omslag Metaal-Machine+rug5mm 17-02-2005 09:53 Pagina 1                                                         @#         ...
Succesvol produceren in Nederland                       Economisch Bureau ING                       februari 2005
2                                            ColofonSUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                     ...
Inhoud                    3                                                      SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDVoorwoor...
4SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Reeds eerder in de reeks ING Sectorstudies zijn vers...
Voorwoord                    5                                                                                            ...
6                                   Samenvatting en conclusiesSUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                           ...
7                                                                                                                         ...
8SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                        werking op projectbasis moeten de koudwater-    ...
1 Inleiding                    9                                                                                          ...
10                                  De industrie in Nederland 2SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                          ...
11                                                                                                                        ...
12SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.2 Groei productievolume industrie in Neder...
13                                                                                                                        ...
14SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.4 Ontwikkeling Nederlandse uitvoer totaal ...
15                                                                                                                        ...
16SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.5 Ontwikkeling inkomende FDI naar land/reg...
17                                                                                                                  SUCCES...
18SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.7 Arbeidskosten per eenheid product, 2001 ...
19                                                                                                                        ...
20SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.10 Terminologie                           ...
21                                                                                                                        ...
22SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    Figuur 2.12 export/importquote machines en metaalpr...
23                                                                                                            SUCCESVOL PR...
24                                  Strategische succesfactoren Nederlandse metaalindustrie 3SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDER...
25                                                                                                              SUCCESVOL ...
26SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND                                    grote meerderheid van de geïnterviewde bedrijven   ...
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005

721 views
622 views

Published on

Published in: Business
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
721
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
4
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

ING rapport Succesvol produceren in Nederland, febr 2005

  1. 1. omslag Metaal-Machine+rug5mm 17-02-2005 09:53 Pagina 1 @# THEMASTUDIE Succesvol produceren in Nederland
  2. 2. Succesvol produceren in Nederland Economisch Bureau ING februari 2005
  3. 3. 2 ColofonSUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Auteur mw. drs. A. Geerts - ING Economisch Bureau Redactie G.P.M. van Nieuwland - ING Bank drs. M.J.P.M. Peek- ING Economisch Bureau mr. R.J. Schuitema - Koninklijke Metaalunie drs. ing. V. Tunzi - Koninklijke Metaalunie R.H. van der Werff - Koninklijke Metaalunie L.G. Woltheus - ING Bank Branchemanagers ING Bank G.P.M. van Nieuwland 020 - 652 3724 drs. D.J.J. Kemps 020 - 652 3702 Koninklijke Metaalunie mr. R.J. Schuitema 030 - 605 3344 Informatiemanagement mw. I. Sievers Cover H. Grol, grafische vormgeving & fotografie Opmaak en druk Papyrus B.V., Diemen ISBN Bestellingen 90-6919-1199 www.ingbank.nl/grootzakelijk www.metaalunie.nl © Economisch Bureau ING, 2005 Overneming met bronvermelding toegestaan. Hoewel de uitgave met uiterste zorg is samengesteld, kan Economisch Bureau ING voor de eventuele aan- wezigheid van (zet)fouten en onvolledigheden geen aansprakelijkheid aanvaarden. De tekst is afgesloten op 3 februari 2005.
  4. 4. Inhoud 3 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDVoorwoord 5Samenvatting en conclusies 61. Inleiding 92. De industrie in Nederland 10 2.1 Industrie: sector van formaat? 10 2.2 Globalisering zowel kans als bedreiging 12 2.3 Metaalsector in een uitdagende omgeving 18 2.4 Industrie is hoeksteen van de economie 233. Strategische succesfactoren Nederlandse metaalindustrie 24 3.1 Innovatieve specialisten 25 3.2 Kostengerichte specialisten 28 3.3 Innovatieve bedrijven met een diversificatiestrategie 32 3.4 Kostengerichte bedrijven met een diversificatiestrategie 36 3.5 Overige bevindingen 39 3.6 Conclusies 40Bijlage: Geraadpleegde bronnen 45
  5. 5. 4SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Reeds eerder in de reeks ING Sectorstudies zijn verschenen: ■ Autoretail, februari 2005 ■ Ritplanning, juni 2003 ■ Elektrotechnische groothandel, januari 2005 ■ Hotellerie, mei 2003 ■ Themastudie woninginrichting (van aanbod- ■ Transport & logistiek "Strategisch op weg naar vraagketen), december 2004 naar een beter rendement", maart 2003 ■ Gemeenten, november 2004 ■ Bouw, februari 2003 ■ Incassobureaus en gerechtsdeurwaarders- ■ Chemie, december 2002 kantoren, november 2004 ■ Woninginrichting, november 2002 ■ Pensioenfondsen, november 2004 ■ Fysieke distributie, november 2002 ■ Melkveehouderij, september 2004 ■ Woningcorporaties, oktober 2002 ■ Financiële bemiddeling, juni 2004 ■ Mode, oktober 2002 ■ Sierteeltgroothandel, juni 2004 ■ Verpakkingsindustrie, september 2002 ■ Onderwijs, februari 2004 ■ Transport & logistiek 2002, juli 2002 ■ Levensmiddelendistributie groot- en detail- ■ Koeriers, expres- en pakketdiensten, juli 2002 handel, februari 2004 ■ Metaalproducten- en machine-industrie, ■ Internationale groupage, januari 2004 juni 2002 ■ Bouwmaterialen, november 2003 ■ Groothandel AGF, mei 2002 ■ Touroperators en reisbureaus, oktober 2003 ■ Accountancy, mei 2002 ■ Aanbieders facilitaire diensten, ■ Autoretail, april 2002 september 2003 ■ Leisure deelmarkten, januari 2002 ■ Advocatuur en notariaat, juli 2003 ■ Grafimedia, januari 2002 ■ Farmaceutische groothandel en apotheken, ■ Tank Bulk vervoer, oktober 2001 juni 2003 ■ Geconditioneerd vervoer, juni 2001
  6. 6. Voorwoord 5 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDVoor u ligt de themastudie “Succesvol Voor deze studie is gesproken met een grootProduceren in Nederland”. Aanleiding voor deze aantal bedrijven. Tevens heeft een uitgebreidestudie is het feit dat op dit moment bij veel deskresearch plaatsgevonden en zijn de ervarin-bedrijven “outsourcing” en “offshoring” hoog op gen van ING Bank en de Metaalunie gebundeld.de agenda staan. Een belangrijk argument hierbij In gesprekken hebben ondernemers inzichtis het kostenvoordeel dat behaald kan worden gegeven in hun strategie. Voorts is gebruikdoor productie te verplaatsen naar “lagelonen- gemaakt van een enquête onder de leden van delanden” om de concurrentie het hoofd te bieden. Metaalunie. Wij danken al onze gesprekspartnersEnkel een focus op kosten is echter niet voldoen- en de bedrijven die meegewerkt hebben aan dede. In opdracht van Marktmanagement Bedrijven enquête voor hun bijdrage.van ING Bank en de Koninklijke Metaalunieheeft het Economisch Bureau van ING een studie Wij verwachten dat de studie u een interessanteverricht om de factoren voor het voetlicht te leeservaring biedt. Wij spreken daarbij de wenskrijgen die “het succesvol produceren in uit dat deze studie voor onze relaties, voor onzeNederland” ondersteunen. potentiële relaties en voor andere geïnteresseer- den van nut zal zijn en kan dienen als vertrekpuntING Bank kiest in haar marktbenadering voor een voor een goede, strategische discussie. ING Bankbranchegerichte aanpak. ING wil als bank de en Metaalunie denken daarbij graag met u mee!ondernemer en de markt waarin hij opereertkunnen begrijpen en volgen om hem zo nog beter Wij wensen u veel leesplezier.van dienst te kunnen zijn. Wij streven er nietalleen naar om een duurzame relatie met deondernemer op te bouwen, maar willen tevens eensparringpartner voor hem zijn. ING Marktmanagement BedrijvenVoor ondernemers in de metaalsector wordt het Koninklijke Metaaluniesteeds belangrijker hun plaats in de keten tebepalen. Dit rapport onderstreept het belang vaneen goede ondernemingsstrategie. De Metaalunieondersteunt haar leden bij het ontwikkelen vaneen toekomstvisie. Daartoe zullen toekomst-verkenningen worden ontwikkeld en voorlich-tingsbijeenkomsten en workshops over strategieworden georganiseerd.
