• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
10.G Rozenbloem - deze keer wél 10 bloeiende generaties? - Hoofdstuk 2.11
 

10.G Rozenbloem - deze keer wél 10 bloeiende generaties? - Hoofdstuk 2.11

on

  • 795 views

 

Statistics

Views

Total Views
795
Views on SlideShare
783
Embed Views
12

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

2 Embeds 12

http://lj-toys.com 10
http://l.lj-toys.com 2

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    10.G Rozenbloem - deze keer wél 10 bloeiende generaties? - Hoofdstuk 2.11 10.G Rozenbloem - deze keer wél 10 bloeiende generaties? - Hoofdstuk 2.11 Presentation Transcript

    • Na de vakantie vervalt het leven al snel weer in zijn dagelijkse patroon. Al gaat dat voor sommigen wat gemakkelijker dan voor anderen. Eline voelt zich sinds het ‘incident’ met Steven een stuk onzekerder, en dat zit haar erg dwars. Op school durft ze haast niet meer met jongens te praten, bang om zichzelf voor schut te zetten, en zo is ze eigenlijk helemaal niet. Ze probeert het voor iedereen te verbergen, maar diep vanbinnen is ze er nog niet overheen. Daarom richt ze zich op andere dingen, om bezig te blijven.
    • Diederik is ook weer druk bezig, maar deze keer let hij er wel op dat hij niet weer te ver gaat, zoals voor de vakantie naar Twikkii Eiland. Af en toe moet hij daar wel moeite voor doen, zeker nu ze in het ziekenhuis bezig zijn met vergaderen. De huidige Chef de Clinique gaat met pensioen, en er moet een nieuwe aangewezen worden. En laat één van de kandidaten nou net Diederik zijn… Diederik wil de promotie natuurlijk heel erg graag, want dat zou betekenen dat hij zijn levenswens zou behalen.
    • Maar hoe spannend en groots dat ook is, de meeste familieleden zitten met hun hoofd ergens anders. Het duurt namelijk niet lang meer voor Eline naar de universiteit zal verhuizen. “Kom je dan nooit meer terug?” vraagt Simon een beetje verdrietig als ze het er op een avond over hebben. Eline lacht. “Tuurlijk kom ik nog wel terug, gekkie. Ik kan mijn kleine broertje toch niet zo lang missen, of wel soms? En bovendien ben ik daar ook niet voor altijd. Na het studeren kom ik gewoon weer terug naar Tisse.”
    • Simons gezicht klaart op. “Gelukkig maar. Kom je dan ook voor mijn verjaardag?” Eline lacht weer. “Dat duurt nog hartstikke lang, maar ik beloof dat ik er dan zal zijn, oké?” “Oké,” zegt Simon met een grote glimlach. Hij was al bang dat hij z’n zus nooit meer zou zien.
    • Emma glimlacht terwijl ze aan het koken is. Ze is blij dat Eline en Simon goed met elkaar op kunnen schieten, ondanks het grote leeftijdsverschil. Jammer genoeg lijkt dat iets minder op te gaan voor Simon en Carmen… Simon doet erg zijn best, maar Carmen lijkt haar broertje gewoon echt niet te mogen, en dat vindt Emma vaak best lastig om te zien.
    • Op dat moment zit Carmen peinzend op de bank. Ze zal het niet toegeven, maar ze vindt het heel erg jammer dat Eline binnenkort uit huis zal gaan. Ze zijn best close, zeker na alles wat er op Twikkii is gebeurd. Maar als Eline weg gaat, blijft Carmen alleen over. Ja, ze heeft haar broertje nog, maar die is gewoon irritant. Carmen fronst haar wenkbrauwen. Ze weet ook wel dat ze een beetje oneerlijk is tegenover Simon, maar ze kan er gewoon niet zo goed tegen dat hij het met iedereen schijnt te kunnen vinden, en Eline opeist. “Diederik, Carmen, komen jullie eten?” klinkt Emma’s stem dan vanuit de keuken.
    • Met een zucht staat Carmen op, en loopt ze naar de keuken, waar een schaaltje salade al voor haar klaar staat. Na even over de afgelopen dag te hebben gepraat – school, werk, enzovoorts – landt het gesprek toch weer op de universiteit.
    • “Heb je je beurzen eigenlijk al aangevraagd?” vraagt Diederik. Hij is degene die Eline helpt met de financiële kanten van de verhuizing.
    • Eline schudt haar hoofd. “Nee, dat wilde ik vanavond gaan doen. Dat is toch nog wel op tijd?” Even kijkt ze bezorgd. Diederik knikt geruststellend. “Maak je maar geen zorgen, je kan het zelfs nog een dag van te voren doen.” “Oké, dan is het goed,” zegt Eline opgelucht. Ze was het eigenlijk al bijna vergeten, die beurzen.
    • “Is alles met je kamer ook allemaal geregeld? Moeten we nog mee om meubels te kopen?” vraagt Emma dan. Eline knikt. “Ja, mam, dat is al een poosje terug geregeld. En je hoeft niet mee, hoor. In mijn kamer staat alles wat ik nodig heb, en dat hoeft ook niet het beste van het beste te zijn. Zodra Alex er ook is verhuizen we naar het Rozenbloemhuis.” “Ja, dat is ook zo. En als je iets nodig hebt kun je daar altijd wel iets kopen,” zegt Emma. “Ik vind het gewoon allemaal zo spannend. Mijn kindje die naar de universiteit gaat!”
