121116 dag van de talentontwikkeling hku
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Like this? Share it with your network

Share

121116 dag van de talentontwikkeling hku

on

  • 937 views

Presentatie voor het Sectoraal Adviescollege Kunstonderwijs van de HBO-Raad

Presentatie voor het Sectoraal Adviescollege Kunstonderwijs van de HBO-Raad

Statistics

Views

Total Views
937
Views on SlideShare
937
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
2
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

121116 dag van de talentontwikkeling hku Presentation Transcript

  • 1. Dag van de Talentontwikkeling: Inspireren en Informeren 16 november 2012
  • 2. Onderzoek naartalentontwikkeling in het VO Henk Sligte
  • 3. Onderwerpen• Korte schets van ontwikkelingen• Nadere begripsbepaling• Mogelijkheden en onmogelijkheden in het voortgezet onderwijs• Een goed voorbeeld
  • 4. Talent
  • 5. www.onderwijsinspectie.nl/actueel/publicaties/van-latent-naar-talent.html
  • 6. Tot 10-15 jaar geleden weinig aandacht voor het ‘organiseren van talentontwikkeling’Belemmerende factoren: – de cultuur in de samenleving; vooral emancipatorisch: ieder moet gelijke kansen krijgen – het stelsel: geen structuur die inspeelt op bijzondere talenten – de inrichting van het onderwijs: aanbod aan de hele groep, geen individuele leerroutes – het didactisch handelen van leraren: gericht op het gemiddelde niveau van de klas
  • 7. Recente adviezen & nota’s• Hoe kan onderwijs meer betekenen voor jongeren? Kwalificatie, zorg en talentontwikkeling in samenwerking tussen onderwijs en andere jeugdvoorzieningen (Onderwijsraad, 2004)• De Helft van Nederland hoogopgeleid; Talenten optimaal ontwikkelen en benutten (Onderwijsraad, 2005)• Presteren naar vermogen; Alle talenten benutten in het funderend onderwijs (Onderwijsraad, 2007)
  • 8. Recente adviezen & nota’s• Doorstroom en Talentontwikkeling. Onderwijs voor 12-18-jarigen (Onderwijsraad 2007)• Kwaliteitsagenda 2008-2011 van de VO-Raad – excellentie bevorderen, betere ontwikkeling van toptalent; – alle leerlingen een passende kwalificatie.• Investeringsagenda 2011-2015 VO-Raad: Ruimte voor Ieders Talent• OCW 2011: Beter Presteren – PISA/excellent-hoogbegaafd/opbrengstgericht werken/ambitieuze leercultuur
  • 9. Scholen• Begaafdheidsprofielscholen• Scholen met specifieke mogelijkheden voor potentiële topsporters, musici en dansers• Scholen met tweetalig onderwijs• Technasia• Scholen met vwo-plusklassen• Vakcolleges in het vmbo die de talenten van leerlingen in de uitvoerende beroepsuitoefening willen aanboren.
  • 10. Scholen• Helft van onderzochte scholen heeft onderwijsaanbod dat talentontwikkeling van leerlingen ondersteunt, vooral cognitief talent• In vmbo is ook relatief veel aandacht voor sportief talent• Visie op talent nauwelijks aanwezig• Veel havo/vwo (itt vmbo) lid van landelijk netwerken voor b.v. cultuurprofielscholen, Jet-Netscholen en Universumscholen In dit onderzoek van Inspectie komt het woord ‘kunst’ niet voor
  • 11. Maatwerk Voor Latente Talenten? Uitblinken op alle niveauswww.kohnstamminstituut.uva.nl/rapporten/pdf/sco820.pdf
  • 12. Onderzoek• Wat is talent?• Instrumenten om talent te herkennen?• Kennis en vaardigheden docenten?• (On)Mogelijkheden in het (voortgezet) onderwijs?• Maatwerk? – Latent? – Uitblinken? – Alle Niveaus? – Heeft iedereen talent voor iets?
  • 13. Talent• Aangeboren? Aangeleerd?• Iets dat gegeven wordt (Mattheus)  Gift – Gave – Begaafdheid (Giftedness)  Niet laten rusten – ontwikkelen• Geheim van de Uitblinker  Deliberate practice  Oefenen, oefenen, 10.000 uur  Motivatie  Uitblinken, excellentie als relatief begrip
