Handleiding dienstengeorienteerd kostenmodel
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Like this? Share it with your network

Share
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
1,402
On Slideshare
1,399
From Embeds
3
Number of Embeds
1

Actions

Shares
Downloads
31
Comments
0
Likes
0

Embeds 3

http://www.surfsites.nl 3

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. DIENSTENGEORIËNTEERD KOSTENMODELHANDLEIDING VERSIE 1.2BEHORENDE BIJ SBB SPREADSHEET VERSIE 1.2 maart 2006 SURF Wetenschappelijk Technische Raad In samenwerking met Platform ICT en Organisatie Coördinatievergadering van Directies Universitaire Rekencentra
  • 2. Handleiding Dienstengeoriënteerd KostenmodelInhoud1 Inleiding...................................................................................................................... 32 Van bouwstenen naar diensten en voorzieningen.............................................................. 4 2.1 De begrippen Bouwsteen en Dienst/Voorziening......................................................... 4 2.2 Grenzen van het kostenmodel ................................................................................. 4 2.3 Het model in tien stappen ....................................................................................... 53 Het gebruik van de SBB spreadsheet .............................................................................. 7 3.1 Stap 1: ICT-afdeling............................................................................................... 7 3.2 Stap 2: Schaalbedragen.......................................................................................... 8 3.3 Stap 3: Kwantitatieve gegevens............................................................................... 8 3.4 Stap 4: Kwalitatieve vragen .................................................................................... 8 3.5 Stap 5: Kosten Beheer............................................................................................ 9 3.6 Stap 6: Kosten Housing .......................................................................................... 9 3.7 Stap 7: Kosten bouwstenen..................................................................................... 9 3.8 Stap 8: Bouwstenen ............................................................................................... 9 3.9 Stap 9: Afbeelding van bouwstenen op diensten en voorzieningen ............................... 9 3.10 Stap 10: Slotoverzicht ............................................................................................ 94 Dankwoord .................................................................................................................. 9Bijlage I: Een opzetvoorbeeld van bouwstenen ........................................................................ 9Bijlage II: Voorbeelden onderdelen ........................................................................................ 9Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 2
  • 3. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel1 InleidingHet berekenen van de kosten voor de inzet van ICT in het hoger onderwijs ten behoeve vanbenchmarking is geen eenvoudige opgave. In de afgelopen jaren zijn er meerdere initiatievengeweest om vast te stellen wat de Total Cost of Ownership (TCO) is voor een instelling. Dit heeftonder andere geleid tot het TCO-model van de HBO-raad, Costbase, een databank waarin iederehogeschool zijn gegevens kan opnemen. Dit initiatief was een belangrijke stap vooruit om tekomen tot afspraken over de berekening van de ICT-kosten. Een belangrijk nadeel bleef echter denoodzaak om instellingsbreed gegevens te verzamelen en dat de inzet van ICT van de heleinstelling wordt vergeleken met die van andere instellingen. De verschillen tussen instellingenkunnen echter groot zijn: een instelling kan meer of minder technisch georiënteerd zijn, meerdere(interne of externe) ICT-leveranciers kennen, meer of minder geografisch gedistribueerd