Jaar van de Klauwieren | Chris van der Heijden

633 views
402 views

Published on

De broedresultaten van het klauwierenonderzoek in 2011 in het Bargerveen beloofden niet veel goeds.
Het Jaar van de Klauwieren 2012 zou voor de Grauwe Klauwier wel eens een heel pover jaar kunnen
worden. Maar is het ook daadwerkelijk het 'RampJaar van de Klauwieren' geworden? In deze
presentatie lichten we een tip van de sluier van de broedresultaten in 2012. Verder zoomen we in op
het spannende onderzoek wat op dit moment plaatsvindt. Nederlandse Grauwe Klauwieren zijn dit
jaar gezenderd met geolocators. Voor het eerst lijken we te achterhalen hoe en waar ze in de winter
naartoe trekken. We hebben contact met de onderzoekers die op dit moment in Zambia zitten om
'onze' Grauwe Klauwieren op te sporen. Tenslotte kijken we vooruit naar de grote klapekstertelling die
deze winter gaat plaatsvinden. Waar zitten ze? Neemt het aantal Klapeksters toe? En in wat voor soort
gebieden dan?

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
633
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide
  • Vorig jaar stond Marijn Nijssen van Stichting Bargerveen hier. Hij zit nu in Zambia. Stichting Bargerveen is de Stille kracht achter het Jaar van de Klauwieren. Hulde.
  • Wat heeft het ‘Jaar van de Klauwieren’ opgeleverd voor de grauwe klauwier? 1) Hoe hebben de grauwe klauwieren het in 2012 gedaan?  tellingen: rampjaar of toch niet? 2) Spectaculair nieuw onderzoek met geolocators  Ontdekken we eindelijk waar ‘onze’ grauwe klauwieren uithangen in de winter? 3) Daadwerkelijke maatregelen om de grauwe klauwier beter te beschermen in de toekomst?  Waar wordt landschap klauwierproof gemaakt?  Aanbevelingen voor beheerders landschap haarscherp in beeld door onderzoek
  • In internationaal opzicht stelt de omvang van Nederlandse populatie Grauwe Klauwieren niet zoveel voor. Naar schatting leven er (veel) meer dan tien miljoen broedparen wereldwijd. Gezien de hoge dichtheden in Oost Europa is het bijna een (schandalig) wonder dat we in staat zijn geweest om de Nederlandse klauwierenpopulatie binnen een halve eeuw te decimeren. Maar paradoxaal genoeg maakt juist de geringe omvang, de geïsoleerde ligging en de moeizame leefcondities die ‘onze’ populaties parten spelen de Nederlandse klauwieren tot een internationaal waardevol studieobject.   Doordat de meeste broedlocaties bekend zijn en er veel geringde dieren rondvliegen (zie ook pagina 12 t/m 14 in deze Vogelnieuws) benadert het aantal terugmeldingen van ‘ringdragers’ de daadwerkelijke overleving veel beter dan in buitenlandse populaties, waar deze ongezien verdwijnen in de naburige massa. En dankzij dit ringonderzoek is de achilleshiel van de Grauwe Klauwier verder blootgelegd. Tekort aan grote prooidieren wordt vaker geopperd als reden voor achteruitgang van de soort. Nu is gebleken dat een laag prooiaanbod niet alleen het aantal uitvliegende jongen negatief beïnvloedt. De slechtere conditie van de jongen resulteert ook in een lagere overleving tot het volgende broedseizoen. Dit heeft een directe invloed op de populatietrend.   