KUA Hst 3en4
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

KUA Hst 3en4

on

  • 3,347 views

 

Statistics

Views

Total Views
3,347
Views on SlideShare
3,331
Embed Views
16

Actions

Likes
0
Downloads
67
Comments
0

3 Embeds 16

http://gehblog.wordpress.com 11
https://twimg0-a.akamaihd.net 3
https://twitter.com 2

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    KUA Hst 3en4 KUA Hst 3en4 Presentation Transcript

    • 3. De modernen en Volkskunst.
      Cultuur van het moderne
      Op zoek naar kunst in exotische landen. Doel: nieuwe wending aan de kunst geven.
      Exotisme dagdromen bij exotische taferelen
      Exotische kunst en volkskunst is nog vitaal en puur, niet bedorven door westerse invloeden.
      Deze kunst wordt gezien als expressief , krachtig, intuïtief en magisch. Vooral symbolische lading spreekt erg aan.
      Toenemende populariteit wordt tevens veroorzaakt door reisgemak. Schepen en treinen zorgen voor beter bereik van steeds meer mensen. Reizen wordt populair en gepromoot door reisbureaus.
      Het nationalisme in de Europese landen zorgt voor interesse in volkscultuur bij wetenschappers, kunstenaars, musici, dansers en choreografen.
      Afrikaans masker
    • Cultuur van het moderne
      Symbolisme De kunstenaars van het symbolisme vonden dat je met abstracte middelen het beste emotie en ervaring uit kan beelden hoewel ze nooit zo ver zijn gegaan dat ze hele abstracte vormen gebruikten. Er zijn altijd herkenbare elementen aanwezig in de schilderijen.
      Het Symbolisme is een beweging in de beeldende kunst en literatuur die door middel van symbolen verwijst naar bepaalde ideeën, gevoelens of geesteshoudingen. De stijl is vaak realistisch en bevat decoratieve elementen. Jan Toorop was een belangrijke Nederlandse symbolist.
      Kunstenaars uit deze stroming zijn over het algemeen intellectuelen die heel goed op de hoogte zijn van ontwikkelingen in de muziek en literatuur.
      Surrealisten (= "Sur-realisme" betekent bovennatuurlijk, stijgt boven de werkelijkheid uit) laten zich inspireren door de symbolische onderwerpen.
      Vooral de maskers uit Afrika staan erg in de belangstelling. De expressiviteit (= kracht van uitdrukking) maakt veel indruk, dit is terug te zien in beeldende en schilderijen van kunstenaars in die tijd.
    • PabloPicasso’s maskers
      Cultuur van het moderne
      Pablo Picasso (1881-1973) verwerkt exotische motieven in zijn werk.
      Na een bezoek van het museum voor primitieve kunst raakt hij geïnspireerd. Hij gebruikt zijn Afrikaanse maskers voor een werk.
      Les Demoisselesd’Avignon (1907): baanbrekend werk, markeert een belangrijk moment in de ontwikkeling van het modernisme.
      Ook geïnspireerd door de Fauvisten (fauve betekent 'wilden', wilde dieren, gebruik van felle kleuren en niet gemengde kleuren. Matisse = bekende kunstenaar)
      Les Demoisselesd’Avignon is een van Picasso’s eerste kubistische schilderijen.
      Kubisme: In het kubisme wordt gebruik gemaakt van verschuivende standpunten. Een voorwerp kan van verschillende kanten worden bekeken.
      In het kubisme wordt geen onderscheid gemaakt tussen driedimensionale vormen die naar de kijker toe buigen en vormen die van de kijker af moeten buigen. Kubisten maken vormen vlak en vermenigvuldigen ze dan waardoor platte vlakken met veel patronen in zachte kleuren worden geschilderd gezien vanuit verschillende hoeken.
      Concurrentiestrijd met Matisse. Picasso wilde ook een van de modernste en spraakmakendste kunstenaar zijn net als Matisse. Daarom heeft hij er 8 maanden over gedaan voordat hij tevreden was met het schilderij.
    • Les Demoisellesd’Avignon
      Cultuur van het moderne
      Er worden prostituees in een bordeel in Avignon afgebeeld met i.p.v. gezichten maskers.