zijn, etc.Al deze en andere elementen beïnvloeden de uitkomsten van de TCO en daarmee de benchmark.Op initiatief van de WTR is in samenwerking met het platform ICT en Organisatie van SURF eenkostenmodel ontwikkeld, dat is gebaseerd op een marktmodel waarin een instelling als klantoptreedt en de ICT-organisatie als één van de leveranciers. In dit DienstengeoriënteerdKostenmodel worden daarom niet de instellingen vergeleken, maar de diensten en voorzieningenvan de aanbieders.De mogelijkheden voor een benchmark van diensten en voorzieningen worden beperkt door deverschillen in de producten catalogus van de aanbieder. Iedere aanbieder probeert zo nauwmogelijk aan te sluiten bij de pakketwensen van de afnemer. Hierdoor verschilt de inhoud van deproductencatalogus per aanbieder. Daar staat tegenover dat dit kostenmodel zich richt opinstellingen voor hoger onderwijs, in het bijzonder de universiteiten. Hierdoor vertoont hetdienstenpakket van de ICT-organisaties grote overeenkomsten op de generieke diensten envoorzieningen.Een voorbeeld van een generieke dienst is e-mail. In die gevallen waarin een dienstverlener eencompleet pakket aanbiedt van e-mail, identity management, applicaties en de werkplek, zal ditpakket financieel opgedeeld moeten worden om te komen tot de generieke diensten zoals die in ditkostenmodel gebruikt worden: e-mail, identity management en werkplek.Het Dienstengeoriënteerd Kostenmodel kan ingezet worden om de eigen kosten te vergelijken metdie van collega ICT-dienstverleners. Het model kan echter ook van dienst zijn om inzicht te krijgenin de kosten van de diensten uit de eigen productenportefeuille, bijvoorbeeld om de afnemersinzicht te geven in de kostenopbouw.Deze handleiding is een leidraad om het dienstengebaseerde kostenmodel in de bijgevoegde Excelspreadsheet in te vullen.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 3
  • 4. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel2 Van bouwstenen naar diensten en voorzieningen2.1 De begrippen Bouwsteen en Dienst/VoorzieningHet dienstengeoriënteerd kostenmodel gaat uit van Diensten en Voorzieningen die samengesteldworden uit Bouwstenen. De Diensten zijn producten die bij de ICT-organisatie kunnen wordenafgenomen door een klant. De Voorzieningen zijn onderdelen die nodig zijn om de diensten tekunnen gebruiken, zoals het netwerk en de aansluitingen. De idee hier achter is om eenkostenmodel te maken dat vergelijkbaar is met de wijze waarop in de markt de kosten wordenberekend.De klant is in veel gevallen de instelling en of één of meer faculteiten. Voor de realisatie van dediensten maakt uw ICT-organisatie gebruik van de beschikbare resources. Om flexibel in te kunnenspelen op de vraag naar diensten en de omvang daarvan, kunnen de resources worden verdeeldover verschillende bouwstenen. (zie Figuur 1) Dienst Dienst Voorziening Bouwsteen A Eenmalige kosten Afschrijving Jaarlijkse kosten 60% 20% 20% Beheerkosten Housingkosten Bouwsteen B Eenmalige kosten Afschrijving Jaarlijkse kosten Beheerkosten 10% 90% 0% Housingkosten Bouwsteen C Eenmalige kosten Afschrijving Jaarlijkse kosten 5% 15% 80% Beheerkosten Housingkosten Figuur 1: Bouwstenen, Diensten en VoorzieningenDeze bouwstenen zijn vergelijkbaar met Lego-blokjes die voor verschillende doelen inzetbaar zijn,i.c. de diensten en voorzieningen. Om dit te bewerkstelligen zullen de bouwstenen zo generiekmogelijk samengesteld zijn uit de beschikbare resources. De bouwstenen moeten - zo veel alsmogelijk - inzetbaar zijn voor meerdere diensten of voorzieningen. Het is dus niet de bedoeling ombouwstenen te formuleren die vrijwel één op één af te beelden zijn op de diensten ofvoorzieningen.2.2 Grenzen van het kostenmodelDe activiteiten van een rekencentrum / ICT-dienstverlener gaan vaak verder dan het verlenen vande ICT-diensten die in het kostenmodel zijn opgenomen. Het model, en daarmee de benchmark,wordt afgegrensd door de diensten en voorzieningen die zijn opgenomen in het Servicesaanbod instap 10. (Zie p. 1, Figuur 2: Stap 10, Servicesaanbod)Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 4
