sessie 11 ppt talenten en kwaliteiten van kleuters

  • 371 views
Uploaded on

 

  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
371
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0

Actions

Shares
Downloads
3
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. PEUTER – KLEUTERONTWIKKELING
  • 2. ontwikkelingspsychologiemenselijk gedragontwikkelen van de wetenschap die het bestudeertkinderen en mensen komen inverschillende fasen terecht:ongeboren kind – zuigeling – peuter – kleuter – schoolkind – puber –adolescent – volwassene – oudere mens
  • 3. PEUTER18 maanden – 4 jaarpersoonsontwikkelingmotorische ontwikkelingtaalontwikkelingcognitieve ontwikkeling
  • 4. persoonsontwikkelingpeuterperiode = ‘peuterpuberteit’ omwille van gedrag in deze faseontwikkeling van eigen persoonlijkheid (identiteit)sterk wisselende emoties: van dwars en koppig naarontzettend veel plezier hebben of onzekerheidoriginele kijk op de wereldverrassend, spontaan reagerenwijzen op details ( + / -- )op ontdekkingcompromis tussen ontdekking en veiligheidnog geen kennis van gevaargrenzen uitproberengrenzen ontdekken, met ondeugend en uitdagend gedraggrenzen duidelijk stellen = veiligheid bieden
  • 5. Persoonsontwikkeling, vervolgzelfstandigheidgrote drang om zelfstandig te zijn: “ikke doen”ook nog…ongeduldigverlegennood aan complimentjesongeduldig, de dingen gaan niet zoals het zou moetenvanaf 3 jaar: “eerst zelf proberen” = klusjes opknappenegocentrischdriftbuien
  • 6. motorische (lichamelijke) ontwikkelinggroeide snelle ontwikkelingen zijn achter de rugmotorieksteeds evenwichtiger en gecoördineerder: lopen, rennen,klimmen ! In de gaten houden !steeds meer verfijning: kralen rijgen, bladzijden omslaan,gaatjes vullen met de juiste vorm, prikken, knippen, plakkenbelangrijkste mijlpaal = zindelijk wordensteeds beter met een potlood overweg kunnen
  • 7. taal- en cognitieve ontwikkelingtussen 2 en 4 steeds rijker en ingewikkelder taalgebruikmeerwoordstadiumtweewoordzinnetjesvanaf 2,5 zinnetjes van 3 tot 5 woordentaalregelsbegrijpen en toepassengrammaticainzicht !meervoud, enkelvoud, werkwoorden vervoegen,experimenteren met verleden tijd: “Ik heb opge-eet”krijgt nieuwe woorden en taalinformatie terugcreatieve aspect van taal: versjes, rijmen, nieuwe woordenbedenken: “bloemenwaterzeef voor gieter” = logicaiemand anders kunnen onderscheiden van hemzelf
  • 8. taal- en cognitieve ontwikkeling, vervolgspraakmotoriekuitspraak wordt beter maar fouten zijn er nogsommige woorden zijn nog te moeilijk: soepstengel =stoepstengel, yamaha = hamahamaverhalen begrijpensteeds moeilijkere “boekjes lezen”‘r’ (wordt ‘l’ of ‘w’) en ‘s’ zijn nog moeilijke klankenbezoek aan de bib
  • 9. KLEUTER4 jaar – 6 jaarpersoonsontwikkelingmotorische ontwikkelingtaalontwikkelingcognitieve ontwikkeling
  • 10. persoonsontwikkelingsociaal – emotionele ontwikkelingde echte wereld: zichtbaar, hoorbaar & voelbaarde fantasiewereld: fantasiespel, rollen vervullen, eigenregels hebbenechte en fantasiewereld bestaan naast elkaartwee wereldenangstenomwille van die fantasiewel kennis van gevaar: bang voor onveiligheid (wespen,honden, vallen, water, …vriendenbelangrijk om bij een groep te horen die buiten het gezinstaat (sterke sociale vaardigheden)bang voor het onbekende: verhuizen, de tandarts, kamp, …spel, waarden, normen, rituelen … greep op de wereld !
  • 11. Persoonsontwikkeling, vervolgactie - reactiedriftbuien blijven hangenconflicten oplossenmorele ontwikkelingnadenken over = eerst denken, dan doen
  • 12. motorische (lichamelijke) ontwikkelinggroeibijna voltooidmotorieksteeds complexer: nieuwe bewegingspatronen kunnenaangeleerd worden (zwemlessen volgen, een sportbeoefenen, …)nog meer verfijning: tekenen, schrijven, …gaat er volwassener uitzien (slanker)lateralisatie: links- of rechtshandigheid
