Nederlands taalbeschouwingwoorden speurend verwoorden : speurdersverslag<br />Ria Van den Eynde<br />Veerle Frateur<br />
Woord vooraf <br />
Speur je mee?<br />
Speur je mee? <br />Het voorbeeldmateriaal bij dit cursus-deel komt uit volgende publicatie:<br />Je vindt het geheel ook ...
Het lidwoord<br />
Het lidwoord<br />
Het lidwoord<br />
Het lidwoord<br />
Kenmerken<br />
Het zelfstandige naamwoord<br />Het substantief<br />
Kenmerken<br />
Zelfstandige naamwoorden:3 indelingen<br />
Zelfstandige naamwoorden : indeling 1 <br />
Zelfstandige naamwoorden : indeling 1 <br />angst<br />
De reconstructie <br />
De reconstructie<br />Maak kennis met de crime scene en orden volgende woorden in bovenstaande tabel :<br />	Taart - gevog...
Verbetersleutel<br />
Zelfstandige naamwoorden : indeling 2<br />
De verdachten<br />Maak kennis met de verdachten.<br />Plaats de persoonsgegevens van één van de verdachten in de tabel op...
Verbetersleutel<br />
Zelfstandige naamwoorden : indeling 3<br />
Eerste aanwijzing<br />Los de eerste aanwijzing op. <br />Plaats de bekomen woorden in de tabel op de vorige dia.<br />Bek...
Verbetersleutel<br />
Tweede aanwijzing<br />Plaats het woord ‘kaviaar’ in de drie schema’s.<br />Zoek het genus en het getal van dit woord.<br ...
Verbetersleutel<br />
Het bijvoeglijk naamwoord<br />Het adjectief<br />
Kenmerken<br />
Derde aanwijzing<br />Zoek aan de hand van aanwijzingen de onschuldige kok. Beschrijf hem. Gebruik hierbij minstens  5 bij...
Vierde aanwijzing<br />Noteer alle bijvoeglijke naamwoorden in de vierde aanwijzing.<br />Toets vier zelfstandige naamwoor...
Het werkwoord<br />
3 soorten werkwoorden<br />
Kenmerken<br />
Belangrijkste hulpwerkwoorden<br />
 9 koppelwerkwoorden<br />
ZWoBBeLS?<br />
Koppelwerkwoorden<br />Zoek in het deel ‘Zinnen spinnen, uitgesponnen’ de tips op om de stiekemerds onder de koppelwerkwoo...
Tijden<br />
Vijfde aanwijzing<br />Volg de instructies en vind de volgende tip.<br />Duid alle werkwoorden aan in een kleur : zelfstan...
Verbetersleutel<br />
De voornaamwoorden<br />
Kenmerken<br />
Zesde aanwijzing<br />
Soorten voornaamwoorden<br />
Persoonlijk voornaamwoord<br />Kenmerken<br />
Persoonlijk voornaamwoord<br />Let op : sommige werkwoorden kunnen voorkomen met zich/ <br />De vormen van zich : me, je, ...
Bezittelijk  voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Zevende aanwijzing<br />Bekijk de aanwijzing, vind de tip.<br />Bekijk deze prachtige taart en schrijf een korte recensie ...
Aanwijzend  voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Vragend voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Betrekkelijk voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Achtste aanwijzing<br />Vertaal het gebrabbel van de kok.<br />Bevat deze tip één van de reeds aangehaalde voornaamwoorden...
Verbetersleutel<br />Degene die een vuilbak vasthoudt, heeft het niet gedaan.<br />betrekkelijk voornaamwoord met ingeslo...
Onbepaald voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Onbepaald voornaamwoord<br />Let op : “het”<br />	- indien je niet duidelijk weet  wie<br />      wat vertelt  onbepaald ...
Wederkerig en wederkerend voornaamwoord<br />kenmerken<br />
Wederkerig en wederkerend voornaamwoord<br />Let op :<br />Ik vergis me : me = wederkerend voornaamwoord<br /><ul><li>Hij ...
Telwoorden<br />
Telwoorden<br />kenmerken<br />
Voorzetsel, voegwoord en tussenwerpsel<br />
Voorzetsel<br />
Negende aanwijzing<br />Bekijk de aanwijzing, vind de tip.<br />Bekijk de inhoud van de wandkast.<br />Beschrijf ieder de ...
Voegwoord<br />
Tussenwerpsel<br />
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Nederlands taalbeschouwing woordleer (1).pptx definitief

