Your SlideShare is downloading. ×
Advies Overleggroep
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×

Saving this for later?

Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime - even offline.

Text the download link to your phone

Standard text messaging rates apply

Advies Overleggroep

406
views

Published on

Published in: Technology, Business

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
406
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. Adviesnotitie Overleggroep Dorpshart Duivendrecht Duivendrecht, 9 februari 2009 1
  • 2. Inhoud 1. Inleiding 2. Rol en plaats van de Overleggroep in het project 3. Samenstelling en werkwijze van de Overleggroep 4. Verantwoording van de Overleggroep 5. Terugblik op proces 6. Visie Attika Architecten op huidig SPvE 7. Adviezen 7.1 Wel/ niet in het nieuwe Dorpshart 7.2 Sfeerbepalende elementen bij uitwerking SPvE 7.3 Modellen: vertaling van Dorpse wensen 7.4 Motivatie + vogelvlucht van Attika bij alternatief plan 7.5 Verkeersvarianten 8. Vervolgproces 9. Bijlagen - vogelvlucht alternatief voor SPvE - referentiebeelden - verslagen overleggroep - verslag gesprek projectleider en delegatie overleggroepleden 2
  • 3. 1. Inleiding Op 27 maart 2008 stemde de gemeenteraad van Ouder-Amstel in met het Stedenbouwkundig Programma van Eisen voor het Dorpshart Duivendrecht (SPvE). Zij gaf daarbij het college de opdracht mee om een participatietraject op te starten om inwoners van Duivendrecht en belanghebbenden een stem te geven in de uitwerking van dit SPvE. Dit participatietraject is ingevuld door het starten van de Overleggroep Dorpshart Duivendrecht. Met de overleggroep wilden de projectmedewerkers van de gemeente graag zo goed mogelijk in kaart brengen wat de verschillende belanghebbenden vinden van de uitwerking van de deelplannen voor het nieuwe Dorpshart. Het resultaat van de overleggroep is dit gekwalificeerde advies over de uitwerking van de deelplannen aan de stuurgroep Dorpshart Duivendrecht. In het vastgestelde SPvE is een aantal uitgangspunten opgenomen die richtinggevend zijn voor de uitwerking van de plannen: • Nieuwbouw t.b.v. maatschappelijke functies • Samenvoegen van voorzieningen • Met nieuwe woningen exploitatie budgetneutraal maken/financieel haalbaar plan • Met nieuwe woningen doorstroom Duivendrecht bevorderen • Maximaal 270 nieuwe woningen • Maximaal 4 bouwlagen hoog, met een terug liggende 5e bouwlaag • Gefaseerde aanpak vernieuwing; voorkom tijdelijke voorzieningen • Vitaal, levendig buurtcentrum • Toekomstgericht stedenbouwkundig ontwerp • Creatie van een aaneengesloten autoluw gebied • Veilige en aantrekkelijke ontmoetingsplaats creëren • Parkeren ondergronds 3
  • 4. 2. Rol en plaats van de Overleggroep in het project Rol De Overleggroep overlegt (waarbij de gemeente informatie aandraagt) over de uitwerking en concretere invulling van het SPvE en is klankbord voor de uitwerking van de deelplannen. De overleggroep geeft advies aan de stuurgroep van het project en daarmee indirect voor het college van B&W en de gemeenteraad. Plaats in het project De overleggroep verzamelt plannen en ideeën voor de uitwerking van het SPvE met behulp van externe architecten (Architectenbureau Attika). Deze plannen en ideeën worden verbeeld in alternatieven voor het SPvE en met referentiebeelden voor een beeldkwaliteitplan. Resultaat Het resultaat van de overleggroep is het voorliggend gekwalificeerde advies dat door het projectteam getoetst gaat worden op haalbaarheid. Het advies van de overleggroep wordt voorgelegd aan de stuurgroep. Als de stuurgroep wil afwijken van dit advies, dan zal dit gemotiveerd gebeuren, bijvoorbeeld op grond van onderzoeksgegevens of vastgesteld gemeentelijk beleid, beargumenteert de stuurgroep waarom men afwijkt van het advies. Dit advies komt via de stuurgroep en college van B&W uiteindelijk terecht bij de gemeenteraad van Ouder-Amstel. De gemeenteraad betrekt het advies bij haar besluitvorming over het Dorpshart Duivendrecht. De tussenliggende besluitorganen verwoorden hun advies in een oplegnotitie: het advies (dit document) blijft integraal intact en wordt verzonden aan de betreffende organen. Het advies is gebaseerd op de unanieme mening van de overleggroep, tenzij anders aangegeven. Het is een samenvatting van de verslagen, intensieve discussies, beelden, werkmaquettes van de overleggroep. Als bijlagen vindt u: - vogelvlucht alternatief plan voor SPvE - referentiebeelden - verslagen overleggroep - verslag gesprek projectleider en delegatie overleggroepleden 4
