Hoofdstuk 4: Fieldresearch
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Hoofdstuk 4: Fieldresearch

on

  • 375 views

 

Statistics

Views

Total Views
375
Views on SlideShare
374
Embed Views
1

Actions

Likes
0
Downloads
1
Comments
0

1 Embed 1

http://www.slideshare.net 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

Hoofdstuk 4: Fieldresearch Hoofdstuk 4: Fieldresearch Document Transcript

  • 4. FieldresearchIn dit hoofdstuk worden de resultaten van de door ons uitgevoerde fieldresearch besproken. Defieldresearch bestaat uit monitoring, resultaten enquête, resultaten usability test en resultaten GoogleAnalytics.4.1 Monitoring social mediaOm een duidelijk beeld te krijgen van de huidige social media activiteit in en rondom de masteromgevingvan de HAN, zijn verschillende zoektermen gemonitord met enkele tools. Zo is er gebruik gemaakt vansearch.Twitter.com, socialmention.com, Google Alerts, blogsearch.Google.com en fora. De resultaten vanhet monitoren staan hieronder per tool beschreven.4.1.1 Search.Twitter.comMet deze tool worden tweets44 binnen Twitter doorzocht met de aangegeven zoekterm. De zoektermendie gehanteerd zijn in het onderzoek, zijn:  HAN, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen master  Hogeschool van Arnhem master  Hogeschool van Nijmegen master  HAN master  HAN cursus  Hogeschool van Nijmegen en Arnhem cursusDeze zoekacties zijn meerdere malen herhaald en in onderstaande tabel is weergegeven welke resultatende verschillende zoekwoorden hebben opgeleverd. Daarnaast wordt aangegeven in welke bijlage eenscreenshot van de zoekresultaten te vinden is. Er is van elke zoekterm een screenshot bijgevoegd in debijlage, om een beeld te geven van de precieze zoekresultaten.Zoekwoord Soort resultaat BijlageHAN Veelal resultaten die niet in het Nederlands waren Zie een voorbeeld van de resultaten weergegeven. in bijlage 6 afbeelding 1.0Hogeschool van Arnhemen Nijmegen master Deze zoekterm heeft geen resultaten opgeleverd. Zie een voorbeeld van de resultaten in bijlage 6 afbeelding 1.1Hogeschool van Arnhem Dit leverde algemene resultaten op over de HAN, Zie een voorbeeld van de resultatenen Nijmegen maar niet gerelateerd aan cursussen/master in bijlage 6 afbeelding 1.2 opleidingen.Hogeschool van Arnhem Deze zoekterm heeft geen resultaten opgeleverd. Zie een voorbeeld van de resultatenmaster in bijlage 6 afbeelding 1.3Hogeschool van Deze zoekterm heeft geen resultaten opgeleverd. Zie een voorbeeld van de resultatenNijmegen master in bijlage 6 afbeelding 1.4HAN Cursus Deze zoekactie heeft twee resultaten opgeleverd. Zie een voorbeeld van de resultaten in bijlage 6 afbeelding 1.5Hogeschool van Arnhem Deze zoekterm heeft geen resultaten opgeleverd. Zie een voorbeeld van de resultatenen Nijmegen cursus in bijlage 6 afbeelding 1.644 Definitie: Een bericht van 140 tekens verstuurd via Twitter. HAN iMedia | Adviesrapport 17
  • Zoals te zien is, hebben de verschillende zoektermen weinig resultaten opgeleverd. Op Twitter worden demasteropleidingen en de cursussen van de HAN nauwelijks genoemd.4.1.2 Socialmention.comSocial Mention kijkt naar social media als Twitter, Facebook, YouTube, Digg45 etc., en geeft verschillendestatistieken aan de hand van de opgegeven zoekterm. De belangrijkste statistieken die Social Mentionlevert, zijn Strength, Passion, Reach en Sentiment.Strength geeft aan hoe waarschijnlijk het is dat er over het merk of zoekterm wordt gediscussieerd insocial media. Passion vertelt hoe waarschijnlijk het is dat individuele personen over de zoekterm pratenen dit ook vaker doen. Reach geeft het aantal unieke schrijvers weer die naar het merk of zoektermrefereren, gedeeld door