Kostprijs problematiek <ul><li>Hier vind je uitleg over kostprijs berekenen bij 1 soort product </li></ul><ul><li>(meestal...
Voorbeeld <ul><li>Een fabriek produceert alleen HIV-remmers met bijbehorende kosten: </li></ul><ul><li>Afschrijvingskosten...
Kostprijs mbv kostprijsformule   <ul><li>Kostprijs =  Variabele kosten p.st + Bijdrage p.st voor constante kosten </li></u...
Bezettingsresultaat <ul><li>Stel dat ze achteraf inderdaad 15.000 stuks gemaakt hebben , de </li></ul><ul><li>normale prod...
Brutoverkoopresultaat ,  <ul><li>Stel dat de verkoopprijs € 5,- per stuk bedroeg. </li></ul><ul><li>Het brutoverkoopresult...
Nettowinst <ul><li>De echte nettowinst is dan ook:  </li></ul><ul><li>Brutoverkoopresultaat  + bezettingsresultaat (nacalc...
Kostprijs Problematiek
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Kostprijs Problematiek

41,131
-1

Published on

Published in: Business
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
41,131
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
6
Actions
Shares
0
Downloads
19
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Kostprijs Problematiek

  1. 1. Kostprijs problematiek <ul><li>Hier vind je uitleg over kostprijs berekenen bij 1 soort product </li></ul><ul><li>(meestal massaproductie). </li></ul><ul><li>Aan de orde komen: </li></ul><ul><li>Kostprijs(formule) (V/W + C/N) </li></ul><ul><li>Bezettingsresultaat </li></ul><ul><li>(Bruto) Verkoopresultaat </li></ul><ul><li>Netto-winst en het verband met verkoopresultaat en bezettingsresultaat </li></ul>
  2. 2. Voorbeeld <ul><li>Een fabriek produceert alleen HIV-remmers met bijbehorende kosten: </li></ul><ul><li>Afschrijvingskosten van de machine € 100.000/10 = € 10.000,- p.j </li></ul><ul><li>Huur van de fabriek € 5.000,- per jaar. </li></ul><ul><li>Verzekeringen en elektriciteit € 1.000,- </li></ul><ul><li>Deze € 16.000 aan kosten zijn constant/vast, want als je niet </li></ul><ul><li>produceert heb je ze ook. </li></ul><ul><li>  </li></ul><ul><li>Loonkosten € 1,- per stuk </li></ul><ul><li>Grondstoffen € 2,- per stuk </li></ul><ul><li>We veronderstellen dat deze kosten variabel zijn. Ook het loon is op </li></ul><ul><li>stukbasis. Als je niet produceert heb je deze kosten niet. </li></ul><ul><li>We veronderstellen dat deze kosten rechtevenredig variabel zijn. </li></ul><ul><li>De gemiddelde productie en afzet over de afgelopen 5 jaar bedroeg </li></ul><ul><li>16.000 stuks per jaar en wordt als normaal gezien (N) </li></ul><ul><li>Dit jaar verwachten ze een productie en afzet van 15.000 stuks (W). </li></ul>
  3. 3. Kostprijs mbv kostprijsformule <ul><li>Kostprijs =  Variabele kosten p.st + Bijdrage p.st voor constante kosten </li></ul><ul><li>Kp = Totale variable kosten (V) + Constante kosten (C) </li></ul><ul><li>werkelijke productie (W) Normale productie (N) </li></ul><ul><li>Kp= V C </li></ul><ul><li>W + N </li></ul><ul><li> 15.000 x € 3 € 16.000 </li></ul><ul><li> 15.000 st + 16.000 st </li></ul><ul><li>  </li></ul><ul><li>= € 3 pst + € 1 pst </li></ul><ul><li>= € 4,- pst </li></ul><ul><li>Nadeel van deze methode is dat de bijdrage voor constante </li></ul><ul><li>Kosten achteraf pas exact uitgerekend kan worden. </li></ul>
  4. 4. Bezettingsresultaat <ul><li>Stel dat ze achteraf inderdaad 15.000 stuks gemaakt hebben , de </li></ul><ul><li>normale productie blijft ook gelijk. </li></ul><ul><li>Doorberekend voor constante kosten:(15.000 x 1)= (W x C/N) € 15.000 </li></ul><ul><li>Constante kosten: (16.000 x 1) = (N x C/N) € 16.000 </li></ul><ul><li>Verschil nadelig (W-N x C/N)- € 1.000 </li></ul><ul><li>Het teveel of te weinig doorberekend hebben van deze kosten heet </li></ul><ul><li>bezettingsresultaat. </li></ul><ul><li>Dit verschil is een extra winst of verlies achteraf. </li></ul><ul><li>Overigens kun je van te voren ook een bezettingsresultaat schatten </li></ul><ul><li>(voorcalculatie) </li></ul>
  5. 5. Brutoverkoopresultaat , <ul><li>Stel dat de verkoopprijs € 5,- per stuk bedroeg. </li></ul><ul><li>Het brutoverkoopresultaat (transactieresultaat) bedroeg dan: </li></ul><ul><li>Afzet x (Vp- Kp) = </li></ul><ul><li>15.000 x (€ 5 – €4) = €15.000,-. </li></ul><ul><li>Dit is de winst die je dacht te halen. </li></ul><ul><li>Achteraf blijkt dat de kostprijs niet helemaal juist was en de constante </li></ul><ul><li>kosten eigenlijk door 15.000 stuks gedeeld moest worden. </li></ul><ul><li>De echte goede kostprijs zou dan nog hoger worden met als gevolg </li></ul><ul><li>dat de afzet waarschijnlijk nog verder daalt. </li></ul><ul><li>Bovendien maak je de constante kosten niet voor een jaar en moet je </li></ul><ul><li>ze uitsmeren over een aantal jaren normale productie. </li></ul>
  6. 6. Nettowinst <ul><li>De echte nettowinst is dan ook: </li></ul><ul><li>Brutoverkoopresultaat + bezettingsresultaat (nacalculatie) </li></ul><ul><li> € 15.000 + - € 1.000 </li></ul><ul><li>= € 14.000,- </li></ul><ul><li>  </li></ul><ul><li>Of: </li></ul><ul><li>Omzet - alle kosten </li></ul><ul><li>15.000 x € 5 - (€ 16.000+ € 45.000) </li></ul><ul><li>€ 75.000 - € 61.000 </li></ul><ul><li>= € 14.000,- </li></ul><ul><li>N.B. Je mag voor de kosten niet de afzet x de kostprijs nemen, omdat de kostprijs een schatting is van de kosten. </li></ul>
  1. A particular slide catching your eye?

    Clipping is a handy way to collect important slides you want to go back to later.

×