Your SlideShare is downloading. ×
0
Met hoogwaardige keynote speakers                                                                                     Prof...
11090_VSG_abstractboek_2011_cover.indd 2   24-11-11 11:06
inhoud  Voorwoord................................................................................................... 2  Al...
voorwoord VSG Congres 2011        Sprookjes bestaan!                                  Hartelijk welkom bij het zevende Spo...
algemeen programma  Algemeen programma dag 1  Tijdstip    Onderwerp  08.30 uur   Inloop, registratie en mogelijkheid tot b...
programma donderdag 1 december 2011PlenairDo:      Dagvoorzitter                                                  Dr. Babe...
Ronde B: Chronisch ziek | Donderdag 14.15 uur - 16.15 uurSessie B1: JeugdSessieleiders: Drs. Frits van Bemmel en Dr. Goof ...
programma vrijdag 2 december 2011 Ronde C: Geblesseerd | Vrijdag 10.45 uur - 12.45 uur    Sessie C1: Jeugd    Sessieleider...
Ronde D: Bijzonder | Vrijdag 14.15 uur - 16.15 uurSessie D1: GehandicaptenSessieleiders: Dr. Rienk Dekker en Drs. Wout van...
dagvoorzitters    Dagvoorzitter dag 1    Dr. Babette Pluim    Babette Pluim is bondsarts van de Koninklijke Nederlandse   ...
plenaire sprekers  Prof. dr. Romain Meeusen  Prof. dr. Romain Meeusen, (PhD) is hoofd van het department Humane Fysiologie...
Testing solutions for heart, lungs and movement          Quark CPET:      Aan de mooie productportfolio van COSMED hebben ...
Osteopathie: onmisbaar in de moderne medische                                                     sportbegeleiding        ...
Bewezen werking bij acute letsels en ontsteking aan het                 bewegingsapparaat, voor patiënten vanaf 2 jaar    ...
dag 1 // donderdag 1 december 2011Sessie A1: JeugdProf. dr J. SeidellDonderdag.1.december.–.10.45.uur.–.sessie.A1.–.Preven...
dag 1 // donderdag 1 december 2011  (who responds to interventions); multi-level analysis; and the         in Sport and me...
BiografieDr. M. Elferink-GemserMarije Elferink-Gemser studeerde Bewegingswetenschappen             ruim honderd publicatie...
dag 1 // donderdag 1 december 2011                 wekelijks 10 uur sportspecifieke topsporttraining,                de sp...
bepaalt de groeicapaciteit. De ontwikkeling van het           voor niet-medische toepassingen wordt het ALARA-           s...
dag 1 // donderdag 1 december 2011     Vrije voordrachten sessie A1  K. Valkenet, F. de Heer, L.A. van Herwerden, P. Doeve...
R. AgricolaDe ontwikkeling van cam laesiesbij jonge voetballers       Inleiding                                           ...
dag 1 // donderdag 1 december 2011     Sessie A2: Volwassenen  Dr. E. Verhagen  Donderdag.1.december.–.10.45.uur.–.sessie....
Drs. H.J.W. DijkstraDonderdag.1.december.–.11.10.uur.–.sessie.A2.–.Preventieconsult.huisarts:.Bedreiging.of.kans.voor.de.s...
dag 1 // donderdag 1 december 2011  Zelf is Jan-Willem in zijn vrije tijd fervent windsurfer en skiër,     marathonschaats...
BiografieDrs. I. VriendIngrid Vriend is projectleider en onderzoeker bij Stichting       wielrennen en mountainbiken centr...
dag 1 // donderdag 1 december 2011  Biografie  Dhr. S. van den Belt  Sander van den Belt (1986) studeerde bewegingswetensc...
± 6,3; 78,2 kg ± 7,3) wordt een significant verband gevonden    hamstringblessure. Spelers zonder hamstringverleden       ...
dag 1 // donderdag 1 december 2011     Sessie A3: Ouderen  Prof. dr S. Bierma-Zeinstra  Donderdag.1.december.–.10.45.uur.–...
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Congresmap VSG congres 2011
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Congresmap VSG congres 2011

5,492

Published on

Congresmap Sportmedisch Wetenschappelijk Jaarcongres 2011, georganiseerd door de Vereniging voor Sportgeneeskunde.

Published in: Health & Medicine
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
5,492
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
12
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Transcript of "Congresmap VSG congres 2011"

  1. 1. Met hoogwaardige keynote speakers Prof. dr. Romain Meeusen Prof. Jorunn Sundgot-Borgen Dr. Cees-Rein van den Hoogenband Donderdag 1 en En 12 uitdagende parallelsessies vrijdag 2 december 2011 Met thema’s als: gezond | chronisch ziek | Efteling te Kaatsheuvel geblesseerd binnen de doelgroepen jeugd | volwassenen | ouderen | gehandicapten | topsport | medische ethiek Mede mogelijk Mede mogelijk gemaakt door: gemaakt door:11090_VSG_abstractboek_2011_cover.indd 1 24-11-11 11:06
  2. 2. 11090_VSG_abstractboek_2011_cover.indd 2 24-11-11 11:06
  3. 3. inhoud Voorwoord................................................................................................... 2 Algemeen.programma.................................................................................. 3 Programma.dag.1.–.donderdag.1.december.2011. ........................................... 4 . Programma.dag.2.–.vrijdag.2.december.2011.................................................. 6 Dagvoorzitters............................................................................................. 8 Plenaire.sprekers.......................................................................................... 9 Abstracts.dag.1.–.donderdag.1.december.2011.............................................. 13 Abstracts.dag.2.–.vrijdag.2.december.2011.................................................... 52 Organisatie................................................................................................ 81 Overzicht.vrije.voordrachten.dag.1.-.donderdag.1.december.2011. .................. 82 . Overzicht.vrije.voordrachten.dag.2.-.vrijdag.2.december.2011......................... 83 Dankwoord................................................................................................ 84 Stichting.Sport.&.Orthopedie....................................................................... 85 De.VSG.bedankt.haar.sponsoren................................................................... 85 1 & 2 december te Kaatsheuvel 1
  4. 4. voorwoord VSG Congres 2011 Sprookjes bestaan! Hartelijk welkom bij het zevende Sportmedisch Wetenschappelijk Jaarcongres! Het verheugt ons dat we dit jaar samen met de Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie in de Sportgezondheidszorg (NVFS) dit congres organiseren. Door deze samenwerking komt het multidisciplinaire karakter van het congres nog beter tot zijn recht. De komende dagen staat ons wederom een keur aan interessante keynotes, presentaties en ontmoetingen te wachten. De doelgroepen jeugd, volwassenen en ouderen vormen dit keer de focus van de diverse sessies. Binnen deze doelgroepen wordt onderscheid gemaakt in gezond, chronisch ziek en geblesseerd. De nieuwste kennis en ervaringen op allerlei uiteenlopende sportmedische gebieden worden belicht. Kortom, voor elk wat wils! Vindt u het lastig om een keuze te maken uit de diverse parallelsessies? Dan kunt u zich troosten met de gedachte dat alle parallelsessies met een videocamera worden opgenomen en later via een speciale pagina op internet te bekijken zijn. Zo hoeft u niets te missen. Uit de evaluaties die in de afgelopen jaren zijn gehouden, kunnen we concluderen dat de congresbezoekers van mening zijn dat de wetenschappelijke kwaliteit van het congres nog steeds stijgt. Ook overtreft het aantal aanmeldingen voor dit jaar wederom de aantallen in voorgaande jaren. Deze beide trends willen we graag doorzetten in de komende jaren. Met de samenwerking die de VSG in 2011 is aangegaan met de British Journal of Sports Medicine (BJSM) en de contacten die zijn gelegd met de sportgeneeskunde in Qatar hoopt de VSG een basis te hebben gelegd voor de realisatie van een Engelstalig jaarcongres op korte termijn. Daarmee kunnen we de wetenschappelijke kwaliteit nog verder verbeteren en hopen we ook internationale beroepsgenoten voor ons congres te kunnen interesseren. Kwalitatief hoogstaand onderzoek is niets waard als er geen aandacht is voor implementatie van de resultaten in het veld. Helaas hebben in het verleden maar al te vaak onderzoeksresultaten op de plank liggen te verstoffen. Gelukkig is die tijd voorbij en is er sprake van een toenemende aandacht voor implementatie. Er wordt zelfs bij het opzetten van wetenschappelijk onderzoek rekening gehouden met de implementatiemogelijkheden en subsidiegevers stellen tegenwoordig eisen aan de implementatie bij het honoreren van onderzoeksvoorstellen. Zo wordt gegarandeerd dat ook daadwerkelijk iedereen die er baat bij kan hebben, meeprofiteert van de resultaten. Een goede ontwikkeling! Ook op Europees gebied zijn er hoopvolle ontwikkelingen gaande. Tijdens een historische vergadering op het laatste congres van de EFSMA is besloten om een Europese aanvraag tot erkenning van de sportgeneeskunde te doen. Ook de VSG zal daar zijn belangrijke steen aan bijdragen. Daarnaast is de Nederlandse aanvraag tot erkenning van de sportgeneeskunde als zelfstandig geneeskundig specialisme in volle gang. Zo alle ontwikkelingen bij elkaar nemend lijkt ons sprookje van de volledig erkende sportgeneeskunde steeds dichterbij te komen. De VSG is er in ieder geval klaar voor. Tot slot kan ik u nog melden dat tijdens dit congres voor de tweede maal de CosMed Prijs voor Sportgeneeskunde wordt uitgereikt. De jury heeft uit een vijftal proefschriften en negen artikelen een keuze moeten maken. Donderdag aan het einde van de middag maakt de jury bekend wie de prijzen in ontvangst mogen nemen. Aansluitend uiteraard weer een uitgebreid sociaal programma. Ik hoop u graag te ontmoeten op een van deze twee sportgeneeskundige dagen. Veel inspiratie toegewenst! Drs. R.J.A. Visser, sportarts Voorzitter Vereniging voor Sportgeneeskunde Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid2
