroesj e-kə ãndoo oozjə də biesiekletaa • Eu quero andar cerca de ... km por dia eew keroe ãndaar serkaa də ... kieloomeetroesj poer diejaa • Hoje fiz ... km de bicicleta oozjə fiesj ... kieloomeetroesj də biesiekletaa • Posso deixar a minha bicicleta cá dentro esta noite? posoe deisjaar aa mienjaa biesiekletaa kaa dẽntroe esjtaa nojtə? • Posso deixar aqui a minha bicicleta? posoe deisjaar akie aa mienjaa biesiekletaa? • Posso- me abrigar aqui? posoe-mə aabrieĝaar akie? • Posso comprar uma bicicleta em segunda mão? posoe kõmpraar oemaa biesiekletaa eing səĝoendaa maung? • Onde é que posso mandar remendar o pneu/reparar a bicicleta? õndə e-kẽ posoe mãndaar rəmẽndaar oe pneew/rəpaaraar aa biesiekletaa?
  61. 61. 3.8 Vervoermiddel huren • Eu gostaria de alugar um ... eew ĝoesjtarieja də aloeĝaar oeng ... • Preciso de ter uma carta de condução especial? prəsiezoe də teer oema karta də kõndoesaung sjpəsiejal? Ik wil de ... huren voor – – een uur • Gostaria de alugar o ... por – ĝoesjtarieja də aloeĝaar oe ... poer – • Gostaria de alugar o ... por uma hora ĝoesjtarieja də aloeĝaar oe ... poer oema ooraa • Gostaria de alugar o ... por um dia ĝoesjtarieja də aloeĝaar oe ... poer oeng dieja • Gostaria de alugar o ... por dois dias ĝoesjtarieja də aloeĝaar oe ... poer doisj diejasj – een dag – twee dagen 3 ONDERWEG Ik wil graag een ... huren Heb ik daarvoor een (bepaald) rijbewijs nodig? Wat kost dat per dag/ week? Hoeveel is de borgsom? • Quanto custa por dia/por semana? kwãntoe koesjta poer dieja/poer səmaana? • Quanto é o depósito? kwãntoe e oe dəpozietoe? Mag ik een bewijs dat • Pode dar-me um recibo do depósito? ik de borgsom betaald podə daar-mə oeng Rəsieboe doe heb? dəpozietoe? Hoeveel toeslag komt er • Quanto tenho a pagar por cada per kilometer bij? quilómetro extra? kwãntoe tẽnjoe a paĝaar poer kaada kielomətroe eisjtra? Is de benzine erbij inbe- • A gasolina está incluída? grepen? a ĝazoliena sjtaa ienkloewieda? Is de verzekering erbij • O seguro está incluído? inbegrepen? oe səĝoeroe sjtaa ienkloewiedoe? Hoeveel kost het af• Quanto custa cobrir o risco inicial? kopen van het eigen kwãntoe koesjtaa koebrier oe riesjkoe risico? ieniesiejal? 61
  62. 62. Fiets 6 7 8 luz da rectaguarda pneu de trás eixo porta bagagem caixa de esferas campainha câmara de ar pneu crenque mola fio dínamo bomba da bicicleta ketting kettingkast kilometerteller kinderzitje 11 12 knijprem koplamp lampje travão de mão farol da frente luz (luzinha) ONDERWEG 3 9 10 quadro protector (de vestuário corrente caixa da corrente conta quilómetros cadeira para criança loesj da Retaĝwarda pne-oe de traasj eisjoe porta baĝaazjeing kaisja de sferasj