    • Carmen rolt met haar ogen richting Eline. “Ze kan heel goed voor zichzelf zorgen, hoor, mam. En anders ben ik er over een poos ook om haar in bedwang te houden.” Eline lacht schamper. “Ik denk dat het eerder andersom is, Car.” Carmen lacht ook, en voelt zich al een stuk beter dan eerst. Ze moet zich gewoon niet zo aanstellen. En bovendien, over een tijdje mag zij ook naar de universiteit, en daar zal ze de tijd van haar leven hebben, dat weet ze nu al.
    • Die avond kruipt Eline, zoals gezegd, achter de computer om haar beurzen aan te vragen. Na even zoeken vindt ze de juiste internetpagina om dat te doen, en na een aantal dingen ingevuld te hebben krijgt ze gelijk te horen voor wat voor beurzen ze in aanmerking komt. Blij sluit Eline de computer af, doet ze alle lichten uit, en gaat ze naar boven, naar bed.
    • Met een tevreden gevoel stapt Eline haar bed in. De universiteit zal een plek zijn voor haar om opnieuw te beginnen. Daar kan ze dat hele gedoe met Steven vergeten. Niemand kent haar op de Keizer academie, dus ze zal zich daar opnieuw moeten bewijzen, laten zien wie ze is. En dat zal haar lukken ook. ~*~
    • “Wanneer raak je dat vieze bruine kleurtje nou eens een keer kwijt?” vraagt Daan op een middag als hij met Alex aan het schaken is. “Vies? Hoezo vies?” vraagt Alex veronwaardigd. Daan haalt zijn schouders op. “Het past helemaal niet bij je. Net alsof je poep op je gezicht hebt.”
    • Yasmine proest het uit na die opmerking. “Wat?” zegt Alex. “Vind jij het ook niet mooi?” Yasmine kijkt op van haar boek. “Nee, dat is het niet. Ik ben je zo alleen helemaal niet gewend, dat is alles.” Dan richt ze zich gauw weer op haar boek.
    • Alex gromt. “Nou, mooi is dat. Het ziet er dus gewoon niet uit. En ik heb er nog wel zo mijn best op gedaan op Twikkii. Hopelijk gaat het snel weer weg.” “Kijk, bij Carmen staat het wel weer mooi,” zegt Daan serieus. “Maar ja, dat is anders.” “Hoezo is dat nou weer anders?” vraagt Alex. Daan denkt even na, maar haalt dan zijn schouders op. “Gewoon.” Alex zucht. “Wat heb ik daar nou weer aan.”
    • Alex heeft tegenwoordig een druk leven. Behalve school en huiswerk heeft hij immers ook nog een baantje. Hij werkt als archivaris bij de rechtbank in Tisse, en het baantje bevalt hem goed. Niet omdat het werk nou zo leuk is – want dat is het niet – maar het verdient erg goed voor iemand van zijn leeftijd. Bovendien zijn er mogelijkheden tot promotie, wat natuurlijk nooit weg is.
    • Alex denkt trouwens ook veel na over het vertrek van Eline naar de universiteit. Eline is toch zijn beste vriendin. Hij heeft op school ook wel vrienden, maar hij kan met niemand zo goed praten als met Eline. Hij zal haar dus best gaan missen als ze op de academie is. Hij kan er nu nog zomaar even heen lopen, maar dat zal niet lang meer duren… ~*~
    • Eline is al vroeg op vanochtend. Vandaag is namelijk haar laatste schooldag op de middelbare school – morgenochtend vroeg vertrekt ze naar de universiteit. Ze is nu toch best wel zenuwachtig. Ze zal helemaal alleen de wijde wereld intrekken. Nou ja, de wijde wereld… De universiteit is natuurlijk wel iets anders, maar toch, ze zal zich zelf moeten gaan redden.
    • Niet veel later worden Emma en Diederik ook wakker. Na even genietend in elkaar armen te hebben gelegen, komen ze overeind. “Kan je het geloven? Onze oudste dochter gaat morgen al naar de universiteit,” zegt Emma. Diederik knikt. “Het is ongelooflijk hoe snel de tijd is gegaan.” “En dan ga jij vandaag ook nog eens je levenswens behalen,” zegt Emma met twinkelende ogen.
    • Na die woorden wordt Diederik gelijk weer zenuwachtig. “Zeg dat nou niet! Misschien kiezen ze wel heel iemand anders, dat weet je niet.” Emma slaat haar armen om hem heen. “Ze kiezen jou, en dat weet je zelf ook. Je bent gewoon de beste keus!” Diederik gromt even. Hij wil het niet toegeven, want wat nou als ze hem toch niet kiezen? Toch slaat hij zijn armen om Emma heen, en houdt haar stevig vast. “Ik heb vanavond ook nog een klusje te klaren,” zegt Emma dan met een zucht.
    • Diederik kijkt haar verbaasd aan. “O ja? Wat dan?” “Ik moet nog met de meiden praten, weet je nog?” antwoordt Emma. “Och ja, dat is ook zo. Weet je zeker dat ik er niet bij hoef te zijn?” Emma knikt. “Ja, ik doe het wel alleen. Als jij Simon dan even bezighoudt… Ik wil niet dat hij zich buitengesloten gaat voelen, maar hij is gewoon wat te jong.” “Ik begrijp het,” zegt Diederik. “Ik heb hem toch nog beloofd dat ik hem zou helpen met zijn huiswerk, dus dat komt wel goed.” Dan slaat hij zijn armen weer om Emma heen.
