��������������
de schaduwstadvrijplaatsen in Brussel en RotterdamUrban Unlimited Rotterdam i.s.m.o2-consult Antwerpen, MUST Amsterdam,dS+...
4   Inhoudsopgave   De schaduwstad
INHOUDSOPGAVE                          1      Introductie                                    7                            ...
6   inleiding   DE SCHADUWSTAD
1 INTRODUCTIESteden zijn van oudsher smeltkroezen van ontmoeting, anders-                         Dit vergt een uitgebalan...
Aan de andere kant zou dat economisch concurrentievermogenook weer creatief vermogen aan zich kunnen binden door werken on...
stedebouw en planologie lijken tot nu toe nauwelijks geschikt om                Daarmee is deze verkenning als volgt opgeb...
10   inleiding   DE SCHADUWSTAD
2 BEGRIPSAFBAKENING2.1 Historie - vlucht, vecht en verbind opnieuw                             werden gedoogd, vervolgens ...
2.1.3 Vluchtplekken voor andersdenkenden                                    schaal te vinden. In de jaren zeventig ontston...
De voornoemde actuele trend van fragmentatie en herclustering                freezone is daardoor veelal niet één fysieke ...
innovatie te implementeren zal men op specifieke momenten ook in            -   Identiteit en/of ruimte verschaffen aan ee...
2.3.2 Vier planologische misvattingen                                           4                                         ...
16   inleiding   DE SCHADUWSTAD
3 BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST3.1 Bestuurlijke context                                                    provincielaag,...
3.1.2 Brussel als spiegel                                                  • Onder invloed van een voortgaande mobiliteit ...
3.2 Freezoning Brussel                                                      gepaard gaande privatisering van de openbare r...
of multimedia vrijplaatsen als ACSR (1996), Nova Cinema (1997),              -   Na een sterke val gedurende de jaren tach...
3.3.2 Netwerkstilstand?Ondanks al deze prachtige cijfers en verwachtingen kan nog steedsgeconstateerd worden dat de freezo...
KAARTBrusselse vrijplaatsen ensympathisanten 2002op basis van gesprekken eninternetsearch22                           3 Br...
KAART                                                    Brusselse vrijplaatsen en                                        ...
BOX 1 PORTAL; City Mine(d) als aanjager      Wie, wat waar      ‘City Mine(d) is opgericht in 1997 met het oog op het onde...
Daarnaast organiseert en draagt men bij aan discussies over de stad en faciliteert men diverse zelfstandige projecten die ...
BOX 2 STADSCULTUUR; gekraakt in Hotel Tagawa     Wie, wat, waar     Hotel Tagawa bestaat thans uit ongeveer 40 personen di...
eindelijk overstag, resulterend in het feit dat zij nu een deel van het project inzette voor sociale huisvesting. Voorwaar...
BOX 3 RUIMTE; diStUrb - urbanisme als verzet      Wie, wat, waar      DiStUrb is een min of meer vrijblijvend (internet)ne...
BOX 4 SOCIAAL; De Universal embassy voor de netwerkmens                                                                   ...
30   inleiding   DE SCHADUWSTAD
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.

1,038

Published on

In plaats van het accent te leggen op ‘creative industries of the high brow culture’, is het centrale uitgangspunt hier dat in de mondiale netwerkwereld vooral ook creativiteit in de subculturen en aan de schaduwkant van de stad een doorslaggevende kracht geworden is voor het sociaal welzijn, het algemeen welbehagen en daarmee de aantrekkelijkheid van de stad.

Urban Unlimited Rotterdam (2004)

Published in: News & Politics
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
1,038
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
6
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

De Schaduwstad. Vrijplaatsen in Brussel en Rotterdam.

  1. 1. ��������������
  2. 2. de schaduwstadvrijplaatsen in Brussel en RotterdamUrban Unlimited Rotterdam i.s.m.o2-consult Antwerpen, MUST Amsterdam,dS+V | OBR Rotterdam en VUB Brusselmei 2004
  3. 3. 4 Inhoudsopgave De schaduwstad
  4. 4. INHOUDSOPGAVE 1 Introductie 7 1.1 Nieuwe uitdagingen voor de grootstad 7 1.2 De paradox van creativiteit 7 1.3 Opzet van de rapportage 8 2 Begripsafbakening 11 2.1 Historie - vlucht, vecht en verbind opnieuw 11 2.2 Theorie - de vliedende vrijplaats 13 2.3 Vraagstelling - voorbij de planologische misvattingen 14 3 Brussels Hoofdstedelijk Gewest 17 3.1 Bestuurlijke context 17 3.2 Freezoning Brussel 19 3.3 Stedelijke impact 20 KAART EN BOXEN 4 De regio Rotterdam 31 4.1 Bestuurlijke context 31 4.2 Freezoning Rotterdam 32 4.3 Stedelijke impact 34 KAART EN BOXEN 5 Referenties 47 5.1 Broedplaatsenbeleid in Amsterdam 47 5.2 Vijf experimenten op nomadisch gebruik 48 5.3 A Mad Tea Party in Manchester 49 5.4 New York-Free Williamsburg 50 5.5 Tussenconclusies 51 6 Aanbevelingen 53 6.1 Garandeer gericht nicheruimte 53 6.2 Bevorder toegankelijkheid en tolerantie 54 6.3 Stimuleer vooral intermediates 54 6.4 Stimuleer (al dan niet tijdelijke) coalities 55 6.5 Praktiseer schaduwplanning 55 6.6 Benut tijdelijkheid en bouw dat uit 56 Voetnoten, illustraties en literatuur 59 Colofon 63de schaduwstad inhoudsopgave 5
  5. 5. 6 inleiding DE SCHADUWSTAD
  6. 6. 1 INTRODUCTIESteden zijn van oudsher smeltkroezen van ontmoeting, anders- Dit vergt een uitgebalanceerde inzet van middelen, waarbijdenkenden, avontuur en creativiteit. Anders dan bijvoorbeeld op samen met de zittende bewoners en bedrijven gesloten wijk- enhet platteland en in de suburbs, waar rust en ruimte heerst en men buurtcontracten een probaat middel blijken. 3gelijkgezinden ontmoet in overzichtelijke gemeenschappen, wordensteden en met name grootsteden vaak gelijkgesteld met drukte, • Het tweede vraagstuk heeft (extern gericht) te maken met hettolerantie, zinderend kosmopolitisme en voortdurende vernieuwing. ontwikkelen en uitbouwen van een uniek stedelijk profiel. DeSteden worden dan ook vaak gezien als de motoren van de economie, grootstad is immers onderdeel geworden van een veel groterkennis en culturele hoogconjunctuur. 1 Deze situatie is inmiddels netwerk, waarin in een concurrente met andere grootsteden eniets ingewikkelder geworden. Stedelijkheid vindt men thans ook op nieuwe stedelijke milieu’s in de omgeving om de gunst wordthet platteland of omgekeerd worden sommige plekken in de stad gedongen van de steeds dynamischer geworden economische,gekenmerkt door een zekere landelijkheid. Zij worden met de nieuwe culturele en sociale elite. Een beproefde strategie is denetwerken van onze sneller geworden vervoermiddelen, computers ‘verleidingsplanologie’ rond specifieke en toonaangevendeen telecommunicatie effectief met elkaar verbonden.2 Daarbij stedelijke ontwikkelingsprojecten. Nader onderzoek leert echterfragmenteert het leven en herclustet het zich weer rond specifieke dat een goede afstemming nodig is met het reeds aanwezigecentra van wonen, werken en verblijf, al naar gelang de behoefte, het lokale potentieel om effectief te zijn en zonder te vervallen inbedrijfsprofiel of de leefstijl. De vertrouwde grootstad heeft daarbij een mondiale algemeenheid. 4niet zijn langste tijd gehad, integendeel. Mits die grootstad zicheffectief profileert in deze nieuwe netwerken, heeft het een enorm • Daarmee is het derde vraagstuk gegeven. Het is elders al eenspotentieel aan draagvlak, beschikbare voorraad, infrastructuur etc. scherper en beter gezegd: ‘Geen goede sleutelprojecten alsom deze gericht uit te buiten. vervolgens daarmee alle grootsteden op elkaar beginnen te lijken’ of ‘geen cultuur zonder subcultuur’ 5. Aansluiting bij het aanwezig creatief potentieel in de stad is nodig, om niet1.1 Nieuwe Uitdagingen alleen het onderscheid te maken, maar bovendien precies dat unieke stedelijk klimaat te bevorderen dat het voor de mondialeDat stelt de grootstad echter wel voor nieuwe uitdagingen. De kenniseconomieën aantrekkelijk maakt. In principe is dit ook hetkeuzevrijheid van (met name de beter gesitueerde) bewoner, aandachtsveld van het Rotterdamse ‘sense of place’ onderzoek 6,bedrijf of bezoeker is in de netwerksamenleving immers enorm alsmede van de onderhavige rapportage over het functionerentoegenomen. Naast de gebruikelijke aandacht voor de hardware en het mogelijk effect van culturele vrijplaatsen in de stad.van de stad (aantallen woningen, m2 bedrijfsterreinen, optimalebereikbaarheid, aantallen parkeerplaatsen, frequentie van metro’setc.) gaat het daarbij ook steeds meer om de zachte en moeilijk te 1.2 De paradox van creativiteitkwantificeren criteria als algemeen welbevinden, aantrekkelijkheiden internationaal profiel. Een drietal nieuwe vraagstukken dienen Deze inzet sluit aan bij de opkomende theorievorming rond dezich daarbij aan: creatieve stad, maar nuanceert ook. 7 In plaats van het accent te leggen op ‘creative industries of the high brow culture’, is het• Het eerste vraagstuk is (intern gericht) op het zo goed centrale uitgangspunt hier dat in de mondiale netwerkwereld vooral mogelijk voorkomen en verhelpen van de onmiskenbare ook creativiteit in de subculturen en aan de schaduwkant van de negatieve facetten van het stedelijk leven, op het gebied stad een doorslaggevende kracht geworden is voor het sociaal van bijvoorbeeld onveiligheid, armoede, overlast, uitsluiting, welzijn, het algemeen welbehagen en daarmee de aantrekkelijkheid segregatie, ongemak etc. Deze uitdagingen hebben te maken van de stad. Het mes snijdt aan twee kanten. Aan de ene kant met het garanderen van basiskwaliteiten op het gebied van zou de economische groei en concurrentievermogen niet alleen bijvoorbeeld veiligheid, gemak, algemeen welzijn, gezondheid afhankelijk zijn van de aanwezigheid van hoogwaardige productie, etc. zonder daarmee ook de voornoemde positieve elementen diensten of stromen goederen en investeringen in de stad, maar ook van stedelijkheid als een kind met het badwater weg te gooien. afhankelijk zijn van het innovatief en creatief vermogen in de stad.de schaduwstad 1 introductie 7