  • 5. werkwijze 3. Samenstelling & werkwijze Samenstelling De Overleggroep Dorpshart Duivendrecht bestaat uit een evenwichtige samenstelling van inwoners van Duivendrecht en belanghebbenden. In het tweede kwartaal van 2008 zijn via een nieuwskaart en met een persbericht inwoners en belanghebbenden gevraagd om deel te nemen aan deze overleggroep. Het projectteam heeft, na selectie, de volgende leden uitgenodigd: Naam Organisatie/belang Naam Organisatie/belang Nienke da Silva Inwoner Alan Bains OOP- primair onderwijs Jan van den Bol Winkeliersvereniging Wietske Dikkers St. Coherente Huub van den Bergh * St. Oud Duivendrecht Petra van de Wilt SKOO Roland Vallentin St. Oud Duivendrecht Chris Bergher CCD Marianne Beglinger OBS Grote Beer Monique Kuik*** Inwoner Conny van Waas Bewonerscie. Zonnehof Wilco Scholtens Waddenland/inwoner Wim van der Vuurst** Inwoner / CTO Tineke van Bienen St. KID Marco Dekker R.K. A . Bekemaschool William Keizer ASKO Gerald Niessen**** 1e lijnszorg Anneke Nijman**** 1e lijnszorg * Vervangen door Roland Vallentin, ** Geen actief lid meer na 30/9/2008, *** Niet aanwezig geweest, **** eenmalig aanwezig Werkwijze Afgesproken is dat bijeenkomsten van de overleggroep besloten zijn. In vertrouwelijkheid wordt met het gesprokene en de verslagen van de overleggroep omgegaan. De gemeenteraadsleden ontvangen – op hun verzoek- de verslagen – ook weer in vertrouwen - ter informatie. De overleggroepleden staan vrij om met hun achterban te overleggen over de suggesties en ideeën die in de groep naar voren komen. Hiertoe is een speciale – afgeschermde – website (www.dorpshartduivendrecht.eu) gelanceerd waarop de verslagen en werkmaquettes van de architecten te downloaden zijn. De overleggroep heeft eerst geïnventariseerd waarover zij wil adviseren. Dit gaat over het behoud van het dorpse karakter van Duivendrecht in het nieuwe Dorpshart, de inrichting van de openbare ruimte, het verkeer en het groen. Gekozen is om eerst en vooral het thema ‘dorps’ als invalshoek te kiezen: in dit begrip komt alles samen. Vervolgens zijn de ideeën en plannen die de overleggroepleden hierbij hebben verzameld en als input gebruikt voor alternatieven voor het SPvE. De overleggroep treedt daarbij bewust buiten de kaders van dit SPvE. Deze ruimte is genomen, en gefaciliteerd, om tot nieuwe inzichten te komen en ideeën te ontwikkelen. Daarnaast zijn ook referentiebeelden verzameld voor de inrichting van de Openbare Ruimte en het Groen (input voor het beeldkwaliteitplan). Het ontwikkelde alternatief voor het SPvE, met daarbij de wensen en randvoorwaarden vormt de kern van dit advies, aangevuld met beelden die wat de overleggroep betreft de sfeer van het toekomstige dorpshart schetsen. Deze bijeenkomsten zijn inhoudelijk voorbereid en begeleid door de externe gespreksleider, Jacqueline van de Sande (Beaumont Communicatie). De gemeente heeft steeds de benodigde informatie aangedragen. 5
  • 6. De overleggroep is inhoudelijk ondersteund door Rop van Loenhout en Rickerd van der Plas van Architectenbureau Attika. De verslagen van de bijeenkomsten zijn opgesteld door Daniël Nagel (Beaumont Communicatie) en treft u aan in de bijlagen. 6
  • 7. Verantwoording 4. Verantwoording overleggroep De overleggroep is zeven maal bijeen geweest in de periode juni 2008 tot en met februari 2009. 1e bijeenkomst De eerste bijeenkomst stond in het teken van kennismaking met elkaar en elkaars mening/standpunten ten aanzien van de vernieuwingsplannen voor het Dorpshart. Daarnaast zijn de gespreksthema’s geïnventariseerd en zijn er afspraken gemaakt over de werkwijze. 2e bijeenkomst In deze bijeenkomst is geïnventariseerd wat het nieuwe dorpshart ‘dorps’ kan maken. De overleggroep heeft aangegeven welke onderdelen en elementen per vastgesteld thema juist wel of niet in het nieuwe dorpshart moeten komen. De projectleider van de gemeente Ouder-Amstel heeft na de tweede bijeenkomst een gesprek gehad met een aantal overleggroepleden. Eén van de overleggroepleden had een lijst met vraagpunten opgesteld die in het gesprek aan de orde zijn geweest. E.e.a. leverde een belangrijke inhoudelijke bijdrage aan de discussie. Het verslag van dit gesprek is terug te vinden in de bijlagen van dit advies. De projectleider heeft de dit verslag geaccordeerd met een schriftelijke reactie van de gemeente. Na de 2e bijeenkomst kunnen de overleggroepleden foto’s of ander beeldmateriaal sturen om op de werksite te zetten, bij voorkeur met een korte toelichting op het beeld. 