  5. 5. algemeen programma Algemeen programma dag 1 Tijdstip Onderwerp 08.30 uur Inloop, registratie en mogelijkheid tot bezoeken netwerkplein in Theater De Efteling 09.10 uur Welkom door de dagvoorzitter Dr. Babette Pluim 09.15 uur Heet van de naald Drs. Rhijn Visser (VSG) en Dhr. Bart Smit (NVFS) 09.35 uur The overtraining syndrome Prof. dr. Romain Meeusen, hoofd Departement Humane Fysiologie, Vrije Universiteit Brussel 10.00 uur Koffiepauze 10.45 uur Start parallelsessies ronde A in de subzalen 12.45 uur Lunch op het netwerkplein in Theater De Efteling 14.15 uur Start parallelsessies ronde B in de subzalen 16.15 uur Theepauze Overview of Eating disorders among young athletes and Musculoskeletal factors and injury risks in female 17.00 uur athletes, focussing on effective interventions for prevention Prof. Jorunn Sundgot-Borgen, professor of sports medicine, Norwegian School of Sport Sciences 17.45 uur Uitreiking CosMed Prijs voor Sportgeneeskunde 18.15 uur Afsluiting door de dagvoorzitter en borrel 19.45 uur Winterse kost en avondprogramma inclusief muziek en borrel (einde 02.00 uur) Algemeen programma dag 2 Tijdstip Onderwerp 08.30 uur Inloop, registratie en mogelijkheid tot bezoeken netwerkplein in Theater De Efteling 09.15 uur Welkom door de dagvoorzitter Drs. Steef Bredeweg 09.20 uur Topsportgeneeskunde in Nederland; visie NOC*NSF Dr. Cees-Rein van den Hoogenband, Chef Arts Londen 2012 10.00 uur Koffiepauze 10.45 uur Start parallelsessies ronde C in de subzalen 12.45 uur Lunch op het netwerkplein in Theater De Efteling 14.15 uur Start parallelsessies ronde D in de subzalen 16.15 uur Afsluiting met uitreiking beste vrije voordacht en prijs voor sportfysiotherapeut van het jaar 16.30 uur Borrel 17.30 uur Einde 1 & 2 december te Kaatsheuvel 3
  6. 6. programma donderdag 1 december 2011PlenairDo: Dagvoorzitter Dr. Babette PluimDo: The overtraining syndrome Prof. dr. Romain Meeusen Overview of Eating disorders among young athletes andDo: Musculoskeletal factors and injury risks in female athletes, Prof. Jorunn Sundgot-Borgen focussing on effective interventions for preventionVrij: Dagvoorzitter Drs. Steef BredewegVrij: Topsportgeneeskunde in Nederland; visie NOC*NSF Dr. Cees-Rein van den HoogenbandRonde A: Gezond | Donderdag 10.45 uur - 12.45 uurSessie A1: JeugdSessieleiders: Drs. Ton Langenhorst en Drs. Arjan KokshoornTijdstip Onderwerp Spreker Instituut10.45 Preventie van obesitas door sport/bewegen Prof. dr. Jaap Seidell Vrije Universiteit Amsterdam11.10 How sickening is sitting? Dr. Mai Chin A Paw EMGO+/VUmc Elferink-Gemser: UMCG, Rijksuniversiteit Talentherkenning en -ontwikkeling (vergelijking Nederland en Dr. Marije Elferink-Gemser (NL) en dr. Groningen en Instituut voor Sport en11.30 Vlaanderen) Johan Roeykens (BE) Bewegingsstudies, HAN Roeykens: Universitair Ziekenhuis Antwerpen12.05 Gestalte predictie bij 12/13-jarigen Prof. dr. Jan Gielen Universitair Ziekenhuis Antwerpen12.25 Twee vrije voordrachtenSessie A2: VolwassenenSessieleiders: Dr. Adam Weir en Drs. Maarten MoenTijdstip Onderwerp Spreker Instituut10.45 Beweegstimulering Dr. Evert Verhagen EMGO-Vumc Preventieconsult huisarts: Bedreiging of kans voor de11.10 Drs. Jan-Willem Dijkstra SMA Regio Haarlem/Kennemer Gasthuis sportgeneeskunde?! Onderzoek in de praktijk: overzicht van effectieve11.35 Drs. Ingrid Vriend Consument en Veiligheid blessurepreventieve maatregelen12.00 Aftrainen na een sportcarrière - hoe en waarom? Dhr. Sander van den Belt MSc. Vrije Universiteit Amsterdam12.25 Twee vrije voordrachtenSessie A3: OuderenSessieleiders: Dr. Han Inklaar en Drs. Don de WinterTijdstip Onderwerp Spreker Instituut10.45 Sport en artrose? Prof. dr. Sita Bierma-Zeinstra Erasmus MC Bax: SMA Utrecht/SMA Olympia Amsterdam11.10 Minibattle: rol van de fietsproef bij sportmedisch onderzoek Drs. Jaap Bax en dr. Allard Sieders Sieders: Rijnland Ziekenhuis Leiderdorp11.40 Training door ouderen: voordelen en bedreigingen Drs. Leo Heere Vitesse12.05 Psychologie van interventies Prof. dr. Gerjo Kok Universiteit Maastricht12.30 Eén vrije voordacht Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid4
  7. 7. Ronde B: Chronisch ziek | Donderdag 14.15 uur - 16.15 uurSessie B1: JeugdSessieleiders: Drs. Frits van Bemmel en Dr. Goof SchepTijdstip Onderwerp Spreker Instituut14.15 Sport en aangeboren hartafwijkingen Dr. Berto Bouma AMC Amsterdam14.40 Sport en kinderoncologie Dr. Netteke Schouten-van Meeteren Emma Kinderziekenhuis AMC Cystic fibrosis, we like to MOVIT: inspanning en inflammatie bij15.05 Dr. Bert Arets UMC Utrecht taaislijmziekte15.30 Diabetes type 1 Dr. Wouter de Waal Diakonessenhuis Utrecht15.55 Twee vrije voordrachtenSessie B2: VolwassenenSessieleiders: Drs. Robert Rozenberg en Dr. Stephan PraetTijdstip Onderwerp Spreker Instituut14.15 Migraine, exercise-induced headache in sport Drs. Hille Koppen Leids Universitair Medisch Centrum14.40 Depressie en fysieke activiteit Mevr. Annelieke Roest, MSc Universitair Medisch Centrum Groningen15.05 Exercise-induced hartritmestoornissen en sport Dr. Jan Hoogsteen Máxima Medisch Centrum Spondyloartritis (SpA) en sportief bewegen: de nieuwste15.30 ontwikkelingen inzake diagnostiek en behandeling met Dr. André van Rijthoven UMC Utrecht biologicals15.55 Twee vrije voordrachtenSessie B3: OuderenSessieleiders: Drs. Jan-Willem Dijkstra en Drs. Bert van EssenTijdstip Onderwerp Spreker Instituut Behandelingsopties bij kraakbeenschade in de knie: stand van14.15 Dr. Gino Kerkhoffs AMC Amsterdam zaken14.40 COPD: inzichten in state of the art longrevalidatie Prof. dr. Richard Dekhuijzen UMC St. Radboud Nijmegen15.05 Conservatieve behandelingen bij enkelartrose Drs. Angelique Witteveen Sint Maartenskliniek Meander Medisch Centrum Amersfoort/15.30 Lichamelijke training van hartfalenpatiënten Dr. Jeff Senden Baarn15.55 Twee vrije voordrachten 1 & 2 december te Kaatsheuvel 5
  8. 8. programma vrijdag 2 december 2011 Ronde C: Geblesseerd | Vrijdag 10.45 uur - 12.45 uur Sessie C1: Jeugd Sessieleiders: Drs. Peter van Veldhoven en Drs. Ria van Rooijen Tijdstip Onderwerp Spreker Instituut 10.45 Overbelastingsapofysitis: radiologische benadering Dr. Jan Veryser Universitair Ziekenhuis Antwerpen Overbelastingsproblematiek bij topturners op onvolwassen 11.10 Dr. Sam Moustie Universitair Ziekenhuis Antwerpen leeftijd 11.35 Sportpsychologie bij het kind Drs. Edith Rozendaal Sportgek 12.00 Knieklachten bij sportende kinderen, hoe te evalueren? Dhr. Roy Schaaij Fysiotherapie Tamminga Utrecht 12.25 Twee vrije voordrachten Sessie C2: Volwassenen Sessieleiders: Prof. dr. Jan Gielen en Drs. Peter van Beek Tijdstip Onderwerp Spreker Instituut 10.45 Bone bruise, radiologische diagnostiek en belang bij sporters Prof. dr. Jan Gielen Universitair Ziekenhuis Antwerpen 11.10 Heupimpingement Drs. Sebastiaan Jansen Rijnland Ziekenhuis Leiderdorp Prevalentie en preventie van medische problemen bij ‘Start to 11.35 Dr. Trees Dooms Universitair Ziekenhuis Antwerpen Run’ 12.25 Twee vrije voordrachten Sessie C3: Ouderen Sessieleiders: Drs. Ed Hendriks en Drs. Leo Heere Tijdstip Onderwerp Spreker Instituut 10.45 Cuff tendinopathie Drs. Henk van der Hoeven Bergman Kliniek Een nieuwe heup of knie, het belang van een lichamelijke en 11.10 Dr. Martin Stevens Rijksuniversiteit Groningen sportieve leefstijl 11.45 Is sporten na een lumbale hernia (on)gezond? Dr. Mark Arts Medisch Centrum Haaglanden 12.10 Drie vrije voordrachten Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid6
  9. 9. Ronde D: Bijzonder | Vrijdag 14.15 uur - 16.15 uurSessie D1: GehandicaptenSessieleiders: Dr. Rienk Dekker en Drs. Wout van der MeulenTijdstip Onderwerp Spreker Instituut Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde14.15 Circuittraining na een beroerte: FIT-Stroke trial Dr. Ingrid van de Port Utrecht, Revalidatiecentrum De Hoogstraat/ UMC Utrecht Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde14.40 Cerebral palsy en conditietraining Dr. Olaf Verschuren Utrecht, Revalidatiecentrum De Hoogstraat/ UMC Utrecht Rheumates@work: promoting physical activity in children with15.05 Dr. Otto Lelieveld Universitair Medisch Centrum Groningen juvenile idiopathic arthritis Fysieke training bij facioscapulohumerale spierdystrofie (FSHD):15.30 Drs. Nicole Voet UMC St. Radboud Nijmegen doorbreken van de vicieuze cirkel van inactiviteit15.55 Twee vrije voordrachtenSessie D2: TopsportSessieleiders: Drs. Maarten Moen en Dhr. Rob TammingaTijdstip Onderwerp Spreker Instituut14.15 Voeding en topsport Dhr. Floris Wardenaar, MSc Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN)14.40 Mentale begeleiding bij presteren, herstellen en revalideren Drs. Afke van de Wouw Afke van de Wouw Sportbegeleiding Ministerie van Defensie en Rabobank15.05 Vochthuishouding bij topsporters in extreme omstandigheden Dr. Gerard Rietjens Wielerploeg15.30 Trainingsbegeleiding en inspanningsfysiologie bij veldrijders Dr. Guy De Schutter Universitair Ziekenhuis Antwerpen15.55 Twee vrije voordrachtenSessie D3: Medisch Ethisch, doping in de ongeorganiseerde sportSessieleiders: Drs. Esther Schoots en Dr. Ivo van HilvoordeTijdstip Onderwerp Sprekers Instituut Mogen (sport)artsen ingaan op hulpvragen over prestatiebevorderende middelen, of... moeten ze dat? Het strenge antidopingbeleid in de topsport wordt – onbedoeld – ook van toepassing geacht voor breedtesport. De meeste sportartsen willen niets te maken hebben met prestatiebevorderende middelen en hulpvragen hierover van bijvoorbeeld bodybuilders. Dat staat op gespannen voet met het rapport van de Gezondheidsraad uit 2010 over dopinggebruik Drs. Olivier de Hon, dr. Fred Hartgens, in sportscholen. De Gezondheidsraad legt het verband met14.15 drs. Maarten Koornneef, dr. Pim de verslavingszorg en adviseert onder andere sportartsen in te Ronde en drs. Paul Ruijsenaars zetten bij het adviseren van mensen die vragen hebben over – of problemen als gevolg van – gebruik van middelen ter verbetering van hun figuur en/of prestaties. In deze sessie die georganiseerd wordt door de Medisch Ethische Commissie van de VSG komen zorgverleners (o.a. sportgeneeskunde, verslavingszorg), sporters en experts op het gebied van doping en ethiek aan het woord. Discussieert u mee? Meldt u snel aan, want het aantal plaatsen is beperkt! 1 & 2 december te Kaatsheuvel 7
