Verandering van tijdperk: Transitie van Zorg & Welzijn

1,377 views

Published on

Twente, 5 juni 2014

Published in: Education
0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
1,377
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
289
Actions
Shares
0
Downloads
34
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Verandering van tijdperk: Transitie van Zorg & Welzijn

  1. 1. twitter.com/janrotmans Verandering van tijdperk: Transitie van Zorg & Welzijn TSM Business School, Twente, 5 Juni 2014
  2. 2. We leven niet in tijdperk van verandering maar in een verandering van tijdperken
  3. 3. Kantelperiode 1. weefsel van de samenleving verandert 2. structuur van de economie verandert 3. disruptieve technologische doorbraken
  4. 4. Laatste Kantelperiode Modernisering [1850-1910] • industriële revolutie staal, elektriciteit, verbrandingsmotor • modernisering samenleving onderwijs, zorg, kiesrecht, sociale structuren • machtswisseling van adel naar bourgeoisie
  5. 5. Overgang naar Samenleving 3.0 Doorontwikkelingsfa se Voorontwikkelingsfase Horizontaal Decentraal Bottom-up Verticaal Centraal Top-down Tijd Opbouw van duurzame samenleving We zitten hier Kantelperio de
  6. 6. Kantel Fase chaos conflicten slagveld
  7. 7. Kantelperiode • energiebedrijven vallen om • massale ontslagen in thuiszorg • welzijnsorganisaties verdwijnen • bouwbedrijven saneren op grote schaal
  8. 8. oude orde nieuwe orde banken financiële coöperaties energiebedrijven lokale energie initiatieven bouwbedrijven 3D-netwerken / hubs verzekeringsbedrijven broodfonds netwerken thuiszorg organisaties lokale zorg initiatieven Oude Orde vs Nieuwe Orde
  9. 9. oude paradigma nieuwe paradigma exploitatie co-operatie structuren mensen waarde ontlenen waarde creëren lineair cyclisch Paradigma Wisseling
  10. 10. oude structuur nieuwe structuur verticaal horizontaal hiërarchisch netwerken top-down bottom-up centraal decentraal Structuurwisseling
  11. 11. oude sturing nieuwe sturing centrale sturing netwerksturing controle ruimte zekerheid onzekerheid regisseren faciliteren Sturing wisseling
  12. 12. Do it ourselves society Participatiesamenleving Sociaal doe het zelven Samenleving van onderop burgerkracht Samenleving 3.0
  13. 13. Evolutionaire Revolutie silo’s worden afgebroken nieuwe instituties ontstaan mensen breken door structuren heen glocalisering
  14. 14. Waar zien we die verandering? energie van centraal, fossiel naar decentraal duurzaam welzijn van zorgen voor naar zorgen dat bouw van aanbod & product naar vraag & dienst zorg van doelmatig & efficiënt naar mensgericht
  15. 15. Burger Initiatieven 500 lokale energie initiatieven 60 lokale zorg coöperaties 80 broodfondsen tientallen lokale munten collectieve bouwprojecten
  16. 16. biobased bottom-up kleinschalig circulair maatwerk CO2-arm Nieuwe maakindustrie Economie 3.0
  17. 17. centrale systemen zijn niet meer nodig voor geld, data, kennis, zorg, muziek, energie films, verzekering, boeken, reizen, educatie
  18. 18. Nieuwe Macht opkomende middenklasse tornt aan traditionele instituties kennis, netwerken, sociale media micromacht
  19. 19. Macht ‘ gemakkelijker te verwerven, lastiger uit te oefenen en eenvoudiger te verliezen ’ Moisés Naím
  20. 20. Philips transformeert tot zorgbedrijf DSM transformeert tot fijn/biochemie schoonmaakbedrijf stapt in de zorg energiebedrijven gaan in verzekeringen Bedrijven in Transitie
  21. 21. 3 van 5 bedrijven sneuvelen in kantelfase van transitie
  22. 22. Survival of the Fittest niet de grootste bedrijven overleven, ook niet de slimste bedrijven, maar de meest adaptieve bedrijven