kampa-ienja kaamara də ar pne-oe krẽnkə mola fiejoe dienamoe bõmbaa daa biesiekletaa kwaadroe proetetoor (də vəstoewaariejoe) koeRẽntə kaisja da koeRẽntə kõnta kielomətroesj kadeira paara kriejãnsa travaung də maung farol da frẽntə loesj (loezienja) 13 14 15 16 17 pedaal reflector remblokje remkabel slot snelbinders 18 19 20 21 22 spaak spatbord stuur tandwiel trapas trommelrem velg ventiel ventielslangetje versnellingskabel pedal reflector bloco de travão cabo de travão cadeado elásticos do porta bagagem raio guarda-lamas guiador roda de dentes eixo do pedal travão de disco jante pipo pipo de borracha cabo de velocidades voorvork wiel zadel forqueta pneu selim 23 24 25 26 27 pedal refletor blokoe də travaung kaaboe də travaung kadiejaadoe elasjtiekoesj doe porta baĝaazjeing raajoe ĝwarda-laamasj giejadoor Roda də Dẽntəsj eisjoe doe pədal travaung də diesjkoe zjãntə piepoe piepoe də boeRasja kaaboe də vəloesiedaadəsj foerketa pne-oe səlieng 62 2 3 4 5 achterlicht achterwiel as bagagedrager balhoofd bel binnenband buitenband crank derailleur draadje dynamo fietspomp frame jasbeschermer 1
  63. 63. 63 3 ONDERWEG
  64. 64. 3 Zijn de kilometers vrij? ONDERWEG Hoe laat kan ik de ... morgen ophalen? Wanneer moet ik de ... terugbrengen? Waar zit de tank? Wat voor brandstof moet erin? Kunt u het zadel/het stuur verhogen/ verlagen Moet ik een helm dragen? 3.9 Liften Waar gaat u naar toe? Mag ik zover mogelijk met u meerijden? Mag mijn vriend/man/ vriendin/vrouw ook mee? Mag mijn rugzak/ bagage in de kofferbak? Ik moet naar ... Ligt dat op de weg naar ...? Kunt u me – afzetten? 64 • Os quilómetros estão incluídos? oesj kieloomeetroesj əsjtaung iengkloewiedoesj? • A que horas posso passar amanhã a vir buscar o/a ...? a kə oorasj posoe pasaar amãnjã a vier boesjkaar oe/a ...? • Quando tenho de vir entregar o/a ...? kwãndoe tẽnjoe də vier ẽntrəĝaar oe/aa ...? • Onde está o depósito? õndə sjtaa oe dəpozietoe? • Que tipo de combustível consome? ke tiepoe de kõmboesjtievel kõnsomə? • Podia levantar/baixar o selim/o guiador? poediejaa ləvantaar/bajsjaar oe səlieng/oe ĝiejadoor? • Tenho de usar capacete? teingjoe də oesaar kaapaasetə? • Para onde vai? paara õndə vaai? • Posso ir também, até onde for possível? posoe ier tãmbeing, ate õndə foor posievəl? • O meu amigo/marido/a minha amiga/ mulher também pode ir? oe meew amieĝoe/a mienja amieĝa/moeljer tãmbeing podə ier? • Posso pôr a minha mochila dentro da mala do carro? posoe por aa mienjaa moesjiela dẽntroe daa maalaa doe kaRoe? • Vou para ... voo paaraa ... • Fica no caminho para ...? fieka eing kamienjoe də ...? • Poderia deixar-me em –? poedərieja deisjaar-mə eing –?