  7. 7. 6 Samenvatting en conclusiesSUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Nederlandse industrie in dynamische omgeving van de industrie. Ten slotte zorgt de industrie Industriële bedrijven bevinden zich in een zeer voor een breed scala van banen die bijdragen aan dynamische omgeving waarin de internationale een veelzijdige werkgelegenheidsstructuur. concurrentie sterk toeneemt. Steeds meer handels- Om deze redenen is het voor Nederland van en productieactiviteiten van bedrijven overschrij- cruciaal belang om een industriële sector van een den de nationale grenzen. Structureel vertonen de relevante omvang en diversiteit te houden. ontwikkeling van de internationale handel en de internationale directe investeringen dan ook een Omgaan met concurrentie stijgende lijn. De achterblijvende productiviteits- In de metaalsector is de (inter)nationale concur- ontwikkeling in combinatie met sterk gestegen rentie inmiddels zo hevig geworden dat bedrijven loonkosten en een inflexibele arbeidsmarkt al bij voorbaat buitenspel staan als ze niet ten- hebben onze internationale concurrentiepositie minste de gevraagde kwaliteit kunnen leveren, voor verschillende, vooral arbeidsintensieve, klachten adequaat kunnen afhandelen en in staat activiteiten verzwakt. Samen met een verder- zijn om oplossingen op maat te bieden. Samen gaande liberalisatie van het internationale met goed ondernemerschap en ambitie zijn dit de handelsverkeer heeft dat ertoe geleid dat de basisvoorwaarden om in de huidige tijd op korte verplaatsing van bedrijfsactiviteiten naar lage- termijn te overleven. Op de langere termijn is er lonenlanden sterk in de belangstelling is echter meer nodig om succesvol te kunnen blijven gekomen. Dit geldt zeker voor de metaalketen, produceren. Los van de waan van de dag zal ieder waar meer dan één op de acht bedrijven de bedrijf, onafhankelijk van zijn plaats in de keten, afgelopen tien jaar productie heeft verplaatst naar na moeten gaan denken over een heldere en het (goedkopere) buitenland. offensieve strategie om dat doel te bereiken. Grenzen aan deïndustrialisatie Strategische keuzes noodzakelijk Productiviteitsgroei, het overhevelen van niet- Uit de respons van ondernemers blijkt de meest kerntaken naar de dienstensector en, zij het in relevante strategische keuze die tussen beperkte mate, de verplaatsing van productie naar concurreren op basis van: lagelonenlanden hebben er toe geleid dat de ■ productinnovatie of geen productinnovatie (en industriële werkgelegenheid in Nederland en daarmee overwegend op kosten); en andere westerse landen al decennia lang terug ■ specialisatie of diversificatie. loopt. Gezien het substantiële belang voor groei, innovatie en export blijft onzes inziens de Een keuze voor een van deze combinaties is alleen industrie een belangrijke pijler onder de econo- succesvol als die gepaard gaat met een aantal mie. Bovendien kan een economie met een andere strategische beslissingen op onderliggende gediversifieerde sectorstructuur conjuncturele bedrijfsactiviteiten. Op basis van de enquête- schokken beter opvangen dan een eenzijdig resultaten ontstaat zo een viertal sterke profielen samengestelde economie. Gezien de sterke onder- van metaalbedrijven die op de markt en in de linge verwevenheid heeft ook de dienstensector keten een duidelijke positie innemen (figuur 1). belang bij een meer dan marginale aanwezigheid
  8. 8. 7 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDFiguur 1 Specifieke strategische succesfactoren, ingedeeld naar groep(en) met hoogste score Specialisatie Diversificatie ■ productinnovatie ■ productinnovatie Productinnovatie ■ beschikbaarheid laatste technologie ■ creativiteit en kennis personeel ■ nichemarkten ■ productontwikkeling ■ export ■ samenwerking afnemers ■ samenwerking afnemers ■ korte ontwikkeldoorlooptijd ■ OEM’ers sterk vertegenwoordigd ■ OEM’ers sterk vertegenwoordigd Geen productinnovatie ■ korte productiedoorlooptijd ■ korte productiedoorlooptijd ■ procesinnovatie ■ brede klantenkring ■ parts suppliers sterk vertegen- ■ process suppliers en system woordigd suppliers sterk vertegenwoordigdBron: Economisch Bureau INGAanbevelingen of –verbetering versterkt de band met klantenNaast de onontkoombaarheid van het nadenken en biedt de mogelijkheid op het bieden vanover de langere termijn en het maken van meer toegevoegde waarde. Ook als dat niet zostrategische keuzes, kan een aantal aanbevelingen voor de hand ligt, biedt een (meer) klant-gedaan worden die voor de toekomst van alle gerichte, proactieve houding het beste per-bedrijven van belang zijn. spectief. ■ Als gevolg van fusies en overnames worden■ Prijs is en blijft een belangrijk wapen in de leveranciers en afnemers steeds groter. Voor concurrentiestrijd, bij gelijke kwaliteit geeft metaalbedrijven zal de strategische keuze de prijs de doorslag. Dat vereist dus een per- tussen doorgroeien (meegroeien met afnemers) manente aandacht voor kostenbeheersing en hierdoor een ‘allround’ partner voor de in het algemeen en procesinnovatie in het afnemer zijn, of juist ‘relatief’ klein en bijzonder. flexibel blijven of worden, zich steeds nadruk-■ De klant komt steeds meer centraal te staan, kelijker gaan stellen. de keten steeds meer op z’n kop. Gevraagd en ■ Om ook attractief voor grote opdrachtgevers te ongevraagd meedenken, ook voor bedrijven zijn, zullen kleine bedrijven, veel meer dan die uitsluitend op specificatie werken, met nu, samenwerking moeten gaan zoeken met afnemers over product- en procesvernieuwing collegabedrijven. Experimenten met samen-
  9. 9. 8SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND werking op projectbasis moeten de koudwater- waarbij concrete ondersteuning door middel vrees die bij veel bedrijven nog heerst, weg- van gezamenlijke beursstands voor nemen. Brancheorganisaties en dienstverleners Nederlandse bedrijven en sectorgewijze (adviseurs, banken, accountants) zouden handelsmissies de drempel kan verlagen. daarbij een proactieve en faciliterende rol Zuid-Duitsland biedt bijvoorbeeld nog kansen, kunnen spelen. Bij goede ervaringen kan over terwijl Nederlandse bedrijven daar nog nauwe- worden gegaan tot structurele samenwerking, lijks vertegenwoordigd zijn. waardoor hechte clusters van bedrijven ■ Gekwalificeerde vakmensen zullen in de toe- ontstaan met een sterke marktpositie. komst nog schaarser worden dan ze nu al zijn. ■ Veel meer dan nu zullen bedrijven (structu- Om de beperkte beschikbaarheid van reel) moeten gaan samenwerken met kennis- gekwalificeerd (en gemotiveerd) personeel te instellingen bij het omzetten van nieuwe verbeteren, zou de betrokkenheid van kennis in innovatieve producten en processen individuele bedrijven met scholen (met name om op die manier de broodnodige verhoging VMBO en MBO) moeten toenemen. Door van de kennisintensiteit van de productie te meer wisselwerking in de vorm van bijvoor- realiseren. Ook hier geldt dat men zich over beeld stages, bedrijfsbezoeken en gastlessen argwaan en koudwatervrees heen moet zetten, verbetert de aansluiting tussen school en aangezien de internationale concurrentie niet bedrijf. stil zit. De middelen zijn voor handen ■ Het centraal stellen van de behoefte van de (bijvoorbeeld kennisvouchers, het ACP), dus klant pakt goed uit voor toeleveranciers. het is aan de ondernemers om de stap te Flexibel inspelen op klantenwensen wat zetten. Bij