    • Beneden zit Simon inmiddels al helemaal aangekleed te spelen. Hij vindt het ook jammer dat zijn zus morgen ochtend weg gaat, maar hij denkt er even niet aan. Hij is veel te geconcentreerd zijn toren aan het bouwen en hij zit ook met zijn hoofd al weer bij school.
    • Carmen, daarentegen, denkt er wel over na. Ze voelt zich weer een beetje verdrietig. Nu is het toch echt bijna zover. Vanaf morgen is zij het oudste kind in huis… En zal ze haar grote zus moeten missen. Carmen schudt haar hoofd. “Niet zo sentimenteel, mens,” zegt ze, en dan zet ze haar gedachten op iets anders. Al snel komt ze uit bij de nieuwe jongen bij haar in de klas. Hij leek wel geïnteresseerd in haar, en hij is zeker niet lelijk, dus wie weet…
    • Als Emma gedouchet en aangekleed is gaat ze beneden in de kamer zitten. Eline zit wiebelig op haar stoel, zenuwachtig als ze is. “Lien? Ik wil vanavond als ik weer thuis ben even met je praten, en ook met jou, Carmen,” zegt ze er wat harder achteraan. “Het is belangrijk, dus zorg wel dat je thuis bent.”
    • “Is goed,” zegt Carmen vanaf haar schildersezel. “Ik heb geen plannen voor vanavond, dus ik ben gewoon thuis. Waar gaat het over?” “Dat hoor je vanavond wel,” antwoordt Emma. Carmen haalt haar schouders op. “Ook best.”
    • Eline fronst even haar wenkbrauwen. “Ik wil eigenlijk vanavond nog even naar Alex, om afscheid te nemen voor ik morgen ga.” Emma knikt langzaam. “Kan dat vanmiddag na school niet?” “Nee,” zegt Eline. “Hij moet vanmiddag werken. Kan dat gesprek niet ietsje later? Ik beloof dat ik op tijd thuis ben.” Emma zucht. “Oké, is goed. Maar wees echt niet te laat, want het is belangrijk, zoals ik al zei.”
    • Dan klinkt de toeter van de schoolbus. Eline geeft haar moeder een zoen en loopt dan in gedachten richting de bus. Wat is er zo belangrijk dat haar moeder zo aandringt dat ze op tijd is? Ze vraagt het zich ten zeerste af.
    • Simon staat op van zijn speeltafel en loopt achter zijn zus aan. Waar zou zijn moeder het over willen hebben met Eline en Carmen? En waarom mag hij daar niet bij zijn? Een beetje verdrietig sjokt hij naar de schoolbus. Maar als hij eenmaal binnen is, en Daan en zijn andere vriendjes ziet zitten wordt hij weer helemaal blij en vergeet hij alles wat er daarnet is gebeurd.
    • Carmen kan het niet zoveel schelen. Zij zit met haar hoofd alweer bij die leuke jongen op school, Olivier. Ze twijfelt of ze hem vanmiddag bij haar thuis moet uitnodigen. Het is wel haar zus’ laatste avond. Maar aan de andere kant… Eline gaat ‘s avonds naar Alex, en voor de rest is alleen Simon thuis. Carmens mondhoeken krullen omhoog. Dat gaat heel gezellig worden vanmiddag…
    • Ondertussen is Diederik ook beneden gekomen. Als hij Emma bedachtzaam op de bank ziet zitten glimlacht hij en gaat hij naast haar zitten. “Alles goed?” vraagt hij als hij zijn arm om haar heen slaat. Emma knikt en glimlacht ook. “Ja hoor. Ik zit gewoon na te denken over vanavond, als ik het moet vertellen en vragen. En over morgenochtend. En over jouw promotie. O, en ook over de mijne, want het zit er dik in dat ik vandaag ook een promotie krijg.” Diederik knijpt even in haar schouder. “Dat zijn heel wat gedachten daar in dat hoofdje.”
    • Emma zucht. “Dat kun je wel zeggen, ja.” “Het komt allemaal wel goed, Em. Dat gesprek gaat vanavond vast heel goed. Eline is een verstandige meid, die redt zich wel op de academie. En ook al zouden we vandaag geen promoties krijgen, wat maakt het uit? Er zijn dingen in het leven die veel belangrijker zijn dan werk,” zegt Diederik. Emma kijkt hem liefdevol aan en klimt dan op zijn schoot. “Dat is waarom ik van je hou. Je bent zo geweldig.”
    • Diederik glimlacht, en zoent Emma dan, terwijl hij haar stevig tegen zich aan trekt.
    • Even vergeten ze alles om zich heen, maar uiteindelijk laten hun lippen elkaar los. Emma slaat haar armen om Diederik heen en houdt hem stevig vast. “Ik hou van je, Diederik,” zegt ze zachtjes. Diederik geeft haar een zoen in haar nek. “Ik ook van jou.”