  7. 7. Aan de andere kant zou dat economisch concurrentievermogenook weer creatief vermogen aan zich kunnen binden door werken ontplooiingskansen te bieden, die op hun beurt weer anderecreatievelingen en innovatieve kennismilieus aantrekken.In de praktijk blijkt dit proces echter bijzonder subtiel. VolgensRichard Florida zijn immers slechts drie criteria voor de opkomst vancreatieve milieus van cruciaal belang zijn; i.c. technologie, talenten (sociale) tolerantie 8. Op basis van deze criteria constateerdenRichard Florida en Irene Tinagli onlangs nog dat:- België en Nederland, samen met Finland tot de top van het creatief vermogen van Europa behoren; bijna 30% van de werkgelegenheid zou te vinden zijn in de creatieve economische sectoren (meer dan bijv. in de industriële sector);- België en Nederland, samen met de drie Scandinavische EU- landen specifieke eigenschappen en karakteristieken bezitten om te concurreren op het gebied van technologie en het aantrekken van toptalent vanuit de hele wereld;- in vergelijking tot deze drie Scandinavische EU-landen en een groeier als bijvoorbeeld Ierland, verliezen België en Nederland echter wel steeds meer terrein, een gegevenheid dat voor de UK en Duitsland al langer speelt.- Met name het verlies aan (sociale) tolerantie van de huidige ‘no- nonsense politieken’ daaraan ten grondslag liggen. 9Daarnaast blijken andere factoren cruciaal. In bijvoorbeeld De uitdaging voor Nederland en België, en wel met name voor deAmsterdam en London blijken bv. de beschikbaarheid van geschikte Belgische en Nederlandse grootsteden, lijkt dan ook te zijn:(niche-)ruimte, de mogelijkheid van ad hoc zelforganiserendenetwerken, alsmede een ruime omgevingstolerantie cruciaal te Hoe kan het aanwezig potentieel aan creatieve krachten ook bijzijn. Nog niet rendabele innovatie is immers, naast de bereidheid een verdere ontwikkeling van dat potentieel aan de stad gebondenom te investeren in een goede research & development (r&d), cq. worden?hoogwaardige technologie, ook gebaat bij goedkope onderzoeks- enleefomstandigheden, ruime mogelijkheden voor experimenten en Naast aandacht voor bijvoorbeeld onderwijs, r&d en eental van (vaak ongedefinieerde) ontmoetingsplekken. Bij de verdere herbezinning op het ‘tolerantie gehalte’ van de reguliere politiek,groei van de stad blijken juist deze laatste aspecten onder druk te helpt het daarbij niet om specifieke zones voor de zogenoemdestaan. Zij leggen het dan vaak af tegen de economische druk van ‘creative class’ aan te duiden, dan wel om op basis van specifiekeeen groter rendement, de minimalisering van de veiligheidsrisico’s of criteria subsidies aan ‘creatievelingen’ te verstrekken. Verderopde behoefte aan een scherpe definiëring of vaak zelfs privatisering komen we daarop nog terug. Want het specifiek eigene van ‘thevan de openbare ruimte. Met andere woorden, booming creatieve creative class’ is nu juist dat het zich niet zomaar in een zo betitelde(groot)steden blijken vaak hun eigen economische basis ‘op te eten’. ‘broedplaatsgetto’ of een bureaucratische regelgeving laat vangen. 10 Zo ook zijn de onlangs gepubliceerde ‘acht manieren om de condities voor creativiteit in stedelijke netwerken te bevorderen’ te algemeen, abstract en op een hoog schaalniveau om een zinvol metropolitaan vrijplaatsen beleid op te zetten. 11 Met andere woorden de reguliere8 1 introductie de schaduwstad
  8. 8. stedebouw en planologie lijken tot nu toe nauwelijks geschikt om Daarmee is deze verkenning als volgt opgebouwd:dit thema in hun programma op te nemen. Zij concentreren zich totnu toe immers vooral op de formele en niet op de informele kant - Het begint met een historisch en theoretisch begrip vanvan de stad. Bovendien lijkt hier sprake van een paradox. Hoe vrijstaten en vrijplaatsen. Wat was de rol van vrijplaatsen inzijn de planologie en stedebouw, - primair gericht op vastleggen de stedelijke ontwikkeling en waar is een vrijplaats aan teen reguleren - überhaupt in staat om effectief en verantwoord te herkennen?reageren op zoiets als het conditioneren van creatieve milieus? Dat - Op basis hiervan wordt de hypothese voor de verkenningleidt tot een overtuiging dat creatieve milieus je overkomen en in geformuleerd binnen de context van de actuele ideeën overessentie niet te plannen zijn. creatieve steden en stedelijk beleid. - Vervolgens worden de grootsteden Brussel en Rotterdam in algemene zin en aan de hand van enkele cases van divers1.3 Opzet van de rapportage pluimage beschreven. Hierbij komen aan de orde de specifieke context, de vrijplaatscultuur en netwerken, alsmede hunUit deze paradox is deze studie geboren. Om überhaupt een poging respectievelijke impact op de stedelijkheid in de stad.te wagen om voorbij een blinde liberalisering en ‘noodlot gedachte’ - Alvorens het licht te laten schijnen op mogelijke conclusieste komen en ook om iets over een (al dan niet) gewenst ruimtelijk worden vervolgens enkele andere referenties uit de rest vanvrijplaatsenbeleid te kunnen zeggen, is het nodig scherper kennis de wereld bekeken op ‘best practice’ en de lessen die daaruitte nemen wat vrijplaatsen in feite zijn, wat hun oogmerken, hoe ze geleerd kunnen worden.intern en naar buiten toe zijn georganiseerd en welke bijdrage ze - Geëindigd wordt tenslotte met enkele algemene en specifiekenu eigenlijk leveren aan het creatief vermogen van de stad. Zijn aanbevelingen voor resp. Rotterdam en het Gewest Brussel.hier thema’s uit te halen die voor het versterken van het creatiefpotentieel in grootsteden relevant zijn? Daartoe is meer specifieke engedetailleerde informatie nodig.Wij hebben ons daarbij geconcentreerd op de actuele situatie inRotterdam en het Brussels gewest. Hier zijn in de afgelopen jarenimmers initiatieven ontplooid die door het tolerante klimaat inbeide steden mogelijk waren geworden en/of in andere stedendoor een hausse aan stedelijke revitaliseringsprojecten juist warenweggedrukt. Wij noemen dit vrijplaatsen, aangezien zij ondanks deregelgeving overleven of worden getolereerd. Bovendien hebbenwij ons daarbij geconcentreerd op een breed scala aan vrijplaatsen.Vaak worden creatieve milieu’s en vrijplaatsen immers gelijkgesteldmet het meer kunstzinnig en cultureel klimaat in de stad (al dan nietverbonden met ICT en multimedia). Daarnaast zijn er echter ookeconomische, politieke, sociale en gewoon ruimtelijke vrijplaatsenin de betreffende steden aanwezig, die een cruciale bijdrage leverenaan het creatief grootstedelijk vestigingsklimaat van beide steden.Daarom hebben we in deze verkenning tenslotte ook een onderscheidgemaakt tussen vrijplaatsen die uitsluitend parasiteren op de stad envrijplaatsen die door hun (ondergrondse) activiteiten ook belangrijkewaarden of kwaliteiten teruggeven aan het stedelijk leven. Vooralde laatstgenoemde interesseren ons, omdat hier het verband tussenvrijplaats en stad het meest direct wordt en de eerstgenoemdevooralsnog hun meerwaarde voor de grootstad moeten bewijzen.de schaduwstad 1 introductie 9
  9. 9. 10 inleiding DE SCHADUWSTAD
  10. 10. 2 BEGRIPSAFBAKENING2.1 Historie - vlucht, vecht en verbind opnieuw werden gedoogd, vervolgens opgenomen in zijn inkomstenbelasting om tenslotte zo nu en dan heftig te worden bestreden. Voor de horigeEen vrijplaats is van oorsprong een plek of een samenstel van was de stad letterlijk en figuurlijk een vrijplaats, na een verblijf in deplekken waarin bescherming en leefruimte wordt geboden aan stad van langer dan een jaar was de horige bevrijd van de willekeurandersdenkenden. Het bestaan ervan wordt bevestigd door een van zijn leenheer. ‘Stadslucht maakt vrij’ was in die tijd daarom eeneigen onafhankelijkheidverklaring en autonomie, die door de gevleugelde uitdrukking.omringende of dominante partijen (om wisselende redenen) nietwordt bestreden, maar ook niet omarmd en dus gedoogd. In de 2.1.2 Voorposten en pioniers van een nieuwe wereldhistorie bestaan vele politieke vrijplaatsen die om verschillenderedenen tot stand zijn gekomen. Daarbij is in de loop van de Die situatie herhaalde zich bij de 17e en 18e eeuwse kolonialisaties.geschiedenis een (schaal)verschuiving merkbaar. Waren vrijplaatsen Niettemin was hier ook een belangrijk onderscheid. Waren deeerst bolwerken in een vijandige wereld, later werden ze ook assassijnen, katharen en eerste mercantilistische steden gerichtvoorposten en pioniers van de nieuwe wereld, vluchtplekken voor op een verdedigend behoud van een burgerlijke cultuur en handel,andersdenkenden en uiteindelijk ook broedplaatsen voor innovatief kolonisten waren op zoek naar uitbreiding van macht en fysiekvermogen. Juist in die ontwikkeling is de toenemende relevantie van territoir. Kolonisten als de settlers in Amerika, de boeren in Zuidgrootsteden duidelijk geworden. Afrika en de veroveraars van het verre oosten verklaarden meer dan eens de onafhankelijkheid van hun zojuist bezette gebied al dan2.1.1 Bolwerken in een tegenwerkende wereld niet los van een ‘moederstaat’. De moederstaat was immers te ver verwijderd om bestuur en wet op te leggen aan de koloniën. De groteRond 1000 woonden de Katharen in een uitgestrekt gebied met trek in Zuid Afrika bestond uit - de uit de liberale Engelstalige Kaap -Katharendorpen. Zij waren gnostici die meenden dat hun kennis wegvluchtende calvinistische Afrikaans sprekende families die tot opalleen mondeling kon worden overgedragen. De leer had veel de tanden bewapend expedities combineerden met landjepik op deaanhang bij de nieuwe vrije burgers die de oude feodale structuur oorspronkelijke bewoners. Voordat een georganiseerde staatsvormverworpen. Toen de inquisitie tegen de Katharen werd afgekondigd ontstond, waren deze Boerenstaten geïmproviseerde en tijdelijkevormde zich een netwerk van sympathiserende kasteelheren in Zuid staatjes met eigen wetten en leiders. 