  23. 23. Bouw Bedrijf 3.0 verdient niet zozeer geld met bouwen maar met het faciliteren van de klant decentrale energie telecommunicatie interieurinrichting
  24. 24. Energie Bedrijf 3.0 verdient niet zozeer geld met energie maar met het faciliteren van de klant energiebesparing smart grids wijk/buurt niveau
  25. 25. Zorg Bedrijf 3.0 verdient niet zozeer geld met zorg maar met het faciliteren van de klant van 100% naar 20% zorg helpen met netwerk ontwikkelen helpen met scholing & baan zoeken
  26. 26. Basisbegrippen Transities
  27. 27. Transitie fundamentele verandering van structuur, cultuur en werkwijzen op systeemniveau structuur: institutionele opbouw, economische structuur, fysieke structuur cultuur: gedeelde beelden, waarden, paradigma’s en perspectief werkwijzen: routines, regels, gedrag fundamentele omslag in denken, organiseren, handelen
  28. 28. regime: dominante structuur, cultuur en werkwijzen met macht en gevestigde belangen niche: opkomende, afwijkende structuur, cultuur en werkwijzen op klein schaalniveau niche wil macht ontwikkelen en het bestaande regime overnemen; regime beschermt zich daartegen door de niche onschadelijk te maken of op te nemen transitie = regime-wisseling = machtswisseling Transitie = Machtswissseling
  29. 29. Interne & Externe Verandering een transitie mislukt als de structurele verandering vanuit het regime plaatsvindt met alleen regime-partijen ‘een kalkoen zal zichzelf niet slachten’ een transitie mislukt als de structurele verandering vanuit niches plaatsvinden met alleen niche-partijen ‘muis en olifant stampen samen op de brug’ een transitie kan lukken als niche-partijen en veranderingsgezinde regime-spelers elkaar vinden en gaan samenwerken
  30. 30. Interne & Externe Verandering een transitie mislukt als de structurele verandering vanuit het regime plaatsvindt met alleen regime-partijen ‘een kalkoen zal zichzelf niet slachten’ een transitie mislukt als de structurele verandering vanuit niches plaatsvinden met alleen niche-partijen ‘muis en olifant stampen samen op de brug’ een transitie kan lukken als niche-partijen en veranderingsgezinde regime-spelers elkaar vinden en gaan samenwerken
  31. 31. Zorg Regime structuur: machtig zorgregime wijdvertakt en diep geworteld specialisatie cultuur: ‘artsen’cultuur sterke autonomie en grote autoriteit gesloten, naar binnen gekeerd werkwijze: klacht-diagnose georiënteerd ‘Kurieren am Symptoom’ specialisatie medische maakbaarheid staat centraal
  32. 32. Transitie Sturing organisch sturen: combinatie van top-down & bottom-up koplopers mobiliseren, dan het peloton, dan achterblijvers richting geven en ruimte bieden stimuleren, experimenteren, selecteren, opschalen politiek kan versnellend of vertragend effect hebben
  33. 33. Transitie Sturing Aanpak visie en transitieagenda transitie-arena transitie-experimenten evalueren en leren
  34. 34. Inzichten uit de Transitiekunde
  35. 35. Groot vs Klein transities zijn maatschappelijke omwentelingen die leiden tot fundamentele en onomkeerbare veranderingen grote omwentelingen ontstaan vaak uit kleine initiatieven van kleine groepjes individuen die een andere weg inslaan
  36. 36. Denken, Doen, Organiseren transitie is fundamentele omslag in denken, handelen, organiseren denken, handelen en organiseren zijn met elkaar verweven; grootste obstakel vormt het omdenken (cultuuromslag)
  37. 37. Gesegmenteerd en Gefaseerd transities verlopen gesegmenteerd en gefaseerd dit zorgt voor schoksgewijs en evolutionair verloop, gekenmerkt door opbouw en afbraak eerst haakt klein segment aan, dan groter, dan nog groter en uiteindelijk de massa