      De vrouwen zijn hoekig en dragen ruige, mystieke, sterk vereenvoudigde maskers.
      Daarnaast zijn ze niet volgens de natuurlijke, menselijke anatomie afgebeeld.
      Er is geen sprake van een duidelijke voor- en achtergrond en duidelijke lichtinval  tegen de regels van bestaande kunst.
      Critici beschouwd het als barbaars, een lelijk onderwerp, lelijke verbeelding en een onacceptabel thema.
    • Brancusi op zoek naar elementaire vormen.
      Cultuur van het moderne
      ConstatineBrancusi(1876-1957) oorspronkelijk timmerman  laat zich inspireren door Afrikaanse en Oosterse kunst en de kunstenaar Rodin.
      Hij ontwikkeld zich in de Abstracte kunst. Abstractie:Latijnse woord abstráhere, weglaten. Abstractie is het weglaten van alle niet essentiële informatie of aspecten om meer fundamentele structuren zichtbaar te maken.
      Hij gaat opzoek naar de pure vorm: het Ei (Kroller Muller Museum). Deze elementaire vorm is weer te verwijzen naar vormen uit de natuur  organische, compact en herkenbaar.
      Hij probeert met zijn serie oervormen van het ei een volmaakte schoonheid weer te geven. Het bekendste is: MademoisellePogany (1912).
      Hij gebruikt materialen als: marmer, brons en hout en streeft naar een ambachtelijke werkwijze. Hierbij onderscheid hij zich, door geen werklieden in te schakelen.
      Hij maakte ook een andere serie: Les collones sans fin (eindeloze kolommen)  een stapeling van geometrische vormen, geïnspireerd op houten huisjes in Roemenie.
      Een van de bekendste werken: De Kus  een kubusvormige steen die twee kussende mensen afbeeld, zo minimalistisch mogelijk weergegeven.
      De pure vorm van Brancusi maakt de weg vrij voor veel twintigste-eeuwse kunstenaars.
    • Werk van Brancusi
      Cultuur van het moderne
      MadmoisellePogany, 1912-1913
      Brancusi, De kus 1907
      Het begin van de wereld
      Les collones sans fin
    • BélaBartók haalt inspiratie uit volksmuziek
      Cultuur van het moderne
      Binnen- en buitenlandse volksmuziek wordt een inspiratiebron voor componisten.
      Igor Stravisnky (1882-1972) Russische volksliedjes
      Bartók (1881-1945) Hongaarse volksliederen legt hij vast op fonograaf. Muziek uit het verre Oosten (Indonesië en India) vormen een inspiratiebron  gebruik van onbekende toonladders en ritmes.
      Ook Amerikaanse jazzmuziek beïnvloed vele componisten.
      Bartók gaat opzoek naar onbekende Hongaarse volksliederen  Hij bestudeert deze oude volksliederen en reisde Oost Europa door voor opnames hij ontwikkelt een nieuwe nationaal-Hongaarse kunstmuziek.
      Bij het uitbreken van de 2e WO vlucht hij naar de VS en zet zijn werk voort tot aan zijn dood.
    • Les Ballet Russes Exotische balletten
      Cultuur van het moderne
      Begin van de twintigste eeuw opbloei klassiek operaballet in Parijs.
      Doorbraak van slaapverwekkend ballet door de komst van SergejDiaghilev(1872-1929)  Russische impresario, introduceert exotische voorstellingen met zijn Ballet Russes(Russisch Ballet).
      Beschikt over de internationale top van danser(essen), choreografen, componisten en beeldend kunstenaars.
      MichailFokine eerste choreograaf van Ballet Russes en verantwoordelijk voor de eerste successen (Les Sylfides, de Vuurvogel, Petrousjka, Cleopatra en Sheherazade)
      Toeschouwer wordt meegenomen naar onbekende exotische gebieden sprookjesachtig en romantische (neoromantisch) voorstellingen.
      Fokine  grondlegger/ vader van het moderne ballet en het balletexpressionisme van de twintigste eeuw.
      Vernieuwend aan zijn ballet is dat hij complexe emoties uitdruk en mannelijke dansers weer laat dansen (daarvoor mannelijke rollen door vrouwen gedanst).
      Stravisky: Ontwikkelt een eigen, Russische muziek met zijn balletten. Hij maakt gebruik van volksmelodieën  LeSacre du Printemps(het offer van de lente).
