Ruimte voor de historische stad
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Ruimte voor de historische stad

on

  • 562 views

Afstudeerwerk Joost van den Ham, Rotterdamse Academie van Bouwkunst

Afstudeerwerk Joost van den Ham, Rotterdamse Academie van Bouwkunst

Statistics

Views

Total Views
562
Views on SlideShare
560
Embed Views
2

Actions

Likes
0
Downloads
1
Comments
0

1 Embed 2

http://www.linkedin.com 2

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

Ruimte voor de historische stad Ruimte voor de historische stad Presentation Transcript

  • R U I M T E VOOR DE HISTORISCHE STAD
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 2
  • IN HOU D AANLEIDING OPGAVE 5 Startdocument 7 ANALYSE 9 Stadopzet 11 Locatie 13 Historie locatie 15 Bouwblokvorming 17 Huidige situatie 19 Het Utrechtse model 21 ONTWERP 25 Opvatting 27 Uitgangspunten 29 Transformatie 31 Plan 33 Het Park 35 Typologieen 41 Hof 45 Cour 65 Claustraal 77 Gracht 89 SLOT 101 RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 3
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 4
  • A A N L E I DI N G De aanleiding van het afstudeerontwerp aan de Rotter- damse Academie van Bouwkunst was het artikel dat hier- naast staat afgebeeld. In het artikel is te lezen dat de ge- meente Utrecht 8000 woningen wil gaan bouwen binnen de bestaande stad. ‘Als dat maar goed gaat’ bedacht ik me. De historische stad Utrecht is een waardevolle plaats om te wonen, de alsmaar groter wordende vraag om woningen is reeel maar de kwaliteiten van de bestaande stad zijn moe- ilijk te behouden met een verdichtingsslag. Binnen in de stad is veel ruimte ongebruikt gebleven, er zijn nog plekken aan te wijzen die nog nooit bebouwd zijn geweest en waar zeker een ruimte is voor een verdichting. De voorbeelden van de verdichting binnen de historische kern worden steeds duidelijker in het straatbeeld. Hoewel er een goed woonklimaat wordt gevestigd binnen bestaande bouwblokken doet de vernieuwing nog maar weinig voor de stad terug. Projecten als aan de Mariaplaats en de hof van St. jan zijn voorbeelden waarbij de woningen achter een groot hek liggen. De stad ziet alleen de dichte hekken en de ruimte erachter wordt maar heel beperkt gebruikt. 1. 2. 3. 1. ANP bericht, gepubliceerd op www.architectenweb.nl 2. toegang tot de Mariahof, mariaplaats Utrecht. 3. toegang tot de hof van St. Jan. Voorstraat Utrecht.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 5
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 6
  • STARTDOCUMENT Aanleiding monofunctioneel programma het nieuw gebouwde volume in 5. beargumenteerde vakinhoudelijke oordelen kan In de afgelopen jaren is de belangstelling voor het wonen in de stad toe- schaal en vormgeving wordt losgekoppeld van de bestaande formuleren en daarbij rekening houdt met genomen. In 2007 heeft het aantal wereldbewoners dat binnen een stad context. Het creëren van een collectieve ‘plek’ is duidelijk geen maatschappelijke en ethische verantwoordelijkheden die woont de 50% overschreden. Hierdoor wordt het uitbreiden en inbreiden onderdeel van het stedelijk weefsel en kan daarom afwijkend zijn verbonden aan het toepassen van de eigen van steden een belangrijke opgave. Het aantal woningen in een binnen- zijn. Door het openen van de locatie voor de stad middels het kennis. stad zal de komende jaren toenemen. In de stad Utrecht en in de binnen- toevoegen van publiek programma wordt het terrein automa- 7. het ruimtelijk vormgevend vermogen in kan zetten stad in het bijzonder is de vraag om nieuwe woningen groot. Bouwgrond tisch onderdeel van het weefsel waardoor de schaal, de vorm- als onderzoeksinstrument, op basis van meth is schaars maar nog altijd aanwezig. Ook binnen de historische stad Utrecht geving en de entrees van het gebied moeten passen binnen oden van voor de ontwerppraktijk relevant onderzoek. is het mogelijk tot inbreiden aldaar. Binnen de singelstructuur, in het oude de bestaande historische context. 8. relevante methoden van onderzoek kan hanteren centrum bevinden zich verscholen in historische gegroeide bouwblokken bij het maken van architectonische projecten e n ongebruikte binnenruimten. Een onbenutte bouwruimte met een grote Hypothese de resultaten hiervan kan integreren in (innovatieve) op- potentie voor de stad. Binnen de historische stad kan aan de verdichtingvraag voor lossingsvarianten voor een architecto nische con- woningbouw worden beantwoord met een kwantitatieve en cept en ontwerp. Globale probleemstelling kwalitatieve toevoeging aan het openbare stedelijk weefsel. 