3e bijeenkomst De overleggroep heeft in deze bijeenkomst de architecten verteld over hun ideeën en wensen ten aanzien van het dorpshart. Deze briefing bestaat uit de bespreking van de conclusies uit bijeenkomst 2 en een selectie van referentiebeelden, ondermeer ingezonden door de overleggroepleden. 4e bijeenkomst In deze bijeenkomst presenteerden de architecten hun werkmaquettes, inclusief een presentatie over de uitgangspunten die zij hanteren voor de uitwerking. De discussie over deze maquettes leverde nieuwe inzichten op voor verdere invulling. De overleggroep heeft vervolgens de architecten aanwijzingen gegeven om de maquettes te optimaliseren. De gemeente heeft hierbij informatie aangeleverd over de financiële haalbaarheid. 5e bijeenkomst Attika presenteert de geoptimaliseerde modellen. De overleggroep wordt gevraagd een voorkeur aan te geven, of combinaties van modellen samen te stellen. Ook vindt er nog een beeldenselectie plaats als referentie voor de inrichting van het groen en de openbare ruimte. 6e bijeenkomst Tijdens de 6e bijeenkomst is er gekozen voor één alternatief model ten opzichte van het SPVE, met drie varianten voor het verkeer. Deze vormen de kern van het advies, naast een procesvoorstel voor het vervolg. Ook stemde de overleggroep in met de indeling en opzet van het advies. 7
  • 8. 7e bijeenkomst De tekst voor het advies is uitgebreid besproken in de overleggroep. Hier en daar zijn punten ten finale bediscussieerd en aangevuld. Daarnaast is kort teruggeblikt op het proces. 8
  • 9. 5. Terugblik proces Dorps bleek de ingang Het idee was om thematisch te werken, zodat alle aspecten van het SPvE aan de orde zouden komen. Dat idee is feitelijk in de eerste bijeenkomst verlaten, toen bleek dat het belangrijkste thema ‘dorps’ was. Vanuit deze notie is doorgewerkt. Omdat tijdens de 2e bijeenkomst bleek dat het toch vooral ook gaat om de juiste beelden bij het thema ‘dorps’ is in overleg met de projectleider een architect/stedenbouwkundige aangezocht met als opdracht de ideeën van de overleggroep adequaat te verbeelden. Grenzen opzoeken en verbeelden In de verschillende bijeenkomsten ontstonden levendige discussies in de overleggroep. Deze discussies leverden nieuwe inzichten op waarbij de grenzen van het SPvE werden opgezocht, zijn opgerekt en hier en daar overschreden. De wisselwerking tussen de overleggroepleden en de onafhankelijke architecten leverde verschillende alternatieve varianten op voor het SPvE. De overleggroep wilde zowel ambitieus als realistisch zijn; zo is bijvoorbeeld tijdens de 5e bijeenkomst een alternatief met heel veel minder woningen dan in het SPvE stonden terzijde geschoven. Zo is de overleggroep ‘meanderend’ tot een afgewogen advies gekomen. Sfeer en samenwerking Na een aarzelend begin – waar hebben we wel en niet iets over te zeggen, kunnen we een wezenlijke bijdrage leveren? Daarna is gewerkt in een constructieve en opbouwende sfeer. Dat er ruimte was om alternatieven te verkennen en ook ondersteunde met een onafhankelijk architecten/stedenbouwkundig bureau was hierin onmiskenbaar een belangrijke bijdrage. 9
  • 10. 6. Visie huidig SPvE van Attika Architecten en overleggroep Rop van Loenhout en Rickerd van der Plas van Attika ondersteunen de overleggroep bij het verbeelden en inpassen van de wensen en ideeen van de overleggroep. Vooraf hebben zij het huidige SPvE bestudeerd. Daaruit hebben zij de volgende analyse gemaakt. De overleggroep heeft verzocht deze analyse op te nemen in het advies. Vogelvlucht huidig SPvE De sterke kanten van het SPvE SPv • Het is positief om te komen tot een nieuw vitaal centrumgebied met impulsen voor onderwijs, winkelen, cultuur, wonen en sport • Het veranderen van het huidige introverte winkelcentrum in een naar buiten toe gekeerd centrum. • Verbeterde langzaam verkeersverbindingen • Verbeterde ruimtelijke relatie tussen de delen ten oosten en westen van de singel • Verblijfskwaliteit aan de singel • De doorgaande ‘snel’weg door het centrum (een deel van de Satellietbaan) verdwijnt • Poging tot aangenaam dorpsplein SPvE: De zwakke punten van het SPvE: • De ruimtelijke hoofdopzet door 5 blokken te maken is niet ‘dorps’. De openbare ruimte tussen de blokken is veel van hetzelfde namelijk breed en wijd. De overheersende maat van 40 meter leidt niet tot een aangename gezellige centrumkwaliteit. Door drie pleinen te maken wordt dit niet opgelost. 