de overheid ligt de taak om het betreft ontwerp, maatwerk, levertijd (korte aandeel vraaggestuurd onderzoek verder te ontwikkel- en productiedoorlooptijd) vergroten en zo de barrière verder te verlagen. en service is bij uitstek een succesfactor van ■ Vooral kleinere bedrijven zijn vaak nog teveel Nederlandse metaalbedrijven. Dit geeft aan afhankelijk van één of enkele klanten of dat er een omslag gaande is van productgericht markten, met alle risico’s van dien voor hun denken naar marktgericht denken. Het is hier- continuïteit. Het noodzakelijke streven naar bij van belang dat deze omslag structureel op voldoende spreiding in geografische markten alle niveaus in de organisatie wordt ingebed. en in marktsegmenten is eenvoudiger bij een zekere schaalgrootte, al dan niet bereikt via structurele vormen van samenwerking. ■ Exporteren is het middel om de afhankelijk- heid van geografische markten te reduceren. Nog veel meer dan nu zullen bedrijven de buitenlandse markt moeten betreden. Om met name het MKB op buitenlandse markten op weg te helpen blijft exportbeleid noodzakelijk. Ook (of juist) voor export naar nabije landen,
  10. 10. 1 Inleiding 9 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDDe toegenomen (inter)nationale concurrentie Om inzicht te krijgen in de mogelijke succes-heeft grote gevolgen voor veel ondernemingen. factoren hebben we naast deskresearch twaalfDit speelt nog sterker in de industrie dan in gesprekken gevoerd met succesvolle ondernemersandere sectoren. De huidige zwakke economische op verschillende plaatsen in de metaalketen enomstandigheden werken ook niet mee. De over- een enquête uitgezet onder leden van deheersende toon in de media is een negatieve. Koninklijke Metaalunie. Omdat het de bedoeling‘Industrie EU luidt de noodklok’, ‘Veel banen in is om dieper te gaan dan meer algemene termenindustrie naar lagelonenlanden’ zijn voorbeelden als innovatie en productiviteit ligt de nadruk invan krantenkoppen waarmee de krantenlezer het rapport op de uitkomsten uit de gevoerderegelmatig wordt geconfronteerd. Het algemene gesprekken. De enquêteresultaten gelden alsbeeld is dat de Nederlandse industrie het moeilijk ondersteuning hierbij.heeft, maar dit is niet het hele verhaal. Gelukkigzijn in Nederland talrijke industriële bedrijven De studie is als volgt opgebouwd: in hoofdstuk 2zeer succesvol in de huidige concurrentiestrijd. wordt een korte maatschappelijke inkadering vanDit geldt zowel voor de grotere bedrijven als voor het onderzoek gegeven: wat is de huidige plaatsbedrijven in het MKB. De bedrijven die de markt- van de industrie in de economie en welke belang-dynamiek van tegenwoordig aankunnen doen rijke trends en ontwikkelingen zijn hier gaande?blijkbaar een aantal zaken goed, ondanks een In hoofdstuk 3 komen de (potentiële) succes-tegenzittende conjunctuur en een tot op heden factoren aan de orde, waarbij in de laatste(nog) weinig stimulerend overheidsbeleid. Het is paragraaf conclusies worden getrokken.belangrijk om scherp te krijgen wat die zaken Deze studie probeert zoveel mogelijk aan teprecies zijn om bedrijven de kans te geven om sluiten bij de in de markt gehanteerde terminolo-van elkaar te leren. Welke factoren zijn bepalend gie. Het is vaak lastig om bedrijven met eenvoor het succes van een bedrijf? Dit is de centrale diversiteit aan activiteiten in een hokje van eenvraagstelling in het voorliggende onderzoek. standaardbedrijfsindelingscode (SBI-code) teOndernemers in de metaalketen (specifiek de plaatsen. Door de ontwikkeling van processen enproducenten van metaalproducten en machine- producten en de combinaties van dienstverleningbouwers) staan centraal in dit onderzoek, maar de in de vorm van service met het aanbieden van eenresultaten kunnen voor de gehele maakindustrie fysiek product zijn SBI-codes vaak niet geheelaanknopingspunten bieden. representatief voor de bedrijfstak. Branchegegevens van het CBS zijn echter alleenSuccesfactoren (of kritieke succesfactoren) naar SBI-code beschikbaar, waardoor in voor-definiëren we in dit rapport als factoren die door komende gevallen deze indelingsmethodiek in hetde onderneming zelf zijn te beïnvloeden en die rapport moet worden gehanteerd.cruciaal zijn voor continuïteit in de relatie tussende onderneming en de markt.
  11. 11. 10 De industrie in Nederland 2SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Alvorens op de succesfactoren voor industriële Definitie industrie bedrijven in wordt gegaan, geeft dit hoofdstuk Met industrie wordt in dit rapport zowel de maak- een analyse van de Nederlandse industrie. Een industrie als de procesindustrie bedoeld. Anders duidelijk beeld van de huidige omvang en dan in de Industriebrief van oktober 2004 van de ‘conditie’ van de industrie kan het belang van Staatssecretaris van Economische Zaken wordt verbetering op bedrijfsniveau in de industrie de dienstverlening hier dus niet tot de industrie ondersteunen. gerekend. Bij de uitwerking van de succes- De Nederlandse industrie heeft te maken met een factoren is specifiek naar een deel van de maak- aantal uitdagingen van formaat. Meer dan andere industrie (de metaalketen) gekeken. sectoren worden industriële bedrijven geconfron- teerd met de gevolgen van globalisering; het 2.1 Industrie: sector van formaat? opengaan van markten met als gevolg toegeno- men concurrentie, veranderingen in de productie- Al decennialang is deïndustrialisatie in Nederland keten en verplaatsing van activiteiten. In dit een onderwerp van gesprek. Met deïndustrialisatie hoofdstuk wordt eerst op het belang van de wordt bedoeld dat het aandeel van de industrie in industrie in Nederland ingegaan en vervolgens op de totale productie in de Nederlandse economie globalisering en de gevolgen hiervan. Daarna afneemt. De mate waarin sprake is van deïndus- wordt de focus gericht op de metaalindustrie en trialisatie hangt af van de gehanteerde maatstaf: afgesloten met enkele conclusies. werkgelegenheid, toegevoegde waarde of productievolume ■. 1 Figuur 2.1 Aandeel industrie in totale productie, aandeel industrie in totale toegevoegde waarde (TW), aandeel industrie in totale werkgelegenheid, 1970-2002 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 1970 1974 1978 1982 1986 1990 1994 1998 2002 Aandeel industrie in totale productie Aandeel industrie in totale TW Aandeel industrie in totale werkgelegenheid Bron: Stan-database OECD ■ 1 Berekeningen Economisch Bureau ING o.b.v. STAN-database OECD, tenzij anders aangegeven