het totaal aantal verwijzingen. Sentiment geeft ten slotte de waardering van deverwijzing weer. De verwijzing kan een positieve, neutrale of negatieve toon hebben.De zoektermen die gehanteerd zijn in het onderzoek, zijn: - HAN master - HAN masteropleiding - Hogeschool Arnhem Nijmegen master - Hogeschool Arnhem Nijmegen masteropleiding - HANnl master - HANnl masteropleidingIn de periode van 02-05-2011 tot en met 20-05-2011 is er per dag bijgehouden welke gegevens SocialMention leverde per zoekterm. Op deze manier konden gemakkelijker vergelijkingen worden gemaaktvan de gegevens bij de verschillende zoektermen.Binnen de gehanteerde zoektermen was er geen één met voldoende Strength om echt indruk te maken.Er is echter wel veel Passion, er zijn veel trouwe schrijvers die de zoektermen ‘HANnl master’ en ‘HANnlmasteropleiding’ vaak vernoemen. Desondanks is er weinig Reach. Opvallend is dat de zoektermen metde meeste Passion de laagste Reach hebben.De uitgebreide resultaten en vergelijkingen van de Strength, Passion en Reach per zoekterm staan inbijlage 5.4.1.3 Google AlertsMet Google Alerts kunnen verschillende zoektermen worden gemonitord. Wanneer een of meerderezoektermen online wordt vermeld, ontvangt men een e-mail met de betreffende vernoeming en waardeze te vinden is.De zoektermen die gehanteerd zijn in het onderzoek, zijn:  HAN Arnhem  HAN master opleiding  HAN Nijmegen  HAN VDO  HAN master  hogeschool Arnhem Nijmegen master  HAN master omgeving  hogeschool Arnhem Nijmegen master omgeving  Training MBSR  hogeschool Arnhem Nijmegen master opleidingHelaas blijkt uit de resultaten dat er online, afgezien van de eigen site, millian46 en masterstudies47, nogniet veel inhoudelijk wordt gesproken over de masteropleidingen van de HAN.45 Definitie: een website die artikelen publiceert op gebied van wetenschap, technologie, politiek en amusement.46 http://www.millian.nl/postdoctoraal-en-post-hbo/instituut/Hogeschool-van-Arnhem-en-Nijmegen-1686/opleidingen/Mindfulness-Based-Stressreduction-(MBSR)-Basis-28254/beschrijving/47 http://www.masterstudies.co.nl/MSc-Masters-Degree/Ingenieurschap-en-technologie/Computerwetenschappen/MSc-in-informatiesystemen/Nederland/HAN-University-of-Applied-Sciences/Master-In-De-Informatie-systemen-De-Ontwikkeling/ HAN iMedia | Adviesrapport 18
  • 4.1.4 Blogsearch.Google.comMet Blog Search worden blogs die bekend zijn bij Google doorzocht op de opgegeven zoekterm. Dit is inde periode van 02-05-2011 tot en met 20-05-2011 dagelijks uitgevoerd om zo tot een goed resultaat tekomen. Met Blog Search is het mogelijk om alleen de resultaten te bekijken van de afgelopen 24 uur. Dezoekopdrachten kunnen daarnaast gekoppeld worden aan e-mail of RSS-readers48.De meeste blogartikelen die zijn gevonden via Blog Search gaan over de HAN zelf en niet specifiek over demasteromgeving of een masteropleiding van de HAN. Wanneer er blogartikelen over een master via dezoekopdracht naar voren kwamen, waren dit vaak blogartikelen over de start van een nieuwe cursus ofmasteropleiding. Ervaringen of inhoudelijke artikelen over de masteropleidingen of cursussen zijn helaasniet gevonden.Onderstaand het blogs die tijdens de het monitoren gevonden zijn:  HAN.nl  studiecentrahan-gedragmaatschappij.blogspot.com  http://www.hansonexperience.com/blog/  http://studiecentrahan-techniek.blogspot.com/  http://blog.han.nl/opleidingskundigeworden/  http://blog.han.nl/studeertechniek/Een aantal keer kwamen er algemene blogs uit de zoekresultaten naar voren. Hierop stonden vaakblogartikelen met algemene informatie of met een commerciële boodschap:  http://www.dagarnhem.nl/?p=894  http://dezorgsector.blogspot.com/  http://www.dezorgsector.eu (advertentie)Per week is bijgehouden hoeveel artikelen er zijn gevonden per zoekwoord.49 Per week werden ongeveer5 artikelen gevonden over masteropleidingen van de HAN. Vaak werden deze artikelen een aantal kerenherhaald, waardoor dezelfde artikelen de week erop weer gevonden werden. Tevens worden dezelfdeartikelen gebruikt bij verschillenhet blogs.4.1.5 ForaFora zijn voor velen een manier om vragen te stellen of meningen te delen. Door de diverse fora op hetgebied van masteropleidingen te monitoren, is daar het volgende resultaat uitgekomen. Men gebruikt defora voor het stellen van vragen over de HAN of de masteropleidingen die de HAN biedt.Een aantal vragen waren inhoudelijke vragen over de masteropleiding, maar er werd ook een aantal kerennaar ervaringen gevraagd.Onderstaand de fora waar vragen over HAN master zijn gevonden:  www.carrieretijger.nl  www.studentenforum.net  www.forum.fok.nl  www.forum.viva.nl  www.bokt.nlEr wordt echter nog weinig gebruikt gemaakt van fora om vragen te stellen of discussies te starten overmasteropleiding. Er wordt ongeveer 3 keer per maand een vraag gesteld via fora over masters van deHAN.48 Definitie: Een middel om RSS-feeds mee te verzamelen.49 Zie bijlage 7 afbeelding 1.0 HAN iMedia | Adviesrapport 19
  • 4.2 Online enquêteDe enquête is ingedeeld in twee onderdelen. Het eerste onderdeel bestaat uit vragen over de ervaringenmet social media en het gebruik van social media onder de doelgroep. Het tweede deel bestaat uit vragenover RSS-feeds. Het social media gebruik en de social media-ervaringen onder doelgroep zijn belangrijkegegevens om uiteindelijk het effect van RSS-feeds te meten.Er is gebruik gemaakt van dezelfde enquête voor zowel de primaire als de secundaire doelgroep. Bijparagraaf 4.2.1 ziet u alle resultaten die gaan over social media, bij paragraaf 4.2.2 ziet u alle resultatendie gaan over RSS-feeds. De afwijkingen van de doelgroepen worden in de laatste paragraaf beschreven.4.2.1 Resultaten enquête social mediaAlgemene gegevensIn totaal hebben 91 respondenten deelgenomen aan de enquête, waarvan 57% man en 43% vrouw50 meteen gemiddelde leeftijd van 30 jaar. Het grootste gedeelte van de respondenten heeft een HBO- of MBO-diploma.51Het aantal geënquêteerden onder de primaire doelgroep bestaat uit 46 personen, waarvan 56% man envoor 44% vrouw. De gemiddelde leeftijd van deze doelgroep is 36 jaar.Het aantal geënquêteerden onder de secundaire doelgroep bestaat uit 45 personen, waarvan 57% manen 43% vrouw. De gemiddelde leeftijd is 24 jaar.Social media gebruikFacebook (77%), LinkedIn (62%), Twitter (52%), YouTube (60%) en Hyves (56%) zijn populair onder derespondenten. Vooral Facebook is prominent. Onderstaand schema geeft het social media gebruik onderde respondenten weer.Gemiddeld besteden zij 9 uur per week aan social media, dit is zowel bij de professionals als de jongeprofessionals gelijk. Ze zijn de gehele dag actief op social media, maar voornamelijk ’s avonds is er eenpiek. 5250 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.16 – Verhouding man/vrouw onder geënquêteerden51 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.09 - Hoogst genoten opleiding van geënquêteerde52 Zie Bijlage 10 paragraaf - 1.1.15 Op welk tijdstip van de dag gebruikt de geënquêteerde sociale media HAN iMedia | Adviesrapport 20
