20081126 Web2 Crash Course Kristof

  • 598 views
Uploaded on

 

  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
  • hi
    Are you sure you want to
    Your message goes here
No Downloads

Views

Total Views
598
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1

Actions

Shares
Downloads
0
Comments
1
Likes
1

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide
  • In 'Web 2.0 : advanced topics' maakt Kristof Michiels een actuele stand van zaken op over dit ondertussen welbekende social computing fenomeen. Thema empowerment…

Transcript

  • 1. Crash Course Web 2.0 Hands-on vorming over het opzetten of uitbreiden van een website met web 2.0 technologieën Kristof Michiels IBBT-SMIT- Vrije Universiteit Brussel – [email_address]
  • 2. Web 2.0: veel marketing-speak
  • 3. Web 2.0: analogie met periodes uit de geschiedenis
  • 4. Web 1.0 – verbinden van informatie
    • Beschrijft de fase vóór de dotcom zeepbel barst in 2001-2002
    • Denk:
      • P ortals
      • P ersonal web sites
      • Statische pagina’s
      • ...
  • 5. Wat is ‘web 2.0?’
    • ‘ Nieuwe generatie internet toepassingen’
    • Combinatie technologische, economische en sociale factoren
    • Gedreven door de (actieve) eindgebruiker, binnen een architectuur van samenwerking, sfeer van “empowerment”
    • “ Genetwerkte digitale ruimte”
      • Decentraal en open
    • WWW -> interactief, read/write-platform -> ook mobiel
  • 6. ‘ Web 2.0’ in cijfers
    • DS – 3 nov 2008: Insites
      • 2,2 miljoen Belgen maken gebruik van een sociaal netwerk
      • = 40% van surfende volwassen bevolking
      • T er vgl. GB: 2 op 3
      • 1. Facebook (1/3)
      • 2. LinkedIn (1/4)
      • 3. Netlog (1/7)
      • 4. MySpace (1/10)
  • 7. ‘ Web 2.0’: Drivers
    • Kaap 1 miljard mensen online wereldwijd
    • Toegenomen gebruik van breedband
    • Explosief stijgend aantal mobiele devices
    • Evolutie naar: pervasive/ubiquitous/always on internet
    • Merendeel: -30 jarigen
  • 8. ‘ Web 2.0’: globaal platform
    • Meeste voorbeelden zijn globale platformen
    • Met voldoende kritische massa aan gebruikers
    • Hebben genoeg aan globaal niche-publiek
    • Kritische massa blijft een probleem voor lokale niche-initiatieven
  • 9. Technologisch
    • Bundeling van aantal bestaande technologieën
      • Bruikbaar door toegenomen standaardisering vh web
      • Bvb. Ajax
    • Software als dienst, WWW als platform
    • Productie- en infrastructuurkosten gedaald
      • Commodity hardware
      • Open source
      • Eeuwige beta
  • 10. Economisch
    • Economisch spel van internet start-ups en overnames
      • Bvb. Youtube door Google
      • Zeer recent: mybloglog.com door Yahoo
    • Strijd om het platform en de kritische massa
    • Nieuwe business modellen!!!
      • - En de moeilijkheid om profitable te worden
  • 11. Strategische openheid W in-win situatie bij het delen van informatie
  • 12. Vooral een sociaal fenomeen
    • Mens is sociaal wezen: functioneert binnen een netwerk
    • Internet faciliteert dit en maakt contacten leggen buitengewoon eenvoudig
    • Veel toepassingen vallen of staan met door gebruikers gecreëerde inhoud, die met andere gebruikers gedeeld wordt en door automatische aggregatie nieuwe betekenissen krijgt
    • M ensen vormen ‘groepen’
  • 13. User-Generated Content User-Generated Content
    • Evolutie naar een conversatiemodel dat het traditionele broadcast-model vervangt
    • “ The people formerly known as the audience”
    • Media-content, publiekelijk beschikbaar, geproduceerd door eindgebruikers
    • “ Mythe” van de cre ërende eindgebruiker
    • Moeilijk monetizeerbaar
  • 14. Web (2.0) minus de technologie
    • Gaat lang niet enkel om de faciliterende technologie ...
    • Is vooral een fundamentele paradigmawijziging
      • Veranderende omstandigheden, uitdagingen: disruptie
      • Ingrijpende nieuwe mogelijkheden: empowerment
        • Zowel voor individuen als voor instellingen
        • Creëren, publiceren, delen, verbinden en interactie
      • Open en transparant e manier van denken en handelen
  • 15. Empowerment: User-generated content op weblogs, YouTube,...
  • 16. Empowerment: drempel tot de technologie verlaagt: ning, RoR
  • 17. Widgets
  • 18. Digitale culturele ruimte Genetwerkte digitale (culturele) ruimte
  • 19. Web 2.0 - technologisch
    • Programmable web, web van data:
      • API’s
      • RSS feeds
      • Mashups
    • Robuuste Web Services (Amazon, S3, EC3)
    • Cloud Computing
    • Programmable social graphs (Facebook, OpenSocial)
    • Sociale netwerkplatformen (SNS-OS)
  • 20. Het web is een platform geworden
    • Virtueel verbinden van data binnen “digitale culturele ruimte”
    • Gedecentraliseerd model / instellingen blijven eigenaar data
    • Complexe verbanden, “ecologie” van culturele informatie worden mogelijk
    • Maakt culturele vernieuwing mogelijk
  • 21. Mechanical Turk
  • 22. Relevantie voor (e-)cultuur?
    • Netwerksamenleving is een realiteit...
