Erfenis Uit Een Rijk Verleden Copy

411 views
305 views

Published on

Kennis uit het verleden en het Griekse, Egyptische gedachtengoed

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
411
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Erfenis Uit Een Rijk Verleden Copy

  1. 1. ERFENIS UIT EEN RIJK VERLEDEN Gabriele van Doorn• Het Oude of Nieuwe denken• Het Griekse denken• Het Aristotelianisme• Het Oude Egypte
  2. 2. Het Oude of Nieuwe denken.Dat prikkelt je toch tot een kritische beschouwing. Het is gewoon interessant om jezelfinzicht te verschaffen in andere, belangwekkende denkwijzen, die geschiedenisschreven, aan de wieg stonden van de westerse evolutie.Denkwijzen, die wij in ons dragen, die behoren tot onze wortels en die vandaag de dagvragen om erkenning en herkenning, in een wereld, die op tamelijk wazige manierspreekt over éénwording, zonder te beseffen hoe éénwording op maatschappelijk,cultureel of religieus gebied er precies uit zou moeten zien.Eenwording wil absoluut niet. zeggen dat je de groepsidentiteit moet loslaten of dat eenvolk zijn verworvenheden moet opgeven omwille van minderheden, die (tijdelijke?)toevlucht binnen de landsgrenzen zoeken. Vroeg of laat zal de groepsziel van dat volkzich daartegen verzetten op grond van puur natuurlijke, universele wetten.WAAROM zult U zich ongetwijfeld afvragen. Maar net nu, anno 2011, misstaat eenterugblik niet, temeer omdat in de voorafgaande millennia een waardevol verledentamelijk werd verguisd en verwaarloosd.Afgeschreven als een ‘barbaars’ verleden. Terwijl sedert de laatste decennia allerleivisies opdoken, die zogenaamd uit ons verleden zouden stammen, terwijl de werkelijkekennis hierover onvoldoende aanwezig is, zodat men naar believen eigen invullingen ofaanvullingen kan geven. Bovendien richtte de belangstelling zich nogal op het Oosten,op een ons minder vertrouwde cultuur en levensbeschouwing(en).Liever aanbod wat dichter bij huis. Bovenal omdat het veel meer deel uitmaakt vanons cultureel erfgoed, dan de wijsheid van welke Goeroe uit India dan ook.Ontegenzeggelijk is het interessant om kennis te nemen van wat de ‘Wijzen uit hetOosten’ te melden hebben, maar het mag niet leiden tot een negeren van ons eigenerfgoed of tot ‘cultureel identiteitsverlies’.Zonder voorbij te gaan aan de –voor ons- bruikbare visies vanuit het Oosten, mogen wijniet onze eigen afkomst vergeten. Terug naar een cultuureigen identiteit. Ze is onsonder meer gegeven door de Egyptenaren, de Grieken, de Joden, de Romeinen, deKelten, de Germanen, de Angel-saksen en de Franken.Alleen een volk, dat stevig met zijn geboortegrond verbonden is en zijn wortels in erehoudt kan op gelijkwaardige wijze omgaan met andere volkeren en vandaar eeneenwording bereiken, die op gelijkwaardig respect jegens elkanders cultuur berust.Ons mensdom sukkelt voort in de zalige veronderstelling, dat wij ons zo goed hebbenontwikkeld ten opzichte van ons barbaars verleden. Maar gezien de huidigemaatschappelijke puinhoop -waarin wij meer trachten te overleven dan echt te kunnenleven- past ons eerder de bezinning: zijn wij niet iets kwijtgeraakt en is ons denken inwerkelijkheid niet afgezakt tot het verschrikkelijke niveau van geestelijke armoede? Zijnwij niet geobsedeerd geraakt door uiterlijke vormen en verschijningen en hebben wijdaardoor niet het contact met onszelf en onze goddelijke oorsprong verloren?
