De kijk van een archiefrestaurateur
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Like this? Share it with your network

Share

De kijk van een archiefrestaurateur

  • 275 views
Uploaded on

De kijk van een archiefrestaurateur. ...

De kijk van een archiefrestaurateur.
Ons erfgoed zolang mogelijk bewaren voor de toekomst?
'Tijd voor een reorganisatie van geld en tijd - tijd voor digitale preservatie!'

More in: Education
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
275
On Slideshare
275
From Embeds
0
Number of Embeds
0

Actions

Shares
Downloads
0
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. 1 Voor in uw agenda • Wanneer: donderdag 12 september en vrijdag 13 september • Tijd: 09u00 - 19u00 • Plaats: Het Kursaal Oostende, Monacoplein te Oostende • Stand: C&R-assistance stand 15 DE KIJK VAN EEN ARCHIEFRESTAURATEUR WAT DOET C&R-ASSISTANCE EEN SAMENWERKINGSVERBAND TUSSEN RESTAURATOREN VAN BOEKEN, PAPIER EN ARCHIEF OP EEN CONGRES ALS INFORMATIE AAN ZEE DIE TOCH VOORAL ROND ICT EN INNOVATIE DRAAIT? Nicole Dumarey over: ons erfgoed zolang mogelijk bewaren voor de toekomst? ‘Tijd voor een reorganisatie van geld en tijd - tijd voor digitale preservatie!’ Via mijn man, die leraar meubelrestauratie is, rolde ik zo de wereld van de restauratie in. Dit was een waar bewustwordingsproces: De confrontatie van mijn eigen graduaatsopleiding bedrijfsautomatisatie met het ambacht van mijn man dwong mij al snel op mijn knieën. De gesofisticeerde, via CAD/CAM aangestuurde, CNC machines waren lang niet instaat uit te voeren wat een vakman men zijn handen kan te maken! Alles wat met deze machines vervaardigt is moet door vakmannen achteraf bijgewerkt worden en het resultaat is en blijft als nog een zielloos geheel van een noodgedwongen gestileerd iets. Deze machinale bekrompenheid gaf mij geen voldoening meer en dreef mij ertoe een nieuw uitdaging te zoeken. Ik had ook gewoon iets ambachtelijk of creatiefs kunnen doen zoals tekenen, bloemschikken of boekbinden maar daar zou ik mijn nieuwsgierigheid niet op kunnen botvieren. Ik ben altijd heel nieuwsgierig en onderzoeksgericht geweest. Het hoe en waarom achterhalen van de dingen en technieken heeft me altijd weten te prikkelen. Het beroep van restaurateur bood me echt alles wat mijn hartje bezielt: de verwondering en liefde voor oude dingen, het onderzoek op materiaal en de gebruikte technieken, het inventief denken, het vakmanschap en de uitdaging. Ik zie mezelf dan ook eerder als restaurateur-onderzoeker dan alleen als vakman. Om deze droom te verwezenlijken volgde ik een twee jaar durende opleiding boekbinder, een opleiding restauratievakman van boeken, papier en archief en een opleiding restauratievakman kunst op papier dit alles georganiseerd door CORES1. Daarnaast kwamen nog verschillende vervolgopleidingen; archiveren, restaureren van transparant papier (kalken), schimmelbehandelingen,… Ik zie het als een voorrecht om al die oude en mooie stukken van zo dicht te mogen bekijken en bestuderen en zelfs eens tot in het diepste wat erin verscholen ligt te kunnen piepen. Een oud boek is immers veel meer dan wat erin te lezen staat. De oude ambachtelijke techniek van een ingebonden boek wordt immers pas zichtbaar nadat we het boek uit elkaar hebben gehaald. De geheimen zitten er als het ware in verborgen en de restaurateur heeft meestal als enige echt de kans deze geheimen te ontdekken. 1 CORES: het Competentieplatform voor Conservering en Restauratie van Boeken en Archief en is een gezamenlijk initiatief van het Rijksarchief en het Stadsarchief Brugge, de archiefdiensten van Bisdom Brugge en Seminarie Brugge, het OCMW-archief, Erfgoedcel Brugge en Openbare Bibliotheek Brugge en Syntra West waarbij activiteiten rond restauratie en conservering van boeken en archief, onderzoek, opleiding en dienstverleningen mede met de expertise van deze partners worden gebundeld ten gunste van de erfgoedsector.
