CLP in VLAREM door Philippe Cornille (essenscia)

  • 721 views
Uploaded on

De VLAREM-trein 2013 komt aan. Op 28 maart 2014 organiseerde Voka i.s.m. essenscia een infosessie die de belangrijkste wijzigingen oplijst en extra toelichting geeft bij de aanpassingen VLAREM aan …

De VLAREM-trein 2013 komt aan. Op 28 maart 2014 organiseerde Voka i.s.m. essenscia een infosessie die de belangrijkste wijzigingen oplijst en extra toelichting geeft bij de aanpassingen VLAREM aan CLP.

More in: Environment
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
721
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2

Actions

Shares
Downloads
43
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. CLP in VLAREM Philippe Cornille 1
  • 2. EXTRA CLP WAGON 28 maart zomer Sept ? < Mei VLAREM trein 2013 in publieke consultatie, maar zonder deel “CLP” “CLP-wagon” wordt aan “VLAREM trein 2013” gehangen 2009 Voorb. WG 2010-2012 TWOL okt 2012- aug 2013 Wagon VL trein 2013
  • 3. OPSLAG GEVAARLIJKE PRODUCTEN • Integraal nieuwe rubriek 17 • Scope nieuwe rubriek 17: opslag (alle) gevaarlijke producten Uitgezonderd voor SEVESO-rubriek (omvat ook aanwezigheid in (proces)installaties) • Alle stoffen / mengsels als gevaarlijk ingedeeld volgens CLP (maw incl. gassen en aerosolen) • Opslag stoffen / mengsels uitgesloten van toepassingsgebied CLP (cosmetica, afvalstoffen, voederadditieven, ...) per definitie niet gevat door rubriek 17  uitzondering voor aerosolen: opslag alle aerosolen met een gevarenpictogram (bvb. incl. indien enkel verplicht volgens ADD) toch onder rubriek 17  afvalstoffen: voor afvalverwerkers in rubr 2 / voor “producent” van afval, op eigen terrein, en in afwachting van ophaling - zoals de courante praktijk is - via rubriek 17
  • 4. BASIS VOOR INDELING IS PICTOGRAM rubriek 17  niet gevarenklassen en –categoriën  geen differentiatie naar blootstellingsroutes  geen sommatieregels  Geen gevarenpictogram op etiket = niet vergunningsplichtig onder rubriek 17
  • 5. Definitie • “enkel producten gekenmerkt door minstens één gevarenpictogram “ 1. het voorkomen van één of meerdere van de gevarenpictogrammen GHS01 t.e.m. GHS09, als etiketteringselement op het etiket, of 2. het voorkomen van één of meerdere van de gevarenpictogrammen GHS01 t.e.m. GHS09, als etiketteringselement in hoofdstuk 2 van het veiligheidsinformatieblad. pCornille@essenscia.be 5
  • 6. pCornille@essens cia.be 6 Zie extranet : http://extranet.essenscia.be/ KeyAreas/Type/762
  • 7. OPBOUW RUBRIEK 17 • 17.1.1: aerosolen • 17.1.2: gassen • 17.1.2.1: in verplaatsbare recipiënten • 17.1.2.2: in vaste reservoirs • 17.2.1: lage drempel inrichtingen • 17.2.2: hoge drempel inrichtingen • 17.3.1: ontploffingsgevaarlijke • 17.3.2: brandgevaarlijke • 17.3.2.1: ontvlambare vloeistoffen cat. 3 • 17.3.2.1.1: gasolie, diesel, lichte stookolie • 17.3.2.1.2: overige ontvlambare vloeistoffen cat. 3 • 17.3.2.2: ontvlambare vloeistoffen cat 1 en 2 • 17.3.2.3:overige brandgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen • 17.3.3: oxiderende • 17.3.4: bijtende • 17.3.5: giftige • 17.3.6: schadelijke • 17.3.7: op lange termijn gezondheidsgevaarlijke • 17.3.8: voor het aquatisch milieu gevaarlijke Subrubriek 17.1: gassen en aersosolen Subrubriek 17.2: SEVESO-inrichtingen Subrubriek 17.3: vaste stoffen en vloeistoffen Subrubriek 17.4: kleine verpakkingen
  • 8. Rubriek 17.1 • Rubriek 17.1 is in huidige VLAREM I niet in gebruik • Opslag (en alleen de opslag) van gassen, wordt uit rubriek 16 verhuisd naar rubriek 17,1 • Aerosolen worden toegevoegd aan VLAREM I, eveneens via rubriek 17.1 • “klots-klots” versus “pschhhht” 8
  • 9. Rubriek 17.2 • Dit is een overname van de Seveso III bepalingen • Loopt parallel met het SWA • Opgelet voor impact !  pCornille@essenscia.be 9
  • 10.    +24% +20% +7% -1% -2% -0% #tot = 1243 (essenscia, status 27-7-2011) Up to a quarter more upper tier sites pCornille@essenscia.be slide 11