14Frankrijk. Montségur was het Katharenkasteel dat een tijd moedigstandhield tegen de christelijke overheersing, waarna de katharen In Noord Amerika vormden de settlers daarentegen een netwerkvluchtten met meeneming van - naar de legende verluidt - de heilige van ver uiteen gelegen stadjes die uiteindelijk de verovering vangraal. Het bolwerk was gebroken, maar het sociaal-culturele netwerk de nieuwe wereld verzorgde. ‘Filibuster expeditions’ (vrijbuitervan de Kathaarse gnostici is nooit helemaal verdwenen. 12 expedities) tegen Mexico waren na de vorming van de Verenigde Staten een semi-geautoriseerde mengeling van handelsexpeditiesOp vergelijkbare wijze ontstond in die tijd in Centraal Perzië een en avontuurlijke trektochten. Er werd vanuit de V.S. nogal eens eensterk kastelennetwerk in handen van de Assassijnen, moslimtegen- particuliere vijandige inval gedaan op naburige vriendschappelijkestanders van de kruisridders, die het bowerk Alamut in handen landen. Op deze wijze heeft de V.S. de zuidelijke grens bepaald enhadden, een door Marco Polo liederlijk beschreven paradijs. De bv. Texas veroverd op Mexico. Deze veroveringen van gebiedenAssassijnen vertakten een netwerk tussen kastelen en versterkingen vormen in de beginperioden een soort vrijstaten: de vlucht uit dedie met elkaar verbonden waren via koeriers en brievenschrijvers. moederstaat en de relatieve afstand tot die moederstaat vormdenOp deze wijze heeft de Orde het bijna 200 jaar in een vijandige en condities voor een eigen regime. 15sterkere wereld uitgehouden. 13In zekere zin zou men zelfs kunnen zeggen dat deze bolwerken devoorbode waren voor de eerste West-Europese steden die tijdensde mercantilistische revolutie opkwamen. Ook hier was er immersin eerste instantie sprake van bolwerken, die door de feodale vorstde schaduwstad 2 begripsafbakening 11
  11. 11. 2.1.3 Vluchtplekken voor andersdenkenden schaal te vinden. In de jaren zeventig ontstond er in Nederland een levendige kraakbeweging. Vanuit de toen heersende woningnoodVanwege diplomatieke onschendbaarheid of gedoogbeleid van bezetten jongeren panden die veelal uit speculatie-oogmerkde formele overheid zijn sommige vrijplaatsen ook potentiële leegstonden. De kraakbeweging had naast een huisvestingsideaalvluchtplekken. Voor de ontwikkeling van een stad kan dit niet ook een duidelijke culturele stempel. Veel kunstenaars, musici,onderschat worden. Een stad als Amsterdam bijvoorbeeld studenten, buitenlandse dissidenten en vluchtelingen vormden een‘is gegroeid dankzij een wankel evenwicht tussen overheid, vrijheid nieuwe gemixte, activistische en dynamische cultuur. Een kraakpanden handel. Tolerantie was niet zozeer een principe, maar een kenmerkt zich volgens ‘de vrije ruimte’ door:praktische noodzaak: een open handelsstad is een trefpunt van • Het zelf willen bepalen van woonomstandigheden en andereallerlei culturen en kan zich nooit omvangrijke vervolgingen van levensvoorwaardenandersdenkenden permitteren.’ aldus Geert Mak. 16 Het tolerante • Het nemen van eigen initiatiefklimaat zorgde voor een bonte verzameling vluchtelingen: Portugese • Het collectieve element, onderlinge solidariteitsefardische Joden die de diamant- en tabakshandel opzetten, • Maatschappelijke betrokkenheid, engagement. 17immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden die de zijde-industrieen suikerraffinaderij deden groeien, de hele wereld dreef handel Het kraken is een herovering van plekken van de gevestigde ordein de stad Amsterdam. Niet alleen zorgde dit tolerant klimaat voor en kan gezien worden als een hedendaagse, kleinschalige varianteen enorme groei; de ‘stad van outsiders’ onderhield ook contacten op de settlers of de vluchthaven. Naast deze (meestal tijdelijke)met de oorspronkelijke steden en dorpen, waardoor de positie heroveringen op de stedelijke orde heeft het geleid tot hervormingenin een groot netwerk sterk was. In tegenstelling tot de hiervoor in de woningwetgeving (het antispeculatiebeding) en in de jaren 90genoemde verovering van gebieden of oorlog werd hier ‘dagelijks ontdekte men eindelijk de economische en culturele kwaliteitende overwinning gehaald door middel van handel’. En die kon alleen van ‘broedplaatsen’. Broedplaatsen zijn onderdeel geworden vangedijen door de toepassing van vrijheden. Hier ligt het historisch de creatieve stad. De broedplaatsen blijken echter ook zelf steedsbewijs dat een vrijplaats de bron is van weelde en stedelijkheid, en de pioniers voor commercieel te ontwikkelen stadsuitbreidingenniet andersom. (zie tevens referentie New York, paragraaf 5.4). Een ruimtelijke paradox is daarmee ontstaan: voor veel van dit soort activiteiten zijnIets vergelijkbaars was er overigens aan de hand in Antwerpen, goedkope en autonome ruimten belangrijk, die echter juist door hetBrussel etc. Daarnaast ontstonden ook in de 19e eeuwse in Midden en succes steeds moeilijker te vinden zijn.Noord Amerika veel verspreide ‘maroon nations’ waarin weggelopenslaven een beveiligde plek hadden en soms tot de dag van vandaag 2.1.5 Tussenconclusieeen eigen culturele karakteristiek, zoals in Moore Town, Jamaica,dat thans door Unesco wordt beschermd als uniek levend cultureel Concluderend kan gesteld worden dat historisch vrijplaatsenerfgoed. En tenslotte is er nog het voorbeeld van het door Engeland van bijzonder belang blijken te zijn geweest voor het ontstaanbezette Hong Kong, waar de aldaar aanwezige Chinees militaire post van stedelijkheid, het uitbreiden van staten, de bescherming vangroeide tot een enclave onder Chinese jurisdictie waar vluchtelingen minderheden en de vernieuwing van de stad. Kortom: essentieelwelkom waren. Uiteindelijk groeide het uit tot de meest dichte in alle fasen van de ontwikkeling tot een stedelijke samenleving.ministad ter wereld met een grote handelsmarkt: Kowloon walled Opmerkelijk is dan ook dat vrijplaatsen in de reguliere stedebouwcity. Het werd afgebroken in 1992. en ruimtelijke planning zo ondergesneeuwd zijn geraakt of worden tegengewerkt door regelgeving en formaliteit. Vrijplaatsen zijn2.1.4 Stedelijke broedplaatsen immers verbonden met een ‘anders zijn’ dat zowel strijdt om een bestaansrecht als dat het bouwt aan het grootstedelijk leven.Vroegere vrijplaatsen zijn er vooral op de schaal van ‘nieuwe Kenmerken blijken een vluchten uit een beklemmende samenlevingnatiestaten’ geweest, waarbij het streven naar een eigen set van (bolwerken en vluchtplekken), een bundelen van krachten inregels fysiek vertaald werd in een eigen grondwet op een eigen een vechten om het bestaansrecht (verovering en herovering)grondgebied. Hedendaagse vrijplaatsen zijn eerder op kleinere en het op een of andere wijze weer verbinden met de omgeving.12 2 begripsafbakening de schaduwstad
  12. 12. De voornoemde actuele trend van fragmentatie en herclustering freezone is daardoor veelal niet één fysieke plek (in tegenstellingis hier dan ook in verhevigende mate aan de orde. En juist in die tot de traditionele vrij- of broedplaats), maar meerdere plekken inherclustering komt de nieuwe stedelijkheid tot stand. 18 Vrijplaatsen mogelijk verschillende steden, op verschillende schaalniveau’s ofzijn derhalve niet alleen in de historie van de stad, maar ook voor andere hoedanigheid. Vele initiatieven komen eerst tot stand inhaar toekomst van cruciaal belang. samenzweringen en in netwerken, voordat deze ‘landt’ in de fysieke ruimte. Een plek speelt daarin een rol als podium, feestplek, veilige haven, ontmoetingsruimte, atelier of productieruimte. Afhankelijk2.2 Theorie - de vliedende vrijplaats van de rol kan deze een meer of mindere openbare betekenis hebben, permanent dan wel tijdelijk.Gegeven deze achtergrond is het dan ook opmerkelijk dat detheorievorming over vrijplaatsen beperkt is. Mogelijk heeft het iets te 2.2.2 Controle-ontwijkingmaken met het feit dat een vrijplaats een vat vol tegenstrijdighedenis. Het bestaat dankzij en ondanks de omgeving, het kan blijven Een volgend hiermee samenhangend kenmerk van de freezonebestaan zonder een fysieke aanwezigheid te hebben, het speelt is volgens Bey het ontwijken van controle. De freezone is ineen tastbare rol in het ontwikkelen van stedelijkheid, maar is essentie anti-planning en anti-bureaucratie. Relatieve luwte, nichetegelijkertijd ongrijpbaar. Bovendien is de vrijplaats door de en buitenissigheid zijn een historische noodzaak om te kunnenontwikkeling van de netwerksamenleving niet meer op één plek experimenteren en op een ongestoorde wijze de (innovatieve,aanwijsbaar, zoals dat in het verleden wel het geval was. Zoals informele en nog niet gangbare) activiteiten te ontplooien. Dehiervoor gezegd wensen creatievelingen zich ook niet zomaar technische controle van plekken is de laatste decennia als gevolg vante laten opsluiten in een specifieke definitie of zogenoemd ICT evenwel vergevorderd; gemeenschappen schermen een eigen‘broedplaatsgetto’. Het begrip vrijPLAATS lijkt derhalve dan ook woonomgeving met controleposten af en de stedelijke openbareeerder ingehaald door vrijNETWERK. De steeds breder en draadloos ruimte staat bol van observatie mechanismen. De ontwijking van debeschikbare netwerken van computers en telecommunicatie controle geschiedt de laatste tijd derhalve niet zozeer in het creërenblijken ook voor de traditionele vrijplaatsactoren, subculturen en van geografische enclaves (zoals bijv. Christiania in Kopenhagen,creatievelingen van toenemend belang. Op dit punt komen thans AVL-Ville in Rotterdam), maar eerder in een actief ontwijkingsgedragsporadisch wel eerste theorieën op, waarvan die van Hakim Bey waarin bepaalde - al dan niet gecontroleerde - plekken weliswaarechter nog steeds de meest oorspronkelijke blijft. 