  • 2. 2 Uiteraard brengt dit voorrecht ook een grote verantwoordelijkheid met zich mee! Wij moeten het geheim zien te openbaren en te bewaren voor de toekomst. Daarom moeten we onze eventuele restauratie ingrepen ook zo minimaal mogelijk houden en erop toezien dat alles wat we doen van het origineel onderscheiden kan worden en dat alles ook weer omkeerbaar is. Het cultureel erfgoed is immer onze eigendom niet, het is van iedereen. Erfgoedbeheerders hebben het alleen in erfpacht en moeten het in zo’n goed mogelijke conditie zien te bewaren,- openbaren- en door te geven aan onze kinderen, kleinkinderen en achter kleinkinderen. Helaas heeft ook het beroep van de restaurateur zijn beperkingen. De strijd met de vergankelijkheid zullen we uiteindelijk altijd verliezen! Maar dit wil nog niet zeggen dat we hierdoor ook het verleden moeten opzeggen. Het mooie voor mij nu is om te zien dat, desondanks de eerder genoemde beperkingen van de moderne technologie, deze toch een grote bijdrage kan zijn tot het overleven van ons verleden. Stilaan komt een mentaliteitsverandering opgang in onze papieren erfgoedwereld! Overal in de wereld worden archiefstukken op grote schaal gepreserveerd door digitalisatie. Als gespecialiseerde in de bedrijfsautomatisatie enerzijds en archiefrestaurateur anderzijds ben ik als geen ander in staat zowel binair als analoog te denken en kan ik dus de nodige bruggen te slaan tussen de wereld van automatisatie en dat van het geschreven erfgoed. Ik zie ik het dan ook als mijn taak dit proces mee te promoten en daar het proces bij te staan waar hedendaagse digitaliseringsfirma’s doorgaans de expertise niet voor hebben. Denk daarbij bijvoorbeeld maar aan het scanklaar maken van boeken en documenten (verwijderen van paperclips,- plakband, -en storende vlekken, vlakken van ezeloortjes, herstellen van scheuren, verstevigen van zwakke delen, desinfecteren van schimmel en ongedierte,…). Het is immers ook aan te raden het digitaliseren uit te voeren als een boek bijvoorbeeld voor een deel of helemaal gedemonteerd wordt voor een restauratiebehandeling die het moet ondergaan. En wat gebeurd er na het digitaliseren met de originelen? Dat wordt opnieuw compromissen zoeken. Bewaren, niet bewaren? Is er plaats om het te bewaren? Is er geld of kunnen we er geld voor vrijmaken? Willen we ons erfgoed echt goed bewaren dan moeten we echter op onze hoede zijn voor een digitale bekrompenheid. Digitaliseren is slecht een hulpmiddel bij het conserveren - een kopie - en iedereen die al een dierbare verloren heeft zal begrijpen wat ik bedoel: ‘Het wordt als een foto van een overleden dierbare.’ Ik herhaal het graag nog een keer ‘Ons geschreven erfgoed omvat veel meer dan wat er afgebeeld of wat erin te lezen staat.’. Het gaat over bindwijzen, boekbandversiering door de eeuwen heen, watermerken op papier, materialen, etc. Al dat tastbare wat het een ziel geeft en dat door een digitale kopie niet vervangen kan worden! Het vergt een omwenteling en een extra inspanning maar uiteindelijk is het een win-win situatie voor alles en iedereen. In de eerste plaats en in heb bijzonder voor de archiefstukken, die achteraf niet (zoveel) meer hoeven gemanipuleerd te worden en daardoor langer zullen bewaren. Ten tweede als de originele stukken uiteindelijk de strijd verliezen met de vergankelijkheid (en dat zullen ze helaas) hebben we een digitale kopie die voor een groot deel de informatie van het origineel kan overleveren. Ten derde zijn geïnteresseerden niet meer geboden aan tijd en afstand op stukken te consulteren. Ten vierde zijn de gegevens sneller en eenvoudiger te doorzoeken aan de hand van goede beschrijvingen en metatags. En te vijfde zorgt dit ook voor werkgelegenheid. Bij het digitaliseren denk ik ook niet alleen aan onze topstukken maar