  • Social technographic ladderEr is ook gekeken hoe de doelgroep is in te delen op basis van de social technographic ladder, zieonderstaande afbeelding voor een grafische weergave met de resultaten van de enquête. Hieruit is naarvoren gekomen dat de respondenten voornamelijk spectators en conversators zijn. Dit houdt in dat demeesten een account hebben op social media en minstens 1 keer per week hun status aanpassen of ietsop Twitter zetten. Tevens lezen zij voornamelijk blogs, fora en recensies en bekijken zij video’s vananderen.53Gebruikersgedrag social mediaDe respondenten zoeken soms informatie over bedrijven via social media. 93 %54 Is wel eens via socialmedia op een andere website terecht gekomen55. Het social media gebruik van bedrijven zou volgens derespondenten informatief of interactief moeten zijn. 5653 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.11 – Social technographic ladder toegepast op de doelgroep54 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.06 - Hoe vaak zoekt de geënquêteerde informatie via sociale media55 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.12 - Hoe vaak is de geënquêteerde via sociale media op een website gekomen56 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.13 - Wat moet een bedrijf met social media doen HAN iMedia | Adviesrapport 21
  • 4.2.2 resultaten RSS-feedsHet tweede onderdeel van de enquête bestaat uit vragen over de ervaringen met RSS-feeds onder dedoelgroep.Bekendheid RSS-feedsBijna alle respondenten (87%) zijnbekend met RSS-feeds op een websiteen 80%57 van hen vindt dat RSS-feedseen toegevoegde waarde vormen opeen website.58 Daarnaast zouden ze hetliefs RSS-feeds in de vorm van Facebookof Twitter op een website zien.59Gebruik van RSS-feedsWanneer een bedrijf RSS-feeds inzet,zien de meeste respondenten (67%) het liefst dat de feeds dagelijks worden ververst. 16% Ziet dit hetliefst wekelijks gebeuren, de overige 17% geeft aan dat het per website verschillend is60Doel van RSS-feedsIn de enquête werd één open vraag gesteld: Waarom denkt u dat een bedrijf RSS-feeds weergeeft op zijnwebsite? Onderstaand ziet u een samenvatting van meest voorkomende antwoorden op deze vraag.De meeste respondenten denken dat RSS-feeds worden ingezet voor het kort en overzichtelijk weergevenvan informatie. Ook denken veel respondenten dat een bedrijf RSS-feeds inzet om interactie te creërenmet de klant. Maar weinig respondenten denken dat RSS-feeds worden ingezet vanuit de behoefte vanhet bedrijf, zoals het realiseren van meer traffic of promotie.61Plaatsing van RSS-feedsDe meeste respondenten zien de RSS-feeds het liefst rechtsboven of rechtsmidden van de webpagina.6279% Denkt dat RSS-feeds de beslissing over diensten/producten kunnen beïnvloeden63, 91% denkt dat demeningen van anderen het beeld van de website kunnen beïnvloeden.644.2.3 Afwijkingen enquête resultatenSocial media gebruikHoewel het social media gebruik grotendeels hetzelfde is bij professionals en jonge professionals, zijn erwel enkele kleine afwijkingen. Zo hebben bijvoorbeeld veel meer jonge professionals een Facebookaccount, maar liefst 91%. Bij professionals is dit 63%. Van de jonge professionals heeft 64% een accountop Twitter, bij professionals is dit 39%. Tevens maken jonge professionals meer gebruik van YouTube enSkype, beide met een verschil van 25%65 t.o.v. de professionals. Uit de enquête is tevens gebleken dat deprofessionals de hele dag door gebruik maken van social media. In de ochtend en de middag gebruikt 54%van de professionals social media, ‘s avond 72% en ’s nachts 11%. Bij de jonge professionals is dit in deochtend 63%, ’s middags 80%, ’s avonds 87% en ’s nachts 20%.6657 Zie Bijlage 10 - 1.1.05 Heeft de geënquêteerde wel eens een RSS-feed gezien58 Zie Bijlage 10 - 1.1.14 Biedt een RSS-feed toegevoegde waarde op een website59 Zie Bijlage 10 - 1.1.01 Aan welke RSS-feeds hecht de doelgroep de meeste waarde60 Zie Bijlage 10 - 1.1.07 Hoe vaak zouden feeds vernieuwd moeten worden61 Zie Bijlage 10 - 1.1.17 Waarom denkt u dat een bedrijf RSS-feeds weergeeft op zijn website62 Zie Bijlage 10 - 1.1.08 Gewenste locatie van de RSS-feeds63 Zie Bijlage 10 - 1.1.03 Beïnvloeden RSS-feeds uw beslissing64 Zie Bijlage 10 - 1.1.02 In welke mate beïnvloedt de mening van anderen u65 Zie Bijlage 10 paragraaf 1.1.10 - Social media gebruik van geënquêteerde66 Zie Bijlage 10 paragraaf - 1.1.15 Op welk tijdstip van de dag gebruikt de geënquêteerde sociale media HAN iMedia | Adviesrapport 22
