Your SlideShare is downloading. ×
0
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Donkere wolken #5
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Donkere wolken #5

159

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
159
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. Lena loopt de kleine kapsalon binnen. Er rinkelt een bel wanneer de deur zich opent en een tweetal gezichten kijkt op. Een flauwe glimlach verschijnt op haar gezicht, terwijl ze de nieuwsgierige blikken even vluchtig aankijkt.
  • 2. “Kan ik u helpen?” De jonge kapster kijkt haar aan.“Als u tijd heeft wil ik graag mijn haar laten knippen en verven.” Antwoordt Lena.“Neem daar maar even plaats; ik kom zo snel mogelijk bij u.” Lena knikt en neemt plaats op een stoel.
  • 3. Ze weet dat de kapster en haar klant over haar praten. Natuurlijk, ze is geen bewoner uit het dorp, maar een vreemde, jonge vrouw die het oude houthakkershuisje bij Harold ’t Hof huurt. Maar het kan haar niet schelen. De mensen hier leven toch in het jaar nul.
  • 4. Een kwartier later is ze alleen met de kapster.“Komt u maar.” Lena loopt naar de kapster toe. “Knippen en verven, zei u?” Vraagt de kapster. Lena knikt. “Dit stuk mag eraf.” Lena laat het met haar handen zien.“En ik wil graag dat u mijn haar zwart verft.”
  • 5. De mond van de kapster valt open. Even heeft Lena het idee dat ze zo blijft staan, totdat ze zichzelf vermant en haar wenkbrauwen fronst.“Zwárt?” Piept de kapster.“Zwart, ja.”“En u weet zeker dat dit stuk er helemaal vanaf mag?”Wijst de kapster naar de lange, blonde lokken van Lena.
  • 6. “Heel zeker.”“Beseft u wel dat als uw haar zo kort wordt, dat de kans bestaat dat het dan gaat krullen?”“Dat is geen probleem.” De kapster knikt verslagen. “Goed dan. Als dat is wat u wilt.” Lena zwijgt, neemt plaats in de kappersstoel en de kapster gaat aan de slag.
  • 7. Ik kan het niet, denkt Lena, terwijl de kapster met haar nieuwe kapsel bezig is. Ik kan niet terug naar Zuiderdijk. Ik kan mezelf niet aangeven bij de politie. Ik kan het niet, ik durf het niet, ik wil het niet… Ik wil hier blijven.
  • 8. Want ja, ik denk dat ik hier gelukkig kan worden, uiteindelijk… De herinneringen zullen vervagen, het schuldgevoel zal slijten, mijn gevoelens zal ik een plek kunnen geven. Ik kan mijn leven niet opgeven voor zo’n… zo’n… fout.
  • 9. Dat blijf ik mezelf maar wijsmaken; dat het een fout was. Zolang ik dat blijf denken dan gaat het goed met me. Dan voel ik geen pijn, geen verdriet en slaap ik ’s nachts zonder nachtmerries. Op den duur waait het over, de moord op Luke. Men zal het vergeten. En ik hoop dat ik het ooit zal kunnen vergeten…
  • 10. “Kijkt u eens.” Haalt de kapster Lena uit haar gedachten.“Bent u tevreden?” Lena staart naar een totaal ander persoon in de spiegel. Ze herkent zichzelf zelfs niet eens meer. Haar haar krult inderdaad, het is ravenzwart en het glanst prachtig.
  • 11. “Heel tevreden. Dank u.” Lena loopt met de kapster mee naar de kassa en rekent af.“Ik had zo mijn twijfels, maar het is werkelijk een heel mooi kapsel, mevrouw.” Lena glimlacht en verlaat dan de kapsalon. Een nieuwe naam, een nieuw kapsel, een nieuwe start…

×