Proefwerk h2b pww powerpoint uitwerkingen ppt
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Proefwerk h2b pww powerpoint uitwerkingen ppt

on

  • 147 views

 

Statistics

Views

Total Views
147
Slideshare-icon Views on SlideShare
147
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Proefwerk h2b pww powerpoint uitwerkingen ppt Proefwerk h2b pww powerpoint uitwerkingen ppt Presentation Transcript

    • Havo 2 December 2013
    • 4. (1) Hoeveel is 100°C in Kelvin: A. B. C. 100 K. 173 K. 373 K. 5. (1) Banken op perrons staan in de buitenlucht. Ze moeten niet te koud aanvoelen als je er op zit. Voor de productie van die banken heeft men de keuze uit verschillende materialen. Weke van de onderstaande materialen is hiervoor het meest geschikt? A. Beton. B. Kunststof. C. Metaal. 6. (1) Er wordt van een blokje perspex een stukje afgezaagd. Welke invloed heeft dat op de dichtheid van het overblijvende perspexblokje? A. De dichtheid wordt kleiner. B. De dichtheid blijft gelijk. C. De dichtheid wordt groter.
    • 7. (1) Een ijsblokje blijft drijven in water. Zie de foto. Waarom A. B. C. drijft ijs op water? De dichtheid van ijs is kleiner dan de dichtheid van water. De dichtheid van ijs is groter dan de dichtheid van water. De dichtheid van ijs is even groot dan de dichtheid van water.
    • 8. (2) De temperatuur in een koelkast wordt door een thermometer op 4°C gehouden. De temperatuur van het vriesvak is 6°C onder het vriespunt.  In de thermometers hieronder is een gedeelte van de vloeistof in de buis al weergegeven. Kleur in de thermometers hieronder de vloeistof in de buis tot de juiste temperaturen.
    • 9. Als je wilt weten van welk materiaal een voorwerp gemaakt is, kun je de dichtheid bepalen. Je meet het volume en de massa. In de figuren kun je de gegevens aflezen bij metingen met een zilverkleurige munt. a. (4p) Bepaal aan de hand van de meting de dichtheid van de munten van welk materiaal de munt gemaakt is. V1= 50 cm3 ; V2 = 64 cm3 ; m = 124,6 g. ρ = m / ( V2 –V1 ) = 124,6 / (14) =8,9 g/cm³ materiaal is Brons. b. (1p) Naast de dichtheid zijn er nog meer stofeigenschappen waarmee je kunt onderzoeken van welke stof de munt gemaakt is. Noem nog 2 stofeigenschappen. Kleur, smeltpunt, geur, smaak …
    • 10. (2) Floor en Bart gaan tijdens een practicum de versheid van eieren bepalen. Ze doen daarom twee eieren in een bekerglas met water. Zie figuur hiernaast. Hoe verser een ei is, des te groter is de dichtheid van het ei. Leg uit welk van de twee eieren het meest vers is. ( Gebruik in je antwoord het begrip dichtheid ) Meest vers ei onder in bekerglas. Dichtheid ei onder in bekerglas is groter dan dichtheid ei boven.
    • 11. Weerkundige gebruiken weerkaarten die de luchtdruk in een bepaald gebied weergeven. Zie de figuur hiernaast. Hierin zijn de punten met dezelfde luchtdruk met elkaar verbonden. De lijnen die zo ontstaan heten isobaren ( iso wil zeggen: gelijk ). De getallen bij de isobaren geven de luchtdruk in hPa weer. a.(2p) b.(1p) c.(2p) d.(2p) e.(1p) 1hPa = 100 Pa. 1 hPa = 1 millibar Een andere naam voor een ‘lege’ ruimte is: vacuüm Schat de luchtdruk op Texel. 1012 hPa Schat de laagste luchtdruk op de kaart. 980 hPa Met welk apparaat meet je de luchtdruk van de dampkring? Barometer
    • 12. In de figuur hiernaast staat een gedeelte van een thermometer getekend waarin is aangegeven waar de alcohol staat in de thermometer als hij 100 graden Celsius meet en waar hij staat als hij 60 graden Celsius meet. Bepaal, door middel van de driehoeksmethode, waar de alcohol zit als de thermometer een temperatuur van 0 graden Celsius meet.
    • a.(2p) De stoffen in het glas mengen niet. Geef in de tabel de cijfers aan waar elke stof zich bevindt 2 3 1 4
    • b. (4p) Bereken van welk materiaal de lepel gemaakt is V= 0,0042 dm3 = 4,2 cm3 Ρ = m / V = 44,1 / 4,2 = 10,5 g/cm³ Materiaal Zilver .
    • 14. Door het smelten van goud en zilver krijgen we een mengsel. We hebben een volume van 2,27 cm3 goud . De massa van het zilver is 23,4 gram. a. (3p) bereken de massa van het goud. m=ρ ∙ V = 19,30 ∙ 2,27 = 43,8 g b. (3p) bereken het volume van het zilver. V = m / ρ = 23,4 /10,50 = 2,23 cm³ c. (3p) bereken de dichtheid van het mengsel. ρ = mtotaal / Vtotaal = (43,8+23,4)/(2,27+2,23)= 14,9 g/cm³
    • Puntentelling : (aantal punten/42) ∙9+1=je punt !