19 Hij beschrijft de een rol spelen, maar op een nieuwe, buitenissige en vaak tijdelijkekenmerken van de actuele vrijplaats (of vrijnetwerk) vooral in haar manier worden gebruikt. Desalniettemin dienen bepaalde activiteitenspanningsveld, via dat wat het niet is. wel publiciteit te hebben waarbij een selectieve media-aanpak wordt gebruikt. Per subcultuur zijn er optimale plekken voor het2.2.1 Virtuele locaties in netwerken verspreiden van stickers, flyers, posters en mondelinge promotie. De nieuwe media heeft daarin ook weer een belangrijke rol, met nameTen eerste op het gebied van plek en plaats. Bey beschouwt het internet en mobiele telefoons, waarbij al dan niet gecodeerd eende relatieve onvindbaarheid van een vrijplaats immers als het subdomein wordt afgebakend.belangrijkste kenmerk van wat hij (bij gebrek aan beter) maarde ‘freezone’ noemt. Deze ‘freezone’ krijgt weliswaar uiteindelijk 2.2.3 Isolement-participatieergens een plek, maar bestaat toch vooral bij gratie van zijn vliedendnetwerk, dat slechts voor ingewijdenen (bijvoorbeeld diegenen Het derde principiële kenmerk van de freezone is daarmee ook hetdie behoren tot een bepaalde creatieve klasse) toegankelijk relatieve isolement. De freezone plaats zich in principe buiten deis. Broedplaatsen, vluchtkerken en kraakpanden etc. zijn in de reguliere maatschappij. Zij is overtuigd van haar eigen gelijk en detheorie van Bey slechts sporen van waar een vrijplaats of freezone noodzaak van vernieuwing, omdat anders de drive van innovatie enis geweest. Freezones bestaan derhalve zoals gezegd eerder uit eigenzinnigheid niet overeind gehouden kan worden. In een steedshet netwerk van gelijkgezinden actoren, die een soort ‘data- of meer open en onderling afhankelijke wereld staat dat isolementsociaal bestand’ van mogelijke geschikte plekken hanteren. Een echter steeds meer onder druk. Bovendien, om die vernieuwing ende schaduwstad 2 begripsafbakening 13
  13. 13. innovatie te implementeren zal men op specifieke momenten ook in - Identiteit en/of ruimte verschaffen aan een schaarse ofde reguliere wereld moeten participeren. De noodzaak of wens tot bijzondere leefstijl en/ofautonomie wordt op bepaalde fronten dan ook vervangen door een - Mensen in tijd en plaats motiveren voor een specifiek doel, zoalsstap richting serieuze participatie. De manifesten van de culturele een feest, debat of ontmoeting.ondernemers te Rotterdam en de creatieve klasse te Eindhovenillustreren dit. 20 Was vroeger de onzichtbaarheid een essentieel Niet zozeer isolement, maar engagement is daarvoor nodig. Naast devoordeel, thans worden (gemeente)besturen opgeroepen juist oog verdeling over de verschillende aandachtsvelden (economie, politiek,te hebben voor de kleinschalige experimenten en is periodieke sociaal, cultureel en ruimtelijk) vormden die criteria eigenlijk dezichtbaarheid belangrijk voor een geslaagd overleven. Daarnaast is belangrijkste overwegingen voor de keuze van de hierna beschrevenhet schaalniveau van het netwerk gewijzigd. Van de locale context cases.van panden zijn de meeste vrijplaatsen inmiddels verbonden meteen regionaal, en zelfs mondiaal netwerk van gelijkgestemden.Een voormalig kraakpand als het Poortgebouw op de Rotterdamse 2.3 Vraagstelling -Kop van Zuid wordt voor de helft - al dan niet tijdelijk - bewoond voorbij de planologische misvattingendoor buitenlanders. De bezetting van het Brusselse Leopoldstation,tijdens het Belgische Europees voorzitterschap werd ingezet als 2.3.1 Het karakter van vrijplaatseninternationaal forum voor een alternatieve europese politiek. Resumerend zijn vrijplaatsen altijd al van belang geweest voor2.2.4 Tussenconclusie het ontstaan of handhaven van stedelijkheid, niet andersom. Amsterdam, Antwerpen, Brussel en andere steden zijn grootDeze theoretische kenmerken maken het onderzoek naar échte geworden mede dankzij de internationale status van vrijhaven envrijplaatsen niet eenvoudig. Want hoe kan men op basis van vrijplaats voor andersdenkenden en andersgelovigen, die naastkenmerken als permanente vluchtigheid, guerrillatactiek, principiële dat anders-zijn ook een levendige handel meenamen en daarmeeoncontroleerbaarheid en relatieve isolatie en grenzeloosheid een een mondiaal handelsnetwerk vormden. Het spanningsveld tussenvruchtbare interactie tussen stad en freezone nu feitelijk aan de orde regel en vrijheid is eerder een rode draad in de ontwikkeling vanstellen? Derhalve hebben we wat beperkingen moeten aanleggen. de stad dan een rafel (zie: Geert Mak e.a.). Dit is nu niet anders,We zijn in deze studie nog steeds uitgegaan van die plekken, mensen maar de context veranderd. Door de informatierevolutie hebbenen netwerken die toegankelijk en vindbaar waren en tegelijkertijd bedrijven en huishoudens een grotere vrijheid in de keuze vaneen meerwaarde voor de stad genereren. We zijn in onze zoektocht hun vestigingsplaats. Een levendig stedelijk milieu wordt dan eennog steeds uitgegaan van plekken van ogenschijnlijk verwilderd belangrijk vestigingscriterium. Creatieve milieus zijn daarom vanwonen/werken, zelfregulerend bouwen, restruimten en breukzones, belang voor de economische ontwikkeling van de stad. (zie ook:gedoogplaatsen, tijdelijke bezettingen en/of markante manifestaties Richard Florida e.a.). Tot nu toe worden dergelijke creatieve milieusof events, maar hebben vervolgens gepoogd de organisatie achter echter vooral op basis van reguliere en formele data onderzochtdie plekken te spreken te krijgen, teneinde in beeld te krijgen hoe (Kloosterman e.a.). Op zijn best wordt hiermee slechts eenzij zijn georganiseerd, hoe ze zijn ontwikkeld in de tijd, met welke enkelvoudig en gehalveerd aspect van de creatieve stad onderzocht.intenties en/of (groot-stedelijke) doelstellingen en met welk imago. Want creatieve milieus worden niet alleen geconditioneerd doorIn sommigen gevallen werden we doorverwezen naar anderen in de formele creatieve industrie, maar vooral ook door de informeleeen inspirerende zoektocht naar de lommerrijke schaduwkant van creativiteit in de stad. Daarnaast blijkt dat dergelijke informelede stad. Cruciaal voor ons waren immers ook die vrijplaatsen (of activiteiten weliswaar op specifieke plekken gestalte krijgen,vrij-netwerken) die een verbinding leggen met de verbetering van de maar vooral door eigenstandige netwerken van gelijkgezindencondities van de onderzochte steden, dwz. geconditioneerd worden. De condensatie van vrijplaatsactiviteiten- Identiteit verlenen aan de stad wordt niet zozeer bepaald door fysieke condities, maar eerder- De plek verlevendigen door sociaal-maatschappelijke en informele krachten in locale en- Publieke activiteiten genereren voor stad, buurt of netwerk mondiale netwerken van vernieuwers.14 2 begripsafbakening de schaduwstad
  14. 14. 2.3.2 Vier planologische misvattingen 4 Het hebben van creatieve milieus is tenslotte ook geen crucialeDe wijze waarop in planning en beleid wordt omgegaan met factor in de concurrentiestrijd tussen steden. Zoals gezegd is hetvrijplaatsactiviteiten is meestal niet adequaat. Vaak wordt nog informele deel van de creatieve klasse niet zozeer georganiseerduitgegaan van vertrouwde mechanismen en opvattingen. De rond plaatsen, maar meer rond netwerken. Zij vormen bovendienvolgende vier misvattingen komen bij de toenemende aandacht voor het meer nomadisch deel van de samenleving. Een vernieuwendecreatieve steden dan ook vaak aan de orde: houding ten aanzien van vrijplaatsen als onmisbare factor voor (groot)stedelijkheid impliceert dan ook niet zozeer een afzetten ten1 opzichte van elkaar, maar eerder de onderlinge uitwisseling vanCreatieve milieus komen niet tot stand door top-down maatregelen: kennis en tactieken, aansluitende bij de creatieve netwerken die zicht- het aantrekken van multimedia- en kennisbedrijven, thans ontwikkelen (zie ook: DNA van Eindhoven).- door een verleidelijke evenementenplanning- door het realiseren van hoogwaardige architectuur en 2.3.3 Uitdagingen kwalitatieve openbare ruimte.De kern zit in het van onderaf spontaan ontkiemende initiatieven Er dient in het stedelijk en planologisch beleid derhalve eendie medebepalend zijn. Dat vereist ruimte en ongedwongenheid gevoeligheid ontwikkeld te worden voor de condities rondom- ‘vrijplaatsen’ - die niet van te voren te plannen of te ontwerpen zijn. spontaan opkomende initiatieven van onderop. Creatieve milieusPrecies dat bepaalt de paradox voor het stedelijk beleid en ontwerp. zijn immers in de netwerksamenleving steeds meer bepalend voor grootstedelijkheid. Naast het formele, regelgevend, stollend en2 gebiedsgerichte karakter van stedelijk beleid, dient dat beleid veelCreatieve milieus komen ook niet tot stand door het via subsidie meer aandacht te krijgen voor de informele, grensverleggende,garanderen van goedkope ruimten of het aanbieden van een vliedende, netwerkgerichte, maar niettemin ook maatgerichteeenduidige loketfunctie voor overheidsbeleid. De veronderstelde vrijplaatsvragen. De vraag is niet langer hoe we een plaats kunnenbijdrage van de vrijplaatsen aan het welzijn en welbehagen van inruimen voor die vragen, maar eerder wat we de creatieve klassehet stedelijk leven, werk- en woonklimaat blijft vaak te impliciet (zowel de formele als informele) eigenlijk te bieden hebben. Hethetgeen weinig houvast geeft aan beleidstoetsing. De pogingen van vraagt misschien eerder om een omgekeerde inzet van de stedebouwde overheid om nieuwe subculturen direct te stimuleren lopen vaak en planologie. Dat vormt de centrale vraagstelling van deze studie.vast op regelzucht en slechts tijdelijke, weinig duurzame initiatieven. Het vereist in eerste instantie meer zicht op het organisatievermogenCulturele intendanten en gemeentelijke coördinatoren hebben vaak van vrijplaatsen, hun gebruik van ruimte en (potentiële) bijdrage aaneerder een rol in de interne afstemming en minder in de bevordering de stad of stedelijkheid.van veelbelovende, werkelijk innovatieve acties. Daarover gaan de volgende twee hoofdstukken, om vervolgens3 via een kort uitstapje naar exemplarische praktijken elders weerCreatieve milieus met een relevantie voor stad en stedelijkheid terug te keren bij deze uitdaging: hoe te komen tot een zinvolkomen echter ook niet tot stand via een laisser faire-politiek of het vrijplaatsenbeleid voorbij de planologische misvattingen.bewust de handen afhouden van vrijplaatsen. Dit pleidooi behelstmeestal een tegenkracht tegen het opgeruimde en overgereguleerdeNederland dan een stimulering van vrijplaatsactiviteiten. Echterook de situatie in België zal laten zien dat een bewuste onthoudingweliswaar veel initiatieven en activiteiten van onderop stimuleert,maar nog geen creatief milieu schept dat er werkelijk toe doet.Tussen Nederland en België, tussen scherpe wetten maken en nietsdoen ligt een scala van mogelijkheden die meer perspectievenbieden. Verderop komen we daar nog op terug.de schaduwstad 2 begripsafbakening 15