9b. bij het maken van architectonische concepten, Binnen de historische stad is in de loop van eeuwen veel bouwgrond onbe- De architectonische programmatische invulling van de open- ontwerpen en projecten passende kennis van de nut gebleven. Door de vorming van gesloten gevelwanden en bouwblok- bare ruimte kan complementair aan het stedelijk weefsel en geschiedenis en de theorie van de architec- ken zijn open ruimten onttrokken aan het stedelijk weefsel. Deze terreinen bouwhistorie vormgegeven worden door het openstellen van tuur en aanverwante kunstvormen, technologische worden in woongebieden veelal gebruikt als collectieve tuin. In het his- de verborgen ruimte voor de stad. Om de locatie onderdeel te vakken en menswetenschappen toe kan passen en torische centrum heeft de transformatie van voormalig woonhuizen naar laten worden van het stedelijk weefsel is het van belang om verantwoorden. kantoren ervoor gezorgd dat de binnenruimte als tuin ongebruikt is ger- naast het woonprogramma een publiek programma te voe- 9f. bij het maken van architectonische concepten, aakt. Er wordt nog gewoond, maar enkel op de verdieping waardoor de gen. Het publieke programma wordt met het ontwerp voor ontwerpen en projecten passende kennis van fysieke relatie met de ongebruikte ruimte verloren is gegaan. Steeds vaker een (klein) hotel ingevuld. Door het openstellen van de loca- stedenbouwkunde, planologie en daarbij gebruikte tech- worden deze terreinen in het historische centrum van Utrecht ingezet als tie is er een fysieke verbinding met de stad waardoor de over- nieken toe kan passen en verantwoorden. afgesloten woningbouwlocaties met een collectieve ruimte waarmee de gang tussen bestaande stad en nieuw terrein passend dient te 9i. bij het maken van architectonische concepten, mogelijkheid van openbare ruimte voorgoed voor de stad verloren gaat. worden vormgegeven aan de bestaande historische context. ontwerpen en projecten inzicht in het architecten beroep en de rol van de architect in de maatschappij, in het Concrete (ruimtelijke c.q. architectonische) probleemstelling Te verwachten eindresultaat bijzonder bij het maken van projecten waarin rekening In de afgesloten ruimten ligt een enorme potentie voor de stad. De ruimte Een verdichtingsstudie naar het historisch stedelijke weefsel. wordt gehouden met sociale factoren toe kan passen en kan worden ingezet als nieuw onderdeel van het stedelijk weefsel en kan Een ontwerp voor het binnenterrein van het bouwblok aan verantwoorden. waar wenselijk ook een publieke functie verrichten. In de stedebouwkun- de Plompetorengracht westzijde in Utrecht (omsloten door 10. op adequate wijze een ontwerp en plan in beeld, dige en bouwhistorische opzet van de stad spelen terreinen als deze een de Plompetorengracht, Wijde Begijnestraat, Wijde Begijnehof, geschrift en woord voor anderen inzichtelijk kan belangrijke rol. Op de historische lange kavels zijn enkel op de randen ge- Voorstraat en de Asch van Wijckade) met een programma van maken en daar kritisch op kan reflecteren. bouwd waardoor de ongebruikte ruimte is ontstaan. De ongerepte loca- woningen en een kleinschalig hotel. Met vormgeving comple- 11. op de eigen architectonische productie kan ties als aanwezig in de historische stad bieden de stad de kans om voort mentair aan de bestaande context en de historie van de plek. reflecteren en zich op basis daarvan actief in de te borduren op de historische inslag. Binnenstedelijke verdichting door- beroepspraktijk kan positioneren. middel van het plaatsen van nieuwe woningen kan naast programma ook Generieke beoordelingscriteria kwaliteit toegevoegd worden aan het stedelijke weefsel. Door middel van De student toont middels het afstudeerproject aan dat hij: Specifieke beoordelingscriteria het combineren van de programmatische vraag om woningen met het 1. een (vernieuwend) architectonisch concept en De student toont middels het afstudeerproject aan dat hij: plaatsen van een gebouw met een publieke functie (hotel) krijgt het ter- ontwerp te vervaardigen dat aan maatschappelijke, esthe- 12. een ruimtelijk ontwerp kan vervaardigen dat pas- rein een meer openbaar karakter. Het belang van het toevoegen van een tische, technische, financiële, functionele en juridische eisen send is aan de bestaande stad en haar historische publiek programma blijkt uit de bestaande voorbeelden van implemen- voldoet. context. taties in verborgen binnenruimten. Waar voor een monofunctioneel pro- 3. een opgave zelfstandig kan initiëren, ontwikkelen, 13. met een maquettestudie de ruimtelijke vertaling in gramma wordt gekozen als enkel woningbouw wordt het terrein fysiek af- analyseren, interpreteren en/of beoordelen en v e r - duidelijke te nemen stappen kan verbeelden. gesloten van de stad om aan een wens voor collectieve ruimte te voldoen. volgens kan vertalen in een architectonische probleemstel- 14. een ruimtelijk concept kan ontwerpen dat tot in de Tevens blijkt uit de bestaande voorbeelden dat het implementeren van een ling. detaillering afleesbaar isRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 7
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 8
  • A N A L Y S ERUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 9
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 10
  • STADOPZET 1. 2. 3. Binnen de stad Utrecht is binnen de singel de historische plattegrond in de huidige situatie goed af te lezen. De bebouwingsdichtheid, straatpatronen en openbare ruimte zijn grotendeels bewaard gebleven. 4. 1. Kaart van Van Deventer, stadsplattegrond van het jaar 1570. 2. Figure Ground van de huidige stad Utrecht binnen de singels. 3. Kaart openbare ruimte, bestemmingsplan Gemeente Utrecht 4. Figure Ground van de huidige stad Utrecht met daarin aangegeven de ruimte binnen in afgesloten bouwblokken afgesloten van het stedelijk netwerk.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 11
