"Saulus,  anders gezegd Paulus" Handelingen 13 4-12
Antiochië 2
4   Dezen dan , door de heilige Geest uitgezonden…  “… zondert mij nu Barnabas en Saulus af…” (vers 2) 3
4   … trokken naar Seleucië … 4
4   … en voeren vandaar naar Cyprus;  5 Cyprus
5   en te Sálamis gekomen… 6 Famagusta
5   … verkondigden zij het woord Gods in de synagogen der Joden; en zij hadden ook Johannes tot helper.  7
6   En na het gehele eiland doorgetrokken te zijn tot aan Pafos… 8
6   … troffen zij een zekere tovenaar  (lett. magiër)  aan, een valse profeet, een Jood… 9
6   … wiens naam was  Barjezus …  =  zoon van Jezus/ Jozua…  10
7   hij hield zich op bij de  landvoogd … = stadhouder van een   Romeinse provincie 11
7   … Sergius  Paulus , een verstandig man.  naam ‘Paulus’ ±  160x  in het NT dit is de  eerste  vermelding… 12
7   … Deze begeerde  (lett. zocht)  het woord Gods te horen en liet Barnabas en Saulus tot zich roepen.   13
8   Maar  Elymas , de tovenaar, want zo wordt zijn naam vertaald…  Elymas =  magiër,  wizard 14
8   … verzette zich tegen hen en trachtte de landvoogd van het geloof afkerig te maken.  15
8   … verzette zich tegen hen en trachtte de landvoogd van het geloof afkerig te maken.  Elymas Jood afkerig van het  gelo...
9  Doch Saulus, anders gezegd Paulus… HIER  vindt de naamsverandering van Saulus naar Paulus plaats… 17
9  … vervuld met de heilige Geest, zag hem scherp aan, en zeide: 18
10  Zoon des duivels, vol van allerlei list en streken, vijand van alle gerechtigheid… 19
10  … zult gij niet  ophouden  de rechte wegen des Heren te verdraaien?  20 pau sé pau los
11  En nu, zie, de hand des Heren keert zich tegen u…. 21
11  … en gij zult  een tijd lang  blind zijn en de zon niet zien…. =  TOT OP   de  gestelde tijd 22
11  … En terstond viel op hem donkerheid  (lett. mist)  en duisternis, en rondtastende zocht hij iemand om hem bij de hand...
8 … God gaf hun  (=Israël)  een geest van diepe slaap, ogen om niet te zien en oren om niet te horen, tot de dag van heden...
10 …  Laten HUN OGEN VERDUISTERD WORDEN, zodat zij niet zien… Romeinen 11 25
10 …  en doe hun rug voorgoed  (=voortdurend)  zich krommen. Romeinen 11 26
12  Toen de landvoogd zag, wat er gebeurd was, kwam hij tot geloof  (lett. geloofde hij),  zeer getroffen door de leer des...
11 … Door hun val  (> Elymas)  is het heil tot de heidenen gekomen, om hen tot naijver op te wekken. Romeinen 11 28
12 …  Betekent nu hun val rijkdom voor de wereld en hun tekort rijkdom voor de heidenen, hoeveel te meer hun volheid! Rome...
Paulus => Latijn => ‘kleintje’ 8   Mij, verreweg de  geringste  van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen, aan d...
8   Mij, verreweg de  geringste  van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen, aan de heidenen de onnaspeurlijke ri...
Paulus => Latijn  => ‘kleintje’ Paulus => Grieks => pauze Paulus => Hebreeuws…  Saulus => Paulus 32
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Saulus Paulus

2,041 views

Published on

Eben Haëzer, Rotterdam

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
2,041
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
150
Actions
Shares
0
Downloads
3
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Saulus Paulus