    • Ze hebben nog even om van elkaar te genieten, maar dan rijdt de carpool voor. Gauw kleden ze zich om, en lopen ze naar de auto. Diederik haalt even diep adem. Dit is het dan. Als hij vanmiddag thuis komt is hij waarschijnlijk Chef de Clinique. Dan heeft hij het doel van zijn leven behaald. Tenminste, op professioneel vlak. Wat hem betreft is zijn leven al geweldig, met zijn vrouw en kinderen. Na Twikkii is hij dat helemaal in gaan zien, en hij is blij dat dat is gebeurd.
    • Emma is ook blij dat ze de oude Diederik weer terug heeft. Voor Twikkii vond ze het best lastig om te zien dat hij alleen maar met zijn werk bezig was, maar gelukkig is dat nu voorbij. Het is niet meer zijn grootste prioriteit. Misschien was dat eerst ook niet zo, maar zo kwam het wel over op haar en de kinderen. Tevreden stapt Emma in de auto. Ja, wat haar betreft is haar leven geweldig.
    • Die middag komt Eline met een grote glimlach weer thuis van school. Dat was het, haar laatste dag op de middelbare school. Ze heeft het er erg naar haar zin gehad, maar nu is ze eigenlijk wel klaar voor de universiteit.
    • Ook Carmen heeft een grijns op haar gezicht als ze de bus uitstapt, maar om een heel andere reden dan haar zus. Ze heeft Olivier gevraagd of hij misschien zin had om met haar mee naar huis te gaan, ‘om wat huiswerk te doen’, en daar stemde hij gretig mee in.
    • Gauw neemt ze hem mee naar haar kamer, om Eline en haar veelzeggende blikken te vermijden. “Mooie kamer heb je,” zegt Olivier bewonderend. “Sowieso een mooi huis. Lekker groot.” Carmen knikt. “Ja, mijn ouders hebben aardig goed geboerd,” zegt ze trots.
    • Olivier kijkt nog een keer bewonderend om zich heen, maar draait zich dan weer naar Carmen toe. “Dus. Wat voor huiswerk wil je gaan doen? Wiskunde?” Carmen grinnikt. “Huiswerk? Ik zat meer aan andere dingen te denken, eigenlijk,” zegt ze verleidelijk. “O. Uh – wat voor dingen dan zoal?” vraagt Olivier zenuwachtig. Carmen buigt zich naar hem toe. “Een stuk leukere dingen dan wiskunde, in ieder geval.”
    • Olivier lacht zenuwachtig en slaat zijn ogen neer. Carmen heeft door dat het bij hem wat langer zal duren dan ze had verwacht. Eigenlijk vindt ze het wel schattig dat hij zo zenuwachtig is. Om te zorgen dat hij niet gaat hyperventileren gaat ze op een veilige afstand van hem zitten. “Ik weet eigenlijk nog helemaal niet zoveel van je,” zegt ze. “Waar woonde je toen je nog niet hier in Tisse woonde?” Oliver ontspant zich zichtbaar, en gaat ook zitten. “Ik woonde in Belladonnabaan, een grote stad in het noorden. Maar mijn ouders vonden het daar te druk worden, dus zijn we hierheen verhuisd.”
    • “Nou, hier is het in ieder geval heel rustig,” zegt Carmen. “Soms best saai, maar ik vind het al een stuk leuker nu jij hier bent komen wonen.” Olivier glimlacht, een beetje nerveus, maar laat zich dan ontspannen achterover zakken. “Ik wilde eigenlijk helemaal niet verhuizen, maar het is hier toch leuker dan ik dacht.” Hij werpt een schichtige blik op Carmen die hem met een glimlach aankijkt. Olivier is ineens een stuk zelfverzekerder en begint te vertellen over zijn leven in Belladonnabaan.
    • Ondertussen is Eline beneden pool aan het spelen. Af en toe hoort ze van de verdieping boven haar gelach opklinken, en dan glimlacht ze. Carmen heeft echt een gave met mensen, als ze het wil tenminste. Daar gaat ze vast nog een hoop jongens mee strikken. Even voelt Eline iets samentrekken in haar maag. Is het jaloezie? Ze weet het niet. Met een zucht legt ze de keu weer terug op zijn plek en kijkt ze op de klok. Alex komt pas over een half uurtje thuis, maar ze mag van haar tante Yasmine vast wel binnenkomen. Ze heeft even geen zin meer in het gelach en geklets van Carmen en haar scharrel, dus ze besluit alvast naar het huis van Alex toe te lopen.
    • Een half uurtje later komt Alex nietsvermoedend zijn kamer binnenlopen. “Hee. Leuk pak,” zegt Eline met een grijns.
    • Alex schrikt op uit zijn gedachten. “Wat doe jij nou hier?” “Ik kom jou bewonderen in dat pak. Wie heeft die stropdas uitgezocht? Hij is echt afzichtelijk,” lacht Eline. Alex kreunt. “Ik zal mam eraan herinneren dat ze jou niet meer binnen mag laten.” Dan betrekt zijn gezicht een beetje. “Al zal je hier voorlopig toch niet meer binnen komen wandelen.”
    • Elines glimlach verdwijnt ook. “Daarom ben ik dus hier, om afscheid van je te nemen. Sjonge, dat klinkt wel heel dramatisch. Maar ik wilde toch nog even met je praten voor ik morgen weg ga.” Ze gaat overeind zitten en zwaait haar benen over de rand van het bed. “Je bent namelijk wel m’n beste vriend.”