    • Ballet Russes
      Cultuur van het moderne
    • Lesacre du Printemps
      Cultuur van het moderne
      De premiere van LeSacre du Printemps (mei 1913) veroorzaakt een enorme rel  De choreograaf Nijinsky produceert een balletstuk op de muziek van Stravisky.
      De muziek heeft een nadrukkelijk ritmisch karakter waar de dansers op stampen, ritmisch en dreigend. Dit geeft de voorstelling een aards, folkloristisch karakter.
      De ritmische structuur is zo ingewikkeld dat de dansers het nauwelijks kunnen bijhouden.
      De muziek- en dansthema’s die de oerdriften van de mens verbeelden worden als buitengewoon barbaars en lelijk ervaren.
      Lesacre du printempsgaat over de komst van de lente, een primitieve Russische stam viert dit met een ritueel: het offeren van een maagd uit verbondenheid met de aarde.
      Disney en ‘LeSacre’
      De muziek van Stravisky wordt gebruik in de film Fantasia. Dit wordt de meest omstreden film van Disney die uit zeven delen bestaat. Elk deel is een illustratie van een bekend klassiek werk.
    • Cultuur van het moderne
      Invloeden uit Japan
      In het theater en de opera raken regisseurs geïnspireerd door het oosterse theater: Japanse no-theater en kabuki al in gebruik sinds 14e en 17e eeuw.
      De tekst is meestal ondergeschikt aan de vorm en balladezangers en poppenspelers staan aan de basis van een voorstelling.
      Gestileerde bewegingen, gebaren en kostuums en zang zijn nauw met elkaar verweven.
      Japanse No-theater is verbonden met
      - De ideeën van het sjamanisme  Primitief geloof, sterke hang naar de natuur.
      - Het Zenboeddhisme  zelfbeheersing en soberheid (terug te zien in theatervorm).
      Theater is niet gebaseerd op eenheid van tijd, plaats en handelingen,
      - verhalen omvatten eeuwen, plaats is onbepaald,
      - de verhalen gaan over goden, heersende vrouwen, demonen of waargebeurde gebeurtenissen.
      Kabuki vooral geliefd onder stedelijke arbeidsklasse die zich afzette tegen de heersende samoerai  overdreven kostuums, zwart-rood geschilderde gezichten.
    • 4. Expressionisme Kunst en gevoel
      Cultuur van het moderne
      Romantici in de 19e eeuw wilde vooral grote emoties oproepen. Thema’s die bewondering of vaderlandsliefde teweeg moesten brengen. Geen persoonlijke beleving voor de kunstenaar.
      20e eeuw verandering meer persoonlijkheid en autonoom werk met onderwerpen van dicht bij huis. Uiting geven aan eigen gevoelens, het gevoel van de kunstenaar wordt belangrijker dan gevoel van de toeschouwer  expressie
      Experimenteren met nieuwe technieken en materialen (vervorming, verdwijnen perspectief, zware contourlijnen of wild, onnatuurlijk kleurgebruik)
      De emotionele lading en het handschrift van de kunstenaar wordt belangrijk en niet het afbeelden van de werkelijkheid in zijn gladde vorm  ontstaan abstractie ( alle regels worden overboord gegooid).
      Er ontstaat een grove stijl waarin verfspatten, vegen en haksporen te zien mogen zijn.
      Expressionisten vinden steun bij Freud  gedrag wordt gestuurd door onderbewuste waar ware gevoelens en driften in schuil gaan.
      In de film ontstaat een nieuwe vorm van muziek ‘Sprechgesang’ (sprekend zingen) en er wordt gebruik gemaakt van polytonaliteit (meerdere toonsoorten door elkaar heen)
      In de dans leid het innerlijke gevoel tot bewegingen met grote fysieke uitdrukkingskracht.
      MarthaGraham experimenteert met moderne vormen en ontwikkelt een eigen vorm van expressionistische dans. Moderne dans komt op gelijk niveau met de traditionele academische dans. Moeder van de moderne dans.
    • EdvardMunch: voorloper van het expressionisme
      Cultuur van het moderne
      EdvardMunch (1863 -1944)
      Op jonge leeftijd onder de indruk van impressionisme en symbolisme.