  • 13. taalontwikkelinghand in hand met zijn cognitieve en sociale ontwikkelingde taal…steeds langere zinnen, met juiste woordvolgordegrammaticasteeds vlekkelozer, fouten kunnen en mogen: zwembatten,ik keekte, …niet vloeiend sprekenzo veel te vertellen, gevolg = de juiste woorden niet vindenhaperen, woorden herhalen, pauzes inlassen, …woordsoorten breiden uit: de, het, maar, en, omdat,…vraagzinnen met ‘waarom’, ‘hoe’ en ‘wanneer’, …stotteren enthousiasme
  • 14. Taalontwikkeling, vervolgverhalenbegrijpt steeds moeilijkere verhalen, voorlezen is heelbelangrijkvertel verhalen waarin kleuters zelf ingrediëntenaandragen: hoofdpersonen, plek waar het verhaal zichafspeeltcreatief vertellen: tekenend, in het bos, muzikale verhalen,bewegingsverhalen, …
  • 15. taal- & cognitieve ontwikkelinghand in hand met sociale ontwikkelingcognitieve ontwikkelingde wereld steeds beter begrijpen (realistisch)stelt “waarom”- vragen en vraagt doorhet grote plaatjehet echte ‘grote plaatje’ is er nog niet: klokkijken,plattegronden tekenen, lezen, schrijven, …geïnteresseerd in oorzaak en gevolgantwoorden stimuleren om verder na te denkenvolgende fase = schoolkind
  • 16. Mogelijkheden van hetkindTijdKind 1Kind 2De ontwikkelingsvolgorde is in grote lijnen voor alle kinderen gelijk, maar deontwikkelingssnelheid verschilt…STAGNATIEIN ELKE ONTWIKKELINGSFASE ZOEKT HET KIND EVENWICHT TUSSENUITDAGING EN VAARDIGHEDENVOORUITGANG
  • 17. ontwikkelen van het samenspelenparallelspel= het samenspelen met hetzelfde soort materiaal, waarbij ieder kind meteen eigen individuele spelactiviteit bezig is (peuters)samenspel= het samenspelen met waarbij spelers op elkaar reageren en op elkaargaan inspelen (kleuters)
  • 18. spelontwikkeling wordt beïnvloed …… enerzijds door belemmerende factoren en anderzijds door stimulerendefactoreneen positieve omgeving1. Sociale omgeving = de zone van de naaste ontwikkelingDe cognitieve handelingen die een kind nog net niet alleen, maar wel metbehulp van volwassenen kan uitvoeren = STIMULEREN !spel = iets waaraan kinderen zelf vormgeven = initiatiefspelbegeleiding = basishouding bestaande uit actief kijken, luisteren,aanvoelen, uitnodigen tot initiatief, wachten op initiatief, verder uitlokken,inspelen op wat kinderen aangeven,…spelbegeleiding
  • 19. spelbegeleider:meespelen met de kindereneen voorbeeldfunctie stellen, model staantoeschouwer van het speloverzicht houden over het gehele spelreageren op situaties die zich voordoenbevestigen en belonentonen van betrokkenheid en meeleven = voorwaardealert zijn voor de positieve aspecten van het samenspelhelpenhet spel over een (dreigende) frustratie heen helpenassistentie verlenen waardoor het spel op gang blijft
  • 20. Spelbegeleider, vervolg:verwoordenspelgebeurtenissen verduidelijken, ordenen,intensivereneen beeld vormenhet ‘van te voren’ samen opbouwen van ideeën over hetspelonderwerpvragen stellen, zelf informatie geven, prenten of boekenbekijken over het onderwerpstimulerenuitbouwen van de spelinhoudhet spel boeiender maken en spelmogelijkheden uitbreidenstructurerenvaststellen van regels en bieden van houvastvoorbereiden op het speleinde
  • 21. een beeld vormen, verwoorden, …verstoppertje
  • 22. 2. Fysieke omgeving = ruimte (binnen & buiten) en speelgoedDe omgeving zo aanpassen dat deze stimulerend werkt voor de ontwikkelingZorg voor voldoende ruimte en bewegingsvrijheidRicht speelzones in, dit zijn afgebakende stukken ruimtewaarin het bij elkaar horend speelgoed wordt bijeengezet3. Speltypencreatieve spelde wereld om zich heen onderzoeken en ontdekken (zintuiglijk)speelgoed of vertrouwd materiaal in een nieuwe of ongewone situatiegebruiken= scheppend bezig zijn