    • Allebei gaan ze op het tapijt in Alex’ kamer zitten. Even zijn ze stil. “Heb je een beetje zin om te gaan?” vraagt Alex dan. Eline knikt. “Eigenlijk wel, ja. Ik ga jou en de rest van de familie natuurlijk wel heel erg missen, maar ik ben er wel klaar voor om op eigen benen te staan, om nu mijn eigen boontjes te doppen.” “Je eigen leven leiden,” zegt Alex begrijpend. “Ja, dat snap ik wel. Ik ben er eigenlijk ook al wel klaar voor, maar ik moet nog even wachten.”
    • “Nou, voor je het weet zit je samen met mij op de campus en hebben we onze studentenvereniging opgericht,” zegt Eline vrolijk. Alex knikt. “Ja, je hebt vast gelijk. En ik hou het hier ook heus nog wel uit. Het is niet alsof ik hier weg wil, of zo. Maar als jij weg bent is het toch een stuk minder leuk.” “Tjonge, hoor ik dat nu echt uit jouw mond?” zegt Eline plagerig. Alex steekt zijn tong uit. “Als je liever hebt dat ik je belachelijk maak is dat ook goed, hoor.”
    • “Nee hoor, ik vind dit wel best. Zo krijg ik nog eens een complimentje,” zegt Eline met een grijns. Dan wordt haar gezicht weer serieus. “Maar ik meen het, Lexje, ik ga je echt missen.” Alex knijpt even zijn ogen dicht. “Die bijnaam ga ik in ieder geval niet missen,” zegt hij met een zucht. “Maar jou wel.” Eline glimlacht. “Je bent nog lang niet van die naam af, Lexje.”
    • “Daar was ik al bang voor,” antwoordt Alex, maar hij glimlacht toch even. Hij zal dit soort plagerige gesprekken echt missen als Eline weg is. “Bel je morgen wel even als je er bent?”
    • Eline knikt. “Nadat ik mijn ouders gebeld heb. En als je dan thuis bent. Je bent zo vaak weg als ik je bel.” “Tja, ik ben nou eenmaal een drukbezet man,” grijnst Alex. Eline lacht schamper. “Met die lelijke stropdas van je.” “Hee, geen slecht woord over mijn stropdas. Die heb ik zelf uitgezocht,” zegt Alex. “Ja, dat dacht ik al,” zegt Eline lachend. Dan kijkt ze op haar horloge. “Zeg, ik moet gaan. Mijn moeder wilde nog iets met mij en Carmen bespreken, en ik heb beloofd dat ik op tijd thuis zou zijn.”
    • Eline en Alex staan allebei op. Dan grijpt Eline haar neefjes om de hals, en haalt met haar vuist zijn haar door de war. “Ik zal je missen, Lexje,” lacht ze.
    • “Au!” zegt Alex. “Moest dat nou echt?” “Jup,” antwoordt Eline. “Ik ben nog steeds de oudste, dus ik mag je nog plagen.” “Hmpf. Als je geen meisje was geweest…” mompelt Alex. Eline schatert het uit. “O, wat dan?”
    • Alex kijkt Eline even boos aan, maar slaat dan zijn armen om haar heen. “Ik zal je missen, stom wicht. Al zal het wel een stuk rustiger zijn.” Eline glimlacht.
    • “Tot snel, Lexje.” ~*~
    • Op dat zelfde moment rijdt er bij de familie Rozenbloem een carpool voor, waar Emma en Diederik allebei blij uit stappen, allebei met een promotie, al heeft het voor de een wat grotere gevolgen dan voor de ander.
    • “Het is me gelukt, Em! Ik heb mijn levenswens behaald!” roept Diederik dolgelukkig, en hij neemt Emma in zijn armen voor een zoen. “Gefeliciteerd, schat,” zegt Emma met een glimlach. “Voor mij duurt het ook niet lang meer. Ze hebben me gepromoveerd tot dirigente!” “Wauw, dat is echt geweldig!” zegt Diederik blij, en hij zoent haar nog een keer.
    • “Laten we maar gauw naar binnen gaan om ons om te kleden,” zegt Emma. “Ik moet nog met de meisjes praten, en jij zou Simon nog helpen met zijn huiswerk.” Diederik knikt. “Goed plan. Wanneer komt Eline thuis?” Emma haalt haar schouders op. “Dat kan ieder moment wezen, denk ik.”
    • Boven heeft Carmen de auto ook gehoord, en ze staat op. Olivier volgt haar voorbeeld en kijkt haar vragend aan. “Mijn ouders zijn thuis en mijn moeder wilde nog met mij en m’n zus praten of zo,” zegt Carmen, en ze rolt met haar ogen. “Helaas, want ik vond het juist zo gezellig,” zegt ze, en ze buigt weer naar Olivier toe. Olivier wordt gelijk weer nerveus. “Uh ja, ik – ik ook.” Carmen glimlacht, maar is nu toch ook wel een beetje geïrriteerd. Het is dat ze Olivier zo schattig en leuk vindt. Even denkt ze erover om hem te zoenen, maar ze besluit het toch maar niet te doen. Die arme jongen zou nog een hartverzakking krijgen.