      Hij verliest op jonge leeftijd zijn familie waardoor hij zwaarmoedig wordt.
      Dit is terug te zien in thema’s van zijn werk  menselijke ontreddering, angst voor liefde en dood, onmacht en wanhoop.
      De intense verbeelding van zijn emoties heeft grote invloed op het Duits expressionisme ( = van Latijn: expressio, uitdrukking) begin 20e eeuw.
      In het expressionisme tracht de kunstenaar zijn gevoelens, zijn ervaringen, voor de waarnemer uit te drukken door een zekere vervorming van de werkelijkheid.
      Als Munch in 1885 in Parijs verblijft wordt hij beïnvloed door de impressionisten.
      In 1910 keert hij terug naar Noorwegen waar hij tot 1944 verblijft en sterft.In deze periode krijgt hij meer interesse voor de natuur zijn werk wordt kleurrijker en pessimistisch.
      De schreeuw (1893) is het eerste werk waarbij onderhuidse gevoelens worden verbeeld met emotionele lijnen en kleuren.
      Het heeft een duidelijke gevoel van eenzaamheid en angst  Gevolg van de slechte leefomstandigheden en de naderende wereld oorlog.
    • De Schreeuw
      Cultuur van het moderne
      Munch werd geïnspireerd toen hij een wandeling maakte met vrienden door Oslo. Toen hij alleen op een brug bleef staan werd hij gegrepen door de dramatische kleuren.
      Dit geeft hem het gevoel dat het landschap schreeuwt. Hij werd overvallen door depressieve en angstige stemmingen.
      De gestalte lijkt een zelfportret.
      Alles gaat mee, ook het figuur, in het angstaanjagende vormenspel van felle kleuren en golvende lijnen.
      Een slechte relatie die pijnlijk afloopt is de basis voor verschillende werken.
      Munch, De schreeuw 1893
    • Opkomst Expressionisme
      Cultuur van het moderne
      Doorbraak Les Fauves(= letterlijk de wilden) in 1905 o.l.v. Henry Matisse.
      Beweging was onder de indruk van de intense kleuren van Van Gogh en Gauguin.
      Les Fauves (Franse kunstenaars) markeren het begin van het expressionisme, maar kunstenaars gaan al snel hun eigen weg.
      Duitse Fauvisten  willen meer uitdrukking geven aan hun eigen persoonlijke beleving. Het gaat minder om de werking van kleur.
      Thema’s die hen aanspreken zijn: seksualiteit, corruptie, ellende van het leven, de grote stad, mystieke verbondenheid met de natuur.
      Er ontstaat een nieuwe groepering in Duitsland o.l.v. Kandinsky: Der BlaueReiter Duitse Expressionisten, tegenhanger van de Franse Fauvisten
    • Der BlaueReiter
      Cultuur van het moderne
      Duitse Expressionistische kunstenaarsgroep opgericht in 1913 te Munchen.
      Opgericht door WassilyKandinsky, GabrieleMünter, Alfred Kubin en Franz Marc.
      Doel: Ware kunst maken, emotie naar buiten brengen.
      Logische weg naar abstractie  niet meer alleen naar de werkelijkheid, maar naar het gevoel, de emotie van de kunstenaar (eigen ervaring).
      Het werk was eerst traditioneel, maar werd steeds abstracter  gevolg: perspectief verdwijnt, vormen worden schetsmatiger, kleur wordt dominant.
      1910: Kandinsky ( Russische Kunstenaar. Muziek beïnvloedde de abstractie van zijn werk. Het gevoel van de muziek bracht hij over op doek) maakt zijn eerste echte abstracte werk.
      Het loslaten van vorm en kleur zal na de 2e WO resulteren in abstract expressionisme.
    • Voorbeelden Der BlaueReiter
      Cultuur van het moderne
      Kandinsky, Compositie 7
      Kandinsky
      Franz Marc, Blauw Paard 1913
      Franz Marc, Toren van de blauwe paarden
    • Cultuur van het moderne
      Cultuur van het moderne
    • Kandinsky en de geboorte van abstractie
      Cultuur van het moderne
      Alle academische principes (traditionele manieren, regels volgens de academie) werden afgewezen  staat de spontane manier van uiten in de weg, geen vrijheid.