  65. 65. – hier – bij de afrit naar ... – in het centrum Wilt u hier stoppen a.u.b.? Ik wil er hier uit Dank u wel voor de lift • Importa-se de parar aqui, se faz favor? iengporta-sə də paraar akie, sə fasj favoor? • Gostaria de descer aqui ĝosjterieja də dəsjeer akie • Muito obrigado pela boleia moeingtoe oobrieĝaadoe peela boeleija 3 ONDERWEG – bij de volgende rotonde • Poderia deixar-me aqui? poedərieja deisjaar-mə akie? • Poderia deixar-me quando se corta para ... poedərieja deisjaar-mə kwãndoe sə korta paaraa ... • Poderia deixar-me no centro? poedərieja deisjaar-mə noe sẽntroe? • Poderia deixar-me na próxima rotunda? poedərieja deisjaar-mə na prosjiema Roetoenda? Met openbaar vervoer 3.10 Algemeen Omroepberichten O comboio de ..., das 10.40 horas tem um atraso de 15 minutos. Na linha 5 vai chegar o comboio das 10.40 para ... Na linha 5 encontra-se o comboio das 10.40, para ... Os passageiros com destino a.... devem mudar de comboio em Estamos a chegar à estação de ... De trein uit ... van 10.40 uur heeft een vertraging van 15 minuten. Op spoor 5 komt thans binnen de trein van 10.40 uur naar ... De trein van 10.40 uur naar ... staat nog gereed op spoor 5 Reizigers in de richting ... dienen in ... over te stappen We naderen thans station ... 65
  66. 66. ONDERWEG 3 Vragen van passagiers Waar gaat deze trein naartoe? Gaat deze boot naar ...? Kan ik deze bus nemen om naar ... te gaan? Stopt deze trein in ...? Is er een bus naar/van het vliegveld? Is deze plaats bezet/vrij/ gereserveerd? Ik heb ... gereserveerd Wilt u hier zitten? Zullen we van plaats wisselen? Mag het raam/ gordijntje/schuifje open/dicht? Wilt u me zeggen waar ik moet uitstappen voor ...? Wilt u me waarschuwen als we bij ... zijn? Wilt u bij de volgende halte stoppen a.u.b.? 66 • Para onde vai este comboio? paaraa õndə vaai esjtə kõmbojoe? • Este barco vai para ...? esjtə barkoe vaai paaraa ...? • Posso tomar este autocarro para ir para ...? posoe toemaar esjtə autokaRoe paaraa ier paaraa ...? • Este comboio pára em ...? esjtə kõmbojoe paara eing ...? • Há um autocarro para/a partir do aeroporto? aa oeng autoekaRoe paaraa/aa partier doe airoeportoe? • Este lugar está ocupado/livre/reservado? esjtə loeĝaar sjtaa okoepaadoe/lievrə/ Rəzərvaadoe? • Reservei ... Rəzərvei ... • Quer sentar-se aqui? ker sẽntaar-sə aakie? • Trocamos de lugar? troekaamoesj də loeĝaar? • Pode-se abrir/fechar a janela/a cortina/ portinhola? podə-sə abrier/fesjaar aa zjaanelaa/aa koertiena/poertienjoolaa? • Pode dizer-me onde devo sair para ...? podə diezeer-mə õndə devoe saa-ier paaraa ... • Podia avisar-me quando chegarmos a ...? poedieja aviezaar-mə kwãndoe sjəĝaamoesj a ...? • Podia parar na próxima paragem, se faz favor? poedieja paraar na prosjiema paraazjeing, sə fasj favoor?
  67. 67. Waar zijn we hier? Moet ik er hier uit? Zijn we ... al voorbij? Hoe lang is dit kaartje geldig? 3 ONDERWEG Hoelang heb ik geslapen? Hoe lang blijft ... hier staan? Kan ik op dit kaartje ook weer terug? Kan ik met dit kaartje overstappen? • Onde estamos? õndə sjtaamoesj? • Tenho de sair aqui? tẽnjoe də saa-ier akie? • Já passámos por ...? Zjaa pasaamoesj poer ...? • Quando tempo é que dormi? kwãndoe tẽmpoe e kə dormie? • Quando tempo fica ... aqui parado? kwãndoe tẽmpoe fieka ... akie paraadoe? • Também posso voltar com este bilhete? tãmbeing posoe voltaar kõm esjtə bieljetə? • Posso mudar de transporte com este bilhete? posoe moedaar də trãnsportə kõm