  15. 15. 16 inleiding DE SCHADUWSTAD
  16. 16. 3 BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST3.1 Bestuurlijke context provincielaag, weliswaar naast gewestbevoegdheden ook enkele agglomeratiebevoegdheden, maar bekommeren daarnaast zowelIn het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heerst op het gebied van het de bestuurders van de Vlaamse Gemeenschap als de Fransestedelijk beleid een ingewikkeld spel van evenwichten. Sinds 1970 Gemeenschap zich over zaken van Brussels sociaal-cultureel belang.(de eerste autonomie voor deelstaten) en vooral met de herziening Het verkrijgen van bestuurlijke consensus (zeker voor zaken dievan de grondwet in 1993 is België immers geëvolueerd van een sector overstijgend zijn) is derhalve voortdurend meertalig aaneenheid- of unitaire staat naar een federale staat. Die federatie de orde van de dag. Om die situatie nog extra gecompliceerd teis echter niet op één principe gegrondvest, maar gebaseerd op maken, bestaat Brussel uit 19 gemeenten die nog steeds behoorlijkeen verzoening tussen twee tegengestelde uitgangspunten: een zelfstandige posities ten opzichte van het Gewest bezitten, en isruimtelijk-economische en een sociaal-culturele. Op ruimtelijk- Brussel tegelijkertijd de hoofdzetel van zowel de Europese Unie, deeconomisch terrein is België onderverdeeld in drie Gewesten (het Belgische Regering, het Vlaams Gewest/Gemeenschap, de FranseVlaams, Waals en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest), die bevoegd Gemeenschap en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deze willen inzijn op het gebied van de ruimtelijke ordening, huisvesting, energie, principe alle een eigen stempel op hun hoofdstad drukken. Dit neemtwerkgelegenheid, economie, handel, ontwikkelingsamenwerking, niet weg dat belangrijke onderdelen daarvoor buiten de bevoegdheidopenbare werken en vervoer, alsmede toezicht op de gemeenten en van het Brusselse Gewest vallen. Zo ligt bijvoorbeeld de Brusselseprovincies. Op sociaal-cultureel terrein is het land onderverdeeld in luchthaven buiten het Brussels grondgebied en vallen slechts 12 vaneveneens drie, maar deels anders samengestelde Gemeenschappen de 72 kilometer lange Brusselse Rondweg met bijna alle belangrijke(De Vlaamse, Franse en Duitstalige Gemeenschap), die bevoegd zijn snelwegafslagen, inclusief de halteplaatsen van het Gewestelijkop het gebied van culturele aangelegenheden, welzijn, gezondheid, OV Net (het GEN) en de daarbij horende vestigingscondities vooronderwijs en taalgebruik. Daarnaast resideert een stilaan uitgeklede appartementen, kantoren en hoogwaardige werkgelegenheid buitenFederale Regering, die beslist over justitie, politie, staatsfinanciën, de Brusselse bevoegdheid.defensie, buitenlandse zaken en verkeer, alsmede de pensioenen,sociale zekerheid, volksgezondheid en maatschappelijke integratie.Op deze wijze wordt België thans bestuurd door 48 ministers en 5staatssecretarissen, waarvan 15 ministers en 2 staatssecretarissen opfederaal niveau, 7 ministers in het Waals Gewest, 9 ministers in deFranse Gemeenschap, 10 ministers voor het Vlaamse Gewest en deVlaamse Gemeenschap (deze staatsorganen zijn samengesmolten),3 ministers in de Duitstalige Gemeenschap, alsmede 5 ministers en Vlaamse gemeenschap3 staatssecretarissen voor het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest.Daaronder kent het land nog 10 provincies en 589 gemeenten, die in Franse gemeenschapieder gewest nog weer andere bevoegdheden kennen. 21 Brussels Hoofdstedelijk Gewest3.1.1 Institutionologie van Brussel 19 gemeentenIn principe oogt deze staatsconjunctuur op papier al ingewikkeld;in de praktijk leidt het bij momenten (en vooral in Brussel) totinstitutionele spitsroede behendigheid. Het Brusselse Hoofdstedelijk Vlaams gewestGewest heeft bijvoorbeeld een paritair bestuur, waarbij in de regering5 franstaligen en 3 nederlandstaligen zetelen, die afkomstig zijn uit6 verschillende politieke partijen (i.c. La Mouvement Réformateur, Waals gewestParti Socialiste, Front National, Christen-Democraten Vlaanderen,Vlaamse Liberalen & Democraten, alsmede de Socialistische PartijAnders). Bovendien heeft het Gewest door het ontbreken van eende schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 17
  17. 17. 3.1.2 Brussel als spiegel • Onder invloed van een voortgaande mobiliteit vond in deze periode tegelijkertijd echter een groeiende uittocht plaats vanHet gevolg is dat deze ontwikkeling bij momenten een effectief, de meer gegoede burgers en ondernemingen naar de periferie,openbaar en fatsoenlijk bestuur ernstig kan verlammen. Weliswaar het Vlaams en in mindere mate het Waals Gewest. De tweedetracht het Gewestelijk Ontwikkelingsplan (het GEWOP) van periode (1985-1998) stond voor de Brusselse bestuurders danhet Brussels Hoofdstedelijk Gewest te komen tot een omvattend ook (net als elders) in het teken van het tegengaan van dezemobiliteitsconcept, nieuwe ontwikkelingspolen en bescherming van uittocht en een nieuwe economische impuls aan Brussel tewaardevolle gebieden die onder hoge (prijs)druk staan, of tracht men geven; dit mede om voldoende draagvlak voor de metropolitanein het verlengde daarvan te komen tot inventieve wijkcontracten, voorzieningen te behouden. Dit gebeurde volgens Lagrou viadie initiatieven van burgers ruimte geven. Toch is er een situatie twee hoofdstrategieën:ontstaan waarbij ontwikkelingen vooral tot stand komen via 1 Het volgens de publiek-private partnership formule invullingbilaterale overeenkomsten, met een hoge graad van pragmatisme en geven aan een zo breed mogelijke multifunctionele en stedelijkeprobleemoplossing via persoonlijke contacten. Brusselse planologen invulling, in de gebieden rond bijvoorbeeld de Europese wijk, demogen dit vervelend vinden; het is voor het Brussels Hoofdstedelijk HST-terminal Bruxelles Midi en het Noord-Station;Gewest steeds meer de realiteit van alledag. Bovendien, gelet op de 2 De aandacht voor de zwakke groepen in de samenleving uitnetwerk gedreven verschuivingen die de afgelopen tijd plaatsvinden, te breiden met aandacht voor de midden- en hoger inkomens,lijkt dit zelfs de institutionele toekomst te worden voor steeds meer waarbij bijvoorbeeld projectontwikkelaars via planologischemetropolitane gewesten overal ter wereld. 22 richtlijnen gedwongen werden om voor elke 5 m2 kantoorruimte 1 m2 woonruimte te realiseren.3.1.3 Recente Brussels planninggeschiedenis in drieën • Voor een deel is deze politieke strategie succesvol geweest.Een spiegeling aan de actuele situatie is daarmee noodzakelijk. Sinds Vanwege de institutionele constellatie in Brussel zijn erhet modernisme en het van bovenaf gedicteerde ‘plannersmodel’ dat gedurende elke periode echter ook vele uitzonderingenbehoorlijk heeft ingegrepen op het historisch, geomorfologisch en op de regel geweest. Daarnaast hebben de multinationalesociaal weefsel van de stad, zijn er volgens Lagrou drie fasen die tot ondernemingen en ontwikkelaars inmiddels Brussel ontdekt alsdeze situatie geleid hebben: een interessant investeringsobject. De actuele situatie bestaat er dan ook eerder uit dat de private sector de overheid uitnodigt• De periode 1968-1985, welke (net als in andere delen van de om mee te participeren in specifieke objecten, en niet zozeer wereld overigens) in het teken stond van ‘small is beautiful’, omgekeerd. Dit komt volgens Lagrou onder andere goed tot hergebruik in plaats van nieuwbouw, prioriteit aan langzaam uiting in de eerste schermutselingen rond een mogelijke nieuwe verkeer, openbaar vervoer en inspraak via lokale medezeg- HST terminal Noord, de volgende uitbreiding van de Europawijk genschapscommissies. In deze periode werden ondermeer en het Muziek Centrum T&T (op het complex van Thurn & Taxis). onder druk van de publieke opinie stichtingen als Inter- Het liberale klimaat zou dit bovendien stimuleren. Persoonlijke environment Bruxelles, de Brusselse Raad voor het Leefmilieu netwerken worden daarbij meer en meer geïncorporeerd (BRAL), Ateliers de Recherche et d’Action Urbaines en het in mondiale planningnetwerken, die weliswaar een verdere St.Lukasarchief opgericht. Deze stichtingen en raden werden economische revitalisering dichterbij, maar een gewenste voor een deel betaald uit publieke middelen en benoemden zelfs integrale en omvattende gebiedsontwikkeling steeds verder weg sommige van hun bestuursleden tot de persoonlijke staf van de helpen 23. minister. Niettemin toen de uitbreiding van de Europese Unie speelde en hier een patstelling dreigde tussen (door groen- linkse partijen gesteunde) lokale actiegroepen enerzijds en de gewenste flexibiliteit door de Europese Commissie anderzijds, greep de federale regering in door een bouwgarantie te verschaffen voor het Europees Parlement in 1987.18 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  18. 