  • 5. Handleiding Dienstengeoriënteerd KostenmodelZaken die niet onder het kostenmodel vallen, bijvoorbeeld omdat zij een apart budget hebben, zijnondermeer: • Onderwijskundige dienst; • Bibliotheek; • Ontwikkeling van applicaties en speciale projecten; • Thuisaansluitingen; • Telefonie; • IT-Shop; • Staf die niet verbonden is aan het Servicesaanbod; • Werkplekken die niet ondersteund worden door uw dienst.Deze lijst is niet uitputtend, want sterk afhankelijk van de toegewezen taken.2.3 Het model in tien stappenHet dienstengeoriënteerd kostenmodel bestaat uit 10 stappen. 1. ICT-afdeling, algemene gegevens; 2. Schaalbedragen personeel; 3. Kwantitatieve gegevens, klanten en apparatuur; 4. Kwalitatieve vragen (wordt nog niet gebruikt); 5. Kosten beheergroepen; 6. Housingkosten (m2, energie, koeling); 7. Bouwstenenkosten samenstellen (verplicht: ‘Overhead’; advies ‘Ontwikkeling’); 8. Bouwsteenkosten berekenen (‘muisklik’); 9. Afbeelding bouwstenen op diensten en voorzieningen (puzzelwerk); 10. Slotoverzicht (automatisch klaar).De laatste stap, stap 10, geeft een overzicht van de aangeboden diensten en voorzieningen en hunrespectieve totale kosten per jaar en de geparametriseerde kosten. (Zie Figuur 2)Welke parameter gebruikt wordt staat rechts van iedere dienst of voorziening, bijvoorbeeld dekosten per gebruiker of per account.Figuur 2: Stap 10, ServicesaanbodVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 5
  • 6. Handleiding Dienstengeoriënteerd KostenmodelDe kosten van iedere dienst en voorziening bestaan uit een percentage van de kosten van devooraf gedefinieerde bouwstenen. (Zie Figuur 1)Het aanbod van diensten verschilt per ICT-organisatie, maar om een vergelijking van de kostenvan diensten mogelijk te maken, zijn de diensten in dit model voorgeschreven op basis vangezamenlijke afspraken.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 6
  • 7. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel3 Het gebruik van de spreadsheetDe spreadsheet voor het dienstengeoriënteerd kostenmodel is ontwikkeld in MS Excel 2003 SP2 enmaakt gebruik van functionaliteit die specifiek is voor die versie, zoals de zogenaamde List-functie.Deze functie komt in eerdere versies niet voor. De spreadsheet bewerken in een andere versie vanExcel kan daarom onvoorspelbare gevolgen hebben op de opmaak en de berekening van gegevens.Een ander punt van aandacht is het verwijderen van gegevens uit een List, i.e. de blauw omlijndegebieden die functioneren als databasetabellen. Om één of meerdere rijen te verwijderen moet demuis aan de linker zijlijn van de tabel worden geplaatst. Als de cursor verandert in een dikke pijlnaar rechts kan één rij (of meer) worden geselecteerd. Door op de rechter muisknop te klikkenverschijnt een pop-up menu waaruit Delete->Row kan worden gekozen.De spreadsheet (eigenlijk workbook) bestaat uit tien pagina’s (spreadsheets). Iedere pagina vormteen stap om de gegevens in de laatste pagina te berekenen, het ‘Slotoverzicht’.In de volgende paragrafen wordt iedere stap afzonderlijk behandeld en uitleg gegeven over de in tevullen gegevens.Enkele conventies in het gebruik van de spreadsheet: • Witte velden zijn er voor u om in te vullen, te wijzigen of een keuze te maken uit mogelijke waarden uit dropdown-lijsten. • Gekleurde velden bevatten afgeleide waarden en kunnen alleen indirect veranderen.3.1 Stap 1: ICT-afdelingIn deze eerste stap wordt naar eenaantal algemene gegevens gevraagd.De bovenste helft van het formuliervraagt om identificatiegegevens.Voor het invullen wordt wel gevraagdom een aantal conventies aan tehouden.• Naam Instelling: de officiële naam van de instelling waar uw organisatie deel van uitmaakt.• Naam Organisatie-eenheid: de naam van uw rekencentrum of ICT-dienst.• Benchmarkjaar: het jaar waarover de benchmark gaat. (Er wordt geen rekening gehouden met een gebroken boekjaar).• Ingevuld door: Uitsluitend voor uw interne referentie.