1 plein is voldoende. De formele opzet is niet dorps. Er ontstaan nergens betekenisvolle zichtlijnen. Het lijkt alsof de stedenbouwkundige een groter Masterplan heeft willen maken en de blokopzet in gedachten heeft doorgezet over de bestaande flats tot aan de snelweg. 10
  • 11. • Het centrum wordt sterk uitgerekt tot 300 meter van dorpsplein tot campus. • Het woonprogramma lijkt wat overspannen waardoor er hoge blokken ontstaan. • De architectonische referenties zijn erg stedelijk. • Het autoverkeer wordt om het centrum heen geleid, afgevraagd kan worden of de te verwachten intensiteiten zo groot zijn dat dit noodzakelijk is. Misschien kan het ook door het 30 km centrumgebied. • Een dorpscentrum moet specifieke plekken en ruimtes hebben en niet neutraal van opzet zijn. Er zijn geen Duivendrechtse aanknopingspunten zichtbaar in het plan. Het plan is niet verankerd aan aanwezige kwaliteiten: 1 dorpslint (met diversiteit aan bebouwing), 2 de singel (vergezichten en grote groenkwaliteit) en 3 de grote groene ruimte (Zonnehof). • Het groene park de Zonnehof wordt meer dan gehalveerd en gereduceerd tot groenstrook van 30 meter i.p.v. 70 tot 100 meter. • Voor Saturnus komt op 30 meter afstand een nieuw gebouw dat veel hoger is en dichterbij komt dan de huidige school. • De doorgaande weg met bus loopt door het park de Zonnehof. • De Kloostersingel, een erg mooi onderdeel van Duivendrecht, wordt over een lengte van 80 meter versmald, verhard en het bomenlaantje verdwijnt. De kades kunnen niet bebouwd worden en de ruimte tussen de gevel en het water wordt overmaats (20 meter breed). • De winkels liggen versnipperd en om de hoek van elkaar. Dit is niet overzichtelijk, er is geen sprake van 1 winkelstraat met dubbelzijdige bewinkeling of 1 duidelijk overzichtelijk winkelplein. Op deze wijze zal een winkelcentrum van deze omvang niet goed functioneren. 11
  • 12. 7. Adviezen overleggroep Deze adviezen zijn opgebouwd uit zes delen: 1. Wat moet er juist wel en niet in het nieuwe Dorpshart komen 2. Sfeerbepalende elementen bij de uitwerking, met een beschrijving van deze elementen en selectie van beelden 3. Het alternatieve plan met motivatie overleggroep 4. Het alternatieve plan met vogelvlucht en nadere uitleg Attika 5. Verschillende varianten voor verkeer met een inhoudelijke toelichting waar nodig 6. Adviezen over het dorpshart van Duivendrecht (paragraaf 8) 7.1 Wel/ niet in het nieuwe Dorpshart De overleggroep en de onafhankelijke architecten zijn van mening dat Duivendrecht een nieuwe impuls kan gebruiken, al verschillen de overleggroepleden over de mate waarin die impuls nodig is. Het huidige SPvE is als basis neergelegd voor de planontwikkeling, waarin ruimte is om verder uit te werken naar beeldkwaliteit en dergelijke. Wel in het nieuwe Dorpshart Dorpse sfeer • Gebruik als referentie een Engels plattelandsdorp • Groen en kleinschalig • Dorpspomp, Gotisch kerkje, brink • Ambiance: warm/levending/jaren ’30 t/m ‘50 • Open/uitnodigend > visitekaartje • ‘Vriendelijke’ uitstraling: Dorpshuis, ontmoeten, terras, laagdrempelig • Pittoreske uitstraling • Vlekbebouwing/lintbebouwing Rijksstraatweg gebruiken als referentie • Veel groen, ook in/om de pleinen • Aantrekkelijke plek om in te verblijven: moet ook tot uitdrukking komen in de architectuur Programma • Verdiept bouwen en parkeren • Wonen/woningen op maaiveldniveau (ook t.b.v. sociale veiligheid en levendigheid) • Afwisselend middelhoog- en laagbouw • Maximaal middelhoogbouw, geen hoogbouw • Laagbouw/eengezinswoningen i.v.m. gewenste verjonging in Duivendrecht • Eengezinswoningen t.b.v. doorstroom en sociale cohesie in Duivendrecht • Woningen naast scholen plaatsen in bouwvlek i.p.v. woningen boven scholen (in dat geval krijgen de scholen meerdere lagen) • Erkenning huidige karakter heel Duivendrecht = eengezinswoningen • Organische bouwvlakken en vloeiende lijnen • Meer koopkracht aantrekken = dure woningen en luxe seniorenwoningen > doorstroming • Gebruik als referentie de Rijksstraatweg in Duivendrecht 12
