• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
Holland in de 15e en 16e eeuw 3
 

Holland in de 15e en 16e eeuw 3

on

  • 7,059 views

 

Statistics

Views

Total Views
7,059
Views on SlideShare
6,756
Embed Views
303

Actions

Likes
0
Downloads
60
Comments
0

4 Embeds 303

http://hkgeschiedenis.yurls.net 135
http://www.yurls.net 90
http://www.hkgeschiedenis.yurls.net 59
http://www.slideshare.net 19

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Holland in de 15e en 16e eeuw 3 Holland in de 15e en 16e eeuw 3 Presentation Transcript

    • Holland in de 15e en 16e eeuw
    • In de Middeleeuwen is de positie van Holland nog niet zo sterk:
      de steden zijn nog klein
      de Vlaamse steden (Brugge, Gent en later Antwerpen) en de Hanzesteden aan de IJssel zijn veel belangrijker.
      De veengronden (ontgonnen in de Middeleeuwen) klinken in en raken uitgeput.
      Grootschalige graanverbouw is niet mogelijk.
      Gevolgen:
      -> voedseltekort dreigt voor de toenemende bevolking
      -> Hollandse kooplieden kopen graan in Engeland en Frankrijk
    • Vanaf 1450: Hollandse kooplieden trekken naar het Oostzeegebied.
      - daar kopen ze goedkoop graan, geproduceerd door afhankelijke boeren op adellijke grootgrondbezit.
      Gevolgen:
      -> de groeiende bevolking in Holland wordt in de 16e eeuw gevoed door import van graan uit het Oostzeegebied
      -> Geen malthusiaanse spanningen in Holland
      Conclusie: De handel met het Oostzeegebied en vooral de graanhandel wordt de moedernegotie van Holland.
      -> graanhandel leidt tot een internationaal handelsnetwerk
      -> handelsoorlogen met de Hanzesteden.
    • In de 16e eeuw wordt de Hollandse landbouw de meest efficiënte van Europa:
      Oorzaken:
      gunstige natuurlijke omstandigheden
      geen feodale traditie, waardoor de macht van de adel beperkt is.
      De vroege vorming van waterschappen
      Gevolg:
      Opkomst van een gecommercialiseerde landbouw in Holland en Zeeland
    • gecommercialiseerde landbouw:
      Boeren investeren op lange termijn, ook in technische vernieuwingen.
      Boeren produceren voor de stedelijke markt.
      Verbouw van handelsgewassen, zoals vlas, koolzaad en hennep.
      Boeren schakelen over op zuivelproductie en vetweiderij.
      Gevolgen:
      Veranderingen in de Hollandse landbouw leiden tot een proces van urbanisatie.
      De Hollandse agrarische structuur met gecommercialiseerde landbouw is uniek in het pre- industriële West – Europa en vormt een grote tegenstelling met het oosten en zuiden van de latere Republiek.
    • 1400 -1600: In Holland en Zeeland groei van:
      handel
      -> Holland en Zeeland profiteren in de handel van de groei van Brugge en Antwerpen en worden in de 16e eeuw satellieten van het handelscentrum Antwerpen.
      -> De binnenlandse vraag neemt toe door bevolkingsgroei, urbanisatie, migratie en de commercialisering van de landbouw
      -> Er ontstaat een handelssysteem, met als basis de graanhandel (en de handel in andere bulkgoederen) met het Oostzeegebied.
      -> Sterke uitbreiding van de Hollandse handelsvloot doordat kooplieden samen investeren in schepen om zo de risico’s te spreiden.
    • 1400 -1600: In Holland en Zeeland groei van:
      Nijverheid: vooral textielnijverheid
      -> de uitbreiding van de nijverheid vindt vooral plaats in de groeiende steden:
      > daar is voldoende aanbod aan arbeidskrachten
      > de gilden hebben daar niet zo’n sterke greep op de nijverheid.
      -> steden gaan zich specialiseren in een bepaalde tak van nijverheid.
    • 1400 -1600: In Holland en Zeeland groei van:
      trafieken
      scheepvaart
      scheepsbouw
      visserij
      -> door de invoering van het haringkaken wordt haring een van de belangrijkste Hollandse exportproducten en komt er een sterke groei van de haringvisserij
    • Eind 16e eeuw:
      Amsterdam neemt de leidende handelspositie van Antwerpen over.
      -> Antwerpen heeft veel last van financiële problemen in het Habsburgse Rijk: daardoor gaan veel kooplieden failliet
      -> De Spanjaarden veroveren Antwerpen in 1585
      • Opstandige Hollanders en Zeeuwen sluiten de Schelde af voor scheepvaart
      • Veel kooplieden en arbeiders trekken naar de Noordelijke Nederlanden, die profiteren van hun kapitaal en kennis
      -> Amsterdam profiteert steeds meer van de structurele verbeteringen in de economie van Holland en Zeeland.
      • Holland en Zeeland groeien uit tot het centrum van het handelskapitalisme
      • De positie van machtigste handelsstad en stapelmarkt verschuift van de Zuidelijke naar de Noordelijke Nederlanden: Brugge -> Antwerpen -> Amsterdam
    • De macht van Antwerpen
      Om een indruk te geven van de positie van Antwerpen een aantal gegevens:
      • De grootste steden liggen in Vlaanderen:
      • Antwerpen: 100.000 inwoners
      • Gent: 50.000 inwoners
      • Brussel: 40.000 inwoners
      • Brugge: 35.000 inwoners
      (Cijfers van het jaar 1565)
      • Antwerpen exporteert rond 1550 80% (!) van alle export uit de Nederlanden.