  10. 10. dagvoorzitters Dagvoorzitter dag 1 Dr. Babette Pluim Babette Pluim is bondsarts van de Koninklijke Nederlandse Babette schreef het hoofdstuk ‘Medical care of Tennis Lawn Tennis Bond (KNLTB) en teamarts van het Players’ voor het IOC-boek Tennis en het hoofdstuk Nederlandse Davis Cup-team. Zij is toernooiarts van de ‘The Epidemiology of Tennis Injuries’ voor het IOC-boek ATP and WTA-toernooien in Den Bosch (Ordina Open) en The Epidemiology of Injury in Olympic Sports. Babette Rotterdam (ABN AMRO World Tennis Tournament). schreef samen met orthopedisch chirurg Marc Safran het Babette Pluim is lid van de medische commissie van de boek From Breakpoint to Advantage: a Practical Guide Internationale Tennis Federatie (ITF), de Health, Medical for Optimal Tennis Health and Performance. In 2009 and Research Committee van het Wereld Anti-Doping verscheen de bewerkte Nederlandse uitgave hiervan, Agentschap (WADA) en de Interfederal Commission van de getiteld Ace of Brace?. FIMS. Zij is adjunct-hoofdredacteur van de British Journal of Sports Medicine. In 1998 promoveerde zij op onderzoek naar het sporthart. Dagvoorzitter dag 2 Drs. Steef Bredeweg Functie Speciaal interessegebied Sportarts, Sportmedisch Centrum UMCG Sportblessures en onderzoek naar hardlopen en blessures Vakgebied Bijzonderheden Sportgeneeskunde Hoofdopleider sportartsen in de opleidingsregio Groningen Sportarts Nederlands Heren Volleybalteam 1994-1998 Opleiding Clubarts FC Groningen 2003-2005 1984-1992 Studie Geneeskunde Rijksuniversiteit te Voorzitter Concilium Nederlands Instituut Opleiding Groningen sportartsen (NIOS) 1995-1998 Opleiding tot sportarts in de Isala Klinieken Zwolle Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid8
  11. 11. plenaire sprekers Prof. dr. Romain Meeusen Prof. dr. Romain Meeusen, (PhD) is hoofd van het department Humane Fysiologie aan de Vrije Universiteit Brussel. Zijn onderzoeksactiviteiten zijn gefocust op ‘Exercise and the Brain’, waarbij de invloed van neurotransmitters op de training en het prestatievermogen wordt onderzocht. Het recente werk van Romain Meeusen spitst zich toe op de thermoregulatie, het overtrainingssyndroom en neurogenese tijdens inspanning. Hij doceert inspanningsfysiologie, training en coaching en sportfysiotherapie. Romain publiceerde meer dan 350 artikelen en hoofdstukken in internationaal wetenschappelijke tijdschriften, 18 boeken over fysiotherapie en hij sprak op meer dan 650 nationale en internationale congressen. Daarnaast is Romain Meeusen voorzitter van de Belgische vereniging voor Fysiotherapie, secretaris-generaal van het European College of Sport Science (ECSS) en lid van het American College of Sports Medicine (ACSM). Romain Meeusen heeft de leiding over het Brussels Labo voor Inspanning en Topsport, waar hij werkt met verscheidene topatleten en wetenschappelijk advies verleent aan het ‘Lotto Cycling Institute’ (Omega-Pharma Lotto wielerploeg). Prof. Jorunn Sundgot-Borgen Jorunn Sundgot-Borgen (born 18 March 1961) is a Norwegian professor of sports medicine. Jorunn Sundgot-Borgen is currently working as a professor in physical activity and health at The Norwegian School of Sport Sciences. Since 1995 she was a consultant at The Norwegian Olympic Training center and acted as Head of the Nutrition department for the last 5 years. Jorunn is one of the leading researchers in the field of eating disorders, nutrition and osteoporosis in sports in general and in female athletes in particular. She has coauthored the International Olympic Committee Medical Commission Position Stand on the Female Athlete Triad. In her athletic career, she used to be a member of the Norwegian national team in gymnastics and rhythmical gymnastics. She took the MSc degree at the Arizona State University in 1985, and the dr.scient. degree at the Norwegian School of Sport Sciences in 1993. She held a post-doctorate scholarship at Yale University from 1993 to 1997. She was a part-time consultant for Olympiatoppen, the Norwegian elite sports program, from 1995 to 2008. She was an associate professor from 1997 to 2002, and is a professor since 2002, of sports medicine at the Norwegian School of Sport Sciences. She is especially cited on her expertise in eating disorders. She has three children, and resides at Bekkestua Dr. Cees-Rein van den Hoogenband Cees-Rein van den Hoogenband is chef arts Londen 2012. Van den Hoogenband heeft een ruime ervaring met de begeleiding van topsporters. Hij maakte vijf keer deel uit van de medische staf van NOC*NSF tijdens de Olympische Spelen. De functie van Chef Arts Londen 2012 zal hij combineren met zijn werkzaamheden als directeur van het sportmedisch gezondheidscentrum Topsupport, een onderdeel van St. Anna Ziekenhuis Geldrop-Eindhoven. Cees-Rein van den Hoogenband is van origine chirurg, maar heeft vooral veel te maken gehad met behandeling van blessures bij topsporters. Zo is Cees-Rein van 1987 tot 2011 clubarts en hoofd van de medische staf van PSV geweest. Mission statement/motto: Trachten voor de Olympische Spelen van 2012 een stevig sportmedische begeleiding in te zetten en samen met Maarten Moen proberen om een topsportmedisch beleid voor de jaren daarna op te stellen. 1 & 2 december te Kaatsheuvel 9
  12. 12. Testing solutions for heart, lungs and movement Quark CPET: Aan de mooie productportfolio van COSMED hebben wij de fantastische BTS SPORTLAB: productlijn van BTS Bioengineering toegevoegd. Per direct kunt u bijComplete SMA inricht- ons terecht voor deze ‘state of the art’ meetapparatuur voor gang- Geïntegreerde biomechanischeing, ECG, Longfunctie, beeldanalyse, draadloos oppervlakte EMG, krachtenplatforms, high analyse van alle aspectenVO2max, Ergometers speed videocamera’s en uiteraard ook voor compleet geïntegreerde van beweging, meten Biometrie en gesynchroniseerde combinaties hiervan. sportspecifieke protocollen Voor sportmedische toepassingen kunt u deze apparatuur gebruiken voor: drop-jump test, golf swing test, squat jump test, plotse richtingsverandering, een beet-test en nog veel meer. Internationaal wordt deze apparatuur onder meer gebruikt door Real Madrid, AC K4 b2: BTS FREEEMG 300: Milan, Juventus en het CONI (Italiaans NOC-NSF).Gouden Standaard in De toevoeging van BTS aan onze portfolio maakt dat wij vanaf nu Draadloos oppervlaktedraagbare BxB meta- nog vrijwel uitsluitend van onze eigen naam gebruik gaan maken: EMG, tot 16 kanalen,bole metingen, inclusief TulipMed in plaats van COSMED Benelux, zoals velen ons reeds kennen. ook met footswitchesGPS en telemetrie en electrogoniometers. Voor onze huidige klanten verandert er vrijwel niets: u kunt nog Integreerbaar met alle steeds bouwen op onze kundige en bovenal snelle service. Verder BTS producten hebt u vooral meer meetoplossingen tot uw beschikking dan voorheen. Alle bestaande contactgegevens blijven actief. Bod Pod GS: Naast COSMED en BTS kunt u bij ons ook terecht voor: BTS DigiVec:Hoogstnauwkeurige Monark Excercise HP|COSMOS Ergolinemeetapparatuur voor Integratie van videolichaamssamenstel- simultaan met grond-ling volgens Gouden reactiekrachten totStandaard echte ‘Augmented Reality’. TulipMed B.V. – De Liesbosch 52 – 3439 LC Nieuwegein – T: 088-10.50.500 – F: 088-10.50.599 www.tulipmed.nu