  • 13. • Duurzame bouw (in materialen, isolatie en energiesystemen) • Duurzaamheid integraal meenemen in verdere planvorming • Duurzaamheid toepassingen op gebied van energie- en klimaatbehandeling in en van de gebouwen Voorzieningen • Goede kwaliteit van winkels in het Dorpshart • Een buurtwinkelcentrum met de juiste combinatie voor dagelijkse boodschappen • Buurtwinkelcentrum voor alle inwoners van Duivendrecht • Verhouding huurprijs/ omzet winkels bewaken (financieel-economische relatie) • Voldoende parkeerruimte • Meer parkeerruimte aan oog ontrekken = verdiept • Ondergrondse afvalcontainers • Kinderopvang op maaiveld > kleine kinderen Niet in het nieuwe Dorpshart • Gesloten bouwblokken • Nieuwe dorpshart geen barrière laten worden in dorp • Te grote schaal • Half verdiept parkeren • Verkeersonveilig • Als referentie de hoogte van de bebouwing van het Waddenland en de flats in het Zonnehof gebruiken • Verstening / te ‘harde’ bestrating • Rechte lijnen • Alles bestraten 7.2 Sfeerbepalende elementen bij de uitwerking: beschrijving en selectie van beelden De adviezen hieronder geven richting en input voor de dorpse sfeer en elementen die deze sfeer oproepen/versterken. Architectuur/verschijningsvorm • Huidige Waddenland, positionering gebouw in groen = pluspunt • Diversiteit aan architectuur in verschillende blokken • Variatie in hoogte, dakgoten • Herenhuizen, eengezinswoningen • Architectuurstijl jaren ’10 t/m ‘50 • Architectuurstijl jaren ‘60/70 is wél context, maar niet inspiratiebron • Relatie leggen met oud Duivendrecht – lintbebouwing • Gesloten blokken wel mogelijk, mits de gevel grote diversiteit kent • Afwisselend en creatief • Waterkanten natuurlijk, zonder verstening door kades • Afwisseling van sferen 13
  • 14. • Organisch: slingerende straten, afwisseling in bouw Relatie met de omgeving/sfeer • Aantrekkelijk dorpsplein waar je prettig en met plezier verblijft • Functiemenging in bouwblokken • Functiemening in plan • Winkels/voorzieningen in plint, woningen daarboven • Binnentuinen hoeven niet overal zo besloten te zijn, maar kunnen ook grenzen aan de openbare ruimte, bijvoorbeeld door openingen Groen • Romantisch, lommerrijk groen en bomen behouden/laten terugkomen • Groene stroken tussen de blokken in • Open, groene stroken -> huidige groene context behouden • Groen onderhouden • Sociaal veilig groen; ontmoedigen dat het een hangplek wordt voor jongeren • Groen gecombineerd met water, kwaliteit Singel behouden. Constateringen/opmerkingen • Duivendrecht is een dorp met lintbebouwing en groene stroken, min of meer verscholen/gecamoufleerd tussen een grote hub van metrolijnen, spoorlijnen en autowegen. • Door de overleggroep wordt vooral gerefereerd aan bouw uit de jaren ’10, ‘20 en ’30. Relateren aan Oud Duivendrecht in plaats van een tussenfase. • De gemeente doet ten aanzien van de voorzieningen (scholen, zorg) flinke investeringen. Zij ontvangt bijvoorbeeld geen huurgelden van de scholen en moet voldoen aan de wettelijke plichten en normen ten aanzien van onderwijs. Dit drukt zich uit in het volume van de kostendragers. • De gemeenteraad heeft het SPvE vastgesteld. Wezenlijk onderdeel en opdracht van de raad is dat de (huidige) verschillende gebieden en functies moeten worden gekoppeld • Onder/nabij de Kloostersingel ligt hoogwaardige, ondergrondse infrastructuur (glasvezel, hogedrukleidingen, industriële nutsvoorzieningen). Hiermee moet rekening worden gehouden bij de verdere uitwerking van het SPvE. 7.3 Alternatief plan: de vertaling van dorpse wensen plan: De architecten Rop van Loenhout en Rickerd van der Plas hebben zes verschillende modellen gemaakt aan de hand van de twee workshops. Het programma van het SPvE is daarbij aangehouden, met uitzondering van het lagere woningaantal en toevoeging van de peuterspeelzaal. Na de voors en tegens van deze modellen te hebben afgewogen kiest de overleggroep voor één alternatief model voor het SPvE met drie verschillende varianten voor het verkeer: A, C en E. De motivatie/ argumenten voor de verkeersvarianten vindt u op pagina 20. Hieronder de uitgangspunten van de overleggroep voor het alternatieve plan en de motivatie en beschrijving van de kwaliteiten ervan. 14