  12. 12. 11 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDAandeel industriële werkgelegenheid loopt sterk terug menten. Dit is ook de belangrijkste oorzaak vanWanneer naar de werkgelegenheid in de industrie de afname van het aandeel van de industrie in dewordt gekeken is het duidelijkst sprake van totale Nederlandse productie (van 37% tot 25%).deïndustrialisatie. Het aantal werknemers in de In absolute termen groeide het industriëleindustrie is tussen 1970 en 2002 met een half productievolume namelijk tussen 1970 en 2003miljoen afgenomen, terwijl de totale werkgele- jaarlijks met 2,3% (SEO, 2004). Doordat vooralgenheid steeg met ruim 2 miljoen. Het aandeel in de dienstensector sneller groeide, nam het aandeelde totale werkgelegenheid is hierdoor terug- van de industrie evenwel af.gelopen met 25% tot 13% (figuur 2.1). Debelangrijkste oorzaak van deze daling is terug te Vervlechting industrie en dienstverlening neemt toevoeren op arbeidsproductiviteitgroei. De arbeids- Anno 2004 zijn nog steeds bijna 1 miljoenproductiviteit is aanzienlijk sneller gegroeid in de personen in de industrie werkzaam en zijn erindustrie dan in rest van de economie. Door minstens zoveel (o.m. door uitbesteding van nietinvesteringen in arbeidsbesparende technologieën kernactiviteiten) werkzaam bij bedrijven diekon de productie toenemen met minder mensen. indirect afhankelijk zijn van de industrie. Het aan-Om de werkgelegenheid niet te laten dalen had de deel intermediaire leveringen door bedrijven inproductiegroei in deze sector dus erg hoog andere sectoren ■ is vanwege deze uitbestedingen 2moeten zijn. Een klein deel van terugloop van de tussen 1987 en 2003 licht toegenomen van 11%industriële werkgelegenheid heeft te maken met het tot 14%. De uitstralingseffecten van de industrieuitbesteden van niet-kernactiviteiten als catering, naar andere sectoren nemen dus toe, resulterend inschoonmaak, financiële diensten en dergelijke. Nu een sterker wordende verwevenheid en afhanke-deze diensten bij externe partijen worden ingekocht lijkheid tussen industrie en dienstverlening.gelden ze niet langer als werkgelegenheid van deindustrie zelf. In de meeste Westerse landen is een Internationaal sterke verschillen in productiegroeivergelijkbare terugloop in de industriële werkgele- Een historisch overzicht van de industriëlegenheid zichtbaar (m.u.v. Finland, waar zelfs spra- productiegroei in verschillende ontwikkeldeke is van een lichte toename). landen geeft duidelijke groeiverschillen weer (figuur 2.2). De VS laat in de jaren negentig deAlhoewel de productie toeneemt, daalt het aandeel van sterkste groei zien. Vanaf de jaren negentig komtde industrie de productiegroei van Japan juist tot stilstand, naHet aandeel van de toegevoegde waarde (TW) in de jaren tachtig hoge groeicijfers te hebbenvan de industrie in de Nederlandse economie is gerealiseerd. De Europese landen, waarondereveneens gedaald (van 25% in 1970 tot 15% in Nederland, laten een redelijk gelijke ontwikkeling2002). Hiervoor geldt eveneens dat een deel zien, met gematigde groei die het hoge groeitempowordt veroorzaakt door uitbesteding van niet- van de VS niet kunnen volgen. Dit heeft onderkernactiviteiten, veelal diensten. De tweede reden meer te maken met het achterblijven van deis dat de TW van de industrie minder snel is toe- arbeidsproductiviteitsontwikkeling bij die in de VS.genomen dan in andere sectoren. De oorzaak hier- Nederland neemt qua groei een middenpositie in,van is een verschuiving in de vraag van consu- vooral de laatste jaren blijft Nederland achter.■2 nutsbedrijven, bouw, handel, horeca, reparatie, vervoer, communicatie en financiële en zakelijke dienstverlening
  13. 13. 12SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.2 Groei productievolume industrie in Nederland, Duitsland, België, de VS en Japan, 1970-2004 ■ * 6% Duitsland 5% België 4% Nederland VS 3% Japan 2% 1% 0% -1% -2% 1975-1980 1980-1985 1985-1990 1990-1995 1995-2000 2000-2004 Bron: OEF ■ * t/m tweede kwartaal 2004 In de VS geldt ook dat de productie van laagwaardige vaak betreft het assemblagewerk dat ter plekke producten met een hoge arbeidskostencomponent niet gebeurt om invoerbelemmeringen of hoge ver- behouden blijft, maar hier laat de productie van hoog- voerkosten voor het eindproduct te vermijden. waardige complexe producten een aanhoudende groei 5) De multinationale onderneming heeft volledige zien. Echter, sinds 2000 groeit de Amerikaanse productie-eenheden in verschillende landen en industriële productie ook niet meer zo hard. speelt in op de voorkeuren van de lokale mark- ten. Zij maakt ook gebruik van lokale kennis en 2.2 Globalisering zowel kans als bedreiging toeleveranciers of onderaannemers. 6) De transnationale onderneming is een netwerk Wat houdt globalisering in? van organisaties waarbij synergie een belang- Globalisering (internationalisering) kan worden rijke rol speelt. De productie gebeurt in omschreven als activiteiten van het bedrijfsleven wereldproductie-centra, vooral als de schaal- die nationale grenzen overschrijden. De ontwik- voordelen groot zijn, de vervoerskosten gering keling van globalisering voor bedrijven zelf en de markt homogeen is. verloopt in verschillende fasen: 1) De lokale onderneming produceert en verkoopt Een groot deel van de bedrijven komt zelf niet verder alleen in eigen land. dan stap één of stap twee, maar heeft daarnaast wél 2) De lokale onderneming produceert en verkoopt veel met de voortgaande globalisering van andere in eigen land en exporteert vanuit de bestaande bedrijven te maken. Bijvoorbeeld omdat men toe- locatie. levert aan (leveranciers van) dergelijke bedrijven. 3) De internationale onderneming opent verkoop- punten en eventueel een distributienetwerk op Concurrentieverschillen en de ontwikkeling van andere markten (groei)markten voeden globalisering 4) De globale onderneming brengt een deel van De drijvende krachten achter globalisering zijn het het productieproces over naar het buitenland: streven om aanwezig te zijn op (groei)markten voor
  14. 14. 13 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDFiguur 2.3 Ontwikkeling inkoopmanagerindices in de industrie in Nederland, Duitsland en Frankrijk, 2000-2005 ■ *70%65%60%55%50%45%40%35%30% jan 00 mei 00 sept 00 jan 01 mei 01 sept 01 jan 02 mei 02 sept 02 jan 03 mei 03 sept 03 jan 04 mei 04 sept 04 jan 05 NEVI PMI Duitsland PMI/DEMA 1 Frankrijk/FRMA 1Bron: Reuters, Nevi■* t/m januari 2005eindproducten en het benutten van verschillen in con- Internationale handel als maatstaf voor globaliseringcurrentievoordelen tussen landen (loonkosten, investe- De mate van globalisering kan worden gemetenringsbeleid, etc.). Door de toenemende mogelijkheden door te kijken naar de internationale handel.en dalende kosten van transport en communicatie en Als percentage van de toegevoegde waarde is dede liberalisering van de internationale handel is de internationale goederenhandel meer dan verdub-globalisering de afgelopen halve eeuw in een stroom- beld voor de meeste Westerse landen. Dit geeft deversnelling geraakt. Hierdoor zijn veel markten sterke stijging van de internationale arbeidsver-wereldmarkten geworden. De internationale concur- deling en opdeling van productieprocessen weer.rentie en dynamiek van het bedrijfsleven nemen hier- De sterke toename van het aandeel van de exportdoor toe, maar ook de onderlinge verwevenheid. van de industriesector in de totale productie-Binnen Europa is de sterke samenhang tussen de waarde (van 40% in 1970 tot 82% in 2002,industrieën in verschillende landen onder meer zicht- OECD) geeft aan dat het buitenland in toenemen-baar bij een vergelijking van de inkoop- de mate een belangrijke afzetmarkt voormanagerindices van Nederland met die van Frankrijk Nederland vormt ■. Overigens is de handel van 3en Duitsland (figuur 2.3). Nederland in toenemende mate geconcentreerd op de partners binnen de EU (dit wordt ook wel■3 Echter, in dit cijfer zit mogelijk tevens een deel van de wederuitvoer (zie figuur 2.4), bovendien is de toerekening naar de sector industrie aanzienlijk hoger dan bij het CBS. Op basis van de input-output tabellen van het CBS wordt namelijk een exportquote van 52% in 2002 (en 2003) verkregen, maar is niettemin tevens een duidelijke stijging zichtbaar.