  13. 13. Osteopathie: onmisbaar in de moderne medische sportbegeleiding De heilzaamheid van osteopathie is algemeen erkend, vooral in de moderne medische sportbegeleiding. De interesse voor deze complementaire geneeswijze is dan ook groot. Osteopaat is een beroep met toekomst. Osteopathie aan de IAO: al 25 jaar de beste opleiding in de Benelux De International Academy of Osteopathy (IAO) is de enige osteopathie- school in de Benelux die voldoet aan de Bachelor/Master-structuur, de Europese vereisten betreffende externe kwaliteitsbewaking ISO 9001 én de richtlijnen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) over opleidingen in osteopathie. Word Master of Science in Osteopathie en specialiseer tot sportosteopaat ©2011 Mercurius DM • Parttime modulaire opleiding voor Applied Sciences (fhg), die de fysio/kinesitherapeuten gedurende graad uitreikt 5 jaar: 6 seminaries per jaar • Permanente vorming: onder meer telkens van donderdag tot zaterdag postgraduaat Sportosteopathie • Parallelle programma’s in Gent (B), • Modern en efficiënt onderwijs- Antwerpen (B) en Zeist (NL) systeem volgens de “blended • Bekroond met universitair diploma learning” principes, een Master of Science in Osteopathy combinatie van online leren, (MSc.Ost.), geaccrediteerd en contactonderwijs en individuele erkend in alle Europese landen begeleiding – opleiding i.s.m. University of 5 JAAR PARTTIME (MODULAIR) Osteopaat, Parallel in Gent (B), A’pen (B) & Zeist (NL) (SPORT) MASTER OF SCIENCE IN OSTEOPATHIE een medisch beroep met toekomst IAO Klein Dokkaai 3-5, 9000 Gent MASTER OF SCIENCE IN OSTEOPATHIE T. +32 (0)9 233 04 03 info@osteopathie.eu www.osteopathie.euCongresgids Sport&Geneeskunde 130Hx185B.indd 1 19/10/11 11:14
  14. 14. Bewezen werking bij acute letsels en ontsteking aan het bewegingsapparaat, voor patiënten vanaf 2 jaar Traumeel® is een erkend product van Heel Biologische Geneesmiddelen. Heel is al 75 jaar pionier op het gebied van wetenschappelijk onderbouwde moderne homeopathie als integraal onderdeel van de hedendaagse geneeskunde. Alle producten zijn geregistreerd en voldoen aan de allerhoogste kwaliteits- en veiligheidseisen. Vergelijkende studies met reguliere geneesmiddelen zijn een belangrijk onderdeel van ons onderzoeksprogramma. Heel Biologische Geneesmiddelen B.V. - Email: info@heelbv.nl - Website: www.heelbv.nl Sport verantwoord: Laat u wetenschappelijk begeleiden. Onderscheid u van uw collega’s met wetenschappelijke sportsoftware SpartaNova biedt een wetenschappelijke tool aan waarmee u de conditie, het potentieel en de blessuregevoeligheid van uw sporters in kaart brengt. De software werd ontwikkeld aan gerenommeerde Belgische universiteiten en is gebaseerd op 15 jaar onderzoek bij 25.000 sporters. U test uw sporters op basis van zorgvuldig gekozen parameters, voert de resultaten in en krijgt meteen een kant-en-klare analyse. Uit honderden oefeningen adviseert de SpartaNova-tool precies die oefeningen die blessures helpen vermijden en de prestaties van uw sporter verbeteren. Via het online dagboek geeft u gepersonaliseerd trainingsadvies. U bespaart heel wat tijd, kan meer sporters opvolgen en bouwt een sterkere relatie met hen op. uw contact in Nederland: Freek Gubbels • M +31 648 513 301 • freek@spartanova.com • www.spartanova.com your scientific supporter43203_SpartaNova_VSG Congres_adv 185x130_4.indd 1 10/27/11 1:37 PM
  15. 15. dag 1 // donderdag 1 december 2011Sessie A1: JeugdProf. dr J. SeidellDonderdag.1.december.–.10.45.uur.–.sessie.A1.–.Preventie.van.obesitas.door.sport/bewegenBiografieProf. dr. Jaap SeidellJaap Seidell is hoogleraar voeding en gezondheid en directeur obesitaszorg. Hij is vanwege zijn kennis een veelgevraagdvan de afdeling gezondheidswetenschappen aan de Vrije adviseur van organisaties in binnen- en buitenland zoals deUniversiteit en het VU medisch centrum in Amsterdam. Hij Wereldgezondheidsorganisatie, de Gezondheidsraad, overheden,is een internationaal gerenommeerd onderzoeker op zowel consumentenorganisaties en organisaties van patiënten enhet gebied van de oorzaken en gevolgen van overgewicht zorgverleners.en obesitas als de effectiviteit van overgewichtpreventie enDr. M. Chin A PawDonderdag.1.december.–.11.10.uur.–.sessie.A1.–.How.sickening.is.sitting?How sickening is sitting? Relative to the large amount of evidence regarding cardiometabolic health in children and youth. I will also the acute and chronic effects of physical activity, little pay specific attention to the measurement of sedentary is known about the adverse health outcomes caused behaviour in this age group. Finally, I will present the first by prolonged sitting, especially in young people. I results of a ‘sitting experiment’ examining the effects of will give an overview of the scientific evidence on the prolonged sitting on metabolic indicators. // prospective relationship between sedentary behaviour andBiografieDr. M. Chin A PawDr Mai Chin A Paw is associate professor at the Department of Mai is chair of the section Youth and Health within thePublic and Occupational Health, EMGO Institute for Health and department of Public and Occupational health and is currentlyCare Research - VU University Medical Center in Amsterdam, The involved in several research projects. Examples are theNetherlands. development and evaluation of strategies promoting physical activity and reducing sedentariness, measurement of physicalHer background is in Human Movement Science and activity, and prevention and treatment of obesity. She usesEpidemiology. Mai obtained her PhD in 1999 for her thesis that innovative methodologies in behavioural epidemiology suchinvestigated the effects of physical exercise and micronutrient as Intervention Mapping – a protocol for theory and evidence-supplementation on the health of frail older people. Since 2000 based development of interventions; analysis of mediators (howher main research focus is on Child Health and Care Research. does an intervention achieve its effects); analysis of moderators 1 & 2 december te Kaatsheuvel 13
  16. 16. dag 1 // donderdag 1 december 2011 (who responds to interventions); multi-level analysis; and the in Sport and member of the editorial board of the International latest techniques for longitudinal data analysis. Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity. She is associate editor of The Journal of Science and Medicine Dr. M. Elferink-Gemser Donderdag.1.december.–.11.30.uur.–.sessie.A1.–.Talentherkenning.en.-ontwikkeling:.Nederland Talentherkenning en -ontwikkeling: Nederland Op de site van NOC*NSF staat te lezen dat ‘de is, wat de beste progamma’s zijn, wat de beste manier toptienambitie, het streven van Nederland om structureel van begeleiden is en hoe je weet aan welke kinderen tot de tien beste topsportlanden ter wereld te behoren, deze extra mogelijkheden het best geboden zouden voor de Nederlandse topsport de ultieme doelstelling is’. moeten worden. Wie zijn de topsporters van ‘morgen’ Dit is echter geen eenvoudige opgave en ons land heeft en waarom zij? Om de olympische ambities te kunnen deze positie tot op heden niet structureel gerealiseerd. waarmaken – Nederland bij de top-10 – gaat het duidelijk De concurrentie in de mondiale top is groot en voor om meer dan alleen maar aanleg, een factor geluk en Nederland in de top-10 is kennis van experts uit de hard trainen. Via onderzoek worden talenten in de tijd sport en samenleving onmisbaar. In Nederland worden gevolgd waarmee teruggekeken kan worden op specifieke kinderen opgeleid tot topsporters middels een systeem ontwikkelingen en kenmerken die bepalen hoe snel een dat grotendeels gebaseerd is op talentherkenning vanuit talent zich feitelijk ontwikkelt. Je kunt daarmee onder de sportverenigingen en talentontwikkeling bij zowel de andere het verschil ontdekken tussen jeugdtalenten verenigingen als de districten en nationale jeugdteams. die zich ontwikkelen tot topsporters en degenen die De kinderen die als talentvol worden herkend, krijgen tijdens het talenttraject ‘afvallen’ en blijven steken op vaak een uitnodiging om in selectieteams hun potentie amateurniveau. Heel essentieel is dat een echte topper waar te maken. Ze krijgen extra trainingen aangeboden extreem gemotiveerd is en goed is in zelfregulatie. Uit het door over het algemeen goed opgeleide trainers, onderzoek kan geconcludeerd worden dat getalenteerde goede trainingsfaciliteiten, medische begeleiding en sporters vooral beter zijn in het stellen van doelen. een wedstrijdprogramma op niveau. Ze kunnen zich Een sporter moet dus slim zijn. Het is dus niet alleen ontwikkelen door zich op te trekken aan sporters van kwantitatief je uren draaien, maar vooral ook kwalitatief. vergelijkbaar of hoger niveau. Het doel van het bieden Daarnaast is de kwaliteit van de trainer of coach heel van deze extra mogelijkheden is het vergroten van belangrijk. Zo zie je bijvoorbeeld dat talenttrainers, die de kans om de top te bereiken. In vergelijking met de meeste talenten aan de top afleveren, zich met name decennia geleden is er meer aandacht voor de soms onderscheiden door veel autonomie aan de talenten te lastige combinatie van school en sport. Dit is onder geven. Met andere woorden, ze zorgen ervoor dat de meer terug te zien in de toename van het aantal topper in spe verantwoordelijk wordt voor zijn eigen LOOT-scholen. Echter, hoewel talentherkenning en leerproces. Want… zelfregulatie is een sleutel- en talentontwikkeling niet los te zien zijn van de context, is succesfactor. // er nog veel onduidelijkheid over wat de beste omgeving Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid14