    • In plaats daarvan trekt ze hem in een omhelzing. “Ik vond het gezellig, Olivier. We moeten binnenkort nog maar een keer afspreken.” “Ja, lijkt me leuk,” zegt Olivier, en na een glimlach loopt hij onhandig Carmens slaapkamer uit. Carmen schudt haar hoofd. Ze had niet verwacht dat Olivier zó veel werk zou zijn…
    • Als Carmen beneden komt is er nog niemand te vinden, dus gaat ze maar alvast op de bank zitten. Al snel komt ook Emma naar beneden nadat ze zich heeft omgekleed. “Wie was die jongen?” vraagt ze nieuwsgierig. Carmen kijkt voor zich uit. “O, gewoon een vriend. Hij heeft me geholpen met m’n huiswerk.” “Aha,” antwoordt Eline, maar er speelt een klein glimlachje rond haar mond.
    • Het wachten is nu alleen nog op Eline, maar die komt na een paar minuten ook binnen lopen. “Hoe was het bij Alex?” vraagt Emma als Eline gaat zitten. “Wel oké. We hebben even afscheid genomen, zeg maar,” antwoordt Eline. “Hij wil zelf eigenlijk ook wel naar de universiteit.” Emma knikt. “Dat had ik wel van hem verwacht inderdaad. Hij is heel zelfstandig.”
    • “Ja, dat klopt. Maar mam, waar wilde je het nou met ons over hebben? Want ik ben nu eigenlijk wel heel benieuwd,” zegt Eline. “En ik wil ook wel weten waar al die geheimzinnigheid nou over gaat,” voegt Carmen eraan toe. Emma knikt. “Dat begrijp ik. Het gaat over onze familiegeschiedenis.” “Over oma en opa?” vraagt Eline. “Ja, over oma, maar ook over háár oma.”
    • “Wow, dat gaat ver terug,” zegt Eline. Emma knikt. “Ja, dat klopt. En ik wil jullie dat verhaal nu graag vertellen.” Emma haalt diep adem, en begint dan met vertellen over Roos Rozenbloem, en hoe haar laatste wens was om tien generaties op deze grond te zien wonen. Over hoe Maloe wegvluchtte naar Takemizu - tot verdriet van haar vader, Sem - na haar mislukte relatie met Serge. Over de orkaan die Tisse zoveel jaren geleden verwoestte en tot slot over hoe Maloe terug kwam naar haar geboortegrond om de wens van haar oma en vader te vervullen. “Ik ben de stamhouder,” zegt ze. “En nu is de bedoeling dat een van mijn kinderen het stokje van mij overneemt, en hier komt wonen om de volgende generatie tot stand te brengen.”
    • “En jij wil dus dat dat een van ons twee wordt, anders had je Simon hier wel bijgeroepen,” zegt Eline peinzend. “Waarom zit Simon er eigenlijk niet bij?” “Ik vind hem nog te jong om daar al een keuze over te maken, maar aangezien jij morgen naar de universiteit vertrekt vind ik toch dat we moeten vaststellen wie de stamhouder wordt,” legt Emma uit. Beide meiden knikken langzaam. “Nou,” zegt Carmen vastbesloten. “Ik ga het niet doen.”
    • “Ik had wel verwacht dat je dat zou zeggen,” zegt Emma. “Maar ik wilde je toch de mogelijkheid geven. Weet dat je vader en ik hoe dan ook trots op je zijn, ook al ben je geen stamhouder.”
    • “Wacht eens even,” zegt Eline. “Als Carmen het niet doet, gaan jullie er dus gewoon maar van uit dat ik het doe? Wie zegt dat ik het wél wil?” Carmen kijkt haar zus met opgetrokken wenkbrauwen aan. “Wil je het niet dan?” “Dat zeg ik niet! Maar ik wil er in ieder geval niet toe gedwongen worden zoals nu!” “Je wordt nergens door gedwongen, je kan toch ook gewoon ‘nee’ zeggen?” “En voor altijd met een schuldgevoel blijven zitten? Dat dacht ik toch even lekker niet, hè,” zegt Eline boos.
    • Carmen haalt haar schouders op. “Dat is dan alsnog jouw keus.” Eline wil haar mond weer opentrekken, maar Emma valt de discussiërende meiden in de rede. “Geen ruzie maken, oké? Dat is het laatste wat ik wil. Ik kan het later ook altijd nog aan Simon vragen als je het echt niet wil.” Eline denkt even na. “Maar… Ik heb toch helemaal niet gezegd dat ik het niet wil?”
    • Carmen schudt haar hoofd. “Ik snap jou echt niet, weet je dat? Als je het wel wil, waar maak je dan zo’n drama over?” “Ik snap wel wat Eline bedoeld, Car,” zegt Emma. “Ik heb ook in die situatie gezeten. Dit wisten jullie niet, maar voordat Yasmine een Kennissim was, heeft ze een poos de romantiekwens gehad, net als jij.” Eline en Carmen staren Emma verbaasd aan. “Serieus?” vraagt Carmen. Emma knikt. “Maar toen ontmoette ze Ramses, en wist ze dat ze met hem door wilde. Op de universiteit heeft ze toen haar wens veranderd. Maar waar het hier om gaat… Toen mijn moeder dit aan ons vroeg, wilde zij het ook niet.”
