• Like

2 sterren-zandkorrels

  • 476 views
Uploaded on

lezing scholieren Zutphen

lezing scholieren Zutphen

More in: Education
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
476
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2

Actions

Shares
Downloads
11
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. STERREN EN ZANDKORRELS Waarvan is er meer: sterren in het heelal of zandkorrels op en onder Texel C. de Jager
  • 2. Texel, kind van ijstijden, zee en wind een heuvelrug van Den Hoorn tot Oosterend
  • 3. HET BEGIN Texel en de zandkorreltjes onder dit eiland
  • 4. 135.000 – 150 000 jaar geleden; dieptepunt van de voorlaatste ijstijd
  • 5. Talloze stenen uit Scandinavië werden met het ijs meegebracht; zie de gletsjerkrassen
  • 6. Gletsjers uit Scandinavië • Kwamen tot in noorden van Nederland • Vormden de heuvelreeks van Texel, Wieringen, • Gaasterland, Meppel, Hoogeveen … Op Texel is dit te zien in de reeks lage heuvels die zich uitstrekt van Den Hoorn in het zuiden tot bij Oosterend in het noordoosten
  • 7. De Hoge Berg op Texel, 15,3 m
  • 8. Stukje van de Hoge Berg
  • 9. En toen ontstond de Noordzee • Ca 6 000 v. Chr. brak Nauw van Calais door • De Noordzee ontstond; zand werd door de • (hoofdzakelijk noordwaarts gerichte) vloedstroom massaal noordwaarts gebracht • Dit vormde de Vlaams-Nederlandse stranden en de Waddeneilanden
  • 10. Vastgeklonken aan de heuvels • Om de Hoge Berg en de andere heuvels vormde zich een eiland, toen een beek door het laagveen, het Maresdeop (Meers-diep) tijdens de Allerheiligenvloed van 1170 verbinding kreeg met de zee • En, terwijl de andere Waddeneilanden wel eens iets van plaats veranderen, ligt Texel vast aan de heuvels uit de ijstijd
  • 11. Veel zand • Onder Texel ligt ca. 2 km zand; hoeveel zandkorrels zijn dat wel? • Er passen ca. 15 zandkorreltje op een rij in 1 cm • Dus in een cm3 gaan 3375 korrels, in grootteorde zeggen we 3000. • In een donkere sterrennacht zien we maximaal ca. 3000 sterren aan de hemel
  • 12. Deel van de wintersterrenhemel
  • 13. Er zijn meer sterren: de Melkwegband bevat veel meer dan miljoenen sterren
  • 14. We tellen de zandkorrels onder Texel • 1 cm3 bevat ca. 3000 zandkorrels • Texel meet ca. 20 x 5 km; dus 100 km2 is het • • • oppervlak Zandlaag is 2 km dik; de inhoud is dus 200 km3 Hoeveel zandkorrels zijn dit? Bedenk: 1 km = 105 cm, dus 1 km3 = 1015 cm3 • Nu eventjes rekenen
  • 15. 200 x 1015 x 3000 = ? = 6 x 1020 , dit is ca. 1021 zandkorrels
  • 16. Nu gaan we naar de sterren Hoe groot is ons heelal; hoeveel sterren? Het duurde lang voor we besef hadden van de omvang van het heelal
  • 17. Het duurde lang: De aarde, 220 voor Chr.
  • 18. En in 140 voor Chr.
  • 19. Dus: kleine aarde, ca. 6000 km groot Omgeven door de wereldoceaan
  • 20. Daarboven de hemelkoepel sterren: vastgeplakte lichtjes aan hemelkoepel
  • 21. Hemelkoepel draait om aarde • In 24 uur draait de hemelkoepel om de aarde • Buiten hemelkoepel: het rijk van de goden • De aarde is dus het centrum van het heelal ! • Tussen de sterren door zien we andere lichtjes bewegen: de ‘dwaalsterren’, ook planeten genoemd. (Gr: planan = ronddwalen)
  • 22. Zuidelijke sterrenhemel in november; de ecliptica (dierenriem) baan van de planeten ten lopen door dierenriem
  • 23. Er zijn 8 planeten. Hier Jupiter, tienmaal de aarde
  • 24. Waarom door de dierenriem? • Alle planeten en ook de aarde lopen om de zon in eenzelfde vlak • We zien de planeten dus in dat vlak lopen • De sterrenbeelden in dat vlak noemen we de beelden van de dierenriem • (Er zijn er geen 12 maar 13; Ophiuchus, de Slangendrager, hoort er ook bij)
  • 25. Veel sterrenbeelden hebben hun namen gekregen van de Grieken en Babyloniërs
  • 26. In het oude Egypte weer andere namen: Grote Beer = Nijlpaard
  • 27. En bij de Chinezen weer anders
  • 28. Nieuwe sterrenbeelden • Na 1500 zagen Europese zeelieden voor het eerst de zuidelijke sterrenhemel • Ze bedachten namen voor die sterrenbeelden • Veel sterrenbeelden bedacht door Plancius, Houtman, de Keyzer, Lacaille: Columba (de duif), Circinus (de passer), Dorado (Goudvis), Grus (Kraanvogel), enz.
  • 29. Sterrenbeelden: een menselijk bedenksel • De sterren van een sterrenbeeld horen niet bij elkaar • Ze staan meestal op heel verschillende afstanden in de ruimte en bewegen zich in allerlei richtingen door elkaar • De zon (met de aarde en planeten) loopt door de ruimte – over vele jaren zien we de sterrenbeelden weer heel anders