  17. 17. BiografieDr. M. Elferink-GemserMarije Elferink-Gemser studeerde Bewegingswetenschappen ruim honderd publicaties over het onderwerp talentherkenning(UMCG) aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 2005 en -ontwikkeling op haar naam staan, zowel nationaal alspromoveerde ze aan dezelfde universiteit bij promotor prof. internationaal in de vorm van wetenschappelijke artikelen,dr. Chris Visscher op het onderwerp ‘Talentontwikkeling populairwetenschappelijke artikelen, boeken, boekhoofdstukkenvan getalenteerde sporters’. Sindsdien houdt ze zich aan en bijdragen aan congressen. Ze wordt regelmatig doorde RUG als universitair docent bezig met talentonderzoek. buitenlandse universiteiten en voor internationaleEen belangrijk onderzoeksthema omvat het waarmaken wetenschappelijke congressen uitgenodigd om het Nederlandsevan de bewegingspotentie van jeugdigen (‘het maximale talentonderzoek te presenteren. Daarnaast vindt ze het heeluit eigen kunnen halen’). Het onderzoek kenmerkt zich belangrijk om de onderzoeksresultaten te ‘vertalen’ voordoor het longitudinale karakter waarbij jeugdigen jaren mensen in het werkveld zoals (toekomstige) trainers, coaches,achter elkaar worden gevolgd in hun ontwikkeling en het beleidsmakers, leerkrachten, getalenteerde sporters en hunmultidimensionele karakter waarbij zowel persoonsgebonden ouders.als omgevingsgebonden kenmerken in relatie worden gebrachtmet de sportprestatie. Marije is daarnaast actief binnen het Organisaties: Centrum voor BewegingswetenschappenInstituut voor Sport en Bewegingsstudies van de Hogeschool (UMCG/Rijksuniversiteit Groningen); Instituut voor Sport enArnhem-Nijmegen dat ‘Talentherkenning en -ontwikkeling van Bewegingsstudies (Hogeschool Arnhem-Nijmegen).sporttalent’ als speerpunt heeft gekozen. Ze heeft inmiddelsDr. J. RoeykensDonderdag.1.december.–.11.30.uur.–.sessie.A1.–.Talentherkenning.en.-ontwikkeling:.VlaanderenTalentherkenning en-ontwikkeling: Vlaanderen Sporttalent detecteren en begeleiden is een kerntaak van De eerste Vlaamse topsportscholen openden hun deuren (top)sportfederaties. In het langdurige traject om sportief op 1 september 1998. Het doel van de topsportscholen talent te detecteren, te selecteren en te begeleiden is om jonge talenten de kans te geven hun sportcarrière tot de topsport, worden in Vlaanderen verschillende zo optimaal mogelijk te ontwikkelen in combinatie beleidsinitiatieven genomen. De leidraad daarvan vormt met de studies secundair onderwijs. Hiervoor is een het topsportactieplan Vlaanderen en hanteert een structurele samenwerking opgezet tussen de sport- en voorwaardenscheppend beleid, géén beloningsbeleid. de onderwijssector. Aanvankelijk participeerden twaalf sportfederaties in de topsportscholen, vandaag zijn dat Een van de grote verwezenlijkingen in Vlaanderen om er al zeventien. Het aantal ingeschreven leerlingen/ sportief talent te begeleiden, is de oprichting van de topsporters steeg van iets meer dan 200 naar ruim 900. topsportscholen. De (top)sportfederaties met participatie in een Recent werden deze zowel op sportief als onderwijskundig topsportschool hanteren strenge selectiecriteria voor de vlak doorgelicht. In deze uiteenzetting zal na een inschrijving aan een topsportschool. korte situering op de voornaamste resultaten van deze Leerlingen die in het secundaire onderwijs (leeftijd 12 evaluaties ingegaan worden. tot 18 jaar) de studierichting topsport volgen, krijgen 1 & 2 december te Kaatsheuvel 15
  18. 18. dag 1 // donderdag 1 december 2011 wekelijks 10 uur sportspecifieke topsporttraining, de sportfederatie. De lestijden en zelfs examenperiodes aangevuld met 2 uur lichamelijke opvoeding tijdens de worden indien nodig aangepast aan de noden van de sport. schooluren. Daarnaast volgen zij de trainingen buiten de schooluren in hun sportclub. In het totaal rapporteert men In het basisonderwijs (leeftijd 6 tot 12 jaar) zijn er vandaag vaak 15 tot 20 uur specifieke training op weekbasis. slechts twee federaties (gymnastiek en tennis) met Om een volwaardige studie te kunnen volgen, worden de een participatie in één of meerdere basisscholen voor leerlingen specifiek begeleid en opgevolgd. De leerlingen topsportbeloften. Hier krijgen de leerlingen wekelijks tot hebben het recht om, tijdens de lesuren, deel te nemen 6 uur sportspecifieke training tijdens de schooluren als aan stages en wedstrijden die onder de leiding staan van aanvulling op de naschoolse sportbeoefening. // Biografie Dr. J. Roeykens Johan Roeykens is voltijds inspanningsfysioloog op de afdeling keuringen en inspanningsonderzoeken bij onder andere S.P.O.R.T.S. van het UZ Antwerpen. Hij is van huis uit licentiaat leerlingen/topsporters afgenomen. Daarnaast worden heel wat in de Lichamelijke Opvoeding en licentiaat in de Motorische sporters sportmedisch getest en geadviseerd in verschillende Revalidatie en Kinesitherapie. sporttakken. De multidisciplinaire aanpak van de sporter binnen S.P.O.R.T.S. is een van de negen door de Vlaamse overheid het UZ Antwerpen biedt hierbij een belangrijke meerwaarde bij erkende sportkeuringscentra en staat voor multidisciplinair het verlenen van gericht advies. centrum voor Screening, Preventie, Onderzoek en onderwijs, Johan is lesgever aan de Vlaamse Trainerschool (BLOSO), werkt Revalidatie, Training en Sportgeneeskunde. mee aan verschillende sportwetenschappelijke onderzoeken Voordien was Johan werkzaam op de Afdeling Topsport van binnen het UZ Antwerpen en heeft een bijzondere interesse BLOSO, de Vlaamse sportadministratie. Gedurende twee jaar voor de meting van lichamelijke activiteit en toegepaste was hij dossierbeheerder van de topsportscholen in Vlaanderen. inspanningsfysiologie in de trainingspraktijk. Op S.P.O.R.T.S worden de jaarlijkse (verplichte) sportmedische Prof. dr. J. Gielen Donderdag.1.december.–.12.05.uur.–.sessie.A1.–.Gestaltepredictie.bij.12/13-jarigen Gestaltepredictie bij 12/13-jarigen Gestalte is belangrijk in een aantal sporten, zowel een 10 cm voor jongens en 9 cm voor meisjes voor een 95% kleine of een grote gestalte kan wenselijk zijn in enerzijds van de populatie. Voor de Vlaamse kinderen met minstens gymnastiek en vechtsporten als anderzijds basketbal, 1 Vlaamse ouder kan de individuele groeicurve berekend volleybal en tennis, atletiek, hordelopen en zwemmen. worden op basis van minstens twee meetpunten met Selectie van topsporters gebeurt op jonge leeftijd en minstens 6 maanden tijdsinterval, dit is de meest correcte dus per definitie met onvolwassen gestalte. Selectie kan voorspeller van de gestalte op volwassen leeftijd. Bij de gebeuren op basis van de gestalte van de ouders, een selectie van de sporters beschikt men echter meestal individuele groeicurve en door de vaststelling van de niet over twee meetpunten. Een alternatieve techniek skeletontwikkeling. Een gestalte voorspelling op basis is de bepaling van de skeletontwikkeling op basis van van genetica – dat wil zeggen op basis van de gestalte een radiografisch onderzoek van de hand. Niet de van de ouders – is de minst correcte met een marge van chronologische leeftijd maar de leeftijd van het skelet Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid16
  19. 19. bepaalt de groeicapaciteit. De ontwikkeling van het voor niet-medische toepassingen wordt het ALARA- skelet loopt dikwijls niet gelijk met de chronologische principe toegepast. Men zoekt dus naar alternatieven leeftijd en is dikwijls familiaal bepaald. Meerdere die niet gebruikmaken van ioniserende stralen om atlassen zijn beschikbaar voor jongens en meisjes om skeletontwikkeling te determineren. Alternatieve de skeletontwikkeling te determineren. Deze techniek technieken zijn echografie en MRI die in onderzoek zijn. heeft een standaarddeviatie van 1,2 cm vanaf de leeftijd Deze zijn echter nog niet beschikbaar. // van 12 jaar bij meisjes en 14 jaar bij jongens. Voor het gebruik van röntgentechnieken voor medische en zekerBiografieProf. dr. J. GielenMedische studies en specialisatie radiologie aan de Katholieke Organisator van cycli hands-oncursussen wekedelenechografieUniversiteit van Leuven. Muskuloskeletale radiologiestage bij sinds 2004. Organisator, in samenwerking met Babette Pluim,D. Resnick (UCSD, California) en B. Maldague (UCLouvain). Sinds van het STMS (Society for Tennis Medicine and Science)-congresoktober 2000 Musculoskeletaal radioloog in het Universitair 16 en 17 februari 2007 te Antwerpen. Auteur en coredacteurZiekenhuis Antwerpen (UZA) met speciale interesse in van een gespecialiseerd boek over sportradiologie Imaging inradiologische beeldvorming van sportletsels. Mijn bijzondere Orthopedic Sports Injuries (2006 Springer Verlag).aandacht gaat naast de klassieke technieken zoals radiografie enarthrografie vooral uit naar echografie, magnetische resonantie Al vroeg in zijn carrière legde prof. dr. Jan Gielen zich toe op heten meersneden CT. PhD sinds februari 2004, thesis ‘Magnetische onderzoek van sporters. Uit liefde voor de sport? “Ik kom uitresonantie van wekedelentumoren’. Sinds 15 jaar spreker op het een heel onsportieve familie. Thuis deden wij niet aan sport en‘Limburgs Sportcongres’ België. Organisator van het Antwerps gingen we niet naar het voetbal. Toen ik destijds voor het eerstMultidisciplinair Sportmedisch Symposium in 2004 en 2005. Jean-Marie Pfaff moest onderzoeken, kende ik die niet.” DatSinds oktober 2006 docent aan de Universiteit Antwerpen (UA). gebrek aan affiniteit met de sportwereld vindt hij geen nadeel,Believer in multidisciplinaire samenwerking en daarom sinds integendeel: het waarborgt de objectiviteit. “Sportgeneeskundefebruari 2006 organisator van een veertiendaagse theoretische is boeiend doordat het een kruispunt van disciplines is,en klinische multidisciplinaire sportvergadering aan de UA in van fysische geneeskunde en radiologie tot cardiologie ensamenwerking met sportartsen, fysiotherapeuten, kinesisten, psychologie. En ook op onderzoeksvlak zijn er veel uitdagingen.”radiologen, orthopedisten, cardiologen, dermatologen. 1 & 2 december te Kaatsheuvel 17