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 12
  • LOCATIE LOCATIE Een van de grote, ongebruikte binnenruimten binnenin een bouwblok ligt aan de Plompetorengarcht. Binnen in het bouwblok omsloten door de Plompetorengracht (westzijde), Voorstraat, Wijde Begijnestraat en de Asch van Wijckskade ligt een volledig overwoekerd bos. Het dichtgegroeide bouwblok kent een ruime binnentuin dat volledig ongebruikt is. Vanuit het stedelijke weefsel is er zicht op de tuin, maar de tuin is niet te bereiken. Het gebied bevind zich in de noordelijke oude stad, en ligt aan de noordzijde tegen de stadsingel aan. 1. Figure ground van de stad Utrecht binnen de singels, locatie aangegeven. 2. Uitgesneden vogelvluchtfoto van het bouwblok aan de Plompetorengracht westzijde. 3. Luchtfoto van de Noordelijke oude stad, de gekozen locatie in kleur.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 13
  • 1. AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 14
  • HISTORIE LOCATIE De gekozen locatie bevindt zich in de Noordelijke Oude stad in het centrum van Utrecht. Direct aan de huidige stadsingel gelegen. Op de gravure (afbeelding 1) is te zien dat de locatie gelegen aan de Nieuwe Gracht (nu Plompe- torengarcht) al vroeg bebouwing kende. Aan de onderzijde van de tekening zien we de ommuurde Begijnhof met in het midden de kapel. Enkele huizen van de Begijnhof bestaan nog altijd. Aan de linkerzijde de stadsbuitensingel met de verdedigingsmuur, de stadswal. De verdedigingtoren genaamd de Plompetoren ston op de uitmonding van de Nieuwe Gracht in de singel. 2. In het midden van de 14e eeuw was de Begijnhof (ook wel als Vroonhof aangeschreven) verkaveld voor de Plompe- torengarcht was verkaveld. Op afbeelding 5 is te zien dat de immuniteite van de Domkerk (onder) en de kapitelen van St.Jan (midden) de dienst uitmaakten in hun directe omgeving. De overige bebouwing op de tekening bevondt zich in de parochie van de Buurkerk. In de opvolgende jaren ontsonden aan de Plompetoren- gracht al snel grote herenhuizen (afbeelding 2) waarin de adel zich vestigde. 3. 4. 5. 1. Gravure van Utrecht, omstreeks 1530 2.. Afbeelding van de stadswal ter plaatse van de Plompetoren, datum onbekend 3. Beeld van de Plompetorengracht met aan het einde de Plompetoren 4. Tekening van de Noordelijke Oude stad, omstreeks 1600 5. Overzicht van de kerkelijke macht binnen de stad Utrecht, tekening A.F.E. KippRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 15
  • 4. AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 16
  • BOUWBLOKVORMING Het bestaande bouwblok is in de loop van de eeuwen lang- zaam ontstaan. In de parochie van de Buurtkerk zijn de diepe percelen aan de plompetorengracht tegen de achter- zijde van de immuniteit van de Begijnhof aangebouwd. Op afbeelding 1 is de zien dat aan de linkerzijde de ommuurde begijnhof nog aanwezig is. In het midden stond de begi- jnekapel met daarom heen, op de kapel gericht, de wonin- gen. Op de kadastrale minuut van 1832, afbeelding 2, is te zien dat de percelen aan de Plompetorengracht zijn ge- vuld met dwarse huizen met de voorgevel aan de straat (grachtzijde). Het perceel aan de Voorstraat is onderverdeelt in losse ondiepe percelen en dichtgebouwd met kleine panden.De ruime herenhuizen aan de Plompetorengracht 1. 2. 3. kennen een bijzonder grote maat, hier woont de Utrechtse elite als Burgemeester en leden van de landelijke politiek. De panden hebben aan de achterzijde diepe tuinen die grenzen aan de tuinmuur van het begijnhof. In 1850 koopt Jan van de Velden (bewoner Plompetoren- gracht 18) in drie etappes de grote tuin achter zijn woning en breidt deze uit door de naastliggende percelen op te kopen. Voor het ontwerp van zijn prive’ tuin wordt de land- schapsarchitect J.D. Zocher jr. aangetrokken die op dat mo- ment mede namens van de Velden ook het singelpark van Utrecht ontwerpt. Het enige beeld van dit ontwerp is de auqarel van N.P. Huegins, afbeelding 4. De stadswal wordt gesloopt en het singelpark wordt aangelegd. Aan de noordzijde van het plan wordt de Asch van Wijckskade aangelegd en J.D. Zocher tekent samen met stadsarchitect Kramm voor de woon- en bedrijfspanden aan deze nieuwe straat. Het bouwblok krijgt een bebou- wing aan de noordzijde. Onder invloed van van de Velden wordt het dubbele woonhuis aan de Asch van Wijckskade onworpen met een gesloten achtergevel en een poort. Zo kan hij zijn tuin vanaf de nieuwe straat bereiken en blijven zijn prive’ feesten besloten. 4. 1. gedigitaliseerde kaart van omstreeks 1500 2. gedigitaliseerde kaart van de kadastrale minuut van 1832 3. kaart van 2010RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 17 4. .Het tuinontwerp van J.D. Zocher jr. met de achtergevel van de Plompetorengracht 18. Aquarel van N.P. Huegins, 1859.