  3. 3. Het Griekse denkenVergeten is de mathematica van de Babylonische astronomen, de toegepaste natuur-wetenschappen en de medische kennis der Egyptenaren, de wereldwijde ervaring enkennis op het gebied van navigatie der Foeniciërs en het enorme gedachtegoed van deklassieke Griekse filosofen. Helaas is bij de brand van de grote bibliotheek vanPtolemeus I te Alexandrië in het jaar 48 vóór C. het grootste deel der geschriften van degrote Griekse filosofen verloren gegaan. Slechts fragmenten konden moeizaamopnieuw verzameld worden en werden naderhand door berichten of verslagen van hunleerlingen aangevuld. Ongetwijfeld ging bij deze brand een onnoemelijke schat aankennis en wetenschap verloren.Het is veelbetekenend, dat het Griekse wijsgerig DENKEN zich over grote gebiedenverspreidde en men nu nog over die tijd spreekt als zijnde de tijd van de GRIEKSEBESCHAVING. Deze geestelijke verovering is nog het beste geformuleerd door deRomeinse dichter Horatius: "Het door het zwaard overwonnen Griekenland overwon hetlandelijke Latium met zijn wijsheid". Cicero kwam eveneens tot de conclusie dat Romein zijn geestelijk, artistiek en religieus leven een onderdeel van de Griekse wereldgeworden was, nadat de Romeinen Griekenland hadden ingelijfd als RomeinseProvincie (146 v.C): "Zo stroomt niet een aardig beekje uit Griekenland deze stadbinnen, maar de machtigste stroom vandie leerstellingen en kunsten."De eerste Griekse filosofie bevatte grondslagen op het gebied van geestelijkespeculatieve ontwikkelingen, die het wereldbeeld en de menselijke geest moestenbevrijden van vooroordelen van geloof en bijgeloof door het ontwikkelen van kennis enhet vrije denken.Religies zijn opgebouwd uit dogmas die individuele gedachten en onbewuste kennisverdringt en verbiedt door zijn, weinig variabele, inhouden op grote schaal teformuleren.Tegenover de bevrijding door het wijsgerig denken staan de religieuzeketenen van de angst en van schuld en boete!Praktisch al onze - door velen onterecht nieuw genoemde - kennis was in de oudheidreeds bekend.Demokritos van Abdera (460-370 v.C.) leerde toen al, dat de atomen -de a-toma, deondeelbare- niet verder deelbare, gevoelloze kleinste deeltjes waren van de materie,waaruit deze samengesteld was. Alles wat in de zichtbare wereld gebeurde wasonderhevig aan en ontstaan door aantrekking en afstoting van atomen, eindeloosin aantal, in eeuwig durende beweging. De onophoudelijke aantrekking enafstoting van atomen en de daardoor ontstane beweging beheersten het heelal envormde de basis van alles! "Slechts in onze verbeeldingskracht bestaat zoetheid enbitterheid, warmte en koude.....want in werkelijkheid zijn er slechts atomen en de legeruimte."Thales van Milete (ca. 550 v.C.) omschreef als levenswijsheid: "de mogelijkheidzichzelf te kennen" en als hoogste menselijke gerechtigheid: "zelf niet te doen, wat wijin anderen berispen....". Zijn lijfspreuk: KEN UZELF!Thales bezag het goddelijke als "wat aanvang noch einde heeft" en gaf als natuur-wetenschappelijkargument: "Uit het water en zijn bestanddelen heeft zich de wereldontwikkeld en het water is niet van alle dingen. slechts de aanvang, maar ook heteinde”.
