Korinthe studie 25

562 views
517 views

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
562
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
370
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Korinthe studie 25

  1. 1. 24 april 2014 Bodegraven1
  2. 2. volwassenheid vergaat nimmer geloof hoopliefde profetie tongen kennis liefde onmondigheid heeft afgedaan wat blijft... geloof & hoop verwisseld in aanschouwen 2 samenvatting vorige keer:
  3. 3. 1Korinthe 14 1 Jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes, doch vooral naar het profeteren. 3
  4. 4. 1Korinthe 14 1 Jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes, doch vooral naar het profeteren. 4 lett. de geestelijke (uitinge)n
  5. 5. 1Korinthe 14 1 Jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes, doch vooral naar het profeteren. 5 lett. dat jullie zullen profeteren
  6. 6. 1Korinthe 14 2 Want wie in een tong spreekt, spreekt niet tot mensen, maar tot God, want niemand verstaat het; door de Geest spreekt hij geheimenissen. 6 = een nooit geleerde taal Hand.2:11
  7. 7. 1Korinthe 14 2 Want wie in een tong spreekt, spreekt niet tot mensen, maar tot God, want niemand verstaat het; door de Geest spreekt hij geheimenissen. 7 d.w.z. zoals het in Korinthe toeging vergl. Hand.2:11
  8. 8. 1Korinthe 14 2 Want wie in een tong spreekt, spreekt niet tot mensen, maar tot God, want niemand verstaat het; door de Geest spreekt hij geheimenissen. 8 lett. in-Geest
  9. 9. 1Korinthe 14 2 Want wie in een tong spreekt, spreekt niet tot mensen, maar tot God, want niemand verstaat het; door de Geest spreekt hij geheimenissen. 9 Gr. verborgenheden (Gr. mysteries) >
  10. 10. 10 geheimenissen = wat God vandaag doet (=de groten daden Gods) in het verborgene = in de tijd dat Israël niet verstaat en het heil naar de natiën is gezonden
  11. 11. 1Korinthe 14 3 Maar wie profeteert, spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend. 11 = toen de ekklesia nog niet volwassen was (13:8-10)
  12. 12. 1Korinthe 14 3 Maar wie profeteert, spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend. 12
  13. 13. 1Korinthe 14 3 Maar wie profeteert, spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend. 13 = tot opbouw
  14. 14. 1Korinthe 14 3 Maar wie profeteert, spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend. 14 lett. naast-roepend > aanmoediging
  15. 15. 1Korinthe 14 3 Maar wie profeteert, spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend. 15 lett. vertroostend
  16. 16. 1Korinthe 14 4 Wie in een tong spreekt, sticht zichzelf, maar wie profeteert, sticht de gemeente. 16 d.w.z. als niemand het verstaat
  17. 17. 1Korinthe 14 4 Wie in een tong spreekt, sticht zichzelf, maar wie profeteert, sticht de gemeente. 17
  18. 18. 1Korinthe 14 5 Ik wilde wel, dat gij allen in tongen spraakt, maar liever nog, dat gij profeteerdet. Wie profeteert, is meer dan wie in tongen spreekt, tenzij hij het ook uitlegt, zodat de gemeente stichting ontvangt. 18
  19. 19. 1Korinthe 14 5 Ik wilde wel, dat gij allen in tongen spraakt, maar liever nog, dat gij profeteerdet. Wie profeteert, is meer dan wie in tongen spreekt, tenzij hij het ook uitlegt, zodat de gemeente stichting ontvangt. 19
  20. 20. 1Korinthe 14 5 Ik wilde wel, dat gij allen in tongen spraakt, maar liever nog, dat gij profeteerdet. Wie profeteert, is meer dan wie in tongen spreekt, tenzij hij het ook uitlegt, zodat de gemeente stichting ontvangt. 20 lett.groter