  • Social Technographic ladderUit de enquête is gebleken dat beide doelgroepen tot de conversators en spectators behoren. Tochzijn er onder de professionals meer creators dan bij jonge professionals. Van de professionals uploadt23% weleens video’s of afbeeldingen en ze zijn vaak actief op blogs en/of hebben hun eigen website.Bij de jonge professionals ligt dit percentage een stuk lager met 11%. Bij de jonge professionals zijn erweer meer joiners, namelijk 53% tegenover 30% bij de professionals. 67 Social technograpics ladder* Professionals Jonge professionals Algemeen Creators 24% 24% 11% 17% Conversationalists 33% 53% 47% 49% Critics 37% 11% 9% 10% Collecters 20% 21 20% 20% Joiners 59% 32% 53% 43% Spectators 70% 47% 53% 51% Inactives 17% 8% 7% 7%* Figuur 2: social technographic ladder, Marketingfacts jaarboek 2010Gebruikersgedrag social mediaDe respondenten zien het liefst dat bedrijven social media op een interactieve en/of informatieve manierinzetten. Daarnaast wil 44% van de jonge professionals entertainment terug zien bij social media.68RSS-feedsVan de jonge professionals heeft 93% wel eens RSS-feeds gezien op een website, bij de professionals is ditmaar 78%.69 Daarnaast vindt 69% van de professionals dat RSS-feeds toegevoegde waarde leveren aaneen website, bij de jonge professionals is dit 86%.70 Ook hecht de jonge professional meer waarde aanFacebookfeeds dan de professionals.71 De rechterkant van de website wordt als meest prettige locatievoor de RSS-feeds gezien. Bij professionals is dit rechtsboven (40%) en bij jonge professionals is dit rechtsmidden (55%).72Secundaire doelgroep Primaire doelgroep67 Zie Bijlage 10 - 1.11 – Social technographic ladder toegepast op de doelgroep68 Zie Bijlage 10 - 1.1.13 - Wat moet een bedrijf met social media doen69 Zie Bijlage 10 - 1.1.05 Heeft de geënquêteerde wel eens een RSS-feed gezien70 Zie Bijlage 10 - 1.1.14 Biedt een RSS-feed toegevoegde waarde op een website71 Zie Bijlage 10 - 1.1.01 Aan welke RSS-feeds hecht de doelgroep de meeste waarde72 Zie Bijlage 10 - 1.1.08 Gewenste locatie van de RSS-feeds HAN iMedia | Adviesrapport 23
  • 4.3 Google AnalyticsVoor dit onderzoek is het blog ‘Gezondheid en welzijn’ van de HAN geanalyseerd. Hierbij is gekeken naarde situatie vóór en na het inladen van RSS-feeds van blogs in de cursusomgeving. Uit de resultaten kanworden afgeleid dat na het inladen van de RSS-feeds van blogs op 9 mei, het aantal bezoeken op het blogis toegenomen met 450%: van 39 naar 198 bezoeken. Voorheen was er sprake van gemiddeld 2 bezoekenper dag, dit is gestegen naar 11 bezoeken per dag. Ook is een duidelijke trend waarneembaar in hetaantal bezoeken op het blog. Deze vinden namelijk vooral doordeweeks plaats, van het totaal aantalbezoeken waren er 41 in het weekend. Onderstaand is deze trend in een afbeelding weergegeven.Unieke bezoekersTevens is er een duidelijke stijging zichtbaar bij het aantal unieke bezoekers. In totaal is het aantal uniekebezoekers gestegen met 380%, van 30 absoluut unieke bezoekers naar 144 absoluut unieke bezoekers73.VerkeersbronOok is geanalyseerd waar deze bezoekers vandaan zijn gekomen. Hieruit is gebleken dat het grootste deelvan de bezoekers via een zoekmachine op het blog