  • 11. www.sncia.be/seveso/input.aspx
  • 12. Rubriek 17.3 Vergelijkbaar met huidige rubriek 17.3, maar ook erg verschillend  14
  • 13. HUIDIGE VLAREM VLAREM TREIN 17.3.1. productie van zeer giftige, giftige, zeer licht ontvlambare, licht ontvlambare, ontplofbare of milieugevaarlijke stoffen ontploffingsgevaarlijke 17.3.2. opslag zeer giftige, giftige en ontplofbare stoffen 17.3.2.1: ontvlambare vloeistoffen cat. 3 17.3.2.1.1: gasolie, diesel, lichte stookolie 17.3.2.1.2: overige ontvlambare vloeistoffen cat. 3 17.3.2.2: ontvlambare vloeistoffen cat 1 en 2 17.3.2.3:overige brandgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen 17.3.3. Opslagplaatsen voor oxiderende, schadelijke, corrosieve en irriterende stoffen oxiderende 17.3.4. Opslagplaatsen voor zeer licht ontvlambare en licht ontvlambare vloeistoffen bijtende 17.3.5. Opslagplaatsen voor ontvlambare vloeistoffen giftige 17.3.6. Opslagplaatsen voor vloeistoffen met een ontvlammingspunt hoger dan 55°C, maar dat 100°C niet overtreft schadelijke 17.3.7. Opslagplaatsen voor vloeistoffen met een ontvlammingspunt hoger dan 100° C op lange termijn gezondheidsgevaarlijke 17.3.8. Opslagplaatsen voor milieugevaarlijke stoffen voor het aquatisch milieu gevaarlijke 17.3.9. Brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen HUIDIGE VLAREM VLAREM TREIN 17.3.1. productie van zeer giftige, giftige, zeer licht ontvlambare, licht ontvlambare, ontplofbare of milieugevaarlijke stoffen ontploffingsgevaarlijke 17.3.2. opslag zeer giftige, giftige en ontplofbare stoffen 17.3.2.1: ontvlambare vloeistoffen cat. 3 17.3.2.1.1: gasolie, diesel, lichte stookolie 17.3.2.1.2: overige ontvlambare vloeistoffen cat. 3 17.3.2.2: ontvlambare vloeistoffen cat 1 en 2 17.3.2.3:overige brandgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen 17.3.3. Opslagplaatsen voor oxiderende, schadelijke, corrosieve en irriterende stoffen oxiderende 17.3.4. Opslagplaatsen voor zeer licht ontvlambare en licht ontvlambare vloeistoffen bijtende 17.3.5. Opslagplaatsen voor ontvlambare vloeistoffen giftige 17.3.6. Opslagplaatsen voor vloeistoffen met een ontvlammingspunt hoger dan 55°C, maar dat 100°C niet overtreft schadelijke 17.3.7. Opslagplaatsen voor vloeistoffen met een ontvlammingspunt hoger dan 100° C op lange termijn gezondheidsgevaarlijke 17.3.8. Opslagplaatsen voor milieugevaarlijke stoffen voor het aquatisch milieu gevaarlijke 17.3.9. Brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen  ! VGL OUDEN EN NIEUWE SUBRUBR 17.3 15
  • 14. Rubriek 17.4 • Status quo • Opmerking ; • wat in winkel staat (toegankelijk voor klant) ≠ opslag • wat in winkel-opslagmagazijn staat (niet toegankelijk voor klant) = opslag 16 Opslagplaatsen, [...] en/of verkoopspunten van [...] gevaarlijke stoffen, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 25 liter of 25 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5.000 kg of 5.000 l [...] Opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, [...] ., in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l
  • 15. ONTVLAMBARE VLOEISTOFFEN • P3/P4-producten zonder gevarenpictogram (voor zover niet SEVESO) : rubriek 6  Onder rubriek 6 brandstoffen en brandbare vloeistoffen • Brandstoffen: enkel rekening houden met gevarenpictogram dat betrekking heeft op ontvlambaarheid  = enkel rekening houdend met vlampunt  = huidige situatie  Boven- of ondergronds-afhankelijk
  • 16. MEERVOUDIGE RUBRICERING • Meervoudige rubricering voor vaste stoffen en vloeistoffen  principe van hoofdeigenschap niet meer toegepast  opslag van 1 product (indien relevant) te vergunnen onder verschillende sub-subrubrieken van 17.3  Uitzondering: brandstoffen - enkel rekening houden met • In geval van SEVESO-inrichtingen: opslag te vergunnen onder 17.2 en van ander subrubrieken van 17