  • 1. AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 18
  • HUIDIGE SITUATIE Het huidige blok kenmerkt zich in de woonbebouwing van oorsprong, grenzend aan de historische tuin. Aan de Plom- petorengracht staan de grote herenhuizen die in de loop van de 20e eeuw veelal zijn omgebouwd tot kantoren op de begane grond met appertementen op de verdieping. Hiermee is de fysieke relatie met de tussen het wonen en de bestaande tuin verloren gegaan. Het groen is nog goed zichtbaar, maar niet tastbaar. Op het midden van de Plom- petorengracht is een opening met een zicht tot de tuin (afbeelding 4) waar een als parkeerplaats gebruikte ruimte met een hekwerk de tuin afbakent. 2a. 2b. Aan de Asch van Wijckskade is de mix van wonen en werken vanuit het oogpunt van J.D.Zocher, die samen met stadsarchitect C. Kramm tekende aan de panden aan deze nieuwe straat, behouden gebleven. De tuin is zichtbaar aan beide zijden van het poortgebouw waar een tuinmuur aan de straat grenst (afbeelding 2a en 2b). In de Wijde Begijnestraat staat een oude tuinmuur waar het groen van de tuin de straat in steekt (afbeelding 3.). De poort is niet in gebruik. Ter plaatse van de vroegere Begijnhof is een toegang tot in het blok waar zicht is op de weelderige tuin. Hier is goed zichtbaar dat de historische tuin van Zocher is verworden tot een dichtgegroeid bos dat volledig onbegaanbaar is geworden (afbeelding 5.). Geen van de direct omwonenden heeft toegang tot het groen. 3. De huidige waarde van het groen komt enkel tot zijn recht vanuit de bestaande woningen. In een van de woningen aan de Asch van Wijckskade (afbeelding 1.) is zichtbaar hoe de relatie met het groen tot in de woning doorloopt. De oase midden in de stad in de vorm van kijkgroen is zo sterk aanwezig dat je je alleen op de wereld waant. 4. 5. 1. zicht op de tuin vanuit een van de woningen een de Asch van Wijckskade 2. tuinmuur in de Asch van Wijckskade 3. oude tuinmuur in de Wijde Begijnestraat 4. parkeerplaats en hekwerk aan de Plompetorengracht 5. zicht op de verwilderde tuin binnen in het bouwblokRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 19
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 20
  • HET UTRECHTSE MODEL Om de perceelsbebouwing van het bouwblok beter te begrijpen en een aanleiding te vormen voor de nieuwe toevoeging is het van belang om de historische lokale perceelsbebouwing te kennen. Vanuit een analyse van de straatpatronen en perceelsbebouwingen van de Utrechtse binnenstad (binnen de singel) zijn een viertal verschillende bebouwingsprincipes te herleiden. De meest voorkomende perceelsbebouwing zijn de diepe percelen die op de kop zijn bebouwd (afbeelding 1). Eerst aan een zijde, met een koetshuis of dienstgebouw aan de andere zijde van het percee. Het hoofdhuis is ontworpen aan de belangrijkste straat of vaarweg waaraan het perceel grensde. De panden zijn over het algemeen eerst dwars op het perceel gebouwd en in de loop deer jaren uitgebouwd over de volledige breedte van het perceel. Een variant op deze bebouwing is het opsplitsen van een breed perceel in meerdere percelen (afbeelding 3). Het brede en diepe perceel is zo breed dat een straat of steeg 1. 2. geplaats kon worden dat aan weerszijden is bebouwd. Hier zijn de in Utrecht kenmerkende smalle stegen met zeer ondiepe bebouwing uit ontstaan. In de gebieden rond de kerkelijke immuniteiten (afges- loten buurtgemeenschap van een specifieke kerk) staan veelal de claustrale percelen (afbeelding 2). Dit zijn per- celen waarbij het hoofdhuis terug gelegen ten opzichte van de straat. In vele gevallen was aan weerszijde van de percelen een tuinmuur geplaatst. In het huidige straat- beeld zijn deze claustrale huizen nog aanwezig maar zelden zichtbaar aangezien de percelen aan beide zijden zijn bebouwd. Een hek, of poort naar een huis in de straat suggereert de mogelijkheid van de aanwezigheid van een claustraal huis. In de immuniteiten is ook de vierde kenmerkende per- ceelsbebouwing ontstaan. De diepe percelen zijn aan de achterzijde samengevoegd tot een grote ruimte. (afbeeld- ing 4) Hierin stond het belangrijke gebouw van deze gemeenschap. Een kerk, een klooster maar ook een begi- jnhof waar de alleenstaande vrouwen of andere destijds bijzonder doelgroep woonachtig was. De percelen zijn aan de stadzijde volledig bebouwd. 3. 4. 1. Utrechtse kenmerkende diepe percelen, met aan beide zijde een straat en een voor en achter bebouwing 2. Een afwijkende typologie, de claustrale huizen midden op het perceel. 3. Veel brede diepe percelen zijn bebouwd in de langsrichting met een nieuwe straat of steeg. 4. Een immuniteit. Het kerkelijke hoofdgebouw ligt midden tussen de percelen waaromheen de woonbebouwing binnengericht is.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 21
  • 1. uitmonding Plompetorengracht 2. eerste bebouwing aan de Asch van Wijckskade AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 22
  • BEELD Tekening vande singel na de sloop van de stadswal en de Plompetoren. J. Bos 1859 3. poortgebouw naar de tuin van Jan van de Velden RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 23
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 24
  • O N T W E R PRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 25
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 26