  21. 21. 1Korinthe 14 5 Ik wilde wel, dat gij allen in tongen spraakt, maar liever nog, dat gij profeteerdet. Wie profeteert, is meer dan wie in tongen spreekt, tenzij hij het ook uitlegt, zodat de gemeente stichting ontvangt. 21 of: vertalen >
  22. 22. 22
  23. 23. 1Korinthe 14 6 En nu, broeders, als ik tot u kom en spreek in tongen, wat nut zal ik u brengen, als ik mij niet tot u richt, of met een openbaring, of met kennis, of met profetie, of met onderricht? 23
  24. 24. 1Korinthe 14 6 En nu, broeders, als ik tot u kom en spreek in tongen, wat nut zal ik u brengen, als ik mij niet tot u richt, of met een openbaring, of met kennis, of met profetie, of met onderricht? 24
  25. 25. 1Korinthe 14 6 En nu, broeders, als ik tot u kom en spreek in tongen, wat nut zal ik u brengen, als ik mij niet tot u richt, of met een openbaring, of met kennis, of met profetie, of met onderricht? 25
  26. 26. 1Korinthe 14 6 En nu, broeders, als ik tot u kom en spreek in tongen, wat nut zal ik u brengen, als ik mij niet tot u richt, of met een openbaring, of met kennis, of met profetie, of met onderricht? 26
  27. 27. 1Korinthe 14 7 Hoe toch zal men zelfs bij onbezielde dingen, die geluid geven, fluit of citer, als zij geen verschil in toon doen horen, te weten komen wat op de fluit of de citer gespeeld wordt? 27
  28. 28. 1Korinthe 14 7 Hoe toch zal men zelfs bij onbezielde dingen, die geluid geven, fluit of citer, als zij geen verschil in toon doen horen, te weten komen wat op de fluit of de citer gespeeld wordt? 28 blazen (= geest) > leven
  29. 29. 1Korinthe 14 7 Hoe toch zal men zelfs bij onbezielde dingen, die geluid geven, fluit of citer, als zij geen verschil in toon doen horen, te weten komen wat op de fluit of de citer gespeeld wordt? 29 Gr. kithara >
  30. 30. 30 Psalm 49:5 (NBG) Ik zal mijn geheimenis bij de citer ontsluieren... Hebr. kinor >> kinneret
  31. 31. 1Korinthe 14 7 Hoe toch zal men zelfs bij onbezielde dingen, die geluid geven, fluit of citer, als zij geen verschil in toon doen horen, te weten komen wat op de fluit of de citer gespeeld wordt? 31
  32. 32. 1Korinthe 14 7 Hoe toch zal men zelfs bij onbezielde dingen, die geluid geven, fluit of citer, als zij geen verschil in toon doen horen, te weten komen wat op de fluit of de citer gespeeld wordt? 32
  33. 33. 1Korinthe 14 8 Immers, indien de bazuin een onduidelijk geluid geeft, wie zal zich gereed maken tot de strijd? 33
  34. 34. 1Korinthe 14 8 Immers, indien de bazuin een onduidelijk geluid geeft, wie zal zich gereed maken tot de strijd? 34 Num.10:9 Joz.6:4-20 Richt.7:16-18 Amos 3:6
  35. 35. 1Korinthe 14 9 Evenzo, indien gij met uw tong geen verstaanbare volzin spreekt, hoe zal men het gesprokene begrijpen? Gij zoudt immers in de lucht spreken? 35 lett. jullie door de taal
  36. 36. 1Korinthe 14 9 Evenzo, indien gij met uw tong geen verstaanbare volzin spreekt, hoe zal men het gesprokene begrijpen? Gij zoudt immers in de lucht spreken? 36 lett. begrijpelijk woord geeft
  37. 37. 1Korinthe 14 9 Evenzo, indien gij met uw tong geen verstaanbare volzin spreekt, hoe zal men het gesprokene begrijpen? Gij zoudt immers in de lucht spreken? 37 lett. kennen, weten