  • 17. Meervoudige rubricering opslag van formaldehyde (35% oplossing) in industriegebied - < 50 ton Indeling volgens DSD-DPD: • T – giftig (R23/24/25) • C – corrosief (R34) • Xn – carcinogeen cat. 3 (R40) • sensibiliserend (R43) Hoofdeigenschap: T - giftig Rubriek 17.3.2: opslag zeer giftige en giftige stoffen Kl. 3: 10 kg tem 100 kg Kl. 2: > 100 kg tem 1 ton Kl. 1: > 1 ton Gevarenpictogrammen volgens CLP: Rubriek 17.3.4: bijtende vloeistoffen en vaste stoffen Kl. 3: 200 kg tem 20 ton Kl. 2: > 20 ton tem 100 ton Kl. 1: > 100 ton Rubriek 17.3.5: giftige vloeistoffen en vaste stoffen Kl. 3: 10 kg tem 2 ton Kl. 2: > 2 ton tem 5 ton Kl. 1: > 5 ton Rubriek 17.3.7: op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen Kl. 3: 100 kg tem 20 ton Kl. 2: > 20 ton tem 50 ton Kl. 1: > 50 ton
  • 18. Meervoudige rubricering bovengrondse opslag van benzine in industriegebied - < 2500 ton Indeling volgens DSD-DPD: • F+ – zeer licht ontvlambaar (R12) • T – carcinogeen cat. 2 (R45) • T – mutageen cat. 2 (R46) • Xn – giftig voor reproductie car. 3 (R62/R63) • Xn - schadelijk • Xi – irriterend (R38) • N – milieugevaarlijk (R51/53) Rubriek 17.3.4: opslag zeer licht en licht ontvlambare vloeistoffen Kl. 3: 50 l tem 1000 l Kl. 2: > 1000 l tem 30000 l Kl. 1: > 30000 l Gevarenpictogrammen volgens CLP: Rubriek 17.3.2.2: ontvlambare vloeistoffen gevarencat. 1 & 2 Kl. 3: 50 kg tem 2 ton Kl. 2: > 2 ton tem 50 ton Kl. 1: > 50 ton Opm. dichtheid benzine 0,6 – 0,9 ton/m³ 30000 liter = 18 - 27 ton
  • 19. Meervoudige rubricering • In geval van SEVESO-inrichtingen: opslag te vergunnen onder 17.2 en van toepassing zijnde subrubrieken van 17.1 en 17.3 Indeling volgens DSD-DPD: • T – giftig (R23/24/25) • C – corrosief (R34) • Xn – carcinogeen cat. 3 (R40) • sensibiliserend (R43) Rubriek 17.2.2: VR-plichtige inrichting opslag van 500 ton formaldehyde (35% oplossing) Gevarenpictogrammen en indeling volgens CLP: Rubriek 17.3.4: bijtende vloeistoffen en vaste stoffen Rubriek 17.3.5: giftige vloeistoffen en vaste stoffen Rubriek 17.3.7: op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen Rubriek 17.2.2: HD Seveso-inrichting Acuut tox. 3 / Skin corr. 1B / Eye damage 1 / Skin Sens. 1 / car. 2
  • 20. DREMPELWAARDEN KLASSEN • Eenheden:  Aerosolen: netto inhoud in liter  Gassen: waterinhoud in liter  Overige: kg en ton • Klasse 3 ondergrenzen behouden • Klasse 2 en klasse 1 ondergrens aerosolen x 3 • Klasse 2 en klasse 1 ondergrenzen vaste stoffen en vloeistoffen x 2  (m.u.v. ontploffingsgevaarlijke en oxiderende)  ter compensatie van meervoudige rubricering  Opslag van bvb. benzine: nu klasse 1 vanaf ca. 27 ton, in toekomst vanaf 90 ton indien ondergronds, zoniet vanaf 50 ton in industriegebied of 30 ton elders
  • 21. Diesel, stookolie en gasolie met 55°C ≤ Vp(bereik) ≤ 75°C Gev. vloeistoffen groep 2 P2 21°C ≤ Vp ≤ 55°C P3 55°C < Vp ≤ 100°C P1 Vp < 21°C Ontvlambare vloeistoffen in VLAREM II ontvlambaar R10 21°C ≤ Vp ≤ 55°C licht ontvlambaar F / R11 Vp < 21°C zeer licht ontvlambaar F+ / R12 Vp < 0°C en Tk ≤ 35°C Vp (°C) Vp: vlampunt TK : kookpunt 0 21 23 55 60 Ontvl. Cat. 3 23°C ≤ Vp ≤ 60°C Ontvl. Cat. 2 Vp < 23°C et TK > 35°C Ontvl. Cat. 1 Vp < 23°C et TK < 35°C 100 250 P4 100°C < Vp ≤ 250°C Brandbare vloeistoffen 60°C < Vp ≤ 250°C mits geen enkel gevarenpictogram Brandstof zonder Gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 Vp < 55°C enkel vloeibare brandstoffen
  • 22. Diesel, stookolie en gasolie met 55°C ≤ Vp(bereik) ≤ 75°C Gev. vloeistoffen groep 2 P2 21°C ≤ Vp ≤ 55°C P3 55°C < Vp ≤ 100°C P1 Vp < 21°C Ontvlambaar ? Brandbaar? Brandstof? ontvlambaar R10 21°C ≤ Vp ≤ 55°C licht ontvlambaar F / R11 Vp < 21°C zeer licht ontvlambaar F+ / R12 Vp < 0°C en Tk ≤ 35°C Vp (°C) Vp: vlampunt TK : kookpunt 0 21 23 55 60 Ontvl. Cat. 3 23°C ≤ Vp ≤ 60°C Ontvl. Cat. 2 Vp < 23°C et TK > 35°C Ontvl. Cat. 1 Vp < 23°C et TK < 35°C 100 250 P4 100°C < Vp ≤ 250°C Gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 Vp < 55°C enkel vloeibare brandstoffen 17.3.2.2. 17.3.2.1.1. 17.3.2.1.2. Brandbare vloeistoffen 60°C < Vp ≤ 250°C mits geen enkel gevarenpictogram Brandstof zonder 6.4 17.3.4 17.3.5 17.3.6 17.3.7