  • 15. Alternatief voor het SPvE: dorpser Het alternatief dat de overleggroep voorstelt voor het dorpshart heeft de volgende uitgangspunten: a. Eén aaneengesloten ruimtelijk gebied, één plein Het SPvE heeft twee pleinen én het middengebied aan het water. Het alternatieve plan van de overleggroep gaat uit van één aaneengesloten gebied, waarvan één echt winkelplein, vanuit de overtuiging dat het al moeilijk genoeg is om één plein een levendige functie zou kunnen krijgen. met zichtlijnen. Dit winkelplein is op het zuiden georiënteerd en daarmee op de zon gericht. Deze ‘brink’ is erg geschikt voor (dorpse) evenementen en activiteiten b. ‘Rustig’ programma Bekeken is welk woningaantal redelijkerwijs zou passen in een dorpse setting. Het alternatieve plan komt uit op ongeveer 220 woningen, 50 minder dan in het SPvE staan. De bewonerscommissie Zonnehof, St. Oud-Duivendrecht en het CCD+ zijn van mening dat dit programma nog altijd te omvangrijk en te ambitieus is. A l t e r n a t i e f p l a n v a n d e overleggroep: dorpser. Met varianten A, C en E voor verkeer. (Dit is variant A.) U vindt de toelichting op de verkeersvarianten vanaf pagina 20, 7.5. c. Afwisselende woningtypes In het plan van de overleggroep is gezocht naar meer afwisseling in de woningtypes. Zo komen er grondgebonden woningen in voor, die een (kleinere) begane grond hebben tegen de supermarkt aan, met grotere etages daarboven óp de supermarkt. 15
  • 16. d. Singel is de trots van het hart De Singel met haar groene ‘zachte’ oevers blijft behouden en wordt niet versmald, zoals in het SPvE. De bomenrij langs de singel (het ‘Kloostersingellaantje’) blijft gehandhaafd. e. Scholen apart van wonen De scholen kunnen over meerdere lagen worden ontwikkeld. Dat maakt het ook mogelijk om woningen te maken naast de scholen, in plaats van erboven. f. Programma onderwijs en welzijn Het programma uit het SPvE voor de scholen past binnen de bouwvlek die geschetst is in het alternatief van de overleggroep. Vraagstuk is een logische plaatsing van het schoolplein in deze bouwvlek. Naast de buitenschoolse opvang heeft ook de peuterspeelzaal plek in deze bouwvlek. Tijdelijke voorzieningen moeten zoveel mogelijk worden voorkomen, bijvoorbeeld door deze in het blok aan de singel te plaatsen. Voor het vervolg moeten beheer en exploitatie van de maatschappelijke voorzieningen worden opgenomen. Indien wordt gebouwd binnen 300 meter vanaf de snelweg, moet worden voldaan aan de wettelijke normen voor luchtkwaliteit. g. Parkeren Parkeren ondergronds zorgt ervoor dat er meer ruimte is voor het groen. Voor de winkels is parkeren ondergronds niet nodig, het is juist dorps om gemakkelijk bij de winkels te kunnen komen. h. Verkeer algemeen/verkeersveiligheid In het alternatief van de overleggroep schuift de doorgetrokken 30 km Satellietbaan in alle verkeersvarianten flink op, en komt op grotere afstand van de Zonnehofflats. In alle verkeersvarianten is het mogelijk om een fietsverbinding te creëren langs Waddenland. De overleggroep heeft geen bezwaar tegen behoud van de Begoniastraat door het dorpshart, als de auto er maar wel te gast is. Bij de scholen moeten veilige haal- en brengmogelijkheden voor de kinderen komen. i. Groen behouden en opwaarderen Bomen zijn belangrijk, juist in een omgeving met veel verkeerswegen en luchtvervuiling. Het groen in het Zonnehofgebied moet niet alleen worden behouden, maar de kwaliteit van het groen moet waar nodig worden opgewaardeerd. Waar door teruglopende kwaliteit een noodzaak is tot vervanging van bomen, moeten deze bomen vervangen worden door in elk geval oudere, meer volgroeide bomen. Daarbij wordt gezocht naar type bomen die op de langere termijn het meest wenselijk zijn met het oog op duurzaamheid en variatie in flora en fauna. Het zou goed zijn om in samenwerking met externe deskundigen en inwoners een uitgebreid beplantingsplan op te stellen. 16