esjtə bieljetə? • Por quanto tempo é que este bilhete é válido? poer kwãntoe tẽmpoe e kə esjtə bieljetə e vaaliedoe? Vragen aan passagiers Soort plaatsbewijs Primeira ou segunda classe? Só ida ou ida e volta? Fumadores ou não? Janela ou coxia? À frente ou atrás? Lugar sentado ou cama? Em cima, no meio ou em baixo? Turística ou primeira classe? Camarote ou cadeira? Para pessoa só ou casal? Quantas pessoas viajam? Eerste klas of tweede klas? Enkele reis of retour? Roken of niet roken? Aan het raam of aan het gangpad? Voorin of achterin? Zitplaats of couchette? Boven, midden of onder? Toeristenklasse of business class? Hut of stoel? Eenpersoons of tweepersoons? Met hoeveel personen reist u? 67
  68. 68. ONDERWEG 3 Bestemming Para onde vai? Quando é que parte? O comboio para ... às ... O senhor/a senhora tem de mudar Tem de sair em Tem de seguir via A ida é a ... A viagem de regresso é a ... Tem de estar a bordo sem falta a ... Waar gaat u naartoe? Wanneer vertrekt u? Uw ... vertrekt om ... U moet overstappen U moet uitstappen in ... U moet via ... reizen De heenreis is op ... De terugreis is op ... U moet uiterlijk ... aan boord zijn In het vervoermiddel Posso ver o/s seu/s bilhete/s? A sua reserva se faz favor! O seu passaporte se faz favor Este não é o seu lugar Está enganado Este lugar está reservado Tem de pagar um suplemento O .... tem um atraso de ... minutos 3.11 Inlichtingen Waar is –? – het inlichtingenbureau – een overzicht van de vertrektijden/ aankomsttijden – het busstation? 68 Uw plaatsbewijs a.u.b. Uw reservering a.u.b. Uw paspoort a.u.b. U zit op de verkeerde plaats U zit in de verkeerde ... Deze plaats is gereserveerd U moet toeslag betalen De ... heeft een vertraging van ... minuten • Onde –? õndə –? • Onde são as informações? õndə saung as ienfoermasoings? • Onde está o horário das partidas/ chegadas? õndə sjtaa oe ooraariejoe dasj partiedasj/ sjəĝaadasj? • A estação de autocarros? aa əsjtaasaung də autoekaRoesj?
  69. 69. – het station? – de metro? – de bushalte? – de tramhalte? Hebt u een dienstregeling? Moet ik reserveren? Ik wil mijn reservering/ reis naar ... (her)bevestigen/ annuleren/wijzigen Krijg ik mijn geld terug? Ik moet naar ... Hoe reis ik daar (het snelst) naar toe? Met welke lijn moet ik naar ... Kan ik dat lopen? Is dat op fietsafstand? • Onde posso alugar um carro? õndə posoe aloeĝaar oeng kaRoe? • Tem uma planta da cidade com a rede dos autocarros/do metropolitano? teing oema plãnta da siedaadə kõm a Reedə doesj autoekaRoesj/doe mətroepoelitaanoe? • Tem um horário? teing oeng ooraariejoe? • Tenho de reservar? teingjoe də rəsərvaar? • Queria confirmar/anular/alterar a marcação da minha viagem para ... kərieja kõnfiermaar/anoelaar/altəraar a markasaung/viejaazjeing paaraa ... • É-me devolvido o dinheiro? e-mə dəvolviedoe oe dienjeiroe? • Tenho de ir para ... Como é que lá chego o mais rapidamente possível? Qual é a viagem (mais rápida) para lá? tẽnjoe də ier paaraa ... Kwaal e a viejaazjeing (maisj Raapieda) paaraa laa? • Qual é o número do autocarro que devo tomar para ...? kwaal e oe noemeroe doe autoekaRoe ke devoe toomaar paaraa ...? • Posso ir a pé? posoe ier aa pe? • Pode-se ir de bicicleta? posoe ier də biesiekleta? 3 ONDERWEG Waar kan ik een auto huren? Hebt u een plattegrond van de stad met het bus-/metronet? • A estação? aa əsjtaasaung? • O metropolitano? oe meetroepoelietaanoe? • A paragem de autocarro? aa paaraazjeing də autoekaRoe? • A paragem de eléctrico? aa paaraazjeing də elektriekoe? 69