  • ONTWERPOPVATTING In de restauratie is een bekende techniek voor het herstellen van houten delen het aanlassen van het hout. Bij het aanlassen wordt het bestaande en historisch waarde- volle elemen ontdaan van alle slechte onderdelen (rot) en wordt het het aangevult met nieuw hout. Een waardevolle techniek waarbij aandachtig het bestaande wordt geanly- seerd, welk type hout is er toegepast, wat is de werking van het hout, welke specifieke kwaliteiten kunnen er worden toegedicht en hoe verloopt de nerf. Met de aandacht voor het bestaande wordt het bestaande element een nieuw lev- en gegeven. Er verdwijnt geen onderdeel dat nog waarde- vol is. Deze aandachtige manier van analyseren en het aanvullen van het bestaande is een opvatting dat niet alleen voor ele- menten mogelijk is. Met het restaureren van een bouwkun- dig element, een object, een volledig pand tot een deel van de stad kan eenzelfde aandachtige werkwijze gekozen worden. 1. In dit project is gekozen voor het toepassen van deze aan- dachtige techniek op alle schalen. Vanaf de stad, de object- en tot het detail. Wat is de bestaande situatie, wat heeft een werkelijke waarde en hoe kan dit worden aangevult zodat het bestaande een nieuwe of vernieuwde waarde krijgt. Nieuwe aanvullingen zijn alleen gedaan daar waar het bestaande daar ruimte voor laat. De nieuwe aanvullingen zijn zo onworpen dat ze zowel passend zijn aan de bestaande historsche context en op zichzelfstaande objecten zijn. 2. 1. aangelast hout aan de molen Prinsenhof, Zaandam. 2. detail van Truog House, Peter Zumthor.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 27
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 28
  • UITGANGSPUNTEN Voor het ontwerpen binnen de bestaande historische stad zijn er voor mij belangrijke uitgangspunten. Zo is de ruimte binnen het stedelijk weefsel (afbeelding 1) waar pleinen en straten elkaar afwisselen van groot belang voor de werking van de stad. De onverwachte perspectieven, de plaatsen van samenkomen en ontspanning en de maat warabij de voetganger de ruimte krijgt. Van belang zijn ook de groene oases in de stad. De bijna verborgen rustige plekken waar het geluid van de stad verstomt en wara je je in een andere wereld waant. Deze plekken (afbeelding 2) zijn de punten waar mensen even uitrusten, waar ze afspreken en waar de natuur de over- hand heeft. In de architectuur zijn zowel het dakenlandschap (afbeeld- ing 3) en de uniforme expressie (afbeelding 4) van belang. Het dakenlandschap van Utrecht zorgt voor een zeer heldere hierarchie. De kerkelijke gebouwen zijn de bakens waaronder een anonieme wereld van kapvormen zichtbara 1. 2. is. In het dakenlandschap onderscheiden de onderlinge panden zich nauwelijks. Er zijn geen uitzonderingen, ieder- een is gelijk. In de gevelarchitectuur is eenzelfde kenmerk zichtbaar. De gevels ogen uniform. Aan de Plompetoren- gracht (afbeelding 4) zijn de panden individueel afleesbaar maar lijken de ontwerpen in hoofdlijnen identiek. Zo is de verhouding open en gesloten gevelvlakken, de materiali- satie, de expressie van de openingen en de benadering van de voordeur gelijk. Toch zijn de panden in detail zeer verschillend en is de stijl van de bouwperiode herkenbaar aanwezig. Deze verscheidenheid in hetzelfde is voor mij een belangrijk uitgangspunt voor de architectuur van een neiuwe aanvulling. 3. 4. Voorbeelden vanuit de historische stad Utrecht. leidend in het concept ontwerp. 1. De ruimtelijkheid in aaneenschakeling van pleinen en straten, Mariaplaats 2. De groene oases in de stad, kloostertuin Mariakerkhof 3. Het dakenlandschap waarin de kerktorens de bakens zijn. 4. Een uniforme baksteenarchitectuur waarin verscheidenheid zorgvuldig gekozen is.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 29
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 30
  • TRANSFORMATIE De transformatie van het bestaande bouwbolk bestaat uit drie stappen. De bestaande situatie (afbeelding 1) kent een onduidelijke vorming van het stedelijke weefsel. Er is vanuit alle aanliggende straten zicht op het groen van de weelderige tuin maar dit kan niet bereikt worden. De hui- dige bebouwing binnen het blok is een bebouwing zonde enige stedebouwkundige of historische waarde. De over- gang van de stad naar dit terrein verloopt door een rom- melige onderdoorgang langs achterkanten van gebouwen. In het blok worden de detonerende bebouwing verwijderd (afbeelding 2.). Dit betreft de huidige bebouwing binnen in het blok en de aanbouwen aan de achterzijde van de Wijde Begijnestraat. De bestaande tuinmurren worden aangevult (afbeelding 3.) zodat een autonoom en afgesloten park ontstaat. Het park scheidt zich van de woningen middels de historische en aangehechte tuinmuur. De panden aan de Plompe- torengracht 18 (het oorspronkelijke huis bij de tuin) en de 1. bestaande situatie 1. 2. verwijderen deel bebouwing 2. 3. inzetten en vergroten tuinmuur Asch van Wijckskade 27 (het poortgebouw) blijven met de voeten in de tuin staan wegens de historische binding. Het bouwblok wordt aangevult en de overgang van de stad naar het park wordt ontworpen. Aan drie openbare ruimten wordt een passende bebouwing geplaats als over- gang naar het park. Aan de Wijde Begijnestraat wordt het bestaande plein verlengd het bouwblok in. Het pand num- mer 5 krijgt een nieuwe achtergevel en de overige panden aan het neiuwe plein worden tegen de bestaande blinde gevels aan gebouwd. Zo wordt een nieuwe voorkant gein- troduceerd rond het plein. Op het midden van de Plompe- torengracht wordt de overgang naar het plein ontworpen in de vorm van een voorplein. De derde entree naar het perk zal wederom door het poortgebouw plaatsvinden.e 2. verwijderen deel bebouwing 3. inzetten en vergroten tuinmuur 3. 4. nieuwe toevoegingen 4. 1. bestaande situatie 2. verwijderen structuurdoorbrekende aanvullingen 3. aanvullen tuinmuren tot afgesloten ruimte 4. plaatsing bebouwing als overgangszone naar park RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 31