  • 23. Diesel, stookolie en gasolie met 55°C ≤ Vp(bereik) ≤ 75°C Gev. vloeistoffen groep 2 P2 21°C ≤ Vp ≤ 55°C P3 55°C < Vp ≤ 100°C P1 Vp < 21°C Ontvlambaar ? Brandbaar? Brandstof? ontvlambaar R10 21°C ≤ Vp ≤ 55°C licht ontvlambaar F / R11 Vp < 21°C zeer licht ontvlambaar F+ / R12 Vp < 0°C en Tk ≤ 35°C Vp (°C) Vp: vlampunt TK : kookpunt 0 21 23 55 60 Ontvl. Cat. 3 23°C ≤ Vp ≤ 60°C Ontvl. Cat. 2 Vp < 23°C et TK > 35°C Ontvl. Cat. 1 Vp < 23°C et TK < 35°C 100 250 P4 100°C < Vp ≤ 250°C Brandbare vloeistoffen 60°C < Vp ≤ 250°C mits geen enkel gevarenpictogram Brandstof zonder Gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 Vp < 55°C enkel vloeibare brandstoffendiesel indien geen
  • 24. Diesel, stookolie en gasolie met 55°C ≤ Vp(bereik) ≤ 75°C Gev. vloeistoffen groep 2 P2 21°C ≤ Vp ≤ 55°C P3 55°C < Vp ≤ 100°C P1 Vp < 21°C Ontvlambaar ? Brandbaar? Brandstof? ontvlambaar R10 21°C ≤ Vp ≤ 55°C licht ontvlambaar F / R11 Vp < 21°C zeer licht ontvlambaar F+ / R12 Vp < 0°C en Tk ≤ 35°C Vp (°C) Vp: vlampunt TK : kookpunt 0 21 23 55 60 Ontvl. Cat. 3 23°C ≤ Vp ≤ 60°C Ontvl. Cat. 2 Vp < 23°C et TK > 35°C Ontvl. Cat. 1 Vp < 23°C et TK < 35°C 100 250 P4 100°C < Vp ≤ 250°C Brandbare vloeistoffen 60°C < Vp ≤ 250°C mits geen enkel gevarenpictogram Brandstof zonder Gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 Vp < 55°C enkel vloeibare brandstoffen Methanol Tk: 67°C Vp: 9,7°C
  • 25. pCornille@essenscia.be 27 AFSTANDS REGELS • Optie 1
  • 26. pCornille@essenscia.be 28 • vervolg
  • 27. AFSTANDREGELS - vervolg • alsook pCornille@essenscia.be 29 Gevaarlijk product gekenmerkt door gevarenpictogram** GHS06 GHS09 GHS05 GHS07 GHS01 GHS03 GHS02 GHS08 Tank vloeibare inerte gassen (bv. N2, Ar, ...) 1 1 1 1 1 1 5 / 3 1 Tank vloeibare zuurstof 5 / 3 3 3 3 7,5 / 5 1 / 0 5 5 / 3 Opslag van meer dan 3.000 l H2 in een batterij 5 3 2 / 1 1 7,5 / 5 7,5 / 5 5 5 Limieten eigendom 5 / 3 3 / 2 2 1 7,5 / 5 7,5 / 2 5 5 / 3 * vast/vloeistof
  • 28. AFSTANDSREGELS OPTIE 2 EN OPTIE 3 • In milieuvergunning kan worden afgeweken • door toepassing van een code van goede praktijk • steunend op OVR of risicoanalyse (erkend VR- deskundige). UITZONDERING • Rubriek 17.4 • de vloeistoffen en vaste stoffen • opgeslagen in laboratoria, of • opslagcapaciteit per opslagplaats < KL3 ondergrens pCornille@essenscia.be 30
  • 29. OVERGANGSBEPALINGEN • Wat vergund is, blijft vergund opslag reeds vergund (rubriek 17 of andere) en valt onder 1 of meerdere nieuwe / gewijzigde subrubrieken:  geen vergunningsaanvraag of melding nodig aantonen van vergunde situatie is cruciaal • Let op:  indien klasse verhoging of opslag wordt voor de 1ste maal vergunningsplichtig: wel vergunningsaanvraag (vereenvoudigde procedure cfr. art. 38 VLAREM I)  stof voorheen niet gevaarlijk ingedeeld, wel gevaarlijk ingedeeld volgens CLP (en bijgevolg gevat door nieuwe rubriek 17): vergunningsaanvraag volgens normale procedure, analoog voor melding
  • 30. OVERGANGSBEPALINGEN “Bestaande” opslag = vergund (of aangevraagd), of in bedrijf is gesteld en gemeld, of aanwezig, en vergunnings- of meldingsplichtig geworden, < 1 juni 2015 onder dit “CLP-besluit” verstaan ; de “vlarem trein 2013” 1. Strengere voorwaarden in vergunningen blijven van kracht voor duur van vergunning 2. Strengere voorwaarden via dit “CLP besluit” worden van kracht, • Behalve inplantingsregels en constructie-eisen op “bestaande” (ook niet bij hernieuwing) • Behalve vanaf 1 juni 2017 voor artikelen ... • Behalve vanaf 1 juni 2020 voor artikelen ... • In afwijking gelden bepalingen voor bestaande aersolopslag vanaf ...