  70. 70. ONDERWEG 3 Kan ik er ook op een andere manier komen? Hoeveel kost een enkele reis/retour naar ...? Moet ik toeslag betalen? Gaat deze ... rechtstreeks? Moet ik overstappen? Waar? Doet de boot onderweg havens aan? Stopt de trein/bus in ...? Waar moet ik uitstappen? Is er een aansluiting naar ...? Hoe lang moet ik wachten? Wanneer vertrekt ...? Hoe laat gaat de/het eerste/volgende/ laatste ...? Hoelang doet ... erover? Hoe laat komt ... aan in ...? Waar vertrekt de/het ... naar ...? Is dit ... naar ...? 70 • Posso ir de outro modo? posoe ier də ootroe moodoe? • Quanto custa um bilhete de ida/ida e volta para ...? kwãntoe koesjta oeng bieljetə də ieda/ieda ie volta paaraa ...? • Tenho de pagar suplemento? tẽnjoe də paĝaar soepləmẽntoe? • Este ... é directo? esjtə ... e dieretoe? • Tenho de fazer transbordo? Onde? tẽnjoe də fazeer trãnsbõrdoe? õndə? • O navio pára em alguns portos? oe naviejoe paara eing alĝoengsj portoesj? • O comboio/camioneta pára em ...? oe kõmbojoe/kamijoeneta paara eing ...? • Onde é que devo sair? õndə e kə devoe saa-ier? • Há ligação para ...? aa lieĝasaung paaraa ...? • Quanto tempo tenho de esperar? kwãntoe tẽmpoe tẽnjoe də sjperaar? • Quando é que parte ...? kwãndoe e kə partə ...? • A que horas é o primeiro/próximo/ último ...? a kə oorasj e oe priemeiroe/prosiemoe/ oeltiemoe ...? • Quanto tempo leva ...? kwãntoe tẽmpoe leva ...? • A que horas chega ... a ...? a kə oorasj sjeeĝa ... a ...? • Donde parte o ... para ...? dõndə partə oe ... paaraa ...? • É este ... para ...? e esjtə ... paaraa ...?
  71. 71. 3.12 Kaartjes Waar kan ik –? – een kaartje kopen – een plaats reserveren Mag ik – naar ...? – een enkele reis – een retour eerste klasse tweede klasse toeristenklasse business class Is dit mijn instapkaart? Ik wil graag een koosjere/vegetarische maaltijd Ik wil mijn reservering – – afzeggen – (her)bevestigen • Queria – para ...! kərieja – paaraa ...! • Queria um bilhete só de ida para ...! kərieja oeng bieljetə so də ieda paaraa ...! • Queria um bilhete de ida e volta para ...! kərieja oeng bieljetə də ieda ie volta paaraa ...! 3 ONDERWEG – een vlucht boeken • Onde é que posso –? õndə e kə posoe –? • Onde é que posso comprar um bilhete? õndə e kə posoe kõmpraar oeng bieljetə? • Onde é que posso reservar um lugar? õndə e kə posoe Rəzərvaar oeng loeĝaar? • Onde é que posso marcar um vôo? õndə e kə posoe markaar oeng voo? • primeira classe priemeira klasə • segunda classe səĝoengda klasə • classe turística klasə toeriestieka • classe de negócios klasə də nəĝosiejoesj • Isto é o meu cartão de embarque? iesjtoe e oe meew kartaung də ẽmbarkə? • Eu queria uma refeição judaica/ vegetariana eew kəriejaa oemaa rəfeisaung zjoedaaiekaa/veezjetaariejaanaa • Eu quero ... a minha reserva eew keroe ... aa mienjaa rəservaa • cancelar kãnselaar • confirmar kõnfiermaar 71
  72. 72. ONDERWEG – wijzigen • alterar altəraar Ik wil een zitplaats/ couchette/hut reserveren 3 • Queria reservar um lugar/uma cama/um camarote kərieja Rəzərvaar oeng loeĝaar/oema kaama/oeng kamarotə • Queria reservar um lugar na carruagemcama kərieja Rəzərvaar oeng loeĝaar na kaRoewaazjeing-kaama • em cima/no meio/em baixo eing siema/noe meijoe/eing baisjoe • fumadores/não fumadores foemadoorəsj/naung foemadoorəsj • à janela/na coxia aa zjanela/na cosjiejaa • individual/duplo iendieviedoewal/doeploe • à frente/atrás aa frẽntə/atraasj • Somos ... pessoas somoesj ... pəsoowasj • um carro oeng kaRoe • uma roulotte oema roelotə • ... bicicletas ... biesiekletasj • Já não há mesmo lugar? zjaa naung aa meesjmoe loeĝaar? • Podia pôr-me em lista de espera? poediejaa por-mə eing liesjtaa də əsjperaa? Ik wil een plaats in de slaapwagen reserveren boven/midden/onder roken/niet roken aan het raam/gangpad eenpersoons/ tweepersoons voorin/achterin We zijn met ... personen een auto een caravan ... fietsen Is er helemaal geen plaats meer? Kunt u me op een wachtlijst plaatsen? Hebt u ook een –? – meerrittenkaart 72 • Também tem um/uma –? tãmbeing teing oeng/oema –? • Também tem um bilhete para várias viagens? tãmbeing teing oeng bieljetə paaraa vaariejasj viejaazjeings?
  73. 73. – weekabonnement – maandabonnement Hebt u ook meerdaagse voordeelkaarten? • Também tem passes económicos para vários dias? tãmbeing teing pasəs ekoenoomiekoesj paaraa vaariejoesj diejaasj? Vliegtuig Op grote internationale luchthavens zijn er meestal aparte ingangen voor chegadas (aankomst) en partidas (vertrek). chegada aankomst internacional internationaal Waar is de balie van ...? Mag ik de reis met dit ticket onderbreken? Hoeveel bagage mag ik meenemen? Hoeveel kost extra gewicht? Maakt het vliegtuig tussenlandingen? Waar zijn de tax-freewinkels? Bij welke gate staat het vliegtuig? 3 ONDERWEG 3.13 • Também tem passe semanal? tãmbeing teing pasə səmanal? • Também tem um passe mensal? tãmbeing teing oeng pasə mẽnsal? partida vertrek voos domésticos binnenlandse vluchten • Onde é o balcão de ...? õndə e oe balkaung də ...? • Com este bilhete, posso interromper a viagem? kõm esjtə bieljetə, posoe ienteRõmpeer a viejaazjeing? • Quantos quilos de bagagem posso levar? kwãntoesj kieloesj də baĝaazjeing posoe ləvaar? • Quanto custa o excesso de peso? kwãntoe koesjtaa oe eksessoe də peezoe? • O avião faz escalas? oe aviejaung fasj sjkaalasj? • Onde ficam as lojas tax-free? õndə fiekãm aasj loozjaasj taksə-frie? • Qual é a porta de saída do avião? kwaal e aa portaa də saa-iedaa doe avijaung? 73
  74. 74. ONDERWEG 3 Waar moet ik inchecken? Tot hoe laat kan ik inchecken? Is het nodig om te herbevestigen? Welk nummer moet ik bellen om te herbevestigen? Waar stoppen de bussen voor de huurauto’s? Mag ik een koptelefoon? Wilt u mij helpen met de veiligheidsriemen? Is dit een niet-roken vlucht? Waar kan ik mijn bagage ophalen? Mijn bagage is niet aangekomen 3.14 • Onde é que devo fazer o check-in? õndə e kẽ deevoe fazeer oe sjeck-ieng? • Até que horas posso fazer o check-in? ate ke oorasj possoe fazeer oe sjeck-ieng? • É necessário confirmar? e nesessaariejoe kõnfiermaar? • Para que número devo telefonar para confirmar? paaraa ke noemeroe deevoe telefoenaar? • Onde é que param os autocarros que levam para os carros de aluguer? õndə e kə paarãm oesj autoekaRoesj kə leevãm paaraa oesj kaRoesj də aloeĝer? • Pode dar-me uns auscultadores? podə daar-mə oengs auskoeltadoorəsj? • Pode ajudar-me com o cinto de segurança? podə azjudaar-mə cong oe siengtoe də səĝoerãnsaa? • Este é um vôo não-fumadores? esjtə e oeng voo naung foemaadoorəsj? • Onde é que posso levantar a minha bagagem? õndə e ke posoe levantaar aa mienjaa baĝaazjeing? • A minha bagagem não chegou. aa mienjaa baĝaazjeing naung sjeegaung Trein Zie ook 1.6 Praktische zaken. Is dit een – – intercity? – stoptrein? 74 • Isto é um ...? iesjtoe e oeng ...? • rápido/directo? Rapiedoe/direktoe? • comboio regional? kõmboojoe rezjoenal?