ook aan de nu minder belangrijk geachte archivalia en boeken. Alles evolueert, wat voor ons nu belangrijk is, is dat morgen misschien niet meer en omgekeerd. Waar zouden wij nu het recht halen om daarover te beslissen voor onze nabestaanden? Uiteraard hangt aan alles ook een prijskaartje, maar de winst dat men boekt bij het één moet men zien te benutten voor het ander. Als stukken minder snel zullen degraderen omdat we ze niet meer zo vaak moeten manipuleren, kunnen we de hoge restauratiekosten uitsparen en gebruiken om preventief te digitaliseren. Ik spreek hierin misschien tegen mijn eigen winkel, maar de grond van mijn ambitie ligt niet in zoveel mogelijk
  • 3. 3 werk en geld verdienen maar in zoveel mogelijk goed en lang bewaren van het erfgoed. En of wij er restaurateur ons werk zullen door verliezen is trouwens ook nog maar de vraag. Momenteel zijn er niet voldoende restauratoren om al het restauratiewerk dat er op ons ligt wachten ook uit te voeren. Ook is er werk weggelegd in het scanklaar maken voordat de stukken goed gedigitaliseerd kunnen worden. Als er uiteindelijk ook meer geld en middelen vrijkomen door dit systeem kan men het ook weer gaan benutten voor meer onderzoek om de vergankelijkheid beter tegen te gaan. Zo zie je maar dat het werk van de restaurateur-onderzoeker nog niet bedreigt wordt door het digitaliseren. Om het voorlopig extra kostenplaatje (want ik denk dat het op lange termijn uitgewonnen wordt) van het scannen onder controle te houden ben ik, waar mogelijk, grote voorstander van het systeem scan-on-demand waarbij stukken gedigitaliseerd worden op het moment dat ze opgevraagd worden om ze te raadplegen. Elke consultant kan hierbij instaan voor de digitalisatiekosten van zijn opgevraagd stuk in ruil voor het eenvoudig te kunnen consulteren van dit document en dit van op eender welke plaats en eender wanneer. Veel archiefbezoekers hebben het er immers voor over de tijd en kosten uit te winnen van een verplaatsing naar het archief en daarbij gebonden te zijn aan de openingsuren van de instelling. Ook voor de archiefbezoeker is dit uiteindelijk een pure herziening van het spenderen van geld en tijd en dat moet het goed beheren van ons erfgoed hiermee uiteindelijk ook worden. Tot zover wat mijn idee over digitaliseren betreft. Natuurlijk houden wij van C&R-assistance ons voornamelijk met conservatie en restauratie bezig. Wat niet wil zeggen dat wij als restaurateurs vastgeroest zitten in het oude ambacht waaruit onze expertise is voortgevloeid. Ook wij proberen steeds innovatief te zijn. Zo kunnen bibliotheken en archieven sinds kort bij ons te recht voor het opstellen van een digitale schade-inventaris. De database die het aan de hand van talrijke rapporten mogelijk maakt een overzicht te krijgen van de fysiek toestand van uw collectie en daaraan een behandelingsvoorstel voor elk stuk koppelt. Zo ziet u maar, reden genoeg om op Informatie aan zee aanwezig te zijn! Ons dierbaar papieren erfgoed kunnen we niet in ons eentje redden van de vergankelijkheid — als we dat al kunnen! Tijdens mijn opleiding restauratievakman van boeken en archief leerde ik Andy Waeyaert kennen. We hebben elk ons eigen restauratie atelier maar al snel beslisten we ook samen te gaan werken als het om de aanpak van omvangrijke collecties gaat. Dit resulteerde in het samenwerkingsverband ‘C&R-assistance’ waarmee we voor het eerst deelnemen aan Informatie aan zee. Wilt u meer weten welke diensten C&R-assistance bibliotheken en archieven kunnen bieden? We staan tijdens het congres klaar om al uw vragen over conservatie en restauratie te beantwoorden. U vindt ons op stand 15 in het beursgedeelte. Mijn collega Andy Waeyaert (Whyart bvba) en ikzelf hopen u er alvast te mogen ontmoeten! Nicole Dumarey (Restauratieatelier Dumarey) augustus 2013  www.cr-assistance.be  info@cr-assistance.be
  • 4. 4