  • 31. • Visie in schematische voorstelling pCornille@essenscia.be 33
  • 32. Vlarem II
  • 33. Diverse wijzigingen • Definities • Nieuw: Gevaarlijke gassen, brandbare vloeistoffen, gevaarlijke vloeistoffen groep 1 … 3 • Geschrapt: P-producten, vloeistof, vaste stof • Voorwaarden opslag brandbare vloeistoffen in nieuwe afdeling 5.6 • Grondige wijziging hoofdstuk 5.17 • Invoeren van overgangsbepalingen gelinkt aan “CLP- besluit” pCornille@essenscia.be 35
  • 34. Opslag brandbare vloeistoffen (afd 5.6) • overname van de bepalingen van het vroegere hoofdstuk 5.17 • Ondergrondse houders • Bovengrondse houders • Losplaats met opvangmogelijkheid • Keuringen • Veiligheidsvoorzieningen (lekdetectie, overvulbeveiliging, kathodische bescherming, …) • Tankplaats voor verdeelinrichtingen • verwijzing naar bijlage 5.6.1 voor afstandsregels • verplichting bijhouden register voor klasse 1inrichtingen • overgangsbepaling onderzoeken voor houders voor de 1ste maal vergunningsplichtig pCornille@essenscia.be 36
  • 35. Opslag gevaarlijke producten • Nieuwe structuur • 5.17.1: algemene bepalingen • 5.17.2: opslag aerosolen • 5.17.3: opslag gevaarlijke gassen • 5.17.3.1: algemene bepalingen • 5.17.3.2: verplaatsbare recipiënten • 5.17.3.3: vaste houders • 5.17.4: opslag gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen • 5.17.4.1: algemene bepalingen • 5.17.4.2: ondergrondse houders • 5.17.4.3: bovengrondse houders • 5.17.4.4: beheersing VOS-uitstoot op- en overslag – 5.17.4.4.1: benzine – 5.17.4.4.2: petroleumraffinaderijen – 5.17.4.4.3: onafhankelijke terminals pCornille@essenscia.be 37
  • 36. Opslag gevaarlijke producten • Toepassingsgebied huidige voorwaarden maximaal behouden • Voorwaarden koppelen aan pictogrammen (analoog aan vergunningsplicht) • Soms toch nog differentiatie in functie van gevarenklassen en –categorieën voor behouden toepassingsgebied • Bvb. voorwaarde mbt gebruik dampretour bij op- en overslag pCornille@essenscia.be 38 Houders, bestemd voor de opslag van acuut toxische vloeistoffen van gevarencategorie 1, 2, 3 en 4 of vloeistoffen gekenmerkt door gevarenpictogram GHS05 die bijtend zijn voor de huid of een ernstig oogletsel veroorzaken, die een dampdruk hebben van meer dan 13,3 kPa bij een temperatuur van 35 °C, moeten voorzien zijn van een doeltreffend systeem, zoals een dampterugvoersysteem, een vlottend dak, of een gelijkwaardig systeem,
  • 37. Diesel, stookolie en gasolie met 55°C ≤ Vp(bereik) ≤ 75°C Gev. vloeistoffen groep 2 P2 21°C ≤ Vp ≤ 55°C P3 55°C < Vp ≤ 100°C P1 Vp < 21°C Ontvlambare vloeistoffen in VLAREM II ontvlambaar R10 21°C ≤ Vp ≤ 55°C licht ontvlambaar F / R11 Vp < 21°C zeer licht ontvlambaar F+ / R12 Vp < 0°C en Tk ≤ 35°C Vp (°C) Vp: vlampunt TK : kookpunt 0 21 23 55 60 Ontvl. Cat. 3 23°C ≤ Vp ≤ 60°C Ontvl. Cat. 2 Vp < 23°C et TK > 35°C Ontvl. Cat. 1 Vp < 23°C et TK < 35°C 100 250 P4 100°C < Vp ≤ 250°C Brandbare vloeistoffen 60°C < Vp ≤ 250°C mits geen enkel gevarenpictogram Brandstof zonder Gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 Vp < 55°C enkel vloeibare brandstoffen
  • 38. gevaarlijke vloeistoffen van groep 1, 2 en 3 • “gevaarlijke vloeistoffen van groep 1”: • ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1, 2 en 3 volgens de CLP-verordening met een vlampunt lager dan 55 °C; • “gevaarlijke vloeistoffen van groep 2”: • ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3, uitsluitend gekenmerkt door gevarenpictogram GHS02 volgens de CLP- verordening, met een vlampunt gelijk aan of hoger dan 55 °C, en • vloeibare brandstoffen en petroleumproducten gekenmerkt door gevarenpictogram GHS02 volgens de CLP-verordening met een vlampunt gelijk aan of hoger dan 55 °C; • “gevaarlijke vloeistoffen van groep 3”: • vloeistoffen gekenmerkt door minstens één gevarenpictogram volgens de CLP-verordening, andere dan gevaarlijke vloeistoffen van groep 1 en groep 2; pCornille@essenscia.be 40