Maar er zijn ook jaren die ‘niet kloppen’. Jaren met een hogere of juist lagere terugkeer dan verwacht. Of de klauwieren keren veel later terug uit Afrika, waardoor het broedsucces negatief wordt beïnvloed. Dan blijkt dat we eigenlijk heel weinig weten over het driekwart jaar dat ‘onze’ klauwieren in het buitenland vertoeven. Welke route volgen ze tijdens de 25.000 kilometer op-en-neer naar hun wintergebieden? En in hoeverre bepaalt het voedselaanbod in deze gebieden de terugkeerpercentages? Samen met Deense onderzoekers – die recent een tip van de sluier hebben opgelicht over de trekroute - heeft Stichting Bargerveen dit jaar 20 Nederlandse Grauwe Klauwieren voorzien van geolocators om de trekroute en ligging van de overwinteringsgebieden te bepalen. Ook reist een onderzoeksteam dit najaar af naar Zambia om in samenwerking met lokale natuurbeheerders klauwieren te volgen in hun winterverblijf. Welke prooien eten ze daar en hoe beïnvloedt dat hun conditie? Hoe gebruiken ze het landschap en verandert hun gedrag wanneer de regentijd losbarst? Komend voorjaar worden de veldwaarnemingen uit Zambia geanalyseerd. Kort daarna keren ook de Grauwe Klauwieren met geolocators terug in de Nederlandse broedgebieden. Spannende tijden voor onderzoekers en liefhebbers die na 20 jaar nog lang niet uitgekeken zijn op deze soort. En nog niet uitgeleerd!   [Kader] Geolocators in de praktijk Met geolocators is het mogelijk om trek en overwintering van kleine vogels te onderzoeken. De locator bepaalt aan de hand van zonsopkomst en –ondergang op welke lengte- en breedtegraad de vogel zich dagelijks bevindt. Minder nauwkeurig dan GPS, maar op het schaalniveau van continenten meer dan voldoende. Doordat locators alleen data ontvangen, zijn kleinere batterijen nodig dan voor gps-zenders en wegen ze slechts ±1 gram. Terugvangst van de vogel is echter noodzakelijk om de data uit te lezen. Een geolocator wordt als een rugzakje bevestigd met een touwtje rond de poten. Uit Deens onderzoek blijkt dat klauwieren hier geen hinder van ondervinden.
  • Inmiddels zijn er in Zambia 32 Grauwe Klauwieren, 5 Kleine Klapeksters en 3 Fiscal Shrikes gevangen! Als bijvangsten in de netten inmiddels als 2 nieuwe vogelsoorten voor het Nationaal Park Kasanka. Naast de White-winged Widowbird is nu ook een overwinterende Spotvogel gevangen!   Doordat de meeste broedlocaties bekend zijn en er veel geringde dieren rondvliegen (zie ook pagina 12 t/m 14 in deze Vogelnieuws) benadert het aantal terugmeldingen van ‘ringdragers’ de daadwerkelijke overleving veel beter dan in buitenlandse populaties, waar deze ongezien verdwijnen in de naburige massa. En dankzij dit ringonderzoek is de achilleshiel van de Grauwe Klauwier verder blootgelegd. Tekort aan grote prooidieren wordt vaker geopperd als reden voor achteruitgang van de soort. Nu is gebleken dat een laag prooiaanbod niet alleen het aantal uitvliegende jongen negatief beïnvloedt. De slechtere conditie van de jongen resulteert ook in een lagere overleving tot het volgende broedseizoen. Dit heeft een directe invloed op de populatietrend.   Maar er zijn ook jaren die ‘niet kloppen’. Jaren met een hogere of juist lagere terugkeer dan verwacht. Of de klauwieren keren veel later terug uit Afrika, waardoor het broedsucces negatief wordt beïnvloed. Dan blijkt dat we eigenlijk heel weinig weten over het driekwart jaar dat ‘onze’ klauwieren in het buitenland vertoeven. Welke route volgen ze tijdens de 25.000 kilometer op-en-neer naar hun wintergebieden? En in hoeverre bepaalt het voedselaanbod in deze gebieden de terugkeerpercentages? Samen met Deense onderzoekers – die recent een tip van de sluier hebben opgelicht over de trekroute - heeft Stichting Bargerveen dit jaar 20 Nederlandse Grauwe Klauwieren voorzien van geolocators om de trekroute en ligging van de overwinteringsgebieden te bepalen. Ook reist