  75. 75. Bij welk perron stopt de trein naar/uit ...? 3.15 • Em que plataforma pára o comboio para/de ...? eing ke plaataaformaa paaraa oe kõmbojoe paaraa/də ...? 3 Taxi livre vrij ocupado bezet Taxi! Kunt u een taxi voor me bellen? Waar kan ik hier in de buurt een taxi nemen? Waar is hier een taxistandplaats? Bent u vrij? Kunt u ... personen meenemen? Brengt u me naar – a.u.b. – dit adres – hotel ... – het centrum praça de táxis taxistandplaats ONDERWEG Zie ook 1.6 Praktische zaken. • Táxi! taksie! • Podia chamar um táxi? poedieja sjamaar oeng taksie? • Onde é que posso apanhar um táxi, aqui perto? õndə e kə posoe apãnjaar oeng taksie, akie pertoe? • Onde é aqui a praça de táxis? õndə e akie aa praasaa də taksjiesj? • Está livre? sjtaa lievrə? • Pode levar ... pessoas? podə ləvaar ... pesowasj? • Podia levar-me para – s.f.f.? poedieja ləvaar-mə paaraa – sə fasj favoor? • Podia levar-me para esta morada s.f.f? poedieja ləvaar-mə paaraa esjta moeraada sə fasj favoor? • Podia levar-me para o hotel ... s.f.f.? poedieja ləvaar-mə paaraa oe otel sə fasj favoor? • Podia levar-me para o centro s.f.f.? poedieja ləvaar-mə paaraa oe sẽntroe sə fasj favoor? 75
  76. 76. 3 – het station ONDERWEG – het vliegveld Hoeveel kost een rit naar ...? Hoever is het naar ...? Wilt u de meter aanzetten a.u.b.? Ik heb haast Kunt u iets harder/ langzamer rijden? Kunt u een andere weg nemen? Laat u me er hier maar uit U moet hier – – rechtdoor – linksaf – rechtsaf Hier is het Hoeveel is het? 76 Laat zo maar zitten/het is goed zo Kunt u een ogenblikje op mij wachten? • Podia levar-me para a estação s.f.f.? poedieja ləvaar-mə paaraa a sjtasaung sə fasj favoor? • Podia levar-me para o aeroporto s.f.f.? poedieja ləvaar-mə paaraa oe airoportoe sə fasj favoor? • Qual é o preço para ...? kwaal e oe presoe paaraa ...? • Qual é a distância até ...? kwaal e a diesjtãnsieja ate ...? • Pode ligar o taxímetro s.f.f? podə lieĝaar oe taksiemətroe sə fasj favoor? • Estou com pressa sjtoo kõm presa • Podia guiar mais depressa/mais devagar? poedieja ĝiejaar maisj dəpresa/maisj dəvaĝaar? • Podia ir por outro caminho? poedieja ier poer ootroe kamienjoe? • Deixe-me ficar aqui deisjə-mə fiekaar akie • Tem de ir aqui – teing də ier akie – • Tem de ir aqui em frente teing də ier akie eing frẽntə • Tem de ir aqui à esquerda teing də ier akie aa sjkjerda • Tem de ir aqui à direita teing də ier akie aa direita • É aqui e akie • Quanto é? kwãntoe e? • Deixe ficar/está bem assim deisjə fikaar/əsjtaa being assieng • Podia esperar um momento? poedieja sjpəraar oeng moemẽntoe?