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 32
  • PLAN Het bestaande weefsel is aangevult met nieuwe bebou- wing. Er is vanuit de binnentuin een aantakking gezocht met het stedelijke weefsel. De tuinmuren zijn aangeheelt en versterkt. Hierdoor is een afgesloten publieke ruimte DE KA ontstaan met de invulling van een park. KS JC WI N Het park is aan drie zijden aangehecht aan het stedelijke VA CH weefsel. Door middel van het aanvullen van de bebou- AS N 3. wing is gezicht naar een ruimte en maat die past bij de VA drie openbare ruimte buiten het blok. Zo is vanaf het bestaande plein aan de Wijde begijnestraat (1) een con- tinue ruimte ontworpen waarbij het bestaande monumen- tale gebouw Wijde Begijnestraat 5 (2) los is komen te staan HT in de gevelrij. Via beide zijden van het pand is een tweede R A C plein bedacht dat de ontsluiting van het park verzorgt. Aan dit plein zijn woningen en een hotel ontworpen. Het hotel E N G is geplits in twee gebouwen aan weerszijden van het plein. Het cafe-restaurant is gehuisvest aan het gebouw (2) dat ET O de schakel naar de stad vormt. Dit gebouw is verlengd met 4. M P een nieuwe gevel aan het nieuwe plein. P L O De tweede entree (3) van het park bevindt zich aan de Asch van Wijkskade, hier is de entree terug waar deze R A AT ontworpen is in 1853, in het Poortgebouw. De straat is aan- gevult met nieuwe woningen en hierdoor wordt de entree van het park door het poortgebouw beter zichtbaar. N E ST De derde entree (4) is op het midden van de Plompetoren- B E G I J gracht . Hier is met het plaatsen van een tweede pand 2. 1. dwars op de straat een voorplein naar het park ontworpen. W I J D E V O O R ST R A ATRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 33
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 34
  • 3d impressie tuininrichting, direct na de entree door het poortgebouwRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 35
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 36
  • HET PARK Hte park is gebaseeerd op de bestaande dichtgegroeide tuin. In het park is een laag toegevoegd van de historische perceelslijnen. Op deze lijnen zijn verhoogde bakken ontworpen waardoor het ruimtelijk effect zorgt voor de focus op de aangevhechte tuinmuur. De bestaande bomen van het ontwerp van Zocher blijven bestaan, Door de lagen van de percelen en het bomenplan van Zocher ontstaat een conflict. De bomen staan zowel in de bakken als in de bestrating. Zo worden beide ontwerpen verenigd in een. Aan het park is rondom de tuinmuur aanvult. Drie panden staan met de ‘voeten’ in de tuin. Dit zijn de panden die een bijzonder tuinrealtie hebben, Plompetoregracht 18, het huis waarvoor de tuin oorspronkelijk is ontworpen, Asch van Wijckskade 27, het poortgebouw en het nieuwe hotel zorgt voor een derde gevel in de tuin. Het is van belang dat de tuin niet toebedeelt wordt aan nieuwe woningen. In het hotel zijn enkel gasten waardoor deze situatie niet ontstaat. De drie toegangen aan de tuin zijn afsluitbaar, er zijn geen toegangen vanuit de bestaande en de nieuwe woningen ontworpen. Zo zijn ook de direct aanwonenden altijd gast in het aanliggende park. 1. tuinplattegrondRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 37
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 38
  • MATERIALISATIE 1. bovenaanzicht tuinmaterialisatie 2. bestrating betontegel, lichtgrijs 3. betonbanden in bestrating, historische perceelslijnen 4. betonopbou als groenbakken met zitgelegenheden op de koppenRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 39
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 40
  • TYPOLOGIEEN In het plan zijn lokale historische typologieen toegapast passend bij de bestaande situatie. Deze zijn gekozen door de overgang tussen de publieke ruimte (de straat) en de gewenste woontypologie. Aan het publieke hof zijn de woningen (afbeelding 1) prive ontslotten aan het plein. Het plein is een rustige ruimte welke al verscholen ligt ten opzichte van de drukke stad. Hier zijn de woningen een halve meter opgetild zodat de woning loskomt van de plein. Aan de Asch van Wijckskade (afbeelding 2) zijn op basis van de Claustrale huizen, een typologie dat veel voorkomt in de stad de woningen ontsloten met een collectieve ruimte aan de straat. De Claustrale huize liggen terug ten opzichte van de straat. Hierdoor is de mogelijkheid ontstaan om de straat naar binnen te verlengen maar af te sluiten van de straat. Aan deze collectiev voorruimte liggen de toegangen tot twee woningen. 1. 2. Aan de Plompetorengracht (afbeelding 3) gaan de nieuwe woningen mee in de rooilijn van de bestaande bebou- wing, ook hier is gekozen om de woning een halve meter op te tillen van het maaiveld en de gevel van de straat te scheiden middels een hekje. Zo krijgen de woningen een meer prive karakter en blijven de voorbijgangers weg bij de gevel. Aan de drukke Wijde Begijnestraat zijn de woningen ont- sluiten middels een Cour (afbeeding 4). In het straatbeeld is een woning zichtbaar met een poort. Door deze poort zijn vier woningen te bereiken die collectief ontsloten zijn. 3. 4. Overgangen tussen publiek en collectief/prive 1. Overgang tussen het plein en een woning aan de Hof. 2. Overgang tussen de straat en de collectieve voorruimte, Asch van Wijckskade 3. Overgang tussen de straat en de opgang naar de woningen, Plompetorengracht. 4. Overgang tussen de straat en de toegang naar de woningen, Wijde begijnestraat.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 41
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 42