    • Missie: ‘toegang verschaffen tot cultuur’
    • Veel cultuur ontstaat op nieuwe (digitale) plaatsen
    • “ Toeschouwer bepaalt mee de betekenis van het kunstwerk.” (Duchamp)
  • 23. Banksy
    • “ Art is not like other culture because its success is not made by its audience. The public fill concert halls and cinemas every day, we read novels by the millions and buy records by the billions. We the people, affect the making and the quality of most of our culture, but not our art. The Art we look at is made by only a select few.”
    • “ A small group create, promote, purchase, exhibit and decide the succes of Art. Only a few hundred people in the world have any real say. When you go to an Art gallery you are simply a tourist looking at the trophy cabinet of a few millionaires.” (Banksy.co.uk)
  • 24. Content in overvloed: de curator Content
    • Informatieaanbod is enorm
    • Content is commodity geworden
    • Virtueel kan elk denkbaar onderwerp wel ergens aangesneden worden
    • We evolueren in de richting van een “attention crash”
  • 25. Content in overvloed: de curator Content in overvloed: de curator
    • Digitale curator maakt keuzes, distilleert het meest relevante
    • Is meer dan een aggregator!
    • Meer dan een editor of gatekeeper
    • Kundig binnen een domein, niet per se professioneel.
  • 26. Instelling x http://flickr.com http://last.fm http://twitter.com http://technorati.com API API API API API RSS blogosfeer Dialoog tussen organisatie en publiek
  • 27. API API API API API RSS Instelling y Instelling z Actor a RSS RSS RSS RSS Kruisbestuivingen tussen organisaties Instelling x
  • 28. Aggregatie – information overload - friendfeed
  • 29. Instellingen: van gatekeeper naar curator en gids
    • De expertenrol koesteren en deze ook spelen
    • Uit het enorme aanbod:
      • Selecteren: CURATOR
      • Structureren, verbinden en duiden: GIDS
    • Zonder uitsluitend gatekeeper te zijn die bepaald wat de participant te zien krijgt
    • Het publiek laten meegidsen
    • Hub-functie vervullen -> ‘community discovery’
  • 30. Contact: sociale netwerken
    • Facebook: social network application
      • Facebook platform: marktplaats voor 1000en third party toepassingen
      • Zeer aantrekkelijk voor app bouwers: miljoenen gebruikers
      • Marketing rond de social graph!!!
      • Social Networking OS
      • Kijken zeer aggressief richting mobiele markt: iPhone app, Blackberry app
      • Belangrijkste mobiele platform van de nabije toekomst?
    • Twitter: microblogging, (mobile) lifestreaming
  • 31. Contact: sociale netwerken
    • “ Main point of content is to offer people the opportunity to socialize. Content is an excuse for people to interact. ” (Douglas Rushkoff)
    • Ziet media als het landschap waarin deze interactie plaats grijpt en beschouwt geletterdheid als de mogelijkheid om hierin bewust te participeren.
    • Vanuit dit standpunt zijn in deze interactieve omgeving contact en context king , veeleer dan content.
    • “ Main threat for traditional publishers is Facebook not Google” (Stephen Abram)
  • 32. Culturele instellingen als (virtuele) sociale ontmoetingsruimte
    • Ruimte voor o.m. dialoog tussen:
      • Participant
      • Medewerkers instelling
      • Kunstenaars
    • Plaats waar die dialoog plaatsgrijpt is in grote mate irrelevant
    • Ook geen enge opsplitsing maken tussen virtuele en reële cultuurparticipatie
      • Beiden zijn complementair en groeien naar elkaar toe
  • 33. De toekomst: ubiquitous computing
  • 34. Nieuwe thema’s en mogelijkheden
    • Mobile 2.0
      • = Everywhere + Always + Personal = Everyware
      • Experimenten rond key-elements:
        • Context, Location, Presence
        • “ UGC-creatie op het moment van de inspiratie”
        • Lifestreaming/micro(b-v)logging
        • Social network/identity/trust
      • Brug tussen fysieke en virtuele wereld:
        • GIS
        • Socio-semantic internet of thing
  • 35. Nieuwe diensten ontstaan
    • Een mobiele dienst uit de Yahoo Labs (Alpha fase)
    • Houdt de geolocatie bij van elke gebruiker
    • Zorgt voor updatesoftware voor verschillende devices en platformen
    • Bouwt een sociale laag rond dit gegeven (privacy, trust, reputatie)
    • Resultaat:een service bedoeld voor mobiele applicatiebouwers
  • 36. Web 3.0? Web 2.0 + Semantic Web Web 3.0
    • Web 2.0: pragmatisch informatieovervloed te lijf gaan, en er tegelijkertijd ook zelf toe bij te dragen
    • Web 3.0, met behulp van Semantic Web de informatiestroom beheersen?
      • Logisch redeneringsvermogen voor software agents, intelligente toepassingen in dienst van de mens
      • Web werkt naadloos doorheen verschillende platformen, interoperabel
  • 37. Twine.com
  • 38. Internet of Things – Tikitag – Mir:ror
  • 39. Bedankt!
    • Tijd voor vragen…
    • Kunnen ook via e-mail: [email_address]
    • Web: http://www.ibbt.be en http://smit.vub.ac.be
    • Binnenkort:
      • http://twinic.com
      • http://airgraffiti.com