Van Keuzeprobleem Naar Economisce Kringloop - Presentation Transcript
Van keuzeprobleem naar economisce kringloop
Behoeften volgens Maslow
Van overlevingsbehoeften naar ontwikkelingsbehoeften
Economie indeling
Primaire behoeften: levensnoodzakelijk
Secundaire behoeften: culturele
Tertiaire behoeften:luxe weelde
Kunstmatige behoeften: door reclame opgewekt
Rangorde is subjectief
Economisch probleem Beperkte middelen Onbeperkte behoeften keuzeprobleem Waarbij consument en producent streven naar een maximaal rendement
Economie
Economie als wetenschap bestudeert de aanwending van de schaarse middelen in functie van de rationele behoeftenbevrediging
En dit in de diverse geledingen van de maatschappij
Basis: gezin (mensen met behoeften)
Bedrijf : personen die goederen en diensten voortbrengen
Tussen gezinnen en bedrijven:economisch leven
Geld-, goederen- en dienstenstromen in een gesloten economie zonder overheid
Inkomen verwerf je door te werken in dienstverband of zelfstandige
We leveren productieve diensten als productiefactor: arbeid
Met behulp van deze en andere factordiensten produceren bedrijven consumptiegoederen en –diensten die ze aan de gezinnen verkopen: leveren tegen betaling van een prijs
Geld en goederen circuleren door de economie als bloed door de aderen
De gezinnen leveren productieve diensten of prestaties, diensten als productiefactor; we noemen dit factordiensten. Met behulp van die factordiensten brengen de bedrijven de productie van consumptiegoederen en –diensten tot stand. Die kunnen zij dan aan de gezinnen verkopen. De waarde van de productieve prestaties of factordiensten = De waarde van de productie
De bedrijven betalen de gezinnen voor de productieve diensten of factordiensten. Daardoor verwerven de gezinnen een inkomen van het bedrijf, dat noemen we factorinkomen. De waarde van de productieve prestaties of factordiensten
=
Het factorinkomen
In dit model besteden de gezinnen het inkomen volledig aan consumptieve goederen en -diensten
Het factorinkomen
=
De consumptieve bestedingen
Samengevat:
Waarde van de productie = waarde van de factordiensten
Consumptieve bestedingen = factorinkomen
Tussen de twee sectoren- de bedrijven en de gezinnen- doet zich een dubbele kringloop voor: je kunt dit zien als je volle lijn volgt, dan de stippellijn. Volle lijn = goederen- en dienstenstroom Stippellijn = geldstroom Beide stromen vormen een gesloten kring. Ze draaien in tegengestelde richting, omdat het geheel op ruil steunt. Bedrijven Producenten Gezinnen Consumenten Goederen En diensten Productieve diensten Lonen en wedden Consumptieve uitgaven
Gesloten economie
Alleen tussen gezinnen en bedrijven
Geen goederen- en dienstenstromen en geldstromen tussen de sectoren en de overheid en met het buitenland
0 comments
Post a comment