een onderzoeksteam dit najaar af naar Zambia om in samenwerking met lokale natuurbeheerders klauwieren te volgen in hun winterverblijf. Welke prooien eten ze daar en hoe beïnvloedt dat hun conditie? Hoe gebruiken ze het landschap en verandert hun gedrag wanneer de regentijd losbarst? Komend voorjaar worden de veldwaarnemingen uit Zambia geanalyseerd. Kort daarna keren ook de Grauwe Klauwieren met geolocators terug in de Nederlandse broedgebieden. Spannende tijden voor onderzoekers en liefhebbers die na 20 jaar nog lang niet uitgekeken zijn op deze soort. En nog niet uitgeleerd!   [Kader] Geolocators in de praktijk Met geolocators is het mogelijk om trek en overwintering van kleine vogels te onderzoeken. De locator bepaalt aan de hand van zonsopkomst en –ondergang op welke lengte- en breedtegraad de vogel zich dagelijks bevindt. Minder nauwkeurig dan GPS, maar op het schaalniveau van continenten meer dan voldoende. Doordat locators alleen data ontvangen, zijn kleinere batterijen nodig dan voor gps-zenders en wegen ze slechts ±1 gram. Terugvangst van de vogel is echter noodzakelijk om de data uit te lezen. Een geolocator wordt als een rugzakje bevestigd met een touwtje rond de poten. Uit Deens onderzoek blijkt dat klauwieren hier geen hinder van ondervinden.
  • Verklaard ook verspreiding Grauwe klauwieren in Spanje
  • Stepping Stones! Gefinancierd door het Prins Bernhard Cultuurfonds worden natuur- en cultuurlandschappen in de Maashorst, gemeente Boxtel (beide gelegen in Brabant) en het stroomgebied van de Ruiten Aa in Groningen de komende jaren ingericht voor de grauwe klauwier. Akkers worden omgeploegd en ingezaaid met een bloemrijk mengsel of graan, struweel wordt aangeplant en uitgerasterd , bosranden worden uitgedund en percelen tijdelijke natuur worden ingericht met een bloemrijk mengsel. Elementen uit het kleinschalig agrarisch cultuurlandschap, zoals dat vroeger zo gewoon was in Nederland en waar historisch gezien de hoogste dichtheden grauwe klauwieren voorkwamen. Bloemrijke mengsels en graan leveren grote insecten zoals vlinders, sprinkhanen, kevers en hommels, het hoofdvoedsel van de grauwe klauwier. Maar ook muizen. Afrastering - paaltjes en draden- wordt gebruikt als uitkijkpost om vanaf te jagen en voor het opprikken van prooien . Vanaf hun zitposten kijken klauwieren uit naar prooien en houden ze tegelijkertijd een oogje in het zeil voor mogelijke belagers, zoals de sperwer en de havik. Anderzijds geeft de afrastering bescherming van het struweel tegen begrazing. Het (doornige) struweel biedt schuilmogelijkheden en een nestplek, waarin de grauwe klauwier een nest bouwt van gras en mos.
  • In 2012 werden 66 gebieden ‘geclaimd’ die niet eerder of niet recent werden onderzocht. Dit leverde in totaal 17 territoria op
  • De Klapekster is verdwenen als broedvogel maar neemt vermoedelijk licht toe als overwinteraar. Heeft dat van doen met bijvoorbeeld begrazing in natuurgebieden of niet? Hoeveel Klapeksters overwinteren in Nederland en wat is hun habitatvoorkeur, met name in relatie tot terreinbeheer? Om dit te onderzoeken organiseren Sovon en Vogelbescherming deze winter samen met Waarneming.nl een tweetal klapekstertellingen.  Deze sluiten aan op tellingen die in voorgaande jaren werden georganiseerd  via Waarneming.nl. De meerwaarde van de tellingen komende winter is dat gewerkt wordt met nog duidelijker afgebakende gebieden die dekkend geteld worden en dat informatie wordt verzameld over biotoop en beheer. 