  20. 20. dag 1 // donderdag 1 december 2011 Vrije voordrachten sessie A1 K. Valkenet, F. de Heer, L.A. van Herwerden, P. Doevendans, I.G.L. van de Port & F.J.G. Backx Preoperatieve fysieke therapie voor een openhartoperatie: wetenschappelijke evidentie en klinische effecten Inleiding en vraagstelling risicoscores, ademspiertraininggegevens, incidentie van Patiënten die een openhartoperatie moeten ondergaan, longontstekingen en ligduur na een openhartoperatie. behoren tot een kwetsbare populatie. Deze groep zal als Deze data zijn geanalyseerd middels propensity-analyse gevolg van een slechtere preoperatieve fysieke conditie om uitspraak te doen over de effectiviteit van deze meer kans hebben op complicaties en een vertraagd interventie. herstel. Zo is bekend dat een longontsteking na een openhartoperatie de ligduur fors kan verlengen (American Resultaten Thoracic Society, Am J Respir Crit Care Med; 2005). Een De systematische review laat een significant effect goede fysieke voorbereiding is daarom belangrijk. Er zijn (p<0.05) zien van preoperatieve ademspiertraining op twee doelen geformuleerd. Allereerst het geven van een het terugdringen van longcomplicaties na een buik- of systematisch overzicht van de huidige evidentie voor hartoperatie (4 studies). preoperatieve fysieke therapie op het herstel na een De data betreffende preoperatieve ademspiertraining operatie. Daarnaast wordt het effect onderzocht van de voorafgaand aan een hartoperatie (n=346) laten een trend implementatie van preoperatieve ademspiertraining op zien in het voordeel van de pulmonaal hoog risicogroep het verminderen van postoperatieve longontstekingen na die ademspiertraining heeft gevolgd. In deze groep heeft een openhartoperatie. 1 van 94 patiënten (1.1%) een longontsteking ontwikkeld na de hartoperatie vergeleken met 8 van de 252 patiënten Methode (3.2%) die geen ademspiertraining hebben gevolgd (odds Een systematisch literatuuronderzoek is uitgevoerd, ratio 0.29 (95% CI 0.032 – 2.64)). gebruikmakend van de databases PubMed, EMBASE, PEDro and CINAHL waarbij studies werden geïncludeerd die de Conclusies, discussie en aanbevelingen effecten van preoperatieve fysieke therapie onderzochten Preoperatieve ademspiertraining lijkt effectief op de ligduur en complicaties na een operatie (Valkenet in het terugdringen van longontsteking na een et al. Clin Rehab; 2011). De studies zijn beoordeeld op openhartoperatie. In tegenstelling tot de literatuurstudie methodologische kwaliteit (PEDro-scorelijst). Effecten op laten de data uit de praktijk geen significant verschil ligduur en aantal complicaties zijn verwerkt in een meta- zien op het verminderen van longontstekingen, maar analyse. is er wel een trend zichtbaar in het voordeel van de Voor het tweede doel zijn, na implementatie van groep die ademspiertraining gevolgd heeft. Aanvullend preoperatieve ademspiertraining (dagelijks 20 min. goed gecontroleerd en gerandomiseerd onderzoek gedurende minimaal 2 weken), in 2008 en 2009 naar ademspiertraining bij verschillende chirurgische in het Universitair Medisch Centrum Utrecht data patiëntgroepen wordt aanbevolen. // verzameld aangaande preoperatieve pulmonale Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid18
  21. 21. R. AgricolaDe ontwikkeling van cam laesiesbij jonge voetballers Inleiding kop-halsovergang werd gescoord als 1) normaal, 2) Cam impingement is een oorzaak van heuppijn en een afvlakking of 3) prominentie. Verschillen in prevalentie mogelijke risicofactor voor artrose. Cam impingement werden getest met logistische regressie. Verschillen in wordt vooral bij jonge, mannelijke sporters gezien, maar er de bewegingsuitslagen werden getest met generalized zijn slechts een beperkt aantal onderzoeken die zich hebben estimating equations. gericht op de manifestatie van cam laesies tijdens de groei. Resultaten Doel Een abnormale alphahoek werd al gevonden bij 12-jarigen Het bepalen op welke leeftijd cam laesies ontstaan, en de bij zowel voetballers als controles. De prevalentie van prevalentie van cam laesies bepalen bij jonge mannelijke een cam laesie gedefinieerd op basis van een abnormale voetballers in vergelijking met niet-sportende controles. alphahoek was hoger bij voetballers (26%) dan bij controles (17%), alhoewel niet significant wanneer Methode gecorrigeerd werd voor de leeftijd. Een prominentie in de In deze studie zijn 89 (178 heupen) voetballers tussen kop-halsovergang werd alleen gezien bij voetballers, vanaf de 12 en 19 jaar, die in selectie-elftallen van Feyenoord 13-jarige leeftijd (13% vs 0%, p<0.033). De prevalentie van speelden, geïncludeerd. Tevens zijn er 92 (184 heupen) een afvlakking van de kophals was ook significant hoger controles in dezelfde leeftijdscategorie geselecteerd bij voetballers (53% vs 19%, p=0.0001). Bij voetballers met uit radiologiegegevensbestanden wanneer zowel een een cam laesie op basis van een abnormale alphahoek anterior-posterior (AP) als een Lauenstein-opname van was de endorotatie significant verminderd (19.7 vs 26.2, beide heupen beschikbaar was. Exclusie criteria voor p=0.002). Een positieve impingementtest associeerde niet controles waren het hebben van heuppathologie en met het hebben van een cam laesie. sporten als dit vermeld was in de status. Bij de voetballers zijn de bewegingsuitslagen van de heup bepaald en werd Conclusie de impingementtest uitgevoerd. Tevens is er volgens een Een cam laesie is zichtbaar vanaf 13-jarige leeftijd. gestandaardiseerd protocol een AP-bekkenopname en Cam laesies zijn meer prevalent en meer uitgesproken een Lauenstein-opname gemaakt. Om een cam laesie te bij jonge voetballers dan bij controles. Dit suggereert kwantificeren werd de alphahoek in alle röntgenfoto’s dat mechanische belasting, vooral tijdens het sluiten bepaald, waarbij een afkapwaarde van 60 graden werd van de groeischijf, een belangrijke factor kan zijn in de gehanteerd. Tevens werden alle röntgenfoto’s gescoord ontwikkeling van een cam laesie. // op basis van drie categorieën. De anterosuperior 1 & 2 december te Kaatsheuvel 19
  22. 22. dag 1 // donderdag 1 december 2011 Sessie A2: Volwassenen Dr. E. Verhagen Donderdag.1.december.–.10.45.uur.–.sessie.A2.–.Beweegstimulering Beweegstimulering Ondanks het onomstotelijke bewijs dat lichamelijke heeft gewoonweg een sterkere onafhankelijke relatie activiteit de gezondheid bevordert, is de mate waarin de met allerhande gezondheidsproblemen. Daarnaast populatie lichamelijk actief is in de afgelopen jaren alleen heeft het stimuleren van lichamelijke activiteit ook maar afgenomen. Mede door specifieke aandacht voor andere voordelen; een beweegrijke leefstijl helpt in het voldoende lichamelijke activiteit in het gezondheidsbeleid handhaven van een gezond gewicht, is gecorreleerd aan en een daaraan gekoppeld publiek besef, lijkt de afname een gezonder voedingspatroon en draagt bij aan het de laatste jaren enigszins gestabiliseerd. Er wordt zelfs terugdringen van het aantal rokers. een lichte toename gezien in het percentage Nederlanders dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. Met het oog op de vele voordelen van lichamelijke Echter, we bewegen nog niet voldoende en de promotie activiteit voor de gezondheid in diverse levensfasen, zijn van voldoende lichamelijke activiteit blijft vooralsnog de preventie en interventiemogelijkheden ontelbaar. Het een vitale component voor de preventie van chronische voert dan ook te ver om een volledig overzicht te geven aandoening en het bevorderen van de algemene van bestaande beweeginterventies en hun (potentiële) gezondheid in de hedendaagse samenleving. impact op de maatschappelijke gezondheid. Daarom Met het oog op het populatie attributieve risico zal er hier middels een selectie van interventies een (PAR) is het zelfs zo dat vanuit het perspectief van overzicht worden gegeven van mogelijkheden waarop de maatschappelijke gezondheid het bevorderen van beweegstimulering kan worden ingezet voor primaire, lichamelijke activiteit meer gezondheidswinst kan secundaire en tertiaire preventie van diverse (chronische) opleveren dan het verbeteren van voedingspatronen en aandoeningen. // verlagen van lichaamsgewicht. Lichamelijke inactiviteit Biografie Dr. E. Verhagen Evert Verhagen is als universitair docent verbonden aan breedtesport en de implementatie van evidence naar de praktijk. de afdeling Sociale Geneeskunde en het EMGO+ Instituut Daarnaast coördineert hij onderwijs op dit brede terrein bij de van het VU Medisch Centrum in Amsterdam. Na zijn studie faculteiten Bewegingswetenschappen en Geneeskunde van de bewegingswetenschappen promoveerde hij in 2004 op een Vrije Universiteit in Amsterdam. Evert Verhagen is lid van het onderzoek naar de preventie van enkelletsels bij volleyballers. editorial board van de Journal of Science and Medicine in Sport Nadien is hij zich breder gaan oriënteren en voert nu studies en associate editor van de British Journal of Sports Medicine. uit op het brede terrein van sport, leefstijl en gezondheid; van Tevens is hij als onderzoeker verbonden aan de Vrije Universiteit beweegstimulering bij jongeren tot letselpreventie bij top- en te Brussel en Monash University te Melbourne. Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid20
