Kristof Michiels is werkzaam als wetenschappelijk medewerker en applicatieontwikkelaar bij IBBT-SMIT (Vrije Universiteit Brussel, http://ibbt.be, http://smit.vub.ac.be). Hij ontwikkelt er prototypes voor sociale (mobiele) toepassingen en volgt sinds jaren de evoluties op het vlak van social media van zeer nabij. In de periode 2005-2007 was hij als onderzoeksleider betrokken bij het IBBT-project 'Virtual Arts Centre of the Future' (o.m. in samenwerking met kunstencentrum Vooruit), waarin werd gezocht welke (nieuwe) rollen culturele actoren kunnen opnemen in de digitale genetwerkte ruimte. Oorspronkelijk opgeleid als kunsthistoricus heeft hij tenslotte ook een verregaande interesse voor de kunst en haar makers.
Succes combinatie van technologische, economische en sociale factoren
Dwingt bestaande actoren hun rol te herzien Bvb: Overgang nieuws als product van een gevestigd instituut naar nieuws als onderdeel van een communicatie-ecosysteem dat bestaat uit officiële kanalen, informele collectieven en individuen
‘ Amateur-pers’ / citizen journalism Web 2.0 berichtgeving: http://readwriteweb.com
Web 2.0 is vnl. sociaal fenomeen
Mens is sociaal wezen: functioneert binnen een netwerk
Internet faciliteert dit en maakt contacten leggen buitengewoon eenvoudig
Veel toepassingen vallen of staan met door gebruikers gecreëerde inhoud, die met andere gebruikers gedeeld wordt en door combineren nieuwe betekenissen krijgt
M ensen organiseren zich in groep
‘ Web 2.0’: User-generated content
Netwerk-effect van kapitaal belang
Return voor de eindgebruiker wordt groter naarmate meer mensen deelnemen
Wordt bereikt door creëren van een faciliterende ‘Architecture of participation’
User-generated content: zowel expliciet als impliciet verkregen
Maar: schaars goed
Bvb. slechts 7% wikipedia gebruikers creëert zelf content, ‘Mythe van de creërende eindgebruiker’
2 ‘oervoorbeelden’: Google Search / Wikipedia Juni 2009: ‘crowdsourcing’ via Google Translator Toolkit
Blogs: drempel voor online publiceren geslecht http://blogger.com http://wordpress.com
‘ Web 2.0’: succesfactoren
Toegenomen gebruik van breedband
Kaap 1 miljard mensen online wereldwijd
Explosief stijgend aantal mobiele toestellen
Merendeel: jonge gebruikers (-30, maar deint uit)
De gebruiker
Enkele cijfers rond verspreiding (DS, nov 2008)
2,2 miljoen Belgen maken gebruik van een sociaal netwerk
= 40% van surfende volwassen bevolking
T er vgl. GB: 2 op 3
1. Facebook (1/3)
2. LinkedIn (1/4)
3. Netlog (1/7)
4. MySpace (1/10)
Succes van Facebook in België (maart 2009)
Komende golf van succes mobiele toestellen
Apple (March 2009) has sold 30 million devices
17 million iPhones
13 million iPod touch
App Store (exists for 8 months now)
25000 applications
800 million apps downloaded
But: heterogenous market, mobile broadband expensive, slows uptake
Mobiel: nieuwe thema’s en mogelijkheden
Mobile 2.0
= Everywhere + Always + Personal = Everyware
Experimenten rond key-elements:
Context, Location, Presence
“ UGC-creatie op het moment van de inspiratie”
Lifestreaming/micro(b-v)logging
Social network/identity/trust
Brug tussen fysieke en virtuele wereld:
GIS
Socio-semantic internet of things
‘ Web 2.0’: globale platformen
Meeste voorbeelden zijn globale platformen
Met voldoende kritische massa aan gebruikers
Verdienen ze ons vertrouwen?
Economisch spel van start-ups en overnames
Business Modellen vaak kwetsbaar (reclame)
Web 2.0 Themanamiddag Web 2.0 voorbeelden
Wat brengt deze globale online toekomst? Een globaal jobplatform? http://mturk.com
Tijd voor voorbeelden: Digg.com http://digg.com : collectieve nieuwsgaring
Delicious.com http://delicious.com - Weblinks delen
Last.fm http://last.fm - Sociaal netwerk voor muziekliefhebbers
Librarything.com http://librarything.com - sociaal netwerk voor boekenwurmen
Web 2.0: sociale netwerken C. Shirky, Here comes everybody, 2008
Niet content maar CONTACT belangrijk?