    • “Jij stond dus ook voor het blok,” zegt Eline peinzend. Emma knikt. “Ja.” Even is het stil, terwijl Eline nadenkt, en Emma en Carmen haar verwachtingsvol aankijken. “Het is in ieder geval zeker dat Carmen het niet doet…” zegt Eline. “Tenminste, ik zie jou nog niet settelen de eerst komende dertig jaar.” Eline kijkt Carmen aan. Carmen schudt haar hoofd. “Nee, dat denk ik ook niet.”
    • “Als ik eerlijk zie ik mezelf wel settelen na de universiteit. Ik wil in ieder geval een lieve man vinden, en kinderen zijn bij mij niet een prioriteit, maar ik denk dat het er uiteindelijk toch wel van zou komen. Dus waarom dan niet hier, thuis?” Eline is weer even stil. “Het idee staat me eigenlijk wel aan. Ik moet natuurlijk eerst nog een man zien te vinden, maar voor de rest is mijn toekomst dan al wel vrij duidelijk. En dat vind ik helemaal niet erg.”
    • “Betekent dat dat je het doet?” vraagt Emma voorzichtig. Eline knikt. “Ja.” Ze kijkt haar moeder aan. “Ik zou het een eer vinden om de nieuwe stamhouder te worden van onze familie.”
    • Er verschijnt een grote glimlach op Emma’s gezicht. “Wauw. Dat is geweldig, schat.” Ze staat op en trekt Eline in een omhelzing. “Ik ben blij dat je het wilt doen.” “Geen probleem, mam. Ik doe het graag,” antwoordt Eline.
    • Carmen zit nog op de bank en kijkt hoe haar moeder en zus elkaar knuffelen. Ergens voelt ze weer een steek van jaloezie, maar ze weet het te weg te stoppen. Ze weet dat haar moeder trots op haar is, ook al is ze geen stamhouder. En haar ouders weten ook heel goed dat zij gewoon niet het type is om zich te settelen en een gezin te stichten. Carmen haalt even diep adem. Het is beter zo. Voor iedereen.
    • Op Simons kamer maken Simon en Diederik samen de laatste paar sommetjes van het huiswerk van vandaag. Als het af is slaat Simon zijn schriftje dicht. “Papa?” vraagt hij dan aan Diederik. “Waarom mag ik er niet bij zijn als mama met Eline en Carmen praat? Vindt ze mij niet meer lief?”
    • “Och, Siem, denk je dat?” vraagt Diederik geschrokken. Simon knikt zachtjes en zijn onderlip begint te trillen. Diederik snelt gauw naar hem toe en neemt hem in zijn armen. “Zo zit het helemaal niet, lieverd. Mama houdt net zoveel van jou als van Eline en Carmen. Jij bent gewoon nog een beetje te jong om daar bij te zijn, dat is alles.” “Echt waar? Dus als ik net zo oud zou zijn als Carmen mocht ik er wel bij zijn?” vraagt Simon zachtjes. Diederik knikt. “Ja. Dus maak je maar geen zorgen meer, oké? Wij houden allebei zielsveel van jou.”
    • Beneden zijn Eline en Carmen alvast begonnen met eten, wachtend op de rest van de familie. Een poosje is het stil tussen de twee zussen. “Car, ben jij het er wel mee eens? Ik bedoel… Voel je je er wel goed bij en zo?” vraagt Eline dan een een beetje ongemakkelijk.
    • Carmen kijkt haar oudere zus aan. Ze besluit om nu niet te gaan liegen, of zich stoer voor te doen. “Ik vond het daarnet eerst wel even lastig, toen ik zag hoe mama jou zo blij omhelsde. Ik ben nou eenmaal een beetje jaloers ingesteld,” zegt ze, en ze bloost een beetje. “Maar ik vind het nu wel oké. We weten allemaal dat stamhouder niks voor mij zou zijn, dus waarom zou ik dan jaloers moeten zijn?” Eline zucht opgelucht. “Gelukkig maar. Ik zou niet willen dat jij je er slecht onder voelt.” “Nou, dat gaat dus ook niet gebeuren,” zegt Carmen, en ze glimlacht. “Mooi. Ik wilde het toch even voor de zekerheid checken,” zegt Eline en Carmen knikt.
    • Dan komt de rest van de familie ook de keuken in, en eten ze voor het laatst met z’n allen aan de keukentafel voordat Eline naar de universiteit zal vertrekken. Bij alle vijf gaat dat even door het hoofd, en alle vijf genieten ze van dit moment met de familie.
    • Die avond gaat Eline vroeg naar bed. Ze is doodmoe van de vermoeiende dag, en morgen moet ze ook alweer vroeg op. De taxi zal al om acht uur voor de deur staan. Even ligt ze nog na te denken over wat haar moeder haar die avond heeft verteld, en over de taak die ze op zich heeft genomen. Ze besluit op dat moment dat ze haar uiterste best gaat doen om een goede stamhouder te zijn. Dan valt ze in slaap, met een glimlach op haar gezicht. ~*~
    • Yasmine legt de telefoon neer en loopt weer terug naar bank, waar ze zich tegen Ramses aan nestelt. “Dat was Emma. Eline wordt de volgende stamhouder,” zegt ze. Ramses slaat een arm om Yasmine heen. “Dat had ik wel verwacht eigenlijk.” Yasmine knikt. “Ja, ik ook wel. Carmen wilde het niet, en Emma heeft me al eerder verteld dat ze dit duidelijk wilde hebben voor Eline naar de universiteit zou verhuizen. En Simon is nog te jong.” “Hmm,” zegt Ramses, en even zitten ze tegen elkaar aan te genieten.