• IJkdatum: de datum waarop de gegevens zijn/worden afgesloten.De gegevens in de onderste helft van het formulier worden wel verder in het model gebruikt, maaruitsluitend als controlecijfers. De gevraagde gegevens hebben uitsluitend betrekking op uworganisatie-eenheid. • Aantal medewerkers in FTE: Uitsluitend de FTE’s van uw organisatie-eenheid, maar zonder de FTE’s voor bijvoorbeeld een PC-shop, audiovisuele dienst, e.d. • Personeelsbudget totaal: Uitsluitend het personeelsbudget voor de medewerkers – inclusief de overhead - die ingezet worden voor de ICT-dienstverlening. Het personeelsbudget voor de PC-shop e.d. wordt niet meegerekend. • Investeringsbudget, bedoeld voor de ICT dienstverlening. • Afschrijflasten, bedoeld voor de ICT dienstverlening. • Kosten, bedoeld voor de ICT dienstverlening.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 7
  • 8. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel3.2 Stap 2: SchaalbedragenIn stap 2 worden de bedragen per functieschaalgevraagd die verderop in het model gebruiktworden om de beheerlasten te berekenen. Dezeschaalbedragen zijn al ingevuld op basis vanoverleg tussen de pilot deelnemers. U kunt degegevens in de kolommen ‘Personele lasten’ en‘Materiele lasten’ wijzigen. De schaalbedragenworden automatisch uitgerekend. De post‘Materiele lasten’ omvat zaken als huisvesting.De bedragen onder de post ‘Personele lasten’ zijn bruto bedragen.3.3 Stap 3: Kwantitatieve gegevensIn stap 3 worden de gegevens opgevraagddie belangrijk zijn voor het parametriserenvan de kosten. De vragen hebben uitsluitendbetrekking op werkplekken en accounts diegeleverd worden door uw dienst.Werkplekken die geleverd worden door eenandere organisatie tellen niet mee.Het gebruik van het totale aantalgeregistreerde studenten als telling voor hetonderwerp ‘aantal studenten accounts’ isalleen toegestaan als alle studenten bij u eenaccount hebben.Dezelfde redenering geldt voor WP(Wetenschappelijk Personeel) en het overigepersoneel (OBP, Ondersteunend enbeheerpersoneel). Als uw instelling andereclassificaties gebruikt voor het overigepersoneel, dan kunnen die samengevoegdgebruikt worden voor het veld OBP.Het aantal medewerkeraccounts wordtberekend op basis van het Aantal WP accounts + Aantal OBP accounts.Het gemiddelde aantal wireless gebruikers is het gemiddelde aan gebruikers per access station xhet aantal access stations, dat door u wordt geleverd en beheerd. Het gemiddelde aantalgebruikers per access station wordt bepaald door het aantal actieve accounts gedurende piektijden.U kunt als schatter het getal 5 aanhouden als het gemiddelde aantal gebruikers onbekend is.Met het aantal vaste client aansluitingen wordt bedoeld het aantal actieve aansluitingen.Het totaal aantal client aansluitingen bestaat uit: het aantal vaste client aansluitingen + het aantalremote aansluitingen + het gemiddelde aantal wireless gebruikers.Met het Aantal Gigabytes opslag wordt bedoeld de Opslag die apart wordt aangeboden, bijv. hetSAN. Storage die in samenhang met een dienst wordt aangeboden moet in de kosten van diedienst worden opgenomen. E-mail is daarvan een voorbeeld. Dit type storage kan dus het beste alsbouwsteen worden opgenomen.3.4 Stap 4: Kwalitatieve vragenDe vragen in dit formulier zijn uitsluitend informatief bedoeld. Deze gegevens worden niet in hetmodel gebruikt. Ze kunnen wel gebruikt worden om vergelijkingen te maken tussen verschillendenICT-diensten.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 8