18. 3.2 Freezoning Brussel gepaard gaande privatisering van de openbare ruimte op cruciale plekken in Brussel, tevens nieuwe ontwikkelingen gaande zijn dieDeze ontwikkeling vindt inmiddels ook plaats in andere inspelen op een herdefinitie van de stedelijke openbare ruimtemetropolitane delen van de wereld. Kern van het gedachtegoed en lokale netwerken in andere delen van precies diezelfde stad.daarachter is dat de aloude Keyniaanse welvaartstaat, alsmede de Dat hangt volgens Swyngedouw samen met de gekke paradoxaledaarmee verbonden hiërarchische benadering van stad en planning bijzonderheid van een grootstedelijke cultuur. Aan de ene kant isde langste tijd gehad hebben. Onder invloed van de mondiale er immers (meer dan op het platteland) sprake van niet alleen eennetwerkeconomie en netwerksamenleving komt er eerder een nieuw marginalisering, scheiding en soms zelf onderdrukking van specifiekesoort planning en stadspolitiek op, die uitgaan van een relationele bevolkingsgroepen; er is ook sprake van een unieke smeltkroesbenadering van stedelijke planning. De stad zou immers in relatie van verschillen en andersdenkenden die de kracht van diezelfdeen daarmee ook in competitie staan met een veelheid van andere grootstedelijke cultuur bepaalt. Vooral in Brussel is die kracht vanafplekken op de wereld. Unieke stedelijke ontwikkelingsprojecten het midden van de jaren negentig sterk tot ontwikkeling gekomen.dienen derhalve aangeboord te worden om de concurrentie met Wellicht heeft het iets te maken met de bijzondere bestuurlijkedie andere steden én ommeland aan te kunnen. Hierbij wordt constellatie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, die in principebijvoorbeeld gedoeld op projecten als Adlershof in Berlijn, Ørestad ruime mogelijkheden laat voor zelfwerkzaamheid en eigen initiatiefin Kopenhagen, ‘The Olympic Village’ in Athene, het Central om iets van de toentertijd vergeten delen van de stad te maken.Business District in Birmingham, Abandoibarra in Bilbao, Donau Mogelijk heeft het ook iets te maken gehad met de toen gemaakteCity in Wenen, het Leopoldkwartier in Brussel of bijvoorbeeld keuze voor Brussel als Europese Culturele Hoofdstad 2000, dat alsleutelprojecten als de Zuidas en de Kop van Zuid in Nederland. dan niet slapend potentieel tot leven leek te wekken. Feit is dat hetElke Europese groot- of zelfs middelgrootstad wil eigenlijk minstens creatief klimaat van de Brusselse grootstad inmiddels niet alleenéén van dergelijke projecten ontwikkelen om zich daarmee in de meer afhangt van de mate waarin de mondiale economische elite eninternationale kijker te spelen. Deze zouden immers weer aanleiding culturele highbrow lokaal gebonden en gefaciliteerd kan worden.kunnen geven tot een verbeterd vestigingsklimaat, welzijn en In toenemende mate spelen ook de culturele (sub)economie, degroei, voor zowel de bovenkant als de onderkant van de stedelijke spontane activiteiten op specifieke plekken en de versterkingsamenleving. Voorwaarde daarvoor is dat die sleutelprojecten de van lokale identiteiten een centrale rol in het versterken van eenzogeheten economische, politieke en culturele elites van de huidige positieve metropolitane ontwikkelingsdynamiek. 24grenzeloze netwerksamenleving aanspreken en dat deze elites methun milieu de projecten tot leven wekken. Volgens ‘metropolitan 3.2.2 Netwerk Brusselgovernance’ wordt daarmee de hiërarchische masterplanning ende planning van de kwaliteit van de stad als geheel, steeds meer Dat informele creatief netwerk Brussel bestaat inmiddels uit eeningehaald door een fragmentarische projectenplanning in horizontale groot aantal al dan niet tijdelijk samengestelde of min of meerallianties met projectontwikkelaars, internationale investeerders en vrijblijvende partijen, sub-netwerken en initiatieven, met zo nu enontwerpers van ver over de wereld. dan specifieke relaties en netwerken naar andere metropolitane freezones in binnen-, maar vooral ook buitenland. Na de meer door3.2.1 Glocalisatie bewonersorganisaties en vanuit een welvaartstaat gemotiveerde oprichting van ngo’s in de jaren zeventig (zoals BRAL, het St.Het bijzondere van de Brusselse situatie is echter dat er naast deze Lukasarchief etc.), ontstond vooral in de jaren 1996-1998 eenpraktijk van metropolitan governance, inmiddels ook een praktijk hausse aan nieuwe spontaan opkomende activiteiten in de stad.van onderop tot ontwikkeling gekomen is die op een nieuw manier Naast Kunstplatforms of kunstenaarscollectieven als Constantinspringt op de niches en overblijvende zones in de stad. Alhoewel (1997), les Bains Connective (1997), Les Corsaires (1998),deels informeel en verborgen dragen deze op hun beurt bij aan L’Emploi du moi (1998) etc., was er in enkele jaren sprake vaneen inspirerend en zinderend stedelijk klimaat van de stad. In de oprichting van sociale vrijplaatsen als de Universal Embassyde terminologie van bijvoorbeeld Erik Swyngedouw heet het dat (1998), economische incubators als Alter Ego (1998), ruimtelijknaast de infiltratie van mondiale elites, alsmede de daarmee vaak gemotiveerde actiegroepen als Recyclart (1997) en Disturb (1998)de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 19
  19. 19. of multimedia vrijplaatsen als ACSR (1996), Nova Cinema (1997), - Na een sterke val gedurende de jaren tachtig en begin jarenFoton Records (1998), etc. In hun kielzog zijn weer tal van andere negentig is de aantrekkelijkheid van de stad om er te (blijven)al dan niet tijdelijke activiteiten ontstaan, zo sterk dat men Brussel wonen en deze toeristisch te bezoeken sinds het einde van derond de eeuwwisseling inderdaad met recht de bohémien en jaren negentig weer sterk gegroeid. Ten opzichte van 1998,vrijplaatshoofdstad van Europa mocht noemen. Inmiddels is een werden in 2002 12,5% meer (vooral internationale) aankomstengroot aantal van deze actiegroepen weer verdwenen, maar een geteld; op het gebied van het aantal overnachtingen was hetdeel daarvan is nog steeds in de stad werkzaam, al of niet met een bijna 15% meer. 25gedeeltelijke financiële ondersteuning van de Vlaamse of Franse - Tegelijkertijd is ook de zakelijke positie van Brussel in deGemeenschap cq. de Koning Boudewijnstichting. Daarnaast lijkt op wereld sterker geworden. Sinds 1999 is Brussel bijvoorbeeldgrond van lopende en deels afgelopen initiatieven ook het aloude na marktleider Parijs, maar voor steden als Londen, Wenen,BRAL en de in 1997 opgerichte City Mine(d) een stimulerende en Singapore, Berlijn, Amsterdam of zelfs Washington, deactiverende rol in het netwerk te spelen. tweede stad in de wereld op het gebied van de organisatie van internationale congressen. In 2002 werden er bijna 200 internationale congressen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest3.3 Stedelijke impact georganiseerd; dat is zo’n 4 congressen per week deels in combinatie met het voornoemde toerisme. 26Op de kaart is een deel van de stand rond 2002 weergegeven van - Daarmee is uiteindelijk ook de economische situatie in hethet dynamische freezone netwerk in Brussel en in bijgaande boxen Brussels Hoofdstedelijk Gewest sterk verbeterd. Na decenniais voorts een geselecteerd deel verder beschreven. Kenmerk van van magere jaren kent het gewest sinds 1998 soms weer denagenoeg al deze praktijken en initiatieven is dat zij nog sterk op grootste economische groei van de drie gewesten. De groei zitzichzelf staan, alsmede een sterke (vaak oppositionele) afstand voornamelijk in de zakelijke dienstverlening en de creatievehouden tot de reguliere institutionele of private (planning)praktijk. werkgelegenheidssectoren. 27Wat de europese, nationale, gewestelijke of lokale overheid doetwordt vaak, al dan niet terecht, met argusogen bekeken. Dat geldt Dit neemt niet weg dat net als in vele andere grootsteden detemeer voor de initiatieven van private bouwheren. Tegelijk wordt multiculturalisering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest metin slechts beperkte mate beroep gedaan op publieke middelen en rasse schreden doorzet. In België in het algemeen, maar in hetprobeert men zoveel mogelijk en via eigen kanalen autonoom te Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het bijzonder is er sprake van eenzijn. Het amateuristisch karakter is groot en zo nu en dan hebben afnemende natuurlijke aanwas en een toenemende immigratie. Thansde vernieuwers naast hun vrijplaatsactiviteiten een reguliere baan. bestaat bijna 30% van de brusselse bevolking uit buitenlanders.Mogelijk komt dit omdat er ook maar beperkte middelen zijn, of Deze groep is in tegenstelling tot vele andere grootsteden echteromdat men gesteld is op de eigen zelfstandigheid of vrijblijvendheid. zeer gemixed samengesteld. De grootste groep wordt gevormdDit neemt niet weg dat men toch met beperkte middelen maximale door Marokkanen, maar vlak daarna komen de Fransen, Italianen,resultaten bereikt, het hefboomeffect is groot. Vanuit kleine Spanjaarden en tenslotte de Turken. Met de recente uitbreidingaanzetten worden nieuwe initiatieven geboren, die een verdere van de Europese Unie wordt verwacht dat deze mix zich nogbijdrage leveren aan een aantrekkelijk en cultureel metropolitaan sterker doorzet. Verschillende freezone initiatieven (zoals bijv. deklimaat, dat op haar beurt weer creatief potentieel aantrekt. Zinneke Parade of Limite Limiet etc.) zetten met name ook in op die multiculturaliteit. Bedoeling is om daarmee van onderop een3.3.1 Bijdrage aan een grootstedelijk klimaat? nieuwe identiteit aan de Europese hoofdstad te geven: mogelijk van een fragmentarische en multiculturele grootstad naar een soortEen directe relatie is nooit vast te stellen en natuurlijk ook niet ‘Mediterranean Capital of Europe’. 