  38. 38. Voorontwikkeling Stabilisatie 2050 Duurzame Zorg Acceleratie Take-off Start ‘transitueprogramma TPLZ 1980 2007 2013 Huidige situatie tijd Multi-fase voor Zorg Transitie
  39. 39. Traag vs Snel transities bestaan uit trage en snelle dynamiek die op elkaar inwerken en elkaar kunnen versterken om de dynamiek te ontvlechten moeten we op minstens drie verschillende schaalniveaus kijken structurele, conjuncturele en evenementiële dynamiek structureel = decennia conjunctureel = jaren evenementieel = dagen
  40. 40. Multi-Level voor Zorg Transitrie Macro-niveau demografische transitie epidemiologische transitie individualisering privatisering, liberalisering Meso-niveau zorgregime, standaardisatie curatief beleid, marktwerking nieuw zorgverzekeringsstelsel inperking vrije artsenkeuze Micro-niveau technologische innovatie toename diversiteit patiënten toename autonomie burgers integrale geneeskunde
  41. 41. Keten van Patronen transities bestaan uit een keten van patronen. Drie basispatronen kunnen worden herkend: van bovenaf, van onderop en hybride
  42. 42. Mensenwerk transities zijn mensenwerk. Technologie is belangrijk maar niet doorslaggevend. Is wel wisselwerking
  43. 43. Van Water Keren naar Water Accomoderen • strategie van Pompen-Malen-Dijken bleek niet duurzaam toenemende druk van land op water en van water op land • dit heeft geleid tot een denkomslag: perspectiefwijziging van water beheersen en controleren naar water meer ruimte geven • kiem voor denkomslag ontstond tientallen jaren geleden bij kleine groep mensen buiten de waterwereld visionairs uit natuur- en landschapsbeheer en ruimtelijke ordening • omzetting van denkomslag naar transitiebeleid nog ver weg hobbels en obstakels maken praktische uitvoering lastig
  44. 44. Maatschappelijk vs Politiek transities worden zelden van boven af bepaald, en al helemaal niet vanuit de politiek. Wel kan de politiek een versnellend effect hebben op transities
  45. 45. Transitie van Roken naar niet-Roken in 1958: rookt 90% van volwassen mannen in 2012: rookt 27% van volwassen mannen (10% van jongeren) in 1950: verband tussen roken en longkanker (Doll) steeds explicietere waarschuwingen reclame steeds verder teruggedrongen in 1990: rookverbod in vliegtuigen, daarna in openbaar vervoer in 2004: rookvrije werkplek in 2008: horeca rookvrij
  46. 46. Transitie was cultuuromslag transitie duurde twee generaties was vooral een cultuuromslag begon bij elite, later volksbeweging beleid volgde later, wel belangrijk
  47. 47. Slim, Subtiel Sturen sturen van transities betekent beïnvloeden op een slimme, subtiele manier, dus niet vanuit controle en beheersing transitiesturing is het geven van richting in combinatie met het creëren van ruimte voor vernieuwing
  48. 48. Organisch Sturen transitiesturing is organisch sturen. Een combinatie van top-down en bottom-up sturing organisch sturen vraagt geduld, tijd, vertrouwen. Een combinatie van visie, strategie en actie
  49. 49. Friskijkers & Dwarsdenkers friskijkers en dwarsdenkers spelen een belangrijke rol bij transitiesturing omdat zij nieuwe paden inslaan kantelaars spelen een rol bij transitiesturing in de kantelfase omdat zij systemen kunnen laten kantelen
  50. 50. Systeemtransitie = Persoonlijke transitie elke systeemtransitie vraagt om een organisatorisch transitie. Elke organisatorische vraagt om een persoonlijke transitie Een persoonlijke transitie vergt het overwinnen van angst. Existentiële angst om te verliezen wat je hebt, zonder te weten wat je krijgt
  51. 51. Transitie in het sociaal domein