  • 9. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel3.5 Stap 5: Kosten BeheerIn Stap 5 worden de kosten voor beheergeïnventariseerd.Dit gebeurt aan de hand van beheergroepen die u zelfheeft benoemd of voor dit doel benoemt.Bij iedere beheergroep geeft u het aantal fte’s op dat iniedere schaal voorkomt.Het totaal van de fte’s en de kosten daarvan moetovereenkomen met de tabel aan de rechterzijde in despreadsheet. Eventuele verschillen worden automatischberekend. Beheergroepen en Overhead In deze stap (5) kunt u groepen definiëren die deel uitmaken van de overhead. Het voordeel hiervan is dat dit onderdeel verderop in Stap 7 eenvoudig is toe te wijzen aan een bouwsteen ‘overhead’ en in Stap 9 aan de voorziening ‘Overhead’. Dit is de meest eenvoudige methode.Op dit werkblad komt u voor het eerst een databasetabel tegen: een blauw omlijnd deel metkolommen en totalen. Om aan deze tabel een nieuwe regel toe te voegen klikt u eerst eenrecordnaam aan, links in de tabel. Hierdoor wordt een nieuw record met een * (asterix) zichtbaar.In dit veld kunt u een naam opgeven voor een nieuwe beheergroep.3.6 Stap 6: Kosten HousingIn deze stap geeft u op welke type eenheden housing u kent en gebruikt in berekeningen. Demeest gebruikelijke zijn ‘Kast’ en ‘Rek’. Op het rekenblad zijn deze beide typen alvast opgenomen.Als u andere rekeneenheden hanteert, dan kunt u debestaande namen veranderen of toevoegen.Van belang is dat voor de housing alle kosten wordendoorberekend, zoals voor de ruimte (vloeroppervlak), deenergie, brandblusinstallatie, no break installatie. Als dezekosten niet worden doorbelast, dan zullen ze voor ditmodel alsnog uitgerekend moeten worden.3.7 Stap 7: Kosten bouwstenenIn deze stap worden de bouwstenen opgegeven die gebruikt worden voor het samenstellen van dediensten. Dit vergt een grondige voorbereiding om er voor te zorgen dat alle elementen van de diensten daadwerkelijk in de bouwstenen vertegenwoordigd zijn. De naamgeving van de bouwstenenkunt u zelf bepalen, vergelijkbaar met de beheergroepen. Voor iedere bouwsteen wordt gevraagdnaar de eenmalige kosten voor aanschaf en de gebruikte afschrijvingstermijn. De periodiekeafschrijving wordt automatisch berekend.Belangrijk is dat op het werkblad van Stap 7 een beheergroep meerdere keren voor kan komen. Opdeze manierkunnenbijvoorbeeldverschillendebeheergroepen aandezelfdeVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 9
  • 10. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodelbouwsteen toegevoegd worden. NB: een post mag niet twee keer aan dezelfde bouwsteen wordentoegerekend.Als de beheergroepen in Stap 5 op de juiste wijze zijningevoerd, dan wordt in deze tabel van Stap 7 een pulldown-lijst zichtbaar als u op het pijltje klikt naast de eerstegetoonde naam van de beheergroepen.Geheel aan de rechterzijde van de spreadsheet staat eencontroletabel (Zie afbeelding hiernaast). Hierin wordenvergeleken: het Investeringsbudget versus de eenmaligekosten uit stap 7, Afschrijflasten versus de Afschrijving uitstap 7, etc.Als de juiste gegevens zijn ingevuld, dan moet het verschil inbeheerkosten tussen de Stap 5 en Stap 7 gelijk zijn aan nul.Om de toewijzing van de beheergroepen te controleren moetu expliciet opdracht geven om de gegevens te verzamelen.Doe dit door te klikken op de knop “Controleer toewijzing beheergroepen”. Bouwsteen ‘Overhead’ In deze stap kunt u de bouwsteen ‘Overhead’ definiëren en daarin de groepen opnemen die daar deel van uitmaken. Boek alleen het hoogst noodzakelijk onder de bouwsteen ‘Overhead’. Kosten moeten zo veel mogelijk worden toebedeeld aan bouwstenen die de diensten realiseren.Onderdelen van bouwstenenEen onderdeel (resource) kan in meerdere bouwstenen voorkomen. In dat geval moeten de kostendaarvan proportioneel worden toegewezen.3.8 Stap 8: BouwstenenDeze stap is bedoeld als een tussenstap om de verschillende bouwstenen te verzamelen en detotale kosten per bouwsteen uit te rekenen. U hoeft hier alleen op de knop “Bereken!” te klikken, ukrijgt dan een overzicht van de individuele bouwstenen en hun totale jaarlijkse kosten.3.9 Stap 9: Afbeelding van bouwstenen op diensten en voorzieningenIn deze voorlaatste stap vindt de koppeling plaats tussen debouwstenen aan de ene zijde en de diensten envoorzieningen aan de andere zijde. Hier voegt u allebouwstenen in door te kiezen uit de pulldown-lijst. Naastiedere lijst geeft u op voor hoeveel procent iedere dienst ofvoorziening een beroep doet op deze bouwsteen. NB: Iederebouwsteen mag maar één keer voorkomen in de lijst.Dubbelingen kunt u uit de lijst verwijderen, of alle waardenop nul stellen.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 10