      Er werd afgewend van de materiële wereld  deze was te veel gericht op vooruitgang (materialistisch, industrie, massaproductie) in plaats van op emotie.
      Kandinsky wilde de menselijke ziel in beeld brengen, het spontaan ontstaan van kunst vanuit het onderbewuste.
      Hij schrijft een boek Ueber das Geistige in der Kunst (Het onderbewuste in de kunst)  ontstaan vanuit het binnenste van de kunstenaar.
      Kleur en klank hebben psychologische effecten op de menselijke ziel.
      Verschillende kleuren samen bereiken een innerlijke beleving te vergelijken met verschillende klanken in de muziek.
      Innerlijke klank, SeelischeVibration  de uitwerking van klank en kleur op de menselijke Psyche.
      Het schilderij maakt zich los van zijn maker het krijgt een eigen leven en oefent invloed uit op zijn omgeving.
      Er is een onbeperkte vrijheid bij de keuze van de te gebruiken middelen.
      Kleur beïnvloed de menselijke geest en daarmee ook zijn stemming.
      Spiritualiteit (geestelijke inhoud)
      Het werk moet expressief zijn en de innerlijke beleving van de maker uitdrukken  dit maakt een brug tussen de ziel van de kunstenaar en de toeschouwer.
    • Die Brucke
      Cultuur van het moderne
      Een groep Duitse expressionistische kunstenaars uit Dresden (tegenhanger Franse Fauvisten)
      Zij toonde meer maatschappijkritiek en waren meer sociaal betrokken in tegenstelling tot Der BlaueReiter.
      Vormgeving van Die Brucke:
      - Werk is grover,
      - Details verdwijnen,
      - Contouren worden benadrukt.
      Tegenstellingen worden uitdrukt door contrasten in zwart en wit  gebruik van houtsneden (goed materiaal op duidelijk zwart-wit contrast te krijgen).
      Ernst LudwigKirchner(1880-1938)  zeer primitief kleurgebruik.
      Brücke-kunstenaars wilden de essentie van het creatief vermogen direct en eerlijker in beeld brengen (emoties)
      Inspiratie uit het omringende leven, vooral in de natuur, vrouwelijk naakt en in het stadsleven.
      Inspiratiebron was de Noor EdvardMunch, die meerdere grote tentoonstellingen in Dresden hield, vooral Kirchner erg onder de indruk. Een andere inspiratiebron was Vincent van Gogh.
      Zelfportret Kirchner
      Leden van Die Brucke, Kirchner
    • Expressionistische muziek van Arnold Schonberg
      Cultuur van het moderne
      Doorbraak in systeem van de tonaliteit (= Een relatieve term uit de muziektheorie met betrekking tot de melodie en harmonie, goed in het gehoor, loopt goed in elkaar over) door Schonberg (1874-1951).
      Er komen nieuwe mogelijkheden in polytonaliteit (Meerdere toonsoorten door elkaar) en atonaliteit (Muziek zonder hoofdtoon, tegenhanger van tonaliteit, chaotisch en onsamenhangend).
      Schonberg ging zonder thema en tonaliteit componeren  Doel: extreme intense gemoedstoestanden uitdrukken in muziek.
      1911 Schonberg kreeg een aanstelling als docent compositieleer bij Richard Strauss  zorgde voor protest, men vond dat zijn werk geen muziek zou mogen heten.
      Schonberg ontmoette Kandinsky en beiden hadden dezelfde ideeën  nieuwe klankwereld uit kunstzinnige middelen.
      Titels van Kandinsky’s werk introduceren muzikale termen in de schilderkunst.
    • Pierrot Lunaire
      Cultuur van het moderne
      In 1912 vraagt AlbertineZehme (cabaretière) aan Schonberg of hij haar voordrachtsteksten op muziek kan zetten  dit zorgt voor het ontstaan van Pierrot Lunaire (op 3 maal 7 gedichten van Albert Giraud).
      Pierrot is een personage uit Commedia dell’arte (Italiaans improvisatie (straat) theater 16e t/m 18e eeuw).
      Pierrot verbeeld de mens die twijfelt of hij zichzelf wel of niet in de hand heeft.
      Schonberg wil zijn ideeën presenteren op een niet eerder geprobeerde manier  Sprechgesang (Spreekzang) hierbij wordt de tekst niet gezongen, maar gesproken.