  • Hoeveel Klapeksters overwinteren in Nederland en wat is hun habitatvoorkeur? Methode: Landelijke Klapekstertelling, sluit aan op eerdere tellingen van waarneming.nl, twee simultane telweekenden. Wat is de invloed van begrazing op de prooikeuze, plaatstrouw en conditie van overwinterende Klapekster? Methode: analyseren van gegevens van vrijwilligersproject Symen, Andrea en Peter. Al sinds 2002 worden Klapeksters gekleurringd en voedselonderzoek gedaan in twee gebieden in NL.
  • Hoeveel Klapeksters overwinteren in Nederland en wat is hun habitatvoorkeur? Methode: Landelijke Klapekstertelling, sluit aan op eerdere tellingen van waarneming.nl, twee simultane telweekenden.
  • Hoe doe je mee? Claim je gebied via Waarneming.nl, ga via projecten naar 'Klapekstertelling 2012-2013'. Er zijn twee simultane telweekenden: 22&23 december 2012 en 26&27 januari 2013. Doorzoek in beide weekenden eenmaal je gebied op het voorkomen van Klapeksters en geef de waarnemingen door via de eerder genoemde projectpagina. Ook nulwaarnemingen zijn van belang! Het ontbreken van een Klapekster in een schijnbaar voor deze soort geschikt gebied kan immers, net zo goed als 'positieve waarnemingen' licht werpen op factoren die bepalend zijn voor het voorkomen. Daarnaast worden facultatief een aantal eenvoudige vragen gesteld over begrazing, het biotoop en de mate van vergrassing rond waarneemplekken van Klapeksters. Ze zijn in het veld doorgaans gemakkelijk te beantwoorden. Bekijk voor meer informatie de geupdate handleiding die ook op de projectpagina is te vinden. We hopen dat je meedoet!
  • Hoe doe je mee? Claim je gebied via Waarneming.nl, ga via projecten naar 'Klapekstertelling 2012-2013'. Er zijn twee simultane telweekenden: 22&23 december 2012 en 26&27 januari 2013. Doorzoek in beide weekenden eenmaal je gebied op het voorkomen van Klapeksters en geef de waarnemingen door via de eerder genoemde projectpagina. Ook nulwaarnemingen zijn van belang! Het ontbreken van een Klapekster in een schijnbaar voor deze soort geschikt gebied kan immers, net zo goed als 'positieve waarnemingen' licht werpen op factoren die bepalend zijn voor het voorkomen. Daarnaast worden facultatief een aantal eenvoudige vragen gesteld over begrazing, het biotoop en de mate van vergrassing rond waarneemplekken van Klapeksters. Ze zijn in het veld doorgaans gemakkelijk te beantwoorden. Bekijk voor meer informatie de geupdate handleiding die ook op de projectpagina is te vinden. We hopen dat je meedoet!