  52. 52. Decentralisatie Jeugd, Zorg, Welzijn decentralisatie van rijk naar gemeenten integratie van beleidsterreinen bezuinigingen en efficiency operaties echte transitie = cultuuromslag
  53. 53. Probleem in Zorg & Welzijn mens in dienst van structuur ‘silosering’ van zorg & welzijn van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’ in Amsterdam werken 4500 mensen in jeugdopvang 120 instanties zijn betrokken bij jeugdopvang
  54. 54. Probleem in Zorg & Welzijn mens en systeem zijn vervreemd van elkaar verbroken verbindingen tussen: lichaam en geest management en werkvloer financiering en inhoud gezondheid en welzijn, arbeid, sport zorgverlener en verzorgde
  55. 55. Probleem in Zorg & Welzijn Systeemwaarden Menswaarden doelmatigheid aandacht / tijd efficiency vertrouwen controle, beheersing ruimte regelzucht keuzevrijheid kosten / baten kwaliteit
  56. 56. Verbroken Verbindingen relatie tussen zorgverlener en zorgvrager vertrouwen, aandacht, passie, bezieling is verworden tot relatie tussen leverancier en cliënt kosten, doelmatigheid, efficiency, afrekening
  57. 57. Inkomens Zorgbestuurders flink gestegen
  58. 58. Systeemvernieuwing nodig in zorg & welzijn
  59. 59. Zorg & Welzijn 3.0 mensgericht menslievend vanuit eigen kracht in eigen omgeving samenredzaam
  60. 60. Nieuwe Solidariteit Nodig kwetsbare groep mensen hebben vangnet nodig vanuit eigen kracht is dus begrensd door kwetsbaren is dus grens aan zelfredzaamheid & samenredzaamheid
  61. 61. Transitieprogramma Langdurende Zorg
  62. 62. twitter.com/janrotmans 14-07-02 Transitieprogramma Langdurende Zorg ministerie en branche-organisaties Vernieuwende praktijk-instellingen vernieuwende denkers en opiniemakers kennisorganisaties (programmabureau) directeuren overleg werkgroep Innovatie 30 vernieuwende Projecten (2 Tranches) Programma-team Zorgkantoren transitie- arena
  63. 63. Visie op toekomst van Langdurende Zorg Mensgericht Economisch volhoudbaar Maatschappelijk ingebed
  64. 64. Mensgericht eigen leefomgeving staat centraal kleinschalig weer in contact met elkaar rust en ruimte aanbieden regie in eigen handen eigen budget
  65. 65. Economisch Volhoudbaar zorg is een dienstverlening maatschappelijke zorgondernemingen gezondheid schept waarde preventie loont stressbehandelaar, mental coach, persoonlijk adviseur specialist onderaannemer van zorgregisseur
  66. 66. Maatschappelijk Ingebed creëert je eigen micro-systeem om je heen je eigen verbanden gemeenschappen schakel tussen micro- en macrosysteem persoonlijk medisch assistent zorg = welzijn = sport = arbeid = leefstijl gezonde samenleving als basis
  67. 67. transitiepaden op weg naar visie Zelfzorg  leren en groeien (onderwijs en opvoeding)  versterking (in staat stellen en ondersteunen bij zelfredzaamheid)  zorg in naaste (micro-) omgeving (door dierbaren, buddies, etc.) Samenredzaamheid  mensen (onder)steunen in sociale verbanden (familie, buren, vrienden, lotgenoten, etc)  nieuwe beroepen (wijkverpleegkundigen 2.0, ervaringsdeskundigen, levensstijl adviseurs) Professionele ruimte  professionaliteit en collegialiteit  samenwerken (met andere disciplines)
  68. 68. Transitie experimenten 1. Assertive Community Treatment, Rotterdam 2. Smart Caring Community, Leeuwarden 3. Prinsenhof, Rotterdam 4. Palliatieve zorg, Midden Holland 5. Geriatrisch steunpunt Polderburen, Almere 6. Video netwerken Zorg 7. Wonen en welzijn op Maat 8. Buurtzorg 9. Case manager Dementie, Eindhoven 10. Ketenfinanciering, Noord Holland Noord
  69. 69. Buurtzorg zelfsturende buurtzorgteams zorg op maat in de buurt integratie in netwerk van zorgvrager platte organisatie zonder managers & directeuren