  4. 4. Herakleitos (ca. 550-480 v. C.) "....uit alles het ene en uit EEN alles....", die Vuur alsoergrondstof beschouwde, schreef: "Vuur is de oergrondstof en alle natuurlijkeprocessen worden door het vuur omgezet".Hij verklaarde dat elke ontwikkeling een pad naar boven of beneden is, verdunning ofverdichting, verdamping (naar boven) of damp tot water (naar beneden). Alles bevondzich in een eindeloos, eeuwigdurend proces van worden en vergaan."Panta rhei: alles stroomt" "Wij zijn en wij zijn niet".Volgens zijn leerstelling was de wereld en ook de mens geen ogenblik hetzelfde. "Menkan niet tweemaal in hetzelfde water van de rivier afdalen".Hij verdedigde de stelling dat alles aan voortdurende verandering van het ALonderhevig is en iedereen daarin mee moet veranderen en dat het leren slechtsmogelijk was door het ervaren van de tegenstellingen: "Ziekte maakt gezondheidaangenaam en goed, honger verzadiging, moeite rust.... voor God is alles schoon engoed en rechtvaardig. Sommige mensen echter noemen onrecht wat anderenrechtvaardig noemen". Zijn wereld-ordening bestond uit het spel van alletegenstellingen.Volgens Pythagoras is de wereld niet te verklaren uit een stoffelijk beginsel, zoals hetwater of de lucht, maar uit een onstoffelijk, gedacht beginsel: het getal!"Het getal leidt en onderricht ieder met betrekking tot de dingen die hij niet of nietgeheel kent. Zonder het getal zou voor de mens alles op zichzelf of in verhouding totandere dingen onbegrijpelijk zijn".Ondanks dat de leer van Pythagoras veelal wordt bestempeld tot een uiterst fantastischen weinig wetenschappelijk getallenspel, waren hij en zijn leerlingen de grondleggersvan de rekenkunde, de mathematica en op het gebied van de sterrenkunde waren zijhun tijd ver vooruit. Hun wellicht grootste verdienste is de ontdekking dat het getaldatgene is wat het ongeordende ordent en het onbepaalde bepaalt. Tot vandaag dedag bepaalt de moderne natuurkunde -geheel in overeenstemming met de leer vanPythagoras- kwaliteiten door kwantiteiten, warmte door het aantal graden, kleuren doorhet aantal golflengtes, geluiden door het aantal trillingen, enz. enz.Maar Pythagoras wordt (evenals Plato) ook in verband gebracht met het bestuderenvan de reïncarnatiegedachte middels zijn leer der zielsverhuizing.Platos universele wijsbegeerte omvatte alle gebieden van het weten, ook de politiek.Hij geloofde niet in democratie; hij was een aristocraat, ook in zijn denken. Voor Platowas het ontwikkelen van de verbeeldingskracht, het voorstellingsvermogen, hetbelangrijkste doel van zijn onderwijs.Het door hem ontwikkelde begrip idee moest het gemeenschappelijke van alle dingenvan dezelfde soort uitdrukken.Voor hem was de natuur niets anders dan een afbeelding, een vergankelijkeweerspiegeling van de zuivere, onvergankelijke eeuwige ideeën.In de "antieke" tijd werden op grote schaal denkbeelden, geloofsbelevenissen enreligies uitgewisseld door middel van reizen en reisverhalen, door het zelf teonderzoekenof van horen-zeggen. Alles wat tot de verbeelding van de denkers en onderzoekerssprak vermengde zich met hun eigen godsvoorstellingen.
  5. 5. Pythagoras en Plato raakten helemaal in de ban van de reïncarnatiegedachte van hetIndische geloof en de Babylonisch-Chaldese priestervisioenen spraken net zo tot deverbeelding van de Griekse denkers als het geloof in eeuwig leven van de Egyptenaren.Natuurlijk werd in de oudheid het vrije denken van overheidswege ook wel eens alsgevaarlijk ervaren en bepaalde visies onderdrukt, door de boodschapper ervan af teknallen.Anaxagoras (500-428 v.C.) moest vluchten uit Athene, wilde hij niet voor godslasteringterechtgesteld worden. Anaxagoras had de zon -die als de god Helios aanbeden werd-beschreven als een gloeiend hete massa die in werveling was en tevensverantwoordelijk voor de beweging van de oerzaden: vuur, water, lucht