  • 17. motivatie 7.4 Alternatief model met vogelvlucht en motivatie Op verzoek van de overleggroep heeft Attika de kwaliteiten van de alternatieve oplossing voor het dorpshart op een rij gezet. Aansluiting op bestaande kwaliteiten van Duivendrecht en het centrumgebied • Een dorps en gezellig centrum voor iedereen in Duivendrecht dat aantrekkelijke, betekenisvolle gebouwen en ruimtes toevoegt aan reeds aanwezige kwaliteiten. • De Kloostersingel blijft behouden met de bestaande (volwassen) bomen. • Het Zonnehofpark blijft groot, met de bestaande (volwassen) bomen. • De auto- en busontsluiting kan op drie manieren in het plan worden ingepast: aan de Zonnehofzijde, op de linkeroever, op de rechteroever} Vogelvlucht alternatief model overleggroep Dorpshart Duivendrecht, gemaakt door Attika Karakteristiek, inrichting en sfeer van de openbare ruimte • De ruimtes in het openbaar gebied zijn divers en hebben bijzondere karakteristieken op logische plekken: het winkelplein, de winkelsteeg, de groene singel, het bomenlaantje, het groene dorpshuisplein (cultuurplein), het Zonnehofpark. • Het winkelplein is een aantrekkelijke verblijfplek (mooi bestraat, groene perken, bomen, bankjes etc.); samen met het parkeerterrein zou er een markt kunnen worden gehouden 17
  • 18. • Voetgangers, fietsers en auto’s kunnen het centrum goed bereiken; auto’s parkeren vóór de winkels op een overzichtelijke parkeerplaats. • Goede langzaam verkeerroutes voor fietsers en voetgangers • Over de Kloostersingel komt een bijzondere, zorgvuldig vormgegeven singelbrug t.b.v. voetgangers en fietsers; ligt logisch in de loop tussen winkels, paviljoen, dorpshuis (bibliotheek, sport, zorg etc.), scholen, kinderdagverblijf , buitenschoolse opvang, peuterspeelzaal en park. De singelbrug maakt het aantrekkelijk om van de ene naar de andere kant van het centrum te gaan. • Aan weerszijden van de nieuwe singelbrug staan twee paviljoens/ kiosken als bruggenhoofden. • De ontsluiting van het centrum wordt vormgegeven als dorpse bestrating: gebakken klinkers en mooi, hoogwaardig en rustig gedetailleerd. Uitsnede Zonnehofgebied • De Zonnehof wordt meer een goed beheerd park en blijft de groene leefruimte van de buurt. De bestaande lay out wordt versterkt en er kunnen parkfuncties aan worden toegevoegd (kinderspeelplek, theepaviljoen, jeu de boules, kunst etc.) Bebouwing: programma en beeld • De sfeer van de bebouwing is dorps, en zoekt aansluiting bij het oude dorpslint van Duivendrecht (Rijkssstraatweg). Dat betekent: uitgangspunt 3 bouwlagen, pandsgewijs gebouwd, diversiteit in architectuur, hogere naast lagere bebouwing (ook gunstig voor bezonning), diverse kapvormen, mix van functies, dorpse materialen (baksteen, pannendak, houten kozijnen en deuren). 18
  • 19. • Het winkelcentrum is open en zichtbaar; het is gericht op de zon. • De winkel/ dienstverlening/ supermarkt blokken hebben rondom voorkanten; bevoorrading kan d.m.v. een middengang. • De supermarkt wordt afgezoomd door woningen zodat geen dichtgeplakte winkelramen ontstaan. • Representatieve woningentrees tussen de winkels; ook levendigheid na sluitingstijd (verlichting). • De woningen zitten in karakteristieke woongebouwen en hebben interactie met en zijn gericht op de directe omgeving. Uitsnede Winkelgebied • Het woonprogramma is divers: appartementen (waaronder seniorenappartementen), grondgebonden woningen, terrasflat. • Gebouwd parkeren onder de nieuwe woningen. • De gebouwen aan het Zonnehofpark staan in het groen; ze maken de overgang van de kleine schaal en korrel van het winkeldeel en de grote schaal van de flats van Zonnehof. • Het blokje met seniorenwoningen staat centraal in de as van de winkelgebiedontsluiting (Waddenlandweg) en betrekt beide centrumruimtes bij elkaar. • Aan de zijde van de Kloostersingel maken ze een representatieve singelwand; de kop van het dorpshuis is goed zichtbaar vanuit de winkelzijde en betrekt beide centrumruimtes bij elkaar. • De scholen/ kinderdagverblijf/buitenschoolse opvang: gebouw in het groen en interactie met de directe omgeving 19