  70. 70. Jeugdzorg 3.0 pro-actieve aanpak multi-disciplinair team brede maatschappelijke ondersteuning combinatie van verleiding, dwang en drang
  71. 71. Besef dringt door dat het anders moet Notitie van VWS ‘Anders kijken naar Langdurige Zorg’ - AWBZ sluit niet meer aan bij huidige tijd richt zich vooral op wat mensen niet meer kunnen - Heroriëntatie van waarden nieuwe waarden: welbevinden, samenredzaamheid vertrouwen, mensgerichtheid - Uitgangspunten positie burger; inclusieve samenleving; de-medicaliseren ruimte professional; herijk kwaliteitseisen; bekostig resultaat
  72. 72. Nieuw Zorg Paradigma van zorgen voor naar zorgen dat mensen faciliteren in hun leven zodat zo weinig mogelijk zorg nodig is diensten aanbieden rondom: werk zoeken, opleidingen, netwerken
  73. 73. Gemeenten zijn nog niet klaar Experimenten zorg 3.0 jeugdzorg, ouderenzorg, wijk/buurtzorg perspectief voor komende 10 jaar hoe ziet zorg 3.0 er uit in uw gemeente of organisatie? faciliterende rol van de overheid leggen van verbindingen tussen ‘het veld’ en de zorgvrager
  74. 74. Wat betekent dit voor Gemeenten?
  75. 75. faciliterende rol gemeente werk, welzijn, jeugdzorg organisatorisch integreren klimaat creëren van samenwerken en kruisbestuiving welzijn / zorg meer naar de voorkant halen Transitie binnen Gemeente
  76. 76. Faciliterende Rol voor Gemeenten richting geven & innovatieruimte bieden
  77. 77. Richting Geven richting geven duidelijke, ambitieuze kaders stellen werken volgens heldere spelregels / principes afstemmen van ontwikkelingen in samenhang
  78. 78. Ruimte Bieden innovatieruimte bieden mentale ruimte, juridische ruimte, organisatorische ruimte belemmeringen wegnemen ongedachte coalities stimuleren niet alles zelf willen organiseren, maar het mogelijk maken dat anderen het zelf kunnen organiseren
  79. 79. agenderen stimuleren verbinden schakelen Faciliterende Overheid
  80. 80. nieuwe kwaliteiten voor professional niet voor maar met mensen werken nieuwe kwaliteiten voor gemeente ambtenaren verbinden, schakelen, faciliteren Competentieontwikkeling
  81. 81. Ambtenaar 3.0 zit niet meer achter zijn bureau maar trekt de wijk/buurt in heeft een loket in de wijk/buurt
  82. 82. Wat te Doen Morgen? niets reflecteren op laatste paar jaar bewust onbekwaam of onbewust onbekwaam? geschikt als verbinder, facilitator, stimulator? hanteert u nog wereldbeeld van command-and-control?
  83. 83. Wat te doen Morgen? stop met plannen maken kijk naar wijk of gebied vanuit complexiteitsbril waar zit de veerkracht en potentie van wijk/gebied ga op zoek naar koplopers [friskijkers, dwarsdenkers] start vernieuwingsproces vanuit smal & diep draagvlak
  84. 84. Mogelijke Aanpak Zorg
  85. 85. Aanpak 3.0 van onderop zelfsturende, multidisciplinaire teams één zelfsturend team van professionals per wijk / gebied teams zijn volledig mensgericht en werken integraal teams gefaciliteerd door ambtelijk team geef team innovatieruimte en budget voor 5 jaar
  86. 86. Aanpak 3.0 ga alleen in zee met zorgorganisaties 3.0 selecteer scherp met wie je werkt stop met clubs die traditioneel werken
  87. 87. Aanpak 3.0 Naar de Bron van het Sociale Domein klantgericht integrale aanpak vanuit eigen kracht één organisatie voor klant
  88. 88. Aanpak 3.0 Valkuilen keukentafelgesprek arrangement spoorboekje & marsroute resultaatgericht project
  89. 89. Aanpak 3.0 dit is geen project dat op 1 januari 2015 is afgerond dit is een proces van zoeken-leren-experimenteren ‘al-doende-leren en al-lerende-doen’
  90. 90. Wat betekent dit voor Gemeenteraad?
