1Korinthe (studie 3)

885 views
824 views

Published on

10 januari 2013

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
885
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
572
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

1Korinthe (studie 3)

  1. 1. 10 januari 2013 bijbelstudie nr. 3Vanaf hoofdstuk 1:19
  2. 2. de vorige keer...11 Mij is namelijk omtrent u, mijn broeders,medegedeeld door de huisgenoten van Chloe,dat er twisten onder u zijn.12 Ik bedoel dit, dat ieder uwer zijn leusheeft: Ik ben van Paulus! En ik van Apollos!En ik van Kefas! En ik van Christus!13 Is Christus gedeeld? Is Paulus dan voor ugekruisigd, of zijt gij in de naam van Paulusgedoopt?
  3. 3. de vorige keer...14 Ik ben dankbaar, dat ik niemand uwergedoopt heb dan Crispus en Gajus;15 zodat niemand kan zeggen, dat gij in mijnnaam gedoopt zijt.16 Ook heb ik nog het gezin van Stefanasgedoopt; verder weet ik niet, dat ik nogiemand gedoopt heb.
  4. 4. de vorige keer...17 Want Christus heeft mij niet gezonden omte dopen, maar om het evangelie teverkondigen, en dat niet met wijsheid vanwoorden, om niet het kruis van Christus toteen holle klank te maken.18 Want het woord des kruises is wel voorhen, die verloren gaan, een dwaasheid, maarvoor ons, die behouden worden, is het eenkracht Gods.
  5. 5. 19 Want er staat geschreven:Verderven zal Ikde wijsheid der wijzen,en het verstand der verstandigenzal Ik verdoen. Jesaja 29:14
  6. 6. 19 Want er staat geschreven:Verderven zal Ikde wijsheid der wijzen,en het verstand der verstandigenzal Ik verdoen.
  7. 7. 13 En de HERE zeide:Omdat DIT VOLK (=Israel)Mij slechts met woorden naderten met zijn lippen eert,terwijl het zijn hart verre van Mij houdt,en hun ontzag voor Mijeen aangeleerd gebod van mensen is,14 daarom, zie, Ik ga voortwonderlijk met DIT VOLK te handelen,wonderlijk en wonderbaar:de wijsheid van zijn wijzenzal tenietgaanen het verstand van zijn verstandigenzal schuilgaan.-Jesaja 29-
  8. 8. 20 Waar blijft de wijze?Waar de schriftgeleerde?Waar de redetwister van deze tijd?Heeft God niet de wijsheid der wereldtot dwaasheid gemaakt?
  9. 9. 20 Waar blijft de wijze?Waar de schriftgeleerde?Waar de redetwister van deze tijd?Heeft God niet de wijsheid der wereldtot dwaasheid gemaakt?
  10. 10. 20 Waar blijft de wijze?Waar de schriftgeleerde?Waar de redetwister van deze tijd?Heeft God niet de wijsheid der wereldtot dwaasheid gemaakt?
  11. 11. 20 Waar blijft de wijze?Waar de schriftgeleerde?Waar de redetwister van deze tijd?Heeft God niet de wijsheid der wereldtot dwaasheid gemaakt?
  12. 12. 21 Want daar de wereld(in de wijsheid Gods)door haar wijsheidGod niet gekend heeft...
  13. 13. 21 Want daar de wereldin de wijsheid Godsdoor haar wijsheidGod niet gekend heeft,heeft het Gode behaagddoor de dwaasheid der predikingte redden hen die geloven. lett. proclamatie
  14. 14. 21 Want daar de wereldin de wijsheid Godsdoor haar wijsheidGod niet gekend heeft,heeft het Gode behaagddoor de dwaasheid der predikingte redden hen die geloven.
  15. 15. 22 Immers, de Joden verlangen tekenenen de Grieken zoeken wijsheid,
  16. 16. 22 Immers, de Joden verlangen tekenenen de Grieken zoeken wijsheid,
  17. 17. 23 doch wij predikeneen gekruisigde Christus,voor Joden een aanstoot,voor heidenen een dwaasheid,