  • 20. verkeer erkeers 7.5 Verschillende verkeersroutes: verkeersvarianten De verkeersvarianten A, C en E gaan uit van hetzelfde alternatieve plan. Hieronder een toelichting per verkeersvariant. In de discussie worden de verkeersstromen van de scholieren meegenomen: • 38 % komt van buiten Duivendrecht • 14 % uit het Zonnehofgebied • 48 % uit Duivendrecht, anders dan Zonnehof De overleggroep vindt het belangrijk dat deze kinderroutes bepalend zijn bij de uitwerking en invulling van de verkeersinfrastructuur. Hieronder de genoemde voor en nadelen ten aanzien van deze infrastructuur per variant. Variant A (weg buiten het dorpshart om, door de Zonnehof, langs nieuwe bebouwing) Variant A • Veel bochten in de weg Zonnehof = verkeersremmend • Uitgangspunt SPvE aaneengesloten ruimte winkelplein <>campus blijft in deze variant meest overeind • Er is sprake van een ‘knip’ in het Zonnehofgebied, omdat er een weg doorheen loopt • Fietspad langs Kloostersingel; kwaliteit singel (incl. bomen) blijft behouden • Meest aantrekkelijke variant voor woningbouw Zonnehof (ontsluiting woningen) • Huidig beeld/zichtlijn blijft behouden; geen extra brug voor auto’s over singel • Nieuwe weg Zonnehof flink naar oosten verschoven in vergelijking SPvE 20
  • 21. Variant C (twee tweerichtingsstraten langs singel) Variant C • Gebouwen worden iets meer opgeschoven richting het westen, dat maakt het park iets kleiner (dan bij variant A of E) • Knip in gebied winkelplein <> campus • Minst verkeersveilige optie van de varianten A, C en E (hoewel CCD+ dit arbitrair vindt) • Via deze weg trekken auto’s harder door vanaf Van der Madeweg, wat vraagt om verkeersremmende maatregelen • Zichtlijn singel behouden • Toegangsweg nog creëren voor afsluitend ‘landgoedblok’, midden in Zonnehofgebied 21
  • 22. Variant E (schuin geplaatste brug over singel; tweerichtingsverkeer Begoniastraat) • Optie voor wonen aan water • Moet wel een veilige fietsroute in komen voor bereikbaarheid scholen • Brug is aantasting zichtlijn/kwaliteit singel • Bestemmingsplan Duivendrecht moet mogelijk worden aangepast, want schuin geplaatste brug doet mogelijk beroep op ander gebruik grond dan waarvoor bestemd • Brug is een duur ding in aanleg, dus financieel minder aantrekkelijk dan vooral A en in mindere mate C Het merendeel van de overleggroep heeft een lichte voorkeur voor de verkeersvarianten A en E aan de hand van de criteria veiligheid, dorpsheid (relatie park /relatie winkelplein), kosten van de aanleg en de samenhang met het centrum. De overleggroep is van mening dat deze drie verkeersvarianten mee moeten worden genomen in het advies. Het CCD+ en de bewonerscommissie Zonnehof hebben - mocht dit alternatieve plan met een van de verkeersvarianten worden uitgevoerd - dan de voorkeur voor verkeersvariant C. De Vereniging van Huiseigenaren Waddenland is geen voorstander van variant E. 22
  • 23. 8. Vervolgproces Vervolgproces De overleggroep geeft de volgende adviezen over het dorpshart van Duivendrecht: • De overleggroep adviseert de gemeente het vastgestelde SPvE niet onherroepelijk door te zetten, maar te kiezen voor het alternatief van de overleggroep. Naar de mening van de overleggroep is er voor onderdelen uit het SPvE onvoldoende draagvlak onder de Duivendrechters. • Daarnaast adviseert de overleggroep met klem om alle Duivendrechters de gelegenheid te geven hun mening te geven over de verkeersvarianten, in de vorm van een soort volksraadpleging. Belangrijk is dat het College c.q. de gemeenteraad zich committeert aan de uitslag van deze raadpleging. • De overleggroep ziet graag dat een groep als deze, of een voortzetting van deze overleggroep, betrokken is bij de verdere uitwerking van de deelplannen en de ontwikkeling van een Beeldkwaliteitplan en/of het meedenken over alternatieven met betrekking tot de verkeersinrichting, woningtypen, de inrichting van de openbare ruimte, inclusief een beplantingsplan. • Graag aandacht voor de gemeentelijke communicatie naar Duivendrecht: de inwoners van Duivendrecht en belanghebbenden moeten goed op de hoogte worden gehouden van het de planvorming tot nu toe en de planning voor de komende periode. • Uitwerking van verdere plannen door de overleggroep op te nemen als pilot van het project Burgerparticipatie van de gemeente Ouder-Amstel. • Betrekken van beheer en exploitatieramingen bij de uitwerking van het onderwijs- en welzijnsonderdeel. • Bouwoverlast tijdens de vernieuwing moet zoveel mogelijk worden beperkt, er moet duidelijk en helder worden gecommuniceerd over planning en werktijden et cetera. Het zou goed zijn een gezamenlijk beheerplan op te stellen, waarin o.a. maatregelen zijn opgenomen die de bouwoverlast zoveel mogelijk beperken. • De gemeente zou de te voorziene en logischerwijs te verwachten schade i.v.m. het bestemmingsplan, in goed overleg met betrokkenen moeten proberen te schikken i.p.v. de juridische planschadeprocedure. 23