komt, maar ook een aanzienlijk deel via verwijzendelinks waaronder www.han.nl. Het aantal bezoeken per verkeersbron is toegenomen, maar de verhoudingtussen direct verkeer en indirect verkeer is nagenoeg gelijk gebleven74.BezoekduurGemiddeld besteedt men na het inladen van de RSS-feeds van het blog minder tijd op het blog. Degemiddelde tijd nam af met 31%. Voor het inladen van de RSS-feeds van het blog bleven mensengemiddeld 2,17 minuten op het blog, na het inladen van de RSS-feeds van het blog bleven mensen nog1,35 minuten op het blog75. De meeste bezoeken duurden 0 tot 10 seconden.Bezoek via mobileNa het inladen van de RSS-feeds van blogs is ook het mobiele gebruik van het blog toegenomen. In totaalsteeg het aantal mobiele gebruikers van 1 naar 12 personen. Dit is een stijging van 1.100%. De iPad werdhet meest gebruikt om het blog te bezoeken, gevolgd door de iPhone en de Android.73 Zie Bijlage 8 - Google Analytics – Figuur 1.074 Zie Bijlage 8 - Google Analytics – Figuur 1.175 Zie Bijlage 8 - Google Analytics – Figuur 1.2 HAN iMedia | Adviesrapport 24
  • 4.4 Usability testVoor deze paragraaf is het aan te raden om de bijlage76 erbij te pakken, ter ondersteuning voor deonderstaande resultaten van de usability test.Klik op de belangrijkste onderdelenBij deze opdracht werd er vooral geklikt op de linkerzijde van de website bij het navigatiemenu77Er werden bij deze vraag ook nog enkele opmerkingen toegevoegd:  “Erg fijn dat het meteen duidelijk is wat er van je verwacht wordt als cursist.”  “Voor alle drukke agendas is dit ook zeer prettig.”Wat vindt u de belangrijkste informatie binnen deze cursusomschrijving?U kunt zien dat de deelnemers bij deze vraag vooral op de content hebben geklikt aan de linkerzijde vande website78. Er werd ook een opmerking bij deze vraag gevoegd:  “Het is prettig om in één oogopslag in het kort de informatie te lezen van deze pagina.”Klik op dingen die u weg zou latenBij deze opdracht ziet u dat de deelnemers er vooral voor hebben gekozen om de RSS-feeds van een blogweg te laten.79Waar zou je klikken voor aanvullende informatie over de cursus?Bij deze vraag werd er vooral geklikt op de linkerzijde van de website bij het navigatiemenu80.Bij deze vraag werd er ook nog een opmerking toegevoegd:  “Op programma.”Waar zou je klikken voor de mening van anderen over deze cursus?Bij deze vraag hebben de deelnemers vooral op de RSS-feeds van blogs en Twitter geklikt81.Waar zou u informatie zoeken over mindfullness?De deelnemers hebben bij deze vraag vooral op de content van de website en op de RSS-feeds van blogsaan de rechterzijde van de website geklikt.82Op welke van de drie zou u klikken voor aanvullende informatie over deze cursus?Bij deze vraag viel het op dat de deelnemers vooral op de linker variant klikten. Daarnaast is er eenenkeling geweest die op de middelste variant heeft geklikt83.Welke van de drie bevat de meest interessante informatie volgens u?Bij deze vraag hebben de deelnemers vooral geklikt op de variant met de titel van het blogartikel84.76 Bijlage 977 Zie Bijlage 9 - 1.2.04 Klik op onderdelen die u goed vindt78 Zie Bijlage 9 - 1.2.08 Wat vindt u de belangrijkste informatie?79 Zie Bijlage 9 – 1.2.03 Klik op dingen die u weg zou laten.80 Zie Bijlage 9 - 1.2.06 Waar zou je klikken voor aanvullende informatie over de cursus?81 Zie Bijlage 9 - 1.2.07 Waar zou je klikken voor de mening van anderen?82 Zie Bijlage 9 - 1.2.05 Waar kunt u informatie over mindfullness vinden?83 Zie Bijlage 9 - 1.2.10 Op welke van de drie zou u klikken als u aanvullende informatie zoekt?84 Zie Bijlage 9 - 1.2.11 Welke van de drie bevat de meeste nuttige informatie volgens u? HAN iMedia | Adviesrapport 25