  15. 15. 14SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.4 Ontwikkeling Nederlandse uitvoer totaal en uitgesplitst naar uitvoer van binnenlandse producten en wederuitvoer, 1970-2003 (1995=100) 200 160 120 80 40 0 1970 1975 1980 1985 1990 1995 2000 uitvoer binnenlands geproduceerde uitvoer wederuitvoer Bron: CPB regionalisering van de economie genoemd). industriële sector in deze landen nog duidelijk in opbouw is. Export-import ratio voor Nederland op peil Een indicator voor de concurrentiepositie van de Toename aandeel wederuitvoer versnelt Nederlandse industrie is de export-import ratio Binnen de totale Nederlandse export van binnen- die rond de 100% ligt: er wordt dus evenveel lands geproduceerde producten heeft de industrie geëxporteerd als geïmporteerd. Dit is vergelijk- in 2003 een aandeel van 65% ■. De export van 4 baar met Frankrijk, maar ligt iets onder de Duitse binnenlands geproduceerde producten groeit ratio. In landen als Polen, Hongarije en Tsjechië echter het laatste decennium beduidend minder ligt deze ratio anno 2001 nog aanzienlijk onder de snel dan de wederuitvoer (figuur 2.4). Van de Nederlandse. Dit heeft ermee te maken dat de totale Nederlandse export is het aandeel goederen Tabel 2.1 Ontwikkeling aandeel wederuitvoer in totale export, 1970-2004 1970 1974 1984 1994 2004 Aandeel wederuitvoer 26% 25% 27% 31% 44% Bron: CPB ■ 4 input-output tabellen CBS
  16. 16. 15 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDdie niet of nauwelijks hier worden bewerkt 2003 ■. Het merendeel van deze investeringen 6daardoor de laatste jaren snel toegenomen van wordt ontvangen door ontwikkelde landen. Ter26% in 1970 en tot 44% in 2004 (tabel 2.1). vergelijking; de in 2003 ontvangen FDI inHet aandeel van de maakindustrie in de export Nederland ($ 19 miljard) liggen maar iets onderneemt dus af. de FDI ontvangen door Midden- en Oost-Europa als geheel (bijna $ 21 miljard) (figuur 2.5).Nederlandse specialisatie in low tech export biedt Nederland is echter in veel gevallen niet hetweinig perspectief ontvangende land, maar speelt door de aanwezig-Uit een nadere uitsplitsing van de export in de heid van relatief veel hoofdkantoren van multi-categorieën: nationals een grote rol in het doorgeven van FDI.■ high tech ■ 5 (bijv. communicatieapparatuur, Gecorrigeerd voor de uitgaande FDI ontstaat dan medische instrumenten), ook een ander beeld; namelijk dat van een netto■ medium tech (bijv. machines, cosmetica) en investeerder in het buitenland (figuur 2.6). Voor■ low tech (bijv. voedingsmiddelen, papier- Nederland geldt daarnaast dat meer dan de helft producten) van de buitenlandse investeringen door niet-blijkt dat het high tech aandeel beperkt blijft tot industriële sectoren (bijvoorbeeld banken,27% in 2002 en de import in dat jaar maar liefst verzekeraars) worden gedaan. Overigens fluc-36% uit high tech producten bestaat. Als wordt tueren de ontvangen FDI jaarlijks sterk en is, metgekeken naar de toegevoegde waarde zit Nederland uitzondering van China, in alle getoonde landenonder het EU-gemiddelde (9,8% versus 12,6% voor sinds 2001 sprake van een terugloop. Al met alde EU-25) voor wat betreft het aandeel dat door vindt het gros van de investeringsstromen noghigh tech industrie wordt behaald. Ook het aandeel steeds binnen de ontwikkelde wereld plaats, alvan medium tech blijft achter. In Nederland blijkt groeit het aandeel van de opkomende landen snel.dus vooral de export van relatief laag technologi-sche producten sterk vertegenwoordigd. Echter, Internationale concurrentieverschillen leiden totaangezien toegevoegde waarde steeds belangrijker outsourcing en offshoringwordt in de internationale concurrentiestrijd, lijkt De laatste decennia staan met name Midden- ende huidige Nederlandse specialisatie in low tech Oost-Europese en Aziatische landen goed op deweinig perspectief voor de toekomst te bieden. wereldkaart als lagelonenlanden. De lage lonen maken deze landen vooral geschikt als locatieBuitenlandse directe investeringen groeien spectaculair, voor het voortbrengen van (al dan niet laag-Nederland doorvoerland FDI waardige) arbeidsintensieve producten. VoorEen andere belangrijke graadmeter voor globali- Nederland heeft dit onder meer tot gevolg gehadsering is de groei van de buitenlandse directe dat in het verleden de textielindustrie en deinvesteringen (foreign direct investments, FDI). scheepsbouw grotendeels zijn vertrokken. Echter,Wereldwijd namen deze investeringsstromen toe sinds enige tijd hebben ook OEM’ers (en toe-van $ 14 miljard in 1970 tot $ 612 miljard in leveranciers) in de metaalketen hun blik steeds■5 high tech export: SBI bedrijfscategorieën 30, 32 en 33, medium high tech SBI bedrijfscategorieën 24, 29, 31, 34, 35, low tech de overige categorieën■6 Unctad, www.unctad.org
  17. 17. 16SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.5 Ontwikkeling inkomende FDI naar land/regio, 1993-2003 (in miljoenen dollars) 10000 70000 60000 8000 50000 6000 40000 4000 30000 20000 2000 10000 0 0 1993 1995 1997 1999 2001 2003 1993 1995 1997 1999 2001 2003 Tsjechië Hongarije China Nederland Polen Midden- en Oost-Europa Bron: Unctad Figuur 2.6 Ontwikkeling netto inkomende FDI naar land/regio, 1993-2003 (in miljoenen dollars) 10000 60000 50000 8000 40000 6000 30000 20000 4000 10000 0 2000 -10000 0 -20000 1993 1995 1997 1999 2001 2003 1993 1995 1997 1999 2001 2003 Tsjechië Hongarije China Nederland Polen Midden- en Oost-Europa Bron: Unctad meer oostwaarts gericht. Met name landen als genoemde landen, waarbij eventueel sprake is van China en India bieden naast goedkope arbeids- samenwerking met deze lokale bedrijven. Het krachten en kennis (bijv. op IT-gebied in India) openen van een eigen vestiging in een lagelonen- immers ook een enorm groeipotentieel. Bedrijven land (offshoring) is een tweede optie. Deze wordt die voornamelijk geïnteresseerd zijn in het nog interessanter indien naast het behalen van behalen van kostenvoordelen kunnen kiezen voor kostenvoordelen ook het betreden van een groei- het uitbesteden aan derden in de hiervoor markt als doel wordt gesteld.