en aarde. Ookverkondigde hij, dat er in de sterrenwereld mensen en andere levende wezens waren.Zijn tijdgenoot Protagoras werd verbannen omdat hij in zijn boek "Over de Goden"schreef: "Van de goden kan men niets weten, noch dat zij er zijn, noch dat zij er nietzijn. Want velerlei verhindert ons dit te weten; zowel de duisternis van deze zaak als dekortheid van het menselijk leven".Hij lanceerde ook de oriënterende filosofische formulering: "De mens is de maat vanalle dingen".Socrates werd ter dood veroordeeld -gedwongen de gifbeker met dolle kervel tedrinken- omdat hij de jongeren bedierf, zich tot nieuwe goddelijke wezens wendde enhet had over de goddelijke stem in hem. AristotelianismeToch stonden deze denkers min of meer aan de wieg van een algemene erkenning, datelk volk zijn eigen godheden of een godheid had; dat dit geloof uit zichzelf gevormdwerd en volgens een ritus tot een aanbidding kwam.Maar geloof vraagt om ordening en wanneer het godsgeloof alléén niet toereikend is,kan het door weten vervangen worden? De ene leerstelling na de andere werd door deonderzoekers van de geest beproefd, beredeneerd, getoetst. Vervolgens verworpendoor de ene of aangenomen door de ander.Helaas is het de koele, van alle fantasie gespeende visie van de stotterende en zwakter been zijnde zoon van een hofarts aan het Macedonische hof , die tot laat in demiddeleeuwen van kracht bleef.Aristoteles was de eerste stoere verzamelaar van de wetenschap, maar ook degenedie in zijn codificatie tegen alle filosofen en tegen alle leermeesters van zijnwetenschap aan heeft getrapt.In zijn generaliserende conclusies hebben zich juistheid met fouten vermengd. Delogica was zijn denkleer en op streng systematische wijze legde hij regels op die demens in zijn denken moet volgen om tot de juiste gevolgtrekking te komen.Men heeft Aristoteles de Vader van de Logica genoemd, doch die eer komt feitelijkSocrates toe. Aristoteles is mijn inziens de Vader van de Beperking. Hij heeft dewetenschappelijke bewijsvoering teruggebracht tot vaststaande, algemeen geldendebegrippen; begripsbepalingen ingedeeld en onderscheid aangebracht door ze naarklasse en soort in te delen. Veel verslagen van historische gebeurtenissen werden doorhem verwezen naar het rijk der mythen en bestempeld tot fictie.
  6. 6. Voor Plato had de mythe wel degelijk een functie en wel, om een waarheid mee tedelen, die op een andere wijze moeilijk kon worden overgebracht.Aristoteles echter ontkende dat mythen feiten bevatten en bestempelde mythen kortwegals onwetenschappelijk en hij kan daarom even zo goed beschouwd worden als degrondlegger van de Grote Ontkenning, die het mensdom voor meer dan 2000 jaarin onwetendheid omtrent zichzelf, zijn afkomst en zijn leefwereld zou storten.Hij verbande de mythe naar de literatuur en benutte de mythe als een mogelijkheid omde spanningen -ontstaan door het ontkennen van de historische waarheid- te verlichten.Dank zij Aristoteles diende de mythe nog slechts als psyschocatharsis, de emotionelebevrijding door middel van treurspelen om de onrust vanuit het onderbewustegeheugen te kanaliseren en te verklaren.Zowel het Christendom als de Islam stonden onder invloed van het Aristotelianisme en -naast de religieuze dogmas en zware kerkelijke censuur - werd de menselijke geesteveneens gekluisterd door de wetenschappelijke dogmas van Aristoteles tot aan de tijdvan Tycho de Brahe en Johannes Keppler.Het is te danken aan de verschillende geheime genootschappen zoals de Tempeliers,de Maltezer Orde en vooral de Aloude Mystieke Orde Rosae Crusis (AMORC) dat veelvan de oude, geheime kennis bewaard kon blijven en dat hele archieven viaondergrondse bewegingen voor vernietiging gespaard werden. Daarvoor hebben velemensen hun leven gegeven, achtervolgd en uitgemoord door de legers van de diversePausen.Bij tijd en wijle lukte het vooral de