FNV
Naritaweg 10
Postbus 8456
1005 AL Amsterdam
T 020 58 16 300
F 020 68 44 541
CNV
Tiberdreef 4
Postbus 2475
3500 GL Utre...
Datum
22 mei 2014
Ons kenmerk
11.225.02
Pagina('s)
2 van 3
We zijn dan ook tegen het voorstel om experimenten met vraagfin...
Datum
22 mei 2014
Ons kenmerk
11.225.02
Pagina('s)
3 van 3
FNV, CNV en VCP doen een beroep op de leden van de Tweede Kamer...
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

22 05-13 brief leven lang leren ao febr 2014 - 11.225.02

146

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
146
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
4
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Transcript of "22 05-13 brief leven lang leren ao febr 2014 - 11.225.02"

  1. 1. FNV Naritaweg 10 Postbus 8456 1005 AL Amsterdam T 020 58 16 300 F 020 68 44 541 CNV Tiberdreef 4 Postbus 2475 3500 GL Utrecht T 030 751 11 00 F 030 751 11 09 VCP Bezuidenhoutseweg 60 Postbus 90525 2509 LM ’s-Gravenhage T 070 349 97 40 Postadres Postbus 8456, 1005 AL Amsterdam Aan de voorzitter en de leden van de Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van de Tweede Kamer der Staten Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Datum Uw kenmerk 22 mei 2014 Ons kenmerk Telefoonnr. 11.225.02 020 58 16 334 Onderwerp E-mail Reactie Adviesrapport flexibel hoger onderwijs voor volwassen beroepsbevolking Isabel.Coenen@vc.fnv.nl Geachte dames en heren, Op woensdag 14 mei besprak u met verschillende organisaties het adviesrapport flexibilisering hoger onderwijs voor volwassenen. De vakbeweging en dus werkenden zijn helaas voor deze hoorzitting niet uitgenodigd. Vandaar dat wij door middel van deze brief onze visie en zorgen over dit adviesrapport met u delen. Gezien de snelle ontwikkelingen op de arbeidsmarkt, de toenemende globalisering, flexibilisering en de verhoging van de AOW-leeftijd, is scholing en ontwikkeling van cruciaal belang om de positie van werknemers op de arbeidsmarkt te versterken en hun weerbaarheid te vergroten. Daarom is de toegang tot kwalitatief goed hoger onderwijs voor werkenden van belang. De vakbeweging deelt de zorgen over de dalende studentenaantallen in het deeltijd hoger onderwijs en vindt dat hiertoe passende maatregelen moeten worden genomen. Er zijn verschillende oorzaken van de daling van de studentenaantallen. Eén daarvan is de wijziging van de Wet op het Hoger Onderwijs. Vanaf 2008 moeten studenten die een tweede studie doen het veel hogere instellingsgeld voor een (deeltijd) studie in het hoger onderwijs betalen. Dit kan studenten en werknemers ervan weerhouden om een nieuwe studie te gaan volgen. Het adviesrapport ‘flexibel hoger onderwijs voor de volwassen beroepsbevolking’ bevat een aantal positieve aanbevelingen voor de wijze waarop het hoger onderwijs flexibeler kan worden ingericht, zoals het collegegeldkrediet, het stimuleren van de Associate Degree en de aanbevelingen ter verbetering van het systeem van het erkennen van non-formeel leren. FNV, VCP en CNV zijn echter voorstander van een systeem van flexibel hoger onderwijs waarbij deeltijdonderwijs aan dezelfde kwaliteitseisen moet voldoen als het voltijdonderwijs.
  2. 2. Datum 22 mei 2014 Ons kenmerk 11.225.02 Pagina('s) 2 van 3 We zijn dan ook tegen het voorstel om experimenten met vraagfinanciering uit te voeren, waarbij het deeltijdonderwijs niet meer onder de bekostiging valt en de overheid vouchers beschikbaar stelt voor bepaalde opleidingen die bij bekostigde en private instellingen kunnen worden ingeleverd. • Een systeem van flexibel hoger onderwijs en geen scheiding voltijd – deeltijd FNV, CNV en VCP pleiten voor het realiseren van een systeem van hoger onderwijs dat – binnen de huidige bekostiging – mogelijkheden biedt voor flexibele vormen van leren, gefaseerde deelname aan (modulen) van opleidingen, maatwerk biedt en rekening houdt met eerder verworven competenties. Dit kan o.a. worden gerealiseerd door het wegnemen van de beperkingen ten aanzien van het vestigingsplaatsprincipe en het mogelijk maken van gefaseerde deelname aan deeltijdonderwijs. Deeltijdonderwijs voor volwassenen moet niet als aparte entiteit worden gezien, maar onderdeel zijn van het hoger onderwijs, waarbij dezelfde kwaliteitseisen moeten gelden die aan het voltijdonderwijs worden gesteld. Dit levert ook een vruchtbare kruisbestuiving op. Bovendien kiezen ook steeds meer jongeren ervoor om eerst een paar jaar te werken of om studeren met werken te combineren. • Risico’s vraagfinanciering Vraagfinanciering leidt tot privatisering van het deeltijd hoger onderwijs. Daarbij vreest de vakbeweging voor de aantasting van de kwaliteit van het deeltijd hoger onderwijs bij de invoering van een vraag gefinancierd systeem, omdat accreditatie hiervoor de bepalende kwaliteitsvoorwaarde wordt. In het huidige stelsel gelden hogere wettelijke eisen ten aanzien van goed bestuur, samenhang en studeerbaarheid van het programma en betaalbare collegegelden. Private onderwijsinstellingen en private afdelingen binnen het bekostigde onderwijs zijn bij het aanbieden van deeltijd hoger onderwijs niet gebonden aan al deze wettelijke eisen. Het gevolg hiervan is dat er geen concurrentie op kwaliteit ontstaat, maar enkel en alleen op prijs. Ook heeft vraagfinanciering invloed op de arbeidsvoorwaarden van de docenten. In het rapport worden een aantal risico’s van het invoeren van vraagfinanciering genoemd. Wat ontbreekt, is het feit dat sommige voltijdopleidingen nu alleen haalbaar zijn door de deeltijdopleidingen en daardoor ontstaat het risico van cherrypicking. Private onderwijsinstellingen bieden bij vraagfinanciering alleen de best lopende opleidingen aan en vissen zo de krenten uit de pap. Bekostigde onderwijsinstellingen hebben de maatschappelijke plicht om ook minder goedlopende opleidingen, maar wel maatschappelijk relevante opleidingen, aan te bieden. Ook al gaat het slechts om experimenten. Met deze experimenten wordt een verkeerde weg ingeslagen die negatief bijdraagt aan de kwaliteit en toegankelijkheid van het hoger onderwijs.
  3. 3. Datum 22 mei 2014 Ons kenmerk 11.225.02 Pagina('s) 3 van 3 FNV, CNV en VCP doen een beroep op de leden van de Tweede Kamer om niet in te stemmen met de experimenten voor vraagfinanciering en om aan te dringen eerst experimenten op te zetten die binnen de huidige bekostiging meer flexibiliteit realiseren en om dit via een experimenteerregeling mogelijk te maken. Graag zijn wij bereid om onze punten nader toe te lichten. Met vriendelijke groet, Edwin Bouwers Dagelijks bestuurder FNV Willem Jelle Berg Dagelijks bestuurder CNV Nic van Holstein Bestuurder Vakcentrale voor Professionals Cc: - Aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Dr. M. Bussemaker - Aan de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Drs. S. Dekker

×