  • AANTALLEN HOF COUR CLAUSTRAAL GRACHT/ VOORSTRAAT TOTAAL 14 woningen 4 woningen 8 woningen 4 woningen 30 woningen 12x 80 m2 4x 100m2 3x 110 m2 3x 60 m2 1 hotel 2x 90m2 3x 120 m2 1x 90 m2 1x 130m2 1 cafe-restaurant 38 parkeerplaatsen 14 parkeerplaatsen collectieve ruimte collectieve ruimte collectieve ruimte prive ruimteRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 43
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 44
  • HOF De hof is gesitueerd als verlengde van het bestaande plein aan de Wijde Begijnestraat. aan weerszijde van het pand nummer 5 is het nieuwe plein van de hof bereikbaar. Het pand aan de Wijde Begijnestraat 5 krijgt ene nieuwe ver- lengde achtergevel en wordt in gebruik genomen als cafe restaurant om ook intern een openbare doorvoer tussen beide pleinen te bereiken. Aan de kop van het plein is een kleinschalig hotel ontworpen en aan de lange zijden van het plein zijn woningen bedacht. De woningen zijn ondie- pe woningen die rug aan rug zijn toegepast. Een won- ing gericht op het publieke plein en een woning aan het achtedek dat met een trap te bereiken is van het hart van het plein. Via het dek worden ook de bestaande bovenwo- ningen aan de Voorstraat ontsloten. 1. 2. 3. 1. Lokale typologie 2. Bestaande situatie 3. Nieuwe toevoeging in situatieRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 45
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 46
  • PERSPECTIEF EXTERIEUR 3d beeld van het plein vanuit het cafe-restaurantRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 47
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 48
  • NIVO -1 4. 6. 7. 5. 1. 2. 1. parkeergarage 38 plaatsen 2. in/ uitrit 3. 3. toegangen woningen 4. bergingen 5. toegang hotel 6. opslagruimte hotel 7. publieke uitgangRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 49
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 50
  • NIVO 0 7. 6. 2. 5. .. 4 1. 4.. 8. 3. 1. restaurant 2. cafe 3. keuken pleinwoning 4. uitgang parkeergarage 5. receptie hotel 6. lounge hotel 7. woonkamer pleinwoning 8. opgang dekRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 51
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 52
  • NIVO +1, +2 4. 1. 3. 1. opgang naar het dek 2. dek, onsluiting woningen 3. woonkamer pleinwoning 4. hotelverdieping, toegang naar kamers 2. #RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 53
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 54
  • PROFIEL 1 5. 8. 4. 7. 9. 10. 3. 6. 1. 2. 1. parkeergarage 2. toegangen woning A 3. keuken woning A 4. woonverdieping woning A 5. slaapverdieping woning A 6. slaapverdieping woning B 7. keuken woning B 8. woonverdieping woning B 9. dek # 10. bestaande bebouwingRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 55
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 56
  • PROFIEL 2 4. 4. 4. 5. 6. 3. 2. 1. 1. parkeergarage 2. plein 3. lounge hotel 4. kamerverdiepingen hotel 5. cafe 6. restaurantRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 57
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 58
  • GEVELS Cafe-restaurant 1. 2. 3. 1. bestaande straatgevel 2. verlengde zijgevels 3. nieuwe pleingevelRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 59
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 60
  • INTERIEUR 3d beeld vanuit een woning aan de hof #RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 61
  • 5. 4. 3. 1. 2. AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 62
  • GEVELDETAIL De gevels aan het plein zijn ontworpen als een geheel. Zowel de woningen als het hotel zijn in eenzelfde ritmiek voortgezet. De gevel is opgebouwd uit metselwerk met betonbanen om de horizontale lijnen te benadrukken, De kozijnen zijn verdiept uitgevoerd in hout. Ter plaatse van de individuele woningen is het met- selwerkvlak verdiept toegepast. Zo ontstaan er tussen de woningen een metselwerkpenant dat de woningen los van elkaar trekt. Deze penanten zijn uitgevoerd met een kruisverband met een vlakke voeg, hierdoor krijgen ze het beeld als vlakke schijven, Ter plaatse van de woning is de functie te herleiden aan het metselwerkverband. De dragende delen boven de kozijnen zijn uitgevoerd in een staandverband. Zo gaan ze als grote rollagen werken en liggen ze in de metselwerkpenanten. Tussen de kozijnen is een sierverband toegepast. Het metselwerk heeft hier enkel een sierfunctie. De kozijnen zijn in hout uitgevoerd. Op de begane grond zijn hoge deuren toegepast die volledig opengezet kun- nen worden. Hierdoor krijgt de woning aan het plein een informele toegang. Op de verdieping zijn openslaande ramen toegepast en op de slaapverdieping smallere schuiframen. De betonelementen liggen vlak in de met- selwerkpenanten en lopen in dezelfde lijn door onder de ramen waardoor ze als dorpel gana fungeren. 6. 7. 1. detail gevelaansluiting en metselwerkverbanden 6.gevel pleinwoning 2. voorgekleurd beton 7. technische doorsnede pleinwoning 3. baksteenmonster vechtformaat 200x100x40 mm 4. houten kozijn, binnendraaiend raam 5. keramisch vlakke dakpan, mat donkerbruinRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 63
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 64
  • COUR In de drukke Wijde Begijnestraat is op een diep perceel de typologie van de Cour toegepast. Via een doorgang bev- indt de collectieve binnenplaats waaraan de vier woningen ontsloten zijn. Het pand kent een redelijk dichte voorgevel en opent zich aan de binnenplaats. 1. 2. 3. 1. Lokale typologie 2. Bestaande situatie 3. Nieuwe toevoeging in situatieRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 65
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 66