  91. 91. Transitie Rol Gemeenteraad - sturen op hoofdlijnen - bewaak het proces - niet te strikt afrekenen op projectdoelen - wantrouw strakke projectdoelstellingen
  92. 92. Transitie Rol Gemeenteraad - kritisch reflecteren op transitieproces - observeer cultuuromslag - observeer organisatieverandering - bewaak de eenvoud
  93. 93. Ttransitie Rol Gemeenteraad - sta kritisch t.o.v. adviesbureaus - eenvoudige oplossingen bestaan niet - verval niet in ‘command & control’ - geef vertrouwen mee
  94. 94. Geen enkele gemeente is klaar op 1 januari 2015!
  95. 95. Wat betekent dit voor zorgbedrijven?
  96. 96. fundamentele veranderstrategie nieuwe klanten nieuwe businessmodellen nieuwe oriëntatie Transitie Strategie
  97. 97. Transitie Strategie externe veranderstrategie samenwerking met niche-partners interne veranderstrategie friskijkers, dwarsdenkers, kantelaars
  98. 98. Transitie Strategie succesvolle bedrijven nemen tijd voor verandering creëren ruimte voor verandering vanuit lange termijn oriëntatie
  99. 99. Duale Strategie ontwikkel schaduwlijn binnen bedrijf experimenteer met nieuw verdienmodel zoek samenwerken nieuwe partners Transitie Strategie
  100. 100. kent verschillende fasen: 1. voorontwikkeling [ bewustwording ] 2. doorbraak [ strategie / missie ] 3. versnelling [ DNA van organisatie ] 4. consolidatie [ uitvoering ] Transitie binnen een Bedrijf
  101. 101. Transitie Fasen binnen een Bedrijf Kantelpunt strategie / missie Versnelling DNA Voorontwikkeling bewustwording Stabilisatie uitvoering tijd Organisatie 3.0
  102. 102. u heeft de organisatie op orde gebracht u heeft op kosten bespaard en minder overhead maar hoe zat het ook al weer met de klant? Overlevingsstrategie
  103. 103. veeleisend en lastig wil optimaal gefaciliteerd worden denkt ook steeds meer pro-actief mee Klant 3.0
  104. 104. oude verdienmodel & bestaande marge handhaven experimenteren met nieuwe verdienmodellen & klanten gaat op korte termijn ten koste van marge & verdienmodel op lange termijn overleef je niet zonder nieuw verdienmodel Transitie Paradox
  105. 105. Wat betekent dit voor zorgprofessionals?
  106. 106. denken vanuit mensen mensen kunnen activeren mensen autonomie teruggeven inspelen op vragen van mensen Competenties voor Zorg 3.0
  107. 107. kunnen verbinden kunnen netwerken kunnen met groepen & vrijwilligers omgaan zijn activerend, coachend en dienend Professionals voor Zorg 3.0
  108. 108. Transitie Fasen van een Individu Kantelpunt bewust onbekwaam Versnelling onbewust bekwaam Voorontwikkeling onbewust onbekwaam Stabilisatie bewust bekwaam tijd Competent Individu
  109. 109. Wat betekent dit voor u morgen? reflectie spiegel eigen aanpak en niet op basis van tevredenheid patiënten reflexiviteit waarom doen we de dingen zoals we ze altijd gedaan hebben? experiment start eens met een paar experimenten die afwijken van gangbare

×