  18. 18. 17 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDWat betreft offshoring is er een verschil tussen: Hoewel verplaatsingen grote effecten hebben voor■ de uitbreiding van de onderneming met een de desbetreffende bedrijven, is het directe effect buitenlandse vestiging, die niet per sé gepaard op de totale werkgelegenheidsontwikkeling tot op gaat met een krimp van binnenlandse produc- heden dus beperkt. Het indirecte effect op tie maar juist de onderneming in het binnen- Nederlandse toeleveranciers is evenwel niet mee- land sterker kan maken (indien het voldoende genomen, zodat de totale gevolgen groter zullen zorgvuldig is afgewogen en voorbereid); zijn. Bovendien kan een geleidelijke ontwikkeling■ het verplaatsen van (een deel van) de produc- van offshoring op de lange termijn leiden tot een tiecapaciteit, met een krimp in de binnenland- sluipend verdwijnen van banen. se productie als gevolg. Met arbeidskosten per eenheid product neemt20% bedrijven denkt aan offshoring Nederland middenpositie inDiverse instituten hebben door middel van Lagelonenlanden zijn vooral aantrekkelijk van-enquêtes onderzocht hoe de omvang van off- wege de lage lonen, in meer of mindere mateshoring zich in Nederland ontwikkeld. Het aan- gecombineerd met de aanwezigheid van aantrek-deel respondenten met een gerealiseerde of een kelijke groeimarkten en de aanwezigheid vangeplande (of vermoede) offshoring liep hierbij industriële afnemers (volgen van de markt).uiteen van 11% (MKB Nederland) tot 22% (EZ Opvallend is dat in krantenartikelen over offsho-samen met FME-CWM). Recent onderzoek van ring vaak wordt verwezen naar de arbeidskostenBerenschot (in opdracht van EZ) geeft aan dat per uur, terwijl het eigenlijk gaat om de arbeids-10% van de bedrijven de afgelopen jaren produc- kosten per eenheid product (dus na correctie voortie heeft verplaatst en dat 6% plannen heeft om arbeidsproductiviteit). Uit figuur 2.7 blijkt datdit het komende jaar te gaan doen. Binnen de Nederland in 2001 een middenpositie inneemt watmetalektro liggen deze percentages enkele betreft de arbeidskosten per eenheid product.procentpunten hoger. Voor wat betreft de bedrij- Het duurste land is Duitsland, terwijl Polen hetven met plannen is in de onderzoeken mogelijk voordeligst uit de bus komt (alhoewel het cijfersprake van enige overschatting van het werkelijke voor dit land een voorlopig cijfer is). In eenvertrek: tussen plannen en realisatie zit immers aantal landen met lage lonen is de arbeids-vaak een verschil. Toch geven de uitkomsten productiviteit blijkbaar zo laag dat bedrijven daarduidelijk aan dat bedrijven zich oriënteren op de per eenheid product meer aan arbeidskosten kwijtmogelijkheden van offshoring. zijn. Hierbij moet worden opgemerkt dat hetOp macroniveau is de verplaatsing van productie cijfers over het jaar 2001 betreft en sindsdien innaar lagelonenlanden tot op heden nog niet duide- de Oost- en Midden-Europese landen nog veel islijk zichtbaar in de meeste statistieken ■ 7 aangezien geïnvesteerd: tussen 2001 en 2003 in totaal bijnacijfers pas met een vertraging beschikbaar komen. € 17 miljard in Tsjechië, € 14 miljard in Polen enUit de meest actuele berekeningen van € 9 miljard in Hongarije. Bij bedrijven metBerenschot blijkt dat ca. 1 à 1,5% van de in de recente investeringen zal de productiviteit aan-afgelopen jaren verdwenen banen direct is toe te zienlijk hoger zijn dan gemiddeld in het land.schrijven aan de verplaatsing van productie.■7 SEO, juni 2004
  19. 19. 18SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.7 Arbeidskosten per eenheid product, 2001 Duitsland 118 Frankrijk 115 Litouwen 112 EU15 108 DK 106 Belgie 104 Portugal 101 Tsjechie 101 Nederland 100 UK 99 Slowakije 83 Finland 82 Roemenie 81 Hongarije 70 Letland 58 Polen 58 0 20 40 60 80 100 120 Bron: Eurostat 2.3 Metaalsector in een uitdagende in het aandeel in de toegevoegde waarde zijn omgeving vooral zichtbaar in de textielsector en de basis- metaal, terwijl het aandeel van de voedings- Aandeel metaalsector in totale industrie toegenomen middelenindustrie, de producenten van papier- en In de onderverdeling van de industrie naar de karton(waren) en de elektrotechnische industrie verschillende branches (figuur 2.8 en figuur 2.9), zijn toegenomen. Voor de voedingsmiddelen- is duidelijk zichtbaar dat zowel in 1980 als in industrie en de elektrotechnische industrie geldt 2002 de voedingsmiddelenindustrie, de chemische overigens dat het aandeel in de werkgelegenheid industrie en de metaalindustrie de grootste is afgenomen. Dit geeft een indicatie van de toe- sectoren in Nederland zijn. Opvallende dalingen genomen arbeidsproductiviteit in deze sectoren.
  20. 20. 19 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDFiguur 2.8 Industrie; aandeel in toegevoegde waarde per industriebranche, 1980 en 2002 1980 2002 8% 7% Voedings- en genotmiddelen 4% 18% 5% Textiel, leer e.d. 23% 9% Hout 11% 4% 1% Papier, karton(waren) 2% Chemische producten, kunststof 2% 11% 16% Glas, aardewerk 14% 13% Basismetaal Metaalproducten en machines 6% 4% 4% 19% 1% Elektrotechnische industrie 18% Transportmiddelen Meubels en overig n.e.g.Bron: CBSFiguur 2.9 Industrie; aandeel werkgelegenheid per industriebranche, 1980 en 2002 (in fte’s ■) 8 1980 2002 12% 14% Voedings- en genotmiddelen 15% 14% 3% Textiel, leer e.d. 7% 6% 2% Hout 5% 2% Papier, karton(waren) 12% 10% 12% Chemische producten, kunststof 11% 16% Glas, aardewerk Basismetaal 11% 12% Metaalproducten en machines 18% 20% 4% 4% Elektrotechnische industrie Transportmiddelen 3% 3% Meubels en overig n.e.g.Bron: CBSBovendien geeft een vergelijking tussen het OEM’ers en toeleveranciersomzetaandeel en werkgelegenheidsaandeel inzicht In de metaal kunnen OEM’ers (Originalin het verschil in productiviteit per werknemer Equipment Manufacturers ■) en toeleveranciers ■ 9 10per sector. In het vervolg van dit onderzoek is de worden onderscheiden (figuur 2.10). In de figuurfocus op de metaalproducten- en machine- is te zien dat de verdeling toeleverancier enindustrie (metaalsector) gericht. Het aandeel van OEM’er door de branchelijnen heenlopen. Dedeze sector is zowel in toegevoegde waarde als in metaalproductenindustrie bestaat uit zowelwerkgelegenheid gestegen tussen 1980 en 2002. OEM’ers als toeleveranciers. Deze laatsten leveren zowel toe aan de machine-industrie als■8 Fulltime equivalents, d.w.z. omgerekend naar volledige werkweken■9 Bedrijven die voor eigen rekening en risico producten ontwikkelen, (laten) produceren en op de markt brengen.■ Bedrijven die onderdelen of modules van eindproducten maken of bewerken.10
