Your SlideShare is downloading. ×
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Powerpoint hl ce vt32013 effect
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Powerpoint hl ce vt32013 effect

153

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
153
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. Effectonderzoek in de kunstzinnige therapie
  • 2. Wat is effectonderzoek? • Effectonderzoek is onderzoek waarbij gestreefd wordt naar het aantonen van een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect
  • 3. Wie vraagt om effectonderzoek? • Cliënten, in relatie tot het moeten maken van een keuze uit groot therapie-aanbod • Beroepsbeoefenaars, in relatie tot professionalisering • Instellingen, in relatie tot kwaliteit(smeting) van geleverde zorg • Overheden en inspecties, in relatie tot bewaking van de kwaliteit van de zorg • Verzekeraars, in relatie tot financiering
  • 4. Scala aan effectonderzoek • Gevalsstudie of casusbeschrijving • Meervoudige gevalsstudie (met metingen) • Kwalitatief onderzoek naar (gemeten) effecten • Kwantitatief onderzoek naar kwantitatieve effecten • Kwantitatief onderzoek met vergelijking van effecten • Natuurlijk verloop van onderzoeksopzet • Hoe langer hoe meer betrokkenen • Hoe langer hoe minder contact per betrokkene • Wetenschappelijk: hoe langer hoe ‘betrouwbaarder’
  • 5. Scala aan effectonderzoek • Gevalsstudie of casusbeschrijving – Kwalitatief of verhalend chronologisch verslag – Eventueel: nul-, (tussen-) en eindmeting – Nesrine • Meervoudige gevalsstudie (met metingen) – Vergelijkbare cases, overtuigingskracht – Opdracht vierde jaar • Kwalitatief onderzoek naar (gemeten) effecten – Grotere aantallen cases (kwantitatief) – Analyses nog beschrijvend – Zoals vb. Kunzt. Atelier bedoeld was – Onderzoek gekoppeld aan zorgprogramma’s
  • 6. Scala aan effectonderzoek (2) • Kwantitatief onderzoek naar kwantitatieve effecten – Grotere aantallen (kwantitatief) – Kwantitatieve analyses • Kwantitatief onderzoek met vergelijking van effecten – Doel- en controlegroep – Door toeval ontstane doel- en controlegroepen (RCT)
  • 7. Soorten effectonderzoek Twee uitersten: • Casuïstisch effectonderzoek – Een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect op basis van één casus – Belangrijk voor kunstzinnig therapeuten!! • Klinisch effectonderzoek (RCT) – Een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect – Doelgroep en controlegroep
  • 8. Voorbeeld CEO • Gordelroos: • Je smeert zalf (de interventie) op de wond en de wond geneest (effect). • Conclusie?
  • 9. Voorbeeld CEO (2) • Medicatie hoge bloeddruk (interventie) gestart in week 11: • Wat als medicatie gestart was in week 1 of in week 21? 0 50 100 150 200 1 3 5 7 9 11 13 15 17 19 21
  • 10. CEO gebaseerd op patroonherkenning • De cursor op een computerscherm beweegt als ik een (aangesloten) muis beweeg • Mijn zoon krijgt uitslag rond zijn mond na het eten van aardbeien
  • 11. Welke aspecten overtuigen je van het effect van de interventie? • Overeenkomst in lokatie van interventie en optredend effect • Overeenkomst in tijdstip van interventie en optredend effect (effect na interventie) – Belangrijk om klachtenpatroon (lang) voor de therapie in kaart te brengen • Overeenkomst in patroon (in tijd of in ruimte) • Kun je patroonovereenkomst gebruiken om het effect van kunstzinnige therapie aan te tonen?
  • 12. Casuistisch effectonderzoek binnen KT
  • 13. Welke patronen kun je volgen en vergelijken binnen de KT? • …
  • 14. Patroonovereenkomst? KT INTERVENTIE: • Probeer pigment en water goed – en in de juiste verhouding – te mengen (sessie 3, 4, 5, 7, 8, 10) EVALUATIE: • Kleurgebruik is helderder en lichter (sessie 9, 10, 11) INTERVENTIE: • Probeer kleuren in lagen op te brengen, en probeer het gebruik van contourlijnen te voorkomen (5, 7, 9) • Probeer meer kleurovergangen te maken (10) EVALUATIE: • Meer nuance in kleur (7, 8, 9, 10, 11)
  • 15. Patroonovereenkomst KT? (2) INTERVENTIES: • Probeer kleuren in lagen op te brengen, en probeer het gebruik van contourlijnen te voorkomen (5, 7, 9) • Probeer een beweging van de kwast te volgen (vanuit de impuls) en niet (vanuit het hoofd) te sturen (3, 7) • Probeer minder verkrampte (lossere) bewegingen te maken (3) EVALUATIE: • Vormen zijn organischer (minder statisch 8 t/m 11) • Het werk ‘nodigt meer uit’ (9, 10, 11) • Er zit meer diepte in de werkstukken (9, 10, 11)
  • 16. Patroonovereenkomst KT? (3) • Mogelijk patroonovereenkomst, maar (discussie!!): • Is de toename in schildervaardigheid debet aan de geconstateerde veranderingen? • Is contact met de therapeut debet aan de geconstateerde veranderingen?
  • 17. Soorten effectonderzoek Twee uitersten: • Casuïstisch effectonderzoek – Een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect op basis van één casus – Belangrijk voor kunstzinnig therapeuten!! • Klinisch effectonderzoek – Een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect – Doelgroep en controlegroep