  • PERSPECTIEF 3d beeld vanuit de Wijde BegijnestraatRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 67
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 68
  • PLATTEGRONDEN nivo 0, nivo 1 en nivo 2 2. 6. 3. 4. 5. 1. 1. toegang vanaf de straat 2. collectieve cour 3. keuken woning A 4. woonverdieping woning A 5. slaapverdieping woning A 6. dakterras waoning ARUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 69
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 70
  • PROFIELRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 71
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 72
  • GEVELRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 73
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 74
  • INTERIEUR 3d beeld vanuit een woning op de collectieve binnenplaats. 1. onderschrift 2. onderschrift 3. onderschriftRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 75
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 76
  • CLAUSTRAAL Aan de Asch van Wijckskade is de typologie van de Claus- trale huizen toegepast. Een hoofdhuis terug gelegen ten opzichte van de straat. Aan de straat bevinden zich een dri- etal collectie voorruimten waaraan de woningen ontsloten zijn. Op de begane grond zijn aptiowoningen toegepast met op de verdieping een tweede bovenwoning. De muur aan de straat zort voor een beslotenheid in de gevelopzet. 1. 2. 3. 1. Lokale typologie 2. Bestaande situatie 3. Nieuwe toevoeging in situatieRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 77
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 78
  • PERSPECTIEF 3d beeld vanaf de Asch van Wijckskade, recht de toegang tot de tuin door het poortgebouw.RUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 79
  • 8. 7. 6. 1. 4. 2. 3. 5. nivo 1 nivo 0 AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 80
  • PLATTEGRONDEN 11. 10. 12. 9. 13. nivo 1 nivo 2 1. parkeergarage 2. in/ uitrit 3. toegangen woningen A en B 4. hal woning A 5. kamer woning A 6. woonkamer woning A 7. keuken woning A 8. patio woning A 9. slapen woning A 10. keuken woning B 11. terras woning B 12. woonkamer woning B 13. slapen woning BRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 81
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 82
  • PROFIEL 7. 4. 5. 6. 2. 3. 1. 1. parkeergarage 2. toegangen woningen A en B 3. woonkamer woning A 4. slapen woning A 5. keuken woning B 6. terras woning B 7. woonkamer woning BRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 83
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 84
  • GEVELRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 85
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 86
  • INTERIEUR 3d beeld van een patiowoning aan het parkRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 87
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 88
  • GRACHT Op het midden van de Plompetorengarcht is een dwars huis gesitueerd dat een voorplein naar het park vormt. In het pand zijn drie gelijke diepe woningen ontworpen. 1. 2. 3. 1. Lokale typologie 2. Bestaande situatie 3. Nieuwe toevoeging in situatieRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 89
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 90
  • PERSPECTIEF 3d beeld vanaf de PlompetorengrachtRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 91
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 92
  • PLATTEGRONDEN nivo 0, nivo 1 en nivo 2 2. 4. 5. 6. 1. 3. 1. pleintje 2. toegang park 3. toegang opgang woningen 4. woning A 5. woning B 6. woning BRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 93
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 94
  • PROFIELRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 95
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 96
  • GEVELRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 97
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 98
  • INTERIEUR 3d beeld van een woning aan de grachtRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 99
  • AFSTUDEERWERK JOOST VAN DEN HAM ROTTERDAMSE ACADEMIE VAN BOUWKUNST MAART 2012 100
  • SLOT Met dit project ‘ruimte voor de historische stad’ heb ik geprobeerd een waardevolle toevoeging aan het stedelijke weefsel te ontwerpen. De lokale historische waarden zijn na een uitvoerige analyse de start geweest van de ontwer- pingreep. De historie wordt gevierd in dit plan. Maar de historie wordt zeker niet geconserveert. De lokale cul- turele geschiedenis van een (deel van) een stad is altijd in ontwikkeling. De historie kan in mijn ogen niet genegeerd worden in nieuwe planontwikkeling, maar blind staren op wat geweest is leidt ook niet tot een waardevolle ontwik- keling. Het ontwerpen aan de historische stad is een opgave dat zeer actueel is, nu de grote bouwprojecten moeilijker verkocht raken wordt steeds meer gezocht naar een bijzonderheid om aan te bieden. De herontwikkeling van bestaande objecten komt langzaam op gang en de herontwikkeling van complete gebieden zal ongetwijfeld snel volgen. Met dit plan heb ik een waardevolle gebied- stransformatie willen ontwerpen dat waarde heeft voor de nieuwe bewoner, de bestaande bewoners maar ook voor de stedeling. Met een minimale ingreep, zowel op stedebouwkundige als architectonische schaal heb ik veel verandering teweeg willen brengen. Het bestaande leeft op dankzij de nieuwe toevoegingen! Afstudeerwerk Rotterdamse Academie van Bouwkunst 23 maart 2012 Student: Joost van den Ham Commissie: Floris Cornelisse, mentor Willemijn Lofvers, voorzitter Paul Meurs, critic Klaas van der Molen, criticRUIMTE VOOR DE HISTORISCHE STAD 101