  • Jaar van de Klauwieren | Chris van der Heijden

    1. 1. Wat zijn klauwieren?- ?? soorten wereldwijd (Op welke 2 continenten leven geen klauwieren?)- (Ooit) broedend in Nederland… - Grauwe Klauwier - Klapekster (Laatste broedgeval in?) - Roodkopklauwier (Laatste broedgeval in?)- ?? soorten ooit waargenomen in Nederland Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    2. 2. Wat zijn klauwieren?- 34 soorten wereldwijd (niet in Zuid-Amerika en Australië)- (Ooit) broedend in Nederland… - Grauwe Klauwier - Klapekster (1998) - Roodkopklauwier (1963)- 8 soorten ooit waargenomen in Nederland Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    3. 3. Klauwieren in NederlandKlapekster Grauwe Klauwier Roodkopklauwier 2012 Jaar van de Klauwieren
    4. 4. Klauwieren in Nederland Foto: Eric Menkveld Daurische Klauwier Kleine Klapekster Langstaart-Turkestaanse Klauwier klauwier 2012 Jaar van de Klauwieren
    5. 5. En natuurlijk deze rakker!Steppeklapekster Foto: Albert de Jong 2012 Jaar van de Klauwieren
    6. 6. En natuurlijk deze rakker! Wie in de zaal is er naar Texel afgereisd om de steppe- klapekster te zien?Steppeklapekster Foto: Albert de Jong 2012 Jaar van de Klauwieren
    7. 7. Maar het Jaar van de Klauwieren draait vooral om…Klapekster Grauwe Klauwier 2012 Jaar van de Klauwieren
    8. 8. De Grauwe Klauwier• Populatietrend in Nederland 1900-nu 16000 14000 12000 10000 Foto: Arno ten Hoeve aantal territoria 8000 6000 4000 2000 0 1900 1910 1920 1930 1940 1950 1960 1970 1980 1990 2000 2012 Jaar van de Klauwieren
    9. 9. Verspreiding in Rond 1900Nederland en Vlaanderen 2012 Jaar van de Klauwieren
    10. 10. Verspreiding in Rond 1960Nederland en Vlaanderen 2012 Jaar van de Klauwieren
    11. 11. Verspreiding in rond 1985Nederland en Vlaanderen 2012 Jaar van de Klauwieren
    12. 12. Verspreiding in 2008-2010 2008-2010Nederland en Vlaanderen 2012 Jaar van de Klauwieren
    13. 13. Natuurherstel & areaalgrenzen 2010 Herstel en ontwikkeling van natuurgebieden Verschuiven van areaalgrens naar noorden 2012 Jaar van de Klauwieren
    14. 14. Populatie van de Grauwe Klauwier 1970 - heden 500 450 400 350 aantal territoria 300 250 200 150 100 50 0 1970 1975 1980 1985 1990 1995 2000 2005 2010 2012 Jaar van de Klauwieren
    15. 15. 1 ? ?Waar hangen ze uit in de winter? ? ? ? ?Grauwe klauwier was lang een soort mystery bird. ?Hoe liep de trekroute? ? Foto’s: Servaas NeijensWaar overwinteren ze? 2012 Jaar van de Klauwieren
    16. 16. Onderzoek met geolocatorsin Jaar van de Klauwieren• Stichting Bargerveen samenmet Deense onderzoekers• 20 grauwe klauwieren voorzienvan geolocators (1 gram)• Terugvangst noodzakelijk• Hoe trekken ze, waar over-winteren ze, in welk landschap?• Nu onderzoeksteam in Zambiain Nationaal Park Kasanka(helaas geen live verbinding) Foto’s: Servaas Neijens 2012 Jaar van de Klauwieren
    17. 17. Nieuwe kennis m.b.v. onderzoek geolocators in Denemarken in 2011 Naar wintergebieden Naar broedgebiedenTøttrup, A, P., R. H. G. Klaassen, R. Strandberg, K.Thorup, M. W.Kristensen, P. Søgaard Jørgensen, J. Fox, V. Afanasyev, C. Rahbek & Th.Alerstam, 2011. The annual cycle of a trans-equatorial Eurasian-African passerine migrant: different spatio-temporal strategies forautumn and spring migration. Online 7 September 2011 Proceedingsof the Royal Society B. 2012 Jaar van de Klauwieren
    18. 18. Kilometervreter • Vliegen jaarlijks 25.000 km • Volgen insectenpieken en regen • Andere route op terugreis • Arme Spaanse grauwe klauwierenTøttrup, A, P., R. H. G. Klaassen, R. Strandberg, K.Thorup, M. W.Kristensen, P. Søgaard Jørgensen, J. Fox, V. Afanasyev, C. Rahbek & Th.Alerstam, 2011. The annual cycle of a trans-equatorial Eurasian-African passerine migrant: different spatio-temporal strategies forautumn and spring migration. Online 7 September 2011 Proceedingsof the Royal Society B. 2012 Jaar van de Klauwieren
    19. 19. 2Onderzoek en herstelmaatregelen in Nederland Foto’s: Koos Dansen Foto: Ran Schols 2012 Jaar van de Klauwieren