  • 11. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel Eventuele verschillen in de totalen worden getoond in de tabel rechts op de spreadsheet. In principe moet het verschil tussen ‘Jaarlijkse kosten’ en ‘Afbeelding totaal’ gelijk zijn aan nul. De bouwsteen ‘Overhead’ wordt voor 100% afgebeeld op de voorziening ‘Overhead’.3.10 Stap 10: SlotoverzichtDe laatste stap toont het Slotoverzicht. Alle gegevens daarvoor zijn eerder gegeven en deberekening gebeurt automatisch (er zijn uitsluitend gele velden).Figuur 3: Stap 10, ServicesaanbodBelangrijk voor het begrip van het slotoverzicht zijn de definities van de diensten. Deze zijn devolgende:Werkplekken (1a en 1b)In de werkplekken worden meegerekend: hardware, storage en backup, licentiekosten. Licentiesvoor infrastructurele applicaties op de PC worden ook meegenomen in de werkplekken. Als alleende service ‘werkplek’ wordt geleverd zonder hardware, dan moet een redelijke schatting wordengemaakt van de hardwarekosten ter vergelijking met andere leveranciers.LicentiesLicenties voor servergebaseerde applicaties, zoals e-mail, worden meegenomen in de betreffendedienst. Niet meegenomen worden licenties voor bedrijfsapplicaties en niet-infrastructureleapplicaties.De SURFnet aansluitkostenDeze worden níet meegerekend in de werkplek, maar in de algemene netwerkvoorzieningen.Ontwikkeling en onderhoud van nieuwe applicatiesOntwikkeling wordt niet meegerekend in de diensten. De kosten daarvan zijn vergelijkbaar met dekosten voor licenties. Onderhoud wordt wél meegerekend.OverheadOverhead wordt opgenomen in één of meerdere bouwstenen, bijvoorbeeld secretariaat, MT, etc.Die overhead wordt verzameld onder de Voorziening "Overhead" in de afbeelding. Wederom willenwe benadrukken om alleen het hoogst noodzakelijke onder overhead te boeken. De resourcesVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 11
  • 12. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodelmoeten zo veel mogelijk worden toegewezen aan bouwstenen die bijdragen aan diensten en/ofvoorzieningen.BackupservicesDe bouwsteen Backupservices wordt, indien apart aangeboden, opgenomen in de post Diversen.Gebruik van de parametersDe berekening van de geparametriseerde kosten voor de Services is gebaseerd op de gegevens uitStap 3, de kwantitatieve gegevens.De berekening van de kostprijzen voor de Voorzieningen:• Het aantal clients dat toegang heeft middels draadloze toegang (d) wordt geschat (indien dit aantal totaal onbekend is wordt uitgegaan van: d = 5 x aantal access stations)• Het totaal aantal client aansluitingen (c) wordt berekend door de vaste aansluitingen (v), de remote werkplekken (r) en draadloos (d) te sommeren• De helft van de kosten voor algemene netwerk voorzieningen (a) wordt afgebeeld op de server aansluitingen; de andere helft op de client aansluitingen . De kosten voor de dienst ‘server poorten’ bedragen derhalve 0,5 x a• De kosten voor de dienst ‘vaste client aansluiting’ worden als volgt berekend: (v/c) x 0,5a + de kosten van de workgroep switches (plus het daarmee samenhangende beheer)• De kosten voor de dienst ‘remote aansluitingen’ worden als volgt berekend: (r/c) x 0,5a + de kosten die specifiek voor remote aansluitingen worden gemaakt• De kosten voor de dienst ‘draadloze toegang’ worden als volgt berekend: (d/c) x 0,5a + het totaal aan kosten van de access stations.Versie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 12
  • 13. Handleiding Dienstengeoriënteerd Kostenmodel4 DankwoordVoor de totstandkoming van dit document en het SBB-model is veel dank verschuldigd aan deleden van de werkgroep voor hun openheid, doorzettingsvermogen en toewijding: • Paul van Daalen en Joost Reurings, Universiteit Leiden; • Henk Kempff en Annemarie Donders, Universiteit van Tilburg; • Sir Bakx en Adrie van Dorst, Universiteit Twente; • Wopke Veenstra en Jean Popma, Radboud Universiteit Nijmegen; • Ron Helwig en Astrid Huiskes, Open Universiteit Nederland; • Henk Zwetsloot en Gert Olthuis, Hanzehogeschool Groningen. 26 maart 2007 Chris Hendriks Leo PluggeVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 13