Rozenkruisers Orde (niet te verwarren metde vele Rozenkruisers genootschappen en aanverwante groeperingen) om -praktischonder de neus van de door Rome beheerste machthebbers- hun kennisgecodificeerd te verbreiden en als het ware schaduwarchieven aan te leggen.Als Alchemisten waren zij zogenaamd op zoek naar de formule om lood te veranderenin goud. Veel (Rozenkruisers) Alchemisten wisten zich goed verstopt tussen anderezich alchemisten noemende kwakzalvers en konden middels versluierde formuleringeneen groot deel van de geheime kennis en wetenschappen behoeden voor vernietiging.Een andere ideale verstopplaats was de literatuur. Sir Francis Bacon1 schreef onderde naam Christian Rosenkreutz het -nu internationaal beroemde- boek "FamaFraternalis". Door de ontdekking van de geheime code in dit manuscript en deverschillende erkende geschriften over geheime codes, ontdekte men verder dat Baconde beroemde toneelstukken schreef, die toegedicht werden aan degene, die zeopvoerde: Shakespeare! Onderzoeken van de originele manuscripten gaven niet alleende naam en titels van Bacon vrij, maar ook de Rozekruisers- en Baconsymbolenwerden als watermerken in het papier en de stukken gevonden.1 Sir Francis Bacon, Baron Verulan, Burggraaf St. Albans (1561-1626) was engelsstaatsman, filosoof en rechtsgeleerde;hij bekleedde hoge posities onder Elisabeth I en koning Jacobus I. en was degrondlegger van het empirisme in de moderne filosofie. Hij beschouwde ervaring als deenige, zuivere bron van kennis, inductie (redenering waarbij uit kennis of waarnemingvan een aantal gevallen conclusies worden getrokken) als de juiste kennismethode. Zijnmeest bekende publicatie onder eigen naam: Novum Organon, het Nieuwe Werktuig.
  7. 7. Een andere Rozekruiser gebruikte eveneens de literatuur om zijn lezers in zeerpopulaire vorm vertrouwd te maken met bepaalde principes en mogelijkheden: JulesVerne! Evenals Plato gebruikte hij de mythe, de fictie om mensen met bepaalde kennisin aanraking te brengen.Het verstoppen en verbergen van de enige, ware kennis behoorde eveneens tot deRozekruisers ervaring en erfenis uit het Oude Egypte. Dat zulks nodig was werd helaasmaar al te vaak bevestigd! Het oude EgypteIn de vroege oudheid besloten de oude Wijzen van Egypte het Godsbegrip -waarinduidelijk het geloof aan één God, één Oorsprong vaststond- onder te verdelen in eenaantal begrippen en uitingen die vooral de Goddelijke veelzijdigheid moestenuitdrukken. Zij noemden deze aparte op zichzelf staande eigenschappen NETERS. Omdeze karaktereigenschappen of uitingen uit te diepen en duidelijk te maken aan hetongeletterde volk, gaven zij deze Neters de eigenschappen en uitdrukkingsvormen vandieren, aangezien dieren statisch zijn en praktisch niet veranderen in de loop der tijd.Bovendien waren dieren ook van Goddelijke oorsprong en hadden hun eigen plaatsbinnen het Goddelijk Concept. De Egyptische Goden waren de intermediairs tussen deoorspronkelijke God en de mensen, ze dienden om de afstand tussen God en zijnschepping te overbruggen.Farao Achnaton (Amenhothep IV) wilde het uiterlijke monotheïsme vorm geven in degestalte van de zonnegod Ra, doch deze wereldvreemde heerser moest het onderspitdelven tegen een machtige priesterkaste.Maar al lang vóórdat Farao Achnaton het ogenschijnlijke veelgodendom probeert tebestrijden, is het begrip monotheïsme terug te vinden binnen een stroom van tekstendie de Ingewijden doorgaven binnen de heiligdommen van de Mysteriescholen bijzekere tempels, zoals die van Heliopolis en Memphis. Het filosofisch basisbegrip waseen ENIGE GOD die de wereld schiep door zijn Woord en het Leven opriep in al zijnvormen. Dit begrip was verborgen in het onderwijs van de verschillende scholen onderde dikwijls vreemde vormen van de ontelbare Godheden van het Egyptische Pantheon.De Egyptische godsdienst benaderen is binnenstappen