  • 39. Opslag gevaarlijke producten • Nieuwe definitie van gevaarlijke vloeistoffen groep 1, 2 en 3 + voorwaarden gelinkt aan deze groepen • Voorwaarden specifiek voor groep 1 = voorwaarden vroeger enkel van toepassing op P1- en P2-producten • Uitzonderingen voor groep 2 = uitzonderingen voor opslag (zuivere) P3- en P4-producten of specifieke bepalingen voor brandstoffen voor verwarming pCornille@essenscia.be 41 Vanaf een totale opslagcapaciteit in de inrichting van 1 miljoen liter gevaarlijke vloeistoffen van groep 1, wordt het toezicht voortdurend uitgevoerd door speciale bewakers of een permanent bewakingssysteem, … Alle houders worden uitgerust met een permanent lekdetectiesysteem. Deze verplichting geldt niet voor houders … waterinhoudsvermogen minder dan 5000 l bedraagt, of minder dan 10.000 l indien deze houders bestemd zijn voor de opslag van gevaarlijke vloeistoffen van groep 2.
  • 40. Opslag gevaarlijke producten • Een paar aandachtspunten … • Rekening houden met alle gevarenpictogrammen waardoor een gevaarlijk product gekenmerkt .Voor de vloeibare brandstoffen dient enkel rekening te houden met het gevarenpictogram GHS02 • Vroeger hoofdeigenschap + vlampunt – brandstoffen enkel vlampunt • Verbodsbepaling art. 5.17.4.1.3. §1. Tenzij anders vermeld in de milieuvergunning, is de exploitatie van een inrichting, ingedeeld in klasse 1, voor de opslag van gevaarlijke vloeistoffen van groep 3 verboden: 1° … 2° … 3° … verbodsbepaling geldt voor alle gevaarlijke producten, met uitzondering van diegene die louter op basis van vlampunt zijn ingedeeld en vloeibare brandstoffen
  • 41. Opslag gevaarlijke producten • Een paar aandachtspunten … • Inkuiping verplaatsbare recipiënten: buiten waterwingebied of beschermingszone minimale capaciteit: 1° voor de opslag van gevaarlijke vloeistoffen van groep 1, ontploffingsgevaarlijke vloeistoffen (GHS01) of acuut toxische vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2, de grootste van de volgende waarden: …
  • 42. Opslag gevaarlijke producten • Een paar aandachtspunten … • Definitie gevaarlijke vloeistoffen groep 2, maakt dat scope voor bepaalde uitzonderingen beperkt wordt Alle houders worden uitgerust met een permanent lekdetectiesysteem. Deze verplichting geldt niet voor houders … waterinhoudsvermogen minder dan 5000 l bedraagt, of minder dan 10.000 l indien deze houders bestemd zijn voor de opslag van gevaarlijke vloeistoffen van groep 2. Alle houders worden uitgerust met een permanent lekdetectiesysteem. Deze verplichting geldt niet voor houders … waterinhoudsvermogen minder dan 5000 l bedraagt, of minder dan 10.000 l indien deze houders bestemd zijn voor de opslag van P3- of P4-producten. Giftige vloeistof met Vp = 70°C kan zich niet meer beroepen op deze uitzondering
  • 43. Overgangsbepalingen algemeen • Onder bestaande opslag van gevaarlijke producten en brandbare vloeistoffen wordt verstaan : • 1° die op 1 juni 2015 voor de betrokken gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen was vergund, of waarvoor voor 1 juni 2015 een milieuvergunningsaanvraag of mededeling kleine verandering voor de betrokken gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen is ingediend; of • 2° opslag die op 1 juni 2015 voor de betrokken gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen in bedrijf is gesteld en waarvoor de melding is gebeurd voor 1 juni 2015, wanneer het in de derde klasse ingedeelde inrichtingen voor de betrokken opslag gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen betreft; of • 3° opslag van gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen die op 1 juni 2015 aanwezig was en die vergunnings- of meldingsplichtig wordt overeenkomstig rubriek 6.4 of rubriek 17 zoals van toepassing vanaf 1 juni 2015.