  • 14. Handleiding Dienstengeoriënteerd KostenmodelBijlage I: Een opzetvoorbeeld van bouwstenenIn het MS Excel werkboek Voorbeeld opzet van bouwstenen kunt u gebruik maken van hetonderstaande model om zelf bouwstenen te definiëren. In de opzet is het essentieel om debouwstenen zo generiek mogelijk te definiëren, zodat ze voor verschillende diensten inzetbaar zijn.Bij voorkeur dus geen bouwstenen die overeenkomen met de geleverde diensten, maar onderdelendie nodig zijn om de diensten te leveren. Voorbeeld en hulpmiddel voor de opzet van BouwstenenBouwsteen huisvesting apparatuur materialen diverse ICT-kosten uitbesteed lidmaatschap s/w licenties reis/verblijf overig totaal 25.000 25.000 18.000 18.000 14.000 14.000 66.000 66.000 10.000 10.000basisvoorzieningen vast netwerk 25.000 18.000 14.000 66.000 10.000 133.000SURFnet kosten 560.000 560.000basisvoorzieningen draadloos netwerk 2.000 2.000 12.000 12.000 12.000 12.000 6.000 6.000 6.000 6.000 30.000 30.000 2.000 2.000systeembeheer 24.000 6.000 36.000 2.000 68.000 2.000 2.000 4.000 4.000 1.000 1.000 1.000 1.000werkplekondersteuning (1e lijns) 1.000 1.000 2.000 4.000 8.000 10.000 10.000 1.000 1.000 1.000 1.000 1.000 1.000 1.000 1.000 12.000 12.000helpdesk 10.000 2.000 12.000 1.000 1.000 26.000 21.000 21.000 10.000 10.000 1.000 1.000 3.000 3.000 4.000 4.000 3.000 3.000 6.000 6.000 3.000 3.000 3.000 3.000 6.000 6.000 5.000 5.000 10.000 10.000staf 21.000 20.000 3.000 6.000 5.000 3.000 17.000 75.000back-up services 7.000 7.000Figuur 4 Voorbeeld voor het opzetten van BouwstenenVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 14
  • 15. Handleiding Dienstengeoriënteerd KostenmodelBijlage II: Voorbeelden onderdelenVoorbeelden van onderdelen die géén deel uitmaken van het kostenmodel • Onderhoud van bedrijfsapplicaties • Licenties voor bedrijfsapplicaties en niet-infrastructurele applicaties. • Alumni accounts worden meegerekend voor Identity Management, e-mail en andere diensten als deze groep daar toegang toe heeft. • Onderwijskundige dienst. • Bibliotheek. • Speciale projecten die geen deel uitmaken van de diensten. Deze projecten kennen meestal ook een aparte financiering: o DU- en/of SURF-projecten; o Ontwikkeling van nieuwe applicaties; o Ontwikkeling van Balckboard building blocks. NB: U mag deze speciale projecten wél meerekenen als een eenmalige investering met afschrijving, als deze door uw organisatieonderdeel worden gefinancierd en de kosten worden doorbelast in de verleende diensten. • Thuisaansluitingen. • Telefonie. • IT-shop. • Staf (of een percentage daarvan) die niet voor de geleverde diensten wordt ingezet. • Zaalhuur voor studentenwerkplekken worden niet meegerekend, evenmin als de vierkante meters voor medewerkerwerkplekken.Voorbeelden van onderdelen die wél deel uitmaken van het kostenmodel, als deze dooruw organisatieonderdeel geleverd worden, zijn: • Hardware van de werkplekken (computers, maar niet printers, scanners etc.). • Elektronische leeromgeving. • Portal of vergelijkbare voorzieningen. • Verdere ontwikkeling van werkplek en applicaties, behalve nieuwbouw van applicaties of building blocks. Deze laatste (nieuwbouw) mag als eenmalig aanschaf meegerekend worden als de lasten op de organisatie drukken. • Werkplekondersteuning (helpdesk e.d.). • ELO-accounts: dit betreft zowel de studenten en de medewerkers die daar toegang toe hebben. • Aantal server-aansluitingen: aantal switchpoorten. • Aantal vaste client-aansluitingen, bijvoorkeur geteld. Het aantal waargenomen MAC- adressen is slechts een schatter. • Housing kosten: o Blusgasinstallatie o No break-installatie o Energie serverruimte o Prijs kast o Switches o Kosten van de ruimte (vloeroppervlak) o UitwijkVersie 1.22, behorende bij Dienstengeoriënteerd kostenmodel spreadsheet versie 1.2 15