  77. 77. 4 4.1 Logeren en kamperen 4 Algemeen Quanto tempo quer ficar? Preencha esta ficha se faz favor? Posso ver o seu passaporte? Tem de pagar um depósito Tem de pagar adiantado Ik zoek een (goedkoop/ schoon) – (in de buurt) – hotel – camping – jeugdherberg Wat is het adres? Kunt u het adres opschrijven a.u.b.? Is er korting voor studenten? Mijn naam is ... Ik heb een plaats gereserveerd (telefonisch/ schriftelijk) Wat kost het per nacht/ week/maand/persoon? Kan ik een kamer/plaats reserveren? Hoelang wilt u blijven? Wilt u dit formulier invullen a.u.b.? Mag ik uw paspoort? U moet een borgsom betalen U moet vooruit betalen • Procuro um ... barato/limpo aqui perto prokoeroe oeng ... baraatoe/liempoe akie pertoe ... • hotel ootel • parque de campismo parkə də kampiesjmoe • albergue de juventude alberĝə də zjoevẽntoedə • Qual é a morada? kwaal e aa moraadaa? • Podia escrever a morada, por favor? podiejaa əsjkreveer aa moraadaa, poer favoor? • Há desconto para estudantes? aa dəsjõntoe paaraa əsjtoedãntəsj? • Chamo-me ... reservei um lugar/um quarto (pelo telefone, por escrito) sjaamoe-mə ... Rəzərvei oeng loeĝaar/oeng kwartoe (peeloe tələfõnə, poer sjkrietoe) • Quanto é que custar por noite/semana/ mês por pessoa? kwãntoe e kə mə vaai koesjtaar? • Posso reservar um quarto/lugar? posoe rəsərvaar oeng kwartoe/loeĝaar? LOGEREN EN KAMPEREN Zie ook 1.6 Praktische zaken. 77
  78. 78. LOGEREN EN KAMPEREN 4 Hebt u kamers voor niet-rokers? Het is voor ... nachten Kan ik met creditcard betalen? Kan ik pinnen? Ik zal om ... uur arriveren We blijven minstens ... nachten/weken We weten het nog niet precies Ik weet nog niet hoe lang ik zal blijven Zijn huisdieren (honden/katten) toegestaan? Hoe laat gaat het hek/de deur open/dicht? Wilt u een taxi voor me bellen? Is er post voor mij? 78 • Tem quartos para não fumadores? teing kwartoesj paaraa naung foemadoerəsj? • É para ... noites e paaraa ... noitəsj • Posso pagar com cartão de crédito? posoe paĝaar kõm kartaung də credietoe? • Posso pagar com cartão multibanco? posoe paĝaar kõm kartaung də moeltibãnkoe? • Vou chegar à/às voo sjeĝaar aa/aasj ... • Ficamos pelo menos ... noites/semanas fiekaamoesj peeloe meenoesj ... noitəs/ səmaanasj • Ainda não sabemos precisamente ajienda naung sabeemoesj prəziezamẽntə • Ainda não sei quanto tempo vou ficar ajienda naung kwãntoe tẽmpoe voo fikaar • É permitido trazer animais domésticos (cães/gatos)? ẽ pərmietiedoe trazeer aniemaisj doemesjtiekoesj (kaaings/ĝaatoesj)? • A que horas abrem/fecham a cancela/a porta? a ke oorasj aabrẽm/fesjãm a kansela/a porta? • Poderia mandar vir um táxi? poederieja mãndaar vier oeng taksie? • Há correio para mim? aa koeReijoe paaraa mieng?

×