      • In Vlaanderen en Brabant samen woonde 43 % van de bevolking.
      • Amsterdam was in de 16e eeuw eigenlijk een soort voorhaven van Antwerpen, voor goederen vanuit het Oostzeegebied.
    • De val van Antwerpen
      Eind 16e eeuw: Antwerpen in problemen
      Spanje koloniseert Latijns-Amerika -> zilver naar Europa -> specerijenhandel verplaatst naar Sevilla -> belang Antwerpen in handelsnetwerk neemt af
      Spaanse vorst leent geld in Antwerpen -> 1557: Spanje bankroet door oorlogvoering, leningen worden niet terugbetaald
      Nederlandse Opstand: Spaanse muiterij (1576) -> Antwerpen kiest partij voor Willem van Oranje -> Antwerpen wordt heroverd door de Spanjaarden (1585)
    • De Nederlanden
      'De  Nederlanden' was een verzameling van verschillende staatjes of gewesten die vanaf 1400 onder het gezag waren gekomen van de hertogen van Bourgondië. Het grondgebied van de Bourgondische staat breidde zich in de loop van de Middeleeuwen uit. De Bourgondische hertogen wisten door veroveringsoorlogen, maar ook met het sluiten van huwelijken hun grondgebied steeds verder te vergroten.
    • De laatste hertog van Bourgondië was Karel de Stoute ( 1467-1477). Na zijn dood erfde zijn dochter Maria de Rijke alle gebieden en trouwde met Maximilliaan van Habsburg. Hij was de zoon van de Duitse keizer. Op die manier werden de Nederlandse gewesten een onderdeel van het Habsburgse Rijk.
      De zoon van Maria en Maximilliaan, Filips de Schone trouwde met Johanna de Waanzinnige. Zij was de dochter van de Spaanse koning. Toen deze stierf kwam ook het Spaanse rijk in het bezit van de Habsburgers.
    • Filips de Schone overleed in 1506. Hij werd in 1515 opgevolgd door zijn zoon Karel de V, die toen nog meer 15 jaar oud was. Karel de V werd heer van de Nederlandse gewesten. Hij erfde het hoogste gezag per gewest. Een aantal gewesten in het noordoosten van de Nederlanden, (Drenthe, Groningen en Friesland),  was nog niet in handen van de Habsburgers. Daarom begon Karel de V een aantal oorlogen om die gebieden te veroveren. Dit lukte uiteindelijk in 1543, waardoor alle zeventien gewesten nu in handen waren van de Habsburgers. Vijf jaar later werd besloten dat de Nederlandse gewesten een ondeelbare bestuurlijke eenheid moesten blijven vormen. Men noemde deze eenheid de Bourgondische Kreits.
    • Karel V
      Karel de V was een machtig vorst. Hij was:
      - Heer van de Nederlandse gewesten;
      - Keizer van het Duitse Rijk;
      - Koning van Italië en Spanje
      - Koning over de ontdekte gebieden in Midden- en Zuid Amerika.
    • 1.4 Het bestuur
      De 17 Nederlandse gewesten vormen in de 16e eeuw niet één land, maar ze vallen wel onder dezelfde vorst: Karel V, hij was ook Heer der Nederlanden (zijn zoon was Filips II).
      Karel V wilde van de Nederlanden graag een eenheid maken -> staatsvorming. En dat gebied dan vanuit een hoofdstad besturen: centralisatie (Instelling Raad van State) Ook wilde hij in zijn rijk één geloof: het katholicisme. En Invoering van accijnzen: centrale belastingen
      Filips II zette deze politiek voort en hiertegen komen de Nederlandse gewesten in opstand.
    • Voor de gewestelijke vrijheid!
      Vanaf 1568 is de Nederlandse Opstand (of Tachtigjarige oorlog) aan de gang. Waar draaide die Opstand om?
      • Stoppen van de kettervervolgingen
      • Handhaven van de privileges: de oude rechten van de adel, steden en gewesten
      In 1581 zweren de leden van de Unie van Utrecht de koning af (Acte van Verlatinghe) en in 1588 ontstaat een zelfstandig land: de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
    • De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1588:
      Geen gemeenschappelijke vorst
      Gewesten + steden behouden zelfstandigheid en privileges
      Eigen belastingstelsels, eigen munt, invoerrechten, etc.
      Gilden blijven bestaan, maar invloed is in Hollandse steden beperkt => tolerante arbeidsmarkt
    • De Republiek
      De Republiek is politiek geen eenheid, maar als markt vormt het steeds meer een economische eenheid.
      Kooplieden –regenten versterken de economische integratie
      -> door hun persoonlijke en familierelaties zijn er banden tussen steden en gewesten.
      -> Zij laten zich leiden door hun gemeenschappelijke economische belangen.
    • Holland domineert de Republiek
      Grote verschillen tussen kust- en landsprovincies
      Traditionele landbouw-gemeenschappen in Midden- en Oost-Nederland: feodale traditie, nauwelijks steden, zelfvoorzienend, etc.
      In het gewest Holland zijn de steden dominant: bestuurt door kooplieden-regenten (welgestelde burgers, actief in handel/nijverheid), overlegcultuur [poldermodel]
    • De Republiek en Holland
      Het gewest Holland vormt vanaf de 15e eeuw steeds meer een eenheid.
      -> de waterschappen bevorderen een overlegcultuur
      -> stadsbesturen bieden goede vestigingsvoorwaarden aan de stedelijke nijverheid.
    • Einde
      Nakijken vragen:
      1 t/m 4 blz. 20
      Zelfstandig maken:
      5 t/m 8 blz. 22