in een wereld van opmerkelijkerijkdom, maar ook van opmerkelijke ingewikkeldheid. Wij staan voor een enormehoeveelheid aan rituelen, manifestaties en Neters, die onder hun dierlijkeverschijningsvorm een diepe reflectie en een wijsheid verbergen, waarin zowel hetvolksgeloof als de enorme kennis van de Ingewijden is vastgelegd.Het Egyptische geloof is gebaseerd op het absolute geloof, op de zekerheid van hetEEUWIGE LEVEN en leert, dat God niet de God der doden is, maar de God derlevenden. In dit opzicht is het Egyptische DODENBOEK zeer beduidend. De vertalingvan deze titel is zo veelzeggend, omdat de juiste titel "De hoofdstukken over de Uitgangnaar het Licht" was. Dit boek is in werkelijkheid een leerboek over het leven van demens en zijn plaats in verhouding tot het Kosmische, waar het referentiebeeld de Zonis, de bron van al het stoffelijk leven.De manier van kennisoverdracht binnen de Egyptische Mysteriescholen geschieddeuitsluitend middels tempelritualen en natuurwetenschappelijke experimenten. VeleGriekse filosofen behoorden tot de Ingewijden van deze oude Egyptische Mysterie-
  8. 8. scholen en gaven hun aldaar opgedane kennis door aan hun leerlingen. Kennis die totop vandaag de dag gelukkig voor een groot deel bewaard is gebleven en langzaam aanweer prijs gegeven wordt. Dit proces is moeizaam op gang gekomen.De kennis van de Egyptenaren was enorm: zo kenden zij b.v. al de elektriciteit voormedische doeleinden. De Egyptenaren bezaten bovendien al kennis van onzebloedsomloop. Toen de Rozekruiser-arts William Harvey (1578-1657) met deze theorienaar buiten kwam, nadat hij zelf proefondervindelijk deze kennis op zn juistheid hadonderzocht, werd hij doorzijn collegae binnen de medische stand -in figuurlijke zin-neergesabeld en verguisd.De Rozenkruiserfilosoof Albert Einstein werd op het juiste spoor gezet van dekwantum-mechanica en kon zijn relativiteitstheorie verder uitwerken nadat hij degrondbeginselen daarvan gevonden had in de bewaard gebleven archieven van deEgyptische mysteriescholen.Helena Petrovna Blavatsky (1831-1891) was een Russisch-Duitse Theosofe, die in1875 -samen met kolonel Olcott- de Theosofische Vereniging oprichtte. In de ruimstezin kan men de Theosofen ook als leerlingen en zoekers naar eeuwige waardenbeschouwen. Madame Blavatsky (zoals iedereen haar noemde en nog steeds noemt)schreef onder meer De Geheime Leer, Sleutel tot de Theosofie en Isis Ontsluierd. Indeze boeken is een enorme hoeveelheid geheime kennis bijeengebracht van deOosterse Adepten, maar ook de grondslagen van het geheime onderricht van Heliopolisen Memphis. Zij verantwoordt haar publicaties met: "Het is de bedoeling strikt rechtvaardig te zijn zonder haat of vooroordeel. Doch het betoont noch genade aan ten troon geheven dwaling, noch eerbied voor aangematigd gezag. Het vraagt voor een beroofd verleden díe waardering wat daarin is tot stand gebracht, die maar al te lang daaraan is onthouden. Het eist teruggave van geleende veren en rechtvaardiging van belasterde, doch roemrijke reputaties. Op geen enkele godsdienstvorm, geen enkel godsdienstig geloof, geen enkele wetenschappelijke onderstelling is de kritiek in andere geest uitgeoefend. Mensen en partijen, sekten en scholen zijn ware ééndagsvliegen in het leven der wereld. De WAARHEID hoog gezeten op haar diamanten rots alleen is eeuwig en goddelijk. Wij geloven niet in een magie, die de omvang en het vermogen van de menselijke geest te boven gaat, evenmin in wonderen, hetzij goddelijke of duivelse, indien deze wonderen een overtreding veronderstellen van de natuurwetten die in alle eeuwigheden bestaan hebben….."Geraadpleegde literatuur: Lesmateriaal AMORC academie en de ARCANE School, Egyptian Mythology, Paul Hamlyn Goden, Graven en Geleerden van C.W. Ceram Isis ontsluierd en de Geheime Leer van H. Blavatsky Eigen aantekeningen van studies

×