  • 14. Wat is talent?• Een complex begrip, gerelateerd aan (wisselwerkingen tussen): – individuele begaafdheidsfactoren, – niet-cognitieve persoonlijkheidskenmerken, zoals motivatie om te presteren, en – omgevingskenmerken
  • 15. Heller HellerBegaafdheid entalent
  • 16. Gardner: meervoudige intelligenties• Verbaal-linguïstisch• Muzikaal-ritmisch• Intrapersoonlijk• Interpersoonlijk• Lichamelijk-kinesthetisch• Visueel-ruimtelijk• Logisch-Mathematisch• Naturalistisch-ecologisch Meer dan IQ alleen
  • 17. Factoren die een positieve invloed hebben op de leerprestaties (Marzano, 2007)
  • 18. Factoren op leerlingniveau (Marzano)• Achtergrondkenmerken belangrijkste bepalende factoren schoolprestaties – Thuissituatie – Achtergrondkennis (aangeboren-aangeleerd) – Motivatie• Invloed school beperkt (20%, grootstedelijk minder)• Lesgeven over motivatie helpt!
  • 19. Maatwerk voor latente talenten?• Drie onderzoeksvragen: – Welke instrumenten voor het herkennen van talent? – Welke kennis en vaardigheden van docenten voor herkennen en (helpen) ontwikkelen van talent? – Welke mechanismen in voortgezet onderwijs zorgen voor het nemen van verantwoordelijkheid in talentontplooiing?
  • 20. Instrumenten (meten-herkennen)• Intelligentietests (ontwikkeld cognitief vermogen)• Leerpotentieeltests (vermogen tot leren)• Metacognitieve vaardigheden – Executieve functies (BRIEF) – Vroegbloeiers en Laatbloeiers (neurocognitie- rijping van het hersenen)• Motivatie en andere niet-cognitieve persoonlijkheidskenmerken Instrumenten voor talentherkenning in de Kunst?
  • 21. Vragen• Je kunt elementen meten-herkennen….maar hoe herken je talent als complexe veelzijdige verborgen eigenschap?• Hoe weet je of iemand vroeg- of laatbloeier is? Hoe kom je achter onderpresteren?• Moet er een TQ-test (Talent-Quotiënt) ontwikkeld worden? • Is de docent het beste instrument?• Hoe kom je op school tot maatwerk voor verschillen?
  • 22. MaatwerkHet leveren van maatwerk in het onderwijs isgedefinieerd als het afstemmen van deonderwijsleersituatie op verschillen tussen kinderen.Uitgangspunt daarbij is dat elke leerling uniekeontwikkelingskansen heeft en dat het onderwijstegemoet moet komen aan zulke onderlingeverschillen tussen leerlingen. Omgaan metverschillen, is uitgaan van verschillen. Goedonderwijs is zo ingericht dat het elke leerling tot zijnrecht laat komen zodat elke leerling zich op zijnplaats voelt. Volgens deze visie is maatwerk de kernvan goed onderwijs. (Oostdam – Maatwerk Primair)
  • 23. Maatwerk voor latente talenten?• Drie onderzoeksvragen: – Welke instrumenten voor het herkennen van talent? – Welke kennis en vaardigheden van docenten voor herkennen en (helpen) ontwikkelen van talent? – Welke mechanismen in voortgezet onderwijs zorgen voor het nemen van verantwoordelijkheid in talentontplooiing?
  • 24. Interviews & vragenlijst• 12 Connaisseurs – Aanbevolen door anderen – Bevlogen, actief – Gesprekken toegespitst op dagelijks handelen• 140 Respondenten• Scala aan verhalen
  • 25. Hoe herken je talent?• Belang van cijfers beperkt: laag cijfer kan teken zijn van onderpresteren• Portfolio, maar toch vaak cijfer• Open en gevarieerde opdrachten en leersituaties, zodat talent aangeboord en zichtbaar wordt• Beroep doen op verschillende ‘intelligenties’ (Gardner)