2,270
-1

Published on

0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total Views
2,270
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
35
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Nederlands taalbeschouwing woordleer (1).pptx definitief

  1. 1. Nederlands taalbeschouwingwoorden speurend verwoorden : speurdersverslag<br />Ria Van den Eynde<br />Veerle Frateur<br />
  2. 2. Woord vooraf <br />
  3. 3. Speur je mee?<br />
  4. 4. Speur je mee? <br />Het voorbeeldmateriaal bij dit cursus-deel komt uit volgende publicatie:<br />Je vindt het geheel ook hier<br />Onderzoek zelf één moordzaak <br />(Her)ontdek ondertussen de woordleer<br />Vind je de dader aan het eind?<br />Elke dia die verwijst naar deze publicatie herken je aan de afbeelding van de voorpagina<br />Veel speurplezier!<br />
  5. 5. Het lidwoord<br />
  6. 6. Het lidwoord<br />
  7. 7. Het lidwoord<br />
  8. 8. Het lidwoord<br />
  9. 9. Kenmerken<br />
  10. 10. Het zelfstandige naamwoord<br />Het substantief<br />
  11. 11. Kenmerken<br />
  12. 12. Zelfstandige naamwoorden:3 indelingen<br />
  13. 13. Zelfstandige naamwoorden : indeling 1 <br />
  14. 14. Zelfstandige naamwoorden : indeling 1 <br />angst<br />
  15. 15. De reconstructie <br />
  16. 16. De reconstructie<br />Maak kennis met de crime scene en orden volgende woorden in bovenstaande tabel :<br /> Taart - gevogelte- koksmuts- tomaat- pan- voorproever- snor- water - wijn – kip - angst<br />Voeg aan ieder woord het juiste lidwoord toe en benoem het.<br />Bekijk oplossing<br />
  17. 17. Verbetersleutel<br />
  18. 18. Zelfstandige naamwoorden : indeling 2<br />
  19. 19. De verdachten<br />Maak kennis met de verdachten.<br />Plaats de persoonsgegevens van één van de verdachten in de tabel op de vorige dia.<br />Ga terug naar de plaats van de misdaad.<br />Bekijk oplossing<br />
  20. 20. Verbetersleutel<br />
  21. 21. Zelfstandige naamwoorden : indeling 3<br />
  22. 22. Eerste aanwijzing<br />Los de eerste aanwijzing op. <br />Plaats de bekomen woorden in de tabel op de vorige dia.<br />Bekijk oplossing<br />
  23. 23. Verbetersleutel<br />
  24. 24. Tweede aanwijzing<br />Plaats het woord ‘kaviaar’ in de drie schema’s.<br />Zoek het genus en het getal van dit woord.<br />Los de tweede aanwijzing op.<br />Bekijk oplossing<br />
  25. 25. Verbetersleutel<br />
  26. 26. Het bijvoeglijk naamwoord<br />Het adjectief<br />
  27. 27. Kenmerken<br />
  28. 28. Derde aanwijzing<br />Zoek aan de hand van aanwijzingen de onschuldige kok. Beschrijf hem. Gebruik hierbij minstens 5 bijvoeglijke naamwoorden en de trappen van vergelijking. Markeer de zinnen waarin een koppelwoord aanwezig is. Vergelijk je beschrijving met één andere student.<br />
  29. 29. Vierde aanwijzing<br />Noteer alle bijvoeglijke naamwoorden in de vierde aanwijzing.<br />Toets vier zelfstandige naamwoorden naar keuze aan de kenmerken van het zelfstandig naamwoord.<br />Vergelijk met een andere student.<br />
  30. 30. Het werkwoord<br />
  31. 31. 3 soorten werkwoorden<br />
  32. 32. Kenmerken<br />
  33. 33. Belangrijkste hulpwerkwoorden<br />
  34. 34. 9 koppelwerkwoorden<br />
  35. 35. ZWoBBeLS?<br />
  36. 36. Koppelwerkwoorden<br />Zoek in het deel ‘Zinnen spinnen, uitgesponnen’ de tips op om de stiekemerds onder de koppelwerkwoorden terug op te frissen.<br />
  37. 37. Tijden<br />