  23. 23. Drs. H.J.W. DijkstraDonderdag.1.december.–.11.10.uur.–.sessie.A2.–.Preventieconsult.huisarts:.Bedreiging.of.kans.voor.de.sportgeneeskunde?!Preventieconsult huisarts:Bedreiging of kans voor desportgeneeskunde?! In Nederland is de afgelopen jaren als gevolg van een preventie bij patiënten met reeds aanwezige coronaire ongezonde leefstijl een stijging van overgewicht en hartziekten. Er momenteel een brede tendens zichtbaar obesitas waarneembaar. Met de stijging in overgewicht die gaat van case finding naar preventie. is het aannemelijk dat ook het aantal mensen met Er zijn op dit moment vele preventieve onderzoeken hypertensie, dislipidemie en verhoogd glucose de laatste en checks beschikbaar bij diverse (vaak commerciële) jaren is toegenomen. Het valt daarom te verwachten instanties. De NHG-standaard Preventieconsult dat ook een toename van de prevalentie van hart- en Cardiometabool beoogt een evidence based-antwoord te vaatziekten, diabetes mellitus en chronische nierschade in zijn op deze wildgroei aan testmogelijkheden en zelftests het verschiet ligt. tegen relatief lage kosten. Op grond van demografische ontwikkelingen (dubbele Deze voordracht heeft enerzijds tot doel om u kennis vergrijzing: toename van de oudere bevolking in te geven van het hoe en waarom van deze nieuwe combinatie met hogere levensverwachting) en een NHG-standaard op basis van actuele wetenschappelijke toename van (ernstig) overgewicht met effecten op achtergronden; het preventieconsult raakt aan, in de incidentie en prevalentie van hart- en vaatziekten, sportgeneeskunde gangbare, onderzoeksvormen. diabetes en chronische nierschade ontstaat er meer Daarnaast zal de spreker trachten inzichtelijk te maken aandacht voor preventie. dat er op basis van het huidige kennisdomein van de Er zijn studies die aantonen dat het reduceren van sportgeneeskunde aangaande beweegadvisering op maat risicofactoren bij gezonde mensen (= universele, selectieve en de actuele stand van zaken omtrent beweegadvies door en geïndiceerde preventie) een viervoudige reductie de huisarts mogelijk een wereld te winnen is. // in sterfte geeft ten opzichte van de zorggerelateerdeBiografieDrs. H.J.W. DijkstraJan-Willem Dijkstra is sportarts en sinds 2005 werkzaam als met het Linneus Instituut en realisatie van het door NOC*NSFsportarts-medisch coördinator in het SMA Haarlem-Kennemer gecertificeerde Topsport Medisch Samenwerkingsverband totGasthuis. Zijn werkopdracht is het in de regio Haarlem stand gebracht.vormgeven/verder professionaliseren van het specialisme Aandachtsvelden van de spreker zijn echografie (MSU) enerzijdssportgeneeskunde. De afgelopen jaren werden onder zijn leiding en anderzijds de toepassingsmogelijkheden van spiro-ergometrieonder andere integratie binnen de medische staf van het KG, bij revalidatie op maat van chronisch zieken, in het bijzondersubspecialisatie binnen de driekoppige vakgroep, scholing hartfalenpatiënten.huisartsen/fysiotherapeuten, opstarten multidisciplinaire Jan-Willem is tevens geregistreerd huisarts en als zodanigsportpoli SMA Haarlem met Heliomare, aanzet tot ontwikkeling geïnteresseerd in de raakvlakken van de eerste lijn met hetvan een onderzoekstak sportgeneeskunde in samenwerking specialisme sportgeneeskunde en vice versa. 1 & 2 december te Kaatsheuvel 21
  24. 24. dag 1 // donderdag 1 december 2011 Zelf is Jan-Willem in zijn vrije tijd fervent windsurfer en skiër, marathonschaatsen (M2)) veelvuldig te traceren op de ijsbaan tevens voormalig windsurfinstructeur en meer dan 15 jaar actief van Haarlem, door liefhebbers ook wel het ‘Davos van het geweest als Oostenrijks (Tirol/Landes) geregistreerd skileraar. In Noorden’ genoemd. deze tijd van het jaar is hij als schaatser (Elfstedentocht 1985/ Drs. I. Vriend Donderdag.1.december.–.11.35.uur.–.sessie.A2.–.Onderzoek.in.de.praktijk:.overzicht.van.effectieve. blessurepreventieve.maatregelen Onderzoek in de praktijk: overzicht van effectieve blessurepreventieve maatregelen Sporten en bewegen is gezond en Nederlanders worden gebruikt en van plan is om deze op lange termijn te blijven dan ook gestimuleerd om dit (meer) te gaan doen. gebruiken. Circa 11 miljoen Nederlanders sporten en bewegen in georganiseerd en ongeorganiseerd verband. Populair zijn Om deze informatie te verzamelen, zijn diverse fitness, zwemmen, wielrennen/toerfietsen, hardlopen onderzoeken uitgevoerd. Ten eerste is een overzicht en veldvoetbal. Sporten is gezond, maar brengt tegelijk gemaakt van welke maatregelen werken ter preventie ook risico’s met zich mee. Het aantal sportblessures in van specifieke blessures (effectiviteit van bijvoorbeeld een Nederland is, vergeleken met andere aandoeningen en brace, helm, trainingsprogramma). Dit is gedaan door het ziektes, hoog. Jaarlijks ontstaan 3,7 miljoen sportblessures, raadplegen van wetenschappelijke literatuur en (inter-) waarvan 39% medische behandeling nodig heeft. Naast nationale experts. De kennis neemt steeds toe door het belangrijke gevolgen voor de sporter zelf (sportverzuim, verschijnen van nieuwe publicaties (compressiekous, stoppen met sporten), gaat dit samen met hoge medische core stability) en actuele discussies (rekken). Tevens is via kosten en arbeidsverzuim. Om die reden heeft het trendanalyses van blessurecijfers gekeken of de verplichte Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) invoering van bijvoorbeeld de fietshelm tot een daling blessurepreventie op de agenda staan. In de periode heeft geleid van het aantal blessures. De resultaten van de 2008-2011 zijn activiteiten uitgevoerd om blessures onderzoeken worden toegelicht. te voorkomen, specifiek gericht op 12 geprioriteerde Met behulp van de Veiligheidsbarometer Sporters is in sporttakken en enkel-, knie-, hoofdblessures en geleidelijk 2008 en in 2011 de veiligheidsbeleving en het gedrag van ontstane blessures. Nederlandse sporters met betrekking tot blessurepreventie in kaart gebracht. De focus ligt primair op het in kaart Om sportblessures te kunnen voorkomen, moeten brengen van het gedrag en de gedragsdeterminanten van maatregelen en interventies ingezet worden die de sporters. Weten sporters welke maatregelen zij zelf effectief zijn en werkzaam zijn in de praktijk (efficiënt). kunnen nemen en in welke mate doen zij dit? Belangrijke modellen die gehanteerd worden binnen de sportblessurepreventie om resultaten van onderzoek te Ten slotte is het belangrijk om inzicht te krijgen in de vertalen naar de praktijk, zijn het TRIPP-model (Finch, effecten in de praktijk van de gevoerde blessurepreventieve 2006) en het RE-AIM-model (Finch & Donaldson, 2009). activiteiten in de periode 2008-2011. Dit is gedaan door Dit laatste model wordt gebruikt om inzicht te krijgen te kijken naar de trend in de landelijke blessurecijfers, in de totale impact van een interventie in de praktijk. veranderingen in het gedrag en in de intermediaire Verschillende dimensies moeten hiervoor worden gedragsdeterminanten van sporters en door proces- en gemeten, waaronder het aandeel sporters dat bekend is effectevaluaties van de ingezette pilot-interventies. // met de preventieve maatregel, deze (op de juiste manier) Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid22
  25. 25. BiografieDrs. I. VriendIngrid Vriend is projectleider en onderzoeker bij Stichting wielrennen en mountainbiken centraal. Om de kennis enConsument en Veiligheid. Consument en Veiligheid werkt, in ervaring met betrekking tot de monitoring van sportblessuresopdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en in Nederland af te stemmen, is eind 2004 op verzoek van hetSport, samen met de VSG, sportbonden en andere organisaties Ministerie van VWS het platform Monitoren Sportblessuresaan de uitvoering van het landelijke blessurepreventiebeleid. opgericht. In dit platform hebben experts op het gebiedHiervoor houdt Ingrid zich bezig met onderzoek naar de wensen van de epidemiologie van sportblessures zitting namensen behoeften van de doelgroep (sporters en intermediairs) hun organisatie. Ingrid is voorzitter van dit platform. Na deen proces- en effectevaluaties van (pilot)interventies. Het studie Bewegingswetenschappen aan de VU, heeft ze deafgelopen jaar stond onderzoek naar de effecten van de masteropleiding Epidemiologie afgerond.campagne ‘Gebruik je kop, helm op’ bij skiën, snowboarden,Dhr. S. van den BeltDonderdag.1.december.–.12.00.uur.–.sessie.A2.–.Aftrainen.na.een.sportcarrière.–.hoe.waarom?Aftrainen na een sportcarrière –hoe en waarom? Er is, vanzelfsprekend en terecht, veel aandacht voor fenomeen ‘aftrainen’. Of wellicht is ‘afbouwen’ in deze talentontwikkeling en voor fysieke training van atleten. context een beter woord, gezien de eventuele verwarring Dit leidt tot kennis, sportief – en wellicht economisch – met het gewichtsverlies binnen sporten waarin met succes, maar ook tot het opzoeken van de grenzen van gewichtsklasses wordt gewerkt. fysieke grenzen van elke atleet. Tel daarbij op dat een Het literatuuronderzoek waar de presentatie haar survey onder Schotse oud-atletes aantoonde dat van oorsprong in vindt, laat zien dat er inderdaad geen alle veranderingen die plaatsvinden vanaf het moment evidence based-programma lijkt te bestaan voor van stoppen de fysieke aanpassing met 12.2 ± 11.9 afbouwen. In de voordracht zal de toehoorder dan ook maanden het langst duurde en dat van dezelfde groep 60% meegenomen worden op een zoektocht die leidt van de aangaf dat hulp bij physiological and dietary detraining summiere kennis die wel beschikbaar is, via de kennis over terugkijkend nuttig zou zijn geweest. Dit is hoger dan de de kortetermijngevolgen van niet of verminderd trainen 51% die aangaf dat career planning wel handig zou zijn en de algemene kennis over de fysieke adaptaties aan een geweest, terwijl daar in Nederland wel een programma intensieve sportbeoefening naar zo concreet mogelijke voor bestaat. Dit leidt tot de conclusie dat het eigenlijk aanbevelingen voor waar een goed afbouwprogramma raar is dat er zo weinig bekend lijkt te zijn over het aan zou moeten voldoen. // 1 & 2 december te Kaatsheuvel 23