  • 26. Talent: herkenning• Raakt hart van het pedagogisch proces: het kennen en ‘bereiken’ van leerlingen• In iedere klas wel een of meer leerlingen met positieve werkhouding en goede resultaten• Verborgen: “je moet het individu achter de groep zien”; vakdidactische, vakinhoudelijke zoektocht• Fingerspitzengefühl, tacit knowledge  moet je ontwikkelen
  • 27. Talent: ontwikkeling• Moeite hebben apart lesaanbod voor uitblinkers aan te bieden• Reguliere lesprogramma plus didactiek geldt voor iedereen; methodes vaak niet geschikt• Veel investering in eigen tijd nodig om didactische variatie en dynamische leeromgeving te scheppen
  • 28. Talent: ontwikkeling• Gaat hand in hand met ruimte voor creativiteit: door vrije(ere) opdrachten een zekere mate van keuzevrijheid geeft gevoel zeggenschap over eigen leren te hebben geeft motivatie om goed werk af te leveren• Balans tussen verplichte taken en vrijheid
  • 29. Talent: ontwikkeling• Onderwijsaanbod toespitsen op belevingswereld leerlingen• Anders organiseren leeromgeving – Ook kleinere groepen  coachen – Buitenschools• UITDAGEN is een term die heel veel gebruikt wordt
  • 30. Talent: coachen en begeleiden• Rust en ruimte in de les• Positieve benadering• Inzetten talentvolle leerlingen in het coachen leerlingen• Goed klassenmanagement
  • 31. Evidence invloed docent op leerprestaties (Marzano)• Didactische leerstrategieën – Afstemmen op verschillen – Pedagogical Content Knowledge• Pedagogisch handelen en klassenmanagement• Sturen en herontwerpen lesprogramma
  • 32. Maatwerk voor latente talenten?• Drie onderzoeksvragen: – Welke instrumenten voor het herkennen van talent? – Welke kennis en vaardigheden van docenten voor herkennen en (helpen) ontwikkelen van talent? – Welke mechanismen in voortgezet onderwijs zorgen voor het nemen van verantwoordelijkheid in talentontplooiing?
  • 33. Talent en de schoolorganisatie• Respondenten: een mal/sjabloon in de organisatie waarbinnen het moeilijk is creatief te zijn, en ruimte en tijd voor maatwerk te creëren• De bel, het klassikale, de individuele docent, de lopende band, de vakinhouden zonder verband, gesloten toetsen• Hoe zouden we het VO nu ontwerpen?
  • 34. Respondenten• Zesjescultuur=motivatieprobleem staat in verband jeugdcultuur & schoolcultuur• Uitdagen tot betere prestaties plus doorbreken van die cultuur: het is niet raar om je best te doen• Tijd en aandacht is daarvoor nodig maar…..
  • 35. “Mijn aandacht verdelen is eenvoortdurende woekering. Door leerlingen een deel vande les zelf te laten werken, heb ik wel het gevoel dat ikieder individu regelmatig aandacht schenk. Maar je komtaltijd tijd tekort. Dat is een van de problemen voortalentontwikkeling: dat je teveel beperkt bent in tijd en inbeschikbaarheid. Een belangrijke factor bij het totontwikkeling brengen van talent is dat je er de tijd voormoet hebben binnen het geheel van activiteiten. Datvind ik lastig bij het huidige urenaantal en groepsgrootte.Je concentreert je in eerste instantie op het programma,want dat is de opbouw naar het examen toe.Daaromheen zou je nog veel meer kunnen doen omleerlingen te stimuleren, maar dat is vaak beperkt doorde beschikbare tijd.”
  • 36. “Een van de complexe taken van het onderwijs is om te gaan met de diversiteit in leerlingen. En die diversiteit doet zich voor op een groot aantal dimensies, qua intelligentie, motivatie, achtergrondkenmerken, etc. De school dient onderwijs en indien nodig zorg op maat te biedenen werk te maken van het steeds verbeteren van de afstemming tussen de onderwijsomgeving enindividuele kenmerken. De verschillende docenten in al hún diversiteit, inclusief hun talenten, zijn belangrijke actoren in het verbeteren van die afstemming.”