  • 44. Overgangsbepalingen algemeen • De lopende bijzondere voorwaarden opgelegd aan de bestaande opslag van gevaarlijke producten en brandbare vloeistoffen die strenger zijn dan dit besluit die betrekking hebben op de aanpassing aan de CLP-verordening, blijven onverminderd van kracht voor de duur waarvoor ze gelden. • Zijn (bepaalde) lopende voorwaarden minder streng dan de voorschriften zoals die van toepassing worden ingevolge dit besluit, dan dienen deze strengere voorschriften en eventuele bijkomende voorschriften, nageleefd met ingang van 1 juni 2016 behalve voor volgende voorschriften, die van toepassing zijn vanaf: • 1 juni 2018 voor de emissie- of constructienormen (bv. scheidingsafstanden bij opslag recipiënten, inkuipingen, afstand onderling houders, …); • Specifieke overgangsbepalingen vaste houders • De afwijkingen die voor 1 juni 2015 zijn toegestaan en die betrekking hebben op de bestaande opslag van gevaarlijke producten en brandbare vloeistoffen, blijven tot het einde van de vergunningstermijn van toepassing overeenkomstig de voorwaarden in de afwijkingsbesluiten.
  • 45. Inplantingsregels • “De inplantingsregels die voor gevaarlijke producten of brandbare vloeistoffen van toepassing of strenger worden louter door de inwerkingtreding van dit besluit die betrekking hebben op de aanpassing aan de CLP- verordening, zijn niet van toepassing op bestaande opslag van gevaarlijke producten en brandbare vloeistoffen, als vermeld in artikel 3.2.3.1. Deze inplantingsregels zijn ook niet van toepassing bij hernieuwing van de milieuvergunning.”. pCornille@essenscia.be 47
  • 46. Overgangsbepalingen ondergrondse houders • Bestaande houders die vergunningsplichtig worden na 1/6/2015 • de afstands- en verbodsregels en de scheidingsafstanden alsmede de bepalingen van deze afdeling betreffende de constructie- en de installatiewijze van de houders, de bijhorende leidingen, het vulpunt en de vulplaats zijn niet van toepassing. • 1ste algemeen onderzoek voor 1/6/2016* of 1/6/2018** • waarschuwings- of beveiligingssysteem tegen overvulling, lekdetectie en eventueel kathodische bescherming tegen 1/6/2016* of 1/6/2018** • bijkomende uitzonderingen lekdetectie voor houders voor opslag gevaarlijke vloeistoffen groep 1 en 2 • vervanging van de houders: te voldoen aan alle voorschriften behalve wat betreft de afstands- en verbodsregels en de scheidingsafstanden pCornille@essenscia.be 48 * binnen waterwingebied ** buiten waterwingebied
  • 47. Overgangsbepalingen ondergrondse houders pCornille@essenscia.be 49 • Bestaande houders reeds vergund voor opslag gevaarlijke stoffen en onderworpen aan strengere voorwaarden • zelfde overgangsbepalingen
  • 48. Overgangsbepalingen bovengrondse houders • Bestaande houders die vergunningsplichtig worden na 1/6/2015 • afstands- en verbodsregels, scheidingsafstanden alsmede voorwaarden betreffende de constructie- en de installatiewijze van de houders, de bijhorende leidingen, de inkuiping, de vulplaats en het vulpunt: niet van toepassing • 1ste algemeen onderzoek voor 1/6/2016* of 1/6/2018** • vervanging van de houders: te voldoen aan alle voorschriften behalve wat betreft de afstands- en verbodsregels en de scheidingsafstanden • voorwaarden mbt inkuiping te voldoen tegen 1/6/2020 (indien geen tankenpark) • tankenpark: waarnemingsbuizen tegen 1/6/2017 pCornille@essenscia.be 50 * binnen waterwingebied ** buiten waterwingebied
  • 49. Overgangsbepalingen bovengrondse houders • Bestaande houders reeds vergund voor opslag gevaarlijke stoffen en onderworpen aan strengere voorwaarden • zelfde overgangsbepalingen • voorwaarden mbt inkuiping zoals geldend voor 1/6/2015 blijven gelden pCornille@essenscia.be 51
  • 50. ZOOM OP AEROSOLEN Toegevoegd aan VLAREM om • Onduidelijkheid weg te werken • Voorwaardenkader te scheppen
  • 51. AEROSOL-UITZONDERINGEN • M.a.w. zodra aerosol een pictogram draagt • Of het omwille van CLP is of omwille van ADD • Géén meervoudige indeling voor aerosolen • (alleen desgevallend Seveso) pCornille@essenscia.be 53