  38. 38. 1Korinthe 14 9 Evenzo, indien gij met uw tong geen verstaanbare volzin spreekt, hoe zal men het gesprokene begrijpen? Gij zoudt immers in de lucht spreken? 38 ... ins blaue hinein
  39. 39. 1Korinthe 14 10 Er zijn wie weet hoe vele soorten van klanken in de wereld en niets is zonder zijn eigen klank. 39 > talen
  40. 40. 1Korinthe 14 10 Er zijn wie weet hoe vele soorten van klanken in de wereld en niets is zonder zijn eigen klank. 40 lett. klankloos > klank zonder betekenis
  41. 41. 1Korinthe 14 11 Indien ik nu de betekenis van een klank niet ken, zal ik voor iemand, die spreekt een vreemde zijn en de spreker zal voor mij een vreemde zijn. 41 lett. de kracht van de klank
  42. 42. 1Korinthe 14 11 Indien ik nu de betekenis van een klank niet ken, zal ik voor iemand, die spreekt een vreemde zijn en de spreker zal voor mij een vreemde zijn. 42 lett. barbaar iemand die geen Grieks kent
  43. 43. 1Korinthe 14 12 Zo moet ook gij, omdat gij naar geestelijke gaven streeft, trachten uit te munten tot stichting van de gemeente. 43 lett. jullie ijveraars van geesten zijn vergl. 14:32 "geesten der profeten"
  44. 44. 1Korinthe 14 12 Zo moet ook gij, omdat gij naar geestelijke gaven streeft, trachten uit te munten tot stichting van de gemeente. 44 lett. zoek dat jullie overvloedig moge zijn
  45. 45. 1Korinthe 14 13 Derhalve moet hij, die in een tong spreekt, bidden, dat hij het moge uitleggen. 45
  46. 46. 1Korinthe 14 13 Derhalve moet hij, die in een tong spreekt, bidden, dat hij het moge uitleggen. 46 = vertalen
  47. 47. 1Korinthe 14 14 Want indien ik bid in een tong, bidt mijn geest wel, maar mijn verstand blijft onvruchtbaar. 47
  48. 48. 1Korinthe 14 14 Want indien ik bid in een tong, bidt mijn geest wel, maar mijn verstand blijft onvruchtbaar. 48 = de Geest die ik heb ontvangen Rom.8:15
  49. 49. 1Korinthe 14 14 Want indien ik bid in een tong, bidt mijn geest wel, maar mijn verstand blijft onvruchtbaar. 49
  50. 50. 1Korinthe 14 15 Hoe staat het dan? Ik zal bidden met mijn geest, maar ook bidden met mijn verstand; ik zal lofzingen met mijn geest, maar ook lofzingen met mijn verstand. 50 lett. in-de Geest
  51. 51. 1Korinthe 14 15 Hoe staat het dan? Ik zal bidden met mijn geest, maar ook bidden met mijn verstand; ik zal lofzingen met mijn geest, maar ook lofzingen met mijn verstand. 51 lett. in-het verstand
  52. 52. 1Korinthe 14 15 Hoe staat het dan? Ik zal bidden met mijn geest, maar ook bidden met mijn verstand; ik zal lofzingen met mijn geest, maar ook lofzingen met mijn verstand. 52
  53. 53. 1Korinthe 14 16 Want anders, indien gij een zegen uitspreekt met uw geest, hoe zal iemand, die als toehoorder aanwezig is, op uw dankzegging zijn amen spreken? Hij weet immers niet, wat gij zegt. 53 lett. zegent in Geest
  54. 54. 1Korinthe 14 16 Want anders, indien gij een zegen uitspreekt met uw geest, hoe zal iemand, die als toehoorder aanwezig is, op uw dankzegging zijn amen spreken? Hij weet immers niet, wat gij zegt. 54
  55. 55. 1Korinthe 14 16 Want anders, indien gij een zegen uitspreekt met uw geest, hoe zal iemand, die als toehoorder aanwezig is, op uw dankzegging zijn amen spreken? Hij weet immers niet, wat gij zegt. 55 dankzegging = zegening
  56. 56. 1Korinthe 14 16 Want anders, indien gij een zegen uitspreekt met uw geest, hoe zal iemand, die als toehoorder aanwezig is, op uw dankzegging zijn amen spreken? Hij weet immers niet, wat gij zegt. 56

×