  21. 21. 20SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.10 Terminologie Toeleveranciers OEM’ers Overige toeleveranciers Machine-industrie (veel overig metalektro) Overige OEM’ers (elektronica, Metaalproductenindustrie transportmiddelenindustrie) aan andere OEM’ers. De machine-industrie typen toeleveranciers worden onderscheiden: bestaat eveneens uit OEM’ers en toeleveranciers, waarbij wordt geleverd aan de eigen branche Process suppliers maar ook aan andere OEM’ers. Process suppliers voeren één of meerdere bewerking uit (verspanen, draaien, frezen, buigen, De metaalbranche is dan ook een ketenbranche bij zetten, etc.). Het leveren van (in meer of mindere uitstek. OEM’ers ontwikkelen zich veelal tot kop- mate gespecialiseerde) capaciteit oftewel het staart bedrijven, die zich met name richten op het proces staat centraal. op de markt brengen van producten. De feitelijke productie en assemblage wordt door deze bedrijven Parts suppliers uitbesteed aan toeleveranciers (bijv. system sup- Parts suppliers vervaardigen metaalproducten die pliers of DCM’ers (design contract manufacturers) ), worden verwerkt in modules of eindproducten die eveneens steeds vaker ook het ontwerp en de (veren, schroeven, rollen, omkasting, etc.). Parts functionele specificaties voor hun rekening nemen. suppliers hebben veel specifieke kennis van het door hun voortgebrachte product en zetten tech- Toch blijken deze toegenomen uitbestedingen niet nologieën in op basis van productspecificaties. duidelijk tot uitdrukking te komen in de statistie- ken over onderlinge leveringen in de metalektro- System suppliers industrie. Deze liggen al ruim 15 jaren rond de System suppliers zijn verantwoordelijk voor een 17,5% van de totale productie ■. 11 systeem, module of halffabrikaat en nemen steeds Voordat een eindproduct tot stand komt, worden meer taken over van OEM’ers, zoals het opstellen onderdelen veelal over verschillende schijven van de specificaties en ontwikkelen van nieuwe bewerkt en geassembleerd (fig. 2.11). De plaats producten. System suppliers kunnen verder in de keten is van invloed op de activiteiten en worden onderverdeeld in applicatie system naar verwachting ook de mogelijke succesfacto- suppliers of generieke system suppliers, deze ren van een bedrijf. Hierbij kunnen de volgende verdeling wordt in het rapport niet gemaakt. ■ CBS, input-outputtabellen 11
  22. 22. 21 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDFiguur 2.11 Stroomschema metaalketen Process Parts System OEM’ers Handels- suppliers suppliers suppliers kanaal/eindgebruikerBron: INGSterke positie machine-industrie op internationaal vlak metaalproductenindustrie onder het gemiddeldeIn internationaal perspectief laat de metaal- voor de industrie (52%).branche een wisselend beeld zien. Voor machinesis de export/importquote sterk opgelopen tussen Toename uitbestedingen?1980 en 2002, van 80% naar 107% (figuur 2.12). Het invoeraandeel in de productie (grond- enDit betekent dat de export zich aanzienlijk sterker hulpstoffen en halffabrikaten betrokken uit hetheeft ontwikkeld dan de import, hetgeen dus een buitenland) beweegt zich van 1987 tot 2003 tussenpositieve ontwikkeling weergeeft. De cijfers van de 29% en de 32% en vertoont sinds 1997 eenhet CBS geven aan dat de export/importquote na voorzichtig stijgende tendens. Het aandeel van de2002 zelfs nog verder is gestegen tot 118% eind totale toegevoegde waarde van de Metalektro-2004. Metaalproducten laten echter een andere industrie is echter in deze periode afgenomen vanontwikkeling zien, sinds 1998 blijft de import- 34% tot 29% (al fluctueert deze ook sterk en kanwaarde hoger dan de exportwaarde. Als percen- dus nog niet met zekerheid worden gezegd of vantage van de totale omzet exporteert de metaal- een structurele trend sprake is), maar dit komtproductenindustrie ca. 36% en de machine- voornamelijk door de uitbesteding van activiteitenindustrie ca. 51%. Hiermee ligt met name de aan dienstverleners ■: hun aandeel in totale produc- 12■ nutsbedrijven, bouw, handel, horeca, reparatie, vervoer, communicatie en financiële en zakelijke dienstverlening12
  23. 23. 22SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Figuur 2.12 export/importquote machines en metaalproducten, 1980-2004 ■ * 130% 120% 110% 100% 90% 80% 70% 1980 1982 1984 1986 1988 1990 1992 1994 1996 1998 2000 2002 2004 machines OECD metaalproducten OECD machines CBS metaalproducten CBS Bron: Stan database OECD, CBS ■ t/m september 2004 * tie is in deze periode gestegen van 7,6% naar 11,3%. meeste andere sectoren. In onderzoek van De verplaatsing van activiteiten naar het buiten- Berenschot werd gevonden dat 12% van de land ligt in de metaalsector hoger dan in de bedrijven in de basismetaal en metaalproducten- Box 2.1 Bedreigingen van diverse kanten In de metaalsector zijn naast de toenemende internationalisering en uitbesteding nog enkele ontwikkelingen van invloed op ondernemingen. Dit zijn met name: ■ Sterke conjuncturele afhankelijkheid; door de functie als toeleverancier aan sectoren die rechtstreeks te maken hebben met conjunctuurgevoelige afzet schommelt de omzet sterk mee met de (inter)nationale conjunctuur. ■ Kopieergedrag; de in Nederland ontwikkelde producten worden in lagelonenlanden gebruikt om het te kopiëren. ■ Schaalgrootte; schaalvergroting van afnemers kan leiden tot portefeuilleconcentratie waardoor een te sterke afhankelijkheid ontstaat. ■ Personeelstekort; het tekort aan gekwalificeerd personeel is vooral voelbaar in hoogconjunctuur en bij bedrijven die het minder goed doen. ■ Overheidsmaatregelen; arbo- en milieumaatregelen kunnen tot hoge kosten leiden. ■ Technologische ontwikkelingen; substituutproducten (composiet, andere kunststoffen) kunnen met name bij een aanhoudend hoge staalprijs aantrekkelijk worden. ■ Congestie; het vollopen van het wegennet is ongunstig voor de internationale concurrentiepositie. Bron: ING Economisch Bureau, Sectorstudie Metaalproducten en Machine-industrie
  24. 24. 23 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDindustrie de afgelopen 10 jaren activiteiten heeft profiteren van internationalisatie, aangezien deverplaatst en dat 8% plannen heeft om dit komend export van goederen in deze sector sterker isjaar te doen. Voor de machinebouw, elektro- en gestegen dan de import.transportmiddelensector komen deze percentagesop respectievelijk 14% en 6%. Als gevolg van verdergaande liberalisatie van hetIn de Economische Barometer van de Koninklijke internationale handelsverkeer en grote internatio-Metaalunie van het najaar van 2004 gaf ruim nale concurrentieverschillen is de afgelopen jareneenderde van de respondenten aan dat hun (voor sommige bedrijfstakken decennia) verplaat-afnemers in toenemende mate uitbesteden aan het sing van bedrijfsactiviteiten naar lagelonenlandenbuitenland, terwijl eenvijfde van de bedrijven zelf sterk in de belangstelling gekomen. Dit geldtin het buitenland uitbesteed. zeker voor de metaalketen, waar meer dan één op de acht bedrijven de afgelopen tien jaar productie2.4 Industrie is hoeksteen van de economie heeft verplaatst naar het (goedkopere) buitenland. Een voortgaand proces van productieverplaatsingDe afgelopen decennia hebben een afnemend naar het buitenland bergt het niet denkbeeldigebelang van de industrie in de economie als geheel gevaar van een sluipende deïndustrialisatie van devoor wat betreft werkgelegenheid, toegevoegde Nederlandse economie in zich.waarde en productie laten zien. De productie vande industrie is minder hard gegroeid dan de rest Deze deïndustrialisatietendens is niet zondervan de economie als gevolg van een sterke risico’s. Gezien het substantiële belang voorproductiviteitsgroei, uitbesteding van diensten en groei, innovatie en export blijft de industrie eeneen verschuiving van de vraag richting vooral de essentiële pijler onder de economie. Bovendiendienstensector. Er is vooralsnog geen sprake van kan een economie met een gediversifieerdeeen structurele daling van de industriële productie. sectorstructuur conjuncturele schokken beter opvangen dan een eenzijdig samengestelde econo-Industriële bedrijven bevinden zich in een zeer mie. Gezien de sterke onderlinge verwevenheiddynamische omgeving, waarin de internationale heeft ook de dienstensector belang bij een meerconcurrentie sterk toeneemt. Steeds meer handels- dan marginale aanwezigheid van de industrie.en productieactiviteiten van bedrijven overschrij- Ten slotte zorgt de industrie voor een breed scaladen de nationale grenzen. Structureel vertonen de van banen die bijdraagt aan een veelzijdige werk-ontwikkeling van de internationale handel en de gelegenheidsstructuur. Om deze redenen is hetinternationale directe investeringen dan ook een voor Nederland van cruciaal belang om eenstijgende lijn. Ook de Nederlandse export groeit. industriële sector van een relevante omvang enTwee belangrijke kanttekeningen hierbij zijn dat diversiteit te houden.het Nederlandse exportpakket relatief sterkgespecialiseerd is in low-tech goederen en dat dewederuitvoer sneller groeit dan de export vanbinnenlands geproduceerde goederen. Binnen demetaalsector weet vooral de machine-industrie te
