Your SlideShare is downloading. ×
Vallende sterren 5.3
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×

Introducing the official SlideShare app

Stunning, full-screen experience for iPhone and Android

Text the download link to your phone

Standard text messaging rates apply

Vallende sterren 5.3

371
views

Published on

Published in: Travel, Entertainment & Humor

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
371
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1.  
  • 2. boze tongen en een valse verklaring hoofdstuk 5
  • 3. Deel 3
  • 4.
    • Het is tegen de avond. Nora ligt op bed wat te doezelen, als er op haar deur wordt geklopt. Dat zal vast Lotte zijn, denkt ze. Ze gaat rechtop zitten en zegt dan: “Binnen.” Maar als de deur wordt geopend ziet Nora dat het Lotte niet is. Het is Thom.
  • 5.
    • “ Kunnen we even praten?” Vraagt hij. Nora knikt en Thom sluit de deur. De stoel die Lotte bij het bed heeft geschoven, staat er nog steeds en Thom neemt erop plaats. “Hoe gaat het met je?” “Prima,” Antwoordt Nora luchtig.
  • 6.
    • “ Morgen ben ik weer op de been.” “Wat is er precies gebeurd, vanmiddag?” “Och, mijn moeder en ik kregen woorden en toen raakte ik nogal overstuur. Mijn bloeddruk is toen blijkbaar ernstig gestegen.”
  • 7.
    • “ Hadden jullie ruzie?” “Niet echt. We waren het gewoon niet eens met elkaar.” Thom fronst zijn wenkbrauwen. “Klinkt allemaal nogal vaag, Nora.” “Ik heb gewoon geen zin om erover te praten.”
  • 8.
    • “ Als het over je moeder gaat wil je er nooit over praten. Eigenlijk,” Bedenkt Thom zich nu. “Wil jij nooit praten.” “Ben je hierheen gekomen om me de les te leren?” Vraagt Nora geïrriteerd.
  • 9.
    • “ Om eerlijk te zijn wil ik je een vraag stellen.” “O. Waarover?” “Over Stephan. Ik weet dat hij vertrokken is. Zijn jullie uit elkaar?” “Ja, dat zijn we. Maar het is dom van hem om te vertrekken. Het onderzoek loopt nog en niemand mag het huis verlaten.”
  • 10.
    • “ Dat onderzoek kan me gestolen worden. Ik wil weten waarom jullie uit elkaar zijn. Heb je hem eindelijk verteld over ons?” Nora schudt haar hoofd. “Nee, het had met andere dingen te maken.”
  • 11.
    • “ En hoe zit het nu met ons?” Nora zucht. “Wij hebben geen toekomst.” Antwoordt ze ijzig. Thom kijkt haar verbaasd aan. “Waarom dat in vredesnaam niet? We houden van elkaar, want wat jij ook beweert, ik weet dat je van me houdt.
  • 12.
    • En ik houd van jou. Nu kunnen we eindelijk samenzijn. Dus wat houdt je tegen? Waar ben je bang voor?” Nora wendt haar blik af.
    • Hoeveel ze ook van Thom houdt en hoe graag ze haar kindje een liefdevolle vader zou willen geven, ze kan Thom niet in het ongeluk laten storten.
  • 13.
    • Als ze voor hem kiest, als ze voor hen samen kiest, dan moet ze hem vertellen wat ze op haar geweten heeft en dan zal hij zich van haar afkeren, dan zal hij misschien wel hun kindje van haar willen afnemen en dat zou ze niet kunnen verdragen.
  • 14.
    • Soms kan niet alles waar je hart om schreeuwt. En deze keer, voor het eerst in haar leven, zal ze eens niet egoïstisch zijn. Ze zal niet doen wat háár gelukkig maakt. Nee, dit keer is het anders. Ze kiest voor het geluk van een ander, maar wel met pijn in het hart.
  • 15.
    • Dan kijkt ze Thom weer aan, met die gereserveerde koelte die hem zo bekend voor komt. “Morgenavond, als het onderzoek, hopelijk, is afgerond of als iedereen weer toestemming krijgt het huis te mogen verlaten, dan ga ik terug naar Londen.”
  • 16.
    • “ Dat sta ik niet toe.” “Je kunt me niet tegenhouden, Thom en ook niet op andere gedachten brengen. Ik ga naar Londen en ik kom nooit meer terug…” “Waarom zeg je dit alles? Wat is er aan de hand?” Nora verdringt haar tranen. “…en jij blijft hier en moet mij zien te vergeten.”
  • 17.