      De opvoering wordt geen succes en het publiek is woest. Daarna wil Schonberg het alleen nog opvoeren voor een gecultiveerd publiek.
    • Kandinsky en Schonberg
      Cultuur van het moderne
      Schonberg, vooral musicus, schildert in 1910 het expressionistische schilderij: ‘De rode blik’.
      Kandinsky en Schonberg willen beiden een GesamtkunstwerkMuziek, beeldende kunst, en toneel gaan samen in een abstracte intuïtieve uitvoering (Een ideaal samenspel van alle kunsten, oorspronkelijk geïntroduceerd door Wagner).
      In ‘Die Gluckliche hand’ wil Schonberg musiceren met de middelen van het toneel. Gebaren, bewegingen, kleur en licht behandeld hij op dezelfde wijze als tonen (net als in de muziek).
      Atonale Muziek van Schonberg
      Tonale muziek (melodie en harmonie)  toonsysteem met 12 tonen, hiermee zijn 24 toonladers van 8 tonen samen te stellen.
      Bij de tonale muziek is de 1e en de 8e toon van de toonladder hetzelfde. Er zit een duidelijk structuur in. De toonladder is het uitgangspunt voor een muziekstuk. Klinkt als gewone muziek.
      In 1921 bedenkt Schonberg een systeem van twaalftoonsmuziek Atonale muziek (klinkt vals).
      Aan het einde van de 1e WO vraagt om een nieuwe wereld waarbij nieuwe muzikale taal met nieuwe muzikale regels horen.
      Twaalftoonsmuziek  dodecafonie  Toonladder bestaat uit twaalf tonen net als de tonale muziek.
      Grote verschil tussen atonale en tonale muziek is: In toonladder (in atonale muziek ‘reeks’ genoemd) van 12 tonen komt elke toon maar één keer voor, elke toon is even belangrijk/
      gelijkwaardig.
      De reeks ( toonlader atonale muziek) is basis voor de compositie en kan van voren naar achteren worden gespeeld (kreeftengang).
      48 manieren mogelijk om de reeks te gebruiken.
      Voorbeeld: Suite voor Piano uit 1924
    • MarthaGrahams dans
      Cultuur van het moderne
      MarthaGraham (1894-1991) wil heel graag dansen, maar pas na de dood van haar vader sluit ze zich aan bij een dansgroep.
      Ze dans vooral etnische rollen (Egyptisch, Mexicaans en Oosters).
      Graham ontdekt de commerciële show in New York ze begint haar eigen dansgroep in 1929 ‘het MarthaGraham dansgezelschap’.
      Ze ontwikkeld een dans met heftige bewegingen, op blote voeten, aards en lichamelijk.
      Ze wordt beïnvloed door een mannelijke danser (waar ze ook mee trouwt) haar werk wordt vrijer en lichter.
      Ze introduceert met haar dans de lichamelijke spanningen tussen mannen en vrouwen en bestudeerd de opvattingen van Freud.
      Balletpubliek is geschokt door expressionistische gevoelsuitdrukking en hoekige bewegingen.
      Graham kreeg gaandeweg steeds meer erkenning.
      Haar eerste werken waren zeer seksueel geladen, maar haar later werk werd muzikaler en beeldender.
      Door haar originaliteit en haar lange carrière staat ze aan de wieg van de hele moderne dansbeweging in de VS.
    • MarthaGraham ballet
      Cultuur van het moderne
    • Expressionisme in de film
      Cultuur van het moderne
      Expressionisme viert hoogtij na de 1e WO.
      De naoorlogse inflatie in Duitsland zorgt voor goedkope export van films.
      Ook voor het buitenland was het gunstig op films te verkopen aan Duitsland.
      Weinig financieel risico voor filmproducenten  ruimte voor experiment (vooral vormgeving i.p.v. inhoud).
      Robert Wien (1880-1938) maakte de eerste expressionistische film  Das Cabinet des Dr. Caligari.
      De Sturm-groep (Duitse expressionisten) schilderen decor voor de film op een expressionistische manier.
      - Driehoekige ramen, niet kloppend perspectief, te kleine of te lage ruimtes samen met belichting roept dit een beklemmend gevoel op.
      Alles in de film is gericht op het innerlijk gevoel van de toeschouwer.
      Andere invloedrijke expressionistische films zijn: Nosferatu (1922) en Metropolis (1927).