  25. 25. 24 Strategische succesfactoren Nederlandse metaalindustrie 3SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND Nu in het vorige hoofdstuk de omgeving voor de 24% van de ondernemingen deelden zichzelf in industrie in het algemeen en de metaalindustrie in als system suppliers, 11% als parts suppliers en het bijzonder is geschetst, werpt de vraag zich op 23% als process suppliers. hoe bedrijven denken met deze dynamische, maar lastige omstandigheden om te kunnen gaan. Om Indeling bedrijven naar strategische focus bedrijven hierbij te helpen is er vanzelfsprekend Succesfactoren verschillen van bedrijf tot bedrijf een rol weggelegd voor de overheid en branche- en hebben onder meer te maken met de gekozen organisaties, maar het belangrijkste is toch wat strategie en de positie in de keten. Dit laatste bedrijven zelf doen om mee te gaan in de concur- heeft betrekking op de indeling in tabel 3.1, naar rentiestrijd. Wat zijn de (kritische) succesfactoren process supplier, parts supplier, system supplier die ook in de toekomst voor een bestendige en OEM’er. Toch blijken ondernemers binnen relatie tussen de onderneming en de markt kunnen deze groepen ook sterk van elkaar te verschillen zorgen en die bovendien door de onderneming voor wat betreft succesfactoren. Daarom is een zelf zijn te beïnvloeden? De kwaliteit van de nieuwe indeling gemaakt, waarbij op basis van ondernemer of manager is hierbij een dusdanig een tweetal strategische keuzes vier categorieën belangrijke factor dat deze als alles overkoepe- bedrijven zijn onderscheiden (tabel 3.2). lende factor wordt beschouwd en dus niet meer apart wordt behandeld. Ten eerste is ingedeeld op de keuze voor product- innovatie of kostenleiderschap. Als maatstaf hier- Onderzoek middels interviews en enquête voor is het belang dat wordt gehecht aan product- Om inzicht te krijgen in de strategische succes- innovatie gekozen. De keuze voor product- factoren voor metaalondernemingen zijn 12 innovatie is gemaakt omdat dit naar verwachting gesprekken gevoerd met partijen op verschillende de meest bepalende succesfactor is voor de toe- plaatsen in de keten. Aanvullend is een enquête komst. De tweede schifting van groepen heeft ingevuld door 260 metaalbedrijven, met een betrekking op de keuze voor specialisatie of gemiddelde bedrijfsomvang van 35 werknemers. diversificatie. Op deze manier zijn vier groepen De grootste categorie (ingedeeld naar hoofdacti- ontstaan, met ieder verschillende voorkeuren voor viteit) in de steekproef bleek OEM’ers (43%), succesfactoren. Tabel 3.1 Steekproef enquête naar type bedrijf Type bedrijf Aandeel in steekproef Gemiddelde personeelsomvang Process suppliers 23% 31 Parts suppliers 11% 37 System suppliers 24% 43 OEM’ers 43% 30 Bron: Economisch Bureau ING
  26. 26. 25 SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLANDTabel 3.2 Steekproef enquête naar strategische focus Type bedrijf Aandeel in Aandeel Aandeel Aandeel Aandeel totale process parts system OEM’ers steekproef suppliers suppliers suppliers Innovatieve specialisten 26% 21% 4% 15% 60% Kostengerichte specialisten 19% 24% 22% 27% 29% Innovatieve gediversifieerde 27% 13% 10% 17% 60% bedrijven Kostengerichte 28% 33% 10% 36% 21% gediversifieerde bedrijven Totaal 100% 23% 11% 24% 43%Bron: Economisch Bureau ING3.1 Innovatieve specialisten innovativiteit onderscheiden van de rest. Een aantal bedrijven in deze groep weet zich, doordatDeze categorie onderscheidt zich van de andere zij iets redelijk unieks bieden, verzekerd van eendrie doordat een duidelijke strategische keuze zeer sterke marktpositie, waardoor prijs een min-wordt gemaakt voor productinnovatie en speciali- der belangrijke rol speelt. Het doel is natuurlijksatie. Deze specialisatie kan zich zowel uiten in om deze positie vast te houden en uit te bouwen.specialisatie in een bepaald product als speciali- Toch moeten vrijwel alle bedrijven met eensatie in bepaalde activiteiten. In de categorie innovatiestrategie ook op de kosten letten, andersinnovatieve specialisten blijken OEM’ers relatief dreigen klanten alsnog weg te lopen. Er bestaatzeer sterk vertegenwoordigd en parts suppliers vrijwel altijd een zekere mate van uitruil tussenopvallend weinig aanwezig. kostenconcurrentie en onderscheidingsvermogenDe succesfactoren die het hoogst scoren in deze door innovatie.categorie zijn specialisatie, het leveren vankwaliteit, de ontwikkeling van nieuwe producten, Een OEM’er: “Het ten uitvoer brengengoede klachtenafhandeling en het leveren van van strategische keuzes houdt voor onsmaatwerk (figuur 3.1). in dat bepaalde uitontwikkelde producten met een lage margeSterke innovatiestrategie aanwezig worden afgestoten”De door ondernemingen in deze categorie aange-houden strategie is één waarbij overwegend Focus op kernactiviteitengekozen wordt voor productinnovatie in plaats De innovatieve specialisten hebben allemaalvan kostenconcurrentie. Dit betekent dat produc- gekozen voor specialisatie door zich te richten opten geboden worden die zich, met name door één of enkele specifieke (kern)activiteiten. Een
  27. 27. 26SUCCESVOL PRODUCEREN IN NEDERLAND grote meerderheid van de geïnterviewde bedrijven (of uitbesteed aan binnenlandse bedrijven of geeft aan dat een specialisatiestrategie voor hen lagelonenlanden) als deze niet langer passen een belangrijke succesfactor is, met als belang- binnen de gekozen strategie. Voor wat betreft de rijke reden dat gespecialiseerde bedrijven een organisatorische invulling van de strategie zien zij betere prijs-kwaliteit verhouding kunnen bieden. over het algemeen weinig heil in voorwaartse of Men geeft aan dat activiteiten worden afgestoten achterwaartse integratie. Schaalvergroting door het Figuur 3.1 Gemiddelde score potentiële succesfactoren innovatieve specialisten (0-10) voorwaartse integratie achterwaartse integratie overnemen collegabedrijven samenwerking collega diversificatie laag voorraadniveau samenwerking kennisinstellingen standaardisering uitbesteding samenwerking toeleveranciers korte ontwikkeldoorlooptijd korte productielooptijd brede klantenkring verbetering productieproces kennisniveau personeel exporteren beschikbaarheid kennis laatste technologie creativiteit personeel samenwerking afnemers nichemarkten brede inzetbaarheid personeel leverbetrouwbaarheid onderhoud en service maatwerk klachtenafhandeling ontwikkeling nieuwe producten kwaliteit leveren specialisatie 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Bron: Economisch Bureau ING

×