“ Main point of content is to offer people the opportunity to socialize. Content is an excuse for people to interact. ” (Douglas Rushkoff)
“ Main threat for traditional publishers is Facebook not Google” (Stephen Abram)
Sociale netwerken: MySpace.com
Sociale netwerken: Facebook.com
Anno 2009: gebruikt door culturele organisaties Tate Britain, Science Museum on Facebook / National Gallery on YouTube
Het web is het archief? Cloud Computing? Bvb. http://getdropbox.com - Zowel voor- als nadelen...
Gebruik de tools die voorhanden zijn slideshare.net / slide.com / livestream.com / coveritlive.com / imagekind.com / humblevoice.com
Web 2.0 Themanamiddag Hoe brengen we het allemaal samen?
Digitale culturele ruimte Genetwerkte digitale (culturele) ruimte Hoe brengen we het allemaal samen?
Het web is een platform geworden
Virtueel verbinden van data binnen “digitale culturele ruimte”
Gedecentraliseerd model / instellingen blijven eigenaar data
Complexe verbanden, “ecologie” van culturele informatie worden mogelijk
Maakt culturele vernieuwing mogelijk
Instelling x http://flickr.com http://last.fm http://twitter.com http://technorati.com API API API API API RSS blogosfeer Dialoog tssn organisatie, kunstenaar en publiek
Instellingen: van gatekeeper naar curator en gids
De expertenrol koesteren en deze ook spelen
Naast producent van content ...
Uit het enorme aanbod:
Selecteren: CURATOR
Structureren, verbinden en duiden: GIDS
Zonder uitsluitend gatekeeper te zijn die bepaald wat de participant te zien krijgt
Het publiek laten meegidsen
Hub-functie vervullen -> ‘community discovery’
Hoe je positioneren als kunstenaar, als individu?
Content in overvloed: iedereen curator
Digitale curator maakt keuzes, distilleert het meest relevante
Is meer dan een aggregator!
Meer dan een editor of gatekeeper
Kundig binnen een domein, niet per se professioneel.
Relevantie voor (e-)cultuur?
Netwerksamenleving is een realiteit...
Missie: ‘toegang verschaffen tot cultuur’
Veel cultuur ontstaat op nieuwe (digitale) plaatsen
“ Toeschouwer bepaalt mee de betekenis van het kunstwerk.” (Duchamp)
Banksy
“ Art is not like other culture because its success is not made by its audience. The public fill concert halls and cinemas every day, we read novels by the millions and buy records by the billions. We the people, affect the making and the quality of most of our culture, but not our art. The Art we look at is made by only a select few.”
“ A small group create, promote, purchase, exhibit and decide the succes of Art. Only a few hundred people in the world have any real say. When you go to an Art gallery you are simply a tourist looking at the trophy cabinet of a few millionaires.” (Banksy.co.uk)
Begeleidende presentatie voor de themanamiddag Web more
Begeleidende presentatie voor de themanamiddag Web 2.0 Kunstenloket, Brussel, Kaaitheater, 12 juni 2009.
Met de term Web 2.0 wordt doorgaans verwezen naar populaire webplatformen zoals Facebook, Twitter, Youtube of Flickr. Deze webplatformen stellen ons in staat om op een eenvoudige manier onze interesses te delen met anderen. Tijdens deze themanamiddag staat de praktische bruikbaarheid van Web 2.0 technieken en toepassingen voor kunstenaars centraal. Aan de hand van relevante voorbeelden van kunstenaars die reeds Web 2.0 toepassingen gebruiken, bespreekt Kristof Michiels volgende topics:
- Algemene situering van het begrip Web 2.0
- Hoe Web 2.0 inschakelen voor de promotie van je werk
- Mogelijkheden van Web 2.0 om je artistieke activiteit te documenteren en archiveren
- Voordelen van online sociale netwerken
Kristof Michiels is werkzaam als wetenschappelijk medewerker en applicatieontwikkelaar bij IBBT-SMITen volgt sinds jaren de evoluties op het vlak van sociale media van zeer nabij. less
0 comments
Post a comment