  1. 1. "Saulus, anders gezegd Paulus" Handelingen 13 4-12
  2. 2. Antiochië 2
  3. 3. 4   Dezen dan , door de heilige Geest uitgezonden… “… zondert mij nu Barnabas en Saulus af…” (vers 2) 3
  4. 4. 4   … trokken naar Seleucië … 4
  5. 5. 4   … en voeren vandaar naar Cyprus; 5 Cyprus
  6. 6. 5   en te Sálamis gekomen… 6 Famagusta
  7. 7. 5   … verkondigden zij het woord Gods in de synagogen der Joden; en zij hadden ook Johannes tot helper. 7
  8. 8. 6   En na het gehele eiland doorgetrokken te zijn tot aan Pafos… 8
  9. 9. 6   … troffen zij een zekere tovenaar (lett. magiër) aan, een valse profeet, een Jood… 9
  10. 10. 6   … wiens naam was Barjezus … = zoon van Jezus/ Jozua… 10
  11. 11. 7   hij hield zich op bij de landvoogd … = stadhouder van een Romeinse provincie 11
  12. 12. 7   … Sergius Paulus , een verstandig man. naam ‘Paulus’ ± 160x in het NT dit is de eerste vermelding… 12
  13. 13. 7   … Deze begeerde (lett. zocht) het woord Gods te horen en liet Barnabas en Saulus tot zich roepen. 13
  14. 14. 8   Maar Elymas , de tovenaar, want zo wordt zijn naam vertaald… Elymas = magiër, wizard 14
  15. 15. 8   … verzette zich tegen hen en trachtte de landvoogd van het geloof afkerig te maken. 15
  16. 16. 8   … verzette zich tegen hen en trachtte de landvoogd van het geloof afkerig te maken. Elymas Jood afkerig van het geloof = zocht indruk te maken met eigen werken Sergius Paulus ‘ heiden’ (geen proseliet) zocht het Woord Gods te horen 16
  17. 17. 9  Doch Saulus, anders gezegd Paulus… HIER vindt de naamsverandering van Saulus naar Paulus plaats… 17
  18. 18. 9  … vervuld met de heilige Geest, zag hem scherp aan, en zeide: 18
  19. 19. 10  Zoon des duivels, vol van allerlei list en streken, vijand van alle gerechtigheid… 19
  20. 20. 10  … zult gij niet ophouden de rechte wegen des Heren te verdraaien? 20 pau sé pau los
  21. 21. 11  En nu, zie, de hand des Heren keert zich tegen u…. 21
  22. 22. 11  … en gij zult een tijd lang blind zijn en de zon niet zien…. = TOT OP de gestelde tijd 22
  23. 23. 11  … En terstond viel op hem donkerheid (lett. mist) en duisternis, en rondtastende zocht hij iemand om hem bij de hand te leiden. 23
  24. 24. 8 … God gaf hun (=Israël) een geest van diepe slaap, ogen om niet te zien en oren om niet te horen, tot de dag van heden. Romeinen 11 24
  25. 25. 10 … Laten HUN OGEN VERDUISTERD WORDEN, zodat zij niet zien… Romeinen 11 25
  26. 26. 10 … en doe hun rug voorgoed (=voortdurend) zich krommen. Romeinen 11 26
  27. 27. 12  Toen de landvoogd zag, wat er gebeurd was, kwam hij tot geloof (lett. geloofde hij), zeer getroffen door de leer des Heren. 27
  28. 28. 11 … Door hun val (> Elymas) is het heil tot de heidenen gekomen, om hen tot naijver op te wekken. Romeinen 11 28
  29. 29. 12 … Betekent nu hun val rijkdom voor de wereld en hun tekort rijkdom voor de heidenen, hoeveel te meer hun volheid! Romeinen 11 29
  30. 30. Paulus => Latijn => ‘kleintje’ 8 Mij, verreweg de geringste van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen, aan de heidenen de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te verkondigen… Efeze 3 30
  31. 31. 8 Mij, verreweg de geringste van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen, aan de heidenen de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te verkondigen… Efeze 3 Paulus => Latijn => ‘kleintje’ Paulus => Grieks => pauze 31
  32. 32. Paulus => Latijn => ‘kleintje’ Paulus => Grieks => pauze Paulus => Hebreeuws… Saulus => Paulus 32

×