  • 18. Klinisch effectonderzoek: RCT (1) • Er treedt een effect op. Wat zijn de mogelijke verklaringen voor het optreden van het waargenomen effect? – .... – .... • Kijken vanuit toeschouwersbewustzijn i.t.t. kijken vanuit deelnemersbewustzijn
  • 19. Klinisch effectonderzoek: RCT (2) • Wat zijn de mogelijke verklaringen voor het optreden van een waargenomen effect? – Specifieke effect (SE) interventie – Externe factoren (EF) die het effect van de interventie beinvloeden (‘placebo-werking’) – Natuurlijke beloop (NB) van het proces – Meetfouten (MF) • WE = SE + EF + NB + MF • Minimaliseer EF, NB en MF dan kun je het SE zo zuiver mogelijk bepalen
  • 20. Klinisch effectonderzoek: RCT (3) • Gebruik een doelgroep en een controlegroep • Voor doelgr. WEd = SEd + EFd + NBd + MFd • Voor con.gr. WEc = SEc + EFc + NBc + MFc • Als doel- en controlegroep vergelijkbaar, dan: – is EFd = EFc – en NBd = NBc – en MFd = MFc – en als SEc ongelijk is aan SEdwordt het verschil aan de interventie toegeschreven
  • 21. Klinisch effectonderzoek: RCT (4) • Wanneer zijn doel- en controlegroep vergelijkbaar? – Als groepen cliënten groot genoeg zijn – Als groepen cliënten door toeval zijn ontstaan • Randomisatie – Als zowel cliënten als behandelaars niet weten wie bij welke groep hoort • Dubbelblind • Gerandomiseerde, dubbelblinde opzetten – RCT studies • Meta-analyses
  • 22. Kunnen we iets met deze kennis? • Ja… (denk aan deelvraag d)!!!! • Bekijk het natuurlijke beloop van de klachten voorafgaand aan de KT (anamnese) • Probeer meetfouten zoveel mogelijk te voorkomen (gebruik meetinstrumenten op de correcte manier) • Breng externe factoren die het effect van de KT kunnen beïnvloeden zo veel mogelijk in kaart • Wat niet samenhangt met bovenstaande factoren is wellicht het specifieke effect van KT
  • 23. Wat leert een RCT? • De meest effectieve behandeling voor een gemiddelde patiënt – Geen zicht op de meest effectieve behandeling bij een individuele patiënt • De interventie die gemiddeld genomen de meeste kans van slagen heeft – Geen zicht op factoren die afwijkingen van het gemiddelde verklaren
  • 24. De draad van het verhaal: • Bij effectonderzoek wordt gestreefd naar het aantonen van een onweerlegbaar verband tussen een (therapeutische) interventie en een optredend effect • De gouden standaard voor effectonderzoek is het dubbelblinde, gerandomiseerde onderzoek • KT heeft nu grote behoefte aan het expliciteren van ervaringskennis als basis voor goed gedocumenteerde n=1 studies – Gevalsbeschrijvingen hebben weinig wetenschappelijke overtuigingskracht – Op basis van meerdere casusbeschrijvingen zijn meer algemene uitspraken te doen over het effect van KT – Voorbereiding voor RCT studie
  • 25. Opdracht module OZV: Het werkplan (week 38)
  • 26. Onderzoeksvoorstel of werkplan • Inleiding en probleemstelling • Vraagstelling • Eventueel formulering van deelvragen • Werkwijze • Literatuurlijst (indien relevant)
  • 27. Inleiding • Achtergrond van het onderzoek – Overzicht bestaande kennis m.b.t. voorgenomen onderzoek – Gegevens om relevantie onderzoek aan te geven – Probleem- en vraaginleidend • Afgestemd op je doelgroep – HBO of WO geschoolde Nederlander • Enthousiasmerend maar zakelijk
  • 28. Probleemstelling • Wat is het probleem waar je aan gaat werken? • Voor wie is dat een probleem? • Wanneer treedt dat probleem op? • Wat wordt er opgelost als je je onderzoek uitgevoerd hebt? • …
  • 29. Werkwijze (b, c, d) – denk aan: • (b/c) Toestemmingsformulier cliënt – Deelname aan onderzoek en gebruik publicatie van (geanonimiseerde) gegevens • (c/d) Gedetailleerde omschrijving van klachten en het verloop van die klachten in de tijd • Ondubbelzinnige (liefst geoperationaliseerde of meetbare) weergave van de hulpvraag • (b/c) Weergave van beoogde therapiedoelen, gegeven opdrachten, gepleegde interventies, gedrag van cliënt(en) etc. per sessie – Maak het verslag direct na de sessie! – Wees zo volledig mogelijk • (d) Inventarisatie van verstorende factoren – Medicatie, andere therapievormen etc.
  • 30. Literatuurlijst • Gebruikte literatuur • Aangeraden literatuur • APA-norm!!!!
  • 31. Voorstel voor vervolgonderzoek • Inleiding en probleemstelling • Vraagstelling • Eventueel formulering van deelvragen • Werkwijze • Literatuurlijst (indien relevant) • Het gaat om een onderzoek zo groot als het vierdejaars onderzoek (dus 6 EC)
  • 32. Verslaglegging
  • 33. Verslag of artikel (+ volgorde) • Samenvatting • Inleiding en probleemstelling • Vraagstelling en deelvragen • Werkwijze • Resultaten • Discussie • Conclusie • Literatuurlijst • Bijlagen
  • 34. Verslag of artikel (+ volgorde) • 6. Samenvatting • 5. Inleiding en probleemstelling • 6. Vraagstelling en deelvragen • 3/4. Werkwijze • 2. Resultaten • 3/4. Discussie • 3/4. Conclusie • 7. Literatuurlijst • 1. Bijlagen

×