    20. 20. Onderzoek Grauwe Klauwier- Aantallen broedparen- Broedsucces- Wegen en meten- Ringen en aflezen- Dieet en voedselaanbod Foto: Geert de Vries Foto: Jorit Vlot Foto: Henny Brandsma 2012 Jaar van de Klauwieren
    21. 21. Reproductie- Meestal 5-6 eieren: succesvolle paren 4 tot 6 jongen- Gemiddeld 75% van alle paren succesvol- Per paar vliegen gemiddeld 3 jongen uit 2012 Jaar van de Klauwieren
    22. 22. Populatie-opbouw 60 % in in populatie (%) 50 males Mannetjes females Vrouwtjes 40 Verhoudingpopulation 30 20 10 age (years) 0 1 2 3 4 5 6 7 Leeftijd (jaar) Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    23. 23. Jaarlijkse adulte overleving 60 % in in populatie (%) 50 Mannetjes males Vrouwtjes females 40 Verhoudingpopulation Jaarlijkse overleving adulten ca.55 % 30 20 10 age (years) 0 1 2 3 4 5 6 7 Leeftijd (jaar) Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    24. 24. Jaarlijkse adulte overleving overleving 0 -1 jaar dus cruciaal voor groei van de populatie! 60 % in in populatie (%) 50 Mannetjes males Vrouwtjes females 40 Verhoudingpopulation 30 20 10 age (years) 0 1 2 3 4 5 6 7 Leeftijd (jaar) Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    25. 25. Eisen aan het leefgebied• Nestgelegenheid• Uitkijk / jaagposten• Variatie in vegetatiestructuur• Voldoende voedsel Foto: Ran Schols 2012 Jaar van de Klauwieren
    26. 26. Eisen aan het leefgebiedNestgelegenheidEisen aan het leefgebiedNestgelegenheid Foto: Niels Gillesen 2012 Jaar van de Klauwieren
    27. 27. Eisen aan het leefgebiedUitkijkposten Foto: Johnny Laursen Foto: Jeroen Onrust 2012 Jaar van de Klauwieren
    28. 28. Het leefgebied van de Grauwe KlauwierOvergangen in tijd en ruimte  dynamiek 2012 Jaar van de Klauwieren
    29. 29. Het belang van voldoende voedsel Dieet nestjongen Grauwe Klauwier kikkers kikkers <1% vogels zoogdieren overig 3% vogels 5% 10% sprinkhanen hagedissen zoogdieren 10% 2% hagedissen spinnen 9% spinnen kevers libellen 6% vliegen & muggen bijen & wespen kevers 18% vlinders rupsen 9% rupsen libellen vlinders vliegen & muggen sprinkhanen 11% 6% bijen & wespen 11% overig 2012 Jaar van de Klauwieren
    30. 30. Samenvatting- Eerstejaars vogels bepalen de groei van de populatie en de kans op (her)kolonisatie- Voldoende grote prooien tijdens nestperiode is van groot belang voor eerstejaars overleving- Beheer en inrichting van gebied is aan te passen op voldoende prooiaanbod • variatie in structuur • dynamiek (natuurlijk of door maaien, plaggen, begrazen, etc.) Foto: Arno ten Hoeve 2012 Jaar van de Klauwieren
    31. 31. Herstel en ontwikkeling 2008-2010werkt! De Maashorst 2012 Jaar van de Klauwieren
    32. 32. Herstel en ontwikkeling werkt! •Uitrasteren struweel/heggen tegen begrazing (Boxtel) • Aanplant doornige struiken (Ruiten A, Maashorst) • Inzaaien bloemrijke akkers (Ruiten A, Boxtel) • Dempen sloten en greppels (Maashorst) • Uitdunnen bosranden (Ruiten A, Maashorst) 2012 Jaar van de Klauwieren
    33. 33. 2012 Jaar van de Klauwieren
    34. 34. Hoe deed de grauwe klauwierhet in 2012 in Nederland? 3 Vrije val of zachte landing? Foto: Gert Ellstrom 2012 Jaar van de Klauwieren
    35. 35. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    36. 36. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    37. 37. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    38. 38. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    39. 39. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    40. 40. Broedparen Grauwe Klauwieren in 2011 en 2012
    41. 41. Voorlopige resultaten Grauwe Klauwieren 2012• Bargerveen: 75% paren succesvol. Gemiddeldevan 3,2 jongen (iets hoger dan in voorgaande jaren)• Doornspijkse Heide: 3,1 jongen per broedpaar• Limburg: 65% paren succesvol, tegen 73-78% in devier jaren daarvoor• Zuidwest-Drenthe: broedsucces ‘niet top,maar ook niet slecht’• Een gekleurringde broedvogel uit het DrentseHoltinge vestigde zich bijna 60 kilometer verderopop de Doornspijkse Heide• Twee vogels de respectabele leeftijd van zevenjaar te hebben bereikt: een mannetje in hetBargerveen en een vrouwtje in Drenthe.