  • 30. Interpretatie van de oude volken • De hemelbol ligt op ca. 6000 km boven • • • • • ons Daarachter is de wereld van de goden We zien lichtjes langs de hemelbol bewegen Dat zijn dus berichten van de goden Die moeten we zien te ontcijferen Zo ontstond de astrologie
  • 31. Ook astrologie is een bedenksel • Wordt door de feiten niet ondersteund • Meeste horoscopen zijn zo algemeen dat hij op iedereen kan slaan • Voorbeeld: een Frans experiment (Landru) • Voorbeeld: een recente test van ca. vijftien Nederlandse astrologen
  • 32. 1543: revolutie, niet de aarde maar de zon in centrum. 8 planeten en veel kleinere om de zon
  • 33. Onze buur: Mars
  • 34. Eens stroomde water op Mars
  • 35. De reuzenplaneet Saturnus
  • 36. Deel van Saturnusmaan Titan; rivieren en meren van vloeibaar methaan ( - 180 C)
  • 37. Zon: kern van het planetenstelsel. Maar is de zon wel het centrum van het heelal? De zon is één van de tienduizenden triljoenen sterren uit het heelal
  • 38. Melkweg boven Mauna Kea (Hawaii, 4200 m hoog)
  • 39. Melkweg in de Waterman (Aquarius)
  • 40. En in de Schorpioen (Scorpio)
  • 41. Melkwegstelsel: platte discus, 200 miljard sterren en nog eens tien maal zoveel ‘onzichtbare materie’ (is dat wel materie?)
  • 42. In een donkere sterrennacht zien we in het sterrenbeeld Andromeda een wazig vlekje: M31
  • 43. Op 2½ miljoen lichtjaren afstand: M31 is een zusje van ons eigen stelsel; ook een plat stelsel. Bevat ook ca. 200 miljard sterren. 100 000 lichtjaren groot; 1000 lichtjaar dik
  • 44. Ander zusje van ons stelsel IC 342, op 10 miljoen lichtjaren afstand
  • 45. Het ‘sombrero stelsel’ Afstand 29 miljoen lichtjaar; in kern een zwart gat van miljard maal de massa van de zon
  • 46. NGC 4565. Afstand: 32 miljoen lj In de kern zwart gat van minstens 10 miljoen zonsmassa’s
  • 47. Kern van ons eigen stelsel ligt op 30 000 lichtjaar afstand. Daar is een zwart gat dat 4,1 miljoen maal zo zwaar is als de zon. Daaromheen een heet gas van miljoenen graden C
  • 48. Verder de ruimte in ! Honderden miljarden melkwegstelsels; elk beval honderden tot duizenden miljarden maal de zonnemassa
  • 49. Spiraalstelsel met satelliet
  • 50. Groepje van drie melkwegstelsels
  • 51. Grotere groep in Virgo (Maagd)
  • 52. Honderden stelsels in Coma Berenices Groep van melkwegstelsels op afstand van 250 miljoen lichtjaren
  • 53. Op 200 miljoen lichtjaar: de Grote Aantrekker 10 000 stelsels – daar vliegen we heen met 600 km per seconde
  • 54. We zien stelsels tot ca. 13 miljard lichtjaren afstand. Op deze foto meer stelsels dan losse sterren
  • 55. Expanderend heelal • Alle groepen van stelsels lopen van alle andere • • • groepen weg: hoe groter de afstand des te groter de onderlinge verwijderings-snelheid Grootste gemeten wegloop-snelheden zijn 250.000 km per seconde Heelal is 13,8 miljard jaar oud Ontstaan in ‘oerknal’ in het absolute vacuüm
  • 56. Dus: hoeveel sterren in het voor ons zichtbare deel van het heelal? ( • Er zijn ca. honderdmiljard (1011) melkwegstelsels • • • in dat deel van het heelal dat we kunnen zien Grote en kleine, maar gemiddeld bevatten ze ca. 1011 sterren. Dus ca. 1022 sterren in het voor ons zichtbare deel van het heelal Dat is ongeveer evenveel als er zandkorrels zijn op en onder Texel (want zo precies hebben we niet gerekend)
  • 57. Maar we zijn er nog niet • Kijkend in het heelal kijken we terug in de tijd • Wij kunnen slechts zien tot het punt waar het • • • • heelal ontstond Maar wie daar nu zit; ziet ons in onze beginfase en ziet niet wat achter ons ligt Dus: daar achter is nog veel meer Het heelal is dus nog veel groter; hoeveel weten we niet Er zijn dus nog véél meer sterren dan die 1022
  • 58. Ten slotte: Allernieuwste ontwikkeling Ons heelal is ontstaan is door een instabiliteit van het absolute niets; een kwantumfluctuatie van het vacuüm. (zie www.cdejager.com/presentaties; ga naar oerknal)
  • 59. Het Multiversum • Als de oerknal, waarin de materie en de energie van het hele heelal ontstond, gevolg is van een kwantumfluctuatie van het absolutie niets dan … • Dan moeten toch vaker heelallen ontstaan • Er is dan niet één Universum maar meer • Wij, en ons heelal, zijn (mogelijk) deel van het Multiversum
  • 60. En wat zijn wij? Minder, veel minder dan een stofje in de ruimte
  • 61. Deze presentatie is na te lezen Ga naar www.cdejager.com en daar naar het blad ‘presentaties’ Daar naar ‘2-sterren-zandkorrels’