  • 52. SECTORALE VOORWAARDEN VOOR OPSLAG VAN AEROSOLEN • Art. 5.17.2.1. §1. Deze afdeling is van toepassing op inrichtingen ingedeeld in rubriek 17.1.1 van de indelingslijst. • §2. Voor de toepassing van deze afdeling worden de aerosolen in een van de volgende vier groepen gerangschikt waarbij gevarenpictogram GHS02 voorrang heeft op gevarenpictogram GHS06, gevarenpictogrammen GHS02 en GHS06 voorrang hebben op gevarenpictogram GHS03 en gevarenpictogrammen GHS02, GHS06 en GHS03 voorrang hebben op alle andere gevarenpictogrammen: • 1° Groep 1: aerosolen gekenmerkt door gevarenpictogram GHS02; • 2° Groep 2: aerosolen gekenmerkt door gevarenpictogram GHS06; • 3° Groep 3: aerosolen gekenmerkt door gevarenpictogram GHS03; • 4° Groep 4: de andere niet in groep 1 tot en met groep 3 bedoelde aerosolen. pCornille@essenscia.be 54 > > >
  • 53. OPSLAG VAN AEROSOLEN • beschermd van de zon en niet blootgesteld aan >50 °C. • niet in een kelderverdieping, niet onder of boven bewoonde lokalen of lokalen met permanente bezetting. • de vloer is resistent (voor inhoud bus) en stabiel (voor goede stapeling), zonder openingen of holten of geulen (tenzij voor de afvoer van hemelwater, maar dan met afvoerslot) • aerosolen, die bij lekken aanleiding kunnen geven tot gevaarlijke reacties, mogen [normaal] niet samen opgeslagen worden. [alternatieven oplossingen zijn eveneens toegelaten] • is ontoegankelijk voor onbevoegden. pCornille@essenscia.be 55
  • 54. OPSLAG VAN -AEROSOLEN (1) pCornille@essenscia.be 56 • vorming van gevaarlijke elektrostatische ladingen voorkomen • verwarmingstoestellen waarborgen geen brand- en ontploffingsgevaar • verwarmingstoestellen zo geplaatst dat opgeslagen aerosolen niet overmatig kunnen opwarmen • verboden vuur te ,of toestel met open vuur of vonken te gebruiken (tenzij via risicoanalyse) • verboden te roken, rookverbod aangegeven • schoorstenen en lozingskanalen uitgevoerd uit niet- brandbare materialen
  • 55. OPSLAG VAN -AEROSOLEN (2) pCornille@essenscia.be 57 • maatregelen om bij brand het verspreiden van projectielen tegen te gaan, via 1. afscheiding van gaas 2. afzonderlijk afgesloten brandcompartiment 3. automatisch en goedgekeurd blussysteem 4. soortgelijk systeem waardoor het verspreiden van projectielen uit de opslagplaats voorkomen wordt. • NIET als 1. totale netto inhoud van -aerosolen < 3000 l. 2. in de milieuvergunning wordt afgeweken (risicoanalyse en advies brandweer)
  • 56. AFSTANDSREGELS • TABEL  • Grootste van de afstanden uit de tabel • Kunnen verminderd worden door een veiligheidsscherm • afstand, horizontaal omheen scherm gemeten ≥ scheidingafstanden uit tabel • van metselwerk (≥ 18 cm), of van beton (≥ 10 cm), of materiaal en dikte met equivalente vuurweerstandscoëfficiënt heeft. • voor open opslagplaatsen tot 10.000 l volstaat een dicht en onbrandbaar scherm • In milieuvergunning kan worden afgeweken • via veiligheidsrapport of • via risicoanalyse (erkend VR-deskundige). pCornille@essenscia.be 58
  • 57. pCornille@essenscia.be 59 Afstand groep 1 groep 2 groep 3 groep 4 limieten eigendom 1) 3 7,5 2 22) 5 3) 7,5 lokalen zonder open vuurverbod 1) 3 7,5 5 22) 5 3) 7,5 opslag brandbare stoffen 5 5/2* 5 0 opslag brandbare vloeistoffen bovengronds 5 5/2* 5 0 opslag vloeistoffen en vaste stoffen gekenmerkt door GHS02 bovengronds 7,5 7,5/2* 7,5 0 opslag vloeistoffen en vaste stoffen gekenmerkt door GHS02 ondergronds 2 0 2 0 opslag vloeistoffen en vaste stoffen gekenmerkt door GHS03 bovengronds 7,5 0 0 0 Opslag van gevaarlijke gassen in verplaatsbare recipiënten 2 2 2 2 tank vloeibare zuurstof 1) 5 2 2 22) 7,5 3) 7,5 tank vloeibare stikstof of argon 2 2 2 2 tank vloeibare waterstof 1) 5 7,5/2* 7,5 22) 7,5 •Scheidingsafstandenvooropslagplaatsenvooraerosolen •deonder1)vermeldeminimumafstandgeldtvooropslagcapaciteitentotenmet3.000l; •deonder2)vermeldeminimumafstandgeldtvooropslagcapaciteitenvanmeerdan3.000ltotenmet 10.000l; •deonder3)vermeldeminimumafstandgeldtvooropslagcapaciteitenvanmeerdan10.000l. Devoormeldeopslagcapaciteitenbetreffendenetto-inhoudenvandeaerosolenvandegroepofde subgroepennietvanhettotaalvandeopgeslagenaerosolen. *deeersteafstandgeldtvooracuuttoxischegassenvangevarencategorie1;detweedeafstand geldtvoordeoverigegevarencategorieënvangroep2
  • 58. AEROSOLEN, TENSLOTTE • stockeringszones aangeven met wanden, veiligheidsschermen, markeringen op de grond, kettingen of vaste afbakeningen op 1 m hoogte • Voor inrichtingen, waarvoor de opslag van aerosolen op 1 juni 2015 vergund was, gelden • de projectielen-voorwaarden, en • De afstandregels-voorwaarden, • vanaf 1 juni 2018 pCornille@essenscia.be 60