  • 23. coöperatief spel = samenwerking staat centraalhet doel ligt in de activiteit zelfleren overleggen, naar elkaar luisteren, samen beslissingen nemen encreatief denkenonderhandelen over taakverdeling, verantwoordelijkheid en eindresultaatelkaars mogelijkheden en beperkingen aanvaarden, vertrouwen hebben
  • 24. 4. Spelletjes = activiteitenaanbodter bevordering van het samenwerken: De groepen worden groter enkinderen moeten steeds meer en meer gaan samenwerken.Jij tekent meSteeds twee kinderen zitten tegenover elkaar met papier en potlood,waarbij ze van elkaar een portret maken zonder op het papier te kijkenDoel: oogcontact maken, elkaars prestaties accepterenSpiegeldansSteeds twee kinderen zitten tegenover elkaar (1 meter) waarbij éénvan beiden op zachte muziek kleine, langzame armbewegingen maakt.De andere is het spiegelbeeld en maakt tegelijkertijd dezelfdearmbewegingen. In staande houding kan het hele lichaam gebruiktwordenDoel: rekening houden met elkaar, leren omgaan met elkaars ideeën
  • 25. Groepstekening / -schilderijKies samen met de kinderen een thema (vissen, bloemen,…). Als dekeuze gemaakts begint ieder voor zichzelf een tekening te maken overhet afgesproken thema. Nadien worden met alle tekeningen één geheelgemaakt (bv. is het thema ‘vissen’, dan kan er een aquarium gemaaktworden.Doel: prestaties van anderen accepteren en omgaan met elkaars ideeënZeil omkerenLeg een zeil (laken) op de grond en vraag alle kinderen erop te gaanstaan. Het hele zeil (laken) moet worden omgedraaid zonder dat eriemand van het zeil afstapt.Doel: communiceren en samen een doel bereiken
  • 26. Samen op één stoelEr staat één stoel minder in een kring als het aantal kinderen datmeespeelt (cfr. stoelendans). Wanneer de muziek speelt stappen dekinderen rond de stoelen. Als de muziek stopt, proberen zij allemaalsnel te gaan zitten. Wie overblijft gaat op iemands school zitten.Telkens opnieuw wordt een stoel weggenomen en moeten steeds meerkinderen op iemands schoot gaan zitten. Uiteindelijk blijft er één stoelover en zitten alle kinderen op elkaar.Doel: elkaar hulp bieden, vertrouwen en samen een doel bereikenGordiaanse knoopDe kinderen staan in een kring met gesloten ogen en de handen in delucht. Op een gegeven signaal wandelen de kinderen rustig naar elkaartoe (naar het midden) en grijpen zij met elke hand een hand van iemandanders. Da ogen mogen terug open om te trachten terug uit elkaar tegeraken zonder los te latenDoel: elkaar hulp bieden, aanwijzingen geven en sameneen doel bereiken
  • 27. Nog meer spelletjes en activiteiten zijn te vinden in:Speelkriebels voor kleuters: een ontwikkelingsgerichte kijk op bewegingsspelenSpeelkriebels voor kleuters is een praktisch bewegingsspelenboek. Het bevat ruim 220bewegingsspelen voor 2,5- tot 6-jarigen. De spelen werden in de praktijk getoetst en bijgestuurd opbasis van de speelreacties van kleuters. Bij elk spel wordt vermeld vanaf welke leeftijd de kleutershet spel aankunnen. Speelkriebels richt zich naar begeleiders van jonge kinderen die een plezierigen ontwikkelingsgericht bewegingsaanbod willen doen. De spelen zijn gegroepeerd vanuitontwikkelingskansen zoals omgaan met ruimte en tijd, lateraliteit aanvoelen, bewegingsproblemenoplossen enz. Het theoretisch deel biedt de nodige inzichten om op een verantwoorde manier hetbewegingsplezier en de bewegingsontwikkeling van jonge kinderen te ondersteunen.Auteurs: Veerle Florquin en Els BertrandsISBN: 9789033431043
  • 28. neem zeker eens een kijkje op:www.juflievevb.beSucces !!!