28zo werkzaam; maar sinds het einde van de jaren negentig vande afgelopen eeuw (het moment dat ook de Brusselse freezonepraktijken sterk opkwamen) was er ook sprake van een opmerkelijkeopleving binnen Brussel op meerdere terreinen:20 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  20. 20. 3.3.2 Netwerkstilstand?Ondanks al deze prachtige cijfers en verwachtingen kan nog steedsgeconstateerd worden dat de freezonepraktijk behoorlijk afstaatvan de feitelijke bestuurspraktijk in het Brussels HoofdstedelijkGewest. De hier gepresenteerde weldaad aan allerhande culturelevrijplaats activiteiten van onderop krijgt nauwelijks aandacht en/ofdoorgang binnen de reguliere planningmachine. Wellicht heeft hetiets te maken met de institutionele tweedeling tussen gewestenen gemeenschappen, welke in feite ook de beleidsterreinen vanruimtelijke ordening en cultuurbeleid splitst. Maar mogelijk heefthet ook iets te maken met de culturele activiteiten zelf, die eigenlijkallemaal, zonder uitzondering, hun eigen ding doen. CityMine(d)lijkt hier enige coördinatie te willen opzetten, maar kan zich tochook niet aan de indruk onttrekken dat onderlinge connectiviteit ensamenhang toch vooral tot stand komt op basis van persoonlijke enopportunistische netwerken.Precies dat lijkt dan ook een verdere ontplooiing van de cultuur inBrussel in de weg te zitten. Want zoals ook Erik Swyngedouw aleerder opmerkte, spelen op beide lagen van de stadscultuur (zoweldie van de mondiale elite, als die van de subculturen) interactievenetwerken een cruciale rol. Net zoals zwakke steden tegenwoordiggekenmerkt worden door een slechte bereikbaarheid of eenonvoldoende aanhaking op mondiale netwerken, zo worden zwakkebuurten in de stad gekenmerkt door niet alleen de afwezigheid vande mondiale elites, maar ook door de afwezigheid van netwerken,met name die welke contacten en relaties buiten de eigen groepof belangen (kunnen) leggen. Het lijkt dan ook zaak om aan dienetwerken, zowel door de geledingen heen, als door de verschillendepartijen en stakeholders heen, hernieuwde aandacht te geven (zieverder ons pleidooi voor intermediates in paragraaf 6.3). Na depionierfase lijkt de freezonepraktijk in Brussel dan voor een volgendeuitdaging te staan, waarin, de échte vrijplaatsstatus voorbij, weleen nieuwe invulling gegeven wordt aan nieuwe projecten op zowelstrategisch als deelplanniveau.de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 21
  21. 21. KAARTBrusselse vrijplaatsen ensympathisanten 2002op basis van gesprekken eninternetsearch22 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  22. 22. KAART Brusselse vrijplaatsen en sympathisanten 2002 op basis van gesprekken en internetsearch p. 24 p. 26 p. 28 p. 29de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 23
  23. 23. BOX 1 PORTAL; City Mine(d) als aanjager Wie, wat waar ‘City Mine(d) is opgericht in 1997 met het oog op het ondersteunen, initiëren en/of produceren van projecten van sociaal-culturele aard, hoofdzakelijk in de publieke ruimte, op plaatsen en in buurten die gekarakteriseerd worden door typische grootstedelijke problemen, zoals armoede, uitsluiting en een zwakke identiteit. De organisatiestructuur is flexibel, netwerkgericht, rhizomatisch en haar interventies zijn tijdelijk van aard.’ Haar overtuiging is dat de huidige dynamiek van marktgerichte stedelijke ontwikkeling de publieke ruimte in Brussel tot een marginale restruimte gemaakt heeft. Dat komt vooral tot uitdrukking in de zwakke buurten. Niet alleen draagt dat bij tot een negatieve beeldvorming, maar verscherpt het de reeds zwakke buurtidentiteit. De projecten van City Mine(d) zijn er dan vooral op gericht om met ingrepen een proces van positieve identiteitsvorming teweegbrengen, teneinde daarmee de betrokkenheid van de bewoners bij de stad te vergroten, het imago te versterken en daarmee zo mogelijk uiteindelijk een economisch welzijn te stimuleren. Netwerk Daartoe heeft City Mine(d) met zes leden inmiddels een breed netwerk opgebouwd (zowel binnen als buiten de stad, nationaal en internationaal) en verschillende projecten, bijeenkomsten, seminars en studieopdrachten in de stad gerealiseerd. Hierbij hanteert het vijf sleutels: 1 een meerduidig positief sociale visie op de stad, 2 het kwalitatief inspelen op dromen en wensen van de bewoners, 3 het provocerend ageren in de stad, 4 het daarbij gebruiken van restruimtes en breuklijnen en 5 het steeds verdere exploreren van de stad, gecentreerd rondom een drietal actieterreinen of ook wel actiekamers genoemd: • Het Steunpunt, waarbij bewoners, kunstenaars en actievoerders terecht kunnen met vragen, verzoeken om juridische hulp of adviezen met betrekking tot haalbaarheid en realiseerbaarheid van hun wensen en dromen; • De Katalysator, waarbij City Mine(d) actief in projecten participeert of deze faciliteert, dan wel zelf projecten in de stad opzet, dan wel studies verricht naar innovatieve vormen en methodes van stadsontwikkeling; • De Netwerking, waarbij het verschillende bewoners, en projectgroepen met elkaar in verband brengt , internationale uitwisseling mogelijk maakt en bewoners en gebruikers in contact brengt met formele instituten als bedrijven en openbare diensten. City Mine(d) ontvangt sinds 1998 een structurele subsidie van de Vlaamse Gemeenschapscommissie via het Sociaal Impulsfonds, maar krijgt daarnaast ook per project aanvullende financiële ondersteuning van andere betrokken partijen, als bijvoorbeeld het Brussels Gewest, de stad Brussel of andere Gemeenschappen. Projecten die men op deze wijze in de afgelopen zes jaar gerealiseerd heeft zijn bijvoorbeeld: Bunkersouple (een netwerk van informele initiatieven in de stad), HUGO (een ludieke caravan door de stad om sombere plekken in de stad nieuw leven in te blazen). Limite Limiet (de bouw van een vuurtoren in de Brabantwijk om het imago van en de communicatie in de buurt te verhogen), PleinOPENAir (het organiseren van Cinema, muziek en animatie, gratis in de open lucht voor de achtergebleven bewoners tijdens de zomermaanden), Passerelle (een loopbrug door het Leopoldstation om een link te creëren tussen de Europawijk en de stad Brussel) en het Uitrolbaar zebrapad (als een mobiel actiemiddel in de stad).24 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  24. 24. Daarnaast organiseert en draagt men bij aan discussies over de stad en faciliteert men diverse zelfstandige projecten die deels nog steeds binnen City Mine(d) opereren, zoals PRECARE. Deze (sub)organisatie van City Mine(d) ondersteunt jonge, eclectische, en vaak informele culturele collectieven bij het onderhandelen over het tijdelijk gebruik van leegstaande gebouwen in de stad. Daartoe verschaft het juridisch en economische advies, medieert het tussen potentiële gebruikers en eigenaren, beheert het een actueel databestand en geeft het tips of garanties betreffende een goed collectief en veilig beheer van de ruimte. Een bijkomend doel van PRECARE is om meer en meer synergieën te ontwikkelen tussen het tijdelijk gebruik van gebouwen en een erkende verrijking van het stedelijk leven. Daartoe overweegt men dat PRECARE ook zelf overgaat tot het beheer en exploitatie van een gebouw. Impact Met zeer weinig middelen heeft City Mine(d) een maximaal resultaat geboekt. Het aantal culturele en sociale initiatieven is aanzienlijk uitgebreid. Bovendien bestaat de indruk dat het belang van subculturen inmiddels ook binnen het bestuur aanvaard begint te worden. In zoverre kan gesproken worden van een succes story van City Mine(d). Niettemin brengt dit thans ook een nadere heroverweging met zich mee: moet men doorgaan op de huidige voet, die eigenlijk alleen maar te realiseren is door een verdergaande formalisering of moet men blijven vasthouden aan de meer vrijblijvende, agerende en spontane status, teneinde kritisch engagement en creativiteit van de stad te handhaven? Een extra probleem, zeker voor PRECARE, is dat inmiddels de stad aantrekt en daarmee de nicheruimte voor activiteiten drastisch wordt ingeperkt.de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 25
  25. 25. BOX 2 STADSCULTUUR; gekraakt in Hotel Tagawa Wie, wat, waar Hotel Tagawa bestaat thans uit ongeveer 40 personen die in begin 2003 het betreffende hotel aan de Avenue Louise gekraakt hebben. Inmiddels hebben ze een mondelinge overeenkomst met de eigenaar dat ze voorlopig mogen blijven zitten. Daarvoor betalen ze een symbolisch bedrag op zijn rekening. Naast dat het de krakers onderdak biedt, zijn er in de kelder en op de begane grond ruime mogelijkheden aanwezig voor meetings, feesten, theater en expositie. Deze activiteiten worden thans verder ontwikkeld en uitgebreid. De primaire doelstelling van de groep is om het gebrek aan goede woonruimte voor de onderkant van de Brussels markt aan de kaak te stellen en daarvoor alternatieven te ontwikkelen. Dat verhaal begon ruim voor Hotel Tagawa en heeft wellicht eerder zijn hoogtepunt bereikt. Historie netwerk In feite zijn de voorlopers van de groep geboren uit de buurtcomités die reeds in de jaren zeventig in Brussel werkzaam waren. Tegen de alles verpletterende bouwwoede van de gemeente, stelden deze buurtcomités zich te weer tegen het daarmee gepaard gaande verlies aan de nog betaalbare (huur)woningen in de stad. Toen dit in de loop der jaren onvoldoende resultaat opleverde, ontwikkelde zich een meer radicale actie. Het kwam tot een soort ‘eigenaar krakers coöperatief’, dat naast de sociale doelstelling van het wonen, tevens de verbetering van de leefbaarheid in de wijk en het zelf opzetten en exploiteren van een aantal gemeenschappelijke voorzieningen op het oog had, zoals bijv. een crèche, een table d’hôte, straatschoonmaakdienst, winkelservice, buurtkapper of een wijkfeest. Het eerste project bevond zich pal achter het Berliamont gebouw in de Europa wijk. Het resultaat was dat thans sociale huisvesting