  • 37. Onderzoek op 11 VO-scholen 2007-2010Expeditie Durven Delen Doen van de VO-Raad
  • 38. Invullingen op de scholen• Presteren naar je vermogen – Doel is een einde te maken aan onderpresteren of onderbenutting• Veelzijdige talentontwikkeling – Breed ontwikkelen, zowel cognitief als niet- cognitief• Je talent ontdekken – Ontwikkeling van een steeds nauwkeuriger beeld van het eigen kunnen; zelfinzicht, zelfreflectie
  • 39. Domeinen van talentontwikkeling• Het cognitieve domein – alle leerlingen laten presteren naar hun kunnen• Kunst en cultuur, sport en beweging – Aanleg-gerelateerd; ontdekken van specifieke talenten & dan de combinatie met schoolopleiding faciliteren• Het sociale domein – Onderscheiden van verschillende ‘kundes’: opkomen voor je mening, invoelingsvermogen, houding t.o.v. verschillen, conflicten etc.
  • 40. Een goed voorbeeld Veelzijdige talentontwikkeling (2010) op het Amadeus Lyceum• Cultuurgebaseerd onderwijs (CGO) geïnspireerd door kernwaarden (Stevens, Gardner, Kolb) – Persoonlijke ontwikkeling (eigen leerroute) – Zelfsturing (verantwoordelijk voor leerproces) – Dialoog & respect (actief in de onderwijsleergemeenschap) – Creativiteit: ruimte voor eigenheid en cultuur
  • 41. Organisatie van ruimte en tijd• Deelt gebouw met kunstuitleen, bibliotheek, theaterzaal, welzijnsorganisatie, kerkelijk centrum• Geen klassen, maar domeinen voor alle leerlingen in hetzelfde leerjaar• Via persoonlijke laptop naar ELO met rooster, taken en modules CGO• Geen bel, geen vast patroon van lessen van 40 of 50 minuten• Team-teaching
  • 42. CGO-modulen• Stimulus vanuit de omgeving buiten de school (Romeins schip, Spoorwegmuseum)• Samenwerking met cultuurinstellingen• Meerdere vakken dragen bij aan het cgo- thema: vakkenintegratie• Leerlingen maken in groepjes presentaties binnen het thema en zijn relatief vrij in hun keuze voor vorm en inhoud van de presentatie• Verhouding CGO-cursorisch onderwijs 50- 50 (en verschuift)
  • 43. Conclusies uit onderzoek Amadeus• Veelomvattende innovatie: onderwijs echt anders vorm en inhoud geven zodat leerlingen gemotiveerd voor leren en school zijn en blijven en het beste uit zichzelf proberen te halen – Grote rol kunst en cultuur – Door vakkenintegratie kiezen voor passende leerinhouden – Samenwerking (maar wel lastige vaardigheid) – Door kernwaarden beroep op meer dan cognitieve talenten
  • 44. Tussen de oren• Focus op talentontwikkeling=omslag in denken – hoe kun je zorgen dat de activiteiten van leerlingen en leraren op school eraan bijdragen dat leerlingen zich optimaal en zo breed mogelijk ontwikkelen? – moeilijke kanten en de dilemma’s van werken aan talentontwikkeling
  • 45. Moeilijke kanten, dilemma’s• Talentontwikkeling is een complex begrip, snel een paraplu voor van alles, moeilijk om er (ook onderzoeksmatig) greep op te krijgen• Niet-cognitief talent is en blijft lastig zichtbaar te maken• Spanning tussen ruimte geven aan veelzijdige talentontwikkeling en talent ontdekken en de eisen van het eindexamen• Spanning tussen talenten ontdekken (breed aanbod) en talenten ontwikkelen (verdiepen), vanwege tijdsproblemen• Energie kan niet in alle talenten tegelijk. Als je accepteert dat leerlingen een ‘ander’ talent hebben dan cognitief presteren, stop je dan met stimuleren van cognitief presteren naar vermogen?
  • 46. Dank!www.kohnstamminstituut.uva.nl hsligte@kohnstamm.uva.nl 020-5251374