  38. 38. Vijfde aanwijzing<br />Volg de instructies en vind de volgende tip.<br />Duid alle werkwoorden aan in een kleur : zelfstandig werkwoord, hulpwerkwoord, koppelwerkwoord. Vergelijk.<br />Vertel je partner in 4 zinnen welke route je gevolgd bent. Gebruik hierbij de verleden tijd en gebruik de kleurencode zoals hierboven aangegeven.<br />Bekijk oplossing<br />
  39. 39. Verbetersleutel<br />
  40. 40. De voornaamwoorden<br />
  41. 41. Kenmerken<br />
  42. 42. Zesde aanwijzing<br />
  43. 43. Soorten voornaamwoorden<br />
  44. 44. Persoonlijk voornaamwoord<br />Kenmerken<br />
  45. 45. Persoonlijk voornaamwoord<br />Let op : sommige werkwoorden kunnen voorkomen met zich/ <br />De vormen van zich : me, je, zich, ons zijn GEEN persoonlijke voornaamwoorden.<br /> “Wij amuseren ons!”<br />
  46. 46. Bezittelijk voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  47. 47. Zevende aanwijzing<br />Bekijk de aanwijzing, vind de tip.<br />Bekijk deze prachtige taart en schrijf een korte recensie waarin je in geuren en kleuren de taart en het vakmanschap van de kok beschrijft.Gebruik 10 persoonlijke en bezittelijke voornaamwoorden.<br />
  48. 48. Aanwijzend voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  49. 49. Vragend voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  50. 50. Betrekkelijk voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  51. 51. Achtste aanwijzing<br />Vertaal het gebrabbel van de kok.<br />Bevat deze tip één van de reeds aangehaalde voornaamwoorden?<br />Bekijk oplossing <br />
  52. 52. Verbetersleutel<br />Degene die een vuilbak vasthoudt, heeft het niet gedaan.<br />betrekkelijk voornaamwoord met ingesloten antecedent<br />
  53. 53. Onbepaald voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  54. 54. Onbepaald voornaamwoord<br />Let op : “het”<br /> - indien je niet duidelijk weet wie<br /> wat vertelt  onbepaald voornaamwoord<br />Het spookt.<br /> - indien je wel weet wie wat vertelt <br />persoonlijk voornaamwoord<br />Het probleem is moeilijk. Het is een raadsel.<br />
  55. 55. Wederkerig en wederkerend voornaamwoord<br />kenmerken<br />
  56. 56. Wederkerig en wederkerend voornaamwoord<br />Let op :<br />Ik vergis me : me = wederkerend voornaamwoord<br /><ul><li>Hij vergist zich ( mogelijk te vertalen naar ‘zich’)</li></ul>Geef me een goed voorbeeld : me = persoonlijk voornaamwoord<br /><ul><li>Geef zich een goed voorbeeld * ( niet te vertalen naar ‘zich’)</li></li></ul><li>Telwoorden<br />
  57. 57. Telwoorden<br />
  58. 58. Telwoorden<br />kenmerken<br />
  59. 59. Voorzetsel, voegwoord en tussenwerpsel<br />
  60. 60. Voorzetsel<br />
  61. 61. Negende aanwijzing<br />Bekijk de aanwijzing, vind de tip.<br />Bekijk de inhoud van de wandkast.<br />Beschrijf ieder de inhoud van twee planken.<br />Maak samen de inventaris van de kast op. Duid de verschillende telwoorden aan en benoem ze.<br />Duid de voorzetsels aan.<br />
  62. 62. Voegwoord<br />
  63. 63. Tussenwerpsel<br />
  64. 64. Tiende aanwijzing<br />
  65. 65. Het bijwoord<br />
  66. 66. Kenmerken<br />
  67. 67. Identificatie<br />Identificeer de dief.<br />Schrijf een kort krantenbericht over de dader( 10 lijnen). <br />Gebruik hierbij volgende bijwoorden : zeer, erg, geniepig, zenuwachtig,aarzelend. <br />Geef je beschrijving door aan je kwartet en controleer samen het juiste gebruik van het bijwoord.<br />Overloop samen de gebruikte woordsoorten uit je tekst.<br />Deadline : 14 november 2011<br />

×