en contracten met de buurt in de reconstructie- en herbouwplannen zijn voorzien. Toen dit resultaat werd geboekt en herbouwplannen met een meer sociaal gezicht werden voorgesteld, heeft een deel van de groep zich verplaatst naar het Complex Drapié, zo genoemd naar de hoofdstraat binnen een bouwblok aan het begin van de Avenue Louise, tegenover het Hilton hotel. Deze locatie, waar ook nog enkele van de oorspronkelijke bewoners woonden, was toentertijd opgekocht door een internationale projectontwikkelaar, die er een shopping centrum, luxe appartementen, schouwburg, theater/bioscoop, restaurant etc. van wilde maken. Op de betreffende locatie heeft de groep toen enkele panden op strategische plekken gekraakt en een vergelijkbaar programma ontwikkeld als bij de Berliamont site. Daarbij kreeg men toenemende steun van de reeds zittende bevolking die daarmee eigenlijk ook werd geactiveerd. Tegelijkertijd heeft men een soort ontwikkelingscoöperatief vanuit de zittende bevolking opgericht, die voldoende kennis en mankracht in huis had om de renovatie zelf in hand te nemen. Daarnaast was een deel van de groep ook cultureel georiënteerd en heeft het heft in hand genomen om ook culturele events en manifestaties in de wijk te organiseren. Impact In feite had de club toen ook vier speerpunten: • het eigenaar-krakers-coöperatief • het buurtcomité met de zittende bevolking • de buurt renovatieontwikkelaar en • de culturele actiegroep. Deze beweging werd inmiddels zo krachtig, dat het ook de politiek aansprak (met name de Groenen) waardoor de internationale projectontwikkelaar sterker onder druk gezet kon worden. Dankzij de krakersgroep werd de positie van de gemeente eigenlijk krachtiger en ging de projectontwikkelaar26 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  26. 26. eindelijk overstag, resulterend in het feit dat zij nu een deel van het project inzette voor sociale huisvesting. Voorwaarde was dat de krakers weg zouden gaan. Zo’n twintig leden van die groep hebben vervolgens hotel Tagawa gekraakt met het oogmerk om een vervolgproject in de stad op te zetten. Sinds Hotel Tagawa krijgt de groep echter steeds meer bekendheid bij de buitenwacht. De actuele situatie zou door een van de initiatiefnemers echter eerder worden omschreven als een crisis. Dit komt doordat: • de groep in dit project eigenlijk het contact met de buurt en zittende bewoners verloren heeft • het gebouw zo groot is dat het eerder als een groot gemeenschappelijke woonproject gezien moet worden, terwijl het voordien een verzameling van afzonderlijke woningen was • binnen de groep nu zelf verdeeldheid begint te heersen hoe de gemeenschappelijke financiën aan te wenden. Een deel wenst het belang van de eigen huisvesting voorop te zetten, een ander deel wenst eerder het belang van ‘freezone activiteiten’ te markeren. Daarnaast beginnen enkelen nu gesetteld te raken. Hoe dit verder uit zal gaan pakken is vooralsnog onduidelijk. Het lijkt er op dat de groep zich in twee uiteenlopende richtingen zal gaan ontwikkelen. Wellicht zal een deel elders nieuwe activiteiten oppakken, terwijl Hotel Tagawa dan goedkope huisvesting zal kunnen bieden aan kunstenaars-krakers met wellicht een florerende en creatieve culturele gemeenschap op de begane grond en in de kelder.de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 27
  27. 27. BOX 3 RUIMTE; diStUrb - urbanisme als verzet Wie, wat, waar DiStUrb is een min of meer vrijblijvend (internet)netwerk van momenteel zeven geëngageerde stedebouwers, architecten , geografen en architectuurhistorici, die begaan zijn met het ruimtelijk lot van Brussel. Daartoe ageren zij vooral tegen een aantal stedelijke projecten die in de marge van de stedelijke openbaarheid ontwikkeld worden en vaak uitgaan van een slechts eenzijdige of onvoldoende benadering van de stedelijke context. Doelstellingen zijn: • het verdedigen en het bevorderen van een goede debat over Brussel • het aanvechten van vaak al te gemakkelijk aanvaarde ideeën over de stad • het bevorderen van het idee dat de stad complex is en meer specifieke actie vergt • het faciliteren van het uitwisselen van ideeën over mogelijk alternatieve ideeën • het openbaar maken van die uitwisseling en waar nodig aansturen op actie Dit gebeurt vooral via hun website, de pers (geschreven, gesproken, verbeeld), het organiseren van debatten en uitschrijven van prijsvragen. DiStUrb (di-Stedebouw Urbanisme) bestaat sinds 2001 en heeft in die tijd ondermeer het stedelijk debat aangezwengeld over: • de hoogbouwpolitiek in Brussel i.r.t. het gebouw van Justitie • de disneyficatie van het Van Kuyck gebouw • de herinrichting van het Champs de Mars • de afbraak van de Lotto-toren en de Martini toren • de herinrichting en toekomst van de Europese wijk Recente projecten zijn ondermeer: • de herinrichting van het Flagey plein, waarvoor een zelf opgezette prijsvraag is georganiseerd, die tal van alternatieven heeft opgeleverd voor een voorstel dat vooral door de ondergrondse heraanleg van de metro- en parkeergarage werd gedicteerd; • het debat over de herontwikkeling van het Rijksadministratief Centrum (RAC) aan de rand van de stad, dat door het Gewest in feite is vergeven aan de Nederlandse projectontwikkelaar Breevast, (de huidige eigenaar van het RAC) die voor de herontwikkeling bijna carte blanche had gekregen. DiStUrb organiseren deze acties op non-profit basis. Elke actie wordt dan ook samen met andere partijen georganiseerd, zoals bijv. met City Mine(d) met betrekking tot het debat over RAC en met de aangrenzende Hogeschool en het betreffende Stadsdeel met betrekking tot de prijsvraag voor het Flagey plein. Impact Vooral met betrekking tot de laatste drie genoemde projecten (Europese wijk, Flagey plein en het RAC) kan gesproken worden van een toenemende invloed van diStUrb. Met betrekking tot de Europese wijk heeft de minister-president inmiddels toegezegd dat de herontwikkeling van de Europese wijk op basis van de wensen en verlangens van de buurt ingezet zullen worden, met betrekking tot het Place Flagey zijn inmiddels gemeenteraadsvragen gesteld, ondanks dat het bestemmingsplan en de vergunning reeds vergeven was en met betrekking tot het RAC, wordt de herontwikkeling inmiddels heroverwogen. Niet alleen bij de betrokken burgers en gebruikers van de stad, maar ook bij de politici begint er een toenemende aandacht voor betere en meer contextgerichte planvorming te ontstaan. Niettemin krijgen de initiatiefnemers inmiddels ook zelf projecten en rollen in de revitalisering van Brussel toebedeeld en begint het gevaar van zelfbelang te dreigen.28 3 Brussels hoofdstedelijk gewest de schaduwstad
  28. 28. BOX 4 SOCIAAL; De Universal embassy voor de netwerkmens Wie, wat, waar Universal Embassy is in feite geboren uit een actie die in 1998 plaatsvond. Toen hebben een aantal asielzoekers een kerk bezet om te wijzen op hun uitzichtloze situatie. Rondom deze actie zijn verschillende autochtone vrijwilligers gegroepeerd die deze mensen met (juridische) hulp en (financiële) daadkracht wilden helpen. Dit vanuit de overtuiging dat burgerschap in deze tijd van de grenzeloze netwerksamenleving in feite opnieuw geformuleerd diende te worden in plaats van het vasthouden aan de aloude criteria van de staat. Deze actie heeft toentertijd enige beroering veroorzaakt met als resultaat dat de betreffende mensen voorlopig mochten blijven zitten. Niettemin is er in 1999 brand uitgebroken in de kerk, waardoor hun aanwezigheid aldaar niet langer mogelijk was. Toevalligerwijs werd ongeveer in dezelfde tijd de ambassade van Somalië in Brussel ontruimd, vanwege interne perikelen in dat land. De vertrekkende ambassadeur heeft toen de sleutel van de ambassade overhandigd aan één van de mensen die betrokken waren bij de actie van de asielzoekers. Besloten werd om de mensen in de ambassade onder te brengen. Netwerk Thans wonen ongeveer acht huishoudens in de ambassade. Tegelijkertijd is de ambassade in feite uitgegroeid tot een centrum voor belangeloze hulp en adviezen bij asiel- en uitzettingsprocedures. Tegelijkertijd probeert men de strijd voor een gelijkwaardige mondiaal burgerschap via demonstraties, pamfletten en de website onder de aandacht te brengen. Daarnaast probeert men met andere freezone activiteiten culturele activiteiten op te zetten. Zo is er in januari 2004 een event geweest dat samen met NOVA CINEMA is opgezet. De ambassade van Somalië is daarmee eigenlijk een belangenvertegenwoordiger cq. een ambassade voor de universele rechten van de netwerkburger geworden. Impact Niettemin erkent een van de initiatiefnemers van de Universal Embassy de fragiliteit van het geheel: • Ten eerste is de ambassade nog steeds eigendom van de regering van Somalië. Zodra deze hun eigen zaken weer op een rij hebben en het gebouw weer opeisen voor hun eigen representant, moet het initiatief wijken • Ten tweede bestaat het initiatief volledig uit de belangeloze medewerking van een aantal activisten. Zodra deze om wat voor reden dan ook wegvallen, zijn de asielzoekers weer aan hun eigen lot overgelaten • Ten derde wordt het initiatief thans door de politiek en politie door de vingers gezien. Zodra er bv. interne ruzie uitbreekt of er een minder soepel politiek klimaat ontstaat is een gewelddadige uitzetting niet denkbeeldig • Ten vierde blijft er door het kleinschalige karakter het initiatief vooral tot de ambassade zelf beperkt. Men is voorlopig niet in staat gebleken een brede stroming of netwerk in de stad Brussel zelf op te zetten, laat staan bijvoorbeeld het potentieel multicultureel klimaat als een weldadig eigen kracht voor het wel en wee van de stad te promoten of activeren. Hierdoor blijft de toekomst van het initiatief onzeker en de armslag vooralsnog beperkt.de schaduwstad 3 Brussels hoofdstedelijk gewest 29
  29. 29. 30 inleiding DE SCHADUWSTAD

×