  18. 18. Dus moet ook het ganse huis Israelszeker weten,dat God Hemen tot Hereen tot Christus gemaakt heeft,deze Jezus, die gij gekruisigd hebt.-Handelingen 2:36-
  19. 19. 23 doch wij predikeneen gekruisigde Christus,voor Joden een aanstoot,voor heidenen een dwaasheid,
  20. 20. 23 doch wij predikeneen gekruisigde Christus,voor Joden een aanstoot,voor heidenen een dwaasheid,
  21. 21. 24 maar voor hen, die geroepen zijn,Joden zowel als Grieken,prediken wij Christus,de kracht Godsen de wijsheid Gods.
  22. 22. 24 maar voor hen, die geroepen zijn,Joden zowel als Grieken,prediken wij Christus,de kracht Godsen de wijsheid Gods.
  23. 23. Welnu, Hij is gekruisigd uit zwakheid,maar Hij leeft uit de kracht Gods.-2Kor.13:4-
  24. 24. 25 Want het dwaze van Godis wijzer dan de mensenen het zwakke van Godis sterker dan de mensen.
  25. 25. 25 Want het dwaze van Godis wijzer dan de mensenen het zwakke van Godis sterker dan de mensen.
  26. 26. 26 Ziet slechts, broeders,wat gij waart, toen gij geroepen werdt:niet vele wijzen naar het vlees,niet vele invloedrijken,niet vele aanzienlijken.
  27. 27. 26 Ziet slechts, broeders,wat gij waart, toen gij geroepen werdt:niet vele wijzen naar het vlees,niet vele invloedrijken,niet vele aanzienlijken.
  28. 28. 26 Ziet slechts, broeders,wat gij waart, toen gij geroepen werdt:niet vele wijzen naar het vlees,niet vele invloedrijken,niet vele aanzienlijken.
  29. 29. 26 Ziet slechts, broeders,wat gij waart, toen gij geroepen werdt:niet vele wijzen naar het vlees,niet vele invloedrijken,niet vele aanzienlijken.
  30. 30. 27 Integendeel,wat voor de wereld dwaas is,heeft God uitverkorenom de wijzen te beschamen,en wat voor de wereld zwak is,heeft God uitverkorenom wat sterk is te beschamen;
  31. 31. 27 Integendeel,wat voor de wereld dwaas is,heeft God uitverkorenom de wijzen te beschamen,en wat voor de wereld zwak is,heeft God uitverkorenom wat sterk is te beschamen;
  32. 32. 27 Integendeel,wat voor de wereld dwaas is,heeft God uitverkorenom de wijzen te beschamen,en wat voor de wereld zwak is,heeft God uitverkorenom wat sterk is te beschamen;
  33. 33. 27 Integendeel,wat voor de wereld dwaas is,heeft God uitverkorenom de wijzen te beschamen,en wat voor de wereld zwak is,heeft God uitverkorenom wat sterk is te beschamen;
  34. 34. 28 en wat voor de wereld onaanzienlijken veracht is,heeft God uitverkoren,dat, wat niets is,om aan hetgeen wel iets is,zijn kracht te ontnemen,
  35. 35. 28 en wat voor de wereld onaanzienlijken veracht is,heeft God uitverkoren,dat, wat niets is,om aan hetgeen wel iets is,zijn kracht te ontnemen,
  36. 36. 28 en wat voor de wereld onaanzienlijken veracht is,heeft God uitverkoren,dat, wat niets is,om aan hetgeen wel iets is,zijn kracht te ontnemen,
  37. 37. 29 opdat geen vlees zou roemen voor God.
  38. 38. 30 Maar uit Hem is het,dat gij in Christus Jezus zijt,die ons van God is geworden:wijsheid,rechtvaardigheid,heiligingen verlossing,
  39. 39. 30 Maar uit Hem is het,dat gij in Christus Jezus zijt,die ons van God is geworden:wijsheid,rechtvaardigheid,heiligingen verlossing,
  40. 40. 30 Maar uit Hem is het,dat gij in Christus Jezus zijt,die ons van God is geworden:wijsheid,rechtvaardigheid,heiligingen verlossing,
  41. 41. verleden heden toekomst
  42. 42. 31 opdat het zij,gelijk geschreven staat:Wie roemt, roeme in de Here. Jeremia 9:24
  43. 43. 31 opdat het zij,gelijk geschreven staat:Wie roemt, roeme in de Here.

×