  26. 26. dag 1 // donderdag 1 december 2011 Biografie Dhr. S. van den Belt Sander van den Belt (1986) studeerde bewegingswetenschappen over dit onderwerp. De resultaten daarvan worden op het VSG- in Groningen. Daar ontwikkelde hij een fascinatie voor ‘vergeten congres gedeeld. groepen binnen de (top)sport’. Zo vroeg hij zich af wat een sporter Op dit moment houdt Sander zich bezig met een andere doet na zijn carrière, behalve in ‘het zwarte gat’ vallen en/of vergeten groep: ouders van sporttalent, waarvoor hij www. aftrainen. Aftrainen? Wat is dat eigenlijk, hoe moet dat, waarom topsportouders.nl opzette. Daarnaast is hij als teamleider moet dat, waar kan een gestopte atleet hiervoor terecht? medische onderzoeken van Rienks Arbodienst nauw betrokken NOC*NSF zag het hiaat in de eigen kennis en gaf Sander de bij een heel andere tak van sport: gezondheid, vitaliteit en opdracht de literatuur in te duiken op zoek naar de kennis langdurige inzetbaarheid op de werkvloer. Vrije voordrachten sessie A2 Drs. M.R. Krist, drs. ing. A.M.C. van Beijsterveldt, dr. S.L. Schmikli, dr. I.G.L van de Port, prof. dr. F.J.G. Backx Effectiviteit van een blessurepreventief oefenprogramma voor mannelijke amateurvoetballers Inleiding lengte, gewicht, voetbalervaring, dominant been, positie en De hamstringblessure is een veelvoorkomende blessure on- blessurehistorie. Van iedere speler is ook de voetbalexpositie der voetballers en is verantwoordelijk voor 12-16% van alle bijgehouden. De relatie tussen risicofactoren en hamstring- voetbalblessures. De hamstringblessure zorgt voor langdurig blessures is onderzocht met logistische regressieanalyses. sportverzuim en heeft een hoge recidiefkans. Kennis van de Uit de totale steekproef zijn bij 179 spelers aan het begin van risicofactoren is vereist voor adequate preventie. het seizoen ook testen afgenomen. De testbatterij bestond uit: lengte- en gewichtmeting, vetpercentagebepaling, Doelstelling sit-and-reach (sar)-test, kuitspierlengte test, Interval Shuttle Wat zijn risicofactoren voor het oplopen van hamstringbles- Run Test (submaximaal), square-hoptest en vertesprongen. sures bij mannelijke, volwassen amateurvoetballers? Non-parametrische analyses zijn toegepast om de relatie tus- sen de testscores en hamstringblessures te onderzoeken. Methode Het onderzoek is verricht onder 456 mannelijke volwas- Resultaten sen amateurvoetballers die spelen in het hoogste elftal Alle voetballers zijn meegenomen in de analyse (24,8 ± van 23 eersteklasseverenigingen. Gedurende het seizoen 4,2 jaar; 183,4 ± 6,5 cm; 78,2 ± 7,5 kg). In totaal hebben 2009-2010 zijn blessures geregistreerd in het online Bles- 49 spelers 63 hamstringblessures opgelopen. Een eerdere sureregistratie Informatie Systeem (BIS) van TNO. Hiermee hamstringblessure is een significante voorspeller voor een zijn onder andere de diagnose, het ontstaansmoment en hamstringblessure (p=0.001). Voor de overige variabelen zijn de herstelduur vastgelegd. Bij aanvang van de studie is geen significante verbanden gevonden. gevraagd naar een aantal potentiële risicofactoren: leeftijd, In de subgroep van geteste spelers (24,8 jaar ± 4,1;182,5 cm Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid24
  27. 27. ± 6,3; 78,2 kg ± 7,3) wordt een significant verband gevonden hamstringblessure. Spelers zonder hamstringverleden tussen het risico op een hamstringblessure en de sar test- en met een verminderde flexibiliteit van de onderrug en score (p=0.016). Deze lage score op de sit-and-reachtest ver- achterzijde onderste extremiteit (sar score) hebben een hoogt de kans op een hamstringblessure. Dit verband blijkt grotere kans op een hamstringblessure. De resultaten van echter alleen te gelden voor spelers die in het voorgaande deze prospectieve studies komen deels overeen met bevin- seizoen geen hamstringblessures hebben gehad. Voor de dingen uit andere studies. Een grootschalig onderzoek naar overige testresultaten zijn geen significante verbanden met de relatie tussen verminderde flexibiliteit en hamstring- een hamstringblessure aangetoond. blessures bij dezelfde onderzoekspopulatie is dan ook aan te bevelen. Dit kan leiden tot betere preventiemaatregelen Conclusies voor hamstringletsels. // Uit dit onderzoek is gebleken dat een eerdere hamstring- blessure een risicofactor is voor het oplopen van eenH. van der Worp, J. Zwerver, I. van den Akker-Scheek & R.L. DiercksDe TOPSHOCK studie: eenRCT naar de effectiviteit vanradiale shockwave therapie invergelijking met gefocusteshockwave therapie voor patellatendinopathie Inleiding en vraagstelling met gefocuste ESWT en de andere groep met radiale Patellatendinopathie is een moeilijk te behandelen ESWT. Daarnaast kregen beide groepen een excentrisch blessure. Extracorporele Schokgolf Therapie (ESWT) is trainingsprogramma. Follow-upmetingen vonden 1, 4, 7 een relatief nieuwe methode voor het behandelen van en 12 weken na de laatste ESWT-behandeling plaats. De tendinopathie. Oorspronkelijk werd gebruikgemaakt van primaire uitkomstmaat was de VISA-P vragenlijst. gefocuste schokgolven bij ESWT. Een aantal jaar geleden werd een nieuwe vorm van ESWT geïntroduceerd waarbij Resultaten gebruik wordt gemaakt van radiale schokgolven. Deze 43 sporters (32 mannen) werden gerandomiseerd en vorm van ESWT wordt in Nederland meer gebruikt dan de 57 pezen werden behandeld. Kenmerken van de sporters gefocuste vorm. Het meeste onderzoek is echter gedaan waren (gemiddelde±standaard deviatie): leeftijd 31±11 met gefocuste ESWT. Het doel van deze studie is dan ook jaar, lengte 181±9 cm, gewicht 79±13 kg, aantal uren om beide vormen van ESWT vóór het behandelen van sport per week 2.5±3.2 uur. VISA-P score op baseline was patella tendinopathie met elkaar te vergelijken. 49±17. Resultaten worden begin november 2011 verwacht en zullen op het congres worden gepresenteerd. Methode De TOPSHOCK-studie is een gerandomiseerde, Conclusies, discussie aanbevelingen gecontroleerde trial met geblindeerde patiënten en Op basis van de resultaten zal de effectiviteit van beide testafnemers. Sporters die langer dan 3 maanden methoden worden vergeleken en bediscussieerd. // patellatendinopathie hadden, werden gerandomiseerd in twee groepen. Eén groep werd 3 keer behandeld 1 & 2 december te Kaatsheuvel 25
  28. 28. dag 1 // donderdag 1 december 2011 Sessie A3: Ouderen Prof. dr S. Bierma-Zeinstra Donderdag.1.december.–.10.45.uur.–.sessie.A3.–.Sport.en.artrose? Biografie Prof. dr. S. Bierma-Zeinstra Sita Bierma-Zeinstra is bijzonder hoogleraar ‘Artrose en aanpak. Sita werkte vanaf 1983 tien jaar als fysiotherapeut in gerelateerde aandoeningen’ aan het Erasmus MC. Haar Zweden en kwam daarna naar Nederland terug om biomedische onderzoekgroep verricht epidemiologisch, klinisch en wetenschappen (richting bewegingswetenschappen) in translationeel onderzoek naar artrose vanuit de afdeling Nijmegen te studeren. Na een promotieonderzoek aan het huisartsgeneeskunde en orthopedie; het artroseonderzoek Erasmus MC bouwde zij daar vervolgens haar eigen lijn van onder haar hoede is gekenmerkt door een multidisciplinaire artroseonderzoek op. Drs. J.G. Bax & dr. A. Sieders Donderdag.1.december.–.11.10.uur.–.sessie.A3.–.Minibattle:.rol.van.de.fietsproef.bij.sportmedisch. onderzoek Minibattle: rol van de fietsproef bij sportmedisch onderzoek Elke sportarts doet regelmatig inspanningsonderzoek zullen een voor- en een tegenstander de degens kruisen. op een fietsergometer bij sporters en niet-sporters. De cardioloog zet grote vraagtekens bij het nut van de Verschillende vraagstellingen liggen hieraan ten grondslag fietsproef bij een sportmedisch onderzoek en vindt het zoals een check-up, diagnostiek bij inspanningsgebonden zonde van de inspanning. De sportarts heeft genoeg klachten, uitsluiten van ischemie en bepalen van de argumenten om te concluderen dat dit onderzoek belastbaarheid. van grote toegevoegde waarde is en bij uitstek in de Het is de vraag of de fietsproef bij een sportmedisch sportgeneeskundige praktijk thuishoort. // onderzoek een zinvol onderzoek is. In deze minibattle Biografie Drs. J.G. Bax Jaap Bax (05-01-1962) studeerde geneeskunde aan de Koninklijke Landmacht. Hier heeft hij later een deel van de Universiteit van Amsterdam. Na zijn artsexamen vervulde opleiding sportgeneeskunde gedaan en een aantal jaren hij zijn dienstplicht bij het Sportmedisch Centrum van de als sportarts gewerkt. In 1996 heeft hij de cardioscreening Sportmedisch Wetenschappelijk Congres: Sport, Bewegen en Gezondheid26
  1. A particular slide catching your eye?

    Clipping is a handy way to collect important slides you want to go back to later.

×