    • Dan vraagt Ramses: “Heb jij er wel eens spijt van dat je het stamhouderschap hebt afgewezen?” Yasmine denkt even na. Dan schudt ze haar hoofd. “Nee. Emma is de perfecte persoon. Ik had het vast ook wel gekund, maar toen wilde ik dat gewoon niet, en zo is het leven gelopen. Ik vind mijn leven perfect zoals het nu is, met jou en onze twee zoons.”
    • Na die woorden trekt Ramses Yasmine op zijn schoot. “Ik hoopte al dat je zoiets zou zeggen.” “Had je iets anders verwacht dan?” vraagt Yasmine. Ramses haalt zijn schouders op. “Nee, ik denk het niet. Maar het is toch fijn om het nog even te horen. Zeker na de moeilijke tijden die we hebben gehad.”
    • Yasmine slaat haar armen om Ramses heen en drukt hem tegen zich aan. “Die tijden liggen nu achter ons. En ik laat je nu nooit meer gaan.” Ramses houdt Yasmine stevig vast. “Ik jou ook niet, reken daar maar op.”
    • “Ik hou van je.” “Ik ook van jou.” ~*~
    • De volgende ochtend vroeg staat de hele familie Rozenbloem in de hal om afscheid te nemen van Eline. Als eerste is Simon aan de beurt. Hij slaat zijn armpjes stevig om zijn grote zus heen. “Ik ga je missen,” zegt hij. Eline glimlacht. “Ik jou ook, kleintje. Zorg je een beetje goed voor papa, mama en Carmen?” Simon knikt. “Ja.” “Mooi zo.”
    • “En je moet wel vaak bellen, hè? En dan lieten alleen met papa en mama, ook met mij,” zegt Simon, en hij houdt Elines polsen vast. Eline lacht. “Dat zal ik doen, dat beloof ik je.”
    • Dan slaat Eline haar armen om Carmen heen. Even houden ze elkaar stevig vast en zeggen ze niks. Emma en Diederik kijken ontroerd toe. Ze vinden het allebei geweldig hoe hun twee dochters zo’n goede band met elkaar hebben opgebouwd, ondanks hun verschillen. “Ik ga je missen, zusje,” zegt Eline zachtjes.
    • “Ik jou ook,” antwoordt Carmen, met een brok in haar keel. “Maar we mailen, hè?” Eline knikt. “Ik zal je op de hoogte houden van het wilde studentenleven.” Lachend laten ze elkaar los en kijken ze elkaar aan. “Tot snel,” zegt Eline.
    • Als Eline de warme, beschermende armen van haar vader om zich heen voelt beginnen er tranen in haar ogen op te wellen. “Niet huilen, meisje,” zegt Diederik terwijl hij de tranen van haar wangen veegt. Eline schudt verwoed haar hoofd. “Nee. Dat doe ik ook niet.” Dan lacht ze. “Ik moet me ook niet zo aanstellen, ik ga niet naar het einde van de wereld.” Diederik slaat zijn armen weer om zijn dochter heen. “Maar de Keizer academie is ook al veel te ver weg,” zegt hij zachtjes. “Veel plezier, meid, en goed studeren, hè?” Eline knikt. “Komt goed.”
    • Als laatste is Emma aan de beurt. Ze heeft tranen in haar ogen als ze naar Eline kijkt. “Ik ben zo trots op je, weet je dat?” zegt ze. Eline glimlacht. “Nee, echt. Je bent al zo volwassen. En het feit dat je stamhouder wilt worden… Ik vind het heel knap van je.”
    • Dan slaat ze haar armen om haar dochter heen en houdt ze haar stevig vast. “En nu gaat mijn kleine meisje al studeren.” Eline grinnikt. “Zo klein ben ik al niet meer, mam.” “Dat is waar,” zegt Emma lachend, en ze veegt de tranen van haar gezicht. “Maar ik ga je toch missen.”
    • “Ik jou ook, mam.” Dan klinkt de toeter van de taxi en schrikt iedereen op. Eline pakt haar koffers van de grond, en loopt naar de taxi toe, met haar ouders aan weerszijden van haar. De chauffeur pakt haar spullen aan en stopt ze in de achterbak van de auto.
    • Na nog een laatste zoen van haar moeder stapt Eline aan de passagierszijde in de auto. “Bellen als je er bent, hè!” roept haar vader. “Ja, pap, zal ik doen,” zegt Eline lachend. Dan doet ze de deur achter zich dicht, en begint de auto te rijden.
    • Eline zwaait naar haar familie tot ze hen niet meer kan zien. Dan draait ze zich weer om en kijkt ze door de voorruit naar de weg. Even haalt ze diep adem. Nu is het zover. Op naar de universiteit. Op naar een nieuw hoofdstuk in haar leven…
    • En dat was het voor deze keer! De volgende update zullen we Eline dus op de universiteit gaan zien. Dat betekent ook gelijk dat ik dan aan hoofdstuk 3 begin! Ik hoop dat jullie de update een beetje geslaagd vonden, ik ben er in ieder geval wel tevreden over. Hopelijk laten jullie een reactie achter. Tot de volgende update! Xx Anne