    42. 42. Tellers bedankt! ‘Het is een lastig te inventariseren soort. Ze arriveren laat, zingen nauwelijks en gedragen zich veelal stiekem, totdat ze jongen hebben (als ze die tenminste hebben).’ Voorbeeld Zuidwest Drenthe: ‘In 2012 arriveerden veel Grauwe Klauwieren eind mei. Daarna in juni wisselend weer, waardoor het opsporen bepaald niet van een leien dakje ging. Dat bleek wel want met het mooie weer in de eerste week vanjuli zaten er in diverse eerder bezochte gebieden wel degelijk Grauwe Klauwieren, sommige met (uitgevlogen) jongen. In juni was er vergeefs naar gezocht.’ 66 17 Nieuwe Nieuwe gebieden territoria geclaimd
    43. 43. Voorlopige conclusie Grauwe Klauwieren 2012 Licht in de plusFoto: Rik Winters 2012 Jaar van de Klauwieren
    44. 44. Meer weten en lezen? Op 4 december verschijnt de ‘klauwierenspecial’ van Vogelnieuws, het vakblad van Vogelbescherming NederlandFoto: Rik Winters www.vogelbescherming.nl/vogelnieuws 2012 Jaar van de Klauwieren
    45. 45. Klapeksters in het vizier 4 HeggemusFoto: Glenn Vermeersch 2012 Jaar van de Klauwieren
    46. 46. Klapekster-onderzoek: vrijwilligersproject Symen Deuzeman, Andrea van denBerg & Peter van den Akker, Zuidoost-Veluwe en Engbertsdijksvenen• Wat is de invloed van begrazing op de prooikeuze, plaatstrouw en conditie van overwinterende Klapekster?• Sinds start onderzoek in 2002 meer dan 50 Klapeksters gekleurringd• Helft overwinteraars Veluwe en Engbertsdijksvenen zijn 1e jaars vogels• Ongeveer 40% in latere winters teruggezien• Grootte van winterterritorium varieert tussen 30 en 120 hectare• Hypothese: Begrazing heeft een positief effect (hoger aanbod mestkevers). 2012 Jaar van de Klauwieren
    47. 47. Vraagtekens bij Klapekster•Hoeveel Klapeksters overwinteren in Nederland en wat is hunhabitatvoorkeur?• Methode: Landelijke klapekstertelling.•Sluit aan bij eerdere tellingen van Waarneming.nl•Twee simultane telweekenden? Foto: Rik Winters 2012 Jaar van de Klauwieren
    48. 48. Doe daarom mee aan klapekstertelling 2012-2013! 22 & 23 december 2012 26 & 27 januari 2013 Claim je gebied op Waarneming.nlFoto: Raymond Fluitman 2012 Jaar van de Klauwieren
    49. 49. Vragen?Bezoek de ‘Jaar van’ stand in de hal of kijk op www.jaarvandeklauwieren.nl 2012 Jaar van de Klauwieren

    ×